Orthodoxie & wat we werkelijk verlangen

Leg het accent meer op andere dingen
Maar al te vaak verlangen we andere dingen meer dan
dat we ons op God richten.
Misschien is het de afwikkeling van puntenlijstjes of willen we anderen overheersen; misschien is een verlangen naar een nieuwe auto of zelfverheffing.
Maar Jezus heeft ons duidelijk gemaakt dat het grootste en eerste gebod is
Hoor, Israël, de Heer, onze God, de Heer is een en
gij zult de Heer, uw God, liefhebben uit geheel uw hart en
uit geheel uw ziel en uit geheel uw verstand en
uit geheel uw kracht“.
Marc.12: 30

De Opgestane Christus met Maria MagdalenaWat houdt het in dat we
God méér dienen te verlangen boven iets anders.
Wat kunnen we daaraan doen?
De blijde Boodschap is dat
God ons vertelt wat er dient te gebeuren:
Heer, leer mij de weg van Uw Gerechtigheden,
opdat ik ze altijd mag zoeken.
Geef mij inzicht om Uw Wet te doorgronden,
en te onderhouden uit heel mijn hart.
Leid mij op het pad van Uw Geboden,
want dat is mijn verlangen.
Neig mijn hart naar Uw Getuigenissen,
maar niet tot hebzucht.
Keer mijn ogen af om geen ijdelheid te zien;                                                                                     maak mij levend op Uw weg.
Doe aan Uw dienaar Uw Woord gestand,
dat leidt tot vrees voor U.
Neem weg mijn beschaming, waarvoor ik vrees,
want Uw oordelen zijn goed.
Zie, ik verlang Uw Geboden;
maak mij levend in Uw rechtvaardigheid
“.
Ps.118: 33-40

King David, miniatureDe auteur van deze psalm wordt meer tot
andere dingen aangetrokken, meer nog dan God.
We komen dit tegen in vers 36, waar hij bidt –
Neig mijn hart naar Uw Getuigenissen,
maar niet tot hebzucht!
“.
Hij vraagt aan ​​God om zijn verlangen naar het Woord te verhogen en de reden waarom hij dit vraagt ​is omdat
hij andere dingen te veel wil.
Misschien zou hij liever op internet manoeuvreren of naar de sportschool gaan, ook al als er daardoor
geen tijd met God zou overblijven.
Dus het is nogal duidelijk –
zijn verlangen gaat naar iets anders uit dan naar God.
We kunnen dit ook zien, waar hij zegt –
Keer mijn ogen af om geen ijdelheid te zien . . .“.
Ps.118: 37
Het feit dat hij God vraagt ​​om zijn ogen te wenden van matige dingen,
laat zien dat z’n ogen gewend zijn te kijken naar minderwaardige dingen.
Misschien benijdt hij zijn buurman vanwege de prachtige nieuwe gemetselde barbecue of
heeft hij de grootste moeite om niet op de verkeerde manier te kijken naar
de man of vrouw die hij op straat tegenkomt.
Dus de psalmist verlangt meer naar andere dingen dan naar God.
In deze acht verzen legt hij zijn zondig hart voor God bloot en vraagt om hulp.

Wat vraagt hij?
Wat geeft hij aan wat hij werkelijk nodig heeft?
Wat hebben wij nodig?
We zouden ons kunnen voorstellen dat zijn grootste behoefte bestaat uit zelfdiscipline.
Dan behoeft hij alleen zijn computer maar uit te zetten of
niet zo veelvuldig naar de sportschool te gaan.
Hij moet gewoon ophouden de barbecue van zijn buurman te benijden of
na te denken over die man/vrouw in de straat.
Maar de psalmist vraagt God niet om zelfdiscipline.
Hij weet dat dit niet werkt om het probleem op te lossen.
Wat hij vraagt ​​is het leven – geestelijk leven.

Dit is zo belangrijk dat hij deze keer vraagt om:
“. . . maak mij levend op Uw weg” [Ps.118: 37];
“. . . maak mij levend in Uw rechtvaardigheid!” [Ps.118: 40].
Wat hij nodig heeft is geestelijk leven.
Hij heeft behoefte aan het opfrissen van de verwondering over Gods heerlijkheid,
de vreugde in Gods liefde, de verbazing over Gods machtige werken.

de roep om ons te binden met God, het heilige vuurHoe komt David er toe juist ‘dit’ te vragen?

Hier is een illustratie –
een ingedroogde korst brood of
een warm en smakelijke stuk brood.
Stel je voor dat je honger hebt;
je bent volledig uitgehongerd.
Aan je linkerhand ligt er op de grond een
koud, opgedroogde korst brood – de zonde.
Maar aan je rechterhand, ligt er op tafel een warm, boterzacht brood, vers uit de oven –
Jezus Christus, het Brood des Levens.
En je verlangt meer naar dat stuk koude, uitgedroogde korst
dan dat warme, boterzachte brood.
Waarom zou je dat doen?
De enige verklaring is
dat je niet in staat bent het warme,
boterachtige brood te zien.
Je hebt honger en hebt iets nodig om te eten, maar
het enige wat je ziet is die uitgedroogde korst brood.
Dus je richt je zo strek op die opgedroogde korst dat
je het warme boterzachte Brood niet eens ziet.

Dat is nu precies wat er gebeurt
wanneer je jezelf op iets anders richt dan op God.
Je hart komt om van de honger –
vanwege het plezier, de vreugde, de vrede en het tevreden gesteld zijn.
Op zich is daar niets mis mee.
Maar je verbonden zijn met de zondeval
is zo verblindend dat je geen oog meer hebt voor Jezus Christus,
die geheel voldoet aan het brood des Levens,
datgene wat je als enige levensvoorwaarde nodig hebt.
Maar alles wat je in beeld krijgt is die uitgedroogde korst van de zonde.
En op die manier begeert je hart de opgedroogde korst meer dan
het verse, warme brood.

Saint George & the dragon, how to live a balanced life“Maak mij levend“; geef me het Leven!
Dat verklaart waarom de psalmist
​​God verzoekt hem het leven te geven.
Hij heeft behoefte aan de Heilige Geest om hem bij te staan bij het zien en gewaarworden van
het verse, warme Brood.
Op het moment dat dat plaats vindt,
zal zijn hart geraakt/gekeerd worden;
het zal geen interesse meer hebben
in het uitgedroogde stuk brood, de zonde.
Dan zal hij  met heel zijn hart, ziel, verstand en kracht
naar het Ware Brood verlangen.
Maar stel je eens voor hoe tragisch het zou zijn
wanneer het hart  in plaats van gericht te zijn op de                                                                        smaak van het ware brood,                                                                                                      de uitgedroogde, harde korst gewoon ‘niet’ probeert te willen –
Ik mag het verlangen naar die korst niet willen;
ik dien de gedachte aan die korst gewoon van mij af te zetten“.
Dat is wat we doen wanneer we vertrouwen op onze eigen wilskracht
op ons eigen verlangen andere dingen boven God te stellen,
in plaats van te vertrouwen op de kracht van de H. Geest
We proberen God op die manier te tonen
dat we zelf de strijd aangaan Gods wensen te vervullen,
we hangen de krachtpatser uit.

Wat dienen we daarentegen wel te doen?
We dienen ons tot Jezus Christus te wenden zoals je bent of
zoals we bij de Psalmist zien met de zonde in zijn hart [Ps.118: 36,37].
H. Silouan de AthoniteHij beseft immers dat wanneer hij zich
– alleen door het Geloof tot God wendt -,
hij met zekerheid op vergeving kan rekenen en
als volmaakt rechtvaardig worden geteld want
“de gerechtigheid wordt hem toegerekend”.
Gen.15: 6
of zoals de H. Silouan de Athoniet ons voorhoudt:
Houdt je gedachten in de hel en wanhoop niet“.

Orthodoxe Monik in de graftomb van de MaagdVirgin Maria [Jeruzalem]Vandaag de dag zijn wij
daar nog steeds van overtuigd en zeker van,
omdat we het inzicht hebben gekregen
hoe God dit
– via het bloed en de gerechtigheid                                                                                                         van Jezus kan doen.
Dus ook al heb je zondige verlangens in je hart,
richt je tot Jezus Christus, hoe je ook bent, want door het Geloof alleen,
kun je er zeker van zijn dat God je zal vergeven, hij houdt van je en zal je helpen.
Wij noemen Hem dan ook de menslievende, want Hij heeft de mensen lief.
Vraag aan God jou als dienaar Zijn Woord gestand te doen,
dat is wat de psalmist doet [Ps.118: 33-34].
Hij weet dat de zonde voor ons zo verblindend werkt
dat we geen zicht hebben en ervaren dat Gods brood volledig en voldoende is.
Zelf de Apostel Paulus kreeg te horen “Mijn Genade is u genoeg“[2Cor.12: 9].
Gods Woord openbaart vraag ​​God dan ook om je in dit Woord te onderwijzen.

Doe hetzelfde als de psalmist heeft gedaan;
God zal je blindheid doen verdwijnen en
je het warme, boterzachte brood laten zien.
Vraag God om je hart te veranderen
het maakt niet uit hoe of hoeveel je ook iets anders dan God hebt verlangt,
God is in staat je hart veranderen.
Hij is in staat je zo’n smaak van het brood te geven dat
je alle interesse in de korst brood van de zonde verliest.
Doe daarom hetzelfde als de psalmist heeft gedaan en
vraag Hem je hart naar Zijn Getuigenissen
te doen wenden en niet tot de hebzucht
“.
Ps.118: 36-37
Smeek om Gods ingrijpen je hart te veranderen.

Houd niet op met bidden
Tot twee maal toe vraagt de psalmist in deze acht verzen
​​God hem het Leven te geven [Ps.118: 37,40].
Ik denk dat hij dit vraagt omdat God niet onmiddellijk
al het leven schenkt dat Hij te geven heeft,
we zouden er door om kunnen komen.
Misschien heeft de psalmist in vers 37 om het leven gevraagd en
heeft God hem een ​​voorproefje van Zijn glorie doen ervaren,
maar de psalmist wil meer.
Hij heeft behoefte aan meer,
dus vraagt hij in vers 40 opnieuw om het Leven en
weet hij dat God hem nog meer zal geven.
Dus houd er niet mee op God te vragen om u inzicht te geven;
blijf bidden en het
Vers gebakken brood is onderweg“.

H. Isaiah, de eenzameBeteugel de zonde met de beloften van God
In stormen en rukwinden hebben we behoefte aan een leidsman
en is in dit leven gebed broodnodig; want
we zijn gevoelig voor prikkels van onze gedachten, zowel
de goede als de slechte.
Wanneer ons denken vol toewijding en liefde
op God is gericht,
beheersen we onze hartstochten“.
H. Isaiah, de eenzame

Orthodoxie & de verkondiging van de Verrezen Heer in onze tijd

Duisternis over het gehele landEn toen het zesde uur aangebroken was
kwam er duisternis over het gehele land
tot het negende uur
“.
Marc.15: 33

duisternis >
                                           &                                                                              licht ˅

SONY DSC

En zeer vroeg op de eerste dag der week
gingen zij naar het graf,
toen de zon opging
Marc.16: 2

De Evangelist Marcus is vrij nauwkeurig wanneer hij verhaalt dat de Heer werd gekruisigd op het derde uur [Marc. 15: 25];
die duisternis viel over het land op het zesde uur [Marc.15: 33]; en dat Christus                                                                                                       stierf op het negende uur [Marc.15: 34].
Volgens de Joodse tijdrekening, zou dit betekenen dat de Heer aan
het Kruis hing vanaf ongeveer 9:00 [het “derde uur“] tot 15:00 [het “negende uur“]
op die eerste “Vrijdag” van de Grote en Heilige Week;
want daarna viel er de laatste drie uur duisternis over het gehele land“.
Dit is beslist geen weerbericht van de Evangelist.
Prophet AmosIntegendeel, deze onverwachte duisternis was de
vervulling van de profetie van Amos
[lees het Oude Testament
over het zesde uur over de Grote en Heilige Vrijdag] hetgeen
een “teken” van grote betekenis was voor de vroege Kerk toen men het “schandaal” van het Kruis begon te overdenken:
Te dien dage zal het geschieden,
luidt het woord van de Heer, onze God,
dat Ik op de middag de zon zal doen schuilgaan en
bij klaarlichte dag het land in het donker zal zetten.
Dan zal Ik uw feesten in rouw verkeren, en al uw liederen in klaagzang.
Dan zal Ik rouwgewaad brengen                                                    op alle heupen en kaalheid op elk hoofd.                                                                                            En Ik zal het maken als de rouw over                                                                                                  een enig geborene en het einde ervan als een bittere dag
“.                                                           Amos 8: 9-10
Christ at the Cross, GolgothaDe vervulling van deze Profetie
bleek de kosmische dimensie en de betekenis van
de dood van de Heer aan het Groot en Heilig Kruis:
de hele schepping rouwde
vanwege de dood van de Zoon van God.
Dit is waarachtig een geweldig Mysterie!
Toch ten tijde van de kruisiging
wordt met deze zeer diepe duisternis
de solemniteit van de dood van de Heer geïntensiveerd, maar
tevens versterkt het de ontstentenis
van Christus Zelf Die aan het Kruis hing te sterven
schijnbaar door iedereen verlaten, met inbegrip van Zijn hemelse Vader:
En op het negende uur riep Jezus met luide stem: ‘E’lo-i, E’lo-i, la’ma sabach-tha’ni’,
wat betekent: ‘Mijn God, mijn God, waarom hebt Gij mij verlaten?’

Marc.15: 34

Saint Longinus the centurionNogmaals, de indruk bestaat dat er op het tijdstip van duisternis aan het Kruis  niemand bij Jezus aanwezig was.
Toch verhaalt het Marcusevangelie
dat op het moment van Zijn dood en de schijnbare verlatenheid,
een heidense hoofdman de eerste mens was
die tot het besef kwam dat dit niet het geval was:
De hoofdman, die tegenover Hem stond,
zag, dat Hij zo de geest gegeven had en
hij zei: ‘Waarlijk, deze Mens was Gods Zoon!’
“.
Marc.15: 39

Daarnaast was er eigenlijk een stille aanwezigheid van diep sympathieke figuren binnen enkele nabijheid van het Kruis, die de Apostel Marcus voor zijn rekening neemt:
Er waren ook vrouwen, die uit de verte toeschouwden, onder wie
Maria van Magdala en Maria, de moeder van Jacobus, de jongere, en
Maria van Joses en Salo’me, die toen Hij in Galilea was,
Hem volgden en dienden; en ook vele andere vrouwen die
met Hem naar Jeruzalem kwamen
“.
Marc.15: 40-41

Apostles Peter and John running to the tombHun rol was van groot belang, want door hun waakzaamheid konden ze weten waar
het graf van de Heer zich bevond:
Maria Magdalena en Maria,
de moeder van Joses zagen
waar Hij werd neergelegd
“.
Marc.15: 47
De aanwezigheid van deze trouwe vrouwelijke volgelingen van de Heer,
de vrouwen die we heden ten dage
kennen en vereren als de Myrrhon-dragende vrouwen bereiden ons voor op de geweldige Openbaring die zal plaats vinden;
Zeer vroeg in de morgen op de eerste dag van de week“.
Marc.16: 2
The Angel at the tombZij leggen rekenschap af van de ontdekking van het lege graf;
de verkondiging door de Engel van de Opstanding van Christus aan de vrouwen bij het lege graf en de verbazing van de vrouwen wordt in vrij beknopte woorden door Marcus, de Evangelist verhaald
en hij gebruikt hier slechts acht verzen voor
[Marc.16: 1-8].
Toen de myrrhon-dragende vrouwen bij het graf aankwamen droegen zij hun specerijen                                                                                in de hoop het dode lichaam van Jezus te zalven,
de duisternis die binnenkort met de vreugde hun hart zal oplichten
werd al verdreven door een ander teken uit de wereld van de natuur, want                               de vrouwen arriveerden “toen de zon was opgegaan“.                                                                   Marc. 16: 2
De kosmos had vanwege de dood van de Zoon van God gerouwd;
maar zal zich nu verblijden door “de aankondiging van
de Opstanding van de Zon der gerechtigheid.
De beweging van de duisternis naar het Licht
is een krachtig motief door de gehele Blijde Boodschap heen.
De duisternis is het symbool van de zonde of de laatste gruwel van de dood.
Jezus Christus is de aanwezigheid van Licht, en
dat Licht is zo sterk dat noch zonde noch dood Zijn Kracht kan weerstaan.
De Myrondragende vrouwen aan het grafDit is niet alleen literair een “symbool”, maar een levende werkelijkheid.
Marcus verhaalt vervolgens
dat de vrouwen
door ontsteltenis waren bevangen“,
toen “zij na het graf ingegaan waren,
een jongeling zagen zitten aan de rechterzijde,
bekleed met een wit gewaad
“.
Marc.16: 5
Deze “jongeling” was overduidelijk een Engel.
En het is dit engelachtig schepsel wat als                           eerste de Opstanding van Christus met                             een definitieve helderheid zal aankondigen die               met een nuchter verstand niet kan worden begrepen:
Weest niet ontsteld.
Jezus zoekt gij, de Nazarener, de gekruisigde.
Hij is opgewekt, Hij is hier niet;
zie de plaats, waar zij Hem gelegd hadden
“.
Marc.16: 6

??????????De Jezus Die gekruisigd was is het,
de Jezus Die nu uit de dood werd opgewekt.
De Verrezen Jezus is
noch een “spookbeeld”, noch een “geest”.
De Gekruisigde is nu de Verrezen Heer,
Jezus de Christus en de Koning van Israël.
De Vader heeft Zijn Zoon niet verlaten, maar
getuigde Degene wiens Opstanding nu aan de andere Volgelingen/Apostelen zal worden verkondigd en
via hen aan de gehele wereld.
Zoals al de bijbelgeleerden het beschreven:
De door Jezus de aan God aan het kruis gestelde vraag
‘Mijn God, mijn God, waarom hebt Gij mij verlaten?” [Marc.15: 34] is nu beantwoord.
Jezus is niet in de steek gelaten
“.
Onvoorwaardelijk gehoorzaam aan de Wil van God de Vader [zie Marc.14: 36],
heeft Jezus de beker van het lijden aanvaard.
Aan het Leven-schenkende Kruis is Hij de Messias,
de Koning van Israël en de Zoon van God (zie 15:32, 39).
Gods onfeilbare aanwezigheid in Zijn gehoorzame Zoon
leidt tot de definitieve actie van God:
Hij is opgestaan!“.
De schijnbare mislukking van Jezus is
door de Goddelijke ingreep [werking] omgedraaid [gecanceld, afgezegd],
Jezus is uit de dood opgewekt

De vier EvangelistenMarcus en de andere Evangelisten
hebben de gebeurtenissen van Die Eerste
en Glorieuze Paasmorgen vastgelegd;
zij leggen ieder voor zich getuigenis af van de Opstanding van Christus.
Wij accepteren hun getuigenis en verkondigen door de Kerk
dezelfde “Blijde Boodschap” aan
de wereld van vandaag.
En we nodigen anderen uit dit met ons te delen dat het leven met inbegrip van “zij, die  ontucht bedrijven en de tollenaars“.
Maar net als de myrrhon-dragende vrouwen,
dienen we deze Opstanding in onszelf te ervaren
op een diep en persoonlijk niveau.
In en door het geloof, kan de “steen“, die de ingang van ons eigen hart bedekt
worden “weggerold” door de Genade van God en
een nieuwe dage-raad kan de duisternis van de zonde en de dood verdrijven, die
ons levenden tijdens het leven doorboort en
ons een leven verstoken van het Licht doet ervaren.
Het zien van dit Licht is het werk van God, hetgeen we Genade noemen.
Wanneer de Opstanding van Christus in
het diepst van ons wezen waarachtig wordt ervaren,
kunnen we in eerste instantie niets anders dan stil zijn,
omdat we door “siddering en ontzetting” worden bevangen.
Marc.16: 8
Maar als we onze stem weer terugvinden
kunnen we door ons geloof en ons leven
dit met vreugde delen met anderen:
– “Christus is Opgestaan! [3x]

Paasstichen
:
Mp3: : Paschale Canon – in verschillende talen en melodieën

De Opgestane Christus met Maria Magdalena1e Paashymne:
Dat God verrijze,
en dat Zijn vijanden worden verstrooid.
Pascha is ons heden geopenbaard:
Pascha, nieuw en heilig.
Pascha, het mystieke Offer; Pascha, het verheven Offer;
Pascha, waar Christus ons verzoent; Pascha, Offer zonder smet;
Pascha, boven alles groot; Pascha der gelovigen;
Pascha, dat ons het Paradijs weer openstelt;
Pascha, dat ons allen weer heiligt.
Zoals rook verdwijnt, mogen zij verdwijnen.
Komt van het schouwspel, gij Vrouwen, die de goede boodschap brengt en
zegt aan Sion:
ontvangt van ons het vreugdevolle Evangelie van Christus’ Opstanding.
Verheug u, dans en juich, Jerusalem, nu gij Christus, de Koning,
als een Bruidegom zag treden uit het graf.
Aldus zullen de boosdoeners vergaan voor Gods aangezicht, maar
mogen zich verheugen de Gerechten.
Toen de myrrhon-dragende vrouwen
’s-Morgens vroeg bij het graf van de Levenschanker kwamen,
vonden zij een Engel, zittend op een steen,
die haar aansprak en zei:
Wat zoekt gij de Levende te-midden van de doden?
Wat treurt ge over de Onbederflijke, als ware Hij aan het bederf onderworpen?
Gaat heen en verkondigt het aan Zijn Apostelen.
Dit is de Dag, die de Heer gemaakt heeft;
laten wij juichen en ons verheugen“.
2e Paashymne:
Pascha, heerlijk schoon: Pascha van ons Heer;
Pascha vol majesteit is voor ons verschenen;
Pascha! Laat ons elkaar vol vreugde om armen.
O Pascha, Gij verlossing uit de smart:
Want zoals een Bruidegom uit Zijn tent,
is Christus heden uit het graf gegaan:
Hij vervulde de Vrouwen met vreugde:
“Boodschapt het aan de Apostelen!”
Eer aan de Vader en aan de Zoon en aan de Heilige Geest;
nu en altijd en in de eeuwen der eeuwen. A-men.
3e Paashymne:
Dag der Opstanding!
Laat ons lichtstralend worden door de plechtigheid en
laat ons elkander omarmen.
Laat ons zeggen:
Broeders‘, ook tot degenen die ons haten;
laten wij alles vergeven omwille van de Verrijzenis en zo roepen:                                                         ‘Christus, verrezen uit de doden,                                                                                                           door Zijn dood vertreedt Hij de dood en                                                                                             schenkt weer het Leven aan hen in het graf! ‘[3x]”

En Hij heeft ons het eeuwige Leven geschonken.
Wij aanbidden Zijn Verrijzenis op de derde dag
.

Wij wensen U een zalige Paasdagen

"Wie in Mij gelooft, zal leven, ook al is hij gestorven, ..."

 

 

 

Wie in Mij gelooft,                                                  zal leven, ook al is hij gestorven, …


Christus is opgestaan! Hij is waarlijk opgestaan!

Christus is verrezen! Hij is waarlijk verrezen!

Christ is risen! Indeed, He is risen!

Christus ist auferstanden! Er ist wahrhaftig auferstanden!

Christ est ressuscité! Il est vraiment ressuscité!

Χριστὸς ἀνέστη! Ἀληθῶς ἀνέστη!

 Христóсъ воскрéсе! Воистину воскресе!

wierookvat3
Hristos a înviat! Cu adevărat a înviat!

Cristo ha resucitado! Verdaderamente ha resucitado!

Cristo è risorto! È veramente risorto!                  

al-Masīḥ qām! Ḥaqqan qām!

Masīḥ qām! Belḥāqiqāti qām!

मसीह आए हैं! वह बढ़ी है!

基督復活了!他復活了!

Orthodoxie & de overwinning  over de dood

Het is een gegeven
Kruis en kaarsen, JeruzalemMet de ondergang van de zon op de vooravond
was de sabbatsrust tot een einde komen,
maar de vrouwen dienden nog steeds de aromatische kruiden en zalven te kopen
die werden gebruikt om te kunnen balsemen.
Dus werd het bezoek aan het graf uitgesteld
tot de ochtend van de volgende dag.
Van de bewakers hadden ze geen notie;
ze werden alleen in beslag genomen
door de gedachte:
Wie zal voor ons de zware steen
voor het graf wegrollen’
.

Maria Magdalena                                                                                                                                      kwam eerder aan dan haar vrienden.
In de schemering van de dageraad kwam ze naar de grot,
ze stopte er in verwarring: de steen was weggerold.
Wat had dat te betekenen?
Waren de vijanden van de Meester nog steeds niet tevreden, zelfs niet na Zijn dood?
Ondertussen kwamen Salomé en Maria, de moeder van Jacobus
op zoek naar de grot en waren ervan overtuigd dat deze leeg was.

meisje met kaarsen op de plaats van het graf JerusalemIn tranen liep Maria Magdalena
naar Petrus en Johannes en vertelde
hen het verschrikkelijke nieuws:
Ze hebben de Heer
uit het graf weggenomen en
we weten niet waar
ze Hem hebben neergelegd
“.

Beide discipelen verlieten haastig het huis waar ze zich schuilhielden en renden
achter Maria naar de tuin van Jozef van Arimathea.
In eerste instantie liepen ze samen, maar Simon geraakte achterop en
Johannes bereikte als eerste de grot.
Toen zag hij dat Maria gelijk had zodat hij verstrikt raakte in overwegingen:
Wie zou de wet hebben overtreden en een plaats van eeuwige rust verknoeien?
De jeugdige Johannes leunde de opening in, maar aarzelde sterk om er binnen te gaan.

Apostles Peter and John running to the tombToen Petrus ter plaatse was aangekomen was hij bijna buiten adem, maar
hij behoorde niet tot het soort mensen om ergens lang over na te denken.
Hij was niet te stoppen, hij ging meteen de donkere grot binnen.
Daardoor aangemoedigd ging Johannun achter Simon aan.
Naast de steen waar zij Hem hadden neergelegd
zagen zij de lijkwade en een hoofddoek                                                                                               netjes opgevouwen.
Degene Die zij begraven hadden was verdwenen.
De discipelen waren bang om vragen te stellen,
te protesteren of het Lichaam van de Heer te gaan zoeken.
Ze keerden terug naar de stad gevuld met treurige twijfel.
Het was hun duidelijk geworden, hun vijanden hadden besloten
hier zo lang mogelijk plezier van te maken.

Maria Magdalena bleef bij het graf alleen.

In gedachten verzonken had ze niet gemerkt dat
de rest van de vrouwen ergens anders waren heengegaan.
Ze kon letterlijk deze rampspoed gewoon niet geloven,

Maria kwam weer in de buurt van de opening van de grot en
onverwacht zag er twee onbekende personen in witte gewaden.
“Vrouw, waarom huil je?” vroegen ze.
“Omdat ze mijn Heer hebben weggenomen en
ik weet niet waar ze Hem hebben neergelegd”.
Een hoop ontwaakte in haar:
misschien kunnen deze mensen mij uitleggen wat er gebeurd is?
Maar op hetzelfde moment voelde Maria Magdalena de aanwezigheid van
iemand die achter haar stond en ze draaide zich om teneinde te zien wie het was.
“Vrouw, waarom weent gij? Wie zoekt u?” vroeg de vreemdeling.
Zich alleen maar zorgen makend,
nam Maria aan dat er zich voor haar een tuinman stond
die zeker zou weten waar het lichaam was.
“Heer”, zei ze smekend,
“Als jullie  Hem weggenomen hebben,
vertel me dan waar u Hem hebt geplaatst en
Ik zal hem nemen”.

Maria Magdalena aan het graf“Maria!” riep een pijnlijk bekende stem.
Alles binnen haar geraakte onderste boven.
Er was geen twijfel.
Hij is het …
“Rabuni!” riep Maria Magdalena en
viel aan Zijn voeten.
Raak Me niet aan“, waarschuwde Jezus                                                                                            haar,                                                                                                                                                            “Want Ik heb nog niet naar Mijn Vader                                                                                              gegaan;                                                                                                                                                      maar ga naar Mijn broeders en zeg hun:                                                                                          ‘Ik ga naar Mijn Vader en uw Vader,                                                                                                  Mijn God en uw God’“.

Hevig aangedaan en vol van vreugde, kon Maria nauwelijks begrijpen
wat er gebeurd was, zij liep daarop de tuin uit.
Als de heraut van het zeldzame, onbegrijpelijke nieuws liep ze naar het huis,
waar de rouw overheerste,
maar niet één van haar vrienden nam haar verbazingwekkende woorden serieus.
Ze hadden al besloten dat de arme vrouw buiten zinnen was geraakt
De Myrondragende vrouwen aan het grafZe dachten hetzelfde toen na haar Johanna, de vrouw van Cleophas, Maria, de moeder van Jacobus, en Salome binnenkwamen.
Zij, spraken allemaal tegelijk en begonnen te verklaren dat de Meester in leven is, dat zij Hem met eigen ogen hadden gezien.
Ze vertelden hoe ze toen ze de grot in waren gegaan, toen deze door Maria Magdalena was verlaten om
de discipelen te gaan roepen en daar een jongeling tegenkwamen in een wit gewaad.
Wees niet bang zijn!” zei deze hen.
Je bent op zoek naar Jezus van Nazareth, de Gekruisigde. Hij is opgestaan, Hij is niet hier.
Dit is de plaats, waar Hij neergelegd werd.
Maar Hij is heengaan en Zijn discipelen en Peter vertellen, dat
Hij zal u voorgaan naar Galilea.
Daar zult u Hem zien, zoals Hij u gezegd heeft
“.

De vrouwen gaven toe dat het hen aanvankelijk ongelooflijk leek over
deze verschijning te spreken, maar toen Jezus Zelf later aan hen onderweg verscheen en
de opdracht voor hen allen herhaalde, dat ze naar Galilea moesten gaan.
De apostelen keken elkaar luisterend naar deze verklaring verbijsterd aan.
Lucas merkt op dat aan de apostelen
Dit verhaal van de vrouwen pure onzin vonden en ze geloofde hen niet.
Na de recente rampzalige gebeurtenissen waren de discipelen
verre van de hoop op een wonder en ze verwachten allerminst dat God hen
binnenkort van geslagen en door de catastrofe bijna vernietigde mensen
zou omvormen tot verkondigers van een nieuw geloof
“.
De annalen van de geschiedenis bevatten veel wat onbegrijpelijk is, maar
men kan gerust zeggen, dat het leven van Jezus van Nazareth en
het mysterie dat Zijn leven heeft gekroond
de minst waarschijnlijke historische gebeurtenis is.

Het is juist om te zeggen dat dit Mysterie – begrijpelijk –
de grenzen van de menselijke rede ver overschrijdt.
In het gezichtsveld van een historicus zijn er toch waarneembare feiten gevonden.
Op hetzelfde moment dat de Kerk nog nauwelijks ontstaan was leek deze voor eeuwig te zijn omgekomen; toen het werk dat door Jezus geopenbaard was in puin lag en
Zijn discipelen alle geloof hadden verloren – veranderde alles plotseling extreem.

Jubelende vreugde verving de teleurstelling en wanhoop;
degenen die pas onlangs de Leraar hadden verlaten en Hem ontkenden,
verkondigen stoutmoedig de overwinning van de Zoon van God.
Er is iets gebeurd, zonder welke er geen Christendom zou zijn.
Dat “iets” was de openbaring van de Zoon van God in heerlijkheid,
hetgeen Jezus ten opzichte Kajafas tijdens Zijn proces zelf had voorspeld.

De hogepriester had in Zijn woorden godslastering waargenomen en
het tragische einde van de Nazarener was op advies van het Sanhedrin bevestigd.
De Waarheid van de Profetie werd voor de apostelen
door de verschijningen met Pasen aangetoond.
Jezus Zelf nu openbaarde Zich niet alleen als de Christus en de Leraar, maar als de Heer,
de Heer die de vleesgeworden Levende God is.

Noch Pilatus, noch de leden van het gerecht zagen de Verrezene.
Als het een onweerlegbare en duidelijke kracht van een wonder was geweest
wat hen zou hebben gedwongen om Hem te belijden, dan
zou dat een onrechtvaardigheid aan de geest geweest zijn die vrij is om zich tegen God te verzetten.
Christus is Opgestaan!, Χριστός ἀνέστη!, Христос воскрес!, Christ is risen!, - osios Loukas klooster, Gr.Alleen degenen die Christus voor de dienst, voor Hem uitverkoren had,
Konden Zijn heerlijkheid aanschouwen, de heerlijkheid als de enige Zoon van de Vader, die vol van genade en waarheid is“.
Voor de apostelen was de Opstanding
niet alleen de vreugde van het weerzien van hun leraar; het betekende de overwinning over de machten van de duisternis en
het werd de garantie van de uiteindelijke triomf van Gods Waarheid,
teken van de onoverwinnelijkheid van het                                                                                       Goede gepersonifieerd in Jezus van Nazareth.
Indien er geen opstanding der doden is, dan
is ook Christus niet opgewekt.
En indien Christus niet is opgewekt, dan
is immers onze prediking zonder inhoud, en
zonder inhoud is ook uw geloof
“, zegt de apostel Paulus.
1Cor.15: 13,14
Dat betekent letterlijk, dat als Christus niet is opgestaan, onze prediking geen enkele zin heeft.
Je geloof heeft dan ook geen enkele waarde meer, want dat geloof is dan in een dode Heer.
Dit is de gedachte waarmee het christendom zal leven,
want op de dag van de Pascha bekent de Kerk niet alleen het geloof in de onsterfelijkheid van de ziel,
maar de overwinning op de dood, de duisternis en desintegratie.
Aartspriester Alexander Men +1990Christus is verrezen, en
Hades wordt omvergeworpen!
Christus is opgestaan ​​en de demonen zijn gevallen!
Christus is opgestaan ​​en
de Engelen verheugen zich!
Christus is verrezen en het Leven regeert!
“.

>>> Deze woorden werden geschreven door
Aartspriester Alexander Men,
een trouwe en bekende priester in Rusland
die Martelaar werd om Christus in 1990,
uit het boek “De Zoon des mensen“.


Nb.

Jerusalem, een Grieks Orthodoxe priester ververst de olie in de lampen boven de stone-plaat waar Jesus' lichaam voor de begrafenis zou zijn voorbereidPaulus geeft ons in deze verzen
een verschrikkelijk deprimerende beschrijving van een geloof zonder hoop, zonder uitzicht.
En juist die hoop is ons anker,
het houvast in ons leven.
Je bent toch een idioot om in de tijd van
de Romeinse Christenvervolging
voor Jezus te kiezen als
dan het enige uitzicht de dood is en
daarmee alles is afgelopen.
Burning Bush, Theotokos and Moses, ChineseWaarom komen momenteel
in Mohammedaanse en Communistische landen
mensen tot geloof?      Zijn dat soms masochisten?
Lopen die rond met suïcidale neigingen?
Kiezen ze daarom voor zo’n ellendig uitzicht in het leven?
Neen, ze hebben dat anker voor de ziel, wat vastligt.
Maar hier in het Westen leveren we zo gemakkelijk theologisch de echte hoop van het Evangelie in
voor een Grieks verzinsel, misschien
wel onder invloed van ‘de-bijna-dood’ ervaringen.
Dat dit onterecht is blijft overduidelijk uit
wat Paulus vervolgens zegt:
Dan zijn ook zij,
die in Christus ontslapen zijn,                                                                                                              verloren
“.                                                                                                                                                   1Cor.15: 18
Verloren zijn is de bekende uitdrukking uit Johannes 3: 16.
Letterlijk betekent het feitelijk: “vernietigd zijn“.
Dat is het uitzicht wat atheïsten ook bevestigen.
Iemand overlijdt en hij komt in het graf en vergaat.
Dat is het uitzicht als we de Opstanding inwisselen
voor een Grieks sprookje van een voortbestaan los van het lichaam.
Is dat ons uitzicht?
Nee, want Christus is Opgestaan en
in die Kracht zullen wij ook Opstaan.

Orthodoxie & de Grote en Heilige Week

Christus laat Lazaros opstaan uit zijn grafDe Grote en Heilige Week, ook wel de Goede week of Lijdensweek genoemd, begint bij de zonsondergang op Lazarus zaterdag, de dag voor Palmzondag en
gaat door tot Pascha.
In de Orthodoxie is Pascha
het meest heilige deel van het liturgisch jaar.
Tijdens de Goede Week bevatten de Orthodoxe diensten de meest ingetogen en meest ontroerende momenten en hebben niet te vergeten de hoogste frequentie.
Om de toestand van diepe ellende van de wereld te markeren zijn de diensten
in de Grote en Heilige Week omgekeerd aan de gewoonlijke tijdstippen;
de Metten wordt in de avonduren gevierd en de Vespers in de ochtend.
De tien MaagdenDe dienst met de Metten van de dinsdagavond staat ​​bekend als
de Bruidegoms Metten, want
het thema is de gelijkenis van de tien maagden, en de aankomst van de Heer herinnerd ons eraan dat
Pascha niet alleen een historisch feest is,
maar tevens een voorbereiding
op Zijn Wederkomst.
Ook word er deze week een wierookvat zonder belletjes gebruikt om in gepaste sfeer                                                                                    aan te sluiten bij het lijden van Christus.

de vouw giet myronolie over de voeten van ChristusOp de Grote en Heilige Woensdag vindt overeenkomstig de Byzantijnse gewoonte
de Heilige ziekenzalving plaats welke de zalving als genezingsceremonie aanbiedt.
Deze zalving is een van de Mysteriën en
is derhalve alleen ontvankelijk voor degenen, die
Orthodox gedoopt zijn.
De woensdag is ook de dag waarop Judas overeenkwam Christus met een kus voor dertig zilverlingen te verraden.

Op de Grote en Heilige donderdagochtend gedenken we het Laatste Avondmaal
met een Grote Vespers, gevolgd door de Goddelijke Laatste AvondmaalLiturgie van H. Basilios de Grote.
In kathedralen of parochies met een bezoek van eene bisschop, wast de bisschop
‘s-ochtends de voeten van 12 priesters en diakens  na de Goddelijke Liturgie.

Donderdagavond hebben we de Grote en Heilige vrijdag Metten, met de lezing van de Twaalf Lijdens-Evangeliën:
Johannes 13: 31-18: 1
Johannes 18: 1-29
Matteüs 26: 57-75
Johannes 18: 28-19: 16
Mattheüs 27: 3-32
Marcus 15: 16-32
Mattheüs 27: 33-54
Lucas 23: 32-49
Johannes 19: 19-37
Marcus 15: 43-47
Johannes 19: 38-42
Mattheüs 27: 62-66
Het Groot en Heilig Kruis van ChristusNa het vijfde [of zesde] Evangelie, wordt
het Groot en Heilig Kruis uitgedragen
en wordt dit op gebruikelijke wijze
[met metaniën] vereerd.

Op grote en heilige Vrijdagochtend,
worden het 1e, 3e, 6e en 9e uur achter elkaar gebeden en staan ​​bekend als de Koninklijke Uren.
De Koninklijke Uren gaan over in de Grote Vespers, Kruisafnamewaarbij de priester Christus van het Kruis afneemt en het Lichaam in wit linnen doeken wikkelt, waarna hij het Lichaam op het altaar legt.
In de avond volgen dan de Klaagliederen, waarbij de Kerk een uitvaartdienst houdt voor Onze Heer, en leggen Hem in het graf
Dan volgt er een processie met brandende kaarsen om Christus’ afdaling in Hades te gedenken.
Van alle diensten van de Orthodoxe Kerk, is de dienst van Goede Vrijdag misschien wel de meest Indrukwekkende, het komt regelmatig voor dat volwassen mensen uit ontroeringen een traantje wegpinken.

Op Grote en Stille Zaterdag ochtend vieren we de Grote Vespers en
de Goddelijke Liturgie van de H. Basilius de Grote en gedenken we Christus’ afdaling in Hades
waarbij Hij de dood door Zijn dood overwint.
We zingen voor het eerst “Christus is opgestaan!
In de volle verwachting van Pascha.

In de namiddag volgen overeenkomstig een oude traditie
doopfeesten en Myronzalvingen voor de cathechumenen.

                      God zal opstaan!
Christos AnestiPascha, of het Feest van de Feesten,
is het belangrijkste feest in het Orthodoxe Christendom en begint zaterdagavond laat in een donkere kerk met
de Verrijzenis Vespers
waarbij de Odes van de bewening worden gezongen.
De priester steekt een kaars aan en vanuit de het altaar worden hiermee onze toegestoken kaarsen aangestoken terwijl de priester zingt:
Kom ontvangt het Licht van het Licht dat nooit door de duisternis wordt overwonnen en verheerlijk Christus, Die is opgestaan ​​uit de doden“.
Christ is risen, He is risen indeedZo mogelijk wordt er een processie gehouden rond de buitenkant van de kerk
en wanneer de priester bij de kerkdeur komt, leidt hij ons voor in het zingen van
de meest vreugdevolle en triomfantelijke Orthodoxe hymne,
de Opstandings Apolytikion
>>> MP3:

Christus is opgestaan ​​uit de doden,
door Zijn Dood vertreedt Hij de dood en
schenkt weer het leven aan hen in het graf!
“.                                                                                                 We komen opnieuw in de nu verlichte kerk
en vieren de PaasMetten en de Goddelijke Liturgie
Na deze Goddelijke Liturgie wordt er [veelal] een agape-maaltijd
gehouden om onze vasten te verbreken
[dit kan ook de volgende dag, na de PaasVespers].

In de namiddag, we opnieuw verzamelen met onze kaarsen,
waarbij we elkaar begroeten met “Christus is opgestaan!“;
en het antwoord is “Hij is waarlijk opgestaan!
[deze begroeting vindt plaats tot Hemelvaart]
We sluiten de Grote en Heilige Week af met een middagviering, de PaasVespers.

Orthodoxie & de radicale Nederigheid

Extreme NederigheidLaat die gezindheid bij u zijn,
welke ook in Christus Jezus was, Die,
in de gestalte Gods zijnde, het aan God gelijk zijn niet als een buit heeft geacht, maar
Zichzelf ontledigd heeft, en de gestalte van een dienstknecht heeft aangenomen en
aan de mensen gelijk geworden is.
En in zijn uiterlijk als een mens bevonden, heeft Hij Zich vernederd en
is gehoorzaam geworden tot de dood, ja, tot de dood aan het Kruis“.
Phil.2: 5-8

Deze grote waarheid van de nederigheid van onze Heer Jezus Christus, wordt hier niet alleen gebruikt als een beschrijving van
de een of andere Theologische waarheid of dogma, maar
deze manier van omgang met elkaar wordt gebruikt ter illustratie
voor de gemeente te Philippi van wat ze dienen te beoefenen in
hun relaties ten opzichte van hun broeders en zusters in Christus in de Kerk.

Het grootste overkoepelende thema van alle is het thema van de vreugde, de blijdschap in het leven van de gelovige zou moeten bestaan.
De hoedanigheid en de band van de vrede die we in de gemeenschap van onze Heer Jezus Christus ontmoeten we in de gemeenschap van onze Heer Jezus Christus.
Er ontstaat een grote vreugde wanneer wij elkaar in Christus lief hebben en we worden daardoor  met elkaar verenigd en zetten onszelf daardoor voor elkaar in. Door Christus bouwen wij een eenheid en een band van de vrede op; is dit niet het geval dan kunnen we net zo goed iets anders gaan doen.

De eerste vier verzen aan de Philippenzen maken ons als gemeenschap iets duidelijk:
Indien er dan enig beroep [op u gedaan mag worden] in Christus,
indien er enige bemoediging is van de Liefde,
indien er enige gemeenschap is van de Heilige Geest,
indien er enige ontferming en barmhartigheid is
maakt [dan] mijn blijdschap volkomen door eensgezind te zijn,
Beproef onze gedachten en gewoonteséén in liefde-betoon,
één van ziel,
één in streven,
zonder zelfzucht of ijdel eerbejag;
doch in ootmoedigheid
dient de een de ander uitnemender te achten dan zichzelf; en
een ieder lette niet slechts op zijn eigen belang, maar ieder (lette) ook op dat van anderen
“.
Phil.2: 1-4
Deze woorden spreekt Paulus tot ons als een voorbeeld van hoe
we ons als gemeenschap ten opzichte van elkaar dienen te gedragen.
Dat is nogal wat.
Als er dan enige vertroosting is in Christus, indien er enige troost van Liefde, indien er enige gemeenschap is van de Heilige Geest, indien er enige innerlijke bewegingen en ontfermingen zijn;
dient u de blijdschap van Christus te vervullen.
Automatisch is er dan eensgezind, onderlinge liefde,
ben je het met elkaar eens [of oneens] oftewel één van geest.
Laat geen enkel iets door ruzie of ijdele eer toe;
maar in deemoed beschouw je ieder ander beter dan jezelf.
Eenieder beoordeelt niet wat hijzelf doet of laat,
maar doet dat ook een ander niet aan.

We zouden die eerste vier verzen en in feite de gehele passage kunnen samenvatten in het laatste  woord van vers 4: ‘anderen‘ – anderen dienen voorrang te hebben boven onszelf.
Heb je door wat Paulus hier zegt?
Gelovigen van deze gemeenschap,
her gedrag als christenen dient niet te worden gedicteerd
door de geest van deze tijd,
door wat je in je leven hebt meegemaakt
of wat de beschaving in zijn cultuur heeft opgelegd,
maar het persoonlijk gedrag dient te worden geïnspireerd/gemodelleerd
op de persoon van Jezus Christus, onze Heer.
Iedere grote schepping heeft een archetype en een patroon,
het heeft een origineel – een prototype als je wil en
wanneer je eenmaal dat prototype volgt, dat model,
dan kun je miljoenen identieke stervelingen maken en
van die ene oorspronkelijke [Christus]
duizenden en duizenden exemplaren [Christenen] reproduceren.
De eerste is de oorspronkelijke en het model dat echt telt.

verdrijving uit het Paradijs, vanwege de hoogmoedWanneer je  bekend bent met het Oude Testament, dan weet je dat tot op de komst van Christus in het Nieuwe Testament,
dat de God des hemels, heeft geprobeerd de mensen te laten zien, dat de gehele mensheid uiterste ontoereikend
bleek te zijn –
– dat ze verdorven waren en
ze God niet konden bereiken, noch behagen.
Het maakte niet uit wat voor soort karakter ze hadden.
Je hebt een Adam, en dan heb je een Abraham, dan is er een Mozes,
dan een David, en zelfs een Elia – en allemaal zonder uitzondering
waren ze in de ogen van God mislukt en we hebben daar in de Schrift hun getuigenis van.
Om het in het kort te formuleren – de mens is na de val, hoewel evenbeeld van God, niet
in staat gebleken op eigen kracht de misstappen t.o.v. God [de dood] te overwinnen.
Onze Heer Jezus Christus probeerde de mens deze mislukkingen te laten inzien,
maar de belichaming van deze geweldige les was:
dat God in de volheid van de tijd Zijn Zoon zond, geboren uit een vrouw, geworden onder de wet om hen te verlossen die onder de wet waren , om te laten zien – hier is de mens waarop de mensheid en de beschaving heeft gewacht!” [cf. Gal.4: 4-5].
Hier is de God-mens, Die door God als patroon van de mensheid wordt aangereikt!
De mens Jezus Christus,
Die de aard toont van de eigenlijke menselijke aard [zoals God hem bedoeld heeft];
waaraan alle anderen dienen te voldoen en dienen te worden gekneed en gevormd,
wordt hier geopenbaard.

We hebben dit kunnen zien aan de oevers van de Jordaan,
toen bij de doop van onze Heer de hemelen geopend werden en
de stem van God te horen was die zei:
Deze is Mijn Zoon, de geliefde, in Wie Ik Mijn welbehagen heb“.
Matth.3: 17

Holy Theophany, Antiochian mosaïcAls voorbereiding op het einde van de tijden liet God, Zijn Zoon
de gehele geschiedenis van de mensheid glad strijken en
er was niemand anders en
er zal ook nooit iemand anders zijn,
waarvan Hij zal kunnen zeggen
in Wie Ik Mijn welbehagen heb“,
want Hij is de Enige zonder zonden.
Paulus vertelt deze Philippenzen dat
Dit Degene is aan wie alle leven en
samenspraak van gelovigen gelijkvormig
zou moeten zijn.
Dit is de fakkeldrager van de christenen,
dit is het Goddelijke patroon,
want deze Jezus, de Christus is het evenbeeld van de eeuwige God.
Hij is de eerstgeborene van geheel de schepping,
de eerstgeborene van vele broeders  en
zo je wilt, is Hij het model waaraan wij onszelf spiegelen,
Hij is het grondpatroon voor ons leven.

Waarmee kan de beloning van gehoorzaamheid beter worden getoond,
dan in de vleselijke nederigheid van zo’n Grote Middelaar, Die
vervolgens is opgestaan uit de doden tot het eeuwige leven?

Orthodoxie & waarom Christus voor ons moest sterven?

Christ Pantocrator, [detail] Chilandar, Athos [Gr.]Maar toen de volheid van de tijd gekomen was,
heeft God zijn Zoon uitgezonden geboren uit een vrouw, geboren onder de wet,
om hen, die onder de wet waren, vrij te kopen, opdat
wij het recht van zonen zouden verkrijgen“.
Gal.4: 4-5

Veel sceptici vragen zich hierbij af:
• Waarom heeft Christus, Die toch volkomen onschuldig    was, de ergste vorm om dood te gaan,  de dood aan het   Kruis moeten doorstaan om de mens te verzoenen met   God de Vader?
• Heeft Christus werkelijk de dood overwonnen?
• Wat zou ons leven voor zin hebben gehad als Christus                                                                    niet voor ons was gestorven?
Om het belang van het offer van Christus te doorgronden,
dient men de reden van Zijn komst in de wereld te onderkennen.

Schepping van Adam en Eva– In overeenstemming met de Heilige Schrift werd de mens door God gevormd
uit “het stof van de aarde” [Gen.2: 7]
en werd hij geschapen naar het
beeld en gelijkenis” van God [Gen.1: 26].
– De mens werd als Koning over
de hele schepping in de Hof van Eden geplaatst [Gen.2: 8].
– De mens is vanaf het eerste begin gemaakt naar Gods “beeld” en  heeft alle mogelijkheden aan de “gelijkenis” van God zowel aan deugden als de volmaakte gehoorzaamheid overeenkomstig Gods Wil meegekregen.
– De mens werd door God gemaakt om een goddelijk leven op aarde te leiden.
De eerste mens had geen enkele belemmering voor Gods kennis en
door zijn zuiverheid kon hij het Woord van God via zijn denkleer [logica] aanschouwen. Doordat de mens op een dergelijke  wijze was geschapen,
leefde hij met een zondeloze gesteldheid en kreeg tevens de stem van het geweten.
– De mens was in staat gesteld om ‘niet’ te zondigen, maar
tegelijkertijd bezat hij de vrijheid om te zondigen.
Zonde was dus niet aan de menselijke natuur verbonden, maar
aan zijn vrije beslissing overgelaten; met
andere woorden het stond hem vrij zijn eigen wil te gebruiken.
– De mens leefde voor de val in volle harmonie met Gods heiligheid en
werd door gehoorzaamheid en heiligheid in staat gesteld zichzelf in de richting
van het lot van het zijn in de “gelijkenis” aan God te ontwikkelen.

schepping van de mens, Adam - Mosaïc. Sicilië Italië []12e eeuw]In Adam waren alle deugden nog niet volgroeid, noch
was heiligheid altijddurend en vervuld. De oor- spronkelijke staat van Adam, voor de zondeval, had als voorwaarde van Genade te leven in Gods aanwezigheid.
De mensen behoefden niet alleen in een dergelijke staat
te blijven, maar om vooruitgang te boeken dienden zij
de deugden met Gods hulp en hun vrije wil  te cultiveren.
Helaas waren de eerste mensen ongehoorzaam aan Gods gebod en aten van de boom van de kennis, die van
de “kennis van goed en kwaad” [Gen.3: 6].
De val van de mens is groter dan men zich
wel gerealiseerd heeft, omdat
1.]. Het zo gemakkelijk voor de eerste mens [Πρωτοπλαστ, Gr. voor het eerst gemaakt]
was geweest God gewoon te volgen en te gehoorzamen.
Er was geen enkel excuus voor het tegendeel.
2.]. De mens heeft immers nog het gebod van zijn Schepper meegekregen, maar
hij vertrouwde de woorden van het schepsel, de slang.
Eva verleid door de slang en Adam volgt haarEva werd niet verleid, maar liet zich verleiden, hetgeen resulteerde in de val; de adviezen die de slang aan Eva gaf waren een daad van rebellie tegen God.
Het doel van het testen van de verboden vrucht van de “boom van kennis van goed en kwaad” was, dat zowel Adam en Eva aan de mogelijkheid bezaten
te zijn als God” [Gen. 3: 6].
De satan verleidde Eva om zich over te leveren aan dezelfde zonde waarmee hijzelf ten onder was gegaan vóór de zichtbare wereld werd geschapen [Is.14: 12-16]; hij sleepte haar met zich mee
in het verderf. Lucifer en Eva wilden de gelijkenis aan God grijpen en boven Gods Glorie uit stijgen,
zonder Gods bemoeienis.
Ze wilden de grootsheid van Gods Majesteit bezitten teneinde met Hem te concurreren.

verleid door de duivel [slang], tot ongehoorzaamheid aan het gebodDe duivel is de vernietiger van het menselijk lichaam, ‘een doorn in het vlees’, zoals
apostel Paulus, zijn aanwezigheid heeft ervaren
en benoemde
[2Cor.12: 7].
Door het lichaam, als een opstapje te gebruiken, kruipt hij in de ziel en grijpt het hart en de geest van een mens, totdat hij deze volledig heeft verslonden, hij verminkt hem en ontneemt hen
de Goddelijke Schoonheid en Zuiverheid, het Begrip en Gerechtigheid,
de Liefde en het Geloof, van de Hoop en het Vooruitzicht op verbetering.
Dan bekrachtigt hij zich in de mens als op zijn troon en neemt alle touwtjes van
het menselijk lichaam en ziel in handen en de mens verwordt door hem
tot een dier waarop hij rijdt, een instrument wat hij bespeelt, een wild beest, waardoor
hij alles en iedereen om zich heen verslindt
“.
H. Nikolai Velimirovich [1880-1956]

verdrijving uit de tuin van Eden, het aardsparadijsDe zonde deed haar intrede toen de mens zijn vrije wil misbruikte en met Gods Wet heeft gebroken.
Zijn hart werd in beslag genomen door slechte verlangens. Van Gods Liefde verwijderd werd het hart van de mens door egoïsme bevangen.
Hij plaatste idolen om zich heen
als valse goden waar de Ware God was.
Vóór de zondeval, was God het centrum van ‘s mensen hart, gevoelens, gedachten, beslissingen en acties.
Maar vanaf het moment dat hij besloot om de Goddelijke Wet te overtreden, werd het ego van de mens
het centrum van zijn hart.
Zo werd de mens zondig, egoïstisch en beschouwde zichzelf als het middelpunt van de schepping.
Hij aanbad zichzelf en eiste dat alle anderen om hem heen dienden deel te nemen
aan deze aanbidding die hij bood aan zijn vergoddelijkt zelfbeeld en ego.
In de duisternis van zelfzucht heeft de mens bovendien nog het idee gekregen
dat hij werkelijk liefheeft en God dient, maar in werkelijkheid denkt hij,
wil hij en handelt hij in strijd met de Ware Liefde.

Adam,de eerste mens, is niet slechts een ouderwetse historische karakterschets, maar het oerbeeld van de gehele mensheidDe resultaten van de zondeval zijn:
1.]. De mens verloor zijn onschuld en                                                                         het kleed van de natuurlijke heiligheid.
Daarom nam hij “vijgenbladeren” om                                                               zijn naaktheid te bedekken [Gen.3: 8].
2.]. Gods genade, die de mens vóórheen de kracht verstrekte om
deugden en rechtvaardigheid te ontwikkelen, was verdwenen.
3.]. Het vermogen om zonder zonde, onschuldig en                                               eeuwig te overleven ging verloren.
4.]. Het eerste mensenpaar beroofde zichzelf van                                                   de rechtstreekse communicatie met God.
5.]. Angst en schuldgevoelens overvielen het hart van de mens.
6.]. De menselijke geest werd verduisterd, en
7.]. De mens beschuldigde God verantwoordelijk te zijn voor zijn val.
Hij beschuldigde God dat Hij hem Eva als zijn vrouw had geschonken [Gen. 3: 18].
Dit is de authentieke specifieke voorouderlijke zonde [Gr. προπατορικὴ ἁμαρτία of
προπατορικὸν ἁμάρτημα, προγονικὴ ἁμαρτία].

Vanuit zijn egoïstisch gesteldheid heeft de mens voortdurend het idee dat
hij gelijk aan God is/kan worden!     Maar in plaats daarvan
wordt hij een slaaf van de zonde en valt onder de tirannie van de dood.
God houdt echter van de mens en ziet niet graag dat de mens
zijn ondergang tegemoet gaat, dat de mens wordt vernietigd,
Hij gaf de mens de hoop, die is voorspeld in de “de eerste blijde boodschap“,
het [=Πρώτο-ενβαγγελιών], welke God hen meegaf:
Ik zal vijandschap zetten tussen u en de vrouw en tussen uw zaad en haar zaad;
dit zal u de kop vermorzelen en gij zult het de hiel vermorzelen“.
Gen.3: 15

Dit stelde de mens na zijn val gerust en gaf het “verstajem” [begrip] mee dat
de val van de mens niet onherstelbaar was.
In de menselijke natuur, zijn na de zondeval, de krachten en vaardigheden latent
aanwezig gebleven welke door de menselijke natuur van Christus zouden worden hersteld naar de staat van waaruit het was gevallen.
Adam en Eva uit het Paradijs verdreven, bestraffing met de doodDe bestraffing met de dood
was een uitdrukking van Gods Liefde
in de richting van de gevallen mens.
De Zonde zou niet voor altijd en eeuwig blijven voorbestaan.
Bijgevolg werd de mens wel verbannen uit de toestand van Gods Genade om de aarde waarvan hij werd genomen te gaan bewerken en kwam hij in de toestand van de ellende, zondigheid en de dood terecht.
Het gehele menselijk ras werd meegesleurd in de val van het eerste mensenpaar;
de voorouderlijke zonde werd daarmee van de ene generatie op de andere doorgegeven.

Het vooruitzicht dat de mensheid verlost zou worden van de gevolgen van de zondeval en haar innerlijke rust zou hervinden, schreeuwde om
vanuit grote behoefte om zijn verzoening met God teweeg te brengen.
De reden voor de schepping van de mens was immers
een leven van een ononderbroken communicatie met God.
Alleen in een dergelijke staat zou de mens echt gelukkig kunnen worden en
in staat om zijn bestemming te vervullen.
Maar toen hij vanwege de zonde werd gescheiden van God,
verloor hij zijn oorspronkelijke lotsbestemming.
Melchizedek aan het offeraltaar met Abel, de zoon van AdamIn alle religies en vooral in de mono- theïstische religie van het Oude Testament, werd  de verzoening met God verondersteld te worden bereikt door het aanbieden van offers, met name offers van bloed.
Voordat de mens tot God kon spreken,
ervoer hij dat hij een offer voor zijn zonden diende aan te bieden.
Voor degenen die de verzoening met God verlangden werd dit door toedoen van deze offers van bloed bereikt.
Omdat ze niets van meer waarde te bieden hadden dan hun eigen leven,
boden ze offers van dieren aan en door het offer van het bloed
kwamen ze tot de erkenning dat zij zelf de dood waardig waren.
In het boek Leviticus, zegt God:
Want de ziel van het vlees is in het bloed en
Ik heb het u op het altaar gegeven om verzoening over uw zielen te doen, want
het bloed bewerkt verzoening door middel van de ziel
“.
Lev.17: 11
Het bloed van het geofferde dier werd voor het eerst op het altaar gesprenkeld en
werd door God aanvaard als een offer namens de ziel van de persoon die het offer aangeboden. Vervolgens werd het gesprenkeld op de mens om van zijn zonden vergeven te worden en
zo werd hij gereinigd.
Door het offer van het bloed kreeg de mens
het recht deel te nemen aan de dienst van God en
werd hij om niet tegelijkertijd lid van Gods uitverkoren Volk.

het offer van Christus aan het KruisDe apostel Petrus zegt
met betrekking tot het offer van Christus aan het Kruis:
Gij zijt niet met vergankelijke dingen, zilver of goud, vrijgekocht van uw ijdele wandel, die [u] van de vaderen overgeleverd is, maar met het kostbare bloed van Christus, als van een onberispelijk en vlekkeloos lam.
Hij was van tevoren gekend, voor
de grondlegging van de wereld, doch
is bij het einde der tijden geopenbaard ter wille van u

1Petr.1: 18-20
God wist in Zijn voorkennis wat er met de mens zou gebeuren en in Zijn voorzienigheid heeft Hij het Mysterie                                                            van de menselijke Verlossing door Jezus Christus voorbereid.
Het is dus helemaal Gods beslissing geweest de weg te bewandelen
waarlangs Zijn Rechtvaardigheid en Heiligheid naar Zijn tevredenheid hersteld zou worden, die als gevolg van de menselijke belediging veroorzaakt was en
de gevallen mens weer met zijn Schepper kon verzoenen.
Het is een feit dat de gevallen en zondige mens, hoewel
hij oprecht verlangt vrij van schuld te zijn,
niet in staat bleek om dit zonder Gods inbreng te bereiken.
God strekte Zijn hand uit naar de mensGod strekte Zijn hand uit naar de mens en verzekerde hem dat verzoening alleen kon worden bereikt door de Genade van God Zelf in Jezus Christus.
Dit teken van Gods Genade was de komst van de unieke Hogepriester [volgens de orde van Melchizedek] onze Heer en Zaligmaker Jezus Christus, het geïncarneerde Woord en
de Zoon van God de Vader.
Hij zou uiteindelijk de enige Middelaar tussen God en de mens zijn.
De ware Messias moest zowel geheel [waarachtig] God als mens zijn om degenen [God en mens], die door de zonde  van elkaar gescheiden werden weer bij elkaar te brengen.
De Messias kwam tot de mens vanwege God en leerde de mens God kennen.
Als de Heiland alleen God was geweest of alleen de mens, zou
de verzoening onmogelijk te bereiken zijn geweest.
Als Christus was alleen mens was geweest, had Hij onmogelijk de mensheid kunnen redden, omdat Hij ook door de zonde zou gebonden zijn en zou Hij nooit in staat zijn om geweest de macht van de dood te overwinnen.
Als Hij alleen God was geweest, dan was Hij niet in staat geweest Middelaar tussen God en de mens te worden, omdat de zonde op die manier door God Zelf zou zijn vernietigd en
zou de tevredenheid van Gods Rechtvaardigheid niet aangetoond worden.
Het antwoord hierop was dat God aan de mens gelijk zou worden.
Door Zijn Incarnatie nam Hij de gehele menselijke natuur op Zich, maar zonder de zonde.
Christus Pantocrator - Florence [It]Toen het geïncarneerde Woord en de Zoon van God in de wereld kwam, sprak Deze
met de mens en verzekerde hem dat
de rust was aangebroken, omdat Hij Zichzelf zou aanbieden voor de redding van de gehele wereld.
Paulus heeft ons dit zo leren formuleren:
Toen de volheid van des tijd gekomen was, heeft God zijn Zoon uitgezonden
geboren uit een vrouw, geboren onder de wet, om hen, die onder de wet waren,                                                                                                 vrij te kopen, opdat                                                                                                                                 wij het recht van zonen zouden verkrijgen
“.
                                                                                Gal.4: 4-5
God heeft Zijn Zoon als Middelaar en Hogepriester van het Nieuwe Testament gezonden.
De missie van Christus was om de wereld met God te verzoenen door
Zijn gehoorzaamheid aan de wil van Zijn Vader.
Hij was er op uit de harmonie met de Goddelijke heiligheid en
de gerechtigheid van God met de mens te herstellen.
God had de mens uiteraard direct kunnen redden en verzoenen, maar
Hij respecteerde de menselijke vrijheid van de wil.
Hij kon aan Zijn goddelijke wil hebben voldaan, maar
zonder het unieke offer aan het Kruis
zou de rechtvaardiging niet hebben plaatsgevonden.

Als God Zijn reddende Genade verleend zonder Zijn Goddelijke Rechtvaardigheid tevreden te stellen, dan zou het fundament van de morele orde van de wereld in wanorde zijn geraakt.
Zonde zou ophouden zonde te zijn, wanneer de Goddelijke Justitie was gestopt
welke de straf op de zonde noodzakelijk maakte.
Het werd van Gods Goddelijke Heiligheid en Rechtvaardigheid geëist dat
er een waarachtig offer zou plaats vinden om de dood van de zonde te vernietigen,
zodat de mens zou worden geregenereerd in Gods absolute Gehoorzaamheid.
Het was van essentieel belang dat de mens, door zijn eigen vrije wil,
alle verbindingen met de zonde teniet doet; om God te behagen.
De mens betreurt zijn vroegere zondige manier van leven en
begint een nieuw leven in Godsvrucht, Goedheid, Deugd en
in volle gehoorzaamheid aan Gods Wil.
Christus verbreekt de banden met de dood, icoon van een orthodoxe parochie in AlbaniëGeen mens had dit logische offer ooit
hebben kunnen aanbieden.
Allen waren onder de zonde en
leefden in de schaduw van de dood.
Allen werden beroofd van Gods Genade en
waren daardoor niet in staat om
de Verlossing te verkrijgen.
Ook kon geen van de engelen
de gevallen mens herstellen en
haar de natuurlijke heiligheid terug bezorgen, omdat heiligheid is iets buiten de essentie en de aard van engelen en alleen kan worden ontvangen door
hun gemeenschap met de Heilige Geest.
Daarom heeft God de verzoening en verlossing van
de gevallen menselijke ras door Zijn Zoon bewerkstelligd,                                                              Die volledig mens werd.
Het offer van de God aan de mens werd niet alleen beperkt in het Lijden van onze Heer en de dood aan het Kruis.
Het omvatte al zijn gehele leven en het omvat een offer van absolute gehoorzaamheid aan God de Vader.
Geboorte van Christus in het vlees, liggend in een doodskist en met doodswindselen omgordChristus ‘Lijden begon niet in Gethsemane, maar in Bethlehem [zie de icoon van de Geboorte van Christus in het vlees] en bereikte de ultieme climax met
de dood aan het Kruis op Golgotha.
Het offer welke Christus als Hogepriester heeft aangeboden [en nog steeds in de Goddelijke Liturgie aanbiedt] is als perfect en aanvaardbaar offer door God aanvaard.
Het moest een
logisch, moreel en geestelijke offer zijn.
Het offer van onze Heer aan het Kruis en
het vergieten van Zijn bloed was dat Volmaakte Offer, Uniek en aanvaardbaar voor God de Vader, het voldeed aan Gods Goddelijke Rechtvaardigheid.

God is niet blij met menselijk slachtoffers [Psalm 50], maar
Christus aan het Kruis liet de Ultieme Gehoorzaamheid aan Zijn Vader zien.
Christus zegt: “Zie, hier ben Ik om Uw Wil te doen.
Hij heft het eerste op, om het tweede te laten gelden.
Krachtens die Wil zijn wij eens en voor altijd geheiligd door
het Offer van het Lichaam van Jezus Christus
“.
Hebr.10: 9-10
Christus bood het offer aan het Kruis aan niet omdat Hij gedwongen werd om dit te doen,
maar vanuit Zijn Goddelijke Wil, maakt Hij de mens vrij van de dood.
Uit liefde voor de mens stierf Christus aan het Kruis en
opende daarmee voor ons de weg naar het Hemels [Gods] Koninkrijk.
Dus, zoals door de ongehoorzaamheid van Adam de zonde in de wereld kwam:
Gelijk door een mens de zonde de wereld is binnengekomen en door de zonde de dood,
zo is ook de dood tot alle mensen doorgegaan, omdat allen gezondigd hebben
Rom.5: 12; evenzo ontvangen door de Gehoorzaamheid van de tweede Adam, Christus,
diegenen die in Zijn Naam geloven het eeuwige Leven.
Laatste Avondmaal, CoptischChristus heeft, in Zijn menselijke natuur,
de aard van het menselijk ras vernieuwd,
door de menselijke natuur [het vlees]
zonder de zonde te aanvaarden.
Hij heeft de menselijke natuur met God geheiligd en verenigd en werd Zelf
het Hoofd van dit Unieke Lichaam, Zijn Kerk.
In Christus Jezus is de mensheid geprolongeerd vanwege
de hypostatische vereniging van de twee naturen van Christus,
de Goddelijke en de menselijke.
Het Woord van God is mens geworden om de mens te heiligen en
brengt hem tot het niveau van de godheid.
Vanaf het eerste begin, werd Christus door Johannes de Doper verkondigd als
het “Lam Gods, dat de zonde der wereld wegneemt“.
John.1: 29
De apostel Paulus zegt:
– “Het zal ons , die ons geloof vestigen op Hem, worden toegerekend,
die Christus Jezus, onze Heer, uit de doden opgewekt heeft,
Die om onze overtredingen is overgeleverd en om onze rechtvaardiging is opgewekt“.
Rom.4: 25
– “God echter bewijst Zijn Liefde jegens ons, doordat Christus, toen
wij nog zondaren waren, voor ons gestorven is“.
Rom.5: 8
Veel meer zullen wij derhalve, thans door zijn bloed gerechtvaardigd,
door Hem behouden worden van de toorn.
Want als wij, toen wij vijanden waren, met God verzoend zijn door de dood va Zijn Zoon,
zullen wij veel meer, nu wij verzoend zijn, behouden worden, doordat Hij leeft;
en dat niet alleen, maar wij roemen zelfs in God door onze Heer Jezus Christus,
door Wie wij nu de verzoening ontvangen hebben“.
Rom.5: 9-11

Hij gaf Zijn Leven voor velen, Epitaphion, grafleggingOnze Heer Zelf
verzekerde ons dat Hij is gekomen
Om Zijn Leven te geven als losprijs
voor velen

Matth.20: 28
Christus kwam, als de Hogepriester, om
te sterven voor onze zonden en het vergieten van Zijn Bloed aan het Kruis heeft de aard van het zoenoffer.
Christus heeft als zondeloos zijnde
– “Hiermee de Liefde aangetoond,
                                                                                   niet dat wij God liefgehad hebben, maar                                                                                            dat God ons heeft liefgehad en
                                                                                   Zijn Zoon gezonden heeft als                                                                                                                  een verzoening voor onze zonden“.
1John.4: 10;
Want ook Christus is eenmaal om de zonden gestorven als rechtvaardige voor onrechtvaardigen, opdat Hij u tot God zou brengen:
Hij, die gedood is naar het vlees, maar levend gemaakt naar de geest,
in welke Hij ook heengegaan is en gepredikt heeft aan de geesten in de gevangenis, die
eertijds ongehoorzaam geweest waren, toen de lankmoedigheid Gods bleef afwachten
“.
1Petr. 3: 18-20
Zoals de offerdieren van het Oude Testament symbolisch en onbewust de zonden en schuld van degenen die hen aangeboden op het altaar nam; ook Christus werd Degene Die aanbiedt
en Degene Die wordt aangeboden.
Ook u heeft Hij, hoewel gij dood waart door uw overtredingen en onbesnedenheid naar het vlees,
levend gemaakt met Hem, toen Hij ons al onze overtredingen kwijtschold, door
het bewijsstuk uit te wissen, dat door zijn inzettingen tegen ons getuigde en ons bedreigde.
En dat heeft Hij weggedaan door het aan het kruis te nagelen:
Hij heeft de overheden en machten ontwapend en openlijk tentoongesteld en zo over hen gezegevierd
“.
Col.2: 13-15
Door Zijn Eigen vrije wil nam Hij bewust onze zonden op Zich en verbrak “de banden” die ons de weg tot het heil belemmerden.

Het offer van de eniggeboren Zoon van God werd voor de gehele mensheid aangeboden, want
Extreme NederigheidWant zo heeft God de wereld Lief gehad, dat
Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat
een ieder, die in Hem gelooft, niet verloren ga, maar eeuwig leven zal hebben
“.
John.3: 16
Jezus Christus is de verzoening, niet
alleen voor de gelovigen, maar
voor de zonden van de hele mensheid.
Christus stierf niet voor de weinigen alleen, maar
om de zonden van de gehele wereld weg te nemen, en
opdat de mens door Hem gered zou worden.
Onze Heer Jezus Christus heeft dit verkondigd zeggende:
Wie in Hem gelooft, wordt niet veroordeeld;                                                                                 wie niet gelooft, is reeds veroordeeld, omdat                                                                                   hij niet heeft geloofd in de Naam van de                                                                                             eniggeboren Zoon van God“.
                                                             John.3: 18
Christus stierf voor allen om allen te redden, maar niet ieders zonden zijn vergeven.
Want er zijn nog die mensen die weigeren om Christus’ aanbod van Genade te aanvaarden.
Het gevolg van hun ontrouw is hun eigen veroordeling.
Het bloed van het Nieuwe Testament werd ook voor hun redding vergoten en
ook heeft het al hun ongerechtigheden weggewassen.
Omdat de ongerechtigheden van alle zondaars niet groter waren dan de gerechtigheid van Christus, noch hebben we meer gezondigd dan de rechtvaardige daad van Hem bewerkt heeft Die voor ons is gestorven; de zonden van de gehele mensheid zijn als
een druppel water in de oceaan in vergelijking tot
de oneindige Liefde van God voor de mens.

Kruis boven de Iconostase van Zmiski [Russ]Christus is werkelijk aan het Kruis gestorven, want Hij was geheel mens.
Hij daalde af in Hades met Zijn logische ziel en de Logos; en werd opgewekt uit de dood, omdat, zoals Hij ons verzekerd
heeft met de woorden: “Ik heb het u gezegd, eer het geschiedt, opdat gij geloven moogt, wanneer het geschiedt.
Niet veel zal Ik meer met u spreken, want de overste der wereld komt en
heeft aan Mij niets,                                                                                                                                   maar de wereld moet weten,                                                                                                                 dat Ik de Vader liefheb en zo doe, als                                                                                                   Mij de Vader geboden heeft
“.
                                                                                John.14: 29-31
In Hades predikte de Geest van Christus tot de geesten van de mensen en
bereikte Zijn eerste overwinning op het rijk van de dood.
De apostel Paulus leert ons dan ook dat:
God Hem daarom ook uitermate heeft verhoogd en
Hem de naam boven alle naam heeft geschonken, opdat
in de naam van Jezus zich alle knie zou buigen van hen,
die in de hemel en die op de aarde en die onder de aarde zijn, en
alle tong zou belijden: Jezus Christus is Heer, tot eer van God, de Vader!
“.
Phil.2: 9-11

Johannes de doper kondigt de nederdaling ter helle aan de rechtvaardigen van de hades [Slovetsky klooster [17e eeuw]Het belang van Christus ‘afdaling in Hades laat zien dat Hij de Redder is van allen,
de levenden en de doden.
Geen macht in de natuur, of
obstakels van tijd of ruimte kan tussen Christus en het vinden van de manier om de mensheid te redden in komen te staan.
Hij is de Redder van alle generaties,
vóór en ná Zijn incarnatie.
Het offer van Christus heeft de macht om de mens te redden, vanaf Adam tot de laatste mens die voorafgaand aan Zijn wederkomst geboren wordt.

De Opstanding van onze Heer en Zaligmaker is het bewijs van Zijn triomfantelijke intrede in Zijn heerlijkheid.
Christus stierf, werd opgewekt uit de doden op de derde dag, en leeft voor altijd.
Hij heerst over de levenden en de doden.
Hij overwon de dood en kreeg in Zijn Goddelijke Autoriteit over al de levenden en
bezit de sleutels van de dood en het dodenrijk.
Dit is het grootste bewijs dat het offer aan het Kruis door de hemelse Vader werd aanvaard.
Dit is de garantie, dat onze redding werd bereikt en de uitdagende dood werd veroverd.
De val van de mensheid werd hersteld.
In Jezus Christus’ Opstanding begroeten we de komst en de heerlijkheid van Zijn Koninkrijk.
Christus’ Opstanding is een visie van ‘s-werelds laatste Glorie na
de algemene opstanding van de doden.

Icoon Opstanding uit de doden en de 12 grote Kerkfeesten [Russ. 1903]Het mag nu natuurlijk heel duidelijk geworden zijn dat, als Christus niet was gekomen,
de mensheid niet zou zijn verheven.
Verzoening zou niet hebben plaatsgevonden en de mens zou nog steeds onder de slavernij van de zonde en de schaduw en de tirannie van de dood zijn geweest.
Als Christus niet was gekomen, dan zou de mens van de kennis van de ware God zijn verstoken.
Door de Opstanding van Christus  werd de geschiedenis van de mens werd afgebogen
van de weg tot vernietiging tot het pad van de Zaligheid.
Iedere mens wordt door Christus uitgenodigd om, in Hem, door Hem en met Hem, hieraan deel te nemen.
– “In Hem”, betekent dat de mens, door het Heilig Mysterie van het doopsel,
lid wordt van Zijn Heilige Kerk.
– “Met Hem”, betekent dat de mens de weg van Christus ‘leven moeten leven.
– “Door Hem”, betekent dit gebeurt dat door de Genade van de Heilige Geest, Die
Christus door de Heilige Mysteriën van de Orthodoxe Kerk verleent,
de mens kan worden geheiligd en verheerlijkt.
Christus daalt af in de  Hades en verkondigt Zijn Blijde BoodschapDoor canonieke Doop neemt de mens deel aan de Dood en de Verrijzenis van Christus.
Door het algemene heil dat Christus aan
het Kruis heeft aangeboden te accepteren,
worden we opgeroepen onze persoonlijke verlossing te bewerkstelligen door gebruik te maken van Gods Genade in ons
door in ons dagelijks leven
het leven van Christus na te volgen.
Door de doop wordt de voorvaderlijke zonde [erfzonde 1] ] vergeven
en de verzoening bereikt.
Als Christus nooit was gekomen zou niemand zijn gered; zou de Kerk nooit zijn opgericht en zouden er geen Mysteriën [RK. Sacramenten] hebben bestaan.
Zo zou het voor de mens onmogelijk zijn geweest om zijn heil te bereiken.
De voorouderlijke zonde zou nog intact zijn geweest en
de belediging die de mens God heeft aangedaan zou nooit zijn verwijderd.
Door Christus’ Opstanding werd de mens een kind [vriend] van God en
allen die in Christus geloofden vrienden met Christus zijn geworden
Gij zijt Mijn vrienden, indien gij doet, wat Ik u gebied.
Ik noem u niet meer slaven, want de slaaf weet niet, wat zijn heer doet; maar
u heb Ik vrienden genoemd, omdat Ik alles, wat Ik van Mijn Vader gehoord heb,
u heb bekend gemaakt
“.
John.15: 14,15
''God is met ons, Hij is en zal zijn''Onze vriendschap met Christus dient een
Vriendschap van Gehoorzaamheid aan Zijn geboden te zijn en een Offer [overgave] van onze vrije wil om Zijn Goddelijke Wil te volgen.
Door het hebben van de Opgestane Christus als onze persoonlijke vriend zijn we er zeker van dat we in staat zijn om met Hem te communiceren, niet alleen in onze goede momenten van het leven, maar
vooral in tijden van nood.
Wij laten Hem vaak vallen, maar Hij zal ons nooit in de steek laten.
In al onze moeilijke momenten, zelfs als we het gevoel hebben dat Hij er niet is,
staat Hij altijd voor ons klaar, daar Hij ons achterliet met de belofte:
Zie, Ik ben met u al de dagen tot aan de voleinding van de wereld“.
Matth.28: 20

1] Pdf   De erfzonde

5e Zondag van de Grote en Heilige Vasten – H. Maria van Egypte; goede voornemens en dode werken

Christ & the Theotokos - Extreme HumilityChristus, opgetreden als hogepriester der goederen, die gekomen zijn, is door de grotere en meer volmaakte tabernakel, niet met handen gemaakt, dat is, niet van deze schepping en dat niet met het
bloed van bokken en kalveren, maar 
met
Zijn eigen bloed eens voor altijd binnengegaan in
het heiligdom,
waardoor Hij een eeuwige verlossing verwierf.
Want als [reeds] het bloed van bokken en stieren en
de besprenkeling met de as der vaars hen, die verontreinigd zijn, heiligt,
zodat zij naar het vlees gereinigd worden,
hoeveel te meer zal het bloed van Christus,
Die door de eeuwige Geest 
Zichzelf als                                                                                               een smetteloos Offer aan God gebracht heeft,
                                                                  ons bewustzijn reinigen van dode werken, om                                                                                de levende God te dienen?“.
                                                              Hebr.9: 11-14

De Grote en Heilige Vasten loopt ten einde.
En wanneer de Grote Vasten een strijd over een bepaalde tijdspanne omvat, dan
is dit tevens het geval met ons ​​leven.
De spanwijdte van het leven wordt ons gegeven als een strijd en zal niet voor eeuwig voortduren. De mens kan dit leven nu eenmaal niet onbeperkt voortzetten, want
zoals het de mensen beschikt is,
eenmaal te sterven en daarna het oordeel
“.
Hebr.9: 27
Aan het einde van ons leven, zullen we teleurgesteld zijn als we ons realiseren
dat we onvoldoende gestreden hebben.
Vorige week hebben we gehoord over de geestelijke Ladder.
Zullen we dan teleurgesteld zijn wanneer we tot de slotsom komen dat we bij
het beklimmen van de geestelijke Ladder, niet de hoogten bereikt hebben, die we dienden te bereiken?  Zullen wij de uiteindelijke vragen tijdens een gewetensonderzoek positief kunnen beantwoorden?
De Grote en Heilige weekWe zijn de afgelopen weken gericht geweest
om tijdens deze korte tijdspanne van
de Grote Vasten ons voor te bereiden op
de vervolmaking en de ziel zoveel mogelijk op
te maken om de gebeurtenissen van het Lijden, sterven en  de Opstanding van onze Heer Jezus Christus, die binnenkort plaatsvinden  te
kunnen gedenken.
Op dit punt aangekomen stellen we ons nog wat laatste vragen:
Heb ik vooruitgang geboekt?
Sta ik wat steviger
[of hoger?] op de geestelijk Ladder dan voorheen?“.
Of kunnen we misschien tot onze verbazing                                                                                       vaststellen dat we toch                                                                                                                             enige spirituele vooruitgang hebben geboekt.
Dan volgt de vraag: “Hoe weet ik vast te houden wat mij deze weken gegeven is?
Hoe richt ik m’n leven zo in dat ik niet opnieuw nalatig zal blijken en
verloren laat gaan wat ik zojuist heb verkregen?
En wanneer we de afgelopen weken geen vooruitgang hebben geboekt,
zullen we dan in staat blijken te behouden wat we voorheen al verkregen hadden?

Easter history, 5 part-icon, russianWe hebben onze hoop op God gevestigd, dat
Hij onze geestelijke vooruitgang zal blijven ondersteunen, zodat we onze strijd kunnen voortzetten en tegelijkertijd onderkennen we
de ernstige twijfels, omdat we onszelf maar al te goed kennen. We kunnen onszelf niet vertrouwen.
Steeds weer opnieuw dienen we ons te verontschuldigen als gevolg van
onze menselijke zwakheid.
Of misschien hebben we onszelf de limiet gesteld dat er geen echte beperkingen zijn.
We kunnen meer doen, maar we willen onszelf niet “overbelasten“.
We vergeten wat er op het spel staat.
We vergeten wat God in Zijn oneindige mededogen, voor ons heeft gedaan.
Onze Heer Jezus heeft Zichzelf voor ons zondaars overgeleverd.
Hij offerde Zijn bloed, opdat wij gezuiverd konden worden, genezen konden worden van onze passies die ons zo gemakkelijk op een zijspoor brengen en
we ons op zondige wegen begeven.

De lezing van vandaagDe lezing van vandaag stelt duidelijk dat
we ons geweten dienen te reinigen.
Het maakt ons  duidelijk dat
redding door het bloed van onze Heer tot ons komt;
Het bloed van Christus, Die
door de eeuwige Geest Zichzelf als een smetteloos Offer aan God gebracht heeft
“.
Hebr.9: 12
Paulus gaat verder met te zeggen dat het bloed van Christus ons geweten aanspreekt en
Heeft kunnen reinigen van dode werken, om de levende God te dienen“.
Hebr.9: 14

Dode werken t.o.v. de Levende God.
We kunnen de Levende God niet dienen met “dode werken”, hetgeen betekent met zonden. Onze zonden maken ons ziek, veroorzaken de ​​dood in ons, maken ons tot een onvolledig mens. Onze dode werken – onze zonden – scheiden ons van God, Hij Die
uit het niets – alles wat bestaat heeft geschapen en nog steeds schept.
Ze stuwen ons in de richting van het ‘niet-zijn’, in de richting van het niets, en
in tegenstelling tot wat de wereld regelmatig oppert, is niets ons meer “menselijk” of
het is “een grotere realiteit”.
Onze dode werken kunnen ons niet tot volledige mens maken.
Ze maken ons onaf, niets waard, ziek.
Ze maken ons ongeschikt om de ware Liefde Die enkel van God komt te ontvangen.
We hebben daarom een schreeuwende behoefte aan spirituele genezing.
Maar dan dienen we ons geweten te reinigen en
te verlangen dat we gezuiverd worden van de resultaten van het kwaad;
dan dienen we eveneens een gezond verlangen op te bouwen
naar dingen die God welgevallig zijn.

De Kerkvaders leren ons dat we ziek worden door de dode werken van de zonden, omdat
onze voorkeur uitgaat naar datgene wat ziekmakend is.
Je zou op z’n minst dienen te onderkennen dat de door ons gekozen weg niet goed werkt.
De Apostel Paulus beschrijft deze ziekte in zijn brief aan de Romeinen,
wanneer hij zichzelf, in nederigheid, de plaats van het treurende toekent en zegt,
Wat ik uitwerk, weet ik niet; want ik doe niet wat ik wens, maar
waar ik een afkeer van heb, dat doe ik
“.
Rom.7: 15
We willen doen wat juist is, maar we vallen iedere keer weer opnieuw omlaag.
Het lijkt er haast op dat onze natuur ons gewoon dwingt om dode werken te doen,
dat we datgene doen wat God onwaardig is.
Onze verlangens zijn ziek. We wensen de verkeerde dingen.
We kunnen deze eigenschap alleen maar overwinnen wanneer we dit bewust bijstellen en
alleen datgene verlangen wat God welgevallig is.

Twee voorbeelden van zo’n ongezonde voorkeur worden ons vandaag in beeld gebracht.
>> De eerste wordt in het Evangelie van vandaag gelezen.
Christus en zijn discipelen zijn op weg naar Jeruzalem.
Nu genieten de discipelen van de drukte om hen heen,
de leraar spreekt tot hen en zij geven Zijn woorden aan ons door.
Christus spreekt over de gebeurtenissen van Zijn Lijdensweg,
hoe in Jeruzalem de hogepriesters en schriftgeleerden Hem zullen veroordelen en
Hem aan de heidenen zullen overleveren, die Hem ter dood zullen brengen.
Maar daarna, zal Hij, op de derde dag, ​​uit de dood opstaan.
De H. Schrift vermeldt dat de discipelen “verbaasd waren“.
Wat is dat, nu, wat Hij zegt? Zou er niet een nieuw Koninkrijk komen?
Zou onze Leraar niet de nieuwe koning zijn, Die
ons zou redden van de tirannie van de Romeinen?
Dood en vervolgens de Opstanding? Wat is dit allemaal?
Niet alleen zegt de H. Schrift dat de discipelen “verbaasd” waren, maar
ook dat ze “bang” waren. Ze konden dit niet bepaald woorden van troost noemen.
Niettemin, en nogal verrassend, horen we van twee leerlingen
– de broers Johannes en Jacobos – die zelfs een ongezond verlangen kenbaar maken.
Ondanks de bovenmaatse woorden die ze hebben allemaal gehoord hebben over
het komende Lijden van onze Heer Jezus, komen ze uit voor een sterk verlangen om
de voorrang boven hun broeder-discipelen te hebben.
In het aards Koninkrijk denken ze dat Christus spoedig zal opstaan,
ze willen de eervolle posities innemen, de één links en de ander rechts van de Meester.
In het Evangelie van Mattheus wordt ons duidelijk gemaakt dat bij deze manier van inbreng het de moeder van de discipelen was die Jezus had gevraagd om een bijzondere ereplaats aan haar zonen te verlenen.          [“Dat nu echt een Joodse moeder” zo heeft een joodse bekeerling tot de Orthodoxie mij ooit verduidelijkt].
De andere tien leerlingen zijn verbolgen wanneer ze kennis nemen dat
de twee de macht over hen zouden willen verkrijgen.

Vóór de roemrijke Opstanding en nog vóór de Neerdaling van de Heilige Geest met Pinksteren, zien we hoe onvolmaakt de discipelen wel niet waren.
We zien wat voor behoefte zij hadden aan de genezing van de ziel.
De Zoon des mensen legt ze echter onverstoord uit wat
het betekent om een ​​dienstknecht van Christus te zijn.
In de wereld is de piramidestructuur bekend welke
met een driehoekvorm wordt aangeduid.
Boven in het midden van de driehoek staan de leidinggevenden.
De managers hebben gezag over de vele ondergeschikten.
Maar boven de managers staan de top-managers en deze senior managers
heersen weer over de managers en zo verder tot de top van de driehoek.
In de kerk wordt deze machtsstructuur echter omgekeerd.
Hier staan de vele ondergeschikten aan de top en
de weinige aan de top bevinden zich hier aan de onderkant, want
Christus zegt: “Wie onder u groot wil zijn, zal aller dienaar zijn“.
Want de Zoon des mensen is niet gekomen om gediend te worden,
maar om dienstbaar te zijn en zijn leven te geven als losgeld voor velen“.
Matth.20: 28; Marc.10: 44,45
Lucas maakt dat duidelijk in de ontmoeting van Martha en Maria met Christus, waarbij er
ook gekozen wordt voor het beste gedeelte.
Luc.10: 40,41
Gedurende de Grote en Heilige Vasten, hebben we het gebed van de H. Ephraïm de Syriër gebeden. “Heer en Meester van mijn leven” en hebben we gebeden, “geef mij niet een geest van heerszucht“. De geest van heerschappij houdt een verlangen in om macht over je broeders uit te oefenen.
Maar Christus leert ons dat christelijke leidinggevenden zichzelf dienen op te stellen als dienaren van hun collega-dienaren.

Daarom zullen wij wanneer onze veeleisende houding is genezen, gaan verlangen wat het beste is voor anderen en niet voor onszelf. “Want ook de Zoon des mensen is niet gekomen om gediend te worden, maar om te dienen …”.

>> Het tweede voorbeeld van een ongezond verlangen wordt ons voorgehouden met
de heilige Maria van Egypte, wiens synaxis wij vandaag vieren.
Heilige Zosimas ontmoet de H. Maria in de woestijn.
Het gebed van de H. Zosimas tot God was dat hem een monnik in het beoefenen van de extreme ascese zou worden getoond die naar de verlichting werd geleid.
Hij vroeg zich af of er geen monnik bestond, die hem
in zijn ascetische inspanning zou hebben overtroffen.
H. Maria van Egypte, vlucht na haar diepgetroffen bekering bij de Kerkdeur de woestijn in om daar een ascetisch leven te gaan leiden.En hier ontmoet hij deze heilige, die leeft alsof ze geen lichaam bezit, die terwijl zij bidt in de lucht zweeft, die door de H. Geest kent vele dingen kent en daardoor helderziend is.
Deze vrouw, die nog niet eens monnik is, wordt
het onverwachte antwoord op zijn gebed.
Hij smeekt haar om haar levensverhaal te vertellen, hoe ze in de woestijn verzeild is geraakt en hoe
het kwam dat God haar bezocht en haar tot een heilige [volwaardig mens, op God gericht] maakte. Was ze ook van een klooster afkomstig? Een maagd die in de woestijn had verbleven vanaf haar jeugd? Wat was haar levensverhaal?

De H. Maria van Egypte waarschuwt de H. Zosimas dat het verhaal betreffende haar verleden niet erg stichtelijk [Verheffend] is. De H. Zosimas is het hier beslist mee oneens.
Hij wil dat hem de waarheid duidelijk wordt gemaakt en hij smeekt haar er zelfs om.

Dan krijgt hij, bijna met tegenzin, het trieste verhaal te horen van het leven dat de H. Maria van Egypte geleid heeft.
We horen hoe ze de vleselijke verlangens van haar tienerjaren volgde, altijd deed wat haar vlees genoegens zou verschaffen, zonder dat ze maar een ogenblik rekening hield met Gods wet.
Hoe meer ze haar verlangens volgde, hoe meer ze probeerde om haar onverzadigbare hartstochten te bevredigen, hoe meer ze probeerde de lusten van haar ziel te vervullen, hoe zieker haar ziel werd.

Later bleven haar ongezonde verlangens haar in haar leven van berouw in de woestijn achtervolgen. Ze benoemt dit als dat ze “gek werd van haar verlangens:
” Geloof me, vader, in de zeventien jaar dat ik in deze woestijn verbleef heb ik als met wilde beesten gevochten – zo was ik van de verlangens en passies doordrongen.
Dus zelf in de troosteloze woestijn werd de H. Maria van Egypte verzocht door ongezonde verlangens die haar tot dode werken aangespoorden,
hoewel ze juist naar de eenzame woestijn was gekomen om de levende God te dienen.
Laat ons eens stil staan hoe ze met haar “gekke verlangens” omging.
Laat ons eens vernemen hoe haar ziel zich omkeerde [Gr. μετάνοια, haar oorspronkelijke levenshouding veranderde]  en zij zich kon verbeteren.

Maar wanneer zulke verlangens in mij opkwamen ik sloeg mezelf op de borst en
bracht mijzelf de gelofte in herinnering, die ik had afgelegd, toen ik de woestijn introk.
In mijn gedachten keerde ik terug naar de icoon van de Moeder Gods [de Theotokos], Die
mij had ontvangen en ik riep haar in gebed toe.
Ik smeekte haar om de gedachten weg te jagen waarop mijn ellendige ziel dreigde te bezwijken.
En na dit lange tijd huilend te hebben volbracht, mijzelf iedere keer weer opnieuw op de borst te slaan, kreeg ik eindelijk licht te zien wat op mij en overal om mij heen leek te schitteren.
En na die hevige storm is er een blijvende rust op mij neergedaald.

Vele jaren lang worstelde de H. Maria van Egypte in de woestijn en riep tot God en de Moeder Gods. Ze huilde en sloeg haar borst.
Ze volgde de heilige profeet Koning David die zegt:
Ik stort mijn gebed uit voor Uw aangezicht;
voor Uw aanschijn klaag ik mijn nood.
Mijn geest ging uit mij heen,
maar Gij, Heer, kent mijn wegen.
Op de weg die ik gaan moest
hadden zij een valstrik voor mij verborgen.
Tevergeefs wendde ik mij naar rechts om een verdediger,
maar er was niemand die mij wilde kennen.
Vluchten was mij onmogelijk;
er was niemand die zich om mijn leven bekommerde
“.
Psalm 141 [142]: 2 -6
En de vrede van God, die alle verstand te boven gaat,
heeft haar hart en gedachten in Christus Jezus behoed
“.
Phil.4: 7
Op deze, op de H. Schrift beschreven manier, werd haar verlangen genezen.
Door zichzelf met geweld aan de H. Geest te onderwerpen,
door haar hart en verlangens voor God en Zijn meest zuivere Moeder uit te storten,
verdween haar verlangen naar dode werken.
– Ze werd genezen, en zij verkreeg datgene wat “goed en verkwikkend is voor de ziel”.
– Ze wenste God met heel haar hart te dienen.
– Ze kreeg zo’n spirituele vooruitgang dat ze los kwam van de aarde en zweefde.
– Ze beklom gestaag de geestelijke ladder [van de H.  Climacos] en twijfelde niet, omdat
ze in haar streven en haar bedoelingen volhardend was gebleven.
– Zij heeft in eenzaamheid geworsteld en zij heeft gevast en gebeden.
– Ze bleef standvastig, want God gaf haar een nieuw verlangen welke haar “bizarre                   verlangens” overtroffen en haar ziekte werd overwonnen.
– Ze werd een nieuwe schepping en verlangde met geheel haar hart, datgene te doen wat       God van haar verlangde.
H Silouan, de AthonietZoals de heilige Silouan de Athonite hierover zegt:
De ziel die zo ver is gekomen om
God volledig te leren kennen,
verlangt niets anders meer en 
wil zich ook niet meer hechten aan alles wat zich op de aarde bevindt;
wanneer je hem een koninkrijk aan zijn voeten legt,
zou hij het niet wensen, want
de Liefde van God geeft zo’n zoetheid en vreugde aan
de ziel, dat 
zelfs het leven van een koning haar niet langer enige zoetheid kan schenken“.
H. Silouan, de Athoniet uitgeverij AXIOS
ISBN 90-72666-03-8

Dus waarom komt het dat we niet die dingen van God                                                                     kunnen aanvaarden zoals het hoort?
Waarom kunnen wij niet toegeven aan het ware en vurig verlangen om
God en onze naaste lief te hebben, om te bidden, te vasten,
te doen wat welgevallig is in de ogen van God ?
Heer. verander mijn hart . . .Waarom komen er niet steeds christelijke gedachten in ons op en doen we dingen waar we later spijt van krijgen?
Kortom, waarom zijn we dan niet in staat
de genezing van God te verkrijgen, waar
we zo naar verlangen?
Ons antwoord zal zeker dienen te zijn dat
we gewoon niet hard genoeg ons best doen.
We dienen een begin te maken.
Neem een voorbeeld aan
de heilige Maria van Egypte hoe zij tot
verandering kwam en hoe zij met haar leven een nieuw begin maakte.
Zij bevond zichzelf in Jeruzalem en zij wenste, in de overvolle menigte die er verzameld was, om alleen nog het Leven-schenkende Kruis van de Heer te aanbidden.
Maar toen ze probeerde de kerk binnen te komen, hield een onzichtbare kracht haar tegen.
Maar ze bemerkte dat ze niet opgaf.

>>> Voor een keer in haar leven maakte zij een goede keuze <<<

Ze wilde het Groot en Heilig Kruis met het Godsvolk aanbidden –
maar hoewel ze het keer op keer probeerde, werd haar de toegang tot de heilige tempel ontzegd. Daarop, bemerkte ze op een icoon de Moeder Gods en smeekte onder tranen:
O Vrouwe, Moeder van God, Die ontstond God het Woord in het vlees ontving,
weet dat ik, heel goed besef, dat er aan mij geen eer of lof valt te behalen.
Ik ervaar mijzelf als ontzettend onrein en verdorven wanneer ik naar uw icoon kijk ,
O aller-zuiverste maagd, die uw lichaam en geest in zuiverheid hadt bewaart om Hem te ontvangen. Terecht doe ik haat en walging opkomen voor het aangezicht van uw maagdelijke zuiverheid.
Maar ik heb gehoord dat God Die in U verwekt werd mens is geworden om
zondaars  tot bekering te roepen.
Kom mij redden, want ik heb geen andere hulp.
Verzorg dat de ingang tot de Kerk voor mij wordt geopend.
Sta mij toe om het eerbiedwaardige Hout, de levensboom, waarop Hij Die in het vlees heeft geleden en waarop Hij Zijn heilige Bloed vergoot voor de verlossing van zondaren en voor mij, onwaardig als ik ben.
Wordt mijn trouwe getuige voor uw zoon, dat ik nooit meer mijn lichaam zal bezoedelen door de onzuiverheid van de ontucht, maar dat ik zodra ik de Boom van het Kruis heb aanschouwd de wereld en haar verleidingen zal af zweren en zal gaan waar Gij mij zult heenleiden
“.
Daarna werd haar verzoek ingewilligd en kon zij de Kerk vrij, zonder tegenwerking betreden. De onzichtbare kracht die haar had tegengewerkt, werkte nu met haar mee.
Ze vereerde het kostbaar Hout van het Kruis met de andere christenen aldaar,
bezocht al de heilige plaatsen van Jeruzalem en vervolgde daarop, versterkt en verrijkt,
haar weg naar haar nieuwe berouwvolle leven aan de overkant van de rivier de Jordaan.

Via Maria van Egypte ontdekken we hoe we in de woestijn van ons leven
een nieuw begin kunnen maken.
We proberen het beter te doen en zullen ongetwijfeld falen.
We vallen en halen onszelf overeind.
call the Theotokos, Iviron icon on a stampMaar om aan de genezing, die afkomstig is van
werkelijke bekering, te beginnen, dienen we
tot God en tot de Allerheiligste Moeder Gods te roepen.
Het is zeer passend om in deze tijd aandacht te schenken aan de Al-heilige, Moeder Gods, de Theotokos, en altijd maagd Maria.
Toen de H. Maria van Egypte in Jeruzalem was, zagen
we hoe gemakkelijk de Moeder Gods het gebed van
Maria van Egypte onder de aandacht van de Jezus bracht.
We zien hoe vaak de H. Maria van Egypte in de woestijn, door de Al-heilige Maagd werd geholpen; hoe iemands gebeden tot Gods troon te laten doorklinken.
Door de voorspraak van de Moeder Gods, werd Maria van Egypte gered van een leven van zonde en verderf.
Zij zal ons ongetwijfeld net zo redden.
De Moeder van God ontfermt zich over ons zondaars.
Hebben de dode werken ons verziekt? Zijn we verdrietig? Zijn we moedeloos?
Hebben we het gevoel dat ons gebed niet wordt gehoord?
Ervaren we problemen met het om een goed verlangen om te bidden op te bouwen?
Zijn wij het die nog altijd in zonde vervallen?
Hebben we iemand nodig om een ​​nieuw begin te maken?
Bij deze genoemde punten, is het hoog tijd om de Moeder Gods aan te roepen!
Ze houdt van de mensen en zorgt voor de meest wanhopige zondaars en
Zij zal met tedere zorg voor u en mij zorg dragen.
En niet alleen de Allerheiligste Moeder Gods, maar ook al de heiligen, de engelen,
onze beschermengel, onze patroonheilige:
allen wachten ons op om ons bij vragen te hulp te snellen.
Dit is hoe we een begin kunnen maken:
<< door God om hulp te vragen via de Moeder Gods en de heiligen >>.
De Moeder van God hielp de heilige Maria van Egypte en Zij heeft mij kunnen helpen en
zal ook jou kunnen helpen. Laten we dat niet vergeten.

Nu de Grote Vasten ten einde loopt dienen we haar unieke mogelijkheid om
ons geestelijk leven opnieuw in te stellen niet uit het oog te verliezen,
want op een dag zal ook ons einde naderen net als voor een ieder van ons hier vandaag.
Het lijkt misschien niet gepast om te praten over een nieuw begin aan het einde van de Grote Vasten, maar vooral in het geval van je eigen geestelijk leven, is het beter laat dan nooit. Het laatste uur van ons leven komt iedere dag een stukje dichterbij.

Apolytikion         tn.8
In U, o Moeder, werd duidelijk gered Gods evenbeeld,
want nadat gij het Kruis aanvaard hebt om Christus na te volgen,
leerde gij door uw voorbeeld om het vergankelijk vlees te verachten,
maar te zorgen voor de ziel die onsterflijk is.
Daarom, o heilige Moeder Maria
verheugt zich uw geest met de Engelen“.

Orthodoxie & verwachtingen

Ik sta aan de deur en Ik klop,- Openb.3: 20Ik zeg u: ‘Bidt en u zal gegeven worden; zoekt en gij zult vinden;
klopt en u zal opengedaan worden.
Want een ieder, die bidt, ontvangt en wie zoekt, vindt en
wie klopt, hem zal opengedaan worden.
Is er soms een vader onder u, die, als
zijn zoon hem om een vis vraagt,
hem voor een vis een slang zal geven?
Of als hij om een ei vraagt, hem een                                                                                                   schorpioen zal geven?
Indien dan gij, hoewel gij slecht zijt, goede gaven weet te geven aan
uw kinderen, hoeveel te meer zal uw Vader uit de hemel
de Heilige Geest geven aan hen, die Hem daarom bidden?’“.
Luc.11: 9-13

Voortdurend worden wij met vragen omgeven:
kinderen vragen hun ouders; ouders stellen eisen aan hun kinderen;
binnenkort zullen studenten, die door  leraren werden bevraagd, zelf door
hun leraren worden overhoord en echtgenoten zullen dit, hetzij besproken of onuitgesproken, op hun manier doen.
Maar al heel vroeg in ons leven komen we tot de ontdekking dat anderen niet aldoor bereid zijn of om onze vele verzoeken heen draaien en ons niet altijd datgene te verstrekken wat we vragen! In feite, leren we in de loop van ons leven heel voorzichtig te zijn over de wijze hoe we iets vragen en wanneer we om dingen vragen,
waarop we vervolgens hopen iets te ontvangen.

van jongs-af-aanWe weten al heel vroeg dat
er zekere grenzen bestaan aan wat we kunnen vragen [en ons verwachtingspatroon aan te passen], want
we leven nu eenmaal in een wereld samen
met sommige zeer gierige en egoïstisch mensen
– welke volledig beïnvloed zijn door
het egocentrisme van de zonde!
Nadat we keer op keer weer afgewezen worden, kunnen we diep gefrustreerd raken en een houding ontwikkelen van; “Waarom zal ik er om vragen?
Ik zal het toch niet krijgen!”
En we meten ons een natuur aan dit soort denken
ook in onze relatie met God te betrekken.

Laat ons de Heer biddenHet gebeurde,
terwijl Jezus op een bepaalde plaats aan het bidden was, dat Hem nadat Hij klaar was,
van Zijn discipelen de vraag kreeg:
Heer, leer ons bidden net
zoals ook Johannes de Doper dit zijn discipelen
geleerd heeft?
“.
Luc. 11: 1
En zoals we weten werd ons toen
het Onze Vader geleerd, welk ons van
Vader op zoon en Moeder op dochter werd doorgegeven.

In deze tijd van boete, behoren wij tot degenen, die boete doen –
wij zijn toehoorders [προς ακρομενοι] een soort boetelingen – ook wel [προς κλαίωντεσ] wenenden/huilenden genoemd.
Zij staan buiten de deuren van de kerken en door oprechte boete [μετανοια] en
in zeer diep berouw [πενθος] trachten zij hun opname of weder-opname te verkrijgen.
deemoedig achterin de kerkAl voor het begin van de vastentijd werd
ons [via de Tollenaar en de Farizeeër] duidelijk gemaakt dat we ons niet godelievender dienden voor te doen dan
de rest van de aanwezige gelovigen; dus vanaf dat moment staan we
heel deemoedig achterin de kerk.
Verlangen naar menselijke roem leidt immers  tot de leugen en deze in nederigheid uitroeien vergroot de vreze Gods in ons hart.
Vlucht derhalve voor dit soort ijdelheden – vlucht niet alleen, maar ontbind ook vroom die slechte vergadering door de herinnering [hypomnêsis] aan de dood en het oordeel er te berde te brengen, want dit is beter dan
dat je wellicht daardoor met ijdele glorie [kenê doxa] besprenkeld wordt, maar dat er op deze wijze voor velen een werkelijke therapeut gevonden wordt.
Huichelarij is immers dikwijls de moeder van de leugen en haar veroorzaker.
Want sommigen definiëren de huichelarij niet anders dan een oefening en
een in de praktijk brengen van leugen met eed erin vermengd en verstrengeld.
Wie de vreze des Heren bezit, leeft gescheiden van leugen [xeniteuô], want
hij bezit zijn eigen geweten als een onomkoopbare rechter.
Een klein kind kent geen leugen, hetzelfde geldt voor een kind Gods, wiens ziel bevrijd is van slechtheid.   Wie door wijn verblijd is zal onvrijwillig in alles de waarheid zeggen en die dronken is van berouw [καντάνυξης] zal niet kunnen liegen.
Leugen is de verdelging van Liefde [αγαπε], meineed de verloochening van God.

Christus werd door de duivel benaderd om ook Hem te verleidenHet tegengestelde van de leugen is
de waarheid,
de mens prefereert te geloven in dat wat waar is en blijkt hij spontaan niet in staat te zijn
te weten wat waar is en wat niet.
Als er geen waarheid is, dan is alles onwaar.
Dan is er geen leven; dan is alles bedrog, hetgeen als de tegenstrever [ο διάβολος]
wordt aangeduid. God maakt ons duidelijk dat gevallen engelen als goden gezien willen worden;
zij die zich hebben gekeerd tegen de heerschappij van de ene ware God en
dat zij zichzelf tot goden en godinnen hebben uitgeroepen.
Deze zgn. goden en godinnen dolen rond in het rijk van de leugen en hebben als doel:
de mensheid te verleiden om hen te vereren en hen te volgen i.p.v. God
Als dan alles wat je als zinvol beschouwt, leugen is; dan is alles wat je vreugde geeft, misleidend. Dan heb je geen toekomst, maar enkel misleiding van jezelf en anderen.
De Trooster, de Geest der waarheid, kan de wereld niet ontvangen, want
zij ziet Hem niet en kent Hem niet
“.
John.14: 17
Wanneer de Geest der waarheid komt, zal Hij u de weg wijzen tot de volle waarheid
John.16: 13
Ik ben in de wereld gekomen, opdat Ik voor de waarheid zou getuigen;
een ieder, die uit de waarheid is, hoort naar Mijn stem
“.
John.18: 37

Jezus leert ons in bovenstaande lezing van Lucas, dat er al grenzen zijn aan wat we
van onze ouders, familie, vrienden en collega’s kunnen verlangen; echter
bij God behoeven wij er geen doekjes om te winden, en
kunnen we onomwonden vragen wat ons op het hart ligt.
Er zijn geen grenzen:
God is de menslievende God [μία από τις σπουδαίες του Θεού] en
zal er alles aan doen om  het gebed van Zijn kind te verhoren –
Ik, de Heer, zal hen verhoren;
Ik, de God van Israël, zal hen niet verlaten
“.
Is.41: 17

Neem een voorbeeld uit het Oude Verbond!
Sodom Gomorra, posterAbraham vroeg God om de ontzettend zondige mensen van Sodom en Gomorra te sparen – en hij vroeg dit niet gewoon een keer, maar zes keer!
Merk op dat Abraham zeer verontschuldigend was om God ‘zo vaak’ te vragen, maar God heeft nooit aangegeven dat Hij het zat was zijn verzoeken aan te horen.

Wanneer Jezus ‘discipelen Hem opnieuw
in het gebed gadeslaan, vragen zij hem
wanneer Hij daarmee klaar is:
Heer, leer ons bidden …” [en] Jezus zei tot hen:
Wanneer jullie bidden, zeg dan:
Vader, Uw Naam worde geheiligd; Uw Koninkrijk kome;
geef ons elke dag ons dagelijks brood; en vergeef ons onze zonden, want ook wijzelf
vergeven een ieder, die ons iets schuldig is en leid ons niet in verzoeking
“.
Luc 11: 2-4
Gods Zoon Zelf leert ons dit gebruik van twee zéér vèr-strekkende illustraties
waarop Hij aantoont,
1.]. dat Hij menslievend is en
2.]. Hij ons gebed zal verhoren.

Πάτερ ημώνJezus heeft dus op verzoek van de Apostelen
dit gebed als voorbeeld meegegeven, hetgeen
door ons meestal het “gebed des Heren” wordt genoemd,
ik geef er evenwel de voorkeur aan dit het “gebed voor de leerlingen” te noemen om een onderscheid te maken met het Hoog-Priesterlijk gebed als “gebed des Heren“, dat
staat vermeld in Johannes 17.
Het ‘Onze Vader’ is nimmer als voorbeeld gegeven om
– gedachteloos, vóór en ná tafel  te worden opgelepeld en Jezus geeft ons:
wanneer gij bidt, ga in uw binnenkamer,
sluit uw deur en bid tot uw Vader
in het verborgene; en uw Vader,
Die in het verborgene ziet, zal het u vergelden.
En gebruikt bij uw bidden geen omhaal van woorden, zoals de heidenen;
want zij menen door hun veelheid van woorden verhoord te zullen worden.
Wordt hun dan niet gelijk, want God uw Vader weet, wat gij van node hebt, eer gij Hem bidt

Matth.6: 6-8;
als een duidelijke gebruiksaanwijzing mee.
Vermits dit gebed in rust en aandacht wordt gebeden is
het een goed kader om de communicatie met de Vader aan te geven;
het is daarom door de Kerkvaders onlosmakelijk aan de inleidingsgebeden verbonden.

De formulering van het van het “Onze Vader” van Lucas is echter niet degene
welke we in onze diensten gebruiken.
De meer liturgische formulering en evenwichtiger gebedsvorm van Mattheüs 6
heeft de voorkeur gekregen:
Πάτερ ημών Κατά τους ΠατέρεςOnze Vader die in de Hemelen zijt,
Uw Naam worde geheiligd;
Uw Koninkrijk kome; Uw wil geschiede, gelijk
in de hemel alzo ook op de aarde
Geef ons heden ons dagelijks brood;
en vergeef ons onze schulden,
gelijk ook wij vergeven onze schuldenaren; en
leid ons niet in verzoeking, maar verlos ons van de boze
“.
[P. Want van U is het Koninkrijk en
de kracht en de heerlijkheid in der eeuwigheid. Amen. ]

Deze gebedsformulering wordt onmiddellijk gevolgd door de gelijkenis van de Vriend om middernacht.
Deze vorm geeft ons belangrijke aanwijzingen                                                                                  voor ons dagelijks gebed en                                                                                                                   de gelijkenis leert ons in dit gebed te volharden.
De gelijkenis van de Vriend te middernacht is een
van de twee grote gelijkenissen over het gebed
– de andere is de weduwe en de onrechtvaardige rechter uit Lucas 18: 1-8.
Deze laatste komt ook alleen maar in het Evangelie van Lucas voor.

deurklopperWie van u zal een vriend hebben,
die midden in de nacht bij hem komt en tot hem zegt:
Vriend, leen mij drie broden, want
een vriend van mij is op zijn reis bij mij aangekomen en ik heb niets om hem voor te zetten; en
dat dan hij, die binnen is, zou antwoorden en zeggen:
Val mij niet lastig, de deur is reeds gesloten en mijn kinderen en ik zijn naar bed;
ik kan niet opstaan om ze u te geven.
Ik zeg u, zelfs al zou hij niet opstaan en ze geven, omdat hij zijn vriend was, om zijn onbeschaamdheid zou hij opstaan en hem geven, zoveel hij nodig heeft.
En Ik zeg u:
Bidt en u zal gegeven worden; zoekt en gij zult vinden;
klopt en u zal opengedaan worden.
Want een ieder, die bidt, ontvangt en wie zoekt, vindt en wie klopt,
hem zal opengedaan worden
“.
Luc.11: 5-10

Betekenis van deze gelijkenis
volhardend op de deur blijven kloppen
Als een volhardend verzoek
om te middernacht drie broden te verkrijgen van een onwillige buurman, dan
zullen onze oprechte gebeden toch zeker Onze Vader ‘s volledige aandacht hebben en zullen we op
het juiste moment Zijn antwoord verkrijgen.
De gelijkenis openbaart God ‘s karakter van
een liefhebbende Vader Die onze vragen hoort en
onze volhardende situatie in het gebed kent.

Inzicht in deze gelijkenis
Sommige gelijkenissen zijn bedoeld om met elkaar te vergelijken om ons inzicht te geven.
Bijvoorbeeld de gelijkenis van de schat verborgen in                                                                       het veld, [met behulp van de vergelijking woord “als,                                                         gelijk aan “] wordt het koninkrijk vergeleken met een schat.
Het Koninkrijk der Hemelen is gelijk aan een schat, verborgen in een akker,
die een mens ontdekte en verborg, en in zijn blijdschap erover
gaat hij heen en verkoopt al wat hij heeft en koopt die akker
“.
Matth.13: 44
God is in Zijn goedheid niet zoals de onwillige buurman, maar
tot oneindig veel meer bereid.
Hij is niet zoals de onrechtvaardige rechter die door de aanhoudende weduwe, die
het hem moeilijk maakt [Luc.18: 1-8], maar
zal volledig liefdevol en oprecht op onze gebeden ingaan.
Daarom is God in deze gelijkenis in contrast met een onwillige buurman geplaatst.
De buurman is terughoudend om zijn vriend te beantwoorden en
geeft hem wat hem gevraagd wordt, maar alleen omdat
de buurman volhardend is zal hij capituleren en
geeft hem het brood dat hij vraagt.
God, daarentegen, is tot veel meer bereid.
We behoeven hem niet onder druk te zetten;
Hij is onmiddellijk bereid ons wanneer we bidden te antwoorden, al
is het alleen maar de rust die het òns schenkt dat
wij onze zorgen bij Hem hebben opgedragen.
Als zelfs de onwillige buurman het verzoek zal beantwoorden,
kunnen wij er heel zeker van zijn dat God ons vroeg of laat zal antwoorden.
Als we maar volharden in het gebed.

Ook al is de buurman terughoudend en
zou hij niet opgestaan zijn ​​en geven wat gevraagd wordt.
De buurman is een vriendelijk iemand en gaat nochtans in op het volhardend verzoek . . . .
Hoe krachtig is onze aanhoudende druk op elk gebied van
onze inspanningen en hoe belangrijk.
Vanwege de zo bekende jong-aangeleerde volharding wordt veel in deze wereld bereikt.
Goed beschermd, door waterwerkenDoorzettingsvermogen zoals we die op het gebied van weg- en waterbouw in Nederland kennen heeft ons in de gehele wereld bekend gemaakt. Volharding werkt hierbij als koolstof op ijzer,
het vormt een stevige stalen constructie.
Het doorzettingsvermogen wordt verlangd van
de man die om middernacht iets van zijn buurman gedaan wil krijgen.
In het Grieks wordt volharding gedefinieerd
met zelfgenoegzaamheid [άναίδεια].
Bij ons wordt gesproken van “opdringerigheid” of “vrijmoedigheid”.
Je zou ook het aspect van schaamteloosheid aan toe kunnen voegen bij het vertalen άναίδεια het
niet beschaamd zijn om te vragen
aandacht aan het probleem te vragen“.
Een “dwingende verzoek“; een aanvraag als een claim of gunst, die
nog wordt aangewakkerd met een lastige frequentie of hardnekkigheid.
Mannen zijn veelal gevoelig en worden soms overwonnen door
de opdringerigheid van hun vrouw of kinderen.
Het resultaat zal dan weinig discussie oproepen.

De kracht van vriendschap.
Vriendschap is inderdaad krachtig, maar niet krachtig genoeg om deze buurman te doen opstaan; alleen de mens z’n vasthoudendheid doet wonderen.
Dus de aanhoudende druk van de kant van degene die vraagt
​​is nog krachtiger dan vriendschap.
Ik zeg dan ook al zou hij niet opgestaan zijn ​​en hem niets hebben gegeven; echter omdat hij zijn vriend is zal hij vanwege het doorzettingsvermogen zijn opgestaan en zal hem zoveel gegeven hebben als hij nodig had. In tegenstelling tot zijn eigen onwil en zelfs tegen zijn beter weten in,  bezwijkt de buurman en geeft degene die zijn nachtrust onderbreekt zo veel als hij nodig heeft.

God is echter meer bereid dan die buurman
Polyeleos Cover
Het is echter zeker niet zo dat God
dient te worden aangesproken om
onze gebeden te verhoren.
Druk uitoefenen is echt niet vereist.
God is niet terughoudend, zelfs niet voor maar een beetje.
God is niet zoals ‘s-mensenvriend.

1.]. God heeft de mens lief en
de bereidheid om onze gebeden te horen en te beantwoorden is krachtiger dan
de vriendschap welke via deze buurman wordt aangetoond.

Immers degene “die vraagt, ontvangt; en wie zoekt, vindt; en
wie klopt, zal het worden opengedaan
“.
Luc.11: 10
2.]. God is altijd wakker en gaat nooit naar bed.
Hij is altijd bij ons aanwezig en is er altijd al geweest.
Hij heeft de mens veel beloofd en Hij houdt Zijn Woord.
Zie, Hij zal niet sluimeren noch slapen,
de Bewaker van Israël
“.
Psalm 121: 4
3.]. We behoeven niet hard op de deur te bonken om te worden gehoord.
Hij hoort zelfs een zwakke kreet; luister dus naar Zijn stem.
God, verhoor mijn smeking; geef acht op mijn gebed.
Van de uiterste grenzen van het land heb ik tot U geroepen, toen mijn ziel benauwd  was;
Gij hebt mij te Petra verheven.
Gij hebt mij geleid, want Gij zijt mijn hoop,
een sterke toren in het gezicht van de vijand
“.
Psalm 60: 1-3

God is bereid in plaats van terughoudend te zijn; ons met klem te roepen, te zoeken en te blijven kloppen. Hij geeft ons nooit voorafgaande excuses zoals:
Mijn deur is vergrendeld of ik lag al op bed.
Elke ogenblik van de dag kunnen we bij Hem terecht – zelfs in de donkerste momenten van ons leven kunnen wij bij Hem terecht – Hij zal er zijn.
Als we God benaderen, zelfs al is het in het middernachtelijk uur,
de donkerste tijd van ons leven – Hij zal er zijn.

Je zult bij jezelf te rade dienen te gaan:
Heb ik zelf het gebed niet te gauw opgegeven1.]. Heb ik het gebed niet te gauw opgegeven?
Nemen we elke dag wel de tijd om een “gesprek” met de Allerhoogste in te plannen,
om Hem op te zoeken, om tot Hem te benaderen?
Hij belooft immers:
Nadert tot God en Hij zal tot u naderen“.
Jac.4: 8
2.]. Hebben we niet vergeten waar we voor hebben gebeden – nog voor het antwoord tot ons is gekomen? Een goede manier om ons bij de les te houden in Zijn trouw aan ons in het gebed
kan zijn een ​​soort herinneringsboekje bij te houden.
Zo werden er tot voor kort, dyptiek-boekjes bijgehouden waarin de namen werden vermeld voor welke personen we allemaal wilde bidden, zowel de levenden als de overledenen.
Saint Marc, Ebbo Gospels3.]. Zijn we wel zo toegewijd aan het gebed?
Weest blijde in de hoop, geduldig in de verdrukking, volhardend in het gebed, bijdragend in de noden der heiligen, legt u toe op de gastvrijheid.
Zegent wie u vervolgen, zegent en vervloekt niet.
Weest blijde met de blijden, weent met zij die wenen. Weest onderling eensgezind, niet zinnende op hoge dingen, maar voegt u in het eenvoudige.
Weest niet eigenwijs.
Rom.12-16
Dit zal beslist enige tijd en moeite kosten.
De resultaten zijn echter de moeite waard.
De tijd nemen om dagelijks te bidden en vooral
in de vroege ochtend zal vruchten voortbrengen.
Maar het nemen van voldoende tijd is de sleutel.
Immers, het kost tijd om het hart van de mens op te richten, om de rommel van het leven af te leggen en een duidelijke verbinding met de Heer op te bouwen.
God hoort ons en we horen dan tevens wat Hij zegt.
Het Woord van God [het lezen van de H. Schrift] toont ons vaak Zijn antwoord in schriftelijke vorm en de Heilige Geest spreekt dan eveneens tot ons hart.
hindoeïstische gebedsmolens in het Labrangklooster in AmdoLet echter op het feit dat we
niet vervallen in een hersenloze herhaling.
We kunnen dit proces niet automatiseren als bij de onjuiste opvattingen van
de hindoeïstische gebedsmolens.
We sturen God immers ook geen e-mailtjes
– het gaat om de persoonlijke benadering,
de relatie die je in het gebed opbouwt.
Beter weinig woorden recht uit je hart dan een hele reeks opgedreunde gebeden uit het gebedenboek;
Gebruikt bij uw bidden geen omhaal van woorden, zoals de heidenen;
want zij menen door hun veelheid van woorden verhoord te zullen worden.
Wordt hun dan niet gelijk, want
God uw Vader weet, wat gij van node hebt,
eer gij Hem bidt
“.
Matth.6: 7-8
God is niet een machine of een wensput, waar je alles maar in kwijt kunt.
God verleent ons een geweldige mogelijkheid om Zijn aanwezigheid te ervaren en
is belangstellend naar onze behoeften en de behoeften van anderen.
We dienen dit niet te misbruiken en evenmin te verwaarlozen.
Laat ons in Zijn tegenwoordigheid verblijven en
Hem van aangezicht tot aangezicht trachten te ontmoeten.
Ons hart dient gericht te zijn op: “Heer, leer mij te bidden“.
Vraag de Heilige Geest je daarin te begeleiden.
Bespreek alles en laat de absoluut onbelangrijk dingen buitenwegen.
en toon Hem je dankbaarheid door Hem onophoudelijk te bedanken
voor alles wat wij tenslotte via Hem berkregen hebben.

Ter afsluiting van de gelijkenis van de Vriend te middernacht
zegt onze Heer, de Zoon van God en geeft een drievoudige vermaning
met een drievoudige belofte van vervulling:
the path to Sanctity - saint Isaac, the SyrianEn Ik zeg u:
Bidt en u zal gegeven worden;
zoekt en gij zult vinden;
klopt en u zal opengedaan worden.
Want een ieder, die bidt, ontvangt en wie zoekt, vindt en wie klopt,
hem zal opengedaan worden
“.
Laten wij daarom met vrijmoedigheid opgaan tot de Troon der Genade,
opdat wij barmhartigheid ontvangen en te gelegener tijd Genade vinden om hulp te verkrijgen
“.
Hebr.5: 16

Orthodoxie & het Licht ontwaren

Moeder Gods van het TekenVroeger waart gij in duisternis, maar
thans zijt gij licht in de Heer;
wandelt als kinderen van het Licht,
– want de vrucht van het Licht bestaat in louter goedheid, gerechtigheid en
waarheid en toetst wat de Heer welbehaaglijk is.
En neemt geen deel aan de onvruchtbare werken van de duisternis,
maar ontmaskert ze veeleer, want het is zelfs schandelijk om te noemen, wat
heimelijk door hen wordt verricht;
maar als dat alles door het Licht ontmaskerd wordt, komt het aan de dag; want
al wat aan de dag komt is licht.
Daarom heet het:
Ontwaak, gij die slaapt, en sta op uit de doden, en Christus zal over u lichten.
Ziet dus nauwlettend toe, hoe gij wandelt, niet als on-wijzen, doch als wijzen,
u de gelegenheid ten nutte makende, want de dagen zijn kwaad.
Weest daarom niet onverstandig, maar tracht te verstaan, wat de wil des Heren is.
En bedrinkt u niet aan wijn, waarin bandeloosheid is, maar wordt vervuld met de Geest,
en spreekt onder elkander in psalmen, lofzangen en geestelijke liederen, en
zingt en jubelt de Heer van harte, dankt te allen tijde in de naam van onze Heer
Jezus Christus God, de Vader, voor alles en
weest elkander onderdanig in de vreze van Christus
“.
Eph.5: 9-21

Zonsopgang bij De Haukes, WieringenOp zekere dag werd ik vroeg in de ochtend wakker en keek naar de zonsopgang.
De schoonheid van Gods schepping is
echt niet in woorden te vatten.
Terwijl ik keek,
prees ik God voor Zijn prachtige werk.
Terwijl ik daar zat,
ervoer ik de aanwezigheid van de Heer.

Hij deed bij mij de vraag opkomen: “Hou je van me?“.
Ik antwoordde: “Natuurlijk, God! U bent mijn Heer en Verlosser!“.
Toen stelde Hij
“En wanneer je lichamelijk gehandicapt zou zijn, zou je dan nog van me houden?“.
Ik was zichtbaar verrast, ik ben namelijk meer dan 50% doof, dus
misschien hoor ik daarom beter wanneer ik niets hoor, maar het ging verder.
Ik keek neer op mijn armen, benen en de rest van mijn lichaam en
vroeg me af hoe veel dingen welke ik niet meer zou kunnen doen,
de dingen die ik gewoon was te kunnen doen, zoals dit schrijven op de site.
En ik antwoordde:
Het zou me zeer moeilijk vallen Heer, maar ik zou nog steeds van je houden“.
Toen zei Hij:
En als je nu ook nou blind zou zijn, zou je dan nog van Mijn schepping houden?“.
Hoe kon ik van iets houden zonder het te kunnen zien?
Toen dacht ik aan alle blinde mensen in de wereld en
hoeveel van hen nog steeds God en Zijn schepping hielden.
Dus ik antwoordde:
Het is moeilijk om mij dit voor te stellen en te aanvaarden,
maar ik zou nog steeds van Je houden“.
gehoor probleemDe Heer vroeg me daarop “En als je nu
eens helemaal doof zou zijn,

zou je dan nog mijn Woord
kunnen aanvaarden?
“.

Het zou voor mij een zware klap zijn, hoe kon ik dan, als totaal doof zijnde, luisteren?
Toen begreep ik het.
Luisteren naar Gods Woord is niet alleen
het gebruik van onze oren,
maar het draait om ons ons hart, in hoeverre dat met God verbonden is.
Ik antwoordde:
Het zou mij ontzettend zwaar vallen,
maar ik zou nog steeds naar Uw woord luisteren“.

Daarop stelde de Heer mij de vraag:
En als je nu ook nog eens stom zou zijn,
zou je dan nog steeds Mijn Naam prijzen?“.
Hoe kon ik nu loven zonder stem, zonder geluid voort te brengen?
Maar ook nu bedacht ik:
God wil ons dat we vanuit ons hart en ziel zingen.
Het doet er niet toe, al is het vals als een kraai, wat we tot Zijn Lof voortbrengen.
God te prijzen gebeurd niet altijd met een liedje, maar
zelfs wanneer we vervolgd worden, geven we God de eer die Hem toekomt en
brengen een woord van dank voort.
Dus, antwoordde ik, “Hoewel ik fysiek niet zou kunnen zingen,
zou ik nog steeds van harte Uw Naam bezingen en bejubelen als
mijn Heer en Koning“.
En daarop volgde de vraag,
Comboskini2Denk je echt onophoudelijk aan Mij?
Met moed en een sterke overtuiging, antwoordde ik dapper,
Ja, Heer! Ik hou van U, want U bent de Enige en Ware God!“.

Ik dacht dat ik goed geantwoord had, maar daarop stelde God de vraag,
Waarom bega je dan telkens misstappen, verval je in zonde?“.
Ik antwoordde:
Ik roep vanuit m'n emotie tot de Heer, Die mij steeds gedenkt, de verloren zondaarOmdat ik ook maar een mens ben.
Ik ben echt niet vlekkeloos
“.

Waarom ben je dan in periode
van vreugde zo ver van Mij verwijderd?
En waarom bid je alleen in tijden van nood
om ontferming?
“.
Ik kon geen antwoord over mijn lippen krijgen,
er viel een grote stilte;
de tranen schoten me in de ogen.
De Heer vervolgde:
Waarom wordt er alleen in volle zalen en
bezinningsbijeenkomsten gezongen;
waarom zoekt men Mij alleen in tijden van aanbidding;
waarom worden mij alleen dingen uit zelfzuchtigheid gevraagd;
waarom wordt er zo trouweloos met Mij om gegaan?“.

De tranen bleven over mijn wangen rollen.
Waarom ben je om Mijnentwil beschaamd?
Waarom ben je niet actief in het verspreiden van de Blijde Boodschap?
Waarom huil in tijden van vervolging om anderen terwijl
Ik hen Mijn schouder aanbiedt om op uit te huilen?
Waarom verzin je iedere keer excuses wanneer
Ik je de kans bied om Mijn in Mijn naam te dienen?

Christ Pantocrator, [detail] Chilandar, Athos [Gr.]Ik probeerde te antwoorden,
maar hierop was geen antwoord te geven.
Ik heb jullie gezegend met het leven.
Ik heb je niet voortgebracht
om dit geschenk weg te gooien.

Ik heb je gezegend met talenten
om Mij te dienen, maar je blijft je afwenden.

Ik heb Mijn Woord aan jou geopenbaard,
maar je hebt er geen kennis van genomen.

Ik heb tot je gesproken, maar je oren waren gesloten.
Ik heb je Mijn zegeningen laten zien,
maar je ogen waren afgewend.

Ik heb je Mijn dienaren gestuurd, maar
je bleef werkloos toekijken, toen je ze had weg geduwd.
                                                              Ik heb je gebeden gehoord en                                                                                                                 heb er allemaal aandacht aan geschonken“.

“HOU JE ECHT WEL VAN ME?”

Ik kon niet antwoorden. Hoe kon ik?
Ik schaamde me niet met m’n gehele hart, m’n gehele ziel, m’n gehele wezen te geloven.
Ik had geen excuus. Wat kon ik zeggen?
Toen mijn hart het had uitgeschreeuwd en al m’n tranen waren vergeven,
kon ik alleen nog maar uitbrengen,
Vergeef me Heer. Ik ben onwaardig om Uw kind te zijn“.

De Heer antwoordde:
Mijn Genade is U genoeg [2Cor.12: 9], Mijn kind“.
Ik vroeg me af: “Waarom blijft U mij vergeven? Waarom houdt U nog van me?“.
De Heer antwoordde:
Omdat je Mijn schepping bent. Jij bent Mijn kind.
Ik zal je nooit in de steek laten.
Als je huilt, zal Ik medeleven hebben en met je mee huilen.
Wanneer je juicht, zal Ik met je mee lachen.
Wanneer je in de put zit en het niet meer ziet zitten, zal Ik je aanmoedigen.
Als je valt, zal Ik je doen opstaan.
Als je moe bent, zal Ik je dragen.
Ik zal met je zijn tot het einde der dagen en
Ik zal altijd van je houden
“.

BiechtNog nooit heb ik ergens zo hard om gehuild.
Hoe kan ik zo afstandelijk en koud zijn?
Hoe kon ik zo afwijzend doen ten opzichte van God?
Ik vroeg God: “Hoeveel heeft U wel niet van me gehouden?“.
De Heer strekte Zijn armen, en
ik zag Zijn verminkte Lichaam.
Ik boog neer aan de voeten van Christus, mijn Verlosser.
En voor de eerste keer, heb ik echt gebeden.