Orthodoxie & ieder vogeltje zingt zoals het gebekt is

De open en eerlijke gedragshouding

vogeltje, merel, zwartrokHoe staat het er dan voor, mijn broeders?
Telkens wanneer je samenkomt,
heeft ieder wel iets:
een Psalm of een lering of een openbaring of een uitspraak of uitlegging;
dat alles dient tot fundament te geschieden.
Indien er een uitspraak of uitlegging wordt gedaan, laten het er twee, ten hoogste drie zijn, ieder op zijn beurt, en laat hen
een uitleg geven.
Is er echter niemand die het kan uitleggen, dan
dient in de gemeente gezwegen te worden, maar
tot zichzelf en tot God spreken.
Wat de profeten betreft, twee of drie mogen het woord voeren, en
de anderen dienen dit te beoordelen.
Maar indien aan een ander, die daar gezeten is,
een openbaring ten deel valt, dient de eerste zwijgen.
Want gij kunt alleen een voor een profeteren, opdat
allen lering en allen hierdoor aangemoedigd worden in het ware Geloof.
En de geesten der profeten zijn aan de profeten onderworpen, want
God is geen God van wanorde, maar van vrede.
Zoals in alle gemeenten der heiligen dienen de vrouwen in de gemeenten zwijgen;
want het is haar niet vergund te spreken, maar
zij dienen ondergeschikt te blijven, zoals ook de wet zegt.
En wanneer zij iets te weten willen komen, dienen zij
thuis haar mannen om opheldering vragen; want
het staat lelijk voor een vrouw te spreken in de gemeente.
Of is het woord Gods bij u begonnen? Of heeft het alleen u bereikt?
Indien iemand meent een profeet of geestelijk mens te zijn, laat
hij dan wèl weten, dat hetgeen ik u schrijf, een gebod des Heren is.
Maar als iemand hiermede niet rekent, dan wordt met hem niet gerekend.
Zo dan, mijn broeders, streeft ernaar te profeteren, en
belemmert het doen van uitspraken of uitleggingen niet.
Laat dit alles betamelijk en in goede orde geschieden
“.
1Cor.14: 26-40

Apostle Paul, by Aidan HartLaat alle dingen open en eerlijk,
niet betamelijk, maar regulier verlopen
“.
1Cor.14: 40
Nadenken over de samenkomst met
eer aan God in apostolische tijden,
gebeurde zo schrijft Johannes Chrysostomos
in de late vierde eeuw:
Want van oudsher werden
Psalmen gebruikt als Genadegave en
werden ze gebruikt ter lering als ware het
een geschenk van boven . . . . .
“.
Dit wordt nog versterkt door met het volgende
om de betekenis van de woorden in
de tekst van Paulus aan de Corinthiërs te verduidelijken:
H. Johannes de Theoloog gaat namelijk een stap verder:
Laat allen slechts op één ding letten . . . . .
de correctie van de naaste:
laat daarbij niets over aan een willekeurige inval.
Want gij zult uw broeder geen aantijgingen doen, wanneer
niet allen er lering aan ontlenen . . . .
Een ding baart mij slechts zorgen, een ding is slechts mijn verlangen,
om 
alle dingen te doen met het vooropgesteld doel dat allen ervan zullen leren“.
Johannes Chrysostomos, preek 36 over 1Corintiërs.

Toren van David in het avondroodZachtmoedige bijeenkomsten, zoals die in Corinthe, ontbrak het aan achtergrond en
ervaring in de verheerlijking zoals die bekend was in de Joodse synagoge.
We weten dat de vroegchristelijke liturgieën meer instructie omvatten en met meer spontaniteit werd uitgevoerd dan
we in de Kerk van vandaag tegenkomen.
Chrysostomos onderkent deze minder gestructureerde vorm als
een belangrijk kenmerk van de “vroegchristelijke, Orthodoxe tijd“:
Want in de Waarheid van de kerk was tevens het Hemels Koninkrijk aanwezig,
de volheid van de Geest betreffende alle dingen en
werd de Almacht van God als door iedere voorganger op hen overgebracht en
werden voorgangers geacht alléén door God te worden geïnspireerd
“.

Helaas vond de aanbidding in Corinthe en ook in andere apostolische tijden
niet altijd plaats onder leiding van die H. Geest.
De Apostel Paulus voelt zich daardoor in zijn brief gedwongen om
basisregels en richtlijnen op te stellen voor de wijze waarop
gesproken of geschreven werd met
als enig doel de inhoud van dergelijke gebeurtenissen
te richten op de opbouw, ter lering aan allen.
1Cor.14: 27-31

In een reactie op de eredienst in zijn tijd te Antiochië, gaat Chrysostomos nog verder:
Maar nu houden we alleen de symbolen van die gaven.
Daarom wanneer we met spreken of schrijven beginnen, reageren mensen,
‘op uw geest’, wat aangeeft dat van ouds het gebruik is om te schrijven en te spreken,
niet op grond van hun eigen wijsheid, maar bewogen door de H. Geest . . . . .
Maar nu dient men bij géén enkele niet de unanimiteit te onderscheiden, maar eerder hoe groot de strijd overal woedt.
‘Vrede uitstralen’ zelfs nu, ‘om allen’ die
u in de Kerk voorgaat tot gebed aan te zetten . . . . .”
“Maar in de naam van deze Vrede wordt regelmatig gesproken,
de realiteit is echter vèr te zoeken . . . . .
Groot hier is het tumult, de verwarring geweldig en in onze samenstelling verschillen we
in niets van de winkel van een wijnhandelaar, zo luid wordt er gelachen,
zo groot is het verschijnsel van de onrust; zoals bij het baden, zoals op de markt,
het geroep en tumult is niet van de lucht“.
Hier zien we echte oorzaak van de wanorde in de Kerk!
De stoornis in de Kerk waarop Chrysostomos zinspeelt,
hetgeen ook in de huidige orthodoxe gemeenschappen plaatsvindt, zoals
elke gewone kerkbezoeker wel weet.

Metropoliet Athenagoras van het orthodoxe aartsbisdom van België en exarch van Nederland en Luxemburg - Visit to Constantinople (June 22, 2013)We treffen nog steeds onoplettendheid,
eigenzinnigheid en wanorde aan, waarbij
zelfs geestelijken, onze bisschoppen de noodzaak zien
hun ondergeschikten vanaf het Ambon aan te spreken,
priesters te berispen, maar ook diakens, zangers of
zelfs de gehele gemeente.
Deze Apostolische principes zijn ook vandaag de dag nog van kracht!

De vermaningen van Paulus zijn voor alle christenen van toepassing:
Laat alle dingen worden gedaan voor tot opbouw, tot lering ten goede
1Cor.14: 26,
Opdat allen ervan leren en allen erdoor kunnen worden aangemoedigd“.
1Cor.14: 31
Laten we eens kijken wat we zoal tijdens de eredienst tegenkomen.
Ontbreekt in ons gebed de lof een eer aan Christus, onze Heer?
Heeft de publicatie van onze gegevens
opwekking van onze broeders in het Geloof tot gevolg?
Heb ik mezelf niet overgegeven aan zelfverheerlijking, afleiding,
of onder ons gezegd hedonisme, zinnelijke begeerte,
leuk doen onder elkaar ten koste van de ander,
zet ik de ander niet bewust op het verkeerde been?

De Apostel Paulus meent te weten dat ware spirituele mensen
zichzelf weten te beheersen ten opzichte van collega’s, de geestelijkheid en God.
En de geest van de profeet is aan de Profeten.
Want God is niet de grondlegger van chaos, verwarring, maar
van Vrede, zoals dat in al de gemeenschappen dient te zijn
“.
1Cor.14: 32, 33
Dus, “laat alle dingen open en eerlijk en in de goede volgorde geschieden”
1Cor.14: 40,
opdat onze ogen en harten kunnen worden verlicht!

??????????Heer onze God, red uw volk en zegen uw erfdeel.
Bewaar de volheid van Uw Kerk.
Heilige hen die de schoonheid van Uw Huis liefhebben.
Verheerlijk hen daarvoor met Uw goddelijke kracht en
verlaat ons niet die op U hopen.
Want van U is de Macht en aan U is het Koninkrijk en
de Kracht en de Heerlijkheid:
Vader, Zoon en Heilige Geest,
nu en altijd en in de eeuwen der eeuwen.  Amen
“.
slot 1e kleine litanie,
Goddelijke Liturgie
Johannes Chrysostomus

Psalmen op basis van Waarheid samengesteld – Schuilen doe je bij de Heer, Psalm 10 [11]

Christus, de mens geworden Wijsheid Gods, zegent; icoon Bernard FrinkingIk vertrouw op de Heer,
waarom zeg je dan tot mijn ziel:
Vlucht op de bergen, als een vogel?
Want zie, zondaars hebben hun boog gespannen en
hun pijlen gereed gemaakt,
om bij donkere maan de oprechten van hart te doorboren.
Want wat Gij had opgebouwd hebben zij verwoest;
wat kan de rechtvaardige doen?
De Heer is in Zijn Tempel;
tegelijk heeft de Heer Zijn Troon in de Hemel.
Zijn ogen zien neer op de arme;
Zijn blik onderzoekt de kinderen van de mensen.
De Heer onderzoekt de gerechte en de goddeloze:
wie onrecht liefheeft, haat zijn eigen ziel.
Hij doet strikken regenen op de zondaars:
vuur, zwavel en storm is hun aandeel.
Want de Heer is rechtvaardig,
Hij heeft de gerechtigheid Lief:
naar oprechtheid richt Hij Zijn aanschijn“.
Psalm 10 [11], vert. klooster Den Haag

Vogels, vlieg toch weg naar de bergenHoe kunnen jullie nu zeggen:
Vogels, vlieg toch weg naar de bergen!

Wanneer de poten onder
je stoel weggezaagd worden,
wat kun je dan als rechtvaardige nog doen?
Nu dient het gigantisch probleem te worden overwonnen, anders wordt de voortgang
van onze weg belemmerd.
Is het mogelijk dat de fundamenten van je religieus leven worden vernietigd?
Blijft God zo lang sluimeren, ja, duurt een stoorzender zo lang, is
een dergelijke ineenstorting wel zo geduldig te verdragen?
– Wanneer Hij toeziet, geeft God toch Zijn erfdeel niet aan totale vernietiging over,
waar blijft dan Zijn alwetendheid, Zijn Almacht?
– Wanneer Hij dit aanziet en niet te hulp schiet, waar is dan Zijn Almacht?
Wanneer Hij dit aanschouwt, kan Hij toeschieten en ons bijstaan en
zal dan Zijn Menslievendheid en Genade niet openbaar worden?
Martha zei tot Jezus:
Heer, indien Gij hier geweest was, zou mijn broer niet gestorven zijn.
Ook nu weet ik, dat God U geven zal al wat Gij van God begeert
“.
John.11:21,22
Maar velen zullen zeggen:
Zo God krachtdadig in de wereld aanwezig was geweest met Zijn Almacht,
dan was het fundament niet onder de wereld weggehaald, was niet zo aan ons lot overgelaten.
Dit is een negatieve [humanistische] benadering, het is namelijk onmogelijk dat
de religieuze fundamenten van de religie uiteindelijk totaal uit de samenleving verdwijnen,
hetzij voor de Kerk, het Lichaam van Christus in z’n algemeen of
tot iedere ware gelovige en levend lid van die Kerk.
Wij beschikken namelijk over de uitdrukkelijke belofte van Christus:
De poorten van het dodenrijk zullen haar niet overweldigen“.
Matth.16: 18
En voor ieder afzonderlijke christen geldt:
Toch staat het hechte fundament Gods met dit merk ongeschonden:
De Heer kent de zijnen, en:
een ieder, die de Naam van de Heer aanroept,
wordt de ongerechtigheid gebroken
“.
2Tim.2: 19

Mystical icon of the Church1.]. Wanneer ze de fundamenten niet kunnen vernietigen, is het niet dankzij hun onvermogen, de gehele wereld zal het zien en getuigen dat zij haar uiterste best heeft gedaan, wat  hun macht en gemoedsaandoening wel niet kan uitvoeren.

2.]. In hun eigen hoogmoedige verbeelding: kunnen ze niet alleen tevergeefs roemen, maar ook werkelijk het idee hebben dat
ze de fundamenten hebben vernietigd.
In dit geval denk ik aan de wijze waarop de Romeinse keizer ingreep:
En het geschiedde in die dagen, dat
er een bevel uitging van keizer Augustus, dat
het gehele Rijk moest worden ingeschreven.
Deze inschrijving had voor het eerst plaats,
toen Quirinius het bewind over Syrië voerde
“.
Luc.2: 1,2
Zie je het voor je gebeuren, Sadam, die het bewind voert over Syrië en
dhr. Erdogan, die in Zijn land een vrede met de Koerden niet voor zich ziet zitten.
Vladimir Putin weet met één veto de gerechtigheid in de wereld de das om te doen.
De gehele wereld, de VN en de NAVO zien toe!
Maar de stijlfiguur is niet gewoon maar een figuur, maar is in gewone taal gezegd een trotse einzelgänger; want dit soort figuren beroepen zichzelf er inderdaad op de gehele wereld in pacht te hebben . . .

3.]. Zou het fundament wel kunnen worden vernietigd als een voor allen uiterlijk zichtbare Leven-schenkende verschijning?
De Kerk in de vervolging is gelijk een schip in een storm; breken al haar masten, ja, soms
want vanwege hogere snelheid zijn ze gedwongen te bezuinigen:
niet een stuk doek wat speelt met de wind, geen zeilen te zien; deze liggen opgerold en omgord aaneen op de kiel, opdat de storm minder vat op de Kerk kan hebben, maar
wanneer de storm voorbij is, zal men de zeilen weer hoog in de mast [torens] kunnen opheffen en hun zeilenpracht weer kunnen tonen als ooit tevoren.
De kerk vreest geen tijd van vervolging, maar ervaart deze vooral, verloor alle aantrekkelijkheid  en dapperheid die de ogen van de toeschouwers zouden kunnen aantrekken en verleiden en legt zichzelf qua inhoud geheimhouding op.
In een woord, gedurende de dagen waarop in ellende hard gewerkt wordt, trekt zij haar slechtste kleren aan, terwijl haar zondagse, beste in haar kast zijn gelegd, in de vaste en zekere overtuiging dat God haar een heilige en gelukkige dag zal bezorgen,
wanneer zij met vreugde weer haar best kledingstukken zal dragen.
In haar melancholie past, ten slotte dat vooral haar beste heiligen en dienaren Gods in de hun omringende jaloerse vrees het loodje kunnen leggen en terzijde worden geschoven.
Hun voorbeeld is geen kleintje, geen nietige, maar een ster van de eerste orde en de grootste in uitmuntendheid, zelfs Elia, ja zelfs deze grote Profeet klaagde:
Ik heb zeer geijverd voor de Heer, de God der heerscharen, want de Israëlieten hebben Uw Verbond verlaten, Uw altaren omvergehaald en Uw Profeten met het zwaard gedood, zodat ik alleen ben overgebleven en zij trachten mij het leven te benemen“.
1Kon. 19: 10

  • De kerkganger, de stilzwijgende minderheidDeze psalm is een antwoord op
    een stilzwijgende bezwaar dat sommigen
    zou kunnen verheffen; namelijk dat
    de rechtvaardigen hun inzet tonen om
    voor zichzelf opkomen.
    Door hun eigen gemak en inactiviteit
    [niet datgene durven te doen als ze zouden kunnen en moeten], verraden zij zichzelf vanuit een slechte gesteldheid.
    In wiens verdediging toont David, dat als God in Zijn Wijsheid en welbehagen er
    passend op toe ziet, om redenen die op z’n best kunnen worden teruggebracht tot termen van extremiteiten, waarbij
    bekend is dat de geloofsovertuiging aan zichzelf te lijden, niet bij machte is
    de Macht van de Hoogste aan te roepen en vervolgens zelf tot herstel te komen.• “Wat God heeft opgebouwd hebben zij verwoest;
    wat kan de rechtvaardige doen?
    “.
    Psalm 10 [11]: 3
    Deze tekst is doordrongen van rouw, als voor een begrafenis toespraak, die zegt:
    Wanneer de fundamenten onderuit zijn gehaald?“.
    1.]. Het veronderstelt een overtuigende diep trieste situatie
    2.]. Er wordt een trieste vraag gesteld: “Wat kan de rechtvaardige doen?
    3.]. Het benadrukt eveneens het trieste antwoord, namelijk dat
    we gewoon niets kunnen doen, dan terugkeren naar
    de oorspronkelijke vormgeving van de Kerk teneinde
    als herstel aan de wederopbouw te beginnen.
  • Het burgerlijke fundament van een volk of mensen tezamen wordt namelijk
    gevormd door hun wetten en grondwetten; dat
    vormt de orde en macht die onder hen is.
    Dat is het fundament van een volk en wanneer deze eenmaal worden weggevaagd, wat
    kan de rechtvaardige mens dan doen?
    Wat kan de beste, de wijste in de wereld, in zo’n geval ondernemen?
    Wat kan iemand doen, wanneer de overheid de mensen in de kou laat staan?
    Er is in een dergelijk geval geen hulp noch antwoord, maar
    enkel maar datgene wat volgt in:
    De Heer is in Zijn heilige Tempel, de Heer,
    Die Zijn troon heeft in de hemel.
    Zijn ogen zien neer op de arme;
    Zijn blik onderzoekt de kinderen der mensen

    Psalm 10: 4, alsof God heeft bevolen:
    Alle grondvesten van de aarde wankelen en worden geschokt“.
    Psalm 81: 5 ;
    ''Zijn ogen zien neer op de arme'', de mens [David] met harpMaar Zijn ogen zien neer op de arme;
    Zijn blik onderzoekt
    de kinderen der mensen
    De Heer onderzoekt
    de gerechte en de goddeloze;
    wie onrecht liefheeft, haat zijn eigen ziel.
    Hij doet strikken regenen op de zondaars: vuur, zwavel en
    storm is hun aandeel.
    Want de Heer is rechtvaardig,
    Hij heeft de gerechte lief:
    naar oprechtheid richt Hij Zijn aanschijn
    “.
  • De rechtvaardigen zullen voor onbepaalde tijd gelijk zijn aan de Rechtvaardige.
    Niet alleen de rechtvaardige als een enkele pijl, maar een gehele bundel pijlen;
    niet alleen de rechtvaardigen in hun persoonlijke doen en laten, maar
    in hun verenigd samenwerken, de Kerk, Zijn Lichaam.
    Waren ze allemaal verzameld in één Lichaam, het Lichaam van Christus,
    dan worden alle rechtschapen en leven ze met hun neus in de wind,
    allen dezelfde kant op en worden herschapen tot één georganiseerd gebeuren.
    Dan is hun gezamenlijke zwoegen niet langer vruchteloos
    en worden gevallen fundamenten hersteld.
    Laat Uw hand mij verlossen Heer,
    want ik heb U gekozen.
    Heer, ik verlang naar Uw verlossing;
    en Uw Wet is mijn overweging.
    Mijn ziel leeft om U te loven,
    want Uw Oordelen helpen mij.
    Ik ben afgedwaald als een verloren schaap:
    zoek Uw dienaar, want Uw Geboden heb ik niet vergeten
    “.
    Psalm 118 slot''Als de Heer het huis niet bouwt'', de blindgeborene• “Als de Heer het huis niet bouwt,
    dan zwoegen de bouwlieden vergeefs.
    als de Heer de stad niet bewaakt,
    dan is doelloos het hoeden van de wachters.
    Nutteloos is het om vroeg op te staan,
    gij die het brood der zorgen eet.
    Staat op nadat ge zijt uitgerust,
    wanneer Hij slaap schenkt aan Zijn geliefden.
    Zie, het erfdeel van de Her zijn kinderen:
    vrucht van de schoot is het loon.
    Zoals de pijlen in de hand van een krijgsman,
    zijn de kinderen van de uitgestotenen.
    Zalig hij, die met hen zijn verlangen vervult;
    zonder schaamte spreekt tot zijn vijanden in de stadspoort
    “.
    Psalm 126 [125]
    de Kerk als Bruid van ChristusWanneer de mens als bewijs Gods werk niet uitvoert,
    zal God het werk in Zijn eentje, op Zijn Nek nemen;
    zal Hij in de naam van de Vader en de Zoon en de heilige Geest,
    Zijn Leven-schenkend Kruis dragen.

9e week na Pinksteren – Orthodoxie & Het Lichaam van Christus, onophoudelijk trouw aan het verkregen Geloof

Mystical icon of the ChurchEr is een verscheidenheid aan activiteiten, maar
het is dezelfde God, die in alles werkt“.
1Cor.12: 6
De éénheid van de Kerk, het Lichaam van Christus,
is een vooropgesteld doel

Paulus keert in deze passage terug naar deze zorg.
Hij roept op tot éénheid en richt zich hierbij op
twee bijzondere kwesties, die verdeeldheid oproepen:
de onzorgvuldigheid bij het avondmaal [1Cor.11: 31-32]
de onwetendheid over de gaven van de Heilige Geest [1Cor.12: 1-6].

De apostel wil de Corinthiërs te herinneren aan de eenheid door hen herhaaldelijk
te benoemen in familiale termen als “wij” [1Cor.11: 31-34] en “broeders” [1Cor.11: 33; 12: 1]. Tegelijkertijd maakt hij duidelijk dat eenheid een waar geschenk is van Godswege.
2.]. Vervolgens identificeert hij zeven manieren waarop de Heer werkt
om ‘de ware eenheid’ onder hen te bereiken.

De Apostel Paulus spreekt van Gods daden en daarmee benadrukt hij dat
een coöperatieve reactie van ons uit noodzakelijk is om de gave [Genade] van
de Heer te vervolmaken.
God maakt vandaag de dag net zoveel gebruik van onze eigen reacties
als Hij dat deed in de eerste eeuw en met hetzelfde doel:
‘de opbouw van de gemeenschap in Zijn Lichaam, de Kerk’.

1.]. Paulus herinnert ons eraan dat
Wanneer we onszelf zouden beoordelen,
wij niet door God geoordeeld zouden worden
” [1Cor.11: 31].
Wanneer we onszelf open en eerlijk, met Gods hulp, beoordelen,
wenden we ons op natuurlijk wijze tot Hem, als Vader en belijden we onze zonden
in een poging onze eigen geestelijke gezondheid te herstellen.
God is getrouw om te vergeven en te genezen [1John.1: 9] en
in dit proces ondervinden we dat we niet worden veroordeeld.
Onze relaties met onze medechristenen profiteren daar dan van,
want zelfonderzoek en zelfoordeel slechten de barrières tussen ons.

2.]. Door het oordeel van God over ons heen te laten komen,
worden we eraan herinnerd dat Hij ons tevens kastijdt.
We ons mogen verheugen in de beproevingen als
een Genadegave van de Liefde des Heren [Psalm 89: 17] terwijl
we er verzekerd van kunnen zijn dat we
niet met de wereld veroordeeld zullen worden“.
1Cor.11: 32
Degenen, die de Heer liefheeft, die kastijdt Hij en
Hij geselt ieder kind, dat Hij aanneemt
“.
Hebr.12: 6
Veracht jezelf in Gods Naam“, zo zegt Saint Isaäc de Syriër,
en zonder dat je je ervan bewust bent,
zal je Glorie vergroot worden
“.
Gods Genade werkt voor de nederige
in gemeenschap met de beproeving.

3.]. De Apostel herinnert ons eraan dat
we nog steeds slaven van stomme afgoden zijn,
zoals we ons voor onze doop gedroegen [1Cor.12: 2].
Alleen door de werking van de Heilige Geest worden we in staat gesteld om
te zeggen dat Jezus onze Heer en Verlosser is” [1Cor.12: 3].
Afgoderij verdeelt ons, maar in Christus Jezus,
zijn we verenigd en worden we één gemaakt.

Leven uit Genade4.]. God doet ons eenheid toekomen door ieder afzonderlijk lid van de Gemeenschap afzonderlijk bepaalde Genade te schenken.
We zien een rijke diversiteit aan dergelijke geschenken in elke gemeenschap [1Cor.12: 4].
Sommige zijn behept met de Genade van herder, andere zijn catecheet, sommigen hebben de Gave van het woord,
Zijn Apostelen [Eph.4: 11];
sommige vermanen anderen, die richting nodig hebben,
anderen hebben de middelen om vrijelijk Genade rond te strooien,
geven ijverig leiding en sturen bij, of zijn behept met vrolijkheid [Rom.12: 8].
Deze door God gegeven capaciteiten maken het Lichaam van Christus tot één geheel.

5.]. God moedigt de eenheid aan door diverse ploegen te laten ontstaan [1Cor.12: 5].
Priesters worden aangesteld om de gemeenschap in aanbidding als één Lichaam naar behoren te besturen. Onze bisschoppen en hun plaatselijke dekens worden aangesteld om toezicht te houden op het werk van de vele voorgangers en de gemeenschappen van het begin af aan
te verzekeren van de Ware Eenheid tussen hen en Christus.
We zien dit rijke en naadloze tapijt van Gods Werk
zich met sommige onderbrekingen verspreiden
over vele landen wereldwijd.

katoenen tapijt met Pauw ontwerp, uit de 'hippie'-tijd,  handgemaakte decor - kunst voor aan de muur uit 19836.]. De Kerk is een tapijt wat
met een verbazingwekkende verscheidenheid aan activiteiten wordt uitgerold [1Cor.12: 6].
Onze goede God beheert het gehele Lichaam van Christus met liefdevolle Zorg,
spint ons samen met koorden van Liefde en weeft ons samen tot een imposante reeks,
soms met strubbelingen, maar na overwinning van tekortkomingen, overeenkomstig
Zijn wil.

7.]. Tenslotte, worden we eraan herinnerd dat,
hoewel God werkt door eenlingen, Zijn inspanningen voor degenen voor wie en namens wie Hij  arbeidt [1Cor.12: 6]
– voor iedereen en voor allen Winst oplevert [1Cor.12: 7].
Mag ik nimmer voor mijzelf leven, maar
voor U, mijn Meester en Weldoener
“.
Gebed na het ontvangen van de Communie.

Onophoudelijke Zorg
Er mag geen verdeeldheid voorkomen in het Lichaam, maar. . .
de leden dienen één en dezelfde zorg voor elkaar te hebben
“.
1Cor.12: 25
De Kerk is een organische gemeenschap waarbij onderling afhankelijkheid eenheid smeedt,
zoals de Apostel het besefte en zoals het vandaag de dag nog steeds bestaat.
Tot nu toe heeft de Apostel de term “Lichaam van Christus” nog niet gebruikte om
de onderlinge afhankelijkheid van de leden van de Kerk te beschrijven.
Zoals hij het hart van zijn vermaning elkaar lief heeft weergegeven, identificeert hij
de Kerk als het Lichaam van Christus teneinde de noodzaak van wederzijdse zorg te benadrukken.
De gelovigen te Corinthe roept hij tot deze noodzakelijke zorg op en gebruikt daarbij
de analogie van het menselijk lichaam.
“Het lichaam is één” en toch “heeft het vele leden” [1Cor.12: 12].
Hij breidt de analogie uit tot de Heer: “zo ook Christus”.
1Cor.12: 12

de Kerk als Bruid van ChristusOmdat hij overeenkomstig redeneert, zou je verwachten dat
hij doorgaat met de woorden “dus ook de Kerk“.
Maar de Heilige wordt aangetrokken door
het Mysterie van de Kerk als het Lichaam van Christus.
De noodzaak voor leden binnen de Kerk om
zorg voor elkaar te hebben vloeit voort uit ons diepste wezen, de verbondenheid in het Lichaam van Christus.
Paulus bedoelt dit niet als onstoffelijk, maar hij onderwijst vanuit
zijn ervaring van het gedeelde lidmaatschap in Christus.
Het is mogelijk om
een ​​soort christologie te overwegen waarin Christus . . .
niet in Zichzelf als een individu kan worden opgevat.
Wanneer we beweren dat Hij de Waarheid is . . .
bedoelen we Zijn relatie met Zijn lichaam, de Kerk, onszelf . . . . .
We bedoelen een persoon en niet een individu;
we bedoelen een relationele werkelijkheid. . . .
Hier is het de Heilige Geest niet Degene Die ons helpt bij
het overbruggen van de afstand tussen Christus en onszelf,
maar Hij is de Persoon van de Drie-eenheid Die Zichzelf daadwerkelijk
in de geschiedenis realiseert waar wij Christus benoemen . . . . .
Christus bestaat niet eerst als waarheid en dan als gemeenschap;
Hij is beide tegelijk
“.
uit Metropoliet John Zizioulas, “Being as a Communion”, blz. 110-11

In onze ervaring van deze levende gemeenschap, herkennen we Jezus, de Christus niet
eerst als Iemand die bestaat en vervolgens later als de vele leden, waaruit Hij bestaat.
Hij staat voor ons bekend als één door Zijn vele leden, allemaal op hetzelfde moment.
Uit deze ervaring, die door de Heilige Paulus alom bekend is geworden,
komt zijn bewering dat
het Lichaam in feite niet één lid is, maar velen“.
1Cor.12: 14

Merk op dat de apostel geen onderscheid maakt tussen
een fysiek menselijk lichaam en het Lichaam van Christus.
Zijn uitspraken zijn eveneens op beiden van toepassing.
Als hij spreekt over de voet, het oor, en het oog [1Cor.12: 15-17],
weten we heel goed dat hij spreekt over de leden van de Kerk en
niet slechts over de delen van een menselijk lichaam.

Alle leden van de Kerk, het Lichaam van Christus zijn even belangrijk en
inderdaad dus even vitaal, in de zin van het dragen van het Leven.
Een heer, of dame in het zwart is niet beter dan Zijn Meester.
... voorbij bezorgdheid en voorbij angst, 'Laat in je hart de Liefde en Vrede van Christus heersen, want daartoe bent u geroepen als de leden van één lichaamLaten we onszelf voor ogen houden
elk lid van de Kerk dusdanig te beschouwen en te behandelen als noodzakelijk om het Leven als geheel
in stand te houden, als een geëigend deel van de onderlinge werkelijkheid van
de gemeenschap van het Lichaam van Christus.
Wanneer we dit anders benaderen
hakken we het lichaam in stukken en
brengen we het leven van de Kerk om zeep.
Om al deze redenen is onze wederzijdse zorg
broodnodig [1Cor.12: 21-22].
Ieder onderdeel van het lichaam verdient de eer,
hoe onaantrekkelijk we in termen van menselijke beoordelingen ook kunnen zijn [1Cor.12: 23].
Dat is Gods oog gericht op de lamp van het christelijk hart [1Cor.12: 24].
Er kan geen onderscheid gemaakt worden in het Lichaam van Christus,
waarin Zich de Heilige Geest heeft gehuisvest!
Alle ware [1Cor.12: 26] “leden dienen dezelfde zorg voor elkaar hebben“,
waar zou anders het lichaam zijn” [1Cor.12: 19]?
Wanneer één lid lijdt, lijden alle leden mee,
als een lid geëerd wordt [ontvangt],
delen alle leden in de vreugde“.
1Cor.12: 26; worden geen buitenstaanders op een openingsreceptie uitgenodigd.
Christus, Die de Heilige Geest over Zijn heilige Apostelen gezonden heeft en
de gehele wereld verlicht, ontferm U ook over ons en verlos ons
want Gij zijt goed en hebt de mensen lief
“.
Vespers, maandag na Pinksteren

Onophoudelijk streven naar Liefde
Geloof, Hoop en Liefde
En nu blijven Geloof, Hoop en Liefde, deze drie;
maar de grootste van deze is de Liefde
“.
1Cor.13: 13 -14: 1
De apostel legt ons de Evangelische Liefde, de Blijde Boodschap uit en vereenzelvigt dit met de agape [αγάπη], een liefde die eeuwig duurt,
als de opening tot alle deugden, de grootste.
Hij gebiedt ons “de Liefde“, dan ook “na te streven
Cor.14: 1
Wat is de essentie van deze bijzondere Liefde, die
we dienen na te streven?
We weten dat het goddelijke is, want
“God is liefde” [1John.4: 8] en
Christus onze Verlosser is de vleesgeworden Liefde.
Paulus gebiedt ons dat wij Deze Liefde na streven. Waarom?
De Heer Jezus maakt ons dit Zelf duidelijk:
Wanneer je van Mij houdt, dan onderhoud je Mijn geboden“.
John.14: 15
Hij herinnert ons aan de uitroep:
De eerste van al Mijn geboden is:
‘Hoor, Israël, de Heer onze God is één Heer.
Gij zult de Heer uw God liefhebben uit geheel uw hart,
uit geheel uw ziel en met geheel je vermogen
‘”
Marc.12: 29-30 en Deut.6: 5

Zo is de Liefde welke de apostel ons gebiedt na te streven
de Heer, Jezus Christus Zelf, “Die ons het eerst heeft liefgehad“.
1 John.4: 19
Laten we bewust aandacht besteden aan Paulus woorden die
Hij met betrekking tot de liefde op een rijtje zet; Hij herinnert ons eraan dat
ze voortkomen uit hetgeen onze Verlosser onze menselijke natuur voorhoudt.
We leren van de Liefde van God [Christus, de menslievende]
hoe we Lief dienen te hebben, door de Liefde boven alles na te streven,
zoals Hij ons mensen boven alles Lief heeft.

Gij allen, die als de Heilige-Johannes-de-Doper, in Christus zijt bekleed . . .1.]. De Liefde is “lankmoedig” [1Cor.13: 4].
Paulus begint als heilige niet alleen door
de liefde alleen maar te beschrijven.
Integendeel, zoals we uit zijn geschriften opmaken,
is deze beschrijving een opdracht:
Bekleed u dan met [Christus] Liefde, als
door God uitverkoren heiligen en geliefden,
door innerlijke ontferming, goedheid, nederigheid, zachtmoedigheid en geduld
“.
Kol.3: 12
We maken dikwijls de fout van de meedogenloze dienaar die
de lankmoedige toegeeflijkheid van zijn heer ontvangt, maar dit nalaat, het niet aan anderen kan doorgeven [Matth.18: 23-34].
Liefde is “verdraagzaam zijn, zonder voor boos te worden, als enig in zijn soort” [1Cor.13: 4].
Met andere woorden, “Geef [toe] aan het goddelijke/zalige van de broederlijke liefde en
de vriendelijkheid van de Broederlijke Liefde.
Want als deze dingen bezit en in jou in overvloed aanwezig zijn,
zul je daarmee vrucht dragen . . . in de kennis van onze Heer Jezus Christus
“.
2Petr.1: 7-8
Laten we ons gedragen als kinderen van de Allerhoogste.
Want Hij is goed jegens de ondankbaren en bozen [kwaadwilligen],
wij dienen barmhartig te zijn, gelijk onze Vader barmhartig [genadig] is“.
Luc.6: 35-36
Liefde, is niet jaloers2.]. De Liefde “is niet jaloers” [1Cor.13: 4].
Het oorspronkelijke Griekse woord ‘ζηλεύω’ wordt weergegeven met “afgunst” en
deelt dezelfde wortel als ‘Laat ons niet zijn als broers van Jozef’ [Gen.37: 8, 18-20],
“jaloezie”, ζήλια.
Want het begeren van het vlees gaat in tegen de Geest en dat van de Geest tegen het vlees – want deze staan tegenover elkaar
– zodat gij niet doet wat gij maar wenst.
Indien gij u echter door de Geest laat leiden, dan zijt gij niet onder de wet.
Het is duidelijk, wat de werken van het vlees zijn: ontucht, onreinheid, losbandigheid,
afgoderij, toverij, veten, twist, afgunst, uitbarstingen van toorn,
zelfzucht, tweedracht, partijschappen, nijd, dronkenschap, brasserijen en dergelijke,
waarvoor ik u waarschuw, zoals ik u gewaarschuwd heb, dat
wie dergelijke dingen bedrijven, het Koninkrijk Gods niet zullen beërven“.
Gal.5: 17- 21
Je dient te accepteren wat je overkomt. ook je verleidingen.

Na het groepje negatieve raadgevingen somt de Apostel ons
op welke wijze we lief dienen te hebben.
1.]. We dienen onszelf nooit “op te blazen” of onszelf “op de voorgrond te plaatsen
voordat we een ander als véél beter naar voren hebben geschoven;
in plaats daarvan dienen we naar zelfvernedering te streven [1Cor.13: 4].

2.]. Liefde gedraagt zich “niet onbeleefd” maar
zegt gewoon vriendelijk waar het op staat
[1Cor.13: 5].
We hebben minder zorg voor onze eigen behoeften, gaan
een eventuele berisping/vernedering niet uit de weg en
zoeken onophoudelijk naar manieren om
in de behoeften van anderen [de gemeenschap] te voorzien, zoals
God ons het ons aangeeft, ons meevoert.

3.]. Liefde “is ook niet provocerend” [1Cor.13: 5].
We weigeren boos en geagiteerd te geraken als onze “rechten” worden geschonden.
Wanneer we ons volledig hebben onderworpen aan Jezus Christus, onze Heer,
behoren alle rechten slechts aan Hem toe.
Bij de doop zeggen we:
Ik buig me neer voor de Vader en de Zoon en de Heilige Geest“.
Bij de verschillende wijdingen wordt gezegd:
Maak deze dienaar sterk in de Dienst aan Uw Kerk, opdat
hij in rechtvaardige arbeid vrucht moge dragen,
welgevallig aan Uw Goedheid.
Gij Zelf Heer, bewaar hem in alle zuiverheid, opdat hij
het Geloofsmysterie met een rein geweten moge bewaren.
Maak dat hij een voorbeeld mag zijn voor allen die met hem dienen
“.
Wanneer we dan op de rechterwang worden geslagen,
keren wij de ander tevens de andere wang toe
“.
Matth.5: 39,
zodat wij telkens opnieuw tot onze laatste ademtocht toe  getroffen kunnen worden.
Liefde “heeft geen kwaad in de zin” [1Cor.13: 5];
laten we geen puntentotaal bijhouden, maar een nuchtere benadering hanteren!
Laten we niet vergeten:
Wanneer je dan je gaven naar het altaar brengt en
je daar herinnert, dat je broeder iets tegen je heeft,
laat je gave dan daar, voor het altaar en ga eerst heen,
verzoen je met je broeder en kom en offer daarna je gave“.
Matth.5: 23-24;
maar ga niet achter z’n rug met je familie tot in tranen toe
zitten verhalen,  hoe erg je wel aan iemand geleden hebt.

Liefde betekent “Jezelf niet verheugen in ongerechtigheid” [1Cor. 13: 6],
maar dat je de waarheid en je eigen doen en laten – duidelijk onder ogen ziet.
Omdat Christus namelijk de Waarheid is [John.14: 6] en
omdat wij als Zijn Lichaam alleen op Hem vertrouwen,
het kwaad uit de weg gaan en er
onafgebroken naar streven goed te doen.

alles is afkomstig van de hand van de HeerLaten we alles wat ons overkomt
dragen alsof het afkomstig is van de hand van de Heer en
wij zullen in staat zijn om “alle dingen weten te verdragen” [1Cor. 13: 7].
De liefde vergaat nimmermeer;
maar profetieën zullen afgedaan hebben;
tongen zullen verstommen;
kennis zal afgedaan hebben
” [1Cor. 13: 7]
In Christus kunnen we nooit falen!
Ik beschik over géén Leven, géén Licht, géén Vreugde,
géén Kracht en géén Liefde behalve in U,
Gij, Die de mensen liefhebt
“.
Archimandriet Sophrony Sacharov
Iedereen mag hopen dat er ooit een dag zal komen, dat
hij zal mogen meewerken met Gods Genade,
op een heel andere manier dan die waaraan
hij gewend was in het begin van zijn geestelijke ervaring.
God Zelf is voortdurend met Zijn Werk, met ons, bezig en
wij zijn alleen Zijn Instrumenten.
Voor een goed instrument volstaat het
de werking van God,
in zich te ontdekken en te onderscheiden en
er volop aan mee te werken.

Orthodoxie & volharding

Orthodoxe kerk oud-ontmoet-nieuwWij weten niet eens hoe wij behoren te bidden“, zegt Paulus en “de schepping wacht,
reikhalzend verlangend, op het openbaar worden van de zonen van God
“.
Heel de natuur, heel de schepping,
zucht en kreunt in barensweeën.
Wij zuchten over ons eigen lot, omdat wij gevangen zitten in
onszelf, in onze eigen drukke bedoeningen.
Maar soms is daar, zonder dat wij erop verdacht zijn
het zuchten van de H. Geest, Zij zucht in ons met
onuitsprekelijke verzuchtingen.

Want de schepping is aan de vruchteloosheid onderworpen, niet vrijwillig, maar
om [de wil van] Hem, die haar daaraan onderworpen heeft, in hoop echter, omdat
ook de schepping zelf van de dienstbaarheid aan de vergankelijkheid
bevrijd zal worden tot de vrijheid van de heerlijkheid van de kinderen Gods.
Want wij weten, dat tot nu toe de gehele schepping in
al haar delen zucht en in barensnood is.
En niet alleen zij, maar ook wij zelf,
wij, die de Geest als eerste gave ontvangen hebben,
zuchten bij onszelf in de verwachting van het zoonschap:
de verlossing van ons lichaam.
Want in die hoop zijn wij behouden.
Maar hoop, die gezien wordt, is geen hoop, want
hoe zal men hopen op hetgeen men ziet?
Indien wij echter hopen op hetgeen wij niet zien,
verwachten wij het met volharding.
En evenzo komt de Geest onze zwakheid te hulp; want
wij weten niet wat wij bidden zullen naar behoren, maar
de Geest zelf pleit voor ons met onuitsprekelijke verzuchtingen.
En Hij, die de harten doorzoekt, weet de bedoeling van de H. Geest, dat
Hij namelijk naar de Wil van God voor heiligen pleit
“.
Rom.8: 18-27

Heel de natuur, heel de schepping, zucht en . . .
de Geest, de Roeach [רויעך] van God
De Blijde Boodschap, de Schrift spreekt over de Geest,
de Roeach [רויעך] van God, als
over Zijn Kracht, Die over de [oer-]chaos zweeft.
De levenskracht van God doordringt al
wat leeft en vernieuwt het aanschijn van de aarde.
Maar als God Zijn Aangezicht afwendt;
dan worden wij verbijsterd.
God ontneemt ons de adem en wij bezwijken:
Wij keren terug tot het stof waaruit wij genomen zijn.
Gij echter zendt Uw Geest uit en wij worden herschapen:
God maakt nieuw het aanschijn van de aarde
Psalm 103 – begin van de Vespers

Wanneer de levensgeest wijkt en alles dood lijkt,
komt de H. Geest Gods weerom teneinde
te herscheppen wat ten onder dreigt te gaan.
Indrukwekkend wordt dit verbeeld in het visioen van Ezechiël,
Lees het maar eens na in Ezechiël hoofdstuk 37,
waar de Geest Gods de dode beenderen weer aaneen voegt en
nieuw leven inblaast.

Over alle vlees zal God Zijn Geest uitstorten“,
zegt de andere profeet Joël:
Want zie, in die dagen en te dien tijde, wanneer
Ik een keer zal brengen in het lot van Juda en van Jeruzalem,
zal Ik alle volkeren verzamelen en afvoeren naar het dal van Josaphat en
Ik zal aldaar met hen in het gericht treden ter
oorzaak van mijn volk en van mijn erfdeel Israël, dat zij onder de volken verstrooid hebben,
terwijl zij mijn land verdeelden en
over mijn volk het lot wierpen en
een jongen gaven voor een ontuchtige en een meisje verkochten voor wijn,
opdat zij konden drinken.
En voorts, wat wilt gij van Mij, gij Tyrus en Sidon en alle landstreken van Filistea?
Wilt gij Mij vergelding bewijzen?
Maar indien gij het Mij vergelden wilt,
snel, ijlings zal Ik de vergelding op uw eigen hoofd doen nederdalen.
Want gij hebt mijn zilver en mijn goud weggenomen,
mijn kostbare schatten naar uw tempels gebracht en
de kinderen van Juda en van Jeruzalem hebt gij verkocht aan de Ioniers, om
hen ver van hun gebied weg te voeren

Joël 3: 1-6

De term 'geest' is in de Blijde Boodschap verwant met de stam van 'adem, blazen, wind', welke woei over de wateren.De Geest van God waait over jong en oud, over ziek en gezond,
over vrije mensen en mensen die
uitgebuit worden.
De Geest doorzeeft [ademt] met
Haar Kracht al wat leeft.
Wanneer we het Nieuwe Testament                 doorvorsen, zien we dat de Geest Gods iedere stap van Jezus begeleidt.
Voortdurend is er de H. Geest,                                                                                                               Die ook Hem voortstuwt.
Bij Zijn heengaan belooft Hij Zijn volgelingen, dat
Hij Zijn Geest zal zenden Die voor hen een Trooster zal zijn en
hun zal ingeven wat zij moeten zeggen wanneer
zij vervolgd worden omwille van het Rijk Gods.
Scheppend, herscheppend, bevrijdend, ruimte gevend en verlossend
werkt de H. Geest in de Blijde Boodschap, Die wij
in Zijn Geest mogen ontvangen.
De Genade van de H. Geest trekt door alle leven.
Onze Heer en Verlosser wil Zijn volgelingen niet verweesd achterlaten,
Hij zal hun een Helper sturen, Iemand Die voor hen ten beste zal spreken,
Iemand Die vredebrenger genoemd wordt.

God zegent Zijn Schepping; de eerste Die zegent is God als Schepper zelf.
Dat begint al in het scheppingsverhaal [Gen.1: 1 – 2: 4] , waarin
wordt [door Mozes] verhaald dat God na elke scheppingsdag zegt dat de schepping goed is en dat Hij de mens nadat Hij die geschapen had, zegent [Gen.1: 28].

Mensen zegenen elkaar
de weg van de pelgrimAls een mens een zegen geeft, dan
vraagt hij of zij niet alleen of
iemand of iets Gods gunst of bescherming mag ontvangen, maar
prijst hij God tegelijkertijd voor dat wat Hij zegent.
Door een zegen wordt de gezegende of het gezegende
niet alleen onder Gods gunst en bescherming geplaatst maar
tegelijkertijd aan God toegewijd.
In Gods voetspoor zegenen priesters, vaders uit het Eerste, Tweede Verbond en
Jezus, Christus, de Zoon van God zowel mensen als het voedsel.
Vanuit die Bijbelse inspiratie is de zegen
een onlosmakelijk onderdeel van de Christelijk liturgie en
van het Christelijk leven geworden,
want God zag dat Zijn Schepping goed was.

Zegenen in het Eerste Verbond [O.T.]
Schepping van Adam, fresqueIn het Oude of Eerste Verbond is het God Zelf Die in de eerste plaats zegent.
Zijn zegen heeft in het eerste scheppingsverhaal, dat gaat over de schepping in zeven dagen, een sterke band met het steeds herhaalde vers
‘En God zag dat het goed was’.
God ziet niet alleen dat Zijn eigen Schepping goed is maar direct na het ontstaan ervan
zegent Hij er twee elementen uit :
de mens [Gen.1: 28] en de zevende dag [Gen.2: 3].
In Zijn voetspoor zijn het in het Oude Testament vooral
de priesters en de vaders die de zegen uitspreken.
De priesters doen dat naar het voorbeeld van de broer van Mozes, de priester Aaron.
De beroemde zegenbede die als de zegen van Aaron bekend is geworden, luidt:
Moge de Heer u zegenen en u behoeden!
Moge de Heer de glans van Zijn Gelaat over u spreiden en u genadig zijn!
Moge de Heer zijn gelaat naar u keren en u vrede schenken!

Num.6: 24-27
Een belangrijke vorm van zegen in het Oude Testament is daarnaast
de zegen die een vader over zijn eerstgeboren zoon uitspreekt.
Het bekende verhaal over de broers Jacob en Ezau, waarin
de jongste broer Jacob de zegen waarop zijn oudere broer Ezsau recht heeft
ontvangt door zich als zijn broer te verkleden,
geeft het belang dat gehecht werd aan de vaderlijke zegen duidelijk aan [Gen.27: 1-28: 9].
Dat niet alleen de zegen maar ook het omgekeerde ervan:
de vervloeking, een rol speelt blijkt uit het verhaal over Bileam die
in opdracht van koning Balak het volk Israël moet vervloeken [Num.22 t/m 24].

Zegenen in het Nieuwe of tweede Verbond [N.T.]
In de Evangeliën kunnen we lezen dat Jezus regelmatig zegenbeden uitspreekt.
Een vaak aangehaalde uitspraak van Jezus is:
Laat die kinderen toch bij Mij komen en houdt ze niet tegen.
Want aan hen, die zijn zoals zij, behoort het Koninkrijk Gods
“.
Marc.10: 14
Direct na deze uitspraak nam Hij de kinderen in Zijn armen,
zegende hen en legde hen de handen op.
Deze overlevering maakt de band tussen zegenen en
handoplegging duidelijk die we ook tegenkomen in de bediening van
een aantal Mysteriën [RK. Sacramenten] in de Apostolische Kerken.
Een andere belangrijke overlevering is dat
Jezus gewoon is een zegenbede uit te spreken voordat
iets eetbaars wordt rondgedeeld.
Zowel in het verhaal over de Wonderbare Broodvermenigvuldiging waarin
verteld wordt dat Hij “de vijf broden en twee vissen” zegent [Luc.9: 15] als
in de verhalen over het laatste avondmaal [Marc.14: 22; Matth.26: 26] waarin
Jezus het brood zegent, komt dit voor.

Een brede schakering aan zegeningen
Christus, de mens geworden Wijsheid Gods, zegent
Vanuit het besef dat de schepping in wezen goed is en van God komt, kent de Apostolische Kerk vanouds een breed scala aan zegeningen.
Dat daar in voorbije eeuwen een grote behoefte aan was, vanwege het beschermende effect, is goed te begrijpen vanuit het gegeven dat er niet of nauwelijks sociale verzekeringen bestonden en dat vooral armere mensen letterlijk van Gods Genade afhingen.
In het Gebedenboek voor de Priester staan zegenbeden
bij talloze gelegenheden opgesomd zoals: zegeningen van echtgenoten, kinderen, een vrouw in verwachting, bejaarden, een kandidaat voor het priesterschap, reizenden en pelgrims, een woning, werk- en voertuigen, dieren en kerkelijke gebruiksvoorwerpen.
Er bestaan ook speciale zegeningen voor gebouwen, zoals:
kerken, scholen en kloosters maar ook van abten, kloosterlingen, kerkhoven, enz.
Een zegening die gelukkig in onbruik is geraakt, maar die in het huidige Rusland
nog heel normaal is, is de zegening van wapens aan het begin van een
rechtvaardige [voor welke van de partijen?] strijd“.
– Bij onze protestantse christenbroeders is het gebruik van de zegen
vergeleken bij de Apostolische praktijk drastisch teruggesnoeid.
Hier grijpen meerdere zaken in elkaar, namelijk de grondhouding ten
opzichte van de schepping die veel afstandelijker is en
waarin veel meer uitgegaan wordt van het slechte van de mens en
veel minder van de heiligheid [heelheid] van de schepping.
Daarnaast speelde het terugbrengen van de veelheid van rituelen
tot een absoluut minimum eveneens een rol.

Het gebruik van het zegenen van mensen, dieren of dingen is
in onze samenleving tevens steeds vreemder geworden en
door de secularisatie [ontkerkelijking] grotendeels
teruggedrongen tot het kerkgebouw zelf.
Daardoor is de opvatting dat het zegenen slechts is voorbehouden aan
priesters [dominees] alleen maar sterker geworden.
– De tegenbeweging heeft publicaties van spirituele leraren tot gevolg;
deze benadrukken dat juist ‘iedereen’ kan zegenen en
dat dit een daad van Liefde is.
De Geest van God waait immers over jong en oud, over ziek en gezond,
over vrije mensen en mensen die uitgebuit worden.
Zo kan een vader of moeder een kind zegenen, of een kind zijn ouder,
de echtelieden elkaar op het sterfbed,
nadat zij elkaar vergeven hebben voor de wederzijdse tekortkomingen.
De mens is namelijk het evenbeeld van God en
Gods levenskracht doordringt al wat onder ons leeft en
juist dit vernieuwt het aanschijn van de aarde.
Wanneer God Zijn Aangezicht afwendt;
dan staan wij verbijsterend toe te kijken.
God ontneemt ons de adem en wij geven ons over:
Wij keren terug tot het stof waaruit wij genomen zijn.
Hij echter zendt vervolgens Zijn Geest uit en wij worden herschapen:
God maakt nieuw het aanschijn van de aarde
“.
cf. Psalm 103
Jesus Christ, the Ultimate JudgeDan is er de Hemelse Vrede en
de Redding van onze zielen,
komt er tevens vrede over
de gehele wereld en
ontstaat het Welzijn van de werken,
die in Gods Naam verricht worden.
Dan kunnen we in Geloof
het Hemels Koninkrijk betreden
en naderen wij in eerbied en vreze Gods,
Zijn Hemelse Troon.
cf begin Vredeslitanie

Orthodoxie & Het oog is de lamp van het hart

οφθαλμός = de uitpuiling van de oogbalχω λύχνος του σώματος εστιν χω οφθαλμός.
εάν ουν η χω οφθαλμός σου απλούς,
κόλον το σώμα σου φωτεινών έσται“.

Het oog wordt de lamp van uw hart
Verzamelt u geen schatten op aarde, waar
mot en roest ze ontoonbaar maakt en waar dieven inbreken en stelen;                                 maar verzamelt u schatten in de hemel,
waar noch mot noch roest                                                                                                                     ze ontoonbaar maakt en                                                                                                                         waar geen dieven inbreken of stelen.                                                                                                 Want, waar uw schat is,                                                                                                                         daar zal ook uw hart zijn
“.
Matth.6: 19-21

De lamp van het lichaam is het oog.
Indien dan uw oog zuiver is, zal geheel uw lichaam verlicht zijn; maar
indien uw oog slecht is, zal geheel uw lichaam duister zijn.
Indien nu wat licht in u is, duisternis is, hoe groot is dan de duisternis!
“.
Matth.6: 22-23

Het oog [οφθαλμός = medische benaming van de uitpuiling van de oogbal]
is het fysieke orgaan van het gezicht, een van de
belangrijkste kanalen ter verkrijging van informatie voor de mens.
Een wrede toegepaste en gesanctioneerde straf onder de heidense volken
was het doven van de ogen van een vijand of een rivaal, want
op deze manier werd zijn macht op de meest krachtdadig verbrijzeld
Recht.16: 21; 2Kon.25: 7 en Jer.39: 7

Het oog wordt, om nuttig te zijn, enkelvoudig gerichtHet oog wordt, om nuttig te zijn, enkelvoudig gericht en
wordt niet gekenmerkt door dubbel [onzuiver] te zien
cf. Luc.11: 34
Wat doet een oog; het maakt het mogelijk om de weg zien, maar
het heeft behoefte aan een zuiver zicht om deze functie te vervullen. Jezus gebruikt de term het “slechte oog” in een figuurlijke zin en brengt ons bij; Hij leert ons dat een dergelijke oog alleen maar geconcentreerd is op wereldse bezittingen
[op materieel gewin] en dat God die persoon tegelijkertijd in
verwarring brengt [“laat hem spiritueel dubbel zien“]
verwart hem, zodat hij geen helder zicht heeft op de manier
waarop hij door het leven gaat. God test of de mens nog wel op Hem gericht is.
Jezus’ belangrijkste aandacht erop is gericht dat zijn volgelingen
een zuiver beeld krijgen, waardoor God slechts de Enige is Die aandacht trekt.
Indien dan het oog zuiver is, is ook het gehele lichaam verlicht, maar
wanneer het slecht is, is ook het lichaam duister.
Slechte ogen” geven gierigheid weer en begeren geld en rijkdom en
brengen slechts geestelijke duisternis voort, waartegen
Jezus bovenmatig waarschuwt!

Wanneer de Kerk, bovenmatige aandacht heeft aan bezit en onroerend goed,
hier niet los van kan komen, door het halsstarrig te verkrijgen of te behouden
– over de hoofden van Christus’ gelovige volgelingen heen –
maakt óók de Kerk een grote catastrofale fout.
Het verkrijgen en behouden van bezittingen kan nimmer zover gaan dat gelovigen
– die hun christelijk hart volgen – de Kerk verlaten vanwege dit soort tekortkomingen.

η Εκκλησία είναι νοσοκομείοTelkens waren er gelovigen, die
hun bezittingen en have verkochten en
ze uitdeelden aan allen, die
er behoefte aan hadden; en
voortdurend waren zij elke dag eendrachtig in de tempel,
braken het brood aan huis en gebruikten
hun maaltijden met blijdschap en eenvoud des harten,
en zij loofden God en stonden in de gunst bij het gehele volk.
En de Heer voegde dagelijks toe aan de kring, die behouden werden
“.
Hand 3: 45-47
Zij maakten zich geen zorgen om de zorgen van morgen, maar
deden waartoe zij geroepen werden:
zij “braken het brood aan huis en
gebruikten hun maaltijden met
blijdschap en de eenvoud van het hart
.

Om de resultaten van goede en kwade verhoudingen in materiële dingen te illustreren,
verwijst de Heer naar het lokale Geloof over het resultaat van een goed en slecht zicht.
Mensen geloofden dat de ogen als de ramen waren die
het Licht in het Kerkelijk Lichaam toelaten en het in goede gezondheid behouden.
Gezonde ogen betekenen een gezond [Levend] Lichaam [Licht] ;
met zieke [verduisterde] ogen wordt een verziekte organisatie [vertroebeld beeld] bedoeld.
Een gezond stoffelijk oog heeft een gezond geestelijk leven tot gevolg;
maar een ongezond inzicht zal zonder meer betekenen dat
de natuurlijke geestelijke duisternis intreedt die het hart nog donkerder maakt.
Indien uw oog slecht is, zal geheel uw lichaam duister zijn.
Indien nu wat licht in u is, duisternis is,
hoe groot is dan de duisternis!“.
Matth. 6: 23
Niemand kan twee heren dienen, want
hij zal of de ene haten en de andere liefhebben, of
zich aan de ene hechten en de andere minachten;
gij kunt niet God dienen en de Mammon“.
Matth. 6: 24

Wanneer mensen hun aandacht – jaar in jaar uit –
besteden aan het verkrijgen van comfort en een gemeenschap onvoldoende inlichten
kunnen ze geen aanspraak meer maken en Trouw zijn aan God.
Wanneer ze werkelijk durven te geloven wat God zegt over
het geven en nemen, zullen ze overeenkomstig worden beoordeeld.
Dit is een van die onderwerpen waar de Waarheid klinkt als een klok;
je kunt je talenten niet ongebreideld gebruiken en
het resultaat naar eigen believen besteden;
dit is slechts een klein deel van het beeld.
Wanneer de Waarheid van God over je verkregen geld het [dag-] Licht
zal aanschouwen zal het bovennatuurlijke in de praktijk het natuurlijke overvallen.
En wanneer dat gebeurt, zal je zgn. gemeenschapsleven nooit meer dezelfde zijn.
Ik ben bang, dat zoals de slang met haar sluwheid Eva verleidde,
uw gedachten mogelijk de eenvoudige en loutere toewijding aan
Christus zullen verkleinen
“.
2Cor.11: 3
Slaaf, wees je heer naar het vlees [slechts] gehoorzaam met vrees en beven,
in de eenvoud van je hart, als aan Christus,
niet met ogen-[lippen-]dienst, als een genoegen voor mensen, maar
door als slaaf van Christus de Wil van God van harte te doen en
bereidwillig dienstbaar te zijn als aan de Heer en niet aan mensen
“.
Eph.6: 5-7, Col.3: 22

Stel, je krijgt een genoemde 600.000 euro te besteden waarmee je opnieuw een lang nagestreefd religieus doel dient te realiseren;
je leent er buiten medeweten van de schatbewaarder nog eens 30 zilverlingen bij,
om een tuinarchitect in te huren en de tuin op te knappen.
Je behandelde op dezelfde wijze een goedgelovige oude vrouw, die van haar bril in de ijskast, door een bedrag voor een auto te lenen en haar na een eerste termijn nimmer
terug te betalen. Een dergelijk gedrag is geen judasstreek meer te noemen – een voorganger onwaardig en is met een veelvoud herhaald.
Besteed je dat dan aan een gemeenschap van gemiddeld 25 personen, waarbij je de afgelopen decennia massa’s gelden verkwist hebt aan de verbouwing van een huurpand; waarbij diversen zijn afgehaakt vanwege je ondoorzichtige praktijken.
Hier dient je ‘geloofwaardigheid” als voorganger toch verdwenen te zijn en is dit een benoemde ‘Paradijs’-tuin onwaardig.

Εκκλησία του ΧριστούBinnen het Lichaam van Christus
heeft elke gelovige
een onderscheiden gave en roeping.
Elke mens is op zich in onbalans, ook ikzelf.
De enige volmaakt evenwichtige Persoon,
Die ooit op aarde wandelde is
onze Heer Jezus Christus.
De rest van de mensen, zelfs de beste,
zijn in onbalans.
Wij dienen echter onze balans te hervinden
 door samen te werken met andere broeders en zusters,
met andere gemeenschappen in het ziekenhuis van de Heer.
 door datgene waar we niet mee om kunnen gaan
aan ‘onafhankelijke deskundigen’ overlaten.
Er is in dit ziekenhuis helemaal geen plaats voor een onafhankelijke opstelling!
Hoe je het ook wendt of keert hier is sprake van een ‘einzelgänger’, die
zich door niets en niemand zal en heeft laten corrigeren en
in zijn doen en laten de afgelopen decennia duidelijk heeft laten blijken
niet geschikt te zijn een dergelijk groots kerkelijk project.
Bovenstaande blijkt alleen al door het heen en weer bewegen
tussen de verschillende Patriarchaten.
Het overgrote deel van deze terechtwijzing
is niet aan hem besteed, hij weet niet beter;
het meeste is echter voor degenen, die dit lezen,
opdat ze er vroegtijdig lering uit zullen trekken.
Een goed ziekenhuis stuurt ernstig zieke mensen nooit naar huis.
Slechte voorgangers [heelmeesters] doen dat evenwel,
omdat zij niet zijn toegerust om
ernstige gevallen te behandelen en
hun onvermogen onder ogen te zien.

8e Zondag na Pinksteren – spijziging van de vijfduizend

Mystical icon of the ChurchToen Hij uit het schip ging,
zag Hij een grote schare en
Hij werd met ontferming over hen bewogen en genas hun zieken.
Bij het vallen van de avond kwamen
de discipelen tot Hem en zeiden:
De plaats [hier] is eenzaam en
de tijd is reeds verstreken;
zend dan de scharen weg, dan
kunnen zij naar 
de dorpen gaan om
spijzen voor zich te kopen.
Maar Jezus zei tot hen:
Zij behoeven niet weg te gaan,
geeft gij hun te eten.
Zij zeiden tot Hem:
Wij hebben hier niets dan vijf broden en twee vissen.
Hij zei: Brengt Mij die hier.
Wonderbare Brood-vermenigvuldiging 5
En Hij beval de scharen, dat zij in het gras zouden gaan zitten, nam de vijf broden en de twee vissen en
Hij zag op naar de hemel, sprak de zegen uit,
brak de broden en gaf ze aan zijn discipelen en
de discipelen gaven ze aan de scharen.
En zij aten allen en werden verzadigd en
zij raapten het overschot der brokken op,
twaalf manden vol.
Zij, die gegeten hadden, waren ongeveer vijfduizend mannen, vrouwen en kinderen niet meegerekend.
En terstond dwong Hij de discipelen in het schip te gaan en Hem vooruit te varen naar de overkant, totdat
Hij de scharen zou hebben weggezonden“.
Matth.14: 14-22, zie John 6: 14-27

En toen Hij de scharen weggezonden had, ging                                                                                Hij de berg op om in de eenzaamheid te bidden.                                                                              Bij het vallen van de avond was Hij daar alleen.                                                                            Doch het schip was reeds vele stadiën van het land verwijderd,                                                  geteisterd door de golven, want de wind was tegen“.                                                                    Matth. 14: 23-24

Brood-stempel voor het Heilige Broos in de Orthodoxe Liturgie“Ik zeg jullie, gij zoekt Mij, niet omdat
jullie tekenen gezien hebben, maar
omdat jullie van de broden gegeten hebt en  verzadigd zijt.
Werkt niet om de spijs, die vergaat, maar                    om de Spijs, Die blijft tot in het eeuwige Leven,        welke de Zoon des mensen u geven zal; want              op Hem heeft God, de Vader,                                          Zijn zegel [van de H.Geest] gedrukt”.                           John.6: 26-27

In bovenstaande geschiedenis
is alles op een grote schaal.
Zelfs het decor voor het verhaal is immens:
het is de eerste vermelding dat Jezus
het meer van Genezareth overstak.
Aan de oever is een grote ruimte waar zich ‘een enorme menigte’ kan verzamelen.
Jezus voedt er vijfduizend mannen, vrouwen, de kinderen niet meegerekend;
ze worden niet alleen overvloedig gevoed, ze houden na afloop zelfs
twaalf manden brood over.

koopman met zijn boekhouder, 1517Alles spreekt tot ons over de onmetelijkheid,
een overvloedige hoeveelheid:
niet het soort van overvloed wat afkomstig is van
een zorgvuldige voorbereiding en een boekhouding achteraf.
De mensen waren immers gekomen en hadden geen voorbereiding getroffen – hadden geen eten meegenomen.
Ze hadden nog minder bij zich als                                                           wanneer je buurman laat bezoek krijgt en je om hulp vraagt.
Het is de overvloed van Gods voorzienigheid.
Jezus sloeg de ogen op en
zag de talrijke menigte, die tot Hem kwam . . .

John 6: 5
Het lijkt erop dat Jezus wil dat we eveneens onze ogen opheffen en
niet om door de plussen en minnen van ons leven tegen elkaar weg te strepen,
aangezien Hij, als de Menslievende, slechts in staat is alleen
het goede aan ons toe te rekenen.

vijf gerstebroden en twee vissenHet contrast met de onmetelijkheid van dit alles is de beperktheid van de middelen:
vijf gerstebroden en twee vissen om duizenden mensen te voeden.
Waarom dit scherpe contrast?

Wonderen lijken alleen plaats te vinden in situaties waarbij er sprake is van schaarste in plaats van overvloed.
Waarom?
Omdat daar waar overvloed is geen behoefte is aan wonderen!
Waar je vanwege de hoeveelheid niet voor jezelf behoeft op te komen,
behoef je tevens niet te vechten tegen de pijnlijke realiteit,
je kunt je hier namelijk geen weg bemachtigen door een check-boekje te trekken of
te pinnen.
In deze geschiedenis had iedereen bijna niets.
Er waren slechts vijf broden om de duizenden te voeden; en het waren gerstebroden.
Dat was in die tijd het goedkoopste soort brood wat verkrijgbaar was;
in feite werd gerst beschouwd als voedsel voor de dieren.
De armen konden zich alleen die gerstebroden veroorloven.
Ze waren te arm omdat ze geen middelen van bestaan hadden.
Dat kan twee dingen tot gevolg hebben:
1.]. het kan de mensen weer tot zichzelf terugvoeren, hen
vervullen met wrok en zelfmedelijden; of
2.]. het kan ze binnenstebuiten keren tot een echte ervaring met Gods Voorzienigheid.
Armoede kan de geest van de mens breken, daarom is het zo hoogstnoodzakelijk het te bevechten.. Maar evenzo, of zelfs meer, kan rijkdom de menselijke geest vernietigen,
met de grond gelijk maken en haar tegen de werkelijkheid en tegen God opzetten.
Hier is een vuistregel voor:
Wil je een wonder laten plaatsvinden,
geef dan iets weg,
het geeft enorm veel ruimte
“!

Wonderbare broodvermenigvuldiging2Gaan zitten op de grond is
ook een symbool van armoede en
zelfs van machteloosheid.
We zien tegenwoordig niet vaak meer iemand op de grond zitten en nauwelijks
nog tijdens de Goddelijke Liturgie.
In de tijd dat de Eucharistie, de Gave, waarin Christus werkelijk lichamelijk aanwezig is,
zien we de volgelingen van Christus                                                                                                     [in John 6] op de grond zittend [figuurlijk],                                                                                       in nederigheid en eenvoud, en                                                                                                               ze delen van de armoede en                                                                                                                   delen als gevolg hiervan de Gave,                                                                                                         de Genade Gods.

In het Evangelie van Johannes de Theoloog wordt er helemaal geen rekening gehouden
met de instelling van de Eucharistie tijdens het Laatste Avondmaal;
Emmaus fresquedeze Apostel beschouwt dit als bekend,
dat de volgeling van Christus Hem herkent
aan het breken van het brood.
In plaats daarvan, waste Jezus de voeten en zei dat de volgelingen Hem volgend,
hetzelfde dienden te doen tot Zijn Gedachtenis‘.
Het is een ander soort van ter Communie gaan, het is een niveau dieper.
Zonder de gemeenschap, die de dienst is met anderen, is de gemeenschap van de Eucharistie beroofd, van
haar vruchtdragend vermogen in iemand anders leven.
De volgelingen in elk van de daaropvolgende eeuwen
zijn Hem blijven herkennen in “de dienst aan de ander” en
in “het breken van het brood“.

De volgeling leert de dienstbaarheid door het Mysterie van onze Heer en God
in het ontvangen van de Communie te overwegen.
Christus plaatst Zich onder de nederige verschijning van brood en
blijft daar in blijvende onderwerping aan de Wil van de Vader.
de roep om ons te binden met God, de H.Geest - het heilige VuurJezus zei dan tot hen:
Voorwaar, voorwaar, Ik zeg jullie,
niet Mozes heeft je het brood uit de hemel gegeven, maar Mijn Vader
geeft je het Ware Brood uit de hemel; want
dat is het brood Gods, dat uit de hemel nederdaalt en                                                                                                                                             aan de wereld het Leven geeft.                         Zij zeiden dan tot Hem:
Heer, geef ons altijd dit brood
“.
John.6: 32-33
Christus nodigt ons uit om Hem na te volgen,
neemt dan van dit brood en doet evenzo.

8e Zondag na Pinksteren – de nederige gehoorzaamheid

Allen, die door de Geest Gods geleid worden, zijn zonen Gods“Ik vermaan u, broeders, bij de naam van onze Heer Jezus Christus:
weest allen eenstemmig en laten er geen scheuringen onder u zijn;
weest vast aaneengesloten, een van zin en een van gevoelen.
Mij is namelijk omtrent u, mijn broeders, medegedeeld door
de ( huisgenoten) van Chloe, dat er twisten onder u zijn.
Ik bedoel dit, dat ieder uwer zijn leus heeft:
Ik ben van Paulus! En ik van Apollos! En ik van Kefas! En ik van Christus!
Is Christus gedeeld?
Is Paulus dan voor u gekruisigd, of zijt gij in de naam van Paulus gedoopt?
Ik ben dankbaar, dat ik niemand van u gedoopt heb dan Crispus en Gajus;
zodat niemand kan zeggen, dat gij in mijn naam gedoopt zijt.
Ook heb ik nog het gezin van Stefanas gedoopt;
verder weet ik niet, dat ik nog iemand gedoopt heb.
Want Christus heeft mij niet gezonden om te dopen, maar
om het Evangelie te verkondigen, en dat niet met wijsheid van woorden, om
niet het Kruis van Christus tot een holle klank te maken”.
1Cor.1: 10-17

Christus heeft mij gezonden om het Evangelie te verkondigen, doch
niet met woordenwijsheid opdat Christus’ Kruis niet aan kracht zou verliezen“.
conf. 1Cor.1: 17
Wij eisen vandaag de dag het recht op om inzicht te hebben in ons leven.
Wij beweren dat we het recht hebben om te worden gerespecteerd,
af en toe eisen we dat ook als zodanig op.
Nee, naar onze bescheiden mening, dienen we gewoon onze mening te kunnen uiten,
we worden er immers op beoordeeld  en we eisen dan tevens dat onze mening
als de enige waarheid wordt aanvaard.
Wij zijn er vast van overtuigd dat wij dat recht bezitten en
plegen een reeks van doorlopen opleidingen en lessen die we zelf hebben gegeven
aan te halen om ons advies uit te brengen over deze of gene wetenschap en kennis.
We bedienen onszelf daarbij tevens van een zekere koppigheid [hoogmoed] en
hebben niet in de gaten dat juist dit ons op
een dwaalspoor brengt en tot eigen rechter maakt terwijl wij voortgaan
onze mening fanatiek te verdedigen en in goed vertrouwen
geen inzicht hebben in eigen falen.
Debatteren betekent voor ons dat we de ander onze mening op leggen.

Theotokos-AmersfoortDeze koppigheid kunnen
we op alle gebieden van het leven tegenkomen.
In persoonlijke relaties, in de familie,
in de politiek, op televisie en internet en
helaas ook in de kerk.
En zijn hier verschillende gelovigen en geestelijken, die
ieder op basis van hun achtergrond
hun eigen inzichten [geloof] hebben en
voor zichzelf onmogelijk het recht van dit inzicht
kunnen claimen,  de eis dat de mening als authentiek dient te worden beschouwd als iets dat niemand het recht heeft om dat maar te weigeren.

Dus zoekt eenieder hardnekkig, de grenzen op van de persoonlijke “onfeilbaarheid” en heeft voortdurend de subtiele angst dat iedere mening die de onze ondermijnt de geloofwaardigheid aanvecht.
Wij identificeren ons met onze mening en beperken ons niet in de door ons opgebouwde verdediging.  Wij handhaven onszelf.
En wanneer het instituut de kerk zichzelf “de leiding” toe-eigent geeft dit haar
tevens het voorrecht omtrent haar mening ‘niet in gesprek te gaan’.
Wij gelovigen worden als klapvolk, het dienende Kerkvolk en betalend volk beschouwd“.
De wordt dan op de rekening geschreven van de betekenis van gehoorzaamheid.

Alleen gehoorzaamheid heeft helemaal niets te maken met
de Geest en de Waarheid van de Blijde Boodschap van het Evangelie.
En er zijn geen problemen in het kerkelijk leven of het leven van alledag,
welke niet op de een of andere manier te maken hebben met Geloof, of
de canons [de regels] van de Kerk.
Echter de kerkelijke organisatie, de manier waarop we met elkaar omgaan,
het beheer van het gemeenschapsleven en de mensen en de prioriteiten die
gesteld dienen te worden hebben totaal niets van doen met
de onmogelijkheid om te falen verbonden aan de Almacht van God
de logica van de ‘onfeilbaarheid’.
Het vergt een nederigheid opstelling en de gave om andere meningen aan te horen, om
daarmee aan te geven dat de beste mening toebehoort aan de overgrote meerderheid van het Godsvolk, dat wil zeggen dat we de eenheid van de gelovigen en hun talenten dienen te worden gebruikt, als basis van de cultuur en de vooruitgang van Christus redding.

De apostel Paulus vermaant ons om dit te doen, in zijn brief aan de Corinthiërs, die
worden geplaagd door schisma’s, verdeeld raken door de gerichtheid over de aangestelde persoon en maken tegelijkertijd aanspraak, op een vermeende onfeilbaarheid en de prevalentie binnen het Lichaam van Christus.
Zij beroepen zich niet de Blijde Boodschap van het Evangelie, maar beroepen zich op de mening van Paulus, Apollos, van Cefas of Christus.
weest allen eenstemmig en laten er geen scheuringen onder u zijn;
weest vast aaneengesloten, een van zin en een van gevoelen.

1Cor.1: 10
Wees het altijd eens met elkaar en laat er geen verdeeldheid onder u bestaan,
maar ga beschaafd met elkaar om en verenig u in dezelfde geest.
De reden dat Paulus de eensgezindheid als voorwaarde stelt en
dezelfde mentaliteit en mening verwacht is een voorbeeld
van de eisen de christelijke Kerk ​​haar leden stelt.

Zij beroept zich op haar superioriteit over ofwel de gelovigen,
teneinde in het kader van het dagelijks leven verder te komen,
maar hoe is dit te aanvaarden als geloofsleer.

Het geven van scholing is een belangrijke gebeurtenis in het leven van de Kerk.
Het stelt eisen aan de docenten die zowel kennis hebben als het
tegelijkertijd over levenservaring te beschikken op basis van de Goddelijke Waarheid.
De wens om dit aan gelovigen over te brengen is niet genoeg,
de voorbereiding d.m.v. praktijkervaring en kritische begeleiding
is daarin hoogstnoodzakelijk.
Diploma’s waaruit algemene ontwikkeling blijkt, of de [universitaire] kennis van de een of andere bij de gemeenschap aansluitende taal is niet genoeg.
Inlevingsvermogen, omgang in dienstbaarheid zijn voorwaarden van hetzelfde werk in dezelfde kerk, het Lichaam van Christus en die onlosmakelijk aan het werk
in de gemeenschap noodzakelijk zijn.
Sommigen beschikken totaal niet over deze gave, dienen daar inzicht in te hebben,
nog los van het feit dat zij dit naast hun gezinssituatie kunnen vormgeven,
vergeet daarbij ook de belasting voor de echtgenote en de jonge kinderen niet.

Indien je jezelf niet actief op je zwakke punten hebt aangevinkt als onfeilbaar,
kun je een dergelijke taak niet nastreven, dit dient al vroegtijdig te worden vastgesteld.
Daarnaast dient dit op elk moment van de aanstelling, door middel van beoordelingsgesprekken te worden vastgelegd.
Door hetzelfde lichaam van Christus, zowel leiding als vertegenwoordigers van de gemeenschap dient dit te worden geïnitieerd.
Daarom is een bisschoppensynode in het leven geroepen, evenals
het feit dat iedere landelijke kerk wordt opgeroepen dergelijke zittingen te houden.
Dit cultiveert de dialoog, draagt zorg voor een betrouwbare opleiding en
de degelijkheid van opleiding t.o.v. de verhouding tot het kerkvolk dat ze bedienen.
Op deze wijze blijven de geestelijken ook niet steken in het verleden, maar
houden zij rekening met de omstandigheden van elk tijdperk.
De samenleving ontwikkelt zich in rap tempo, kinderen van de 2e en 3e generatie
spreken de taal van hun ouders niet meer en geraken los van de Blijde Boodschap,
Die in de diverse gemeenschappen verkondigd wordt.
Dat is de reden waarom leerkrachten en hun supervisors
in de Kerk een voorhoedepositie bekleden.
Doe dit werk niet omdat je jezelf wel goed vindt en je op anderen neerkijkt.
Heb een ‘open mind’ en bespreek alles wat zich voordoet,
niet alleen in het kerkelijk leven en de manier waarop de wereld dit benadert,
maar onderzoek de obstakels en het hoe en waarom
de wereld de Waarheid van Christus verwerpt.

Aan de andere kant dient er bij de inhoud van opleidingen niet
alleen te worden verwezen naar een moralistische kijk op het leven, maar
naar de ontwikkeling in de Geest van Christus.
Hierbij hebben we twee dimensies, waarmee we rekening dienen te houden.
Aan de ene kant dient er gewerkt te worden aan de noodzaak om
het leven in ons – in ons hart – het leven in de strijd naar
de verlichting van de passies en
in het bijzonder naar de zelf-gerichte-eigen-liefde.
Aan de andere kant dient er gewerkt te worden aan de behoefte tot
vertrouwen in de voorzienigheid van God op ieder van ons,
die zich vaak door een kleiner of groter Kruis manifesteert.
Een leven-schenkend Kruis wordt meestal niet alleen gegeven doordat
het lichaam en de ziel beproefd wordt, maar door de goedgelovigheid van de mensen,
die hun onvermogen om te functioneren in authentieke liefde, geen recht doet.
Een Kruis, laat je niet achter je zonder de bijbehorende Opstanding,
omdat elke vernedering die God aan de mens toestaat
verleend wordt voor zijn redding.

Gelijktijdig met de bewustwording van de Waarheid van de Blijde boodschap van
het Evangelie, bevindt zich altijd de Liefde voor en
de erkenning van de goede bedoelingen van anderen.
Wanneer een christen niet alleen vaststelt dat hij zich bevindt in een omgeving waar
een gezonde intentie om te redeneren heerst, die tegemoet komt
aan zijn behoefte aan ontwikkeling, maar
dat ook degenen die hij tegemoet treedt daar een open oordeel over hebben,
hij zelf een mening mag hebben, dan kan het niet anders of buitenstaanders
zullen die Waarheid eveneens onderscheiden.
En zijn we het er dan nog steeds niet mee eens, dan dienen we onze eigen wil en handelen in gehoorzaamheid terzijde te stellen en onze eigen wil en handelen in gehoorzaamheid aan te passen.
In het gebroken lichaam van Christus strijden we niet door anderen onze eigen mening op te leggen, maar geven we alles op door het voordeel van het lichaam van Christus te laten zegevieren.

Mystical icon of the ChurchDezelfde mening
maar geen onderdrukking van andermans verzoek om gehoord te worden.
Dit alles is in het perspectief van de dialoog en de samenloop van de omstandigheden.
Natuurlijk heeft in dit alles iemand of een team van deskundigen de eindverantwoordelijkheid voor de manier waarop het schip van de Kerk voortgaat.

Deze ethos kom je in de wereld niet tegen, daarom staat de Kerk ook buiten de wereld.
Op het werk willen de werkers geen feedback, training, evaluatie en                                                                                                            wanneer dit wel aanwezig is
weigeren ze dit ondergeschikt te maken aan dienstbaarheid, want men is in de wereld altijd op zoek naar machtsverhoudingen en slechte bedoelingen, egoïsme en
het zaaien van haat tegen tegen degenen die hen op hun juiste merites beoordelen.
Christus met zijn lievelingsapostel JohannesTegelijkertijd ontbreekt de innerlijke strijd,
de relatie met de Christus, Die de verlichting zoekt van  het menselijk hart en de geest, maar
ook het Geloof in de voorzienigheid Gods Die geneest en onrecht boven tafel brengt, zoals
algemeen bekend is in het leven van de Heiligen.
Soms verloopt het kerkelijk leven en
de werken net als de seculiere normen.
Dit is omdat de Geest van leren ontbreekt, de bereidheid om werkelijk naar anderen te luisteren en
de het ontbreken van de bereidheid om gehoorzaam aan het gebroken lichaam van Christus te zijn.
Gods werk voortzetten beperkt ons in Zijn mogelijkheden door een verouderde kennis of de gehechtheid aan het verleden, zonder de mogelijkheden die ons vandaag worden aangeboden en zonder onze overtrokken zorg voor de ethiek en de moraal, te bekritiseren.
Zijn we en blijven we ons aangetrokken voelen tot personen die lippendienst bewijzen aan
een “onfeilbare” houding dan proberen we het jonge Geloof door middel van
oude zakken draaiende te houden en daarmee verloochenen we haar Apostoliciteit.
Iedereen‘ – heeft in het leven een bestemming, die
eenieder nog wel even dient zien te vinden.
Daarvoor heb je echter mensen om je heen nodig
‘hoe raar en hoe onhandig
  zij in het begin ook lijken’ !

Psalmen op basis van Waarheid samengesteld – Psalm 93 [94] – Welzalig de mens die Gij onderricht, Heer

"Ik ben koning, hiertoe ben Ik geboren en hiertoe ben ik in de wereld gekomen . . ."Een wrekende God is de Heer
de God, Die straft, heeft tevoren gewaarschuwd.
Verheft U, Gij Die de aarde oordeelt;
geef vergelding aan de hoogmoedigen.
Hoelang nog zullen de zondaars, Heer,
hoelang nog zullen de zondaars zich beroemen?
Hoelang nog zullen zij schreeuwen en ongerechtigheid roepen
en grootspreken allen die onrecht bedrijven?
Heer, zij hebben Uw volk vernederd,
Uw erfdeel hebben zij mishandeld.
Weduwe en wees hebben zij gedood,
de bekeerlingen hebben zij vermoord.
Terwijl zij zeiden: De Heer ziet het niet,
de God van Jacob merkt het niet op.
Begrijp toch, onwetenden onder het volk;
gij dwazen, wordt toch eens verstandig.
Zou Hij Die het oor plant niet kunnen horen?
Zou Hij Die het oog vormt niet kunnen zen?
Zou Hij Die de heidenen tuchtigt niet straffen?
Is Hij het niet Die de mens kennis schenkt?
de Heer kent de gedachten van de mensen:
Hij weet dat zij ijdel zijn.
Welzalig de mens die Gij onderricht, Heer;
die Gij onderwijst door Uw Wet.
zodat hij geduldig blijft in kwade dagen,
totdat een kuil gegraven is voor de zondaar.
De Heer zal immers Zijn Volk niet verstoten,
Hij zal Zijn erfdeel nooit verlaten.
Totdat Gerechtigheid zal worden tot oordeel,
om bezit te zijn voor allen die oprecht zijn van hart.
Wie zal opstaan tegen de boosdoeners?
Of wie zal mij bijstaan tegen hen die onrecht bedrijven?
Als de Heer mij niet had geholpen,
dan was mijn ziel al lang in de hades gedaald.
Als ik moest zeggen: mijn voet wordt geschokt,
dan kwam Uw Barmhartigheid, Heer, mij te hulp.
Ja Heer, evenveel als de droefheid die ik droeg in mijn hart,
hebben Uw Vertroostingen mijn ziel met Liefde omringd.
De troon van onrecht kan niet tegelijk bestaan met U,
die lasten oplegt als Geboden.
Zij jagen op de ziel van de onberechte,
zij veroordelen onschuldig bloed.
Maar de Heer is mij een Toevlucht geworden:
mijn God is de steun voor mijn hoop.
De Heer zal hun hun onrecht vergelden:
Hij zal hun boosheid verdelgen, de Heer onze God“.
Psalm 93 (94)

WraakWanneer mensen het woord ‘Wraak’ gebruiken – zoals bij wraak nemen – dan bedoelen ze ‘iemand terugpakken’.
Dat als iemand jou in een ongunstig licht plaatst, dat jij hem dan probeert terug te pakken door achter zijn rug om over hem te gaan klagen; zijn kennissen in je gezin uit te nodigen en
tot schreijens toe verkondigen dat
je onder zijn aanwezigheid zo hebt moeten lijden.
Nonsens, onzin, prietpraat, quatsch, gezever – wanneer je dan zo ver gaat dat je ook nog publiekelijk verklaart dat je
– als christelijke gemeenschap wraak neemt, door liefde te bedrijven –
geef je wel onderdak aan je eigen kleingeestige opvattingen, voed je gelovigen op
vanuit je eigen frustratie.

De Psalm hier aangehaald gaat over Gods wraak. Betekent dit dat God mensen ‘terugpakt’?
Dat God iets gemeens terug doet bij gemene mensen ofzo. Nee – zo is God niet.
God is namelijk méér dan een soort scheidsrechter – iemand die boven de partijen staat en af en toe ingrijpt; Af en toe dingen rechtzet. Gods wraak zou inhouden dat God straft, mensen wegstuurt, zodat zij weer eerlijk worden, zodat het spelletje wat gespeeld wordt niet langer verziekt wordt.

in Zijn Wijsheid is er geen einde aan de Rijkdom in Gods handNeen, zo grijpt God niet in
– God laat iemand jarenlang doormodderen in de hoop dat de mens leert van zijn eigen fouten – leert van de steeds maar herhalende verleidingen op te roepen,
nu eens niet de trotse zelfzuchtige persoon te zijn die je je hele leven al bent.
Dat is de manier waarop God de mens liefdevol benadert – eerlijk laten vastlopen                                                                                       in je eigen ellende . . . . .
God straft niet om dingen recht te zetten, Hij kijkt wel uit.
Op die manier “laat God Zijn volk niet alleen, zal Hij zijn erfdeel nooit verlaten
Psalm 93 (94): 14
God ziet heus wel dat de hoogmoedige opnieuw z’n oude fout begaat, opnieuw
buiten medeweten van de schatbewaarder dingen doet, die het daglicht niet kunnen verdragen.
Welzalig de mens die Hij onderricht,
Heer; die Hij onderwijst door Zijn Wet;
Hij blijft geduldig in kwade dagen, totdat
de zondaar zich opnieuw een kuil heeft gegraven
“.
Psalm 93 (94): 12
Wanneer zijn voet opnieuw wordt geschokt en kreupel gaat lopen of
doordat een oude vergiftiging weer opspeelt.

De gemeenschap in Jezus Christus, onze Heer
Zie, uw God, de Wraak zal komen ...We dienen daarom niet te spreken van een:
‘God van vergelding’ – of in oudere vertalingen: ‘God van de wraak‘.
Waarom is dit oud!,  niet-‘orthodox’ denken, maar ‘gereformeerd’;
uitgaande van een straffende God
– een God als een boeman.
Omdat God niet vergeldt, geen wraak neemt – God begeleidt de mens in Liefde.
Je zou toch denken dat die ander een heel verwrongen beeld van God heeft . . . . .
Om me heen hoor ik spreken over een God, Die Liefde is en
dit eveneens van Zijn volgelingen verwacht.
Het geloof evolueert
– wanneer je in onze tijd het oude reformatorische beeld niet omdraait –
wanneer je je [openbaar] onderwijs inzet met – een God van vergelding – ga je
gebukt onder een verwrongen godsbeeld – of ben je in ieder geval eenzijdig.
Wraakzucht is in tegenspraak met de Liefde tot de naasten, Die ons door de Heer en
als het goed is in Zijn Lichaam, de Kerk wordt voorgeleefd.

De kerk [het instituut] contempleert de Waarheid, maar bezit of is deze niet.
Ze getuigt van Gods rijk, maar is het niet.
Er is een verschil, een kloof tussen het instituut en Gods belofte.

Het instituut kan de ruimte van de Belofte niet bevatten.
Er is daarom ook altijd een verschil tussen de institutionele werkelijkheid van de kerk
en de overmaat aan Liefde Die de kerk zelf niet bevatten kan.

Is dat verschil een tekort?  Dat zeker niet.
Het verschil is de voorwaarde voor de waarachtigheid van de kerk
“.
uit “Worden wat God Is“, André Zegveld

schamenWe schamen ons er een beetje voor als
het ter sprake komt met niet-christenen – met
stukken uit bijvoorbeeld het Oude Testament over geweld van God en de wraak van God.
We verantwoorden ons dan met de opmerking
– dat dit een godsbeeld uit het Oude Testament is, maar niet meer oevereenkomstig het Nieuwe Testament.
In het Nieuwe Testament laat God Zich ‘echt zien‘ en daar is Hij ter voorkoming een hoop vroeger beleefde ellende – de God van de wraak.
Hoe goed deze vondst op het eerste gezicht ook klinkt
– het klopt van geen kant, nog voor geen meter.
Eeuwen geleden kreeg ene Marcion – uit Sinope,
te Pontus [ ca. 160] – reeds deze gedachte.
Hij zei dat de God van het Oude Testament een lagere God was,
een God van vergelding en wraak.
In het Nieuwe Testament zou het daarentegen dan gaan
om een hogere God, de God van de Liefde.
Dit gaat natuurlijk niet, want onze God is ‘de Onveranderlijke’,
is gisteren, vandaag en in de toekomst dezelfde God.
De Marcionieten en haar honderdduizenden aanhangers
werden uiteindelijk als een ketterij veroordeeld.
Want het klopt dus niet dat de God van het Oude Testament
een andere God is dan het Nieuwe Testament.
Het kennen van God breidt zich in het Nieuwe Testament wèl uit en
het verdiept zich door Jezus Christus enorm, maar
God wordt niet op eens een heel andere Persoon.
Gods liefde voert zeker de boventoon in het Nieuwe Testament, maar
deed dit ook al in het Oude Testament.
Maar die Liefde verhindert niet dat er ook over Gods wraak wordt gesproken.
In het Nieuwe Testament klinkt hetzelfde als in het Oude Testament – bv.
Vergeldt niemand kwaad met kwaad; hebt het Goede voor met alle mensen.
Houdt zo mogelijk, voor zover het van u afhangt, Vrede met alle mensen.
Wreekt uzelf niet, geliefden, maar laat plaats voor de toorn, want er staat geschreven:
Mij komt de wraak toe, Ik zal het vergelden
“.
Rom.12: 17-19
Ook noemt Paulus het “Inderdaad een Recht van God
aan uw verdrukkers verdrukking te vergelden
“.
1Thess.1: 6,7
Paulus schrijft dit aan de toen nog kleine gemeenschap; ze zijn nog niet zo lang christen en
ze hebben het zwaar. Ze worden onderdrukt en vervolgd; ze ondervinden weerstand van
heel veel mensen.
Hoe bemoedigt Paulus hier?
Hij zegt niet onze gemeenschappelijke wraak is de Liefde.
Nee. Hij wijst naar de toekomst, want een christen is een mens die leeft in de verwachting.
Als christen kijk je naar vóren, je kunt het nu volhouden omdat je in de toekomst iets verwacht.
Dan zullen de rollen zullen worden omgedraaid; dan zullen je onderdrukkers worden gestraft met onderdrukking. En degenen onder u, die nu onderdrukt worden,
zullen in het Hemels Koninkrijk, in de toekomst bevrijding ervaren.
Ook uit Openbaringen blijkt dat aan het eind van de tijden
God de kwaaddoeners zal wreken om zijn volgelingen recht te verschaffen.
En toen Hij het vijfde zegel opende, zag ik onder het altaar de zielen van hen, die
geslacht waren om het woord van God en om het getuigenis, dat zij hadden.
En zij riepen met luider stem en zeiden: Tot hoelang, o Heilige en waarachtige Heerser,
oordeelt en wreekt Gij ons bloed niet aan hen, die op de aarde wonen?
“.
Openb.6: 9,10;
En ik hoorde de engel der wateren zeggen:
Rechtvaardig zijt Gij, die zijt en die waart, Gij Heilige, dat
Gij dit oordeel hebt geveld.
Omdat zij het bloed van de heiligen en van de profeten vergoten hebben,
hebt Gij hun ook bloed te drinken gegeven; zij hebben het verdiend!
“.
Openb.16: 5,6

de tuinWraak is ‘niet’ zo maar iets wat een kerkgemeenschap – een instituut zich kan toebedelen; dat is |alleen aan God voorbehouden. Vergelding, bloeddorstige wraak, haat, wreedheid, dienen wij als [orthodoxe-] christenen van ons af te schudden  – anders krijg je
een heel verwrongen beeld van God.
Bij ‘wraak’ gaat het in de Blijde Boodschap
toch over iets heel anders
– daar gaat het over eerlijke vergelding, over het rechtzetten, over straf, die je toekomt mogelijk
in de toekomst.
Echter de beoordeling komt alleen God toe en
‘niet’ aan een of andere
kleine orthodoxe gemeenschap.

  • Het afwijken van de Waarheid kleeft als een soort beschermheer aan onze ziel.
    Het ware zelf, de bron, is zo kwetsbaar, zo een en al Liefde,                                                   zo zonder enige verdediging.
    Het is van generatie op generatie overgedragen, het is er, we kunnen er niet omheen.
  • Het is onze overlevingsstrategie onder invloed van – en als reactie op – onze omgeving.
  • Het hoogmoedig afwijken van de Waarheid bepaalt wat veilig is en onveilig,
    wat goed is of slecht, wat wel of niet mag.
  • Het afwijken van de Waarheid wringt zich in duizend bochten. En het gekke is dat hij dat alleen maar doet om ons te beschermen tegen onheil. Terwijl hij zelf het grootste onheid is geworden dat ons van de Bron scheidt.

God is niet met ‘iets’ bezig, Die is er gewoon en vraagt Zich niet af Wie Hij is. Zijn invloed blijft voelbaar. Het is het basale vertrouwen dat
de meeste mensen hebben als het ergens op aan komt.
Het is het keiharde Goddelijke beginsel dat krachtiger is dan
welke afwijkende waarheid ook.
De ziel is rijp als de afwijkende waarheid zo transparant en ijl wordt, dat
deze verdwijnt en de Bron van alles zichtbaar wordt.
Dan wordt deze afwijkende waarheid onzichtbaar en transformeert in
de Goddelijke Waarheid zoals Die is.

Tot slot, misschien voel je je aan de kant van de onderdrukten.
Misschien ben je wel echt beschadigd – door je je ouders, je kinderen, een vriend of vriendin. Misschien denk je – nou ja ik heb niet gemoord, geweld gebruikt of
iemand psychisch mishandeld, maar op allerlei kleinere manieren,
soms heel subtiel, heb ik ook zo vaak aan de kant van het kwaad gestaan.
Als je dan bang bent, of je achtervolgt voelt.
Wanneer je angst voelt voor die ander – weet dan dit:
Christus’ Vrede was op Hem. Jezus Christus droeg onze  straf.
Zelfs voor een moordenaar naast Hem aan het Leven-schenkende Kruis,
zelfs ook voor een aards-leugenaar als Petrus.
Zelfs voor iemand die onschuldigen gevangen nam zoals Paulus.
Zelfs voor jou en mij, teneinde ons vrede en rust te brengen;
Vrede tussen God en jou, rust over ons verleden.
Daar aan het Leven-schenkende Kruis vergold God het kwaad dat wij deden.
Hij Die alleen maar goed had gedaan.
Hij Die als mens volkomen vol Liefde is geweest. Hij droeg onze straf . . .

Allen, die door de Geest Gods geleid worden, zijn zonen GodsWanneer je als niet-gedoopte, als christen, als orthodox christen
in Jezus Christus gelooft – gaat de straf,
die je toekomt op ‘Hem’ over.
Laat ieder zo leven, als
de Heer hem heeft toebedeeld,
zo, als God hem geroepen heeft
“.
1Cor.7 : 17.
De slaaf, die in de Heer geroepen werd, is een vrijgelatene van de Heer;
evenzo is hij, die als vrije geroepen werd, een slaaf van Christus.
Gij zijt gekocht en betaald
“.                                                                                                                 1Cor.7: 22

een parel in Gods hand Weet jij dat God, de Vader je kent?
Weet jij dat je van waarde bent?
Weet jij dat je een ‘parel‘ bent?
Een ‘parel’ in Gods hand!
Is het dan niet mooi om een parel te zijn?
Wat is dat eigenlijk? Een parel
begint als een korreltje zand in  de zee.
Dat komt in een oesterschelp terecht.
Het korreltje zand heeft scherpe randjes,
de oester vindt dat vervelend en gaat langzaam maar zeker die scherpe kantjes eraf slijpen.
Het korreltje wordt mooi glad en rond; het groeit aan; het wordt steeds een beetje groter.
Kleine kristalletjes worden door parelmoer aan dat korreltje vastgeplakt. Laagje op laagje.
Zo ontstaat er een parel, de een wat groter dan de ander.
Het hangt er maar net vanaf, wanneer een parelvisser die heeft opgevist.
Een parel, met dunne laagjes kristallen heeft een mooie glans over zich, het
wordt als een sieraad beschouwd.
Ieder kind van God is een parel, die groeit wanneer het zich er voor inzet.
Op deze manier zet God alles recht. Niets wordt over het hoofd gezien.
Aan de Hemelpoort worden onschuldigen beschermd, zij worden in ere hersteld.
En zo breekt Gods toekomst aan. De toekomst van recht en gerechtigheid.
De toekomst van de Goddelijke Waarheid, eerlijkheid.
De toekomst van God – zonder wraak, zonder haat, zonder onrecht, zonder kwaad.
Die toekomst – daar gaat het naar toe.

Onze Vader, Die in de Hemelen zijt,
Uw Naam worde geheiligd,
Uw Koninkrijk kome,
Uw wil geschiede op aarde zoals in de Hemel.
Geef ons heden ons dagelijks brood,
en vergeef ons onze schulden.
zoals ook wij aan anderen hun schuld vergeven;
en leid ons niet in bekoring,
maar verlos ons van het kwade.
Want aan U is het Koninkrijk en de Kracht en de Heerlijkheid
van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest,
nu en altijd en in de eeuwen der eeuwen,  Amen“.

Orthodoxie & de oproep tot heiligheid

Geestelijke hulp is voor elke christen nodig en
dient gebaseerd te zijn op de tekst Blijde Boodschap van het Evangelie;
het geeft vorm aan je persoonlijk gebed en is een oproep tot heiligheid.
Mocht iemand in de verleiding komen om te denken
dat christelijke mystici overdrijven ten aanzien van de noodzaak tot
het aangaan van deze heilzame weg en dat het gewoon niet voor iedereen nodig is
deze ladder [berg] te beklimmen,
dan zou ik hem aanraden het volgende te lezen.

Om die reden buig ik mijn knieën voor de Vader, naar Wie
alle geslachten in de hemelen en op de aarde genoemd worden, opdat
Hij u zal geven, naar de rijkdom van Zijn heerlijkheid, met
kracht gesterkt te worden door Zijn Geest in de inwendige mens, opdat
Christus door het Geloof in uw harten woning kan maken.
Geworteld en gegrond in de liefde, zult gij dan samen met alle heiligen,
in staat zijn te vatten, hoe groot de breedte en lengte en hoogte en diepte is en
de Liefde van Christus te kennen, Die al de kennis te boven gaat, opdat
je vervuld wordt tot alle volheid Gods.
Hem nu, Die blijkens de kracht, welke in ons werkt,
bij machte is oneindig veel meer te doen dan wij bidden of beseffen
“.
Eph.3: 14-20
Wanneer je dit dan gelezen en herlezen hebt, teneinde
het goed tot je door te laten doordringen;
bouw dan een stilte in en
overweeg je verleiding nog eens.

Drie-eenheid icoonDe vaders van de 1e Concilies hebben God doorzien en
ervaren in het kader van de H. Drie-eenheid; dit was
een evolutionair proces.
Tijdens het Concilie van Nicea, dat in 325 bijeen kwam,
werd deze heersende gesteldheid hoe men in het christendom over God dacht gedefinieerd.
Hoewel de Drie-eenheid niet in de Bijbel staat vermeld,                                                                heeft God Zichzelf geopenbaard                                                                                                            als Vader, de Schepper; de Zoon, de Verlosser; en de H Geest,                                                      Waarheid, Raadsman, Pleiter en Wegwijzer.
Vanaf dat moment was het mogelijk om op een plechtige wijze uitdrukking te geven
aan God als drievoudige ervaring.
Jezus’ praktijk in het aanroepen van – de God van Abraham, Isaak en Jacob –
was  “Abba”, of Vader, hetgeen de vaders ertoe bracht dit Vaderschap van God
te gebruiken als de primaire metafoor voor God.
Geloven dat Jezus, God was in menselijke vorm, maakte dat zij Hem inkaderde als
de “enige en waarachtige Zoon van God” en daarom als Gods Zoon.
Hun ervaring van Jezus’ levende aanwezigheid die hen in de drievoudige liefde met God verbond, leidde hen overeenkomstig Christus’  woorden naar de metafoor van de Geest en beschrijft dat “God met ons is“.
Dus de traditionele drie-eenheid werd geformuleerd teneinde
de volgelingen van Jezus bij te staan in hun verschillende spirituele ervaringen en om
op een zinvolle manier over God te kunnen praten.

Zeventien eeuwen later is de wereld behoorlijk veranderd.
– Hoe werkt de H. Drie-eenheid en past dit beeld in
de verafgelegen steeds maar uitbreidende sterrenstelsels in de ruimte van het Heelal?
– Hoe gaan we om met de levenskracht van “de Vader” in een wereld van de
DNA en de kwantumfysica?
We ervaren door de veranderingen van de kennis tevens een veranderende
manier te denken van de H Drie-eenheid.
Zie maar waar je tegenaan loopt en of het nuttig is wanneer je
met alle christenen de extravagante dimensies van Christus’ Liefde
tracht bij te houden.
Steek je hand uit en ervaar de breedte en de lengte;
peil de diepte en stijg op naar de hoogste hoogten!
Leer de Liefde van Christus kennen, Die de kennis te boven gaat, opdat
je vervuld wordt tot alle volheid Gods [Eph.3: 18-19].

  • Wanneer we stil staan bij ons beeld van God, laat mij
    dan de eerste vraag overstijgen en jullie informeren:
    Is onze God jullie wel groot genoeg? God is in alles en alles, wat bestaat.
    Kijk in één enkele cel van je lichaam en
    vinden er iets als een DNA-streng. God is er aanwezig.
    zandkorrel op het strandDat herinnert ons aan onze oneindig kleinheid, het
    gevoel van een zandkorreltje op het strand of
    – een druppel water van de zee.
    Kijk door de Hubble ruimtetelescoop en vind
    daar een ver verwijderd sterrenstelsel. God is daar en ook daarbuiten.
    Dat herinnert ons aan Gods Grootheid of Lengte.
    Het lijkt erop dat de beginperiode ergens verder gaat; Het evolueert.
    Dit is het web van het leven dat behouden wordt in het hart, de Liefde van God.
    Zoals Paulus zegt:
    Want in Hem leven wij, bewegen wij ons en zijn wij, gelijk
    ook enige van uw dichters hebben gezegd:
    Want wij zijn ook van Zijn geslacht.
    Daar wij dan van Gods geslacht zijn, dienen wij niet te menen, dat
    de godheid gelijk is aan goud of zilver of steen door
    menselijke kunstvaardigheid gesneden of bedacht.
    God dan verkondigt, met voorbijzien van de tijden der onwetendheid,
    heden aan de mensen, dat zij allen overal tot bekering dienen te komen; omdat
    Hij een dag heeft bepaald, waarop Hij de aardbodem rechtvaardig zal oordelen
    door een Mens, Die Hij aangewezen heeft, waarvan Hij voor allen het bewijs geleverd heeft door Hem uit de doden op te wekken
    “.
    Hand.17: 28-31
    Dit is onze God in Wie wij leven en voortbewegen en
    ons recht van bestaan ontlenen.
    Dit is alleen bij de grootste God mogelijk; dit is de God van de oneindige Liefde;
    dit is het Oneindige van aangezicht tot aangezicht van God.
  • De tweede informatie die daarop volgt is:
    Komt jouw God je wel dicht genoeg nabij?
    Jezus ervoer dit Oneindige aangezicht van God dicht bij Hem
    – zo dichtbij dat Hij God – ‘Abba’- noemde, dezelfde
    naam met wie hij Zijn eigen [peet-]vader, Joseph aansprak en die Hij eveneens liefhad.
    Dit was de term zoals -“Papa”-, de diepste intimiteit en respect weergeeft.
    Hij leerde ons dat we God tevens kunnen ervaren in de leven-veranderende nabijheid.
    Laten we dit het vertrouwde Aangezicht van God noemen.
    We gebruiken veel namen bij de verwijzing naar Jezus:
    Broeder, Metgezel, Vriend, Geliefde.
    Sommigen verwijzen naar God als Vader / of Moeder, de Wezer, de Aanwezige.
    Dit is de God tot wie wij bidden en we veel kunnen spreken zoals met een ouder of vriend.
    Ook dit is de drie-eenheid.
  • De laatste informatie:
    Is jouw God “je” genoeg, is Zijn Genade je genoeg?
    Jezus sprak niet alleen ‘over’ God – ‘naar’ God, maar ook
    Gods aanwezig zijn ‘in ons’ en ‘wij in God’.
    God heeft ieder van ons geschapen naar Zijn beeld.
    Zoals God in Christus was, is God nu dus ook in ons.
    God wil dat wij groeien in Zijn beeld en dat beeld kwam volledig tot uiting in Jezus.
    Dat is onze ‘Ware zelf’, het ‘zelf’ door God geschapen en het beeld wat God met ons van plan was.
    We zijn hier op aarde neergezet om te groeien naar het beeld en de gelijkenis van Jezus.
    Dat is wat het betekent om volledig mens te zijn en te zijn ‘als God’.
    Dit aangezicht van God is je innerlijke god.

Wonderbare broodvermenigvuldiging2Wanneer we nu gedoopt zijn, bekleed zijn met Christus en
wij zondags gemeenschap hebben met Hem, door
tijdens de Goddelijke Liturgie te communiceren
ervaren we dan dat we de Heilige Drie-eenheid ontvangen
Ervaren we en begrijpen we een beetje wat we daar doen.
Heeft deze informatie dan wat toegevoegd en breidt dit
het Beeld van God uit;  het te zien als                                                                                                  het Oneindige aangezicht van God en helpt het                                                                                jou persoonlijk Gods uitgestrektheid te ervaren,
terwijl het vertrouwde gezicht van God je helpt Gods persoonlijke nabijheid te ervaren
en dat de nabijheid van God je herinnert aan Gods verlangen naar jou en mij om
als God-dragende te groeien naar dit beeld en in de wereld.

Bidt dan samen met de Heilige Basilios
Meester, Christus God, Koning van de eeuwen, Maker van het Heelal;
ik dank U voor alle weldaden die U mij geschonken hebt en
in het bijzonder voor het ontvangen van Uw zuivere en levendmakende Mysteriën.
Ik bid U, goede en menslievende God, bewaar mij onder
Uw bescherming in de schaduw van Uw vleugelen.
Geef mij de Genade om tot mijn laatste adem Uw heilige Mysteriën te mogen ontvangen met een zuiver geweten, tot vergiffenis van mijn zonden en voor het eeuwig leven.
Want Gij zijt het Brood des Levens, de Bron der heiligheid en
de Uitdeler van het Goede.
En aan U brengen wij eer, met de Vader en de Heilige Geest;
nu en altijd en in de eeuwen der eeuwen.
Amen
.

 

Orthodoxie & het Licht in de duisternis.

Christus Pantocrator, I.M. Chilandar [Athos]In het Woord was leven en
het leven was het licht der mensen;
en het Licht schijnt in de duisternis en
de duisternis heeft het niet gegrepen“.
John.1: 4,5
Het Licht in de duisternisAl de duisternis in de wereld kan
het licht van één kaars
niet doven
“.
H. Franciscus van Assisi

Er bestaat geen geschreven geschiedenis over
het maken van kaarsen.
Er bestaan echter wel verwijzingen naar verlichting tot ver in de oudheid met behulp van geitenvet, welke via Kreta en Egypte terugvoert tot 3000 vóór Christus.
Er wordt al melding van kaarsen gemaakt in
de Bijbelse geschiedenis in de tiende eeuw vóór Christus.
Er werd in Avignon, Frankrijk een stompje kaars uit de eerste eeuw na Christus gevonden.
In de vierde eeuw vóór Christus, werden kaarsen door de Oude Egyptenaren ontwikkeld;
door het weken van de rietkern in gesmolten dierlijk vet.
Voor de zogenaamde stormloop van de verlichting, hadden ze geen lont als kaars.

Romeins olie-lampje– De vroege Romeinen staan te boek als
de ontwikkelaars van het olie-lampje met
een lont die van papyrus werd gemaakt [een lange, aquatisch, mediterrane gras achtige plant].
– In de Middeleeuwen, werd de bijenwas, een stof die afgescheiden wordt door honingbijen                                                                                                  waarmee zij hun honingraten maken, geïntroduceerd.
Bijenwaskaarsen een duidelijke verbetering ten opzichte van was gemaakt met talg
aangezien zij niet de rokerige vlam produceerden of
een onaangename geur verspreidden wanneer het werd verbrand.
oldest bees wax candles, the alamannic graveyard of Oberflacht, Germany - 6th7th cntIn plaats daarvan, brandde bijenwas-kaarsen zuiver en schoon op; ze waren echter vrij kostbaar en zodoende
konden alleen de rijken en de Kerk dit veroorloven.
– In de veertiende eeuw Engeland, werden de personeelsleden van het Koninklijke huishouden deels uitbetaald met kaarsen van bijenwas.
Tot aan het bewind van George de IIIe, werden de uiteinden van de gebruikte kaarsen van bijenwas uit de koninklijke paleizen gegeven aan de Lord Chancellor als een waardevol voordeel in zijn positie.
– Vanaf de zestiende eeuw, verbeterde de levensstandaard hetgeen blijkt uit de toenemende beschikbaarheid van kandelaars en verschijnen er kandelaars in de betere huishoudens. Vanaf dat moment werden de kaarsen meestal verkocht per pond of verkocht in bundels van acht, tien of twaalf kaarsen.
De kaarsen voor het dagelijks gebruik bleven gemaakt worden van dierlijk vet (talg),
meestal van schapen of koeien.
Deze kaarsen hadden meestal een donkere, gelige kleur en verspreidden waarschijnlijk
een afschuwelijke nare geur.

Japanese Candles with Handpainted Motifs of Chinese Zodiacs– Vroege Chinese en Japanse kaarsen werden gegoten in papieren buizen.
Ze waren gemaakt van een was gemaakt
van een insecten bekend als “Cocus” en
werden gemengd met zaden van diverse bomen. De omslag werd gemaakt van opgerolde rijstpapier.
– In India werd het gebruik van dierlijk vet in kaarsen verboden bij religieus decreet
dus werden kaarsen gemaakt van magere was, die tijdens het koken kaneel overbleef.
– Langs de noordwestkust van Noord-Amerika hebben de Indianen
licht geproduceerd door het voeren van een vette gedroogde rook in een gleuf aan
het einde van een stok en het vervolgens aan te steken,  een soort gaspit.

kaarsenmakerij middeleeuwen– In de Shetlandeilanden [Scotland] is
de ‘Stormy Petrel’ -vogel bekend evenals andere vogels die bekend staan vanwege
een hoog gehalte aan vet in hun lichaam,
deze werden opgejaagd, gedood en gedroogd. Ze werden dan als vlerk neergezet en dat lichaamsdeel werd aangestoken om licht te produceren.
– America ‘s koloniale vrouwen ontdekte dat het koken van de grijsgroene bessen van de bay-berry struiken een welriekende was voortbracht die heel schoon opbrandde;
echter, het onttrekken van de was aan de bay-berries was een erg vervelend klusje.
Price's Palmitine Candles– In de 18e eeuw in Engeland, kaarsen werden door de staat
met belasting toegevoegde waarde [onze huidige BTW] belast
en werd het gewone mensen verboden om ze zelf te maken,
zoals nu het stoken van alcohol.
Er waren twee gilden kandeliers, een voor de talg kandeliers en één voor was kandeliers. Zij waren de enigen die tot 1831 een licentie kregen tot de productie van kaarsen. Vanaf 1831 werd die wet ingetrokken, waarschijnlijk omdat het te weinig opleverde.
– Ook in de 18e eeuw bracht sinds de Middeleeuwen de groei van de walvisvaart
de eerste grote verandering in het vervaardigen van kaarsen teweeg.
Het was toen de spermaceti, een wax die verkregen werd door potvis tot olie te kristalliseren, die overvloedig beschikbaar kwam.
Net als bijenwas, heeft de spermaceti was bij verbranding niet zo’n weerzinwekkende geur.
Het was ook moeilijker om zoals met de talg als bijenwas deze gekristalliseerde olie te buigen, hetgeen betekende dat het niet verzachtte of om-vèr-boog in de zomerse hitte.
candle making machines, water cooledHet was in de 19e eeuw dat de meeste belangrijke ontwikkelingen van invloed werd op de hedendaagse kaarsenmakerij.
In 1834 introduceerde de uitvinder
Joseph Morgan een machine waardoor
onafgebroken productie van gegoten kaarsen mogelijk werd.
Een cilinder die een beweegbare zuiger bevatte stootte de kaarsen uit wanneer ze waren gestold.
In 1850 nam tenslotte de productie van de
eerste paraffine-was uit olie en steenkool schalie een aanvang.
Het werd gemaakt doordat het destilleren van restafval na de ruwe aardolie werd verfijnd.
Het resultaat een blauw-witte was werd netjes en zonder onaangename geur uitgevonden om Kaarsen te verbranden.

Wij houden van kaarsen, omdat ze te boeien, te stimuleren, met ons te vieren,
ze verwarmen ons, geven rust en prikkelen ons.
Vandaag de dag kaarsen zijn zeer populair.
Zeven van de tien huishoudens gebruiken kaarsen.

Hoewel niet vereist voor verlichting, gebruiken we
kaarsen om verschillende redenen, waaronder feest, romance [bij de maaltijd],
de inrichting en vanwege de geur.
Vele tradities en overtuigingen hebben kaarsen als hun basis.
Het is beter om een ​​kaars aan te steken dan de duisternis te vervloeken“.
Moeder Theresa van Calcutta

Oude gewoonten besloten dat een kaars moest worden aangestoken op
het moment van overlijden om te voorkomen dat
de demonen de ziel van de stervende in beslag nemen.
De Grieken en Romeinen staken al kaarsen of fakkels aan om
de doden te begeleiden naar hun laatste rustplaats.
Tot in de 15e eeuw, werden kaarsen gebruikt in kerken gemaakt van bijenwas
omdat men dacht dat de bijen is ontstaan ​​in het Paradijs.
Puriteinen voegden er een beetje buskruit aan toe
om hun kerstkaarsen met kerst met een flits en een explosie in te luiden;
zo ontstond het vuurwerk van oud- op nieuw,
hetgeen door het vele misbruik zijn laatste tijd nadert.
Clock of the ancient worldExcommunicatie aan de hand van
een lengte kaars was een vorm van excommunicatie waarbij de dader berouw wordt toegestaan gedurende de tijd dat
de kaars nog brandt,
In de middeleeuwen was er een merkwaardige praktijk ontstaan van het aanbieden in een schrijn van één kaars of een aantal kaarsen tegelijk
waarbij de Heilige, de persoon van wie een gunst werd gevraagd
de kaarsen kreeg aangeboden;
'be-meten' van een H. Nicolaas-icoonDit werd het “be-meten van de Heilige . . . . [N.N.]” genoemd, ik ben dat op de berg Athos ook nog tegengekomen, waarbij bij het kloosterfeest,
de bezoekende abten of bisschoppen knotsen van en metershoge dikke kaarsen aanbieden.
De praktijk kan worden teruggevoerd naar de tijd van de Heilige Radegund, een Habsburgse patroonheilige en loopt later dwars door de Middeleeuwen heen.
Dit was vooral gebruikelijk in Engeland en Noord-Frankrijk in de twaalfde en dertiende eeuw.

Een kaars opsteken ter verlichting van een ceremonie is traditioneel bij verschillende aan
de leeftijd gerelateerde feesten:

  • ­Dertien kaarsen worden aangestoken door een joods kind op
    het moment van hun Bar/Bat Mitswa.
  • Vijftien kaarsen worden aangestoken bij
    een Mexicaans meisje dat haar vijftiende verjaardag viert.
  • Zestien kaarsen worden aangestoken op een zoete partij zestien.

De meesten van ons hebben deze eerste magische daad van kaars aansteken uitgevoerd
op de leeftijd dat we zijn twee jaar oud waren. Het uitblazen van de kaarsen op onze eerste verjaardagstaart en het maken van een wens is pure magie en past dus niet in
onze christelijke leefwereld.
Deze door ons persoonlijk geïndoctrineerde jeugd is gebaseerd op de drie magische principes van concentratie, wilskracht en visualisatie.
In eenvoudige termen weergegeven, zou het kind
– haar wens willen doen uit komen bij de concentratie op de vlam [het kaarsjes uitblazen],
– het visualiseren is het eindresultaat [het formuleren een wens] en
– de hoop dat die waarheid [de eigen wilskracht] bekrachtigd zal worden.

''Het volk wat in duisternis wandelt heeft een groot Licht gezien'' , Isaiah 9:  2Jezus Christus zei dat Zijn volgelingen
lichtend voorbeeld in de wereld van de duisternis.
Tezamen vormen we een stad op een heuvel die niet kan worden verborgen.
Mensen kunnen het licht van mijlen in de verte zien.
Een licht kan aldus hoop, richting, comfort en veiligheid geven.
Een licht in de duisternis bant angst, wanhoop en verwarring uit.
Jezus Christus is de Ware Licht en Zijn gelovigen zijn kleine lichten.
Als Hij opgevaren is naar Zijn Vader en Zijn Heilige Geest heeft uitgestort
in de harten van de 120 die tezamen waren in het bijzijn van de Theotokos op de Pinksterdag, werd de bovenste kamer verlicht met de Glorie Gods
Die al snel de gehele stad en het platteland vervulde en
niet kort daarna de gehele bekende wereld.
De geest van de mens is een lamp des Heren,
die al de schuilhoeken van het hart doorzoekt.
Met deze Liefde en Trouw bescherm ons de koning en
door onze liefde stemmen wij in met Zijn Heerschappij“.
Spr.20: 27,28

Stilte is goud waard

gebed van het hartIk heb God regelmatig verzocht
Zijn dienaren te doen herleven,
alsmede de gelovigen in de gehele wereld;
om hun geestelijke ogen te openen en hun de eensgezindheid te laten inzien van de duistere praktijken om hen heen,
in plaats van zich tot het Licht te wenden en
de duisternis de rug toe te keren.
In de afgelopen weken, zie ik steeds meer                                                                                           predikers met meer passie het heil                                                                                                       verkondigen dan ooit over de kracht van het                                                                                     Leven-schenkende Kruis en heb ik de                                                                                                 behoefte om terug te keren naar de basis van                                                                          het gebed, het vasten en de studie van Zijn Woord.
Ik geloof dat alleen verbetering optreedt als gevolg van gebed.
Ik geloof dat God met behulp gebed van mannen, vrouwen en jongeren
over de hele wereld en behorend tot elk volk,
vanuit het diepst van hun harten en met gebogen knieën hun voorbede aanhoort.
Wanneer als gevolg van een opleving van wereldwijde voorbede,
kaarsen worden ontstoken en de nieuwe olie van de Heilige Geest wordt verbrand
dit de duisternis zal terugdringen die probeert de Kerk en het christelijk geloof
onderuit te halen en  het door het aanbieden van een comfortabel leven tracht te verdoezelen.
Licht. de grote intochtDe recente intensiteit van de aanvallen op de Zoon van God en degenen die in Hem geloven is zodanig, dat het oproept
de kaarsen, met het bijbehorend gebed
tot de Heer samen te komen over de gehele wereld op
de enige plek naast de kerk waar het nog  mogelijk is dit te doen:
Ikonenhoekop de knieën in gebed in je binnen-kamer waar overvloedig de olie voor onze persoonlijke verlichting door de Heilige Geest wordt uitgegoten.
Alleen dit zal de duisternis van de boze en dienaren van de duivel in hun hok terugdrijven, zodat degenen die inderdaad hongeren naar de Heer hun weg naar Hem terugvinden,
Christus de Waarheid en het Leven, ons Licht in deze verduisterde wereld.
Strijders vechten tegen de boze geesten van de duisternis om Gods Heilige Licht helderder te laten schijnen.
Christus keert eenmaal terug om ons naar die plaats terug te leiden die Hij heeft bereid voor degenen die Hem liefhebben. Een woning die geen behoefte heeft aan Zonlicht; want
Jezus Christus zal het Licht zijn van de Kaars, Die daarin voor alle eeuwigheid branden zal.