Orthodoxie & waarom Christus voor ons moest sterven?

Christ Pantocrator, [detail] Chilandar, Athos [Gr.]Maar toen de volheid van de tijd gekomen was,
heeft God zijn Zoon uitgezonden geboren uit een vrouw, geboren onder de wet,
om hen, die onder de wet waren, vrij te kopen, opdat
wij het recht van zonen zouden verkrijgen“.
Gal.4: 4-5

Veel sceptici vragen zich hierbij af:
• Waarom heeft Christus, Die toch volkomen onschuldig    was, de ergste vorm om dood te gaan,  de dood aan het   Kruis moeten doorstaan om de mens te verzoenen met   God de Vader?
• Heeft Christus werkelijk de dood overwonnen?
• Wat zou ons leven voor zin hebben gehad als Christus                                                                    niet voor ons was gestorven?
Om het belang van het offer van Christus te doorgronden,
dient men de reden van Zijn komst in de wereld te onderkennen.

Schepping van Adam en Eva– In overeenstemming met de Heilige Schrift werd de mens door God gevormd
uit “het stof van de aarde” [Gen.2: 7]
en werd hij geschapen naar het
beeld en gelijkenis” van God [Gen.1: 26].
– De mens werd als Koning over
de hele schepping in de Hof van Eden geplaatst [Gen.2: 8].
– De mens is vanaf het eerste begin gemaakt naar Gods “beeld” en  heeft alle mogelijkheden aan de “gelijkenis” van God zowel aan deugden als de volmaakte gehoorzaamheid overeenkomstig Gods Wil meegekregen.
– De mens werd door God gemaakt om een goddelijk leven op aarde te leiden.
De eerste mens had geen enkele belemmering voor Gods kennis en
door zijn zuiverheid kon hij het Woord van God via zijn denkleer [logica] aanschouwen. Doordat de mens op een dergelijke  wijze was geschapen,
leefde hij met een zondeloze gesteldheid en kreeg tevens de stem van het geweten.
– De mens was in staat gesteld om ‘niet’ te zondigen, maar
tegelijkertijd bezat hij de vrijheid om te zondigen.
Zonde was dus niet aan de menselijke natuur verbonden, maar
aan zijn vrije beslissing overgelaten; met
andere woorden het stond hem vrij zijn eigen wil te gebruiken.
– De mens leefde voor de val in volle harmonie met Gods heiligheid en
werd door gehoorzaamheid en heiligheid in staat gesteld zichzelf in de richting
van het lot van het zijn in de “gelijkenis” aan God te ontwikkelen.

schepping van de mens, Adam - Mosaïc. Sicilië Italië []12e eeuw]In Adam waren alle deugden nog niet volgroeid, noch
was heiligheid altijddurend en vervuld. De oor- spronkelijke staat van Adam, voor de zondeval, had als voorwaarde van Genade te leven in Gods aanwezigheid.
De mensen behoefden niet alleen in een dergelijke staat
te blijven, maar om vooruitgang te boeken dienden zij
de deugden met Gods hulp en hun vrije wil  te cultiveren.
Helaas waren de eerste mensen ongehoorzaam aan Gods gebod en aten van de boom van de kennis, die van
de “kennis van goed en kwaad” [Gen.3: 6].
De val van de mens is groter dan men zich
wel gerealiseerd heeft, omdat
1.]. Het zo gemakkelijk voor de eerste mens [Πρωτοπλαστ, Gr. voor het eerst gemaakt]
was geweest God gewoon te volgen en te gehoorzamen.
Er was geen enkel excuus voor het tegendeel.
2.]. De mens heeft immers nog het gebod van zijn Schepper meegekregen, maar
hij vertrouwde de woorden van het schepsel, de slang.
Eva verleid door de slang en Adam volgt haarEva werd niet verleid, maar liet zich verleiden, hetgeen resulteerde in de val; de adviezen die de slang aan Eva gaf waren een daad van rebellie tegen God.
Het doel van het testen van de verboden vrucht van de “boom van kennis van goed en kwaad” was, dat zowel Adam en Eva aan de mogelijkheid bezaten
te zijn als God” [Gen. 3: 6].
De satan verleidde Eva om zich over te leveren aan dezelfde zonde waarmee hijzelf ten onder was gegaan vóór de zichtbare wereld werd geschapen [Is.14: 12-16]; hij sleepte haar met zich mee
in het verderf. Lucifer en Eva wilden de gelijkenis aan God grijpen en boven Gods Glorie uit stijgen,
zonder Gods bemoeienis.
Ze wilden de grootsheid van Gods Majesteit bezitten teneinde met Hem te concurreren.

verleid door de duivel [slang], tot ongehoorzaamheid aan het gebodDe duivel is de vernietiger van het menselijk lichaam, ‘een doorn in het vlees’, zoals
apostel Paulus, zijn aanwezigheid heeft ervaren
en benoemde
[2Cor.12: 7].
Door het lichaam, als een opstapje te gebruiken, kruipt hij in de ziel en grijpt het hart en de geest van een mens, totdat hij deze volledig heeft verslonden, hij verminkt hem en ontneemt hen
de Goddelijke Schoonheid en Zuiverheid, het Begrip en Gerechtigheid,
de Liefde en het Geloof, van de Hoop en het Vooruitzicht op verbetering.
Dan bekrachtigt hij zich in de mens als op zijn troon en neemt alle touwtjes van
het menselijk lichaam en ziel in handen en de mens verwordt door hem
tot een dier waarop hij rijdt, een instrument wat hij bespeelt, een wild beest, waardoor
hij alles en iedereen om zich heen verslindt
“.
H. Nikolai Velimirovich [1880-1956]

verdrijving uit de tuin van Eden, het aardsparadijsDe zonde deed haar intrede toen de mens zijn vrije wil misbruikte en met Gods Wet heeft gebroken.
Zijn hart werd in beslag genomen door slechte verlangens. Van Gods Liefde verwijderd werd het hart van de mens door egoïsme bevangen.
Hij plaatste idolen om zich heen
als valse goden waar de Ware God was.
Vóór de zondeval, was God het centrum van ‘s mensen hart, gevoelens, gedachten, beslissingen en acties.
Maar vanaf het moment dat hij besloot om de Goddelijke Wet te overtreden, werd het ego van de mens
het centrum van zijn hart.
Zo werd de mens zondig, egoïstisch en beschouwde zichzelf als het middelpunt van de schepping.
Hij aanbad zichzelf en eiste dat alle anderen om hem heen dienden deel te nemen
aan deze aanbidding die hij bood aan zijn vergoddelijkt zelfbeeld en ego.
In de duisternis van zelfzucht heeft de mens bovendien nog het idee gekregen
dat hij werkelijk liefheeft en God dient, maar in werkelijkheid denkt hij,
wil hij en handelt hij in strijd met de Ware Liefde.

Adam,de eerste mens, is niet slechts een ouderwetse historische karakterschets, maar het oerbeeld van de gehele mensheidDe resultaten van de zondeval zijn:
1.]. De mens verloor zijn onschuld en                                                                         het kleed van de natuurlijke heiligheid.
Daarom nam hij “vijgenbladeren” om                                                               zijn naaktheid te bedekken [Gen.3: 8].
2.]. Gods genade, die de mens vóórheen de kracht verstrekte om
deugden en rechtvaardigheid te ontwikkelen, was verdwenen.
3.]. Het vermogen om zonder zonde, onschuldig en                                               eeuwig te overleven ging verloren.
4.]. Het eerste mensenpaar beroofde zichzelf van                                                   de rechtstreekse communicatie met God.
5.]. Angst en schuldgevoelens overvielen het hart van de mens.
6.]. De menselijke geest werd verduisterd, en
7.]. De mens beschuldigde God verantwoordelijk te zijn voor zijn val.
Hij beschuldigde God dat Hij hem Eva als zijn vrouw had geschonken [Gen. 3: 18].
Dit is de authentieke specifieke voorouderlijke zonde [Gr. προπατορικὴ ἁμαρτία of
προπατορικὸν ἁμάρτημα, προγονικὴ ἁμαρτία].

Vanuit zijn egoïstisch gesteldheid heeft de mens voortdurend het idee dat
hij gelijk aan God is/kan worden!     Maar in plaats daarvan
wordt hij een slaaf van de zonde en valt onder de tirannie van de dood.
God houdt echter van de mens en ziet niet graag dat de mens
zijn ondergang tegemoet gaat, dat de mens wordt vernietigd,
Hij gaf de mens de hoop, die is voorspeld in de “de eerste blijde boodschap“,
het [=Πρώτο-ενβαγγελιών], welke God hen meegaf:
Ik zal vijandschap zetten tussen u en de vrouw en tussen uw zaad en haar zaad;
dit zal u de kop vermorzelen en gij zult het de hiel vermorzelen“.
Gen.3: 15

Dit stelde de mens na zijn val gerust en gaf het “verstajem” [begrip] mee dat
de val van de mens niet onherstelbaar was.
In de menselijke natuur, zijn na de zondeval, de krachten en vaardigheden latent
aanwezig gebleven welke door de menselijke natuur van Christus zouden worden hersteld naar de staat van waaruit het was gevallen.
Adam en Eva uit het Paradijs verdreven, bestraffing met de doodDe bestraffing met de dood
was een uitdrukking van Gods Liefde
in de richting van de gevallen mens.
De Zonde zou niet voor altijd en eeuwig blijven voorbestaan.
Bijgevolg werd de mens wel verbannen uit de toestand van Gods Genade om de aarde waarvan hij werd genomen te gaan bewerken en kwam hij in de toestand van de ellende, zondigheid en de dood terecht.
Het gehele menselijk ras werd meegesleurd in de val van het eerste mensenpaar;
de voorouderlijke zonde werd daarmee van de ene generatie op de andere doorgegeven.

Het vooruitzicht dat de mensheid verlost zou worden van de gevolgen van de zondeval en haar innerlijke rust zou hervinden, schreeuwde om
vanuit grote behoefte om zijn verzoening met God teweeg te brengen.
De reden voor de schepping van de mens was immers
een leven van een ononderbroken communicatie met God.
Alleen in een dergelijke staat zou de mens echt gelukkig kunnen worden en
in staat om zijn bestemming te vervullen.
Maar toen hij vanwege de zonde werd gescheiden van God,
verloor hij zijn oorspronkelijke lotsbestemming.
Melchizedek aan het offeraltaar met Abel, de zoon van AdamIn alle religies en vooral in de mono- theïstische religie van het Oude Testament, werd  de verzoening met God verondersteld te worden bereikt door het aanbieden van offers, met name offers van bloed.
Voordat de mens tot God kon spreken,
ervoer hij dat hij een offer voor zijn zonden diende aan te bieden.
Voor degenen die de verzoening met God verlangden werd dit door toedoen van deze offers van bloed bereikt.
Omdat ze niets van meer waarde te bieden hadden dan hun eigen leven,
boden ze offers van dieren aan en door het offer van het bloed
kwamen ze tot de erkenning dat zij zelf de dood waardig waren.
In het boek Leviticus, zegt God:
Want de ziel van het vlees is in het bloed en
Ik heb het u op het altaar gegeven om verzoening over uw zielen te doen, want
het bloed bewerkt verzoening door middel van de ziel
“.
Lev.17: 11
Het bloed van het geofferde dier werd voor het eerst op het altaar gesprenkeld en
werd door God aanvaard als een offer namens de ziel van de persoon die het offer aangeboden. Vervolgens werd het gesprenkeld op de mens om van zijn zonden vergeven te worden en
zo werd hij gereinigd.
Door het offer van het bloed kreeg de mens
het recht deel te nemen aan de dienst van God en
werd hij om niet tegelijkertijd lid van Gods uitverkoren Volk.

het offer van Christus aan het KruisDe apostel Petrus zegt
met betrekking tot het offer van Christus aan het Kruis:
Gij zijt niet met vergankelijke dingen, zilver of goud, vrijgekocht van uw ijdele wandel, die [u] van de vaderen overgeleverd is, maar met het kostbare bloed van Christus, als van een onberispelijk en vlekkeloos lam.
Hij was van tevoren gekend, voor
de grondlegging van de wereld, doch
is bij het einde der tijden geopenbaard ter wille van u

1Petr.1: 18-20
God wist in Zijn voorkennis wat er met de mens zou gebeuren en in Zijn voorzienigheid heeft Hij het Mysterie                                                            van de menselijke Verlossing door Jezus Christus voorbereid.
Het is dus helemaal Gods beslissing geweest de weg te bewandelen
waarlangs Zijn Rechtvaardigheid en Heiligheid naar Zijn tevredenheid hersteld zou worden, die als gevolg van de menselijke belediging veroorzaakt was en
de gevallen mens weer met zijn Schepper kon verzoenen.
Het is een feit dat de gevallen en zondige mens, hoewel
hij oprecht verlangt vrij van schuld te zijn,
niet in staat bleek om dit zonder Gods inbreng te bereiken.
God strekte Zijn hand uit naar de mensGod strekte Zijn hand uit naar de mens en verzekerde hem dat verzoening alleen kon worden bereikt door de Genade van God Zelf in Jezus Christus.
Dit teken van Gods Genade was de komst van de unieke Hogepriester [volgens de orde van Melchizedek] onze Heer en Zaligmaker Jezus Christus, het geïncarneerde Woord en
de Zoon van God de Vader.
Hij zou uiteindelijk de enige Middelaar tussen God en de mens zijn.
De ware Messias moest zowel geheel [waarachtig] God als mens zijn om degenen [God en mens], die door de zonde  van elkaar gescheiden werden weer bij elkaar te brengen.
De Messias kwam tot de mens vanwege God en leerde de mens God kennen.
Als de Heiland alleen God was geweest of alleen de mens, zou
de verzoening onmogelijk te bereiken zijn geweest.
Als Christus was alleen mens was geweest, had Hij onmogelijk de mensheid kunnen redden, omdat Hij ook door de zonde zou gebonden zijn en zou Hij nooit in staat zijn om geweest de macht van de dood te overwinnen.
Als Hij alleen God was geweest, dan was Hij niet in staat geweest Middelaar tussen God en de mens te worden, omdat de zonde op die manier door God Zelf zou zijn vernietigd en
zou de tevredenheid van Gods Rechtvaardigheid niet aangetoond worden.
Het antwoord hierop was dat God aan de mens gelijk zou worden.
Door Zijn Incarnatie nam Hij de gehele menselijke natuur op Zich, maar zonder de zonde.
Christus Pantocrator - Florence [It]Toen het geïncarneerde Woord en de Zoon van God in de wereld kwam, sprak Deze
met de mens en verzekerde hem dat
de rust was aangebroken, omdat Hij Zichzelf zou aanbieden voor de redding van de gehele wereld.
Paulus heeft ons dit zo leren formuleren:
Toen de volheid van des tijd gekomen was, heeft God zijn Zoon uitgezonden
geboren uit een vrouw, geboren onder de wet, om hen, die onder de wet waren,                                                                                                 vrij te kopen, opdat                                                                                                                                 wij het recht van zonen zouden verkrijgen
“.
                                                                                Gal.4: 4-5
God heeft Zijn Zoon als Middelaar en Hogepriester van het Nieuwe Testament gezonden.
De missie van Christus was om de wereld met God te verzoenen door
Zijn gehoorzaamheid aan de wil van Zijn Vader.
Hij was er op uit de harmonie met de Goddelijke heiligheid en
de gerechtigheid van God met de mens te herstellen.
God had de mens uiteraard direct kunnen redden en verzoenen, maar
Hij respecteerde de menselijke vrijheid van de wil.
Hij kon aan Zijn goddelijke wil hebben voldaan, maar
zonder het unieke offer aan het Kruis
zou de rechtvaardiging niet hebben plaatsgevonden.

Als God Zijn reddende Genade verleend zonder Zijn Goddelijke Rechtvaardigheid tevreden te stellen, dan zou het fundament van de morele orde van de wereld in wanorde zijn geraakt.
Zonde zou ophouden zonde te zijn, wanneer de Goddelijke Justitie was gestopt
welke de straf op de zonde noodzakelijk maakte.
Het werd van Gods Goddelijke Heiligheid en Rechtvaardigheid geëist dat
er een waarachtig offer zou plaats vinden om de dood van de zonde te vernietigen,
zodat de mens zou worden geregenereerd in Gods absolute Gehoorzaamheid.
Het was van essentieel belang dat de mens, door zijn eigen vrije wil,
alle verbindingen met de zonde teniet doet; om God te behagen.
De mens betreurt zijn vroegere zondige manier van leven en
begint een nieuw leven in Godsvrucht, Goedheid, Deugd en
in volle gehoorzaamheid aan Gods Wil.
Christus verbreekt de banden met de dood, icoon van een orthodoxe parochie in AlbaniëGeen mens had dit logische offer ooit
hebben kunnen aanbieden.
Allen waren onder de zonde en
leefden in de schaduw van de dood.
Allen werden beroofd van Gods Genade en
waren daardoor niet in staat om
de Verlossing te verkrijgen.
Ook kon geen van de engelen
de gevallen mens herstellen en
haar de natuurlijke heiligheid terug bezorgen, omdat heiligheid is iets buiten de essentie en de aard van engelen en alleen kan worden ontvangen door
hun gemeenschap met de Heilige Geest.
Daarom heeft God de verzoening en verlossing van
de gevallen menselijke ras door Zijn Zoon bewerkstelligd,                                                              Die volledig mens werd.
Het offer van de God aan de mens werd niet alleen beperkt in het Lijden van onze Heer en de dood aan het Kruis.
Het omvatte al zijn gehele leven en het omvat een offer van absolute gehoorzaamheid aan God de Vader.
Geboorte van Christus in het vlees, liggend in een doodskist en met doodswindselen omgordChristus ‘Lijden begon niet in Gethsemane, maar in Bethlehem [zie de icoon van de Geboorte van Christus in het vlees] en bereikte de ultieme climax met
de dood aan het Kruis op Golgotha.
Het offer welke Christus als Hogepriester heeft aangeboden [en nog steeds in de Goddelijke Liturgie aanbiedt] is als perfect en aanvaardbaar offer door God aanvaard.
Het moest een
logisch, moreel en geestelijke offer zijn.
Het offer van onze Heer aan het Kruis en
het vergieten van Zijn bloed was dat Volmaakte Offer, Uniek en aanvaardbaar voor God de Vader, het voldeed aan Gods Goddelijke Rechtvaardigheid.

God is niet blij met menselijk slachtoffers [Psalm 50], maar
Christus aan het Kruis liet de Ultieme Gehoorzaamheid aan Zijn Vader zien.
Christus zegt: “Zie, hier ben Ik om Uw Wil te doen.
Hij heft het eerste op, om het tweede te laten gelden.
Krachtens die Wil zijn wij eens en voor altijd geheiligd door
het Offer van het Lichaam van Jezus Christus
“.
Hebr.10: 9-10
Christus bood het offer aan het Kruis aan niet omdat Hij gedwongen werd om dit te doen,
maar vanuit Zijn Goddelijke Wil, maakt Hij de mens vrij van de dood.
Uit liefde voor de mens stierf Christus aan het Kruis en
opende daarmee voor ons de weg naar het Hemels [Gods] Koninkrijk.
Dus, zoals door de ongehoorzaamheid van Adam de zonde in de wereld kwam:
Gelijk door een mens de zonde de wereld is binnengekomen en door de zonde de dood,
zo is ook de dood tot alle mensen doorgegaan, omdat allen gezondigd hebben
Rom.5: 12; evenzo ontvangen door de Gehoorzaamheid van de tweede Adam, Christus,
diegenen die in Zijn Naam geloven het eeuwige Leven.
Laatste Avondmaal, CoptischChristus heeft, in Zijn menselijke natuur,
de aard van het menselijk ras vernieuwd,
door de menselijke natuur [het vlees]
zonder de zonde te aanvaarden.
Hij heeft de menselijke natuur met God geheiligd en verenigd en werd Zelf
het Hoofd van dit Unieke Lichaam, Zijn Kerk.
In Christus Jezus is de mensheid geprolongeerd vanwege
de hypostatische vereniging van de twee naturen van Christus,
de Goddelijke en de menselijke.
Het Woord van God is mens geworden om de mens te heiligen en
brengt hem tot het niveau van de godheid.
Vanaf het eerste begin, werd Christus door Johannes de Doper verkondigd als
het “Lam Gods, dat de zonde der wereld wegneemt“.
John.1: 29
De apostel Paulus zegt:
– “Het zal ons , die ons geloof vestigen op Hem, worden toegerekend,
die Christus Jezus, onze Heer, uit de doden opgewekt heeft,
Die om onze overtredingen is overgeleverd en om onze rechtvaardiging is opgewekt“.
Rom.4: 25
– “God echter bewijst Zijn Liefde jegens ons, doordat Christus, toen
wij nog zondaren waren, voor ons gestorven is“.
Rom.5: 8
Veel meer zullen wij derhalve, thans door zijn bloed gerechtvaardigd,
door Hem behouden worden van de toorn.
Want als wij, toen wij vijanden waren, met God verzoend zijn door de dood va Zijn Zoon,
zullen wij veel meer, nu wij verzoend zijn, behouden worden, doordat Hij leeft;
en dat niet alleen, maar wij roemen zelfs in God door onze Heer Jezus Christus,
door Wie wij nu de verzoening ontvangen hebben“.
Rom.5: 9-11

Hij gaf Zijn Leven voor velen, Epitaphion, grafleggingOnze Heer Zelf
verzekerde ons dat Hij is gekomen
Om Zijn Leven te geven als losprijs
voor velen

Matth.20: 28
Christus kwam, als de Hogepriester, om
te sterven voor onze zonden en het vergieten van Zijn Bloed aan het Kruis heeft de aard van het zoenoffer.
Christus heeft als zondeloos zijnde
– “Hiermee de Liefde aangetoond,
                                                                                   niet dat wij God liefgehad hebben, maar                                                                                            dat God ons heeft liefgehad en
                                                                                   Zijn Zoon gezonden heeft als                                                                                                                  een verzoening voor onze zonden“.
1John.4: 10;
Want ook Christus is eenmaal om de zonden gestorven als rechtvaardige voor onrechtvaardigen, opdat Hij u tot God zou brengen:
Hij, die gedood is naar het vlees, maar levend gemaakt naar de geest,
in welke Hij ook heengegaan is en gepredikt heeft aan de geesten in de gevangenis, die
eertijds ongehoorzaam geweest waren, toen de lankmoedigheid Gods bleef afwachten
“.
1Petr. 3: 18-20
Zoals de offerdieren van het Oude Testament symbolisch en onbewust de zonden en schuld van degenen die hen aangeboden op het altaar nam; ook Christus werd Degene Die aanbiedt
en Degene Die wordt aangeboden.
Ook u heeft Hij, hoewel gij dood waart door uw overtredingen en onbesnedenheid naar het vlees,
levend gemaakt met Hem, toen Hij ons al onze overtredingen kwijtschold, door
het bewijsstuk uit te wissen, dat door zijn inzettingen tegen ons getuigde en ons bedreigde.
En dat heeft Hij weggedaan door het aan het kruis te nagelen:
Hij heeft de overheden en machten ontwapend en openlijk tentoongesteld en zo over hen gezegevierd
“.
Col.2: 13-15
Door Zijn Eigen vrije wil nam Hij bewust onze zonden op Zich en verbrak “de banden” die ons de weg tot het heil belemmerden.

Het offer van de eniggeboren Zoon van God werd voor de gehele mensheid aangeboden, want
Extreme NederigheidWant zo heeft God de wereld Lief gehad, dat
Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat
een ieder, die in Hem gelooft, niet verloren ga, maar eeuwig leven zal hebben
“.
John.3: 16
Jezus Christus is de verzoening, niet
alleen voor de gelovigen, maar
voor de zonden van de hele mensheid.
Christus stierf niet voor de weinigen alleen, maar
om de zonden van de gehele wereld weg te nemen, en
opdat de mens door Hem gered zou worden.
Onze Heer Jezus Christus heeft dit verkondigd zeggende:
Wie in Hem gelooft, wordt niet veroordeeld;                                                                                 wie niet gelooft, is reeds veroordeeld, omdat                                                                                   hij niet heeft geloofd in de Naam van de                                                                                             eniggeboren Zoon van God“.
                                                             John.3: 18
Christus stierf voor allen om allen te redden, maar niet ieders zonden zijn vergeven.
Want er zijn nog die mensen die weigeren om Christus’ aanbod van Genade te aanvaarden.
Het gevolg van hun ontrouw is hun eigen veroordeling.
Het bloed van het Nieuwe Testament werd ook voor hun redding vergoten en
ook heeft het al hun ongerechtigheden weggewassen.
Omdat de ongerechtigheden van alle zondaars niet groter waren dan de gerechtigheid van Christus, noch hebben we meer gezondigd dan de rechtvaardige daad van Hem bewerkt heeft Die voor ons is gestorven; de zonden van de gehele mensheid zijn als
een druppel water in de oceaan in vergelijking tot
de oneindige Liefde van God voor de mens.

Kruis boven de Iconostase van Zmiski [Russ]Christus is werkelijk aan het Kruis gestorven, want Hij was geheel mens.
Hij daalde af in Hades met Zijn logische ziel en de Logos; en werd opgewekt uit de dood, omdat, zoals Hij ons verzekerd
heeft met de woorden: “Ik heb het u gezegd, eer het geschiedt, opdat gij geloven moogt, wanneer het geschiedt.
Niet veel zal Ik meer met u spreken, want de overste der wereld komt en
heeft aan Mij niets,                                                                                                                                   maar de wereld moet weten,                                                                                                                 dat Ik de Vader liefheb en zo doe, als                                                                                                   Mij de Vader geboden heeft
“.
                                                                                John.14: 29-31
In Hades predikte de Geest van Christus tot de geesten van de mensen en
bereikte Zijn eerste overwinning op het rijk van de dood.
De apostel Paulus leert ons dan ook dat:
God Hem daarom ook uitermate heeft verhoogd en
Hem de naam boven alle naam heeft geschonken, opdat
in de naam van Jezus zich alle knie zou buigen van hen,
die in de hemel en die op de aarde en die onder de aarde zijn, en
alle tong zou belijden: Jezus Christus is Heer, tot eer van God, de Vader!
“.
Phil.2: 9-11

Johannes de doper kondigt de nederdaling ter helle aan de rechtvaardigen van de hades [Slovetsky klooster [17e eeuw]Het belang van Christus ‘afdaling in Hades laat zien dat Hij de Redder is van allen,
de levenden en de doden.
Geen macht in de natuur, of
obstakels van tijd of ruimte kan tussen Christus en het vinden van de manier om de mensheid te redden in komen te staan.
Hij is de Redder van alle generaties,
vóór en ná Zijn incarnatie.
Het offer van Christus heeft de macht om de mens te redden, vanaf Adam tot de laatste mens die voorafgaand aan Zijn wederkomst geboren wordt.

De Opstanding van onze Heer en Zaligmaker is het bewijs van Zijn triomfantelijke intrede in Zijn heerlijkheid.
Christus stierf, werd opgewekt uit de doden op de derde dag, en leeft voor altijd.
Hij heerst over de levenden en de doden.
Hij overwon de dood en kreeg in Zijn Goddelijke Autoriteit over al de levenden en
bezit de sleutels van de dood en het dodenrijk.
Dit is het grootste bewijs dat het offer aan het Kruis door de hemelse Vader werd aanvaard.
Dit is de garantie, dat onze redding werd bereikt en de uitdagende dood werd veroverd.
De val van de mensheid werd hersteld.
In Jezus Christus’ Opstanding begroeten we de komst en de heerlijkheid van Zijn Koninkrijk.
Christus’ Opstanding is een visie van ‘s-werelds laatste Glorie na
de algemene opstanding van de doden.

Icoon Opstanding uit de doden en de 12 grote Kerkfeesten [Russ. 1903]Het mag nu natuurlijk heel duidelijk geworden zijn dat, als Christus niet was gekomen,
de mensheid niet zou zijn verheven.
Verzoening zou niet hebben plaatsgevonden en de mens zou nog steeds onder de slavernij van de zonde en de schaduw en de tirannie van de dood zijn geweest.
Als Christus niet was gekomen, dan zou de mens van de kennis van de ware God zijn verstoken.
Door de Opstanding van Christus  werd de geschiedenis van de mens werd afgebogen
van de weg tot vernietiging tot het pad van de Zaligheid.
Iedere mens wordt door Christus uitgenodigd om, in Hem, door Hem en met Hem, hieraan deel te nemen.
– “In Hem”, betekent dat de mens, door het Heilig Mysterie van het doopsel,
lid wordt van Zijn Heilige Kerk.
– “Met Hem”, betekent dat de mens de weg van Christus ‘leven moeten leven.
– “Door Hem”, betekent dit gebeurt dat door de Genade van de Heilige Geest, Die
Christus door de Heilige Mysteriën van de Orthodoxe Kerk verleent,
de mens kan worden geheiligd en verheerlijkt.
Christus daalt af in de  Hades en verkondigt Zijn Blijde BoodschapDoor canonieke Doop neemt de mens deel aan de Dood en de Verrijzenis van Christus.
Door het algemene heil dat Christus aan
het Kruis heeft aangeboden te accepteren,
worden we opgeroepen onze persoonlijke verlossing te bewerkstelligen door gebruik te maken van Gods Genade in ons
door in ons dagelijks leven
het leven van Christus na te volgen.
Door de doop wordt de voorvaderlijke zonde [erfzonde 1] ] vergeven
en de verzoening bereikt.
Als Christus nooit was gekomen zou niemand zijn gered; zou de Kerk nooit zijn opgericht en zouden er geen Mysteriën [RK. Sacramenten] hebben bestaan.
Zo zou het voor de mens onmogelijk zijn geweest om zijn heil te bereiken.
De voorouderlijke zonde zou nog intact zijn geweest en
de belediging die de mens God heeft aangedaan zou nooit zijn verwijderd.
Door Christus’ Opstanding werd de mens een kind [vriend] van God en
allen die in Christus geloofden vrienden met Christus zijn geworden
Gij zijt Mijn vrienden, indien gij doet, wat Ik u gebied.
Ik noem u niet meer slaven, want de slaaf weet niet, wat zijn heer doet; maar
u heb Ik vrienden genoemd, omdat Ik alles, wat Ik van Mijn Vader gehoord heb,
u heb bekend gemaakt
“.
John.15: 14,15
''God is met ons, Hij is en zal zijn''Onze vriendschap met Christus dient een
Vriendschap van Gehoorzaamheid aan Zijn geboden te zijn en een Offer [overgave] van onze vrije wil om Zijn Goddelijke Wil te volgen.
Door het hebben van de Opgestane Christus als onze persoonlijke vriend zijn we er zeker van dat we in staat zijn om met Hem te communiceren, niet alleen in onze goede momenten van het leven, maar
vooral in tijden van nood.
Wij laten Hem vaak vallen, maar Hij zal ons nooit in de steek laten.
In al onze moeilijke momenten, zelfs als we het gevoel hebben dat Hij er niet is,
staat Hij altijd voor ons klaar, daar Hij ons achterliet met de belofte:
Zie, Ik ben met u al de dagen tot aan de voleinding van de wereld“.
Matth.28: 20

1] Pdf   De erfzonde

5e Zondag van de Grote en Heilige Vasten – H. Maria van Egypte; goede voornemens en dode werken

Christ & the Theotokos - Extreme HumilityChristus, opgetreden als hogepriester der goederen, die gekomen zijn, is door de grotere en meer volmaakte tabernakel, niet met handen gemaakt, dat is, niet van deze schepping en dat niet met het
bloed van bokken en kalveren, maar 
met
Zijn eigen bloed eens voor altijd binnengegaan in
het heiligdom,
waardoor Hij een eeuwige verlossing verwierf.
Want als [reeds] het bloed van bokken en stieren en
de besprenkeling met de as der vaars hen, die verontreinigd zijn, heiligt,
zodat zij naar het vlees gereinigd worden,
hoeveel te meer zal het bloed van Christus,
Die door de eeuwige Geest 
Zichzelf als                                                                                               een smetteloos Offer aan God gebracht heeft,
                                                                  ons bewustzijn reinigen van dode werken, om                                                                                de levende God te dienen?“.
                                                              Hebr.9: 11-14

De Grote en Heilige Vasten loopt ten einde.
En wanneer de Grote Vasten een strijd over een bepaalde tijdspanne omvat, dan
is dit tevens het geval met ons ​​leven.
De spanwijdte van het leven wordt ons gegeven als een strijd en zal niet voor eeuwig voortduren. De mens kan dit leven nu eenmaal niet onbeperkt voortzetten, want
zoals het de mensen beschikt is,
eenmaal te sterven en daarna het oordeel
“.
Hebr.9: 27
Aan het einde van ons leven, zullen we teleurgesteld zijn als we ons realiseren
dat we onvoldoende gestreden hebben.
Vorige week hebben we gehoord over de geestelijke Ladder.
Zullen we dan teleurgesteld zijn wanneer we tot de slotsom komen dat we bij
het beklimmen van de geestelijke Ladder, niet de hoogten bereikt hebben, die we dienden te bereiken?  Zullen wij de uiteindelijke vragen tijdens een gewetensonderzoek positief kunnen beantwoorden?
De Grote en Heilige weekWe zijn de afgelopen weken gericht geweest
om tijdens deze korte tijdspanne van
de Grote Vasten ons voor te bereiden op
de vervolmaking en de ziel zoveel mogelijk op
te maken om de gebeurtenissen van het Lijden, sterven en  de Opstanding van onze Heer Jezus Christus, die binnenkort plaatsvinden  te
kunnen gedenken.
Op dit punt aangekomen stellen we ons nog wat laatste vragen:
Heb ik vooruitgang geboekt?
Sta ik wat steviger
[of hoger?] op de geestelijk Ladder dan voorheen?“.
Of kunnen we misschien tot onze verbazing                                                                                       vaststellen dat we toch                                                                                                                             enige spirituele vooruitgang hebben geboekt.
Dan volgt de vraag: “Hoe weet ik vast te houden wat mij deze weken gegeven is?
Hoe richt ik m’n leven zo in dat ik niet opnieuw nalatig zal blijken en
verloren laat gaan wat ik zojuist heb verkregen?
En wanneer we de afgelopen weken geen vooruitgang hebben geboekt,
zullen we dan in staat blijken te behouden wat we voorheen al verkregen hadden?

Easter history, 5 part-icon, russianWe hebben onze hoop op God gevestigd, dat
Hij onze geestelijke vooruitgang zal blijven ondersteunen, zodat we onze strijd kunnen voortzetten en tegelijkertijd onderkennen we
de ernstige twijfels, omdat we onszelf maar al te goed kennen. We kunnen onszelf niet vertrouwen.
Steeds weer opnieuw dienen we ons te verontschuldigen als gevolg van
onze menselijke zwakheid.
Of misschien hebben we onszelf de limiet gesteld dat er geen echte beperkingen zijn.
We kunnen meer doen, maar we willen onszelf niet “overbelasten“.
We vergeten wat er op het spel staat.
We vergeten wat God in Zijn oneindige mededogen, voor ons heeft gedaan.
Onze Heer Jezus heeft Zichzelf voor ons zondaars overgeleverd.
Hij offerde Zijn bloed, opdat wij gezuiverd konden worden, genezen konden worden van onze passies die ons zo gemakkelijk op een zijspoor brengen en
we ons op zondige wegen begeven.

De lezing van vandaagDe lezing van vandaag stelt duidelijk dat
we ons geweten dienen te reinigen.
Het maakt ons  duidelijk dat
redding door het bloed van onze Heer tot ons komt;
Het bloed van Christus, Die
door de eeuwige Geest Zichzelf als een smetteloos Offer aan God gebracht heeft
“.
Hebr.9: 12
Paulus gaat verder met te zeggen dat het bloed van Christus ons geweten aanspreekt en
Heeft kunnen reinigen van dode werken, om de levende God te dienen“.
Hebr.9: 14

Dode werken t.o.v. de Levende God.
We kunnen de Levende God niet dienen met “dode werken”, hetgeen betekent met zonden. Onze zonden maken ons ziek, veroorzaken de ​​dood in ons, maken ons tot een onvolledig mens. Onze dode werken – onze zonden – scheiden ons van God, Hij Die
uit het niets – alles wat bestaat heeft geschapen en nog steeds schept.
Ze stuwen ons in de richting van het ‘niet-zijn’, in de richting van het niets, en
in tegenstelling tot wat de wereld regelmatig oppert, is niets ons meer “menselijk” of
het is “een grotere realiteit”.
Onze dode werken kunnen ons niet tot volledige mens maken.
Ze maken ons onaf, niets waard, ziek.
Ze maken ons ongeschikt om de ware Liefde Die enkel van God komt te ontvangen.
We hebben daarom een schreeuwende behoefte aan spirituele genezing.
Maar dan dienen we ons geweten te reinigen en
te verlangen dat we gezuiverd worden van de resultaten van het kwaad;
dan dienen we eveneens een gezond verlangen op te bouwen
naar dingen die God welgevallig zijn.

De Kerkvaders leren ons dat we ziek worden door de dode werken van de zonden, omdat
onze voorkeur uitgaat naar datgene wat ziekmakend is.
Je zou op z’n minst dienen te onderkennen dat de door ons gekozen weg niet goed werkt.
De Apostel Paulus beschrijft deze ziekte in zijn brief aan de Romeinen,
wanneer hij zichzelf, in nederigheid, de plaats van het treurende toekent en zegt,
Wat ik uitwerk, weet ik niet; want ik doe niet wat ik wens, maar
waar ik een afkeer van heb, dat doe ik
“.
Rom.7: 15
We willen doen wat juist is, maar we vallen iedere keer weer opnieuw omlaag.
Het lijkt er haast op dat onze natuur ons gewoon dwingt om dode werken te doen,
dat we datgene doen wat God onwaardig is.
Onze verlangens zijn ziek. We wensen de verkeerde dingen.
We kunnen deze eigenschap alleen maar overwinnen wanneer we dit bewust bijstellen en
alleen datgene verlangen wat God welgevallig is.

Twee voorbeelden van zo’n ongezonde voorkeur worden ons vandaag in beeld gebracht.
>> De eerste wordt in het Evangelie van vandaag gelezen.
Christus en zijn discipelen zijn op weg naar Jeruzalem.
Nu genieten de discipelen van de drukte om hen heen,
de leraar spreekt tot hen en zij geven Zijn woorden aan ons door.
Christus spreekt over de gebeurtenissen van Zijn Lijdensweg,
hoe in Jeruzalem de hogepriesters en schriftgeleerden Hem zullen veroordelen en
Hem aan de heidenen zullen overleveren, die Hem ter dood zullen brengen.
Maar daarna, zal Hij, op de derde dag, ​​uit de dood opstaan.
De H. Schrift vermeldt dat de discipelen “verbaasd waren“.
Wat is dat, nu, wat Hij zegt? Zou er niet een nieuw Koninkrijk komen?
Zou onze Leraar niet de nieuwe koning zijn, Die
ons zou redden van de tirannie van de Romeinen?
Dood en vervolgens de Opstanding? Wat is dit allemaal?
Niet alleen zegt de H. Schrift dat de discipelen “verbaasd” waren, maar
ook dat ze “bang” waren. Ze konden dit niet bepaald woorden van troost noemen.
Niettemin, en nogal verrassend, horen we van twee leerlingen
– de broers Johannes en Jacobos – die zelfs een ongezond verlangen kenbaar maken.
Ondanks de bovenmaatse woorden die ze hebben allemaal gehoord hebben over
het komende Lijden van onze Heer Jezus, komen ze uit voor een sterk verlangen om
de voorrang boven hun broeder-discipelen te hebben.
In het aards Koninkrijk denken ze dat Christus spoedig zal opstaan,
ze willen de eervolle posities innemen, de één links en de ander rechts van de Meester.
In het Evangelie van Mattheus wordt ons duidelijk gemaakt dat bij deze manier van inbreng het de moeder van de discipelen was die Jezus had gevraagd om een bijzondere ereplaats aan haar zonen te verlenen.          [“Dat nu echt een Joodse moeder” zo heeft een joodse bekeerling tot de Orthodoxie mij ooit verduidelijkt].
De andere tien leerlingen zijn verbolgen wanneer ze kennis nemen dat
de twee de macht over hen zouden willen verkrijgen.

Vóór de roemrijke Opstanding en nog vóór de Neerdaling van de Heilige Geest met Pinksteren, zien we hoe onvolmaakt de discipelen wel niet waren.
We zien wat voor behoefte zij hadden aan de genezing van de ziel.
De Zoon des mensen legt ze echter onverstoord uit wat
het betekent om een ​​dienstknecht van Christus te zijn.
In de wereld is de piramidestructuur bekend welke
met een driehoekvorm wordt aangeduid.
Boven in het midden van de driehoek staan de leidinggevenden.
De managers hebben gezag over de vele ondergeschikten.
Maar boven de managers staan de top-managers en deze senior managers
heersen weer over de managers en zo verder tot de top van de driehoek.
In de kerk wordt deze machtsstructuur echter omgekeerd.
Hier staan de vele ondergeschikten aan de top en
de weinige aan de top bevinden zich hier aan de onderkant, want
Christus zegt: “Wie onder u groot wil zijn, zal aller dienaar zijn“.
Want de Zoon des mensen is niet gekomen om gediend te worden,
maar om dienstbaar te zijn en zijn leven te geven als losgeld voor velen“.
Matth.20: 28; Marc.10: 44,45
Lucas maakt dat duidelijk in de ontmoeting van Martha en Maria met Christus, waarbij er
ook gekozen wordt voor het beste gedeelte.
Luc.10: 40,41
Gedurende de Grote en Heilige Vasten, hebben we het gebed van de H. Ephraïm de Syriër gebeden. “Heer en Meester van mijn leven” en hebben we gebeden, “geef mij niet een geest van heerszucht“. De geest van heerschappij houdt een verlangen in om macht over je broeders uit te oefenen.
Maar Christus leert ons dat christelijke leidinggevenden zichzelf dienen op te stellen als dienaren van hun collega-dienaren.

Daarom zullen wij wanneer onze veeleisende houding is genezen, gaan verlangen wat het beste is voor anderen en niet voor onszelf. “Want ook de Zoon des mensen is niet gekomen om gediend te worden, maar om te dienen …”.

>> Het tweede voorbeeld van een ongezond verlangen wordt ons voorgehouden met
de heilige Maria van Egypte, wiens synaxis wij vandaag vieren.
Heilige Zosimas ontmoet de H. Maria in de woestijn.
Het gebed van de H. Zosimas tot God was dat hem een monnik in het beoefenen van de extreme ascese zou worden getoond die naar de verlichting werd geleid.
Hij vroeg zich af of er geen monnik bestond, die hem
in zijn ascetische inspanning zou hebben overtroffen.
H. Maria van Egypte, vlucht na haar diepgetroffen bekering bij de Kerkdeur de woestijn in om daar een ascetisch leven te gaan leiden.En hier ontmoet hij deze heilige, die leeft alsof ze geen lichaam bezit, die terwijl zij bidt in de lucht zweeft, die door de H. Geest kent vele dingen kent en daardoor helderziend is.
Deze vrouw, die nog niet eens monnik is, wordt
het onverwachte antwoord op zijn gebed.
Hij smeekt haar om haar levensverhaal te vertellen, hoe ze in de woestijn verzeild is geraakt en hoe
het kwam dat God haar bezocht en haar tot een heilige [volwaardig mens, op God gericht] maakte. Was ze ook van een klooster afkomstig? Een maagd die in de woestijn had verbleven vanaf haar jeugd? Wat was haar levensverhaal?

De H. Maria van Egypte waarschuwt de H. Zosimas dat het verhaal betreffende haar verleden niet erg stichtelijk [Verheffend] is. De H. Zosimas is het hier beslist mee oneens.
Hij wil dat hem de waarheid duidelijk wordt gemaakt en hij smeekt haar er zelfs om.

Dan krijgt hij, bijna met tegenzin, het trieste verhaal te horen van het leven dat de H. Maria van Egypte geleid heeft.
We horen hoe ze de vleselijke verlangens van haar tienerjaren volgde, altijd deed wat haar vlees genoegens zou verschaffen, zonder dat ze maar een ogenblik rekening hield met Gods wet.
Hoe meer ze haar verlangens volgde, hoe meer ze probeerde om haar onverzadigbare hartstochten te bevredigen, hoe meer ze probeerde de lusten van haar ziel te vervullen, hoe zieker haar ziel werd.

Later bleven haar ongezonde verlangens haar in haar leven van berouw in de woestijn achtervolgen. Ze benoemt dit als dat ze “gek werd van haar verlangens:
” Geloof me, vader, in de zeventien jaar dat ik in deze woestijn verbleef heb ik als met wilde beesten gevochten – zo was ik van de verlangens en passies doordrongen.
Dus zelf in de troosteloze woestijn werd de H. Maria van Egypte verzocht door ongezonde verlangens die haar tot dode werken aangespoorden,
hoewel ze juist naar de eenzame woestijn was gekomen om de levende God te dienen.
Laat ons eens stil staan hoe ze met haar “gekke verlangens” omging.
Laat ons eens vernemen hoe haar ziel zich omkeerde [Gr. μετάνοια, haar oorspronkelijke levenshouding veranderde]  en zij zich kon verbeteren.

Maar wanneer zulke verlangens in mij opkwamen ik sloeg mezelf op de borst en
bracht mijzelf de gelofte in herinnering, die ik had afgelegd, toen ik de woestijn introk.
In mijn gedachten keerde ik terug naar de icoon van de Moeder Gods [de Theotokos], Die
mij had ontvangen en ik riep haar in gebed toe.
Ik smeekte haar om de gedachten weg te jagen waarop mijn ellendige ziel dreigde te bezwijken.
En na dit lange tijd huilend te hebben volbracht, mijzelf iedere keer weer opnieuw op de borst te slaan, kreeg ik eindelijk licht te zien wat op mij en overal om mij heen leek te schitteren.
En na die hevige storm is er een blijvende rust op mij neergedaald.

Vele jaren lang worstelde de H. Maria van Egypte in de woestijn en riep tot God en de Moeder Gods. Ze huilde en sloeg haar borst.
Ze volgde de heilige profeet Koning David die zegt:
Ik stort mijn gebed uit voor Uw aangezicht;
voor Uw aanschijn klaag ik mijn nood.
Mijn geest ging uit mij heen,
maar Gij, Heer, kent mijn wegen.
Op de weg die ik gaan moest
hadden zij een valstrik voor mij verborgen.
Tevergeefs wendde ik mij naar rechts om een verdediger,
maar er was niemand die mij wilde kennen.
Vluchten was mij onmogelijk;
er was niemand die zich om mijn leven bekommerde
“.
Psalm 141 [142]: 2 -6
En de vrede van God, die alle verstand te boven gaat,
heeft haar hart en gedachten in Christus Jezus behoed
“.
Phil.4: 7
Op deze, op de H. Schrift beschreven manier, werd haar verlangen genezen.
Door zichzelf met geweld aan de H. Geest te onderwerpen,
door haar hart en verlangens voor God en Zijn meest zuivere Moeder uit te storten,
verdween haar verlangen naar dode werken.
– Ze werd genezen, en zij verkreeg datgene wat “goed en verkwikkend is voor de ziel”.
– Ze wenste God met heel haar hart te dienen.
– Ze kreeg zo’n spirituele vooruitgang dat ze los kwam van de aarde en zweefde.
– Ze beklom gestaag de geestelijke ladder [van de H.  Climacos] en twijfelde niet, omdat
ze in haar streven en haar bedoelingen volhardend was gebleven.
– Zij heeft in eenzaamheid geworsteld en zij heeft gevast en gebeden.
– Ze bleef standvastig, want God gaf haar een nieuw verlangen welke haar “bizarre                   verlangens” overtroffen en haar ziekte werd overwonnen.
– Ze werd een nieuwe schepping en verlangde met geheel haar hart, datgene te doen wat       God van haar verlangde.
H Silouan, de AthonietZoals de heilige Silouan de Athonite hierover zegt:
De ziel die zo ver is gekomen om
God volledig te leren kennen,
verlangt niets anders meer en 
wil zich ook niet meer hechten aan alles wat zich op de aarde bevindt;
wanneer je hem een koninkrijk aan zijn voeten legt,
zou hij het niet wensen, want
de Liefde van God geeft zo’n zoetheid en vreugde aan
de ziel, dat 
zelfs het leven van een koning haar niet langer enige zoetheid kan schenken“.
H. Silouan, de Athoniet uitgeverij AXIOS
ISBN 90-72666-03-8

Dus waarom komt het dat we niet die dingen van God                                                                     kunnen aanvaarden zoals het hoort?
Waarom kunnen wij niet toegeven aan het ware en vurig verlangen om
God en onze naaste lief te hebben, om te bidden, te vasten,
te doen wat welgevallig is in de ogen van God ?
Heer. verander mijn hart . . .Waarom komen er niet steeds christelijke gedachten in ons op en doen we dingen waar we later spijt van krijgen?
Kortom, waarom zijn we dan niet in staat
de genezing van God te verkrijgen, waar
we zo naar verlangen?
Ons antwoord zal zeker dienen te zijn dat
we gewoon niet hard genoeg ons best doen.
We dienen een begin te maken.
Neem een voorbeeld aan
de heilige Maria van Egypte hoe zij tot
verandering kwam en hoe zij met haar leven een nieuw begin maakte.
Zij bevond zichzelf in Jeruzalem en zij wenste, in de overvolle menigte die er verzameld was, om alleen nog het Leven-schenkende Kruis van de Heer te aanbidden.
Maar toen ze probeerde de kerk binnen te komen, hield een onzichtbare kracht haar tegen.
Maar ze bemerkte dat ze niet opgaf.

>>> Voor een keer in haar leven maakte zij een goede keuze <<<

Ze wilde het Groot en Heilig Kruis met het Godsvolk aanbidden –
maar hoewel ze het keer op keer probeerde, werd haar de toegang tot de heilige tempel ontzegd. Daarop, bemerkte ze op een icoon de Moeder Gods en smeekte onder tranen:
O Vrouwe, Moeder van God, Die ontstond God het Woord in het vlees ontving,
weet dat ik, heel goed besef, dat er aan mij geen eer of lof valt te behalen.
Ik ervaar mijzelf als ontzettend onrein en verdorven wanneer ik naar uw icoon kijk ,
O aller-zuiverste maagd, die uw lichaam en geest in zuiverheid hadt bewaart om Hem te ontvangen. Terecht doe ik haat en walging opkomen voor het aangezicht van uw maagdelijke zuiverheid.
Maar ik heb gehoord dat God Die in U verwekt werd mens is geworden om
zondaars  tot bekering te roepen.
Kom mij redden, want ik heb geen andere hulp.
Verzorg dat de ingang tot de Kerk voor mij wordt geopend.
Sta mij toe om het eerbiedwaardige Hout, de levensboom, waarop Hij Die in het vlees heeft geleden en waarop Hij Zijn heilige Bloed vergoot voor de verlossing van zondaren en voor mij, onwaardig als ik ben.
Wordt mijn trouwe getuige voor uw zoon, dat ik nooit meer mijn lichaam zal bezoedelen door de onzuiverheid van de ontucht, maar dat ik zodra ik de Boom van het Kruis heb aanschouwd de wereld en haar verleidingen zal af zweren en zal gaan waar Gij mij zult heenleiden
“.
Daarna werd haar verzoek ingewilligd en kon zij de Kerk vrij, zonder tegenwerking betreden. De onzichtbare kracht die haar had tegengewerkt, werkte nu met haar mee.
Ze vereerde het kostbaar Hout van het Kruis met de andere christenen aldaar,
bezocht al de heilige plaatsen van Jeruzalem en vervolgde daarop, versterkt en verrijkt,
haar weg naar haar nieuwe berouwvolle leven aan de overkant van de rivier de Jordaan.

Via Maria van Egypte ontdekken we hoe we in de woestijn van ons leven
een nieuw begin kunnen maken.
We proberen het beter te doen en zullen ongetwijfeld falen.
We vallen en halen onszelf overeind.
call the Theotokos, Iviron icon on a stampMaar om aan de genezing, die afkomstig is van
werkelijke bekering, te beginnen, dienen we
tot God en tot de Allerheiligste Moeder Gods te roepen.
Het is zeer passend om in deze tijd aandacht te schenken aan de Al-heilige, Moeder Gods, de Theotokos, en altijd maagd Maria.
Toen de H. Maria van Egypte in Jeruzalem was, zagen
we hoe gemakkelijk de Moeder Gods het gebed van
Maria van Egypte onder de aandacht van de Jezus bracht.
We zien hoe vaak de H. Maria van Egypte in de woestijn, door de Al-heilige Maagd werd geholpen; hoe iemands gebeden tot Gods troon te laten doorklinken.
Door de voorspraak van de Moeder Gods, werd Maria van Egypte gered van een leven van zonde en verderf.
Zij zal ons ongetwijfeld net zo redden.
De Moeder van God ontfermt zich over ons zondaars.
Hebben de dode werken ons verziekt? Zijn we verdrietig? Zijn we moedeloos?
Hebben we het gevoel dat ons gebed niet wordt gehoord?
Ervaren we problemen met het om een goed verlangen om te bidden op te bouwen?
Zijn wij het die nog altijd in zonde vervallen?
Hebben we iemand nodig om een ​​nieuw begin te maken?
Bij deze genoemde punten, is het hoog tijd om de Moeder Gods aan te roepen!
Ze houdt van de mensen en zorgt voor de meest wanhopige zondaars en
Zij zal met tedere zorg voor u en mij zorg dragen.
En niet alleen de Allerheiligste Moeder Gods, maar ook al de heiligen, de engelen,
onze beschermengel, onze patroonheilige:
allen wachten ons op om ons bij vragen te hulp te snellen.
Dit is hoe we een begin kunnen maken:
<< door God om hulp te vragen via de Moeder Gods en de heiligen >>.
De Moeder van God hielp de heilige Maria van Egypte en Zij heeft mij kunnen helpen en
zal ook jou kunnen helpen. Laten we dat niet vergeten.

Nu de Grote Vasten ten einde loopt dienen we haar unieke mogelijkheid om
ons geestelijk leven opnieuw in te stellen niet uit het oog te verliezen,
want op een dag zal ook ons einde naderen net als voor een ieder van ons hier vandaag.
Het lijkt misschien niet gepast om te praten over een nieuw begin aan het einde van de Grote Vasten, maar vooral in het geval van je eigen geestelijk leven, is het beter laat dan nooit. Het laatste uur van ons leven komt iedere dag een stukje dichterbij.

Apolytikion         tn.8
In U, o Moeder, werd duidelijk gered Gods evenbeeld,
want nadat gij het Kruis aanvaard hebt om Christus na te volgen,
leerde gij door uw voorbeeld om het vergankelijk vlees te verachten,
maar te zorgen voor de ziel die onsterflijk is.
Daarom, o heilige Moeder Maria
verheugt zich uw geest met de Engelen“.

Orthodoxie & vrijmoedigheid

crucifixion_icon2Daar wij nu een grote Hogepriester hebben,
Die de hemelen is doorgegaan,
Jezus, de Zoon van God, laten wij aan die belijdenis vasthouden.
Want wij hebben geen Hogepriester, Die niet kan meevoelen met onze zwakheden,
maar Een, Die in alle dingen op gelijke wijze (als wij) is verzocht geweest,
doch zonder te zondigen.
Laten wij daarom met vrijmoedigheid toegaan tot de Troon van Genade, opdat
wij barmhartigheid ontvangen en genade vinden om hulp te verkrijgen te gelegener tijd.
Want elke hogepriester, die uit de mensen genomen wordt, treedt voor de mensen op bij God, om gaven en offers te brengen voor de zonden.
Hij kan tegemoetkomend zijn jegens de onwetenden en dwalenden, daar
hij ook zelf met zwakheid omvangen is, die hem verplicht evenzeer
als voor het volk, voor zichzelf offers voor de zonden te brengen.
En niemand matigt zichzelf die waardigheid aan, doch
men wordt ertoe geroepen door God, zoals immers ook Aäron.
Zo heeft ook Christus Zichzelf niet de eer toegekend Hogepriester te worden maar
Hij, die tot Hem sprak: Mijn Zoon zijt Gij; Ik heb U heden verwekt;
zoals Hij ook op een andere plaats spreekt:
Gij zijt Priester in eeuwigheid naar de ordening van Melchisedek
“.
Hebr.4: 14 –5: 6

"de Troon van Genade"Laten wij daarom met vrijmoedigheid toegaan tot
de Troon van Genade, opdat
wij barmhartigheid ontvangen en genade vinden
om hulp te verkrijgen in tijd van nood
“.
De apostel Paulus adviseert ons om “de Troon van Genade” moedig te benaderen.
Deze uitnodiging lijkt misschien nogal vreemd voor degenen onder ons die in een wereld zonder koninklijke elite leven.
De enige hoogwaardigheidsbekleders die ons waarschijnlijk aanspreken zijn overheidsdienaren en rechters.
Wanneer we ze niet vrijmoedig naderen, worden we in ieder geval voor een rechtbank geregeerd
door een genadeloze papieren wet.

Er zijn nog maar een paar landen in de wereld waar
de vorst nog als staatshoofd regeert, maar de meesten van ons
hebben op het eerste gezicht geen kennis voor wat betreft vorsten en tronen.
Metropoliet Athenagoras van het orthodoxe aartsbisdom van België en exarch van Nederland en Luxemburg - Visit to Constantinople (June 22, 2013)In de Orthodoxe Kerk gaat de bisschop liturgisch gezien
de dienst voor vanaf zijn troon.
Maar ook hier hebben we zelden de gelegenheid om onze hiërarch op hun troon te benaderen, tenzij zij bij de eredienst voorgaan, zoals op 22 maart a.s. in
de Griekse parochie in Rotterdam.

Wat is dan die “Troon van Genade“, Die
de apostel ons vermaant te benaderen?
Wie zit daarop?
Wat voor grote Barmhartigheid en Genade zouden
we daar dienen te zoeken door deze Troon
vrijmoedig te benaderen?
En, eerlijk gezegd, hoe halen wij het in ons hoofd om
daar met vrijmoedigheid op af te stappen?
Vrijmoedigheid betekent immers, nergens door geremd te worden,
gemakkelijk pratend over gevoelens die erg persoonlijk zijn,
alsof er jou ook maar iets te verwijten valt.

De apostel Paulus vertelt ons dat Jezus Christus ‘te Zijner tijd‘ zal verschijnen;
Hij Die de Zalige en enige Heerser zal doen aanschouwen,
de Koning der koningen en de Heer van alle heren,
Die alleen de Onsterfelijkheid bezit en een ontoegankelijk Licht bewoont,
Die geen enkel mens gezien heeft of zien kan.
Hem zij eer en eeuwige kracht!
“.
1Tim.6: 15-16

Christus op de Troon van GenadeAls we op Zijn rechtbank toestappen en al
de aanwezigen rond Zijn Troon ontmoeten,
zal er geen misverstand zijn over de identiteit van Zijn Koninklijke Heerschappij.
Paulus herinnert ons eraan dat we
voor zeker op een dag voor Hem
dienen te verschijnen.

Cross, the Tree of Life2Wanneer we zijn gezegend zijn op deze derde zondag van de vasten een dienst in de Orthodoxe Kerk
bij te wonen,
zullen we in staat gesteld worden het
Kruis van de Heer te vereren, Die
er Zijn handen erop uitstrekte en met
Hem de gehele wereld met Zich mee voerde.
Het Kruis het werktuig van de dood,
hebt Gij gemaakt
tot een instrument van leven, Almedelijdende.
Heilig ons die het vereren,
Gij zijt de enig gezegende en hoogverheven
God van onze Vaderen
“.
Orthros voor de verering van het Kruis

christ-enthronedDankzij deze Troon, worden we bevrijd van de wereld.
Wij omarmen de vreugdevolle uitnodiging van de Kerk:
Komt allen gelovigen,
laten wij de leven-schenkende Boom aanbidden, waarop
Christus de eerbiedwaardige Koning
Zijn handen uitstrekte,
Hij tilde ons op tot de hoogste zaligheid,
wij die met Zijn hulp de oude vijand hebben ontweken
door verlangen de weg tot God hebben bewandeld. . . .
O Heer, Gij  die waart gekruisigd. . .
ontferm U over ons
“.

Wanneer we voor deze Troon neerknielen,
ontmoeten we onze ware Heer,
de Christus Die als onze Koning en God regeert.
De Apostellezing van vandaag onthult Christus als
de regerende Monarch van al wat bestaat,
zichtbaar en onzichtbaar, en
als onze grote Hogepriester.
zie Hebr.4: 14-15; 5: 5

Als de God-mens, is Jezus Christus “door de Hemelen gegaan” [Hebr.4: 14).
We hebben een koning die kan en kan “meevoelen met onze zwakheden” [Hebr.4: 15],
want Hij blijft volledig mens zoals wij in alle eeuwigheid,
net zoals Hij was in de tijd, maar altijd “zonder zonde” [Hebr.4: 15].

Toen Christus onder ons was en in het vlees Zijn dienstwerk verrichtte,
bouwde Hij een eeuwige band op waarmee we Hem als een van ons kennen
– als Degene die ons begrijpt, als Degene bij Wie
we Barmhartigheid en Genade kunnen vinden
en hulp in tijd van nood
“.
cf. Hebr.4: 16
Laten we ons nooit door Zijn Majesteit uit angst laten weerhouden,
maar eerder het wagen Zijn “Troon van Genade” te naderen
cf. Hebr.4: 16
Kruisje, met Christus verschijning aan de Myrondragende vrouwenWij kunnen wenende achter Hem staan, bij zijn voeten en
Zijn voeten nat maken met onze tranen en
ze afdrogen ze met onze haren en
zijn voeten kussen en zalven
met de geurende olie.
cf. Luc.7: 38
Wij buigen voor Hem die ons geneest en
we bevestigen Hem als onze Koning en God.
Als ons leven-schenkende Redder,
kent Hij ons hart beter dan wij onszelf kennen,
zodat we zonder aarzelen tot Hem te roepen!
Heb medelijden met mij, zondaar,
opdat ik kan U benaderen en aanraken, o Christus, mijn God
“.
Gebed van H. Johannes Chrysostomos
Goddelijke Liturgie
voorafgaand aan de communie

Troparion           tn1.
Heer, red Uw volk
en zegen Uw erfdeel
en bescherm Uw Gemeente
door Uw Kruis

Orthodoxie & niet wanhopig zijn

Je Kruis opnemen, liturgie en LevenHoe zwak je geestelijk leven ook mag zijn, wanhoop niet;
want wanhoop is een
van de wapens van de tegenstrever,
waarmee hij jouw correcte en wenselijke handelingen/gedragingen wil afzwakken en
op die manier je weerstand wil breken,
opdat jij als was wordt in zijn handen .
Ook al wanhoop je over jezelf,
blijf vertrouwen op de Genade van God.
Wanneer jouw manier van doen
niet leidt tot bekering, zal
Gods Genade dit werk voor je doen.
Soms, wordt de achtergrond en de oorzaak van je wanhoop in je geestelijk leven veroorzaakt doordat
je persoonlijk je idealen boven je niveau hebt gesteld,
of je hebt onvoldoende maatregelen getroffen betreffende
een noodzakelijke geleidelijke vooruitgang [wil je gewoon te snel].
Omdat je dan niet kunt bereiken wat je voor ogen staat, geraak je in wanhoop.

Ladder of Divine Ascent, closeupDaarom is het beter je krachten en mogelijkheden
meer geleidelijk te verdelen en binnen de gaven die
God je ter beschikking stelt  in te zetten.
Wees ervan overtuigd dat God slechts
een stap voor stap ontwikkeling van je verlangt en
je iedere keer een treetje verder op
de ladder [van H. Climacos] zal begeleiden
tot je Hem uiteindelijk zal ontmoeten en Hij
kan opmerken
Jij goede en getrouwe dienstknecht!”.
Je behoudt dan een goed geweten
zowel voor God als voor de mensen.
Een goed geweten is toch het mooiste
wat je op aarde kunt verwerven.
Wanneer je dan als Jacob, toen hij de engelen op- en neer zag klimmen, met
een gerust hart kunt inslapen en in het duister van de hem omringende wereld
het Paradijs zal kunnen aanschouwen.

In je wanhoop kun je niet ​​voor de Heer verschijnen,
tenzij je eerst voorbereidingen treft om
jezelf geleidelijk aan te verbeteren.
Het verdient de voorkeur om tegen Hem te zeggen:
Heer ik kan mezelf niet veranderen en dan naar U toe komen,
maar ik kom tot U, zodat U mij kunt verbeteren“.
Dit komt overeen met de woorden van de Romeinse honderdman, die
tot Jezus sprak toen hij Hem vroeg om zijn knecht te genezen:
Heer, ik ben niet waardig dat Gij tot mij komt, maar spréék
en ik zal gezond worden“.
Matth. 8: 8

Wanhoop niet als je het gevoel hebt dat je God niet genoeg lief kunt hebben.
Zeg niet wat heeft het voor nut om mij met werken zo uit te sloven, terwijl
ik niet van Hem houd, er gewoon niet bij kan.
Zeg liever als ik God niet kan liefhebben, is het een troost dat
Hij van mij houdt en dat Hij met Zijn liefde mij kan liefhebben.
Als je de geestelijke vermogens beoefent maar
een echte gehechtheid met God niet kan aanvoelen,
wanhoop dan niet.
Probeer je bij je spirituele lezingen te houden, zelfs
wanneer je het allemaal niet kan bevatten.
Houd niet op te bidden, zelfs als je geen warmte ervaart,
beken altijd je onvermogen ook al ervaar je geen boetedoening.
Misschien dat je vanwege je volharding de Gods Genade verkrijgt, Die
jou begrip, warmte en boetedoening bijbrengt.

De eenvoudige zuiverende volharding is een van de geestelijke middelen
die God je meegeeft om zelfs zonder berouw in Zijn Geest voort te gaan!
Daarentegen breek je met wanhoop zijn geboden vertrouwen en zou je
van de ladder [H. Climacos] afdalen en God helemaal kunnen vergeten.
Zelfs als je jezelf een zwakkeling voelt en in een belabberde staat verkeert,
wanhoop dan niet.
De Heilige Silouan de Athoniet [van de berg Athos] zegt hier over:
“Houdt je gedachten in de hel en wanhoop niet”
Het is beter om dit voor te blijven en te belijden dat je bent zoals je bent
dan je door wanhoop tot erger te laten leiden.
God kent al je gedachten en weet alles wat je gedaan hebt en zult gaan doen.
Hij wil alleen dat je zelf erkent dat je door te hebben gezondigd,
rechtstreeks tegen Hem of tegen je medemens en omgeving en daarmee ook tegen Hem,
jezelf hebt afgewend van Zijn liefde en daarmee van Zijn geboden, want
iemand die God waarlijk lief heeft, onderhoudt de geboden en begaat geen zonden.
Nu zondigt echter iedereen want de hoogmoed van de mens is erg groot en
daarom is het zaak om in ieder geval iedere keer opnieuw te herkennen en erkennen dat
je je van God hebt afgekeerd, zodat je Hem met oprecht berouw telkens weer om vergeving kunt vragen.
Die vergeving is zo groot, dat het al een zonde op zich is,
wanneer je na je biecht zou twijfelen aan de door Hem geschonken vergeving.

Christus heeft Zijn dienaren uitgezonden om zijn vrienden voor het bruiloftsmaal uit te nodigen.
Hij heeft ze een eerste keer uitgezonden en nog een tweede keer,
dat wil zeggen, eerst de profeten, toen de apostelen, om
Zijn menswording te verkondigen…
Door de profeten heeft Hij de toekomstige menswording van zijn enige Zoon aangekondigd en door de apostelen heeft Hij het gepredikt toen het vervuld was…

Wat was het doel van Zijn menswording?
De Apostelen verkondigen:
1.].De tijd is vervuld en het Koninkrijk Gods is nabijgekomen.
Bekeert u en gelooft de Blijde Boodschap, het Evangelie“.
Marc.1: 15
2.].
Zij, die gezond zijn, hebben geen geneesheer nodig, maar zij, die ziek zijn.
Ik ben niet gekomen rechtvaardigen te roepen, maar zondaars“.
Marc.2: 17
3.].De Zoon van de mensen is niet gekomen om Zich te laten dienen, maar
om te dienen en Zijn leven te geven als losprijs voor velen“.
Marc.10: 45
Het Koninkrijk des Heren heeft in Jezus’ verkondiging, welke
ons door de Apostelen is overgeleverd,
is de kern van de Blijde Boodschap en
de smalle weg daartoe is de vergeving van zonden, welke
alleen maar wordt verleend
dankzij het Groot en Heilig Kruis van Christus.
Geloven in het Evangelie wil zeggen dat we
de gave om niet dat Jezus voor onze zonden stierf en
uit de doden is opgestaan om ons te redden,
met blijdschap aannemen en van daaruit leven.
De Blijde Boodschap is dat wie opstandig waren tegen God
voor altijd welkom kunnen blijven in Zijn Koninkrijk, wanneer
zij zich maar weer omkeren naar God en|geloven in wat onze Heer en Verlosser voor ons zondaars heeft gedaan.
Onze zonden kunnen ons niet langer scheiden van God.

De Goddelijke Liturgie is het geschenk van de vrijwillige overgave van Jezus Christus,
waardoor Hij ons Gods oneindige Liefde voor iedere mens openbaart.
In dit wonderbare Mysterie toont zich de “onovertrefbare” Liefde
Die ertoe aanzet “het eigen leven te geven voor Zijn vrienden” [conf. John.15: 13].
Christus heeft de Zijnen “tot het einde toe” liefgehad.
John.13: 1
Deze woorden vormen de inleiding op Jezus’ gebaar van oneindige nederigheid:
voordat Hij voor ons aan het Heilig Kruis stierf,
waste Hij, omgord met een linnen doek, de voeten van zijn leerlingen.
Op dezelfde wijze blijft Jezus ons in
het Mysterie van de Eucharistie “ten einde toe” liefhebben,
tot aan de gave van zijn Lichaam en zijn Bloed.
De waarachtige woorden van God zijn:
Zalig zij, die genodigd zijn tot het bruiloftsmaal van de Heer“.
Openb.19: 9

3e Zondag van de Grote en Heilige Vasten – Zondag van de verering van het Heilige Kruis

Verering Groot en Heilig KruisOp de derde zondag van
de Grote en Heilige Vastentijd, gedenkt
de Orthodoxe Kerk
het Groot en  Leven-schenkende Kruis van
onze Heer en Heiland, Jezus Christus.
De diensten van deze zondag duiden een bijzondere verering van het Heilig Kruis aan, welke de gelovigen op de herdenking van de                                                                                  kruisiging tijdens de Goede Week voorbereidt.
De gedachtenis en de diensten van deze derde zondag in de vasten lopen vrijwel parallel
aan de feesten van de Verering van het Kruis [op 14 september] en
de Processie van het heilig Kruis  [op 1 augustus).
Het is niet alleen deze zondag van het Heilig Kruis die ons
de herdenking van de Kruisiging voor ogen stelt,  want
eigenlijk herinnert ons de gehele vastenperiode er aan,
dat wij met Christus gekruisigd zijn.

Zoals we “het vlees met zijn hartstochten en begeerten gekruisigd hebben” [Gal.5: 24],
zullen wij er tijdens deze veertig daagse vasten aan herinnerd worden, dat
het Kostbaar en Leven-schenkende Kruis betrokkenen is om onze zielen,
die doordrongen kunnen zijn met een gevoel van bitterheid, wrok, en depressie
nieuw leven in te blazen en ons aan te moedigen.
Het kruis herinnert ons aan de Lijdensweg van onze Heer en door ons navolgen van Zijn voorbeeld, zet dit ons er toe aan Hem in de strijd en opoffering te volgen, ten einde verfrist, verzekerd, en getroost herboren te worden.
Met andere woorden, we dienen te ervaren wat de Heer tijdens Zijn Lijdensweg ervaren heeft – om te ervaren op een beschamende manier te worden vernederd.
Het Kruis leert ons dat wij door middel van pijn en lijden
de vervulling van onze hoop kunnen bereiken:
de hemelse erfenis en de eeuwige heerlijkheid.

Gr en H. Kruis, RavennaZoals op een lange en moeilijke weg die
je dient te volbrengen en na door vermoeidheid te zijn overmand een grote opluchting en versterking kunt ervaren
in de koele schaduw van een groene
[leven-schenkende] boom.
Wij vinden troost, verfrissing en verjonging als gevolg van  het Leven-schenkende Kruis,
welke dankzij onze Kerkvaders op deze zondag wordt herdacht.
Zo worden wij versterkt en worden wij in staat gesteld om onze Vastenreis, uitgerust, bemoedigd en met lichte tred voort te zetten.

Het lijkt op de optocht die voorafgaat aan de komst van de koning,
het koninklijk protocol, de trofeeën en de emblemen van de overwinning
welke in processie worden meegevoerd en de Koning Zelf Die in een triomfantelijke parade, Zijn overwinning met gejubel en vreugde met vreugde van Zijn onderdanen in ontvangst neemt.
Zo wordt de Kruisverheffing welke aan de komst van onze Koning,
Jezus Christus voorafgaat, op deze dag verzinnebeeld.
Het attendeert ons dat Christus op het punt staat Zich een weg te banen
naar Zijn overwinning over de dood en
ons in de glorie van de Verrijzenis te verschijnen.
Zijn Leven-schenkende Kruis is Zijn Koninklijke scepter en
door dit te vereren zijn wij vervuld met vreugde,
waardoor Hem de eer toekomt.
Hiermee worden we voorbereid om onze Koning, Die Daarmee over
de machten van de duisternis zal triomferen, te verwelkomen.

Exaltation of the Cross, athos manuscriptHet huidige feest is tevens om een ​​andere reden in het midden van de Grote Vasten geplaatst.
De Vasten kan worden vergeleken met het water te Mara in de woestijn; wat de kinderen van Israël niet konden drinken, want het was bitter.
Dit water is ondrinkbaar vanwege de bitterheid maar werd zoet toen
de Profeet Mozes het [Kruis]hout in de diepte van het water onderdompelde.
Ook het hout van het Groot en Heilig Kruis verzoet de dagen van onze vastenperiode ,
welke vanwege onze tranen zo bitter en vaak pijnlijk is geworden.
Maar Christus troost ons tijdens onze weg door de woestijn van het vasten.
Hij begeleidt ons en neemt ons bij de hand om het geestelijke Jeruzalem
door de kracht van Zijn Opstanding te bereiken.

Cross, the Tree of LifeTevens wordt het Heilig Kruis
wel de Boom des Levens genoemd,
Die in het midden van de vastenperiode,
net zoals de vroegere boom des levens zich in het midden van de Paradijstuin [te Eden] bevond.
Op deze manier herinneren onze Heilige Kerkvaders ons aan de hebzucht [de gulzigheid] van Adam en
dat door deze Boom de veroordeling
wordt geseponeerd [vaarwelgezegd].
Daarom zullen wij wanneer wij ons aan het Heilig Kruis vasthouden,
nooit de dood ondergaan maar het eeuwige leven beërven.

Verering van het Kruis van onze HeerDe meest voorkomende Icoon in verband met
de verering van het Groot en Heilig Kruis
is dezelfde als die gebruikt wordt op het Feest van
de Verering van het Heilig Kruis op 14 september.
Op deze Icoon wordt Patriarch Macarios afgebeeld die op een preekstoel staat en het Kruis opheft zodat iedereen
het kan zien en vereren; naast de Patriarch staan veelal diakens, die kaarsen ophouden.
Het verhoogde Kruis wordt door vele geestelijken en leken omgeven en vereerd, waaronder ook de Heilige Helena, de moeder van keizer Constantijn.
Op de achtergrond van de Icoon zie je de vorm van een koepel, welke de kerk van de Verrijzenis in Jeruzalem aanduidt.
Deze kerk is een van de kerken die op last van keizer Constantijn op de heilige plaatsen van Jeruzalem gebouwd en ingewijd zijn.

KruisEen ander Icoon rond dit feest
geeft de werkelijke dienst van verering aan, die in de kerken op de derde zondag van de vasten wordt uitgevoerd.
In het midden de Icoon van het kruis.
Deze ligt op een tafel [Аналои], omringd door bloemen.
Boven het Kruis is het Christus afgebeeld in een gedeeltelijke mandorla [afgeleid van het Italiaanse woord voor amandel] die Zijn heerlijkheid aantoont.
Hij zegent hen die hebben verzameld hebben om het Kruis te vereren; de heersers, de geestelijken, de kloosterlingen en de leken.

Tijdens de dienst van verering, zegent de priester de mensen die het kruis vereren  met een zegenkruis en zingen allen het lied
Wij vereren Uw Kruis, o Christus en
Uw heilige Verrijzenis loven wij
“.

De zondag van het Heilig Kruis wordt herdacht met de Goddelijke Liturgie van
de H. Basilius de Grote, die wordt voorafgegaan door de Metten.
De grote Vespers wordt uitgevoerd op de voorafgaande zaterdagavond.
De hymnen van het Triodion voor deze dag worden toegevoegd aan
de gebruikelijke gebeden en de gezangen van de wekelijkse dienst van
de Opstanding van Christus.
De schriftlezingen voor de zondag tijdens de Goddelijke Liturgie zijn:
Hebr.4: 14 – 5: 6 en Marc.8: 34 – 9: 1.
Aan het einde van de dienst, komen de mensen het kruis vereren en
ontvangen bloemen of basilicum van de priester.

Apolytikion       1e tn
Heer, red Uw volk en zegen Uw erfdeel;
en bescherm Uw Gemeente door Uw Kruis“.

Kontakion          tn.7
Nu staat niet langer als een wachter
het vlammend zwaard voor Edens poort.
Op die plaats staat nu, wat dit zo heerlijk heeft gedoofd,
het Hout van het Kruis.
Verdwenen is de prikkel des doods, de zege van de hel.
Want Uzelf, mijn Heiland,
zijt gekomen om tot de hades-bewoners te roepen:
‘Laat u terugvoeren in het Paradijs’
“.

Orthodoxie & verleidingen; tussen durf en wanhoop

Parintelui Petroniu Tanase2Meestal is de mens afwijzend om
met zichzelf geconfronteerd te worden;
hij is terughoudend om naar zichzelf
[in zijn ziel] te kijken.
Hij neemt er zelfs de tijd niet voor om
te zien hoe het met hemzelf gesteld is.
De mens is zelfs bang om dit te doen;
hij heeft het gevoel dat dit een riskante onderneming is.
Hij is bang wanneer
je te lang naar binnen in jezelf gaat kijken,
dat je dan duizelig wordt en de grip
[
de controle] verliest“.
Staretz Petroniu [Tanase – † 22 Februari 2011] skite Prodromu, Athos

De schokkende, walgelijke wortels van de Hebreeuwse onderbuikgevoelens tentoon gesteldKeer op keer laat Christus ons zien dat
Farizeeën eveneens niet alleen ongevoelig waren maar dat hun sluwheid en onwetendheid
de enige deugd waren die zij bezaten.
Terwijl Christus, de God en Redder,
alle zondaars die Hem naderden vriendelijk tegemoet trad, werden zij
boos en mompelden wat in zichzelf.
Zij wilden Zijn Heerlijkheid en de gedragslijn van Zijn geduld en Zijn overweldigende vriendelijkheid vermijden, uit de weg gaan.
De Farizeeën waren sluw, omdat ze ongevoelig waren om van het gegeven van vergeving uit te gaan, terwijl hun zielen meer verdorven waren     dan de andere mensen die zij zelf veroordeelden.
De Heer en Redder, is onnoemelijk goed en meer dan vriendelijk en wordt als een eindeloze schatkamer van barmhartigheid genoemd, maar ten opzichte van de Farizeeën liet Hij er geen gras over groeien.
De Farizeeën gedroegen zich als wilde paarden die je nog niet met een gestrekte hand durft aan te raken, laat staan dat je hen maar een ogenblik over hun zonden behoefde aan te spreken.
Daarom sprak de Heer in gelijkenissen en vermengde Zijn belastende geneeskunde met smakelijke honing; opdat Hij hen vakkundig op de genezing van hun ziekte kon wijzen,
Hij leerde hen dat genezing een opluchting teweeg brengt en dat God het berouw van een zondaar met vreugde treed en van de zondaars houdt.

Schoven van tarwe, Vincent van Gogh - Jezus Christus, Gods Zoon, is dé Eersteling voor GodGod is de oorsprong van
alle zichtbare en onzichtbare dingen.
God is onzichtbaar;
heb daarom eerbied  voor de onzichtbare God.
Kijk verlangend uit naar
deze onzichtbare God, snak naar Hem.
God is een eeuwige, Al-heilige, Barmhartige, Alwetende, Almachtige, Rechtvaardige, Alomtegenwoordige, Onveranderlijke, geheel tevreden, Hoog-gezegende Geest.
En jij bent het beeld van God.
Leef daarom op geestelijk niveau, veracht het vlees, wat alleen maar je tijdelijke woning is;
wees heilig, vriendelijk, wijs, rechtvaardig, waakzaam,                                                                    en onbevreesd; onveranderlijk in goede dingen en                                                                          wees met alles wat je ten deel valt tevreden.
God heeft Zichzelf een huis gebouwd en
heeft daardoor het volste recht daar ook in te wonen.
Wij zijn met z’n allen de huizen van onze Schepper;
Hij heeft ons geschapen voor Zichzelf, want
Hij “heeft al de dingen uit Zijn eigen interesse gedaan” en
Hij is Degene Die in ons  dient te wonen en niet de duivel, die dief en overvaller,
die bedrieger en moordenaar.
Johannes de Theoloog1.].Kom en verblijf in ons
[het Gebed tot de Heilige Geest];
2.].Indien iemand Mij liefheeft,
zal hij Mijn woord bewaren en
Mijn Vader zal hem liefhebben en
Wij zullen tot hem komen en
bij hem wonen
“.
John.14: 23;
3.].Weet gij niet, dat gij Gods tempel zijt en dat de Geest van God in u woont?“.
1Cor.3: 16

Sta hier eens bij stil – met elk woord dat je uit[spreekt],
– bij elke gedachte bij het lezen van God’s Woord [de H.Schrift].
Doe hetzelfde bij het lezen van de geschriften van de Heilige Vaders en
tijdens de verschillende gebeden en gezangen, die
we in de kerk horen of die we thuis opzeggen, want
het zijn allemaal ademhalingen en woorden van de Heilige Geest.
Het is om het anders te formuleren, de “Heilige Geest Zelf“, want
wij weten niet wat wij bidden, maar
de H. Geest Zelf pleit voor ons
met onuitsprekelijke verzuchtingen
“.
Rom.8: 26

''Laat ons in vrede tot de Heer bidden''De grote Litanie die dagelijkse in de Orthodoxe Kerk wordt gebeden is de meest begenadigde litanie, het is de litanie van de Liefde; want hierin worden zowel de levende christenen als de heiligen tezamen voorgesteld als deelgenoot aan het Lichaam van Jezus Christus.
Het eindigt met het mooiste van al,
de daaropvolgende uitroep:
Onze al-heilige, ongerepte, hoog-gezegende, roemrijke Koningin, moeder van onze God en altijd-maagd Maria
met alle Heiligen gedenkend, bevelen wij onszelf,
elkaar en geheel ons leven aan
“.
De dubbele Litanie van de gelovigen en smekende litanieën zijn ook intens mooi.
We zijn er zo gewend aan geraakt, maar laten we ons eens voorstellen dat
we ze voor het eerst horen  en laten we onszelf eens in de positie wanen
van een buitenstaander.
Wanneer we tot God bidden, dienen we onszelf altijd in de positie te stellen ten opzichte van Zijn onbegrensde Grootheid, dat Hij tevens omringd wordt door miljoenen Engelen en Heiligen, die opvliegen en zingen:
Christ in Glory, surrounded by angelsHeilig, heilig, Heilig is de Heer Sabaoth,
zowel Hemel als aarde zijn vol van Uw Heerlijkheid
“.

>> Degenen die Gods beschouwingen
niet begrijpen wandelen op een heuvelrug
als op het scherp van een mes en worden bij het minste of geringste door elk zuchtje wind uit balans gebracht.
– “Wanneer zij geprezen worden, juichen zij
himmel jauchzend hoch’
;
– wanneer zij bekritiseerd worden, zijn zij
‘zum Tode betrübt’ [uit Goethe’s Egmont, 1787].
– Wanneer zij feest vieren,
vreet hij zich als een feestvarken zo vol;
– wanneer zij lijdt ontberingen lijden,                                                                                                    steunen ze en kreunen ze.
– Wanneer zij inzicht hebben, dan lopen zij ermee te koop;
– wanneer zij iets niet begrijpen, doen ze alsof ze het inzicht wel hebben.
– Wanneer rijkdom hen ten deel valt, hebben zij een machogedrag;
– wanneer zij in armoede verkeren, speelt hij de huichelaar.
– Wanneer zij volgevreten zijn, groeit hun blazoen gretig;
– wanneer zij vasten , worden zij aanmatigend.
– Zij maken ruzie met degenen die hen berispen;
– degenen die hen vergeven, beschouwen zij als dwazen”.
Heilige Marc de ascetische [5e-6e eeuw],
over degenen die het idee hebben dat
zij rechtvaardig zijn door eigen werken.

Saint John of Kronstadt>> Veel mensen bidden wel,
maar maken er hun gewoonte van
hun gebed hypocriet te voltooien.
Veelal hebben ze zelf niet eens in de gaten of
ze wensen het gewoon niet te zien dat
ze ongeïnteresseerd bidden, niet in geest en in waarheid.
Zo er iemand zich opwerpt om hen te beschuldigen van dit ongeïnteresseerd bidden, worden ze boos op degenen die het waagt dit te zeggen, omdat
het naar hun mening een absurditeit zou zijn.
Deze mensen zijn niet van het een op andere moment hypocriet geworden, maar geleidelijk aan.
In eerste instantie baden ze misschien met hun gehele hart, maar daarna verdween de diepgang.
— Voor altijd en onophoudelijk bidden met je gehele hart is een moeilijke opdracht,
waaraan we ons echt moeten zetten, onszelf dienen te dwingen.
Hierover wordt gezegd dat “het Koninkrijk der Hemelen geweld wordt aangedaan“.
Matth.11: 12
— Deze mensen beginnen steeds meer oppervlakkig met hun lippen te bidden,
niet uit de diepten van de ziel, omdat dit is veel gemakkelijker is en
uiteindelijk nemen de aanvallen van het vlees en de duivel toe.
Ze bidden dan alleen nog maar met hun lippen, zonder
de kracht van de woorden van het gebed tot in het hart te laten neerdalen.
Er zijn nogal wat mensen die op die manier te bidden.
De Heer zei van hen:
Dit volk nadert Mij met de mond en
eert Mij met de lippen, maar
hun hart is verre van Mij
“.
Matth.15: 8
AntimensionWat hier over het gebed wordt gezegd
geldt evenzeer voor de gemeenschap met
de Heilige, onsterfelijk en leven-schenkende Mysteriën.
In het begin communiceert een mens op basis van een levend geloof, met een gevoel van Liefde en toewijding, maar na verloop van tijd, door de voortdurende tegenstand van het vlees en de duivel, laat hij hen de overwinning over zich toenemen
over de waarheid van God en
communiceert de mens ongeïnteresseerd,
neemt in feite niet langer deel aan het Lichaam en Bloed van Christus,
maar nuttigt slechts in overeenstemming met de gedachten van zijn hart brood en wijn.
De essentie van de Mysteriën wordt hem ontnomen,
Het is de Geest, Die levend maakt, het vlees heeft geen nut“.
John.6: 63;
of zoals de Verlosser het heeft gezegd,
Gij tracht Mij te doden, omdat Mijn Woord bij u geen woonplaats vindt“.
John.8: 37;
de mens is dus innerlijk beroofd door Satan.
Moge God ons allen van een dergelijke gewoonte afhouden,
van een dergelijke Godslastering ten opzichte van de Heer!
H. Johannes van Kronstadt

Orthodoxie & het begin van de Grote Vasten [1] – 1e week

1e Lezing van het 6e Uur:
Profeet IsaiahHoort, hemelen, en aarde,
neig uw oor, want de Heer spreekt:
Ik heb kinderen grootgebracht en opgevoed, maar
zij zijn van Mij afvallig geworden.
Een rund kent zijn eigenaar en
een ezel de krib van zijn meester, maar
Israël heeft geen begrip, mijn volk geen inzicht.
Wee het zondige volk, de natie,
beladen met ongerechtigheid,
het gebroed van boosdoeners, de verdorven kinderen.
Zij hebben de Heer verlaten, het Heilige van Israël versmaad, zich achterwaarts gewend.
Waar wilt gij nog meer geslagen worden, dat
gij voortgaat met af te wijken?
Het gehele hoofd is ziek, het gehele hart vol krankheid;
van de voetzool af tot de schedel is er niets gaaf;
wonden, striemen en verse kwetsuren, die niet uitgedrukt zijn
noch verbonden noch met olie verzacht.

Indien de Heer der heerscharen ons niet enige weinige ontkomenen had overgelaten,
waren wij als Sodom geworden, aan Gomorra gelijk.
Hoort het woord des Heren, bestuurders van Sodom;
neigt uw oor tot de onderwijzing van onze God, volk van Gomorra.
Waartoe dient Mij de menigte uwer slachtoffers? zegt de Heer;
oververzadigd ben Ik van de brandoffers van rammen en het vet van mestkalveren en
aan het bloed van stieren, schapen en bokken heb Ik geen welgevallen.
Wanneer gij komt om voor mijn aangezicht te verschijnen;
wie heeft dit van u verlangd mijn voorhoven plat te treden?
Gaat niet voort met huichelachtige offers te brengen;
gruwelijk reukwerk is het Mij; nieuwe maan en sabbat,
het bijeenroepen der samenkomsten.
Ik verdraag het niet: onrecht met feestelijke vergadering.
Uw nieuwe maansdagen en uw feesten haat Ik met heel mijn ziel, zij zijn Mij een last.
Ik ben moede ze te dragen.
Wanneer gij uw handen uitbreidt, verberg Ik mijn ogen voor u;
zelfs wanneer gij het gebed vermenigvuldigt, hoor Ik niet; uw handen zijn vol bloed.
Wast u, reinigt u, doet uw boze daden uit mijn ogen weg; houdt op kwaad te doen;
Leert goed te doen, tracht naar recht, houdt de geweldenaar in toom,
doet recht aan de wees, verdedigt de rechtszaak der weduwe.
Komt toch en laat ons tezamen richten, zegt de Heer;
al waren uw zonden als scharlaken, zij zullen wit worden als sneeuw;
al waren zij rood als karmozijn, zij zullen worden als witte wol.
Als gij gewillig zijt en luistert, zult gij het goede van het land eten;
Maar als gij weigert en weerspannig zijt, zult gij door het zwaard worden verteerd,
want de mond des Heren heeft gesproken
“.
Isaiah 1: 2-5, 9-20

H. Nicodemos de Athonite [van de berg Athos]Wie kan nu niet de vreugde opbrengen waarbij
je kunt genieten van de Liefde
die je voor je naaste opbrengt?

Dit wordt vooral duidelijk wanneer
je hem/haar ook het resultaat en de vrucht
laat zien van die ware liefde,

het mededogen, de liefdadigheid, de sympathie,
de vergeving van zijn/haar fouten,

het geduld met zijn/haar onvolkomenheden en
gewoon iedere heilzame daad en
medelijden die je voor je naaste opbrengt“.
H. Nicodemos, van de berg Athos

Isaiah is een profeet die in beeld verschijnt nadat beruchte koningen en heersers een lange periode over Israël hebben geregeerd
Israël was eerst een eenheid en werd vervolgens, nadat het land zich opsplitste, tot Juda,
of “het Zuidelijke Koninkrijk“.

Het boek begint ermee dat God de aanklachten tegen Juda opvoert,
het worden er steeds meer. Hij is er getuige van geweest dat Zijn volk eeuwen achtereen
meedogenloos en gretig handelde.
Zo lijkt het dat Zijn geduld met hen na honderden jaren is uitgeput.
Hij vergelijkt ze met steden die Hij heeft verwoest – Sodom en Gomorra.

Theotokos - SRC reisleiderblog Sven Standhard icoon, LeerIn deze passage is het niet eenvoudig nog
een sprankje hoop – of de ondervonden relatie
van God met Zijn volk ooit hersteld wordt –
te ontdekken.
Hij is zo moe van hen;
het klinkt of Hij door hen bijna uitgeput is.
God is uit op een onderlinge relatie en
niet alleen een onderlinge overeenkomst.
De relatie tussen Israël en God is gespannen,
de hoop is schijnbaar vervlogen.
God is gefrustreerd en verdrietig door
hun religieuze handelen.
Ze  – doen – de juiste dingen
als het gaat om gezamenlijke aanbidding
komen ze bijeen en daar blijft het bij.

Wat veroorzaakt dat God zegt: “Ik zal niet luisteren?”.
Voordat we die vraag te beantwoorden, dienen we te kijken naar Wie God is.
Hij omschrijft Zichzelf door de aansporingen die Hij in het verleden aan Israël heeft opgelegd:

  • God is de God Die stem geeft aan degenen die monddood gemaakt zijn en die hun stem niet/onmogelijk kunnen verheffen.
  • Hij is de God Die de oorzaak van het weerloze doorziet.
    God is de God Die harde regel verdedigt, Liefde tot bloedens toe.
  • Hij haat egoïstisch gewin.
  • Hij houdt niet van het idee van de voorkeursbehandeling van een persoon
    of een groep mensen over anderen,
    Isaiah 1: 17

cowgirlZo handelt Israël  uit ware hypocrisie [huichelarij], zij prijst God en beweert van Hem te houden, terwijl ze Hem zelfs tegenwerken.
Ze komen om Hem te aanbidden, maar
ze komen met bloed aan hun handen.
Ze “doen kwaad“.  Ze onderdrukken elkaar.
Ze brengen geen recht aan de wees of
komen op voor de weduwe.
Andere passages in Isaiah maken het aannemen van steekpenningen door de rijken wereldkundig,
waarmee ze arme, hardwerkende boeren hun land ontnemen; hun woning ontnemen en  hun vrouwen en kinderen misbruiken.
Dus, na eeuwen dit destructief [vernietigend, afbrekend] gedrag van hen verdragen te hebben,
laat God Israël blijken dat het nu wel genoeg is geweest.

– Ik heb jullie gemaakt.
Ik heb jullie gemaakt om van elkaar te houden, hetgeen Ik Liefde noem en
om te haten wat Ik haat en om dusdanig te doen waarop Ik werkzaam ben.
Maar, in plaats daarvan, rebelleren jullie hiertegen, komen jullie er tegen in opstand.
Je houdt niet van waar Ik van houd. Jullie houden van wat Ik haat.
Je behoeft niet net te doen alsof je van Mij bent, Ik laat je heus wel vrij, maar
Ik zal jullie wel laten ondervinden wat het is om niet van Mij te zijn;
niet Mijn Volk [Mijn Kinderen] te zijn.
Dus wat bedoelt God wanneer hij opdracht geeft
“Gerechtigheid te zoeken” en “Gehoorzaam en na-volgzaam te zijn“?
We hebben de neiging Zijn handelswijze te rechtvaardigen,
dat wanneer Hij streng straft op dit wangedrag, dat dit ook wel terecht is.

Gods Heart JusticeMaar dat is niet wat de
Blijde Boodschap onder “Gerechtigheid” verstaat.
Het is gekoppeld aan de Persoon, Die het veroorzaakt
– Zowel om hen te beschermen tegen schade, die
zij zichzelf aandoen, door goed voor hen te doen.
Rechtvaardigheid is een actief pleidooi voor
de zaak van de onderdrukten.
Het geeft aandacht aan de behoeften van anderen
en wanneer dit gebeurt wordt er gul en  ruimhartig mee omgegaan, overvloedig geschonken.
We kunnen ons daarbij voorstellen dat dit net zo iets is als een “goed doel” [bij een wereldramp of zo], maar
dat woord geeft ons de indruk dat er nog een mogelijkheid tot keuze wordt opengelaten.
Dat is het niet, zo doet God dat niet, Hij doet zoiets overvloedig.
Wanneer wij Gods kinderen zijn, dan dienen wij ons net als Hij doet,
overtreffend rechtvaardig te gedragen.
Indien we als God geacht worden ons rechtvaardig te gedragen, dan dienen zowel in tijd als in onze middelen royaal aandacht te besteden aan de zorg voor degenen, die niet voor zichzelf kunnen zorgen.

In de Blijde Boodschap verwijst recht en gerechtigheid naar het onophoudelijk, dag-in-dag-uit een persoonlijk leven leiden waarbij een persoon in al z’n relaties, zowel in het gezin als in de samenleving eerlijkheid, vrijgevigheid en z’n eigen vermogen naar volle overtuiging inzet.
Een wederzijdse Goddelijke relatie betekent dat we rechtvaardigheid nastreven
voor onze naasten [zowel vriend als vijand].
Israël was niet op zoek naar gerechtigheid voor haar naasten;
in feite waren ze elkaar en naderen aan het onderdrukken.

Toch, wanneer God hen confronteert, gaat Hij niet gewoon zeggen,
Ik heb het wel gezien met jullie!“.
Hij geeft hen echter  duidelijke aanwijzingen hoe de relatie met Hem hersteld dient te worden.
In de tijd van Isaiah waren overheid en Kerk onlosmakelijk met elkaar verbonden;
in onze tijd zijn deze in ons land {Nederland] gescheiden.
En het blijkt goed te zijn geweest, dat God in het werken met ons actief is geweest en ons de juiste richting heeft aangegeven.
Heden ten dage wordt de Kerk als de belangrijkste plaats beschouwd waarlangs God Zijn zorg voor zijn schepping laat plaatsvinden, de overheid trekt zich op al gebied terug.
Met andere woorden, we zijn bijdetijds en niet ouderwets of overbodig.
Wij zoeken rechtvaardigheidWe zijn nog steeds heel erg verantwoordelijk in zaken waarbij het gemarginaliseerde, vertrapte, geslachtofferde deel van de samenleving ons nodig heeft.
Om dit te doen, beginnen we plaatselijk met
de mensen direct om ons heen.
• Sommigen van ons zijn opzettelijk
in verarmde buurten neergestreken om
de rechtvaardigheid en de gastvrijheid
ten opzicht van de naasten beter
gestalte te kunnen geven.
Het is dan ook vreemd te zien dat
met name op die knooppunten in
de samenleving godshuizen beginnen te verdwijnen, maar de tijd zal het leren.
Misschien moeten we weer terug naar BASIC en huisdiensten opzetten en
eens in de week op een centrale plaats gezamenlijk onze diensten vieren.
• Anderen van ons bereiden zich voor op een loopbaan, een maatschappelijke positie in de hulpverlening zoals Heelkunde, Pedagogiek, Psychologie, maar worden ook gewoon onderwijzer of socio-freek. Je betrekt jezelf als jongere bij studentenorganisaties en werkt hard om je voor te bereiden op je toekomst, ondertussen help je bij de voedselbank, maar er zijn er ook die actief zijn in achterstandswijken, als ouderenbezoeker of klusjesman.
Dit soort achterstandssituaties  zijn ontstaan uit een lange en ingewikkelde geschiedenis van discriminatie, van de onderdrukking [systemen waarin sommigen individuen in persoonlijk dienstverband staan en vaak zelfs letterlijk onderhorig zijn aan anderen],
door uitsluiting van bepaalde bevolkingsgroepen in de maatschappij [segregatie] of uitbuiting door middel van woningbeheer.

Armoede blijft een ingewikkeld proces. Niets heeft zo maar een eenvoudig antwoord.
Ja, veel van de mensen in achterstandssituaties hebben een lange periode van onderdrukking en wreedheden achter de rug.
Momenteel hebben we een onderwijssysteem dat per student méér geld kost
dan in vele anderen landen. Het is daarbij te hopen dat managementsystemen
niet alleen oog hebben voor de eisen [diploma’s] waaraan iemand moet voldoen, maar dat met name gekeken wordt naar de competentie in samenhang met de organisatie en dat het personeel onafhankelijk en onpartijdig van ras, afkomst, geld en relaties beoordeeld wordt.
Er bestaan ook een heleboel mensen die door afkomst niet over de basisvaardigheden beschikken die nodig zijn om een ​​fatsoenlijke baan te verkrijgen en die in de loop van de tijd een minder-bedeeld gevoel van recht hebben ontwikkeld.
Wij hebben persoonlijk regelmatig onze handen van deze mensen afgetrokken, zodat
hun situatie een ingewikkeld mengsel van schadeveroorzakende keuzes tot gevolg had,
die ze zelf vanwege een systematische onderdrukking maar hadden te accepteren.

hulp in achterstandssituatiesNee, we dienen meer op God te vertrouwen; ook als je niet weet hoe je
zo’n situatie nu weer dient aan te pakken.
God is goed voor degenen die ogenschijnlijk Zijn genegenheid niet verdienen.
We dienen diezelfde houding aan te nemen.
Er zijn eindeloos veel manieren waarop
we betrokken kunnen worden bij de mensen om ons heen. Het nastreven van rechtvaardigheid voor de mens in nood vereist dat
we onze ogen openen voor zowel de noodzaak als de kansen en mogelijkheden, die er zijn.
Er blijken daarnaast genoeg mensen in de wereld te zijn, die niets met God te maken [willen] hebben, die beter in het bereiken van de armen en behoeftigen zijn dan wij,
ons christen noemend, ooit zouden kunnen.
Wanneer God wil, dat wij onze vrijgevigheid aan de mens in nood laten zien,
dan vinden we altijd een mogelijkheid en dan zullen we daar ook
lichamelijk en financieel toe in staat gesteld worden.

Maar God roept ons tevens op om een ​​bredere visie te hebben.
Onze eigen leven is fundamenteel gebroken totdat we ons laten voeden door het brood, het manna uit de hemel.
God roept ons op datgene te geven wat we hebben ontvangen en
dat dan ook royaal te geven, want
we ontvangen de Genade van God immers ook overvloedig.
Streef de rechtvaardigheid na omdat je zelf ontferming hebt ontvangen.
Als we niet oppassen dan bevinden de meesten van ons zich eveneens in de positie om
de naasten om ons heen te onderdrukken.
Maar ieder van ons was ooit – kinderlijk, weerloos en goed.

Christ Chilandar, Mount Athos, GrAls christen dient Christus onze stem,
onze woordvoerder en verdediger te worden.
Zwakte is niet beperkt tot jouw fysieke gesteldheid.
Er is armoede en onderdrukking in de wereld, doordat
wij in opstand zijn gekomen tegen God.
Omdat wij ons in onze gebrokenheid niet alleen verdedigen tegen eventuele fysieke [lichamelijke] schade, maar ook de verdediging tegen de geestelijke schade hebben losgelaten, bevinden we
ons in een omgeving die gedreven wordt door hebzucht, angst en apathie.
We zien oorlogen, honger, uitbuiting, verderf en natuurrampen om ons heen.

inhaligheid stuwt europese beursgangWij zijn op het punt aangeland
dat regeringen en bedrijven uitgroeien
tot een groter geheel waarbij de een de ander benadeelt door inhaligheid in plaats van tezamen de mouwen op te stropen en goed te doen wat goed is voor de mensheid.
God zij dank, is het nog niet zo ver
dat God ons in ballingschap doet verblijven òf is het al zo ver dat onze jongeren emigreren om elders in de wereld
gezonder en beter uit te zijn en dààr een nieuw leven op te bouwen.

Het hele boek van Isaiah door, doet God over een toekomstige tijd van Zich spreken
– een tijd waarin alle dingen zullen worden rechtgezet en
we zullen genieten van datgene wat God behaagt,
we in Liefde en Vrede samenleven.
Tot die tijd, hebben ook wij behoefte aan Christus, Die namens ons te spreekt.
We hebben Iemand nodig om ons bij ons nekvel te grijpen en
ons in het werkelijk mens-zijn vormt en bijstaat;
Die ons mensen van de wereld doen zijn zoals God het graag ziet
– mensen die mensen in achterstandsituaties verdedigen,
omdat wij ons ook door Zijn Genade beschermd weten.
Dit is de reden waarom Isaiah niet eindigt met:
Wee, Ik zal wraak oefenen aan mijn tegenstanders en
Ik wil Mij wreken op mijn vijanden;
Ik wil mijn hand tegen u keren en Ik zal uw slakken als met loog uitzuiveren en
al uw looddelen verwijderen“.
Isaiah 1: 24,25

Wie kan nu niet de vreugde ervaren waarbij
je kunt genieten van de Liefde
die je voor je naaste opbrengt?

Dit wordt vooral duidelijk wanneer
je hem/haar ook het resultaat en de vrucht
laat zien van die ware liefde,

het mededogen, de liefdadigheid, de sympathie,
de vergeving van zijn fouten,

het geduld met zijn onvolkomenheden en
gewoon iedere heilzame daad en
medelijden die je voor je naaste opbrengt“.
H. Nicodemos, van de berg Athos

Het is kiezen of delen – een leven dat enkel gericht is op het eigen belang/welzijn,
van egoïsme, opgebouwd over de ruggen van mensen die minder [draag-]krachtig zijn.
Of zoals Isaiah 53: 6 luidt:
Wij allen dwaalden als schapen, wij wendden ons ieder naar zijn eigen weg,
maar de Heer
[Christus] heeft ons aller ongerechtigheid op Hem doen neerkomen“.
Christus lopend over het waterHet is omdat Christus tussen ons in staat
en doordat we door Hem voor onszelf geoogst hebben zijn we in staat gesteld
om ons niet te identificeren met
de weerspannige rebellen van Isaiah 1: 20,
maar met de gewillige gehoorzame mens van Isaiah 1: 19.
We worden door God vanwege Christus verzorgd en zo zal voor onze naasten
[door ons christenen] gezorgd worden.
We kunnen God nu zonder angst aanbidden, want in Christus, weten we ons verdedigd,
wij hebben een voorspraak en we zijn schoon gewassen en deze reiniging wijst ons, niet naar apathie, maar naar een dankbaar dienstbetoon en
een rechtvaardige behandeling
van de mensen om ons heen.

Orthodoxie & Boetvaardigheid en terugkeer tot het Hart

Profeet JoëlMaar ook nu nog luidt het woord des Heren:
Bekeert u tot Mij met uw ganse hart, door
te vasten met tranen en rouwklacht.
Scheurt uw hart en niet uw klederen en
bekeert u tot de Heer, uw God.
Want genadig en barmhartig is Hij,
lankmoedig en groot van goedertierenheid,
berouw hebbende over het onheil.
Wie weet, of Hij Zich niet wendt en berouw heeft en een zegen achter Zich laat overblijven,
tot een spijsoffer en een plengoffer voor de Heer, uw God.
Blaast de bazuin op Sion, heiligt een vasten,
roept een plechtige samenkomst bijeen.
Vergadert het volk, heiligt de gemeente, roept de ouden bijeen, vergadert de kinderen en de zuigelingen; de bruidegom zal uit zijn kamer treden en de bruid uit haar bruidsvertrek.

Laat de priesters, de dienaren des Heren,
tussen de voorhal en het altaar wenen en zeggen:
Spaar, Heer, uw volk en geef uw erfdeel niet prijs aan de smaad, zodat
de heidenen met hen zouden spotten.
Waarom zou men onder de volken zeggen: Waar is hun God?
Toen nam de Heer het op voor zijn land en Hij kreeg medelijden met zijn volk.
De Heer antwoordde zijn volk:
Zie, Ik zal u koren, most en olie zenden, zodat gij daarmede verzadigd wordt en
Ik zal u niet meer prijsgeven tot een smaad onder de volken.
Ik zal van u wegdrijven die uit het Noorden en hem verjagen naar een dor en woest land,
zijn voorhoede naar de oostelijke zee en zijn achterhoede naar de westelijke zee en
zijn stank zal opstijgen en zijn vuile lucht zal opstijgen, want
hij heeft grote dingen gedaan.
Gods Volk verwacht heil van bovenVrees niet, o land, jubel en verheug u, want
de Heer heeft grote dingen gedaan.
Vreest niet, gij dieren van het veld, want
de weiden der woestijn groenen, want
het geboomte draagt zijn vrucht, vijgenboom en wijnstok geven hun rijkdom.
En gij, kinderen van Sion, juicht en verheugt u in de Heer, uw God, want
Hij geeft u de leraar ter gerechtigheid;
ja, regenstromen laat Hij voor u nederdalen, vroege regen en late regen, zoals voorheen.
De dorsvloeren zullen vol koren zijn en de perskuipen van most en olie overstromen.
Ik zal u vergoeden de jaren, toen de sprinkhaan [alles] opvrat,
de verslinder en de kaalvreter en de knager, mijn groot leger dat Ik op u afzond.
Gij zult volop en tot verzadiging eten en
gij zult loven de naam van de Heer, uw God, die wonderbaar met u gehandeld heeft;
mijn volk zal nimmermeer te schande worden
“.
Joël 2: 12-26 – lezing van het 6e uur

Keer op uw pad terug naar de Heer, uw God, want
Hij is genadig en barmhartig.
Hij is lankmoedig, groot van goedertierenheid en
is bedroefd over het onheil
dat Hij op u afzond “.
Joël 2: 13
Gedurende de vasten is er door de week geen goddelijke Liturgie. In de lezing van het zesde uur roept de profeet Joël het Gods volk op tot bekering.
Om ons deze diepe verandering van het hart te doen bereiken,
teneinde onze God welgevallig doel te aanvaarden,
beschrijft de profeet vier paden tot daadwerkelijke bekering.

We dienen in staat te zijn om onze slechte gedachten en passies te vast te stellen.
Dan kunnen wij de verantwoordelijkheid aanvaarden voor de rampen, die onze zonden hebben veroorzaakt.
Wij erkennen dat God “Zich ingezet heeft voor Zijn land”, maar dat “Hij Zijn volk heeft gespaard”
Joël 2: 18
Tot slot danken we God voor “de genezing [ons herstel] van de jaren toen de sprinkhaan [alles] opvrat, de verslinder en degene die ons kaalvreet en de knager“.
Joël 2: 25
We betalen een hoge prijs voor onze slechte gedachten en ongecontroleerde passies,
welke ons tot slaaf maken van de wereld, waarin we wegkwijnen onze menselijkheid.
Zoals de heilige Gregorius van Nyssa ons uitlegt:
De mens, die ooit leefde in de geneugten van het Paradijs,
is overgeplaatst naar dit ongezonde en vermoeiende oord,
waar zijn leven gewend raakte aan ongevoeligheid en
daarvoor in de plaats legde passie en corruptie beslag op de mens.
De zonde verovert de burcht van de ziel [de tempel] als een tiran . . . .
Want het hele scala van passies,
de woede en de angst, de lafheid en de brutaliteit,
de depressie evenals het plezier,
de haat, strijd en genadeloze wreedheid,
zowel de jaloersheid als de vleierij en
ook de onbeschaamdheid spannen samen op verwondingen,
het zijn allemaal totalitaire machthebbers, die ons trachten te beheersen
“.
— > “En leidt ons niet in verzoeking,
maar verlos ons van de boze”
Onze Vader

Inderdaad zijn onze hartstochten agressieve tegenstanders,
die ons tot smaad aanzetten
Joël 2: 17, 19
Ze bezoedelen onze goede naam die we in Christus hebben ontvangen.
Geen wonder dat God roept ons op om zich te bekeren:
Bekeert u tot Mij met uw gehele hart, door te vasten met tranen en rouwklacht.
Scheurt uw hart en niet uw klederen en bekeert u tot de Heer, uw God
“.
Joël 2: 12, 13

H. Johannes Climacos [van de Ladder]De profeet Joël plaatst Gods aanbod van genade
voor ons voor ogen; we krijgen opnieuw een kans om de gemeenschap met God te herstellen en in Hem te gaan leven.
Volgens Johannes Climacos [van de Ladder]:       >>>
Berouw is de vernieuwing van de doop.
Bekering is een contract aangaan met God voor een vernieuwd [tweede] leven.
Iemand die berouw toont verwerft zich de nederigheid
pdf : THE LADDER OF DIVINE ASCENT by John Climacos
“De Hemel-ladder van Johannes Climacos, step 5.1

Joëls profetie laat ons de Icoon van berouw zien,
aan ons als de gemeenschap van Gods volk,
zodat we deze visie kunnen aanvaarden en ons tot echte boetelingen bekeren.
Vasten is voor priesters een tijd om
met luide trompet . . . de mensen op te roepen
Joël 2: 15, 16
Deze oproep is aan iedereen gericht ondanks de leeftijd, zuigelingen en
zelfs de jonggehuwden die hun huwelijkse geneugten [vs. 16] opzij dienen te stellen.

Samen dienen we als Gods volk, we janken voor onze zonden.
We staan voor het altaar en roepen:
Heer, spaar uw volk, geef uw erfdeel niet prijs aan smaad, zodat
de ongelovigen ons bespotten en zeggen: Waar is nu hun God?
“.
Joël 2: 17

God op Zijn beurt verklaart dat Hij Koning Davids pleidooi zal beantwoorden en
Zijn aangezicht afkeert van al onze zonden en al onze ongerechtigheden uitdelgt“.
Psalm 50: 9
God verlangt niet de dood van de zondaars, maar dat zij zich bekeren en leven.
Profeet Joël herinnert ons er hier aan dat
” de Heer onze God genadig en barmhartig is . . . lankmoedig en rijk van goedertierenheid,
ja, zelfs berouw hebbende over het onheil dat hij over ons heeft laten komen”
Joël 2: 13

Laat ons “met goede moed de strijd aangaan;
blij en met een goed gemoed,
want de Heer heeft grote dingen met ons gedaan”.
Joël 2: 21

Profeet Joël 2: 25God “zal [ons] als voorheen besprenkelen met de vroege en de late regen
wanneer we ons inzetten om ons te bekeren.
Joël 2: 23
Hij “zal ons herstellen [terugvoeren] naar onze oorspronkelijke staat” die
weggevreten is door zonden zoals bij bacterievuur.
Joël 2: 25

“Bekering die plaatsvindt in diep berouw en verbonden is met belijdenis
doet de ogen van de ziel de grote dingen van God zien”
Orthodox Psychotherapy [2005]aldus Metropolitan Hierotheos Vlachos
boek: Orthodoxe Psychotherapie, blz. 142
Bekering is het grootse werk dat
we tijdens de Grote en Heilige Vasten verrichten,
waardoor we “de Naam van de Heer [onze] God loven voor alles wat Hij zo wonderlijk voor ons heeft gedaan“.
Joël 2: 26
Laten we ons hart openstellen en
ons tot de barmhartige Heer richten!

  1. D.Dat wij de tijd van ons leven die ons nog overblijft in vrede en boetvaardigheid mogen voleindigen, vragen wij de Heer“;
    A.Geef het Heer? “.
    >> uit de vragende Litanie
    Goddelijke Liturgie van
    de heilige Johannes Chrysostomos

4e zondag als voorbereiding op de grote vasten – Verdrijving van Adam uit het Paradijs, bekend als de Vergevingszondag

De verdrijving uit het Paradijs, de tuin van EdenWant, indien door de overtreding van de ene de dood [door de zonde] als koning is gaan heersen door die ene,
veel meer zullen zij, die de overvloed van genade en van de gave der gerechtigheid ontvangen, leven en
als koningen heersen 
door
de ene, Jezus Christus
“.
Rom.5: 17

In de Orthodoxe Kerk wordt het woord                                                                                               zonde begrepen als te zijn afgeleid van
het Griekse begrip amartia [αμαρτία], hetgeen betekent “het missen van een doel“.
Evagrios van Pontus [Gr: Εὐάγριος ὁ Ποντικός, 345-399]
vertelt ons dat amartia dient te worden beschouwd als
een “misbruik [van] wat God heeft geschapen“[Philokalie].
De Orthodoxe Kerk ontleent deze geëigende definitie van haar visie over
de zonde aan Evagrios en dit draagt weer bij aan de volgende uitdrukking:
dat zonde als een ziekte of gebrek dient te worden beschouwd‘ [Morelli, 2006, 2008].
Net zoals de orthodox theoloog Meyendorff ons reeds in 1974 op het volgende wees:
Zonde verhoudt zich in de Orthodox-Christelijke antropologie vooral als een ziekte“.

De basis van de ervaring van de zonde vormen de hartstochten, die
ons ertoe aanzetten “het doel te missen” en dit kan zich ontwikkelen tot
een chronische geestelijke ziekte of zonde.
De opvatting van het begrip zonde als ziekte is geheel in overeenstemming met
de geestelijke verkondiging van Christus.
Zijn uitlating tot de Farizeeën, die Hem bespotten, luidt immers:
” Zij, die gezond zijn, hebben geen geneesheer nodig maar zij, die ziek zijn.
Gaat heen en leert, wat het betekent:
Barmhartigheid wil Ik en geen offerande; want Ik ben niet gekomen om
rechtvaardigen te roepen, maar zondaars
“.
Matth.9: 12,13
Hoe heeft de mensheid vatbaar kunnen worden aan de ziekte die zonde heet?
Om deze vraag te beantwoorden, dienen we terug te gaan en te onderzoeken
wat we weten over God en Zijn schepping.

Greek orthodox priest, CapernaumDe mens is van nature goed
Centraal staat dat de mens,
als wezen door God foutloos is geformeerd,
omdat God ook alleen maar goede dingen schept, wordt de mens ook geacht foutloos geschapen te zijn.
Dat blijkt uit de passages in Genesis die beweren dat de mens is geschapen naar het beeld en de gelijkenis van God:
En God schiep de mens naar Zijn beeld;
naar het beeld van God schiep hij hem,
mannelijk en vrouwelijk schiep Hij hen
” [Gen.1: 27]; en:
Toen vormde de Heer God de mens van stof uit de aardbodem en
in zijn neusgaten heeft Hij de adem des levens geblazen;
zo werd de mens een levend wezen
“[Gen.2: 7].

De mens kiest, onder invloed van de boze, voor de zonde
De duivel, de tegenstrever, daarentegen, is de bron van wanorde, van de chaos.
De duivel werkt niet als Gods tegenovergestelde, maar
alleen als een leugenaar en vernietiger –
als iemand die Gods waarheid verdraait en
agressief Gods scheppingsorde afbreekt.
In het Grieks betekent diabolo [διάβολο] de “verdeeldheid zaaier,
de afscheider en de lasteraar”.
Johannes schreef: “De duivel zondigt vanaf den beginne“.
1John.3: 8
Chritsus geneest de mens van de Gardeense demonenJohannes werpt een nog beter licht op
de aard van de duivel en zijn boosaardigheid
tijdens het gesprek dat Jezus met de Farizeeën had:
Gij hebt de duivel tot vader en wilt de begeerten van uw vader doen.  Die was een mensenmoordenaar van den beginne en staat niet in de waarheid, want
er is in hem geen waarheid.
Wanneer hij de leugen spreekt,
spreekt hij naar zijn aard, want

hij is een leugenaar en de vader van de leugen“.
John.8: 44

De Satan vernietigt onophoudelijk goedheid en orde,
hij is de leugenaar die ten opzichte van de mens
dodelijk in opstand komt tegen God en
hij heeft alleen eeuwig oordeel en veroordeling als einddoel.
H. Maximos de Belijder vertelt ons:
De duivel is zowel een vijand van God en
degene die zich ten opzichte van God wreekt, wraak neemt”.
En om Uw vijanden brengt God vijand en wreker ten verderve“.
Psalm 8: 2
Hij is Gods vijand hetgeen hij laat blijken in zijn haat ten opzichte van God en
op de wijze waarop hij een destructieve liefde voor ons mensen heeft verworven, door
zijn pogingen ons door middel van sensueel genot te laten instemmen en daarmee te
zorgen dat we de hartstochten niet langer onder controle hebben en
meer waarde hechten aan wat is vergankelijk is dan wat eeuwig behouden blijft“.
Philokalia

AppleDe breuk deed zich voor toen de satan Adam en Eva van de boom der kennis van goed en kwaad aten.
De boom werd in de tuin van het Paradijs geplant met fruit waarover God bevolen had dat
er nooit van mocht worden gegeten.
God legde de mens het gebod op:
Van alle bomen in de hof moogt gij vrij eten,
maar van de boom der kennis van goed en kwaad,
daarvan zult gij niet eten, want
ten dage, dat gij daarvan eet,
zult gij voorzeker sterven
“.
Gen.2: 16-17
Satan verleidde Adam en Eva door te stellen dat
als zij aten van de vrucht zouden ze
“… als God zouden wezen, goed en kwaad kennende“.
Gen.3: 7
Zoals we weten, zijn onze voorouders er niet in geslaagd om te gehoorzamen en de
gehele materiële schepping viel in wanorde.
De aard van hun zonde was dat ze de schepping boven de Schepper van het leven plaatsten [die de alomvattende kennis en wijsheid bevat] die alleen van God kan komen.
Om de woorden van bisschop Hilarion Alfeyev te gebruiken:
Het kwaad kwam niet door de wil van God in de wereld, maar door toedoen van de mens die de duivelse misleiding verkoos boven het goddelijk gebod. Van generatie op generatie valt het menselijk ras met dezelfde fout van Adam in herhaling en wordt door valse waarden bedrogen en zijn degenen die het ware geloof in God en de waarheid in Hem veronachtzamen“.
Of zoals vader John Meyendorff ons duidelijk maakt:
God had de controle over de wereld van de mens – aan henzelf toevertrouwd.
Maar de mens koos ervoor om door de wereld te worden beheerst en
daardoor verloor de mens zijn vrijheid, het ‘beeld en gelijkenis aan God’.
Hij werd vervolgens onderworpen aan de kosmische vastberadenheid, welke hem
zijn “passies” bezorgden en waarin de ultieme macht tot de dood toebehoort“.

adam & evaDe verdrijving van de mens uit het paradijs
De mensheid is geschapen in dienst van het paradijs
en met het paradijs wordt het leven in en met God opgevat, hetgeen tot in alle eeuwigheid wordt voortgezet.
De kerkvaders beschreven dat de leugen die de Satan aanbood een cruciale dimensie van Gods oorspronkelijke gebod
niet van de vrucht te eten’
inhield.
Ja, de Satan had gelijk met zijn opmerking dat Adam en Eva – als goden zou worden – en daarmee
de kennis van goed en kwaad zouden verkrijgen,
maar hij heeft hen daarbij niet verteld dat ze daarmee ook gevangenen van het kwaad zouden worden.
Het resultaat van hun ongehoorzaamheid was voor Adam en Eva catastrofaal.
Adam en Eva verloren de Geest van God en werden daarvoor in de plaats
onderworpen aan het stof, uit aarde waaruit zij gemaakt zijn.

De mens werd aan de aarde gebonden in plaats van aan haar Schepper.
Hij werd verbannen uit het Paradijs, want door de kennis verwierf hij de scheiding van God en kon hij niet langer een deel nemen aan de oorspronkelijke eenparigheid, die hij voorheen bezat. Genesis staat als volgt stil bij deze tragedie:
God zei tegen hen: ‘Want stof zijt gij en tot stof zult gij wederkeren . . .’.
Daarom heeft de Heer, onze God hem uit de tuin van Eden verbannen om de aardbodem te bewerken, waaruit hij genomen was.
Hij verdreef op deze wijze de mens; en Hij plaatste in het oosten van de hof van Eden cherubijnen met een vlammend zwaard, welke heen en weer werd bewogen, om
de weg naar de boom des levens te bewaken
“.
Gen.3: 11,19,23,24
De H. Gregorius van Nyssa weeklaagde,
Zo verloor de mens, die zo belangrijk en kostbaar was, zoals de Schrift beschrijft,
de eigenschap die hij van nature bezat . . . door zijn zonde en
werd hij bekleed met het beeld van klei [aarde waaruit hij gevormd was] en
werd sterfelijk” [Musurillo, 1979]
Sommige kerkvaders wijzen erop dat wanneer Adam en Eva God hadden gehoorzaamd,
zij gerijpt zouden zijn in inzicht en onderscheidingsvermogen en  uiteindelijk
toch goed en kwaad hadden leren kennen zonder dat
zij gevangenen van het kwaad zouden zijn geworden.

Het herstel en de verheffing
De Heer, onze God maakte klederen van dierenhuid voor Adam en EvaMaar God liet als reactie Adam en Eva
niet troosteloos en ontredderd achter.
Onmiddellijk na hun verdrijving begon Hij met de herstel van Adam en Eva
[en de gehele mensheid] door hen
met dierenhuiden te bekleden.
En de restauratie werd voortgezet door het verbond met Noach en de belofte dat God via aan Abrahams nageslacht een redder tot
genezing van de catastrofale breuk zou sturen.
Dit herstel is voltooid in de dood en Opstanding van Jezus Christus.
Het van de Anaphora-gebeden in de Orthodox liturgische praktijk drukt dit prachtig uit:
Gij hebt de Profeten tot hem gezonden en wondere daden verricht door Uw Heiligen, die in elk geslacht opnieuw uw welbehagen vonden.
Gij hebt tot ons gesproken door de mond van Uw dienaren, de Profeten, Die ons
de komende verlossing voorspelden
“.
Uit: Goddelijke Liturgie van Basilius de Grote

In Adam en Eva zijn wij deelgenoot geworden aan de erfzonde, hoewel
het begrip van de term erfzonde in de Orthodoxe Kerk – op sommige cruciale punten –
verschilt van de interpretatie van de westerse kerken.
De Orthodoxe Kerk leert niet dat wij automatisch de schuld van Adam beërven.
Integendeel, we delen in de zonde van Adam doordat we in een wereld geboren worden
waar de gevolgen van de zonde de overhand hebben.
Deze gevolgen zijn onder andere de -fysieke, mentale en spirituele- gebrokenheid van ziekte en dood. Onze natuur is geschonden.
Door onze passies, zijn wij onderworpen aan verleidingen, gevoelig voor de zonde en
delen in de dood.

Plezier en Waakzaamheid, 2010 Taiwan CollectieDe unieke nadruk op de erfzonde
in de Orthodoxe Kerk heeft gevolgen voor
Haar onderricht over hoe de dood van Christus de mensheid verlost.
Het bekende vers uit het Evangelie van Johannes bevestigt aan ons de grote liefde van God voor de mensheid door
de komst van Zijn Zoon:
Want zó heeft God de wereld lief gehad, dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat  een ieder, die in Hem gelooft, niet verloren ga, maar eeuwig leven zal hebben“.
John.3: 16
Christus’ vrijwillige offer aan het Kruis was niet om Gods wraak tevreden te stellen,
de gedachte aan het verlangen om iemand  te straffen voor de zonde;
[als een “plaatsvervangende verzoening” zoals sommige westerse theologen het formuleren]. Integendeel, de dood van Christus aan het Kruis stelt Christus in staat de dood teniet te doen,
zoals blijkt uit het feit dat Hij de mens voor eens en altijd uit de dood heeft opgewekt.

Door de verbroken relatie van Adam met God is het kwaad in de wereld gekomen en
vormde hiermee de kiem van ziekte en dood voor al de volgende generaties.
Christus herstelt, als Degene Die de dood heeft overwonnen, deze relatie door
de dood door Zijn dood te vernietigen.
Hij wordt daardoor de Bemiddelaar tussen de mensheid en de Vader,
de brug over de onoverbrugbare kloof, de Overwinnaar van de dood,
de Verlosser van ziel en lichaam.
Christus was de enige mens die de Wet van Mozes niet verbrak:
Want wij hebben geen hogepriester, die niet kan meevoelen met onze zwakheden,
maar een, die in alle dingen op gelijke wijze [als wij mensen] is verzocht geweest, doch
zonder te zondigen
“.
Hebr.4: 15
Christus gehoorzaamheid tot gerechtigheid vernietigt de dood [straf] die Adam in zijn
ongehoorzaamheid ten deel viel en Christus’ vrijwillige offerdood maakt
Zijn opstanding uit de dood mogelijk.

In de brief van de Apostel Paulus aan de Romeinen staat een overzicht
van het Orthodox besef over ziekte en de dood en geeft aan
hoe er genezing in de wereld tot stand komt:
Wij weten immers, dat onze oude mens mede-gekruisigd is, opdat
aan het lichaam van de zonde haar kracht ontnomen zou worden en
wij niet langer slaven van de zonde zouden zijn; want
wie gestorven is, is rechtens vrij van de zonde.
Indien wij dan met Christus gestorven zijn, geloven wij, dat
wij ook met Hem zullen leven, daar wij weten, dat
Christus, nu Hij uit de doden is opgewekt, niet meer sterft:
de dood voert geen heerschappij meer over hem.
Want wat zijn dood betreft, is Hij voor de zonde eens voor altijd gestorven
wat zijn leven betreft, leeft Hij voor God
“.
Rom.6: 6-10
We zijn tot het leven in Christus gekomen door de doopWe zijn tot
het leven in Christus gekomen door de doop; de onderdompeling in de wateren stelt een persoon in staat in de dood van Christus te worden gedoopt [opgenomen te worden] en te worden opgevoed in
de gelijkenis van Zijn Opstanding [zie Rom.6: 1-10].
De doop is de eerste stap tot het herstel van lichaam en ziel,
een terugkeer uit het gevolgen van de ongehoorzaamheid die Adam en Eva hebben ondervonden, teneinde de gemeenschap met God op je te nemen.
De belofte van God is dat deze reis zal kunnen eindigen in Zijn Koninkrijk, maar
dit vooruitzicht [dit zalig einde] is geenszins gegarandeerd maar
onderhevig aan beproevingen en welslagen in de strijd.
Ons geloof in God dient te worden aangetoond, dat is, gehard worden in het vuur van de verdrukking, zoals de Apostel Petrus ons bijbrengt en wordt niet gevonden als strijd ontbreekt.
Johannes de Theoloog vatte het samen in het laatste boek van de Schrift:
Wie een oor heeft, die hore, wat de Geest tot de gemeenten zegt.
Wie overwint, hem zal Ik geven te eten van de boom des levens, die
in het midden van het Paradijs van God staat
“.
Openb.2: 7
De mensen, die horen en gehoorzamen zijn de mensen, die
op de laatste dag de belofte van het eeuwige leven zullen ontvangen.

Hartstochten: de neigingen tot zonde
Na de val, werd de mensheid bijna onlosmakelijk verbonden slechts egocentrische [op zichzelf gerichte] keuzes te maken, daartoe aangezet door de hartstochten [de lusten] in plaats van keuzes te maken op basis van de hoogste vorm van medemenselijkheid, liefde [agape].
De heilige Isaac van Syrië vertelt ons:  “Toegeven aan het vlees
veroorzaakt in ons beschamend driften en onbetamelijke fantasieën
“.
De hartstochten komen voort uit het hart van de persoon.
Jezus leert het ons Zelf:
Want van binnenuit, uit het hart der mensen, komen de kwade overleggingen,
ontucht, diefstal, moord, echtbreuk, hebzucht, boosheid, list,
onmatigheid, een boos oog, godslastering, overmoed en domheid.
Al die slechte dingen komen van binnen uit naar buiten en
maken de mens onrein“.
Marc.7: 21-23
Paulus schrijft ons:
Want toen wij in het vlees waren, werkten de zondige hartstochten, die door
de wet geprikkeld worden, in onze leden, om voor de dood vrucht te dragen;
maar thans zijn wij van de wet ontslagen, dood voor haar, die ons gevangen hield, zodat
wij dienen in de nieuwe staat van de Geest en niet in de oude staat van de letter
“.
Rom. 7: 5,6
Het werk van de hartstocht kan zich voltrekken bij zowel degenen die één leven vormen met Christus en die met Hem een de huwelijksverbintenis zijn aangegaan.
In beide gevallen passies leiden ze tot een keuze van zelfgenoegzaamheid tegenover
de redelijke verbintenis, waarmee men zich heeft bekleed.
De heilige Maximos de Belijder vertelt ons:
Zelf-liefde is een hartstochtelijk, hersenloze liefde voor het eigen lichaam.
Het tegenovergestelde is liefde en zelfbeheersing.
Een mens welke door eigenliefde wordt beheerst wordt door alle passies overheerst
“.
Philokalie

Hartstocht kan individuen vatbaar maken voor de tweespalt tussen God en de mensheid.
Paulus waarschuwt ons hiervoor:
Het dient u duidelijk te zijn, wat de werken van het vlees zijn:
ontucht, onreinheid, losbandigheid, afgoderij, toverij, veten,
twist, afgunst, uitbarstingen van toorn, zelfzucht, tweedracht,
partijschappen, nijd, dronkenschap, brasserijen en dergelijke,
waarvoor ik u waarschuw, zoals
ik u gewaarschuwd heb, dat wie dergelijke dingen bedrijven,
het Koninkrijk Gods niet zullen beërven
“.
Gal.5: 19-21
De Kerkvaders schrijven deze toe aan de demon die door middel van welke hartstocht dan ook nooit vermoeid zaal raken de eenheid tussen God en de mensheid te verbreken.

Tobias en Sarah bidden, terwijl de aartssengel Raphaël de demon van de lust aan banden legtEen voorbeeld van hoe dit werkt kan
ons onderkenning bijbrengen.
De demon van lust, zo laten de kerkvaders ons weten, kan ons gehele leven toe-eigenen.
De huidige, moderne samenleving
faciliteert deze ziekte. Seks wordt overal verspreid voor ieder wat wils:
kunst, mode, muziek, nieuws, pornografie [met name internet] en bij het aanprijzen van de aankoop tot bijna elk product, van auto’s tot computers.
De seculiere [reclame-]wereld laat overduidelijk lichaamsdelen zien,
met name de genitale gebieden.
De Kerkvaders waren duizend jaar geleden al op de hoogte van dergelijke verlokkingen, dus er is niets nieuws onder de zon, waaruit blijkt hoe de mensheid er aan verslaafd is.
De heilige Isaac de Syriër schreef:
Hartstocht wordt veroorzaakt door hetzij directe beelden of door sensaties die het geheugen met beelden belasten, die in eerste instantie niet door hartstochtelijke bewegingen of gedachten worden ingegeven, maar die in latere instantie de geestesgesteldheid oproept“.
Een manier voor de trouwe volgelingen van Christus om met deze passies om te gaan,
zo vervolgt de H. Isaac de Syriër:
“. . . . . Hun gedachten dienen zich aan niets te hechten;
zij dienen alleen op hun eigen ziel gericht te zijn
“.
Men dient altijd en overal een keuze te maken
tussen Christus en de demon.
Heilige Paulus vroeg zich daarom af:
Wie zal ons scheiden van de liefde van Christus?
Verdrukking of benauwdheid of vervolging of honger,
of naaktheid, of gevaar, of het zwaard?
Zoals geschreven staat:
Om Uwentwil worden wij de ganse dag gedood, wij zijn gerekend als slachtschapen.
Maar in dit alles zijn wij meer dan overwinnaars door Hem, die ons heeft liefgehad.
Want ik ben verzekerd, dat noch dood noch leven, noch engelen noch machten,
noch heden noch toekomst, noch krachten,
noch hoogte noch diepte, noch enig ander schepsel
ons zal kunnen scheiden van de liefde Gods,
welke is in Christus Jezus, onze Heer
“.
Rom.8: 35-39

De veeleisendheid van iemands Hartstochten
Waakzaamheid en onderscheidingsvermogen zijn de belangrijkste deugden die
dienen te worden toegeëigend door degenen die door Christus’ inwoning in hen
de macht van de passies trachten te overwinnen.
Ilias de Presbyter vertelt ons:
De demons voeren tegen onze zielen
in de eerste plaats oorlog door middel van onze gedachten
“.
Philokalia
Het zou zo moeten zijn dat Orthodoxe Christenen een “spirituele woestijn” voor zichzelf dienen te benoemen om hen te verwijderen uit de “verleidingen” van de wereld, die alom om ons heen in het moderne leven aangeboden wordt.
Geestelijke dood treedt op wanneer deze hang naar de wereld het eigen ik tot middelpunt maakt.

De H. Maximos de Belijder leerde dit ook: “Het egoïsme en de slimheid van de mensen, vervreemden hen van elkaar en het verdraait de wet en deze hebben onze enige menselijke natuur in vele fragmenten verdeeld”. Hoeveel te meer zijn de woorden van de H. Maximos van toepassing op die van ons in onze zoektocht naar vereniging met God en geldt dit tevens voor de hele mensheid!

Onderlinge verdeeldheid is een gevolg van de zonde
Zonde staat gemeenschap, de communio in de weg, hetgeen wel de gespletenheid [of verscheurdheid] wordt genoemd.
De heilige Johannes Chrysostomos zegt: “De Kerk leidt je tot het berouw voor je zonden en wist ze uit, want daar bevindt zich de Geneesheer [niet de strenge rechter], de Enige Die je na onderzocht te hebben, vergeving van zonden verleent“.
Als de Kerk een “hospitaal” is, dan bestaat Haar rol daarin om de breuk tussen God en de medemens te genezen. Zonde verbreekt het gericht zijn op God en Zijn Wil en wordt daarom beschouwd een ziekte of gebrek zijn. Genezing brengt ons weer terug in de oorspronkelijke staat.

Goddelijke Liturgie [16th cnt].We weten dat deze genezing tot stand komt tijdens het ontvangen van de heilige Mysteriën van de Heilige Doop, de Biecht, de Ziekenzalving en door het ontvangen van het Heilig Lichaam en Bloed van Christus tijdens de Goddelijke Liturgie.
Tijdens de Goddelijke Liturgie van Johannes Chrysostomos, worden we herinnerd aan alles wat God voor ons deed:
hoe Hij ons vlees op Zich heeft genomen, Zijn Kruis, het Graf en de Opstanding.
Het doel is om ons met Hem te verzoenen:
Gij hebt ons uit het niets tot het zijn gebracht, en nadat wij gevallen waren,
hebt Gij ons doen opstaan. Gij hebt onophoudelijk alles gedaan om
ons in de Hemel te leiden en ons Uw komend Koninkrijk te schenken
“.
Wij dienen er telkens aan herinnerd te worden dat
toen Christus ons de Eucharistie openbaarde, Hij tot ons zei;
Neem eet: dit is Mijn Lichaam, dat voor u gebroken wordt tot vergeving van zonden” en “Drinkt allen hieruit: dit is Mijn Bloed van het Nieuw Verbond, dat voor u en voor velen vergoten wordt, tot vergeving van zonden“.

De mens was ongehoorzaam aan de waarachtige God, Zijn Schepper,
door het bedrog van de slang en de in hem wonende zonde bracht hem de dood.
Daarop werd de mens in Gods rechtvaardigheid verdreven vanuit het Paradijs naar deze wereld, zodat hij moest keren tot het stof waaruit hij genomen was.
God heeft Zich niet geheel en al afgewend van Zijn schepsel en is het werk van Zijn Handen niet vergeten.
In Zijn innige Barmhartigheid heeft God voor de mens de Verlossing van de Wedergeboorte ingesteld, die zou geschieden door de tweede persoon van de Drie-eenheid, het Woord, Christus.
Christus is op aarde verschenen om te leven en God heeft door Hem tot ons gesproken en heeft ons door het water van de Doop gereinigd en geheiligd door de Heilige Geest.
ResurrectionHij heeft Zichzelf gegeven als losprijs voor de dood, waaraan wij allen verkocht waren door de zonde.
Door Zijn Kruisdood is Hij afgedaald in de hades en doordat Hij het heelal met Zichzelf vervulde heeft hij de smarten van de dood ontbonden.
Hij is opgestaan op de derde dag en heeft zo de weg gebaand voor alle vlees tot de Opstanding uit de dood; het was immers niet mogelijk dat de Oorsprong van het Leven onder de Macht zou komen van het verderf.
Op deze wijze werd de Eersteling van de ontslapenen ook de Eerstgeborenen uit de doden, opdat Hij van allen en in alles de Eerste zou zijn.

Orthodoxie & het leven in de Geest der Waarheid

H. Johannes de Theoloog, de geliefde volgeling van ChristusGeliefden, als
ons hart ons niet veroordeelt,
hebben wij vrijmoedigheid tegenover God en 
ontvangen wij van Hem al wat wij bidden, daar wij Zijn Geboden bewaren en
doen wat welgevallig is voor
Zijn aangezicht.
En dit is Zijn gebod: dat
wij geloven in de Naam van zijn Zoon Jezus
                                                                                    Christus en elkander liefhebben,                                                                                                           gelijk Hij ons geboden heeft.
En wie Zijn geboden bewaart, blijft in Hem en Hij in hem.
En hieraan onderkennen wij, dat Hij in ons blijft:
aan de Geest, die Hij ons gegeven heeft.
Geliefden, vertrouwt niet iedere geest, maar beproeft de geesten,
of zij uit God zijn; want vele valse profeten zijn in de wereld uitgegaan.
Hieraan onderkent gij de Geest Gods:
iedere geest, die belijdt, dat Jezus Christus in het vlees gekomen is, is uit God; en
iedere geest, die Jezus niet belijdt, is niet uit God.
En dit is de geest van de antichrist, waarvan gij gehoord hebt, dat
hij komen zal, en hij is nu reeds in de wereld.
Gij zijt uit God, kinderkens, en gij hebt hen overwonnen; want
Hij, die in u is, is meerder dan die in de wereld is.
Zij zijn uit de wereld; daarom spreken zij uit de wereld en hoort de wereld naar hen.
Wij zijn uit God; wie God kent, hoort naar ons;
wie uit God niet is, hoort naar ons niet.
Hieraan onderkennen wij de Geest der Waarheid en de geest der dwaling.
Geliefden, laten wij elkander liefhebben, want de liefde is uit God; en
een ieder, die liefheeft, is uit God geboren en kent God.
Wie niet liefheeft, kent God niet, want God is Liefde.
H. Johannes de Theoloog
Hierin is de Liefde Gods jegens ons geopenbaard,
dat 
God zijn eniggeboren Zoon gezonden heeft
in de wereld, opdat 
wij zouden leven door Hem.
Hierin is de Liefde, niet dat wij God liefgehad hebben, maar dat Hij ons heeft liefgehad en
Zijn Zoon gezonden heeft als 
een verzoening
voor onze zonden.
Geliefden, indien God ons zo heeft liefgehad,
behoren ook wij elkander lief te hebben“.
1John.3: 21-4: 11

De wetenschap heeft voor ons een grote hoeveelheid gegevens over de rol van het milieu in onze gezondheid, groei en overleving, beschikbaar gesteld.
Daaruit kunnen wij opmaken dat wij mensen ons tegelijkertijd binnen
een aantal onderling samenhangende “milieus” ophouden.
Hoewel de kerkvaders niet hun toevlucht zochten in de wetenschappelijke terminologie,
zijn ze zich voortdurend bewust geweest van het bestaan van meerdere milieus, veelal
aangeduid als koninkrijk, invloed-sfeer, de eeuwigheid of tijdperk.
Een voorbeeld van zo’n koninkrijk is die van de geest,
een dimensie waar veel mensen vandaag de dag nauwelijks bij stilstaan.
Als gelovigen in Christus zijn we gezegend met de erkenning van deze spirituele dimensie.
We kunnen zelfs zover gaan gelovigen als mensen te omschrijven die
een levend bewustzijn van het geestelijk bestaan binnen het leven van de Kerk bezitten.
Geholpen door Gods genade, de H. Geest, Die we waarnemen.
In iedere omgeving herkennen we, dankzij Gods Genade, de aanwezigheid en activiteit van Gods Hemels koninkrijk, het belangrijkste domein welke het gehele menselijk leven omvat.

Laatste oordeel - 'allen, die zonder wet gezondigd hebben, zullen ook zonder wet verloren gaan'Deze levensinstelling met een bewustzijn van dit Koninkrijk stelt ons in staat om,
met de apostel Johannes te verklaren:
Wij zijn van God” [1John.4: 6].
Wij begrijpen John’s “Wij“, omdat
dit niet alleen de apostelen aanduid,
maar voor iedereen geldt die de strijd met het verval aangaat en zijn ingeslagen weg                                                                                voortzet om met hen in gemeenschap te blijven.
Als christenen, streven wij ernaar om hiermee in harmonie te blijven voortleven en
voortdurend gevoed te worden door de Apostolische gemeenschap van de Kerk,
want dit “verkrijgen van de H. Geest” omvat
de uiteindelijke opdracht en hoop in ons leven [Seraphim van Sarov].
Onze Heer Jezus Christus leerde ons namelijk Zelf dat
God is geest en wie Hem aanbidden,
dienen Hem te aanbidden
in geest en in waarheid
“.
John.4: 24

De massa wordt rijp gemaakt om straks als een soort gehypnotiseerde kudde achter de verlokkingen van de antichrist en de valse profeet aan te gaan.In deze brief, herinnert
de apostel Johannes ons eraan dat er
vele geesten bestaan [1John.4: 1]:
de “Geest van God” [vs. 2]; de geest van de waarheid en de geest der dwaling [vs. 6], en
de “geest van de antichrist” [vs. 3].

Er zijn maar zeer weinig mensen in deze wereld, die
ons op de hoogte houden van deze dingen!
Dag in dag uit worden wij in de verleiding gebracht
– de leer van de voorvaders te verloochenen
en een ‘moderne'[?] visie te ontwikkelen.
Alleen omdat wij uit God zijn worden we in staat gesteld om de dramatische tegenstelling van de wereld en de Geest der Waarheid te overbruggen en inzicht te verkrijgen
in die geest der dwaling!

Het Koninkrijk der Hemelen is gelijk aan. Een koning, die voor zijn zoon. Een bruiloft aanrichtte [Math.22,1]De heilige Johannes de Theoloog
bracht zijn gehele leven door in het volledige bewustzijn van het spirituele Koninkrijk.
Hij wist dat het Woord van God,
Jezus Christus, mens is geworden,
Die “is gekomen in het vlees” [1John.4: 2].
Hij zag de Heer met zijn eigen ogen,
hij raakte het Woord des levens met zijn handen aan,
heeft Hem met zijn eigen oren gehoord en verstaan [1John.4: 1].

Hij zag ook de aanwezigheid van de valse geesten, die van de leugen, die
om hem heen zwermden in de wereld – geesten die niet van God afkomstig zijn, maar
het rijk van de dwalingen verkondigen.
Deze geesten bevorderen o.a. de opkomst van een etherisch [vluchtig] Evangelie
welke de realiteit dat Christus “in het vlees is gekomen” ontkent [1John.4: 2].

Val het je op dat het werkwoord “is gekomen” de tegenwoordige tijd aangeeft.
Na om onzentwil vlees geworden is, betekent dat, de Heer Jezus Christus nog steeds in het vlees aanwezig is, voor altijd verbonden met onze [mede-]menselijkheid.
Hij is een van ons, zelfs hier en nu.
Jezus Christus is gekomen in het vlees” in dat van jou en
van mij en in de eeuwen der eeuwen!
De mens is geschapen naar Zijn Beeld en Gelijkenis en
dat valt door geen enkele Christelijk prediker te ontkennen.
De mensheid, in wie God de geest van het leven heeft ingeblazen,
is hier en nu innig verenigd met God, want God heeft het vlees van de mens
permanent op Zich genomen.
Ons fysieke bestaan is verenigd met Gods eigen wezen.
Als we mediteren over onze fysieke bestaan,
gaan we inzien welk een grote maagdelijkheid en eer God ons heeft geschonken
– een ongelooflijke eerbiedwaardigheid [het ambt van priesterschap van de gelovige]!

Alsof het aannemen van ons vlees niet genoeg is geweest, herinnert de apostel ons eraan
dat Christus “ons van Zijn Geest gegeven” heeft [1John.4: 13].
En Hij vroeg hun ''Maar gij, Wie zegt gij Dat Ik ben'' [Marc.8, 29]De Heilige Geest,
Die in ons woont en Die we binnen de Kerk
de Geest, Die vuur en Liefde zijt; het genezend effect noemen, waardoor wij weten
dat we in Christus [ver]blijven, en
Hij in ons
“[1John.4: 13].
Jezus Christus heeft ons Zijn Goddelijkheid in Jordanië geopenbaard toen Hij gedoopt werd.
Hij komt tot ons in
het begunstigde water van onze eigen Doop, en
in het Mysterie van de Heilige Communie.
Hij droeg Zelf ons vlees tot aan het Kruis en
heeft de dood vernietigd.
Hoe weten we dit?
Het is de Geest die getuigt, omdat de Geest de Waarheid is en
Het zijn er drie, Die getuigen in de Hemel:
de Vader, het Woord, en de Heilige Geest;
en deze drie zijn één
“.
1John.5: 6

Eeuwig zijnde, Heerser, Heer,
Die de mens geformeerd heeft naar Uw Icoon en Gelijkenis.
Gij hebt in hem de aanleg voor het eeuwig leven neergelegd.
Ook toen de mens in zonde gevallen was, hebt Gij hem niet versmaad, maar
door de Menswording van Uw Christus hebt Gij aan de wereld Verlossing gebracht
“.
uit: gebed over de katechumeen