Psalmen op basis van Waarheid samengesteld – Schuilen doe je bij de Heer, Psalm 10 [11]

Christus, de mens geworden Wijsheid Gods, zegent; icoon Bernard FrinkingIk vertrouw op de Heer,
waarom zeg je dan tot mijn ziel:
Vlucht op de bergen, als een vogel?
Want zie, zondaars hebben hun boog gespannen en
hun pijlen gereed gemaakt,
om bij donkere maan de oprechten van hart te doorboren.
Want wat Gij had opgebouwd hebben zij verwoest;
wat kan de rechtvaardige doen?
De Heer is in Zijn Tempel;
tegelijk heeft de Heer Zijn Troon in de Hemel.
Zijn ogen zien neer op de arme;
Zijn blik onderzoekt de kinderen van de mensen.
De Heer onderzoekt de gerechte en de goddeloze:
wie onrecht liefheeft, haat zijn eigen ziel.
Hij doet strikken regenen op de zondaars:
vuur, zwavel en storm is hun aandeel.
Want de Heer is rechtvaardig,
Hij heeft de gerechtigheid Lief:
naar oprechtheid richt Hij Zijn aanschijn“.
Psalm 10 [11], vert. klooster Den Haag

Vogels, vlieg toch weg naar de bergenHoe kunnen jullie nu zeggen:
Vogels, vlieg toch weg naar de bergen!

Wanneer de poten onder
je stoel weggezaagd worden,
wat kun je dan als rechtvaardige nog doen?
Nu dient het gigantisch probleem te worden overwonnen, anders wordt de voortgang
van onze weg belemmerd.
Is het mogelijk dat de fundamenten van je religieus leven worden vernietigd?
Blijft God zo lang sluimeren, ja, duurt een stoorzender zo lang, is
een dergelijke ineenstorting wel zo geduldig te verdragen?
– Wanneer Hij toeziet, geeft God toch Zijn erfdeel niet aan totale vernietiging over,
waar blijft dan Zijn alwetendheid, Zijn Almacht?
– Wanneer Hij dit aanziet en niet te hulp schiet, waar is dan Zijn Almacht?
Wanneer Hij dit aanschouwt, kan Hij toeschieten en ons bijstaan en
zal dan Zijn Menslievendheid en Genade niet openbaar worden?
Martha zei tot Jezus:
Heer, indien Gij hier geweest was, zou mijn broer niet gestorven zijn.
Ook nu weet ik, dat God U geven zal al wat Gij van God begeert
“.
John.11:21,22
Maar velen zullen zeggen:
Zo God krachtdadig in de wereld aanwezig was geweest met Zijn Almacht,
dan was het fundament niet onder de wereld weggehaald, was niet zo aan ons lot overgelaten.
Dit is een negatieve [humanistische] benadering, het is namelijk onmogelijk dat
de religieuze fundamenten van de religie uiteindelijk totaal uit de samenleving verdwijnen,
hetzij voor de Kerk, het Lichaam van Christus in z’n algemeen of
tot iedere ware gelovige en levend lid van die Kerk.
Wij beschikken namelijk over de uitdrukkelijke belofte van Christus:
De poorten van het dodenrijk zullen haar niet overweldigen“.
Matth.16: 18
En voor ieder afzonderlijke christen geldt:
Toch staat het hechte fundament Gods met dit merk ongeschonden:
De Heer kent de zijnen, en:
een ieder, die de Naam van de Heer aanroept,
wordt de ongerechtigheid gebroken
“.
2Tim.2: 19

Mystical icon of the Church1.]. Wanneer ze de fundamenten niet kunnen vernietigen, is het niet dankzij hun onvermogen, de gehele wereld zal het zien en getuigen dat zij haar uiterste best heeft gedaan, wat  hun macht en gemoedsaandoening wel niet kan uitvoeren.

2.]. In hun eigen hoogmoedige verbeelding: kunnen ze niet alleen tevergeefs roemen, maar ook werkelijk het idee hebben dat
ze de fundamenten hebben vernietigd.
In dit geval denk ik aan de wijze waarop de Romeinse keizer ingreep:
En het geschiedde in die dagen, dat
er een bevel uitging van keizer Augustus, dat
het gehele Rijk moest worden ingeschreven.
Deze inschrijving had voor het eerst plaats,
toen Quirinius het bewind over Syrië voerde
“.
Luc.2: 1,2
Zie je het voor je gebeuren, Sadam, die het bewind voert over Syrië en
dhr. Erdogan, die in Zijn land een vrede met de Koerden niet voor zich ziet zitten.
Vladimir Putin weet met één veto de gerechtigheid in de wereld de das om te doen.
De gehele wereld, de VN en de NAVO zien toe!
Maar de stijlfiguur is niet gewoon maar een figuur, maar is in gewone taal gezegd een trotse einzelgänger; want dit soort figuren beroepen zichzelf er inderdaad op de gehele wereld in pacht te hebben . . .

3.]. Zou het fundament wel kunnen worden vernietigd als een voor allen uiterlijk zichtbare Leven-schenkende verschijning?
De Kerk in de vervolging is gelijk een schip in een storm; breken al haar masten, ja, soms
want vanwege hogere snelheid zijn ze gedwongen te bezuinigen:
niet een stuk doek wat speelt met de wind, geen zeilen te zien; deze liggen opgerold en omgord aaneen op de kiel, opdat de storm minder vat op de Kerk kan hebben, maar
wanneer de storm voorbij is, zal men de zeilen weer hoog in de mast [torens] kunnen opheffen en hun zeilenpracht weer kunnen tonen als ooit tevoren.
De kerk vreest geen tijd van vervolging, maar ervaart deze vooral, verloor alle aantrekkelijkheid  en dapperheid die de ogen van de toeschouwers zouden kunnen aantrekken en verleiden en legt zichzelf qua inhoud geheimhouding op.
In een woord, gedurende de dagen waarop in ellende hard gewerkt wordt, trekt zij haar slechtste kleren aan, terwijl haar zondagse, beste in haar kast zijn gelegd, in de vaste en zekere overtuiging dat God haar een heilige en gelukkige dag zal bezorgen,
wanneer zij met vreugde weer haar best kledingstukken zal dragen.
In haar melancholie past, ten slotte dat vooral haar beste heiligen en dienaren Gods in de hun omringende jaloerse vrees het loodje kunnen leggen en terzijde worden geschoven.
Hun voorbeeld is geen kleintje, geen nietige, maar een ster van de eerste orde en de grootste in uitmuntendheid, zelfs Elia, ja zelfs deze grote Profeet klaagde:
Ik heb zeer geijverd voor de Heer, de God der heerscharen, want de Israëlieten hebben Uw Verbond verlaten, Uw altaren omvergehaald en Uw Profeten met het zwaard gedood, zodat ik alleen ben overgebleven en zij trachten mij het leven te benemen“.
1Kon. 19: 10

  • De kerkganger, de stilzwijgende minderheidDeze psalm is een antwoord op
    een stilzwijgende bezwaar dat sommigen
    zou kunnen verheffen; namelijk dat
    de rechtvaardigen hun inzet tonen om
    voor zichzelf opkomen.
    Door hun eigen gemak en inactiviteit
    [niet datgene durven te doen als ze zouden kunnen en moeten], verraden zij zichzelf vanuit een slechte gesteldheid.
    In wiens verdediging toont David, dat als God in Zijn Wijsheid en welbehagen er
    passend op toe ziet, om redenen die op z’n best kunnen worden teruggebracht tot termen van extremiteiten, waarbij
    bekend is dat de geloofsovertuiging aan zichzelf te lijden, niet bij machte is
    de Macht van de Hoogste aan te roepen en vervolgens zelf tot herstel te komen.• “Wat God heeft opgebouwd hebben zij verwoest;
    wat kan de rechtvaardige doen?
    “.
    Psalm 10 [11]: 3
    Deze tekst is doordrongen van rouw, als voor een begrafenis toespraak, die zegt:
    Wanneer de fundamenten onderuit zijn gehaald?“.
    1.]. Het veronderstelt een overtuigende diep trieste situatie
    2.]. Er wordt een trieste vraag gesteld: “Wat kan de rechtvaardige doen?
    3.]. Het benadrukt eveneens het trieste antwoord, namelijk dat
    we gewoon niets kunnen doen, dan terugkeren naar
    de oorspronkelijke vormgeving van de Kerk teneinde
    als herstel aan de wederopbouw te beginnen.
  • Het burgerlijke fundament van een volk of mensen tezamen wordt namelijk
    gevormd door hun wetten en grondwetten; dat
    vormt de orde en macht die onder hen is.
    Dat is het fundament van een volk en wanneer deze eenmaal worden weggevaagd, wat
    kan de rechtvaardige mens dan doen?
    Wat kan de beste, de wijste in de wereld, in zo’n geval ondernemen?
    Wat kan iemand doen, wanneer de overheid de mensen in de kou laat staan?
    Er is in een dergelijk geval geen hulp noch antwoord, maar
    enkel maar datgene wat volgt in:
    De Heer is in Zijn heilige Tempel, de Heer,
    Die Zijn troon heeft in de hemel.
    Zijn ogen zien neer op de arme;
    Zijn blik onderzoekt de kinderen der mensen

    Psalm 10: 4, alsof God heeft bevolen:
    Alle grondvesten van de aarde wankelen en worden geschokt“.
    Psalm 81: 5 ;
    ''Zijn ogen zien neer op de arme'', de mens [David] met harpMaar Zijn ogen zien neer op de arme;
    Zijn blik onderzoekt
    de kinderen der mensen
    De Heer onderzoekt
    de gerechte en de goddeloze;
    wie onrecht liefheeft, haat zijn eigen ziel.
    Hij doet strikken regenen op de zondaars: vuur, zwavel en
    storm is hun aandeel.
    Want de Heer is rechtvaardig,
    Hij heeft de gerechte lief:
    naar oprechtheid richt Hij Zijn aanschijn
    “.
  • De rechtvaardigen zullen voor onbepaalde tijd gelijk zijn aan de Rechtvaardige.
    Niet alleen de rechtvaardige als een enkele pijl, maar een gehele bundel pijlen;
    niet alleen de rechtvaardigen in hun persoonlijke doen en laten, maar
    in hun verenigd samenwerken, de Kerk, Zijn Lichaam.
    Waren ze allemaal verzameld in één Lichaam, het Lichaam van Christus,
    dan worden alle rechtschapen en leven ze met hun neus in de wind,
    allen dezelfde kant op en worden herschapen tot één georganiseerd gebeuren.
    Dan is hun gezamenlijke zwoegen niet langer vruchteloos
    en worden gevallen fundamenten hersteld.
    Laat Uw hand mij verlossen Heer,
    want ik heb U gekozen.
    Heer, ik verlang naar Uw verlossing;
    en Uw Wet is mijn overweging.
    Mijn ziel leeft om U te loven,
    want Uw Oordelen helpen mij.
    Ik ben afgedwaald als een verloren schaap:
    zoek Uw dienaar, want Uw Geboden heb ik niet vergeten
    “.
    Psalm 118 slot''Als de Heer het huis niet bouwt'', de blindgeborene• “Als de Heer het huis niet bouwt,
    dan zwoegen de bouwlieden vergeefs.
    als de Heer de stad niet bewaakt,
    dan is doelloos het hoeden van de wachters.
    Nutteloos is het om vroeg op te staan,
    gij die het brood der zorgen eet.
    Staat op nadat ge zijt uitgerust,
    wanneer Hij slaap schenkt aan Zijn geliefden.
    Zie, het erfdeel van de Her zijn kinderen:
    vrucht van de schoot is het loon.
    Zoals de pijlen in de hand van een krijgsman,
    zijn de kinderen van de uitgestotenen.
    Zalig hij, die met hen zijn verlangen vervult;
    zonder schaamte spreekt tot zijn vijanden in de stadspoort
    “.
    Psalm 126 [125]
    de Kerk als Bruid van ChristusWanneer de mens als bewijs Gods werk niet uitvoert,
    zal God het werk in Zijn eentje, op Zijn Nek nemen;
    zal Hij in de naam van de Vader en de Zoon en de heilige Geest,
    Zijn Leven-schenkend Kruis dragen.

Orthodoxie & volharding

Orthodoxe kerk oud-ontmoet-nieuwWij weten niet eens hoe wij behoren te bidden“, zegt Paulus en “de schepping wacht,
reikhalzend verlangend, op het openbaar worden van de zonen van God
“.
Heel de natuur, heel de schepping,
zucht en kreunt in barensweeën.
Wij zuchten over ons eigen lot, omdat wij gevangen zitten in
onszelf, in onze eigen drukke bedoeningen.
Maar soms is daar, zonder dat wij erop verdacht zijn
het zuchten van de H. Geest, Zij zucht in ons met
onuitsprekelijke verzuchtingen.

Want de schepping is aan de vruchteloosheid onderworpen, niet vrijwillig, maar
om [de wil van] Hem, die haar daaraan onderworpen heeft, in hoop echter, omdat
ook de schepping zelf van de dienstbaarheid aan de vergankelijkheid
bevrijd zal worden tot de vrijheid van de heerlijkheid van de kinderen Gods.
Want wij weten, dat tot nu toe de gehele schepping in
al haar delen zucht en in barensnood is.
En niet alleen zij, maar ook wij zelf,
wij, die de Geest als eerste gave ontvangen hebben,
zuchten bij onszelf in de verwachting van het zoonschap:
de verlossing van ons lichaam.
Want in die hoop zijn wij behouden.
Maar hoop, die gezien wordt, is geen hoop, want
hoe zal men hopen op hetgeen men ziet?
Indien wij echter hopen op hetgeen wij niet zien,
verwachten wij het met volharding.
En evenzo komt de Geest onze zwakheid te hulp; want
wij weten niet wat wij bidden zullen naar behoren, maar
de Geest zelf pleit voor ons met onuitsprekelijke verzuchtingen.
En Hij, die de harten doorzoekt, weet de bedoeling van de H. Geest, dat
Hij namelijk naar de Wil van God voor heiligen pleit
“.
Rom.8: 18-27

Heel de natuur, heel de schepping, zucht en . . .
de Geest, de Roeach [רויעך] van God
De Blijde Boodschap, de Schrift spreekt over de Geest,
de Roeach [רויעך] van God, als
over Zijn Kracht, Die over de [oer-]chaos zweeft.
De levenskracht van God doordringt al
wat leeft en vernieuwt het aanschijn van de aarde.
Maar als God Zijn Aangezicht afwendt;
dan worden wij verbijsterd.
God ontneemt ons de adem en wij bezwijken:
Wij keren terug tot het stof waaruit wij genomen zijn.
Gij echter zendt Uw Geest uit en wij worden herschapen:
God maakt nieuw het aanschijn van de aarde
Psalm 103 – begin van de Vespers

Wanneer de levensgeest wijkt en alles dood lijkt,
komt de H. Geest Gods weerom teneinde
te herscheppen wat ten onder dreigt te gaan.
Indrukwekkend wordt dit verbeeld in het visioen van Ezechiël,
Lees het maar eens na in Ezechiël hoofdstuk 37,
waar de Geest Gods de dode beenderen weer aaneen voegt en
nieuw leven inblaast.

Over alle vlees zal God Zijn Geest uitstorten“,
zegt de andere profeet Joël:
Want zie, in die dagen en te dien tijde, wanneer
Ik een keer zal brengen in het lot van Juda en van Jeruzalem,
zal Ik alle volkeren verzamelen en afvoeren naar het dal van Josaphat en
Ik zal aldaar met hen in het gericht treden ter
oorzaak van mijn volk en van mijn erfdeel Israël, dat zij onder de volken verstrooid hebben,
terwijl zij mijn land verdeelden en
over mijn volk het lot wierpen en
een jongen gaven voor een ontuchtige en een meisje verkochten voor wijn,
opdat zij konden drinken.
En voorts, wat wilt gij van Mij, gij Tyrus en Sidon en alle landstreken van Filistea?
Wilt gij Mij vergelding bewijzen?
Maar indien gij het Mij vergelden wilt,
snel, ijlings zal Ik de vergelding op uw eigen hoofd doen nederdalen.
Want gij hebt mijn zilver en mijn goud weggenomen,
mijn kostbare schatten naar uw tempels gebracht en
de kinderen van Juda en van Jeruzalem hebt gij verkocht aan de Ioniers, om
hen ver van hun gebied weg te voeren

Joël 3: 1-6

De term 'geest' is in de Blijde Boodschap verwant met de stam van 'adem, blazen, wind', welke woei over de wateren.De Geest van God waait over jong en oud, over ziek en gezond,
over vrije mensen en mensen die
uitgebuit worden.
De Geest doorzeeft [ademt] met
Haar Kracht al wat leeft.
Wanneer we het Nieuwe Testament                 doorvorsen, zien we dat de Geest Gods iedere stap van Jezus begeleidt.
Voortdurend is er de H. Geest,                                                                                                               Die ook Hem voortstuwt.
Bij Zijn heengaan belooft Hij Zijn volgelingen, dat
Hij Zijn Geest zal zenden Die voor hen een Trooster zal zijn en
hun zal ingeven wat zij moeten zeggen wanneer
zij vervolgd worden omwille van het Rijk Gods.
Scheppend, herscheppend, bevrijdend, ruimte gevend en verlossend
werkt de H. Geest in de Blijde Boodschap, Die wij
in Zijn Geest mogen ontvangen.
De Genade van de H. Geest trekt door alle leven.
Onze Heer en Verlosser wil Zijn volgelingen niet verweesd achterlaten,
Hij zal hun een Helper sturen, Iemand Die voor hen ten beste zal spreken,
Iemand Die vredebrenger genoemd wordt.

God zegent Zijn Schepping; de eerste Die zegent is God als Schepper zelf.
Dat begint al in het scheppingsverhaal [Gen.1: 1 – 2: 4] , waarin
wordt [door Mozes] verhaald dat God na elke scheppingsdag zegt dat de schepping goed is en dat Hij de mens nadat Hij die geschapen had, zegent [Gen.1: 28].

Mensen zegenen elkaar
de weg van de pelgrimAls een mens een zegen geeft, dan
vraagt hij of zij niet alleen of
iemand of iets Gods gunst of bescherming mag ontvangen, maar
prijst hij God tegelijkertijd voor dat wat Hij zegent.
Door een zegen wordt de gezegende of het gezegende
niet alleen onder Gods gunst en bescherming geplaatst maar
tegelijkertijd aan God toegewijd.
In Gods voetspoor zegenen priesters, vaders uit het Eerste, Tweede Verbond en
Jezus, Christus, de Zoon van God zowel mensen als het voedsel.
Vanuit die Bijbelse inspiratie is de zegen
een onlosmakelijk onderdeel van de Christelijk liturgie en
van het Christelijk leven geworden,
want God zag dat Zijn Schepping goed was.

Zegenen in het Eerste Verbond [O.T.]
Schepping van Adam, fresqueIn het Oude of Eerste Verbond is het God Zelf Die in de eerste plaats zegent.
Zijn zegen heeft in het eerste scheppingsverhaal, dat gaat over de schepping in zeven dagen, een sterke band met het steeds herhaalde vers
‘En God zag dat het goed was’.
God ziet niet alleen dat Zijn eigen Schepping goed is maar direct na het ontstaan ervan
zegent Hij er twee elementen uit :
de mens [Gen.1: 28] en de zevende dag [Gen.2: 3].
In Zijn voetspoor zijn het in het Oude Testament vooral
de priesters en de vaders die de zegen uitspreken.
De priesters doen dat naar het voorbeeld van de broer van Mozes, de priester Aaron.
De beroemde zegenbede die als de zegen van Aaron bekend is geworden, luidt:
Moge de Heer u zegenen en u behoeden!
Moge de Heer de glans van Zijn Gelaat over u spreiden en u genadig zijn!
Moge de Heer zijn gelaat naar u keren en u vrede schenken!

Num.6: 24-27
Een belangrijke vorm van zegen in het Oude Testament is daarnaast
de zegen die een vader over zijn eerstgeboren zoon uitspreekt.
Het bekende verhaal over de broers Jacob en Ezau, waarin
de jongste broer Jacob de zegen waarop zijn oudere broer Ezsau recht heeft
ontvangt door zich als zijn broer te verkleden,
geeft het belang dat gehecht werd aan de vaderlijke zegen duidelijk aan [Gen.27: 1-28: 9].
Dat niet alleen de zegen maar ook het omgekeerde ervan:
de vervloeking, een rol speelt blijkt uit het verhaal over Bileam die
in opdracht van koning Balak het volk Israël moet vervloeken [Num.22 t/m 24].

Zegenen in het Nieuwe of tweede Verbond [N.T.]
In de Evangeliën kunnen we lezen dat Jezus regelmatig zegenbeden uitspreekt.
Een vaak aangehaalde uitspraak van Jezus is:
Laat die kinderen toch bij Mij komen en houdt ze niet tegen.
Want aan hen, die zijn zoals zij, behoort het Koninkrijk Gods
“.
Marc.10: 14
Direct na deze uitspraak nam Hij de kinderen in Zijn armen,
zegende hen en legde hen de handen op.
Deze overlevering maakt de band tussen zegenen en
handoplegging duidelijk die we ook tegenkomen in de bediening van
een aantal Mysteriën [RK. Sacramenten] in de Apostolische Kerken.
Een andere belangrijke overlevering is dat
Jezus gewoon is een zegenbede uit te spreken voordat
iets eetbaars wordt rondgedeeld.
Zowel in het verhaal over de Wonderbare Broodvermenigvuldiging waarin
verteld wordt dat Hij “de vijf broden en twee vissen” zegent [Luc.9: 15] als
in de verhalen over het laatste avondmaal [Marc.14: 22; Matth.26: 26] waarin
Jezus het brood zegent, komt dit voor.

Een brede schakering aan zegeningen
Christus, de mens geworden Wijsheid Gods, zegent
Vanuit het besef dat de schepping in wezen goed is en van God komt, kent de Apostolische Kerk vanouds een breed scala aan zegeningen.
Dat daar in voorbije eeuwen een grote behoefte aan was, vanwege het beschermende effect, is goed te begrijpen vanuit het gegeven dat er niet of nauwelijks sociale verzekeringen bestonden en dat vooral armere mensen letterlijk van Gods Genade afhingen.
In het Gebedenboek voor de Priester staan zegenbeden
bij talloze gelegenheden opgesomd zoals: zegeningen van echtgenoten, kinderen, een vrouw in verwachting, bejaarden, een kandidaat voor het priesterschap, reizenden en pelgrims, een woning, werk- en voertuigen, dieren en kerkelijke gebruiksvoorwerpen.
Er bestaan ook speciale zegeningen voor gebouwen, zoals:
kerken, scholen en kloosters maar ook van abten, kloosterlingen, kerkhoven, enz.
Een zegening die gelukkig in onbruik is geraakt, maar die in het huidige Rusland
nog heel normaal is, is de zegening van wapens aan het begin van een
rechtvaardige [voor welke van de partijen?] strijd“.
– Bij onze protestantse christenbroeders is het gebruik van de zegen
vergeleken bij de Apostolische praktijk drastisch teruggesnoeid.
Hier grijpen meerdere zaken in elkaar, namelijk de grondhouding ten
opzichte van de schepping die veel afstandelijker is en
waarin veel meer uitgegaan wordt van het slechte van de mens en
veel minder van de heiligheid [heelheid] van de schepping.
Daarnaast speelde het terugbrengen van de veelheid van rituelen
tot een absoluut minimum eveneens een rol.

Het gebruik van het zegenen van mensen, dieren of dingen is
in onze samenleving tevens steeds vreemder geworden en
door de secularisatie [ontkerkelijking] grotendeels
teruggedrongen tot het kerkgebouw zelf.
Daardoor is de opvatting dat het zegenen slechts is voorbehouden aan
priesters [dominees] alleen maar sterker geworden.
– De tegenbeweging heeft publicaties van spirituele leraren tot gevolg;
deze benadrukken dat juist ‘iedereen’ kan zegenen en
dat dit een daad van Liefde is.
De Geest van God waait immers over jong en oud, over ziek en gezond,
over vrije mensen en mensen die uitgebuit worden.
Zo kan een vader of moeder een kind zegenen, of een kind zijn ouder,
de echtelieden elkaar op het sterfbed,
nadat zij elkaar vergeven hebben voor de wederzijdse tekortkomingen.
De mens is namelijk het evenbeeld van God en
Gods levenskracht doordringt al wat onder ons leeft en
juist dit vernieuwt het aanschijn van de aarde.
Wanneer God Zijn Aangezicht afwendt;
dan staan wij verbijsterend toe te kijken.
God ontneemt ons de adem en wij geven ons over:
Wij keren terug tot het stof waaruit wij genomen zijn.
Hij echter zendt vervolgens Zijn Geest uit en wij worden herschapen:
God maakt nieuw het aanschijn van de aarde
“.
cf. Psalm 103
Jesus Christ, the Ultimate JudgeDan is er de Hemelse Vrede en
de Redding van onze zielen,
komt er tevens vrede over
de gehele wereld en
ontstaat het Welzijn van de werken,
die in Gods Naam verricht worden.
Dan kunnen we in Geloof
het Hemels Koninkrijk betreden
en naderen wij in eerbied en vreze Gods,
Zijn Hemelse Troon.
cf begin Vredeslitanie

Psalmen op basis van Waarheid samengesteld – Psalm 93 [94] – Welzalig de mens die Gij onderricht, Heer

"Ik ben koning, hiertoe ben Ik geboren en hiertoe ben ik in de wereld gekomen . . ."Een wrekende God is de Heer
de God, Die straft, heeft tevoren gewaarschuwd.
Verheft U, Gij Die de aarde oordeelt;
geef vergelding aan de hoogmoedigen.
Hoelang nog zullen de zondaars, Heer,
hoelang nog zullen de zondaars zich beroemen?
Hoelang nog zullen zij schreeuwen en ongerechtigheid roepen
en grootspreken allen die onrecht bedrijven?
Heer, zij hebben Uw volk vernederd,
Uw erfdeel hebben zij mishandeld.
Weduwe en wees hebben zij gedood,
de bekeerlingen hebben zij vermoord.
Terwijl zij zeiden: De Heer ziet het niet,
de God van Jacob merkt het niet op.
Begrijp toch, onwetenden onder het volk;
gij dwazen, wordt toch eens verstandig.
Zou Hij Die het oor plant niet kunnen horen?
Zou Hij Die het oog vormt niet kunnen zen?
Zou Hij Die de heidenen tuchtigt niet straffen?
Is Hij het niet Die de mens kennis schenkt?
de Heer kent de gedachten van de mensen:
Hij weet dat zij ijdel zijn.
Welzalig de mens die Gij onderricht, Heer;
die Gij onderwijst door Uw Wet.
zodat hij geduldig blijft in kwade dagen,
totdat een kuil gegraven is voor de zondaar.
De Heer zal immers Zijn Volk niet verstoten,
Hij zal Zijn erfdeel nooit verlaten.
Totdat Gerechtigheid zal worden tot oordeel,
om bezit te zijn voor allen die oprecht zijn van hart.
Wie zal opstaan tegen de boosdoeners?
Of wie zal mij bijstaan tegen hen die onrecht bedrijven?
Als de Heer mij niet had geholpen,
dan was mijn ziel al lang in de hades gedaald.
Als ik moest zeggen: mijn voet wordt geschokt,
dan kwam Uw Barmhartigheid, Heer, mij te hulp.
Ja Heer, evenveel als de droefheid die ik droeg in mijn hart,
hebben Uw Vertroostingen mijn ziel met Liefde omringd.
De troon van onrecht kan niet tegelijk bestaan met U,
die lasten oplegt als Geboden.
Zij jagen op de ziel van de onberechte,
zij veroordelen onschuldig bloed.
Maar de Heer is mij een Toevlucht geworden:
mijn God is de steun voor mijn hoop.
De Heer zal hun hun onrecht vergelden:
Hij zal hun boosheid verdelgen, de Heer onze God“.
Psalm 93 (94)

WraakWanneer mensen het woord ‘Wraak’ gebruiken – zoals bij wraak nemen – dan bedoelen ze ‘iemand terugpakken’.
Dat als iemand jou in een ongunstig licht plaatst, dat jij hem dan probeert terug te pakken door achter zijn rug om over hem te gaan klagen; zijn kennissen in je gezin uit te nodigen en
tot schreijens toe verkondigen dat
je onder zijn aanwezigheid zo hebt moeten lijden.
Nonsens, onzin, prietpraat, quatsch, gezever – wanneer je dan zo ver gaat dat je ook nog publiekelijk verklaart dat je
– als christelijke gemeenschap wraak neemt, door liefde te bedrijven –
geef je wel onderdak aan je eigen kleingeestige opvattingen, voed je gelovigen op
vanuit je eigen frustratie.

De Psalm hier aangehaald gaat over Gods wraak. Betekent dit dat God mensen ‘terugpakt’?
Dat God iets gemeens terug doet bij gemene mensen ofzo. Nee – zo is God niet.
God is namelijk méér dan een soort scheidsrechter – iemand die boven de partijen staat en af en toe ingrijpt; Af en toe dingen rechtzet. Gods wraak zou inhouden dat God straft, mensen wegstuurt, zodat zij weer eerlijk worden, zodat het spelletje wat gespeeld wordt niet langer verziekt wordt.

in Zijn Wijsheid is er geen einde aan de Rijkdom in Gods handNeen, zo grijpt God niet in
– God laat iemand jarenlang doormodderen in de hoop dat de mens leert van zijn eigen fouten – leert van de steeds maar herhalende verleidingen op te roepen,
nu eens niet de trotse zelfzuchtige persoon te zijn die je je hele leven al bent.
Dat is de manier waarop God de mens liefdevol benadert – eerlijk laten vastlopen                                                                                       in je eigen ellende . . . . .
God straft niet om dingen recht te zetten, Hij kijkt wel uit.
Op die manier “laat God Zijn volk niet alleen, zal Hij zijn erfdeel nooit verlaten
Psalm 93 (94): 14
God ziet heus wel dat de hoogmoedige opnieuw z’n oude fout begaat, opnieuw
buiten medeweten van de schatbewaarder dingen doet, die het daglicht niet kunnen verdragen.
Welzalig de mens die Hij onderricht,
Heer; die Hij onderwijst door Zijn Wet;
Hij blijft geduldig in kwade dagen, totdat
de zondaar zich opnieuw een kuil heeft gegraven
“.
Psalm 93 (94): 12
Wanneer zijn voet opnieuw wordt geschokt en kreupel gaat lopen of
doordat een oude vergiftiging weer opspeelt.

De gemeenschap in Jezus Christus, onze Heer
Zie, uw God, de Wraak zal komen ...We dienen daarom niet te spreken van een:
‘God van vergelding’ – of in oudere vertalingen: ‘God van de wraak‘.
Waarom is dit oud!,  niet-‘orthodox’ denken, maar ‘gereformeerd’;
uitgaande van een straffende God
– een God als een boeman.
Omdat God niet vergeldt, geen wraak neemt – God begeleidt de mens in Liefde.
Je zou toch denken dat die ander een heel verwrongen beeld van God heeft . . . . .
Om me heen hoor ik spreken over een God, Die Liefde is en
dit eveneens van Zijn volgelingen verwacht.
Het geloof evolueert
– wanneer je in onze tijd het oude reformatorische beeld niet omdraait –
wanneer je je [openbaar] onderwijs inzet met – een God van vergelding – ga je
gebukt onder een verwrongen godsbeeld – of ben je in ieder geval eenzijdig.
Wraakzucht is in tegenspraak met de Liefde tot de naasten, Die ons door de Heer en
als het goed is in Zijn Lichaam, de Kerk wordt voorgeleefd.

De kerk [het instituut] contempleert de Waarheid, maar bezit of is deze niet.
Ze getuigt van Gods rijk, maar is het niet.
Er is een verschil, een kloof tussen het instituut en Gods belofte.

Het instituut kan de ruimte van de Belofte niet bevatten.
Er is daarom ook altijd een verschil tussen de institutionele werkelijkheid van de kerk
en de overmaat aan Liefde Die de kerk zelf niet bevatten kan.

Is dat verschil een tekort?  Dat zeker niet.
Het verschil is de voorwaarde voor de waarachtigheid van de kerk
“.
uit “Worden wat God Is“, André Zegveld

schamenWe schamen ons er een beetje voor als
het ter sprake komt met niet-christenen – met
stukken uit bijvoorbeeld het Oude Testament over geweld van God en de wraak van God.
We verantwoorden ons dan met de opmerking
– dat dit een godsbeeld uit het Oude Testament is, maar niet meer oevereenkomstig het Nieuwe Testament.
In het Nieuwe Testament laat God Zich ‘echt zien‘ en daar is Hij ter voorkoming een hoop vroeger beleefde ellende – de God van de wraak.
Hoe goed deze vondst op het eerste gezicht ook klinkt
– het klopt van geen kant, nog voor geen meter.
Eeuwen geleden kreeg ene Marcion – uit Sinope,
te Pontus [ ca. 160] – reeds deze gedachte.
Hij zei dat de God van het Oude Testament een lagere God was,
een God van vergelding en wraak.
In het Nieuwe Testament zou het daarentegen dan gaan
om een hogere God, de God van de Liefde.
Dit gaat natuurlijk niet, want onze God is ‘de Onveranderlijke’,
is gisteren, vandaag en in de toekomst dezelfde God.
De Marcionieten en haar honderdduizenden aanhangers
werden uiteindelijk als een ketterij veroordeeld.
Want het klopt dus niet dat de God van het Oude Testament
een andere God is dan het Nieuwe Testament.
Het kennen van God breidt zich in het Nieuwe Testament wèl uit en
het verdiept zich door Jezus Christus enorm, maar
God wordt niet op eens een heel andere Persoon.
Gods liefde voert zeker de boventoon in het Nieuwe Testament, maar
deed dit ook al in het Oude Testament.
Maar die Liefde verhindert niet dat er ook over Gods wraak wordt gesproken.
In het Nieuwe Testament klinkt hetzelfde als in het Oude Testament – bv.
Vergeldt niemand kwaad met kwaad; hebt het Goede voor met alle mensen.
Houdt zo mogelijk, voor zover het van u afhangt, Vrede met alle mensen.
Wreekt uzelf niet, geliefden, maar laat plaats voor de toorn, want er staat geschreven:
Mij komt de wraak toe, Ik zal het vergelden
“.
Rom.12: 17-19
Ook noemt Paulus het “Inderdaad een Recht van God
aan uw verdrukkers verdrukking te vergelden
“.
1Thess.1: 6,7
Paulus schrijft dit aan de toen nog kleine gemeenschap; ze zijn nog niet zo lang christen en
ze hebben het zwaar. Ze worden onderdrukt en vervolgd; ze ondervinden weerstand van
heel veel mensen.
Hoe bemoedigt Paulus hier?
Hij zegt niet onze gemeenschappelijke wraak is de Liefde.
Nee. Hij wijst naar de toekomst, want een christen is een mens die leeft in de verwachting.
Als christen kijk je naar vóren, je kunt het nu volhouden omdat je in de toekomst iets verwacht.
Dan zullen de rollen zullen worden omgedraaid; dan zullen je onderdrukkers worden gestraft met onderdrukking. En degenen onder u, die nu onderdrukt worden,
zullen in het Hemels Koninkrijk, in de toekomst bevrijding ervaren.
Ook uit Openbaringen blijkt dat aan het eind van de tijden
God de kwaaddoeners zal wreken om zijn volgelingen recht te verschaffen.
En toen Hij het vijfde zegel opende, zag ik onder het altaar de zielen van hen, die
geslacht waren om het woord van God en om het getuigenis, dat zij hadden.
En zij riepen met luider stem en zeiden: Tot hoelang, o Heilige en waarachtige Heerser,
oordeelt en wreekt Gij ons bloed niet aan hen, die op de aarde wonen?
“.
Openb.6: 9,10;
En ik hoorde de engel der wateren zeggen:
Rechtvaardig zijt Gij, die zijt en die waart, Gij Heilige, dat
Gij dit oordeel hebt geveld.
Omdat zij het bloed van de heiligen en van de profeten vergoten hebben,
hebt Gij hun ook bloed te drinken gegeven; zij hebben het verdiend!
“.
Openb.16: 5,6

de tuinWraak is ‘niet’ zo maar iets wat een kerkgemeenschap – een instituut zich kan toebedelen; dat is |alleen aan God voorbehouden. Vergelding, bloeddorstige wraak, haat, wreedheid, dienen wij als [orthodoxe-] christenen van ons af te schudden  – anders krijg je
een heel verwrongen beeld van God.
Bij ‘wraak’ gaat het in de Blijde Boodschap
toch over iets heel anders
– daar gaat het over eerlijke vergelding, over het rechtzetten, over straf, die je toekomt mogelijk
in de toekomst.
Echter de beoordeling komt alleen God toe en
‘niet’ aan een of andere
kleine orthodoxe gemeenschap.

  • Het afwijken van de Waarheid kleeft als een soort beschermheer aan onze ziel.
    Het ware zelf, de bron, is zo kwetsbaar, zo een en al Liefde,                                                   zo zonder enige verdediging.
    Het is van generatie op generatie overgedragen, het is er, we kunnen er niet omheen.
  • Het is onze overlevingsstrategie onder invloed van – en als reactie op – onze omgeving.
  • Het hoogmoedig afwijken van de Waarheid bepaalt wat veilig is en onveilig,
    wat goed is of slecht, wat wel of niet mag.
  • Het afwijken van de Waarheid wringt zich in duizend bochten. En het gekke is dat hij dat alleen maar doet om ons te beschermen tegen onheil. Terwijl hij zelf het grootste onheid is geworden dat ons van de Bron scheidt.

God is niet met ‘iets’ bezig, Die is er gewoon en vraagt Zich niet af Wie Hij is. Zijn invloed blijft voelbaar. Het is het basale vertrouwen dat
de meeste mensen hebben als het ergens op aan komt.
Het is het keiharde Goddelijke beginsel dat krachtiger is dan
welke afwijkende waarheid ook.
De ziel is rijp als de afwijkende waarheid zo transparant en ijl wordt, dat
deze verdwijnt en de Bron van alles zichtbaar wordt.
Dan wordt deze afwijkende waarheid onzichtbaar en transformeert in
de Goddelijke Waarheid zoals Die is.

Tot slot, misschien voel je je aan de kant van de onderdrukten.
Misschien ben je wel echt beschadigd – door je je ouders, je kinderen, een vriend of vriendin. Misschien denk je – nou ja ik heb niet gemoord, geweld gebruikt of
iemand psychisch mishandeld, maar op allerlei kleinere manieren,
soms heel subtiel, heb ik ook zo vaak aan de kant van het kwaad gestaan.
Als je dan bang bent, of je achtervolgt voelt.
Wanneer je angst voelt voor die ander – weet dan dit:
Christus’ Vrede was op Hem. Jezus Christus droeg onze  straf.
Zelfs voor een moordenaar naast Hem aan het Leven-schenkende Kruis,
zelfs ook voor een aards-leugenaar als Petrus.
Zelfs voor iemand die onschuldigen gevangen nam zoals Paulus.
Zelfs voor jou en mij, teneinde ons vrede en rust te brengen;
Vrede tussen God en jou, rust over ons verleden.
Daar aan het Leven-schenkende Kruis vergold God het kwaad dat wij deden.
Hij Die alleen maar goed had gedaan.
Hij Die als mens volkomen vol Liefde is geweest. Hij droeg onze straf . . .

Allen, die door de Geest Gods geleid worden, zijn zonen GodsWanneer je als niet-gedoopte, als christen, als orthodox christen
in Jezus Christus gelooft – gaat de straf,
die je toekomt op ‘Hem’ over.
Laat ieder zo leven, als
de Heer hem heeft toebedeeld,
zo, als God hem geroepen heeft
“.
1Cor.7 : 17.
De slaaf, die in de Heer geroepen werd, is een vrijgelatene van de Heer;
evenzo is hij, die als vrije geroepen werd, een slaaf van Christus.
Gij zijt gekocht en betaald
“.                                                                                                                 1Cor.7: 22

een parel in Gods hand Weet jij dat God, de Vader je kent?
Weet jij dat je van waarde bent?
Weet jij dat je een ‘parel‘ bent?
Een ‘parel’ in Gods hand!
Is het dan niet mooi om een parel te zijn?
Wat is dat eigenlijk? Een parel
begint als een korreltje zand in  de zee.
Dat komt in een oesterschelp terecht.
Het korreltje zand heeft scherpe randjes,
de oester vindt dat vervelend en gaat langzaam maar zeker die scherpe kantjes eraf slijpen.
Het korreltje wordt mooi glad en rond; het groeit aan; het wordt steeds een beetje groter.
Kleine kristalletjes worden door parelmoer aan dat korreltje vastgeplakt. Laagje op laagje.
Zo ontstaat er een parel, de een wat groter dan de ander.
Het hangt er maar net vanaf, wanneer een parelvisser die heeft opgevist.
Een parel, met dunne laagjes kristallen heeft een mooie glans over zich, het
wordt als een sieraad beschouwd.
Ieder kind van God is een parel, die groeit wanneer het zich er voor inzet.
Op deze manier zet God alles recht. Niets wordt over het hoofd gezien.
Aan de Hemelpoort worden onschuldigen beschermd, zij worden in ere hersteld.
En zo breekt Gods toekomst aan. De toekomst van recht en gerechtigheid.
De toekomst van de Goddelijke Waarheid, eerlijkheid.
De toekomst van God – zonder wraak, zonder haat, zonder onrecht, zonder kwaad.
Die toekomst – daar gaat het naar toe.

Onze Vader, Die in de Hemelen zijt,
Uw Naam worde geheiligd,
Uw Koninkrijk kome,
Uw wil geschiede op aarde zoals in de Hemel.
Geef ons heden ons dagelijks brood,
en vergeef ons onze schulden.
zoals ook wij aan anderen hun schuld vergeven;
en leid ons niet in bekoring,
maar verlos ons van het kwade.
Want aan U is het Koninkrijk en de Kracht en de Heerlijkheid
van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest,
nu en altijd en in de eeuwen der eeuwen,  Amen“.

Orthodoxie & onze dienst aan God

De Blijde BoodschapIndien ik het Evangelie verkondig,
heb ik geen stof tot roemen,
immers ik ben ertoe genoodzaakt:
want wee mij, indien
ik de Blijde Boodschap niet verkondig!
“.
1Cor.9: 16

De 1e brief van de apostel Paulus aan
de Kerk te Corinthe onthult ons een onvolwassen en onrustige gemeente;
een gemeenschap, die  worstelt met een breed scala aan problemen.
Aangezien aanbidding centraal staat in het                                                                                         leven van de Kerk, is het ook niet                                                                                                         verwonderlijk dat de aanbidding                                                                                                           van problematische christenen                                                                                                 eveneens beladen zal zijn met ernstige problemen.
Ondanks het feit dat dit allemaal tweeduizend jaar geleden plaatsvond en
er enorme culturele verschillen zijn tussen toen en nu,
ontdekken we dat veel van dezelfde problemen
nog steeds‘ een groot probleem vormen in de Kerk.

We worden eraan herinnerd dat er een verplichting bestaat om
degenen die de dienst aan het altaar uitvoeren al
vanaf de tijd van Mozes een inkomen toekomt en dat de lokaliteit waar
dit plaatsvindt, voor de volgende generatie behouden dient te worden [1Cor.9: 13].
De apostel herinnert ons er tevens nadrukkelijk aan dat de Heer Jezus
Beval dat degenen die het Evangelie verkondigen
dienen te leven overeenkomstig datzelfde Evangelie
“.
1Cor.9: 14
Hier verwijst hij naar Christus woord
Gouden Malthezer RidderordeVoorziet u niet van goud of zilver of koper in uw gordels, van geen reiszak voor onderweg, geen twee hemden,
geen sandalen, geen staf, want
de arbeider is zijn voedsel waard
“;
hetgeen de standaard vormt van
het verkondigingsprincipe in de Kerk.
[Matth.10: 10; 1Tim.5: 18].
SandalenHelaas, ondanks deze principes van de Kerk
wordt in deze niet altijd voorzien in de volledige ondersteuning van haar geestelijken, net zoals sommige geestelijken zich door de tijd heen hebben verrijkt.
Soms maken de omstandigheden het moeilijk om zich aan deze opdracht van de Heer te houden.
Zo zijn er vandaag de dag, de hulpbehoevende parochies, met een dalend ledenaantal en is het zeer begrijpelijk dat zij ermee worstelen om hun geestelijken te ondersteunen.
Toch heeft de Blijde Boodschap overeenkomstig de Traditie geestelijken
een salaris, een pensioen en gezondheidszorg toebedeeld.
De gehele Kerk dient zorg te dragen voor de oudere priesters, wanneer zij tijd van leven                                                                                       hebben en aan rust toe zijn.
Gelukkig worden er in veel aartsbisdommen ernstige inspanningen geleverd
om bestaande tekortkomingen in geestelijken ondersteuning te corrigeren,
bijvoorbeeld door het afstoten van onroerend goed en bezittingen.
Het is dus totaal niet nodig, dat iemand de heilige plicht op zich neemt
om verrijkt te worden, om het bot uit te drukken, om zijn zakken te vullen.
Er dient een evenwicht gevonden te worden tussen een adequate voorziening
door de gemeenschap en de redelijke verwachtingen door geestelijken;
is dat niet mogelijk dan voorziet de verkondiger door werk in z’n eigen levensbehoeften en
is hij nu eens ‘niet’ de gehele week beschikbaar [de tering naar de nering].
Paulus tracht op dezelfde wijze de toepassing van deze regel te vermijden voor zijn eigen ondersteuning; hij stelt zorgvuldig dit principe, zodat de gelovigen niet de indruk krijgen
dat hij naar iets van hen op zoek is [1Cor.9: 15];
hij voorzag immers zelf in zijn levensonderhoud door tenten te maken.

Apostel PaulusZijn noodzaak om
Het evangelie te prediken werd hem door de Heer Zelf gegeven“[1Cor.9: 16, 18].
Hij is verheugd om
Het Evangelie van Christus kosteloos te kunnen presenteren” [1Cor.9: 18],
want wanneer hij werkt en leeft voor
God alleen, ervaart hij regelmatig vaak de diepte van de Genade, die hem ‘om niet’ geschonken wordt.

Paulus begeeft zich aldus tot de verloren schapen; hij gaat en predikt en zegt:
Het Koninkrijk der hemelen is nabijgekomen.                                                                                 Hij geneest in Christus Naam de zieken,                                                                                             wekt de doden op, reinigt de melaatsen en                                                                                        drijft boze geesten uit;                                                                                                                              hij ontvangt om niet en geeft om niet.
Al deze dingen gebeuren ons christenen als Christus Voorbeeld en
ze werden voor ons beschreven ter waarschuwing,
over wie het einde der tijden gekomen zijn“.
1Cor.10: 11
De Kerk, het huis van de HeerOnze spirituele groei, de toename in deze geest
[Gr. Φρόνημα] wordt gevoed door kerkbezoek,
de Orthros [Metten], de Goddelijke Liturgie,
de Vespers en andere diensten.
Het is daarom noodzakelijk regelmatig met aandacht deel te nemen aan deze diensten van vroomheid en berouw in
de Kerk, het huis des Heren“.

Paulus waarschuwt ons tegen vier activiteiten die werken van ware aanbidding tot God kunnen vernietigen;
zij brengen ons af van God, verslaan deze Φρόνημα [geest].
1.].verwordt niet tot afgodendienaars” [1Cor.10: 7].
Ieder begin van een orthodoxe kerkdienst bidden wij de Litanie van de Vrede en bidden wij voor “degenen die met Geloof, eerbied en vreze Gods de Kerk binnengaan“.
Met de vermaning in de Cherubijnen Hymne worden we eveneens hieraan herinnerd
om “alle aardse zorgen af te leggen“,
het geeft ons duidelijk aan waarom we de dienst aan God zo ontzettend nodig hebben.
We vervallen tot afgoderij wanneer ons hart en geest geloof hecht aan eerbied en angst
ten opzichte van personen of – wanneer we onze energie richten op aardse
dingen en wezens in plaats van tot onze Schepper.
Om de verleiding te helpen weerstaan ​​en dergelijke misplaatste prioriteiten te omzeilen,
biedt de orthodoxe eredienst ons de lezingen van de Blijde Boodschap aan, de iconen en gebeden, die ons bijstaan de tendensen van ons hart en geest
die van de Kerk doen afdwalen te overwinnen.
Om te zien, te horen en gehoor te geven aan de tastbare herinneringen aan de liturgie [letterlijke betekenis “het werk van de mensen“], dienen we “alle aardse zorgen af te leggen“, “bezingen wij . . .  de leven-schenkende Drie-eenheid” en “ontvangen wij de Koning van het Heelal“.
We benaderen de Goddelijke Liturgie vastbesloten om ons tegen die verdwaalde gedachten te verzetten die ons aan onze God en Heiland, Die “In het Heiligdom woont” [Psalm 21: 3] onttrekken.
Laat wij ons bewust zijn nooit passief naar de Goddelijke Liturgie passief te komen,
maar eerder bereid zijn om elke suggestie van de boze dat
er geen redding voor hem is in zijn God” [Psalm 3: 2] te verslaan.

Jezus drijft die boze geest uit2,]. De apostel drukt ons op het hart
“drijft die boze geest uit” [1Cor.10: 8].
We leven in een hedonistische cultuur
die voortdurend ons milieu met perverse beelden en erotische entertainment vervuilt.
We horen en zien “misdaden, overvallen, moorden, obscene en zondige misdaden op
allerlei gebied en dit wordt ook nog met passie en brutale woorden te toon gespreid”                                                                           waarvan velen ook nog seksueel provocerend zijn.
Laten we er daarom voor kiezen om onze geest, ons gezin en leefomgeving om te vormen tot een paradijs van vrede, waarin we  tegemoet komen aan Paulus aanbeveling
om “zonder ophouden te bidden” [1Tess.5: 17].
Schakel die overgrote hoeveelheid aan verschillende media eens uit!
Niets anders vervuilt onze zuiverheid méér dan
de niet aflatende stimulering van onze verschillende passies.
We doen dit dan samen met de profeet Job toen deze verklaarde:
Theotokos detailIk had met mijn ogen een Verbond gesloten,
hoe zou ik dan een maagd hebben aangezien?
Want wat is het deel, door God van omhoog beschikt, het erfdeel, door de Almachtige
uit den hoge bepaald?
“.
Job.31: 1,2

3.].En laten wij de Heer niet verzoeken,
zoals sommigen van hen deden en
zij kwamen om door de slangen
“[1Cor.10: 9].
De apostel spreekt hier van wat wij met kwade opzet doen, om vervolgens af te wachten
hoe en of God zal reageren.
Elke zonde is een test van Godswege, maar
als we er trots op zijn of gedachteloos vertrouwen op onze eigen vroomheid dan
neigen we naar frank en vrije zonde.
Arrogantie en eigenwaarde leiden ons af van de ware aanbidding,
brengen verandering aan in de lof aan God en vermaken het tot een gruwel voor de Heer.
Ware aanbidding wordt uitgedrukt door het hart en de geest als
“De armen van geest, die hongeren en dorsten naar gerechtigheid“.
Matth.5: 3-6

H. Hilarion van Gaza, 'Verlaat hem, jullie bende demonen! Verlaat hem'.4.]. Paulus hekelt bovendien de valstrik van het geklaag:
mort niet, zoals sommigen van hen deden, en
zij kwamen om door de verderfengel
” [1Cor.10: 10];
Leer mij Uw Wil te doen met een rustige ziel en hart;
in de vaste overtuiging dat alles Uw wil is
” en
“Heilig hen die de schoonheid van uw Huis liefhebben en
verheerlijk hen door Uw goddelijke Macht”.
[uit de Goddelijke Liturgie van Johannes Chrysostomos]

  • onze dienst aan God – in Waarachtigheid
    Ziet, hoe het gaat bij de mens [de wereld] naar het vlees:
    hebben zij niet, die die offers eten,
    gemeenschap met het altaar?
    Wat wil ik hiermede dan zeggen? Dat een afgodenoffer iets is, of dat een afgod iets is?
    Integendeel, dat hun offeren een offeren is aan boze geesten en
    niet aan God en ik wil niet, dat gij in gemeenschap komt met de boze geesten“.
    1Cor.10: 18-20

Al eerder waarschuwde Paulus in Corinthe, in een discussie over het eten van vlees
dat geofferd was aan afgoden, tegen het vervagen van de scheiding tussen de leven-schenkende waarheid, gedeeltelijke waarheden en fouten, die
volstrekt niet met het christendom overeenstemmen [1Cor.8: 8-9: 2].
Hier richt hij zich op een verwant gevaar:
de deelname aan de erediensten van niet-orthodoxe organisaties.
In ons eigen pluralistische religieuze omgeving, is de afgoderij en
zijn valse leringen overal om ons heen.
Deze leringen kunnen volledig heidense vormen aannemen alsmede
via schijnbaar onschuldige programma’s die bij sommigen maar
een fractie van de echte waarheid bevatten.
We doen er goed dus aan Paulus waarschuwing ter harte te nemen:
Daarom, laat hem die meent te staan, erop toezien , dat hij niet zal vallen“.
1Cor.10: 12
We kunnen, net als de eerste christenen, worden uitgenodigd om niet-orthodoxe religieuze evenementen bij te wonen, maar de Apostel vermaning is wijs.
We moeten niet van onszelf denken dat we sterker zijn dan God [1Cor.10: 22].
Om deze reden bewaken we onze zielen tegen niet-orthodoxe religieuze activiteiten en
raden kerkvaders ons af zelfs aan niet meditatie- en yogabijeenkomsten deel te nemen.
zij bezitten namelijk allemaal “ik-gerichte“, van God afleidende elementen.
De enige Waarheid die bestaat is dat God ons zal bijstaan om de leugen te ontwijken.
Gij hebt geen bovenmenselijke verzoeking te doorstaan.
En God is getrouw, Die zal niet gedogen, dat je boven je vermogen verzocht wordt, want
Hij zal met de verzoeking ook voor de uitkomst zorgen, zodat je ertegen bestand bent
“.
1Cor.10: 13

Misschien zullen we niet door moderne heidense praktijken en ceremonies verleid worden, maar hoe zit het met de kerken die beschouwd worden als schismatici of ketters?
Rooms-katholieke en in grote lijnen de protestantse kerken lijken misschien niet zo verschillend met de orthodoxe, op zijn minst oppervlakkig gezien, maar
er bestaan ook militante sekten met een zéér vervormde leer.
Laten we ons niet laten misleiden door de moderne culturele, vooroordelen die
zich verzetten tegen elke vorm van intolerantie of separatisme.
Als orthodoxe christenen ontvangen we regelmatig uitnodigingen om presentaties
bij te wonen door andere religies. We dienen de opties af te wegen.
Gaan we vriendelijk in op dergelijke uitnodigingen of wonen we
een ontmoeting van een subtiele vorm van misleiding bij?

Wordt eens wakker, zoek God in eigen cultuur en omgevingDe canons van de kerkvaders van
de Orthodoxe Kerk zijn
niet voor niets opgesteld ​​om
ons te beschermen tegen dit soort fouten, met inbegrip van halve waarheden.
Om deze reden ontraadt ons de orthodoxe kerk “het bijwonen van vergaderingen
van ketters en scheurmakers
“.

  • Wanneer familieleden of collega’s ons verzoeken een ​​bruiloft of een begrafenis bij te wonen, doen we er dan verkeerd aan om zulke diensten bij te wonen?
    In de meeste gevallen niet. Wat erger is, zou het niet bij wonen het gebod overtreden om anderen lief te hebben.
    –> Bij twijfel altijd eerst even de parochiepriester vragen.
  • Wat wanneer een kennis ons uitnodigt om ​​regelmatig een Bijbelstudie in haar kerk of thuis bij te wonen? Een dergelijke activiteit leidt ons in een situatie waarin, vroeger of later, foute ideeën kunnen worden gepresenteerd.
    Hetzelfde kan gezegd worden van kringgebedsgroepen of geloofsverdiepingsgroepen en verschillende buitengewone presentaties, zelfs wanneer dergelijke bijeenkomsten slechts  “informatief” worden genoemd.

Wanneer we onszelf blootstellen aan de leer van andere kerken, kunnen we onbewust onwaarheden en onuitgesproken veronderstellingen omarmen, zelfs wanneer een presentatie ‘de Waarheid’ verkondigt.
Wanneer dwaling en ketterij bewust worden geabsorbeerd, dan leert de ervaring ons dat het later enorm veel inspanning kan kosten om ons orthodox Geloof terug te vinden of kan zelfs enige twijfel ons tot pijnlijke, onnodige geestelijke strijd, leiden.

Onze pluralistische cultuur valt de orthodoxe christenen aan
door middel van internet, Ipad, Ipod, televisie en films.
Deze media bevatten vaak berichten welke doorspekt zijn met secularisme, hedonisme en spirituele corruptie. Hoeveel tijd hebben we niet geïnvesteerd in het volgen van nieuws en entertainment in plaats van de groei in ons ware Geloof?
We bezitten een rijk scala aan orthodoxe publicaties en
ziel-verrijkende literatuur staat volop voor ons beschikbaar.
Laten we dààr in het bijzonder aandacht aan besteden!
Heer, zuiver mijn ziel, heilig mijn hart, verlicht mijn vijf zintuigen en
stel mij geheel onder de vrees voor U . . . . .
Behoed mij steeds tegen elke daad of woord die
de dood zou kunnen brengen aan mijn ziel
“.
Communiedankzegging, gebed van Heilige Simeon Metaphrastes

In navolging van Christus; kasteel (momenteel een ruïne) en de berg van de H. Hilarion op CyprusIn navolging van Christus
Wordt mijn navolgers,
gelijk ook ik Christus navolg
“.
1Cor.11:1
Christus, onze Koning en God is
het onveranderlijke model van
hoe we ons leven en onze aanbidding dienen in te richten.
Hij drukt ons op het hart:
Mijn vrienden, zorg dat de angst je niet kan scheiden van Mij.
Want hoewel ik moet lijden is dit is in het belang van de wereld.
Neem geen aanstoot aan Mij; want
Ik ben niet gekomen om gediend te worden, maar om te dienen en
Mijn leven te geven als losgeld voor de wereld.
Indien jullie dan Mijn vrienden zijt,
zult je doen wat Ik doe.
Hij die de eerste zal worden, zal de laatste zijn;
laat de meester zijn als een dienaar.
Blijft in Mij, opdat je vrucht kan dragen, want
Ik ben de wijnstok van het Leven“.
Orthros [Metten] van Grote en Witte Donderdag

De Heer wil dat onze dienst aan God nauw verbonden wordt met
de dagelijkse activiteiten in ons leven.
We dienen onze deelname aan de Kerk nooit in hokjes van de verschillende kerkdiensten te plaatsen, maar eerder
onszelf, elkaar, en geheel ons leven aan Christus, onze God op te dragen“.
Voor de ware orthodoxe eredienst behoeft niet de weg te worden ingeslagen, zoals
een fijn geweven linnendoek, met het oog op de bescherming en
het verdringen van onze dagelijkse bezigheden en routinematig leven.
De huidige visie geeft drie richtlijnen voor het inrichten van ons leven in samenhang met onze aanbidding, zoals de Heer dat verlangt.
1.].We zijn voortdurend op zoek “alles ter ere van God te doen“[1Cor.10: 31];
2.].Streef datgene na “wat winst oplevert aan velen opdat zij behouden mogen worden“[1Cor.10: 33] en
3.]. “Prijs het in u, dat gij in alles aan mij gedachtig blijft en
aan de overleveringen zo vasthoudt, als ik ze u overgegeven heb“[1Cor.11: 2].

  • Wanneer de apostel Paulus ons gebiedt om “alles te doen tot heerlijkheid van God” [1Cor.10: 31], bedoelt hij dat de Heer wordt verheerlijkt door
    het gebed, hetgeen in overeenstemming is met Zijn Wil.
    – Volgens de Heilige Theophanus de Kluizenaar is “De meest noodzakelijke [activiteit] het gebed, waarbij we de Heilige Geest dienen te smeken om Zijn Goddelijke licht in onze harten re doen neerdalen” [Unseen Warfare, blz. 90].
    Op deze manier wordt Christus in alles wat we doen verheerlijkt, want we handelen vanuit een door God verlicht hart.
  • De heilige Johannes Climacos [van de Ladder] schetst ons een plan om
    een ​​dergelijk gebed te ontwikkelen:
    Laat uw gebed heel eenvoudig zijn . . . begin een oprechte dankzegging in de eerste plaats als begin van het gebed . . . .
    Maak in het gebruik geen overdaad aan moeilijke woorden . . . .
    Wanneer je een gevoel van zoetheid of wroeging bij een woord van je gebed voelt opkomen, sta er dan een moment ​​bij stil . . . . en
    benader het met de grootst mogelijke nederigheid . . . .;
    Bereid je voor op regelmatige gebedstijden door onophoudelijk in je ziel in gebed te zijn . . . . Ben je met iets bezig en blijft je daarmee bezig ook wanneer het vaste uur van gebed komt en wordt je afgeleid en misleid door demonen,
    onderken dan dat het dieven zijn, die erop gericht zijn
    het ene uur na het ander van ons af te nemen
    de Ladder van de geestelijke opgang 28, 5-35, blz. 217.
    Er worden in dit boek vele vormen van reflectie aangeboden.

Vervolgens, houdt de apostel ons voor om op zoek te gaan naar
De winst die het vele anderen oplevert opdat zij behouden mogen worden“[1Cor.10: 33],
Je dient daarbij wel je naaste dusdanig liefhebben, dat je liefde niet leidt tot schade aan je eigen ziel” zo waarschuwt de Heilige Theophanos ons.
Het allerbelangrijkste in deze activiteiten is de redding van je naasten . . . . .
Dit verlangen van de redding van je naasten dient altijd voorop te staan;
maar het dient wel voort te komen uit je Liefde tot God en niet vanuit een ondoordachte ijver
“.

Evenwichtigheid heb je nodig willen je niet door middel van ijver anderen beledigen.
Laten we ernaar streven een levend voorbeeld te vormen, zodat anderen aangetrokken kunnen worden door de Gods Liefde, Die zij in ons herkennen.

Tenslotte adviseert de apostel ons om

  • ons te houden aan de Traditie net zoals ik die aan u heb voorgedaan“[1Cor.11: 2].
  • Volgens de heilige Theophanos dienen we onze activiteiten te bestuderen,
    om duidelijk te zien welke van hen goed zijn en welke slecht . . . .
    Beoordeel hen niet zoals de wereld en de zintuigen het plegen te doen,
    maar doe dit zoals ze worden beoordeeld door de Rechterlijke Macht van Christus en
    de Heilige Geest, of door . . . . . de heilige vaders en leraren van de kerk het ons leren.
    Onze orthodoxe tradities dienen niet alleen de rituelen van de Kerk te zijn,
    maar dienen in alle onderdelen van ons dagelijks leven en
    relaties met anderen de overhand te geven
    “.
  • Meester, laat ons inzicht verkrijgen in de vreugde van Uw heil en
    bevestigt ons in Uw liefde,
    dat wij zelfs tot onze laatste adem U het offer van de waarheid kunnen aanbieden,
    tezamen met de onbesmet lof en eer aan Uw Naam
    “.
    gebed van Archimandriet Sophrony Sacharov

Het samen komen
Er is, naar ik hoor, wanneer gij als gemeente samenkomt,
verdeeldheid onder u, en ten dele geloof ik dit
“.
1Cor.11: 18
Een vluchtige lezing toont ons Paulus bezorgdheid over twee aspecten in de samenkomst van de Gemeenschap te Corinthe,
1.]. De vrouwen dienen tijdens diensten gesluierd te worden?
2.]. Een prijzenswaardige houding voor de leden van de gemeenschap bij het bijwonen van het Avondmaal?
Voor de apostel komen neer deze twee zaken uiteindelijk neer op één:
de eredienst mag nooit gelegenheid geven voor twist en verdeeldheid.
Blijkbaar hadden sommige vrouwen van de Corinthische gemeente
de reeds lang in gebruik zijnde gewoonte hun hoofd tijdens de eredienst te bedekken achter zich gelaten [1Cor.11: 2-16].
Paulus wijst erop dat ze afwijken van Traditie zoals die in de eerste eeuw gebruikelijk was.
Verder vraagt hij zich af of deze gewoonte
de eenheid onder de gelovigen in Christus niet bedreigt.
Paul komt snel tot de conclusie te beweren dat deze vrouwen in strijd handelden met
een praktijk die onder “de kerken van God” in die tijd universeel was, dat wil zeggen,
dat vrouwen – in die tijd –  dienden gesluierd de eredienst dienden te bezoeken
[1Cor.11: 16].
Hij verdedigt deze praktijk gebaseerd op het verschil tussen mannelijke en vrouwelijke gemeenteleden [1Cor.11: 8-9], “omwille van de engelen” [1Cor.11: 10] en
op grond van “de natuur zelf ” [1Cor.11: 14-15].

Let eens op de logica van de Apostel.
Hij handhaaft het onderscheid tussen mannen en vrouwen in de kerk
met betrekking tot kleding en hun respectieve rollen in het gezinsleven, maar
hij is vooral bezorgd over de onderlinge afhankelijkheid van
mannen en vrouwen “in de Heer”  [1Cor.11: 11).
Zo stuurt hij aan op een middenweg,
het onderscheid van de rol van de man ten opzichte van die
van de vrouw aan de andere kant, maar die toch standvastig blijven wat betreft
de fundamentele eenheid van beide geslachten in Christus.

Eerder prees hij de Corinthiërs al voor het zich houden aan
de tradities net zoals ik die aan u geleerd heb” [1Cor.11: 2].
Deze christenen zullen ongetwijfeld vernomen hebben dar hun onderwijs Paulus “bezorgd” maakte: “Er is geen Jood of Griek, er is geen slaaf of vrije, er is geen onderscheid tussen man en vrouw;
want u bent allen één in Christus Jezus” [Gal.3: 28].
Waarom dringt de apostel Paulus dan aan op het dragen van sluiers door de vrouwen?
Hij doet dat vooral omdat de plaats van vrouwen een cultureel gevoelig onderwerp is voor de joodse christenen en zijn voornaamste doel is om eenheid onder alle christenen, Joden en heidenen te bewaren en tevens [1Cor.11: 16] aan te moedigen.
Door zijn nadruk te leggen op de zorg voor de eenheid,
is hij tevens bedroefd door andere gevallen van zelfbevestiging onder de Corinthische gemeenteleden [1Cor.11: 16].
Zo berispt hij de kerkleden die op ruwe wijze verdeeldheid binnen de gemeenschap zaaien
wanneer ze “op een plaats samen komen om het avondmaal te vieren” [1Cor.11: 20].

De Heer, Gods huis, onder de mensen - Parochiekerk, H. Andreas te Gent [B]De eucharistische liturgieviering van
de vroegste christenen werden gecentreerd
rond een gedeelde agape-maaltijd [hetgeen letterlijk “een liefdesfeest betekent”].
Dergelijke liturgieën volgden het patroon van de heilige joodse maaltijden, zoals
het Pascha , de ‘seder’-maaltijd was.
De formele zegening van bekers wijn vóór en na de maaltijd en het plechtig breken van het brood waren daarbij gebruikelijk.
Echter, de Corintiërs gaven zichzelf zelfzuchtig over aan het aangeboden voedsel
tijdens de agape-maaltijd samenvallend met het Avondmaal.
Sommigen namen hun “eigen avondmaal mee” waaraan zij zich uitbundig tegoed deden
ten opzichte van anderen en lieten hun arme broeders, die honger leden aan hun lot over,
terwijl sommige anderen dronken geraakten [1Cor.11: 21].

De apostel Paulus ontploft haast door de ongevoeligheid, die de Corinthiërs onder
elkaar aan de dag legden en verwijt hen vooral hun gebrek aan eenheid.
Hij zegt: ”
Hebt gij dan geen eigen huizen om te eten en te drinken?
Of minacht gij [zozeer] de gemeente Gods, dat gij de behoeftigen beschaamd maakt?
Wat zal ik tot u zeggen? Zal ik u prijzen? Op dit punt prijs ik niet!
“.
1Cor.11: 22
De eenheid, vooral tijdens de eredienst, is een, niet uit te drukken, schandaal.
We zijn bijeen om met een hart en mond God te aanbidden, zoals de
onschendbare norm van orthodoxe christenen op alle plaatsen ten alle tijden geweest is.
Heer, geef ons de eensgezind om onze gemeenschappelijke gebeden tot U op te heffen,
opdat wij de kennis van Uw waarheid ontvangen en in de wereld zijn gekomen, teneinde
het eeuwig leven te verwerven
“.
Goddelijke Liturgie van Johannes Chrysostomus

De waardigheid om de juiste keuzes te mogen maken.
“Betaalt allen het verschuldigde, belasting aan wie belasting heft,
tol aan wie tol heft, heb ontzag aan wie ontzag afdwingt,
geef eerbetoon aan wie eer toekomt.
Wees niemand iets verschuldigd dan elkaar lief te hebben;
want wie de ander liefheeft, heeft de wet vervuld
“.
Rom.13: 7,8

De apostel Paulus geeft elders zijn systematische presentatie van de Blijde Boodschap
in de kwesties van de dagelijkse invulling.
Hij geeft twee opdrachten mee, die in eerste instantie mogelijk wat tegenstrijdig lijken.
Hij zegt: “Wees niet gelijkvormig aan deze wereld” [Rom.12: 2], maar vervolgens
verklaart hij, “Wees onderworpen aan de betreffende autoriteiten” [Rom.13: 1].
Hij voegt eraan toe:
Betaalt allen het verschuldigde, belasting aan wie belasting heft,
tol aan wie tol heft, heb ontzag aan wie ontzag afdwingt,
geef eerbetoon aan wie eer toekomt
” [Rom.13: 7].

Christus, de OpperrechterHoe kunnen wij als dienaren van de Heer,
worden onderworpen aan heersende machten
van deze wereld zonder het betreffende gezag
te aanvaarden, dat wil zeggen, de wereld?
Hoe is in deze een evenwicht te vinden?
Het leven vraagt ons op onze weg
een reeks van beslissingen te nemen:
het maken de ene stap in plaats van de andere,
handelen of nalaten te handelen,
we laten ons met situaties in of laten het links liggen,
we aanvaarden het of verwerpen de aanbiedingen en mogelijkheden.
Voortdurend zijn we van moment tot moment in beweging op basis van de keuzes, die we maken.
Van al de door God op aarde gevormde wezens, heeft alléén de mens
de persoonlijke waardigheid van de keuze en het vormgeven van het leven gekregen.

In de huidige passage komen we drie basisregels voor onze besluitvorming tegen.
We zijn onderworpen aan de overheden [Rom.13: 1].
In het bijzonder zijn wij onderworpen aan de wil van ons geweten [Rom.13: 5].
Tenslotte zijn wij “Niemand iets schuldig, behalve elkander lief te hebben” [Rom.13: 8].

Overeenkomstig de logica van Paulus wordt ons duidelijk dat
deze drie regels de overkoepelende opdracht van de Heer inhouden om
“uw naaste lief te hebben als uzelf” [Rom.13: 9; zie Luc.19: 18 en Matth.22: 39].
Deze drie basisregels geven duidelijk aan dat:
elke richtlijn een hogere autoriteit bezit [voor onze beslissingen] dan de voorgaande.
1.]. Wanneer we worden geconfronteerd met een beslissing, kiezen we ervoor om
de voor de hand liggende aangewezen autoriteit te gehoorzamen.
We stoppen bij een rood licht, betalen onze aanslagbiljet,
het rapport van de jury verplicht, en zo verder.
Echter, door Gods Genade streven we ernaar geen impulsieve beslissingen te nemen.
Integendeel, we passen onze acties aan als reactie op de aansporing van de Heilige Geest.
2.]. Wanneer we bij een groen stoplicht komen en we tevens een ambulance signaleren die noodzakelijkerwijs van het kruispunt gebruik maakt, vertelt ons geweten ons
de “autoriteit” van het verkeerslicht dienen te negeren.
Wanneer een belastingaanslag onjuist blijkt of oneerlijk is,
beroepen we ons niet op de verkeerde opgave, want we dienen alleen datgene te betalen
wat verwijtbaar is [Rom.13: 7].
3.]. Maar voordat we besluiten om zonder twijfel de stem van ons geweten te volgen,
dienen wij de eisen van de Liefde en de behoeften van anderen te overwegen.
We herinneren ons het gevallen menselijk geweten, net als
de andere aspecten van onze natuur, en deze heeft behoefte aan genezing en verlichting.
Daarom beschouwen we respect en rechtvaardigheid bij het nemen van maatregelen als
tot het domein van de liefde te behoren.

Christus in mijChristus, onze God,
vormde ons als Schepper van alle dingen,  naar Zijn beeld en Zijn gelijkenis en maakte ons waardig met de gave van de vrije keuze.
Echter zij, die zichzelf zoeken,
zijn ongehoorzaam aan de waarheid en
gehoorzaam aan de ongerechtigheid

Rom.2: 8; voldoen dus niet
aan Zijn Beeld en Gelijkenis.
Ironisch genoeg, kunnen we door middel van onze verkeerde keuzes, onze vrijheid verliezen en onder de slavernij van de zonde komen te vallen [Rom.7: 19].
Door de dood van onze Heer en Zijn Opstanding, heeft God
de mensheid verzoend met Zichzelf [Rom.5: 10].
En toch dienen we onomwonden Zijn Wil te omarmen
willen we Zijn Genezing en Leven ontvangen.
Inderdaad zijn de drie regels niet star.
Ze verlichten de Genade en laten ons zien
hoe wij binnen Gods Liefde keuzes dienen te maken.
In het kader van de Blijde Boodschap van het Evangelie,
worden het de regels voor het leven en
de vervulling van de wet“.
Rom.13: 10
Christus-PantokratorLeidt U ons,  Heer, onze God,
in al onze handelingen
met Uw genadevolle gunsten en
help ons op weg
met Uw voortdurende hulp;
dat wij al onze werken mogen beginnen,
voortzetten en beëindigen in U en
daarmee Uw Heilige Naam verheerlijken en
uiteindelijk in de door U geschonken Genade
mogen komen tot het eeuwige leven
“.
Gebed om bijstand uit den Hoge

7e Zondag na Pinksteren – Orthodoxie & onderlinge verdraagzaamheid

Apostel Paulus“Wij, die sterk zijn,
dienen de gevoeligheden van de zwakken te verdragen en niet onszelf behagen.
Ieder van ons dient te trachten zijn naaste te behagen, ten goede, tot opbouw van elkaar,
want ook Christus heeft Zichzelf niet behaagd, maar, gelijk geschreven staat:
De smaadwoorden van hen, die U smaden, kwamen op Mij neer.
Al wat namelijk tevoren geschreven is, werd tot ons onderricht geschreven, opdat
wij in de weg der volharding en van de vertroosting van de Blijde Boodschap
de hoop zouden vasthouden.
De God nu van de volharding en van de vertroosting moge u
eensgezind van hetzelfde gevoelen geven
te zijn naar [het voorbeeld van] Christus Jezus, opdat
jullie eendrachtig uit een mond de God en Vader van
onze Heer Jezus Christus mogen verheerlijken.
Daarom, aanvaardt elkaar, zoals
ook Christus ons aanvaard heeft tot heerlijkheid Gods”.
Rom.15: 1-7
“Laat ieder van ons trachten zijn naaste te behagen, ten goede, tot opbouw van elkaar”.
Rom.15: 2
Origenes had in de derde eeuw het idee dat er in deze enig verzet tegen
Paulus vermaning zou kunnen ontstaan,
waarbij gesuggereerd werd dat mogelijk gezegd zou kunnen worden dat
de Apostel zichzelf zou tegenspreken, omdat elders vermeldt staat:
Zoek ik soms de mensen te behagen?
Indien ik mensen zou trachten te behagen,
zou ik geen dienstknecht van Christus zijn
“.
Gal.1:10

Als antwoord hierop dient opgemerkt te worden dat
het maar één enkele zaak is om te proberen anderen te behagen.
Door anderen lof toegezwaaid krijgen is een ding
en is iets heel anders dan om hen te behagen, zodat
zij het in hun eigen leven ‘vrucht kunnen doen dragen’ zodat
het jun in hun groei tegemoet kan komen.
Met andere woorden het dient zowel degenen die het zien en horen,
als onszelf.

Origenes vervolgt. “We zijn niet geroepen om anderen te plezieren door dingen te doen . . . . .
tegen het geloof, eer, en vroomheid . . . . .
Paulus heeft dit zelf aangehaald, toen hij eraan toevoegde dat
hij er behagen in stelde zijn naaste onderrichtte met
het doel om hem op te leiden
[te stichten]”.
uit: het commentaar op de Romeinen.

Onze maatstaf voor de opbouw van anderen is Christus Zelf.
Zijn leven en bijvoorbeeld, het door anderen ontvangen en gedeeld worden,
zal hen altijd leiden “volgens Jezus Christus”.
Rom.15: 5
Laat ons onze intenties en handelingen jegens anderen
voortdurend gericht zijn met de Heer als onze standaard.

In Christus vinden we voldoende reden om
de zwakheden van anderen te verdragen,
wees geduldig en versterk daarmee onze naasten op
hun beurt op vele verschillende manieren anderen te versterken,
deel met hen datgene wat we in Christus hebben ontvangen
Rom.15: 4-6
Onze constante doel dient te zijn om God te verheerlijken en
anderen met de grootst mogelijke vriendelijkheid te behandelen,
ons herinnerend hoe ons Heer onophoudelijk
vriendelijk en barmhartig voor ons is geweest.
Rom.15: 7

Anderen een christelijk voorbeeld geven is niet
zo overweldigend als het op het eerste gezicht lijkt, want
God geeft ons genadig de Blijde Boodschap [de Heilige Schrift] om
onze daden en woorden juist te gestalte te kunnen geven.
Rom.15: 4
We hebben een goddelijke gids tot onze beschikking,
samen met de vele waardige voorgangers en medechristenen die
onze manier van doen en laten verlichten.
Dat geeft ons het fundament van hoop.
Rom.15: 4
Laten we dan ook niet wanhopen,
maar de taak op ons nemen
anderen tot voorbeeld te zijn.

Regelmatig kunnen de zwakheden van anderen ons onoverkomelijke lijken.
Rom.15: 1
Maar ons wordt gevraagd hun beperkingen te verdragen,
ook al lijken deze de groei van andere christenen af te remmen.
Hoe we dat dienen te doen?
Door op God te vertrouwen, dat
onze schamele inspanningen zullen transformeren in echt stichting,
dat zelfs ons schamel struikelblok uit balans raakt tot Zijn eer,
zolang we ons maar overgeven in Zijn handen.
Heer, leer mij Uw Wil te doen, want Gij zijt mijn God!“.
Psalm 142 [143]; Grote Completen

Het is veel gemakkelijker om de tekortkomingen van medechristenen te verdragen
– en zo nederig en dankbaar te zijn –
wanneer we dit overlaten aan God Die immers “alles goed” doet.
Marc.7: 37
Het opbouwen van anderen vereist de diepte van het geduld,
een kracht en geriefelijkheid die God ons alleen in Genade kan schenken.

Laten we niet vergeten dat wij van Christus zijn, want
Hij is de meester van dit werk en
wij zijn met Hem bekleed.
Laten we stoppen ons te verontrusten en rust vinden in Hem.
Wij doen ons uiterste best en laat de uitkomst aan de Heer over.
Wanneer we Zijn Blijde Boodschap, lezen en ervan leren,
worden we innerlijk verteerd door de Goddelijke Wijsheid en Kracht
en krijgen we inzicht dat God ons inderdaad bij de hand neemt en ons leidt.

Het gebed van Paulus:
“De God nu van de volharding en van de vertroosting
moge u eensgezind van hetzelfde gevoelen geven
te zijn naar [het voorbeeld van] Christus Jezus,
opdat  jullie eendrachtig uit een mond
de God en Vader van onze Heer Jezus Christus mogen verheerlijken”
Rom.15: 5
Wanneer we er indringend om vragen,
zal God de gemeenschappelijke grond die we delen met anderen
aan ons onthullen.
Dit geldt vooral op die momenten dat we ons in omstandigheden bevinden
dat we overvallen worden met conflicten of meningsverschillen.
Sterker nog, als we van plan zijn om
“de God en Vader van onze Heer Jezus Christus te verheerlijken”
in zowel woord als daad [Rom.15: 6], dan
zullen onze inspanningen niet tevergeefs zijn en
niet worden verspild.
We kunnen de meest moeilijke mensen aan die
we met vriendelijkheid tegemoet treden [Rom.15: 7] en
God zal ons bijstaan om het even welke beledigingen we naar het hoofd krijgen geslingerd
en de beledigingen van anderen weten overwinnen.

En deze dingen schrijven wij,
opdat onze blijdschap volkomen zij.
En dit is de verkondiging, die wij van Hem gehoord hebben en u verkondigen:
God is licht en in Hem is in het geheel geen duisternis.
Indien wij zeggen, dat wij gemeenschap met Hem hebben en in de duisternis wandelen,
dan liegen wij en doen de waarheid niet
“.
1John.1: 4-6
Wie zegt: Ik ken Hem, en zijn geboden niet bewaart, is een leugenaar en
in die is de waarheid niet;
maar wie zijn woord bewaart, in die is waarlijk de liefde Gods volmaakt.
Hieraan onderkennen wij, dat wij in Hem zijn.
Wie zegt, dat hij in Hem blijft, behoort ook zelf zo te wandelen,
als Hij gewandeld heeft
“.
1John.2: 4-6
Ieder, die de zonde doet, doet ook de wetteloosheid en de zonde is wetteloosheid.
En gij weet, dat Hij geopenbaard is, opdat Hij de zonden zou wegnemen, en in Hem is geen zonde.
Een ieder, die in Hem blijft, zondigt niet; een ieder, die zondigt,
heeft Hem niet gezien en heeft Hem niet gekend.
1John.3: 4-6
Gij zijt uit God, kinderkens, en gij hebt hen overwonnen; want
Hij, die in u is, is meerder dan die in de wereld is.
Zij zijn uit de wereld; daarom spreken zij uit de wereld en hoort de wereld naar hen.
Wij zijn uit God; wie God kent, hoort naar ons; wie uit God niet is, hoort naar ons niet.
Hieraan onderkennen wij de Geest der waarheid en de geest der dwaling.
Christus met zijn lievelingsapostel Johannes1John.4: 4-6
Want al wat uit God geboren is, overwint de wereld; en dit is de overwinning, die de wereld overwonnen heeft; ons Geloof.
Wie is het, die de wereld overwint, dan wie gelooft, dat Jezus de Zoon van God is?
Dit is Hij, die gekomen is door water en bloed, Jezus Christus,
niet slechts met water, maar met het water en met het bloed.
En de Geest is het, die getuigt, omdat de Geest de waarheid is.
1John.5: 4-6

Psalmen op basis van Waarheid samengesteld – Psalm 31 [32]– De weldaad van vergeving.

Orthodox biecht1Zalig zij, wier overtredingen zijn vergeven en
wier zonden zijn bedekt.
Zalig de mens aan wie de Heer de zonden niet toerekent en in wiens mond geen bedrog is.
Omdat ik zweeg, teerden mijn beenderen weg,
door mijn schreien heel de dag.
Want dag en nacht weegt Uw hand zwaar op mij;
de scherpe doorn die mij steekt drijft mij terug in mijn ellende.
Ik erken mijn overtredingen:
mijn zonden wil ik niet verbergen.
Ik zei: Ik zal regen mijzelf mijn onrecht aan de Heer belijden;
dan zult Gij de boosheid van mijn hart vergeven.
Daarover dient iedere gewijde tot U bidden te rechter tijd;
dan zal de grote watervloed hem niet overstromen.
Gij zijt mijn toevlucht en mijn vreugde in de beproeving die mij omgeeft;
bevrijd mij van hen die mij hebben omsingeld.
Ik zal U begrip geven, u de weg leren die gij moet gaan;
Ik zal Mijn ogen op u richten.
Wordt niet als een paard of muildier zonder verstand,
die je moet temmen met leidsel en bit als zij niet tot u komen.
Talrijk zijn de straffen voor de zondaar,
maar wie op de Heer vertrouwen omringt Hij met Genaden.
Verblijdt u in de Heer en juicht, gerechten;
jubelt allen die oprecht zijn van hart“.
Psalm 31 [32]

Vergeving en kwijtschelding van de zonden, die
Christus ons aanbiedt brengt een totale verandering teweeg,
je gaat weer leven.
Je bent in je leven nog nooit zo gespannen geweest.
Je hebt je in jezelf opgesloten, je bent afgeweken van de weg, die
je jezelf toch had voorgenomen.
Toch ben je gevallen en voelt je rot, de aanklacht tiert rond in je ziel.
Orthodox biecht2Je sleept jezelf naar de kerk, kijkt schuchter rond, je vitaliteit is je ontnomen en
de zwaarte van je misstappen drukt op je en
je angst voor de gevolgen neemt toe.
Ten slotte is het moment aangebroken,
– je ziet de priester naderen;
– je kust het boek met de Blijde Boodschap met het daarop liggende kruis en
– je belijdt je zonden, waarna een verdieping van het hoe en waarom volgt.
– je belijdt je zonden, niet tot  een mens van vlees en bloed, maar tot Christus,
jouw Heer en Meester.
– je knielt en krijgt het orarion over je hoofd gelegd,
waarna je vergeving ontvangt.

niet langer belast, vrij deelnemen aan de tafel– Niet langer belast!
Een vloed van opluchting komt over je heen en tranen van vreugde dringen in je ogen.
– Niet langer belast, je kunt weer leven!
Het is alsof er een zwaar gewicht van je schouders is gevallen!
“Je bent vrij om te gaan”
Vrij van welke veroordeling dan ook!
Het leven heeft opeens een nieuwe betekenis.
Je bent niet meer opgesloten in jezelf,
vrij van de constante druk van de aanklacht tegen je,
vrij om een ​​nieuw leven te beginnen, omdat
je bent verlost van die zorgen.
Kun je je voorstellen hoe dat voelt?

Ik hoop het!
het pad van de biechtIedere gelovige zou dit dienen te weten.
David, de profeet en psalmist wist hoe het voelde!
Psalm 31 [32] vloeide voort uit Davids zonde met Bathseba of vanuit een andere misstap en
het laat zien dat hij wist hoe het voelde om
God te hebben als zijn Almachtige Rechter.
Maar hij ervoer ook vreugde en
de opluchting van Gods vergeving.
Hij instrueert ons, zodat we
de zegeningen van Gods vergeving
kunnen ervaren.

De Genade van vergeving,
die wij in het Mysterie van de Biecht ontvangen
dienen ons aan te zetten om onze zonden belijden.

Deze psalm komt voort uit de grote angst van David’s hart
toen hij gebukt ging onder de last van zijn schuld.
Het leert ons dat:
1.]. Om de Genade van vergeving te ervaren, dienen we tevens de last van schuld te ondervinden.
Wat is er in onze tijd gebeurd met het schuldgevoel.
Ik vrees dat het ons ontgroeid is, dat het verworden is tot een vergeten emotie.
In plaats van ons schuldig te voelen wanneer we misstappen begaan,
beginnen we de redenen voor onze acties te rationaliseren/beredeneren.
Het zal je opgevallen zijn dat David niet zegt:
Hoe zalig is de mens,
wiens in zijn jeugd opgelopen problemen zijn vergeven en
wier ontkenning en ziekmakende verschijnselen, die
hij van anderen heeft overgenomen, worden gedekt.
Hoe zalig is de mens aan wie de Heer het niet toerekent dat
hij de lijn van aanvaardbaar gedrag heeft overschreden
“.
David wist terdege dat hij fout zat en gezondigd had;
hij voelde diep van binnen de schuld van zijn verkeerde handelingen.
Zijn schuldgevoel was de reden dat hij zich lichamelijk ziek voelde.
Omdat ik zweeg teerden mijn beenderen weg,
de scherpe doorn die mij steekt,
drukt mij terug in mijn ellende
“.
Ps. 31 [32]: 3-4 en vergelijk dit dan met:
Vertrouw op de Heer, doe het goede, bewoon de aarde;
en gij zult gevoed worden door haar rijkdom.
Schep vreugde in de Heer:
Hij vervult het verlangen van uw hart.
Openbaar de Heer uw weg en vertrouw op Hem,
want Hij zal het doen.
Dan zal Hij uw gerechtigheid doen stralen als licht,
uw oordeel als de zon op de middag.
Onderwerp u aan de Heer en
richt op Hem uw gebeden
“.
Psalm 36: 2-8

H. Maria van Egypte is het verhaal van de berouwvolle zondares, die de rest van haar leven in de woestijn bleef rouwen2.]. Schuldgevoel is
een geschenk die op je blijft drukken.
Het is die Genade van Gods vergeving die
de meeste van degenen die de schuld van hun zonden het diepst hebben ervaren, waarderen.

Vandaag zouden we waarschijnlijk
een ​​vertrouwenspersoon uit zoeken
en via therapie trachten uit te zoeken
wat er met iemand mis is.
God echter bereid een mens voor om het wonder van Zijn genade bekend te maken,
daar kan geen therapeut tegenop.
We ervaren de last van schuld en kunnen niet echt als David uitroepen:
Zalig de mens aan wie de Heer de zonden niet toerekent, wiens zonde bedekt is!“.
De schuldenlast zet ons op de zoektocht naar de Genadegave van vergeving.
Leg je dus niet zomaar neer of laat je niet afleiden door hedendaagse oplossingen, maar
blijf zoeken naar datgene wat je werkelijk rust geeft.
Het levenschenkende KruisDeze weg leidt zonder meer naar
het leven-schenkende Kruis,
waar je Gods grenzeloze barmhartigheid zult vinden.
Daarom begint Psalm 31 [32] net zoals Psalm 1
– met een meervoudsvorm die
als volgt wordt weergegeven:
Zalig zij, wier overtredingen zijn vergeven
en wier zonden zijn bedekt
“.
en gaat verder met:
Zalig de mens aan wie de Heer de zonde niet toerekent en in wiens mond geen bedrog is“.

3.]. De Genade van Gods vergeving is overweldigend.
De Genade, Die de persoon die Gods vergeving ervaart kan als volgt worden omschreven:
a.]. De Genade van een rein geweten [Psalm 31 [32]: 1-2].
David maakt gebruik van vier Hebreeuwse woorden voor zonde en
drie woorden voor vergeving die ons helpen te begrijpen wat
het betekent om een ​​zuiver geweten voor God te hebben.

– Zonde kunnen we omschrijven als:
• “overtreding”, als de rebelse houding, het weigeren om de rechtmatige autoriteit te erkennen.
God heeft bepaalde grenzen gesteld aan het menselijk gedrag, hetgeen ons goed en welvarende samenleving oplevert. Wanneer we die grenzen gaan overschrijden; dan weigeren we ons te onderwerpen aan Gods rechtmatig Gezag over ons leven.
• “Zonde” = het missen van het doel. Terwijl een overtreding de schending van een bekende wet inhoudt, wordt als zonde datgene beschouwd datgene wat God ons ten doel heeft gesteld;
slaan we de plank wat dat betreft mis, dan missen we het doel wat we dienen te bereiken.
• “ongerechtigheid” [vervormd, niet menselijk]. Het heeft de nuance van krom wat recht is, tot dwalende op de juiste weg. Elke keer dat je iets hebt gedaan steekt het onrecht dat je begaan hebt.
•”Misleiding” = bewust wegstoppen, leugen, hypocriet gedrag . Proberen om een ​​vals beeld te vormen, zodat je er toch goed uitzien, zelfs wanneer je weet dat dit niet het geval is.

Met die woorden over de zonde blijkt dat we allemaal schuldig zijn ten opzichte van God.
Maar de woorden van David om vergiffenis te krijgen
tonen ons wat het betekent om
een ​​zuiver geweten voor God hebben.

Woorden om vergeving te verkrijgen:
“Vergeven” = overdragen, overnemen van, uit of weg nemen een last.
Onze zonde is een last die God Zelf draagt ​​of weg-, overneemt.
Wij zijn allemaal bekend met de term “zondebok”.
Een zondebok neemt de schuld over en iedereen gaat vrij uit.
De term komt van het Hebreeuwse offersysteem.
De hogepriester kiest een geitenbokje uit, legt zijn handen op het hoofd van dit dier en
belijdt de zonden van het volk, waardoor, op ceremoniële wijze de zonde van het volk op het geitenbokje werd overgedragen. Het dier werd daarna de woestijn in gestuurd als
een beeltenis hoe God hun zonden met het dier mee wegvoert.

b.]. Dit offersysteem is een voorafbeelding van
Jezus Christus aan het leven-schenkende Kruis.
De zondebokHij was de perfecte en
laatste zondebok voor onze zonden.
Hij droeg onze zonden voor eens en voor altijd, zodat
wanneer we ons vertrouwen stellen op wat Jezus deed aan het Kruis, onze zonden zijn verdwenen.
• “Overdekt” = Bedekt of uit het zicht.
God legt onze zonden terzijde, uit Zijn zicht, wat
betekent dat Hij onze zonden nimmer zal aanvoeren in geval van een oordeel tussen Hem en ons.
Zo we in Christus zijn, met Christus zijn bekleed,
zijn onze zonden bedekt door Zijn bloed!
• “worden niet meegeteld” [“toegerekend“] = komen niet ten laste van onze rekening.
Dit is het werkwoord wat gebruikt is bij Gods handelen met Abraham:
En Abraham geloofde in de Heer, en God rekende het hem toe als gerechtigheid“, [boekte de schuld af].
Gen.15: 6
Zoals Paulus betoogt:
Nu wordt hem die werkt,
het loon niet toegerekend uit Genade, maar krachtens verplichting.
Hem echter, die niet werkt, maar zijn Geloof vestigt op Hem, Die de goddeloze rechtvaardigt,
wordt zijn geloof gerekend tot gerechtigheid, gelijk ook
David de mens zalig spreekt, aan wie God gerechtigheid toerekent zonder werken:
Zalig zij, wier ongerechtigheden vergeven en wier zonden bedekt zijn.
Zalig de man, wiens zonde de Heer geenszins zal toerekenen
“.
Rom.4: 5-8
Dit is wat God in Christus voor ons heeft bewerkstelligd.
Ons wordt een onbetaalbare schuld voor onze zonden toegerekend, maar Christus
betaalde deze aan het Leven-schenkende Kruis.
Wanneer we vertrouwen in wat Hij deed, scheld God ons de rekening volledig betaald kwijt en voegt zelfs de Gerechtigheid van Christus toe aan onze rekening!
De Augustijn-monnik Martin Luther zei:
Zonde heeft maar twee plaatsen waar het ook mag zijn; ofwel het kan met u zijn, zodat het op je schouders drukt of op die van Christus, het Lam van God.  Als je het nu zelf meedraagt, ben je verloren; Indien het echter op Christus schouders rust [via het Kruis], ben je bevrijd en zal je gered worden“.
Wanneer je zonde bij Christus is gebracht, kun je onbezorgd genieten van
de zegen van een rein geweten.

De Genade van God is voor ons als een toevlucht en vreugde in
de beproeving die ons omgeeft” [Psalm 31 [32]: 6-7].
Dezelfde mens die in vers 4 klaagt dat “Gods hand dag en nacht zwaar op hem drukt“,
verklaart hier dat God zijn toevlucht en vreugde is.
Overwegende dat hij voordien God vreesde als zijn rechter, neemt hij nu in Hem, zijn toevlucht als zijn beschermer, Die hem omgeeft onder gezangen van bevrijding.
de grote watervloed - Noach's arkDe grote watervloed [Psalm 31 [32]: 6] verwijst naar Gods oordeel [bekend van Noach en de ark].
De mens die echter Gods vergeving heeft ervaren behoeft hoeft niet bang te zijn voor de vloed van Gods oordeel. Wat een Genade is dat, in plaats van God te ontlopen, we nu samen met God kunnen optrekken, wetende dat we veilig zijn.
De Genade van God wordt als een leidraad:
God zal ons begrip geven,
ons de weg leren die we dienen te gaan;
Hij zal ons in het oog houden“.
Psalm 31 [32]: 8-9

Sommigen begrijpen uit deze tekst dat David zijn lezers instrueert, zoals:
Breng aan God een offer van lof;
vervul voor de Allerhoogste uw beloften.
Roep Hem aan op de dag der beproeving,
dan zal Hij u bevrijden en gij zult Hem eren“.
Psalm 49 [50]: 13, 14
Ik geef er de voorkeur aan deze verzen op te vatten alsof God, Die spreekt
[vanwege de belofte dat Zijn oog op ons zal zijn].
Hoe dan ook, we hebben de belofte van God als leidraad als
een van de voordelen die ons van Zijn vergeving toekomt.
Deze verzen geven aan dat God, Zijn kinderen, de persoon die gevoelig is voor Hem, zal onderwijzen en begeleiden.
Indien wij onze zonden belijden en groeien in gevoeligheid naar Zijn Woord,
zal Hij ons leiden op al Zijn wegen.
We zijn niet te koppig en eigenzinnig, als een paard of muilezel zonder verstand, zodat
God een beetje de ruimte geeft om ons op ons  ruiterpad met leidsel en bit te begeleiden.
We zijn gevoelig geworden voor Zijn Genade, door Zijn Heilige Geest en Zijn Woord,
het ontwikkelen van een gevoelig geweten.
God zal die middelen gebruiken om de zondaar op het pad der Gerechtigheid te behouden.

De Genade van God’s Vreugde:
Verblijdt u in de Heer en juicht, gerechten;
jubel allen die oprecht zijn van hart
“.
Psalm 31 [32]: 10-11

David eindigt de psalm met het contrast waarbij hij de goddelozen, die veel verdriet ervaren, tegenover de rechtvaardigen zet, die worden omringd door
de onnoemlijk grote Liefde van de Heer.
De rechtvaardigen zijn niet degenen die nooit zondigen, maar
degenen die “oprecht  zijn van hart“, omdat zij hun zonden belijden;
Uw Geloof heeft u gered!
De gedachte van Gods Genade voor zondaars die het niet verdienen
veroorzaakt bij David een lofzang van vreugde.
De Hemelse Rechter heeft zijn besturende hamer doen neerdalen en stelt vast:
dat we in Christus niet schuldig worden bevonden
Je bent vrij van de gevolgen van je zonden, vrij van elke veroordeling, omdat
Christus de straf op Zich heeft genomen, heeft afbetaald.
Er is geen grotere vreugde dan te weten dat je zonden volledig zijn vergeven.
De Genade van Gods vergeving wordt ervaren wanneer wij Christus onze zonden belijden.
Wanneer wij weigeren ons tot de Heer te wenden verharden wij ons in onze trotse houding.
Wie zijn nek verhardt ondanks herhaalde vermaning,
wordt eveneens onherstelbaar gebroken“.
Spr.29: 1

Christus Pantocrator, I.M. Chilandar [Athos]Wij wenden ons tot een ​​priester, waarmee we voor Gods aangezicht komen en laten ons niet door schaamte weerhouden. We zeggen alles wat we openlijk of in ons hart misdreven hebben niet aan de priester maar aan God, Die bij het Mysterie van de Biecht tegenwoordig is.
Christus is onzichtbaar tegenwoordig en neemt onze belijdenis aan, zodat we vergiffenis verkrijgen van onze Heer Jezus Christus.
Zonde is in de eerste plaats tegen de Heer en derhalve dienen we dit via de priester te belijden aan Hem. De priester, die bij deze belijdenis bemiddelt, is zelf ook een zondaar en daardoor niet in staat om onze zonden te vergeven; dat kan alleen God.
Maar onze Heer Jezus Christus heeft na Zijn Opstanding tot de Apostelen gezegd:
Wier zonden gij zult vergeven, hun zijn ze vergeven:
wier zonden gij zult behouden, die blijven behouden
“.
In vertrouwen op dat woord mag de priester,
in de apostolische opvolging, eveneens zeggen:
Alles wat je aan zijn geringheid hebt toevertrouwd en
wat je uit onwetendheid niet gezegd hebt, dat mag God je vergeven,
zowel in deze als in de toekomende tijd
“.
God zal op grond van bovenstaande woorden, derhalve
al de dingen vergeven, die je God beleden hebt via de priester, zodat
je als niet-veroordeeld voor Zijn vreeswekkende rechterstoel komt te staan en
niet langer angst behoeft te hebben voor de zonden, die je beleden hebt.

Geen zonde is te groot om vergeven te worden.
Wanneer je oprecht je zonden beleden hebt en je jezelf nog steeds schuldig voelt,
is dit niet de Heer, maar de gevallen engel, die je lastig valt.
Het bloed van het Lam heeft volledig voldaan aan de eisen van Gods gerechtigheid.
We dienen datgene wat ons nog bedrukt van ons afwerpen, zoals elke aanvechting en
dienen rust te vinden in de belofte van God, dat Hij getrouw en rechtvaardig is om
al onze zonden te vergeven wanneer we deze aan Hem hebben beleden.
Wij zijn open en eerlijk geweest voor God en accepteren daarmee de verantwoordelijkheid,
hetgeen betekent dat je in Zijn kracht bereid bent de zonde te verzaken.
Wie zijn overtredingen bedekt, zal niet voorspoedig zijn;
maar wie ze belijdt en nalaat, die vindt ontferming.
Welzalig de mens die gedurig vreest, maar
wie zijn hart verhardt, valt in het onheil
“.
Spr.28: 13,14
Het is een schijnvertoning om je zonde te belijden als
je niet van plan bent of de bereidheid hebt om deze achter je te laten.
Het kan nodig zijn om dat feit te belijden en de begeleidende woorden van de priester
kunnen je raad geven hoe je hier verder mee om dient te gaan. Je hebt immers niet oprecht gebiecht wanneer je niet op zoek gaat de zonde uit je leven te verdrijven.
Het accepteren van de verantwoordelijkheid voor de zonde
kan ook inhouden dat je de ander die je je onrecht hebt aangedaan
je misstappen belijdt.
Wanneer je tegen iemand anders hebt gezondigd, belijd je dit eerst aan God, maar
vervolgens ga je naar de persoon en belijdt je hen de zonde en zoekt hun vergeving.
Op die manier is je geweten zichtbaar voor zowel God als de mens;
het kan immers nodig zijn om de ander datgene wat je ontnomen hebt te vergoeden.
Zo wordt de Genade van  Gods vergeving als compleet ervaren.
Je zonde erkennen impliceert dit voor God te erkennen en
het uitvloeisel van je fouten op je te nemen.

Orthodoxie & gebed

Christus, wees het lLcht op onze wegGij zijt het licht der wereld.
Een stad, die op een berg ligt, kan niet verborgen blijven.
Ook steekt men geen lamp aan en zet haar onder de korenmaat, maar
op de standaard en zij schijnt voor allen, die in het huis zijn.
Laat zo uw licht schijnen voor de mensen, opdat zij uw goede werken zien en uw Vader, die in de hemelen is, verheerlijken.
Meent niet, dat Ik gekomen ben om de wet of de profeten te ontbinden;
Ik ben niet gekomen om te ontbinden, maar om te vervullen.
Want voorwaar, Ik zeg u: Eer de hemel en de aarde vergaat,
zal er niet een jota of een tittel vergaan van de wet, eer alles zal zijn geschied.
Wie dan een van de kleinste dezer geboden ontbindt en de mensen zo leert,
zal zeer klein heten in het Koninkrijk der Hemelen; doch
wie ze doet en leert, die zal groot heten in het Koninkrijk der Hemelen“.
Matth.5: 14-19

De theologische traditie van de orthodoxe kerk houdt ons voor dat
het Koninkrijk van der Hemelen uit het hier en nu bestaat, uit de toekomst van de gehele mensheid en de gehele geschapen wereld.
Orthodoxe christenen geloven dat het Koninkrijk van God tevens aanwezig is in de Kerk en
dat het door een wisselwerking hiermee aan de gelovigen wordt meegedeeld.

Gij, Die vuur zijt, verlicht mij met Uw LiefdeSoms stel ik me zo voor dat ik Gods telefoonnummer aan het kiezen ben om Hem te vertellen wat ik Hem werkelijk wil zeggen.
Het is een manier om door te dringen tot God, door zodra ik verbinding hebt gelegd,
ik het gevoel krijg dat dit het juiste moment is om over te brengen wat ik nu precies wilde laten weten.
Het is een andere manier dan de meeste andere mensen die creatief omgaan met
gebeden uit een gebedenboek, door deze
bijvoorbeeld in te korten.
Dus ‘s morgens en ‘s avonds [’s nachts] leg je even verbinding, hetgeen ongeveer een half uurtje in beslag kan nemen of
minder en je eventjes kunt bijpraten.
In de wereld van vandaag beschikt niet iedereen over de tijd om dat te doen.
Veel christenen, ook orthodoxe, weten gewoon niet wat
ze in een gesprek met God zouden moeten zeggen.
Maar er zijn ook mensen die misschien een beetje langer de tijd hebben en
een groter deel van de dag ter beschikking hebben.
Zeker wanneer je de geschriften van de negentiende-eeuwse orthodox-religieuze figuren bekijkt die specifiek vastleggen hoe je, als een leek, de orthodoxe spiritualiteit beleeft en
deze eigenlijk als leidraad kunt beschouwen.
Ze zeggen dat je eigenlijk niet meer moet zeggen dan nodig is.
Dus een verkorting van het gebed is een andere veel voorkomende manier om
creatief met gebed om te gaan.

kloostergebed, dag en nacht, onafgebrokenEen andere methode is de wijze waarop de mensen hiermee omgaan is dat ze niet noodzakelijk zelf gebeden uitspreken.
Zij kunnen dit gewoon aan anderen, die wel tijd hebben, delegeren.
Dat is niet het geval voor de dagelijkse gebeden – je bidt of je doet dit niet.
Maar als je een bepaalde intenties [bedoelingen] of zorgen hebt,
wanneer je een bepaalde ziekte hebt of een familielid een bepaalde ziekte heeft,
dan heb je gewoon geen keuze, bij wie, die je zo nabij is, kun je anders terecht.
Bijvoorbeeld, je gaat zelf tegenover een bepaalde icoon staan, van een heilige, die
bekend staat om behulpzaam te zijn bij een bepaalde ziekte en
vraagt de heilige om bij Christus een goed woordje voor je te doen, om je te genezen.
Of je kunt geld doneren aan een klooster, met deze specifieke icoon en vraagt of ze dagelijks een dienst willen doen in de vorm van een akatist of gebed en je geeft hen de naam van jezelf of je familielid.
Er bestaat namelijk het idee dat bepaalde [monastieke] mensen, hetzij vanwege hun spirituele verdiensten, of gewoon vanwege hun positie, beter zijn in het gebed, dat God hen beter verhoort, dat God hen sneller verhoort.
Op die manier kun je het verzoek om gebed/voorspraak delegeren aan die mensen en
heb je de hoop dat door hun voorspraak jouw zaak zal worden bevorderd.

Moeder Gods [Portaitissa], Zij, Die de weg wijstEen gebed dat is vooral populair
onder orthodoxe vrouwen van dit ogenblik is
de orthodoxe versie van het in het westen bekende “Wees gegroet Maria . . . . .”:
Maagd, Die God gebaard hebt, verheug U.
Hoog-begenadigde Maria, de Heer is met U.
Gij zijt de meest gezegende en
gezegend is de vrucht van Uw schoot,
want Gij hebt ons gebaard
de Redder onzer zielen
“.
Het is een vrij korte tekst en het is iets dat de mensen vanuit het hart kennen.
Veel mensen kennen ook de melodie die ermee gepaard gaat, zodat ze het daadwerkelijk kunnen zingen.

christ (1)Het ‘Jezus gebed’ of ‘het gebed van het hart’ is
bij buitenstaanders meer omstreden.
Het bestaat uit een kort verzoek:
Heer Jezus Christus, Zoon van God,
heb medelijden met mij, zondaar
” en
het heeft nogal een legendarische status in
de gehele orthodoxe wereld, met name
de monniken van de berg Athod [Gr.] en
tot op zekere hoogte ook die in de westerse wereld,
zodat er zeer toegewijde spirituele mensen zijn
die dit gebed voortdurend in hun hart meedragen.
Dit kleine verzoek [stilte] moment omvat veel meer dan het idee dat je hele leven voortdurend dicht bij Jezus is en een beroep doet op Jezus,
het is een verkorte Geloofsbelijdenis.
Maar er zijn ook discussies gaande of het wel zo goed is om dit als leek te praktiseren;
het zou alleen iets voor kloosterlingen zijn om te doen.
Prayer RopeWanneer u probeert om dit als leek te doen, zou je verstrikt kunnen raken in
je spirituele ontwikkeling en het leven zoals het is z’n vrije loop laten.
Een deel van degenen die het in de praktijk brengen heeft een meer uitgesproken mening
die zijn meer in het Jezus gebed geïnteresseerd en
het gebruiken als meditatiegebeuren tijdens een dienst in een kerkgemeenschap,
dan de eigenlijke ambitie het ‘zonder ophouden’ hun gehele leven te gebruiken.
Het is een kwestie waarover verschillende orthodoxe christenen verschillende meningen hebben.

Want wij hebben geen hogepriester, die niet kan meevoelen met onze zwakheden, maar
Een, Die in alle dingen op gelijke wijze [als wij] verzocht is geweest, doch zonder te zondigen.
Laten wij daarom met vrijmoedigheid toegaan tot de Troon der Genade, opdat
wij barmhartigheid ontvangen en Genade vinden om hulp te verkrijgen te gelegener tijd
“.
Hebr.4: 15-16
En dit is de vrijmoedigheid, die wij tegenover Hem hebben, dat Hij, indien
wij iets bidden naar Zijn Wil, ons verhoort.
En indien wij weten, dat Hij ons verhoort, wat wij ook bidden,
weten wij, dat wij de beden verkregen hebben, die
wij van Hem hebben gebeden
“.
1John.4: 14-15; verg. Matth.7: 7-8; Phil.4: 6
Een relaties wordt opgebouwd door middel van goede communicatie.
Gods Woord onthult dat Hij naar ons luistert en onze verzoeken beantwoordt in
overeenstemming met Zijn wil en onze belangen.
Hij wil dat wij Zijn liefde beantwoorden.
We spreken tot God in onze gedachten en in onze gebeden en
Hij spreekt op Zijn beurt tot ons door Zijn Woord, Zijn Geest en Zijn dienaren.
Hieraan onderkennen wij, dat wij Hem kennen:
indien wij zijn geboden bewaren.
Wie zegt: Ik ken Hem, en Zijn geboden niet bewaart, is een leugenaar en in die is de waarheid niet: maar wie Zijn woord bewaart, in die is waarlijk de liefde tot God volmaakt.
Hieraan onderkennen wij, dat wij in Hem zijn.
Wie zegt, dat hij in Hem blijft, behoort ook zelf zó te wandelen, zoals
Hij gewandeld heeft
“.
1John.2: 3-6; verg. 1John.3: 22
Een kaars verliest geen licht, door een ander licht te gevenAangezien wij de ontvangers zijn van Gods Liefde
verwacht Hij dat wij deze Liefde delen met anderen.
Christus zei dat Zijn volgelingen door de eeuwen heen
herkenbaar zouden zijn aan die Liefde.
Een nieuw gebod geef Ik u, dat gij elkander liefhebt;
gelijk Ik u liefgehad heb, dat gij ook elkander liefhebt.
Hieraan zullen allen weten, dat gij discipelen van Mij zijt, indien
gij deze Liefde hebt onder elkander
“.
John.13: 34-35; verg. 1John.4: 11
Hieraan onderkennen wij, dat wij de kinderen Gods liefhebben, wanneer
wij God liefhebben en Zijn geboden doen.
Want dit is de Liefde Gods, dat wij Zijn geboden bewaren.
En Zijn geboden zijn niet zwaar
“.
1John.5: 2-4
     Johannes legt hiermee uit dat God van ons verwacht dat
wij onze liefde tot God en anderen delen/overbrengen door Zijn geboden te onderhouden.
Het leven van Jezus Christus is een voorbeeld van hoe wij ons leven dienen in te richten.
Jezus onderhield Gods geboden [John.5: 10].
Hij behaagde God vanwege Zijn gehoorzaamheid en
Zijn verlangen om de Wil van God te doen.

?????????????????Ik hoop dat Mijn Heer en Meester u eveneens
Genade geeft om de weg te gaan
die zo velen gingen, de weg naar Hem toe.
Je schaamt je misschien voor wat je tot
nog toe in je leven hebt misdaan, maar
bij Hem ben je altijd welkom.
David, die ook het een en ander achter de rug had,
de ons bekende profeet en psalmist belijdt hierover:
Ik zocht de Heer en Hij heeft mij verhoord,
Hij heeft mij bevrijd uit al mijn beproevingen.
Nadert tot Hem en wordt verlicht:
uw gezicht zal niet beschaamd worden“.
Psalm 33 [34]: 5
David kwam tot het besef dat hij zichzelf in de moeilijkheden had gebracht,
hij legde zijn zonden in gebed op Gods altaar neer.
Deze armzalige heeft geroepen en de Heer heeft hem verhoord;
Hij heeft hem verlost uit al zijn kwellingen“.
Psalm 33 [34]: 6
Ga op een rustig moment
voor uzelf deze psalmverzen eens lezen en
proeft en ziet dat de Heer goed is,
want zalig is de mens die
op Hem vertrouwt.

7e woensdag na Pinksteren – Orthodoxie & het onderling verbonden zijn

Een verbintenis aangaanMaar tot de overige mensen zeg ik, niet de Heer:
heeft een broeder een ongelovige vrouw, die
erin bewilligt met hem samen te wonen, dan
moet hij haar niet verstoten.
En een vrouw moet, als zij een ongelovige man heeft en deze erin bewilligt met haar samen te wonen, die man niet verstoten.
Want de ongelovige man is geheiligd in zijn vrouw en de ongelovige vrouw is geheiligd in de broeder.
Anders zouden immers uw kinderen onrein zijn, doch nu zijn zij heilig.
Maar indien de ongelovige haar verlaat, laat hij haar verlaten.
De broeder of zuster is in dit geval niet gebonden; tot vrede heeft God u geroepen.
Want hoe kunt gij weten, vrouw, dat gij uw man zult redden?
Of hoe kunt gij weten, man, dat gij uw vrouw zult redden?
Alleen, laat ieder zo leven, als de Heer hem toebedeeld heeft, zo,
als God hem geroepen heeft.
Zo schrijf ik het in alle gemeenten voor.
Is iemand als besneden geroepen, hij late het niet verhelpen;
is iemand als onbesneden geroepen, hij laat zich niet besnijden.
[Want] besneden zijn betekent niets, en onbesneden zijn betekent niets, maar
wel het houden van Gods geboden.
Ieder zal blijven bij die roeping, waarin hij was, toen hij geroepen werd.
Zijt gij als slaaf geroepen, bekommer u daarover niet, maar
als gij ook vrij kunt worden, maak er dan te meer gebruik van.
Want de slaaf, die in de Heer geroepen werd, is
een vrijgelatene van de Heer; evenzo is hij, die
als vrije geroepen werd, een slaaf van Christus.
Gij zijt gekocht en betaald.
Weest geen slaven van mensen.
Broeders, iedereen zal voor God in die toestand blijven, waarin
hij werd geroepen“.
1Cor.7: 12-24

Άγιο ΠοτήριοDe christelijke verbintenis vraagt
om bijbehorende trouw, standvastigheid en oprechte vastberadenheid.
In eerdere passages stelt, niet Christus, maar de apostel Paulus voor ons christenen basisregels op met betrekking immoraliteit onder de gelovigen en ongelovigen.
Hij begint daarbij met de ons zo bekende verbintenis van het huwelijk.

Het menselijk verstand schiet tekort om de volle omvang en waarheid met betrekking tot de hemelse verbintenis tussen Christus en Zijn Gemeente te verstaan.
Het is een zéér bijzondere, persoonlijke verbintenis.
Al was het alleen maar, omdat de uiterst heilige God het wijs en nodig heeft geacht om
voor Zijn Zoon Jezus een Bruid te zoeken uit mensen, die diep verloren waren in hun zonden, misdaden en ongerechtigheden en degenen die Jezus willen aannemen.
God zal namelijk op een heel speciale wijze in die verbintenis aanwezig zal zijn.
De muren en poorten van het nieuwe Jeruzalem, is de versierde bruidEn ik, Johannes, zag de heilige stad,
het nieuwe Jeruzalem, nederdalende van God uit den hemel, toebereid als een bruid, die voor haar man versierd is.

En ik hoorde een grote stem uit den hemel, zeggende:
Ziet, de tabernakel Gods is bij de mensen, en Hij zal bij hen wonen, en zij zullen Zijn volk zijn, en  God Zelf zal bij hen en
hun God zijn . . . . . 
En ik zag geen tempel in dezelve; want de Heer, de almachtige God,
is haar tempel, en het Lam.

En de stad behoeft de zon en de maan niet, dat zij in dezelve zouden schijnen; want
de heerlijkheid van God heeft haar verlicht, en het Lam is haar Kaars“.
Openb.21: 2-3, 22-23

De heilige Paulus onderzoekt allereerst de trouw, dan de onderlinge verhouding tussen
de gelovige en de niet-gelovige, de verbintenis als dienst aan God en degenen, die
zich met hun hele wezen met God verbonden hebben.
Met het oog op de gevallen van ontucht moet ieder
zijn eigen vrouw hebben en iedere vrouw haar eigen man“.
1Cor.7: 2
De apostel vermaant de gelovigen op het basis principe de echtelijke trouw; standvastig
te blijven ten aanzien van de gelofte die je  met oprechte vastberadenheid hebt afgelegd.
Gezien de morele laksheid in de wereld, de maatschappij, die
je achter je hebt gelaten, waar ontucht en overspel gemeengoed waren,
stelt Paulus de vraag om de zuiverheid van iedere verbintenis die
je aangaat in stand te houden en
dit als de hoogste prioriteit te beschouwen.
God kent geen ja en nee, maar bij God is ‘ja’, ja en Zijn ‘nee’ is nee.
De moraal van deze wereld beweegt zich onophoudelijk in de richting van je hier van te distantiëren [los  te maken] en stelt zich regelmatig op tegen onze inspanningen ten aanzien van het houden van geloften; dit ondanks de overvloedige voorbereidingen die families vandaag de dag aan bruiloften besteden, dienen we speciale aandacht te besteden aan de apostolische leer met betrekking tot Trouw.

In de eerste plaats herinnert Paulus ons aan het volgende:
Jullie zijn gekocht en betaald. Verheerlijk God dan
met je lichaam en in je geest, die immers van God zijn“.
1Cor.6: 20
Aan het begin van iedere Orthodoxe verlovingsdienst, wordt elke partner gevraagd:
“….. [naam], heb je de eerlijke, niet-afgedwongen wil en het vaste voornemen om ….. [naam] die hier bij je staat tot je echtgenote te nemen?“.
Ook bij de doop volgt iedere standvastige christen de apostel bevel om “God te verheerlijken” met “een goede, vrije, ongedwongen wil en een vast voornemen“.
God heeft ons immers gekocht “tegen een prijs” en
we worden in de doop met Christus kruis bekleed. Trouw aan Hem is onze manier van leven.
Inderdaad verenigt onze doop gelofte ons met Christus en
vraagt om een levenslange inzet van loyaliteit.
Alle onlosmakelijke trouw van het huwelijk, houdt de zuiverheid van onze relaties in.
Het houdt de verwerping in van oneerlijk gedrag, van ontucht en overspel,
het gaat immers uit van een hart dat verlangt God te verheerlijken
zowel naar lichaam als  geest.
Ongetwijfeld is die wil om God te verheerlijken een Genade die wij van Hem hebben ontvangen.
Hij bereidt de hulp voor aan allen die Zijn hulp, die onze dankbaarheid vraagt als
gevolg van de voor ons betaalde prijs.
Op zodanige wijze eren wij God en respecteren Zijn gave van trouw.
De apostel Paulus adviseert de personen, die
elkaar in de verbintenis “genegenheid beloven
elkaar als tot onze echtgenoot te maken en
zelfs “gezag over” over ons eigen lichaam te geven.
1Cor. 7: 3-4.
In feite worden al onze rechten in onze doop aan de Heer Jezus overgedragen.
Zelfopoffering betekent helemaal niet dat men zichzelf dient ‘op te offeren’.
Zelfopoffering betekent dat men een kracht aanboort die
een mens in staat stelt het op-zichzelf-gerichte ego te ‘overstijgen’ om
ten dienste te staan van anderen.
Burgerlijke Zelfopoffering, wordt begrepen en beoefend vanuit de context van
te worden bedreven ten opzichte van de Heer en draagt ​​bij aan de trouw in elke relatie, zodat het beloven “genegenheid” zowel God eert als de echtgenoot.
Wacht nog evenWanneer de kronen tijdens de huwelijksceremonie worden verwijderd,
bidt de priester dat de nieuwe huwelijksband onverbrekelijk zal worden bewaard.
Laten we dit echter ook niet verkeerd begrijpen.
Wanneer er geschreven staat dat men zichzelf moet trachten te ‘overstijgen‘,
wordt niet bedoeld dat men zich
compleet dient weg te cijferen‘.
Zelfopoffering zorgt er voor dat men het ego doorbreekt maar dit mag er niet toe leiden dat men de eigenwaarde laat verbrijzelen.
De Kerk erkent daarom dat echtelijke en familie situaties soms zo
destructief, gewelddadig  of vernederend kunnen  zijn dat
echtscheiding de voorkeur heeft.
Echter verbreking van de [echt-]verbintenis wordt gezien als een minderwaardige keuze,
op basis van persoonlijke economia [d.w.z. een maatregel die erop gericht is
een zo gunstig mogelijke oplossing te bieden].
Voor Paulus is het verbreken van de verbintenis nooit een kwestie van onverschilligheid.
Hij dringt erop aan dat de beste optie voor degenen die de verbintenis heeft verbroken
om “geen nieuwe verbintenis meer aan te gaan“.
1Cor. 7: 11
Bovenal worden orthodoxe gelovigen medegedeeld
te streven naar de oproep van God te beantwoorden.
Op deze manier kunnen we verlichten
het “Mysterie . . . . . met betrekking tot
Christus en de kerk ‘voor de wereld’“,
die er toch niets van snapt.
Eph.5: 32

De eerste Liefde
Orthodox Christian Christmas eve procession and prayers in BethlehemIeder blijve bij die roeping, waarin
hij was, toen hij geroepen werd

1Cor. 7: 20
In het jaar 593 voor Christus een jonge slaaf leven in de Babylonische rijk zijn dertigste verjaardag. Het had mogelijk geweest, dat hij overeenkomstig de traditie van zijn vader, het juk van het beroep van priester
op zich genomen had, maar
dat was niet het geval.
In plaats daarvan had God Zijn hand op hem gelegd met
het werk van een profeet onder zijn collega-slaven, die
Aan de stromen van Babylon zaten te wenen, bij de gedachte aan Sion“.
Psalm 136: 1
Deze jonge slaaf was de profeet Ezechiël [Ez.1: 1-3; 2: 1-8].

Sommigen van ons ontwaken, zoals Ezechiël, in de loop van het leven
teneinde tot de ontdekking te komen dat de hand van de Heer God op hen rust:
wij zijn leden van Zijn volk en geroepen om orthodoxe christenen te zijn.
Wanneer onze “eerste liefde” [Openb.2: 4] helder wordt,
worden we bewust gedwongen om onze levens en relaties
opnieuw onder de loep te nemen in het licht van
de aanspraak, die God op ons maakt.
Ook de apostel Paulus roept ons op om ons leven,
ons doel en Gods roeping op ons in Christus te overwegen.
Of we al in de kinderschoenen met de Heer waren verenigd en bewust in Zijn Kerk zijn opgegroeid, of dat we als volwassenen tot het christelijk Geloof werden getrokken maakt weinig verschil.
Wanneer het bewustzijn van onze roeping door God, door de genade van de Heilige Geest, in ons ontwaakt en de wens “in de Heer te verblijven” [John 15: 4] wortel schiet,
dan valt dit alles onder de goddelijke verwachting dat
de eerste dingen echt “de eerste” dienen te zijn.
God roept ons op om de strijd van standvastigheid en trouw aan te gaan
op welke punt we ons ook in dit leven bevinden.
Of we nu getrouwd zijn met iemand die ons geloof aanhangt of niet,
of je ouders of kinderen ongelovig zijn of niet, het maakt niet uit,
je wordt geroepen.
Want de slaaf, die in de Heer geroepen wordt, is een vrijgelatene van de Heer;
evenals hij, die als vrije geroepen wordt, een slaaf van Christus wordt.
Gij zijt gekocht en betaald
“.
1Cor.7: 22
De apostel Paulus bevestigt het oppergezag van onze identiteit als christenen.
Het maakt niet uit wat onze positie is in het leven.
De heerschappij van Christus over ons mag absoluut nimmer onderworpen zijn aan een compromis.

Zelfs wanneer in een relatie de een niet praktiserend christen is, of
behoort tot een andere religie of de Kerk heeft verlaten, zijn
we “geen slaven van mensen” [1Cor.7: 22].
We volgen niet de relaties om ons heen, maar Christus onze Meester.
Als verkeerde ideeën, praktijken en eisen van een geliefde relatie
inbreuk maken op onze oproep in Christus, herinneren wij ons aan wie wij toebehoren en
aan wiens wensen we tegemoet dienen te komen.
Toch dienen relaties niet afgebroken te worden om die reden alleen.
Zelfs als de relatie het christelijk Geloof veracht, dienen we zo lang als
onze partner “bereid is om met ons te leven” [1Cor.7: 12] bij elkaar te blijven.
Paulus stelt dat we de onmetelijke goede mening dienen te vertegenwoordigen dat
God door middel van onze relatie met ongelovigen die dicht bij ons zijn,
vooral een echtgenoot of familielid, veel kan bereiken.
“Want wie weet . . . . . of je je eigen partner zou kunnen redden?”
Bij God is alles mogelijk.
1Cor.7: 16

We dienen de taak op ons te nemen zoals die ons wordt aangeboden.
Wij nemen deel slechts deel aan het Goddelijk reddingswerk,
laat Hem dan het resultaat tot wasdom brengen.
De primaire taak voor ons als christenen is om de Heer te dienen en
vasthoudend te “blijven in dezelfde roeping waarin [we] genoemd” zijn
1Cor.7: 20
Als de ongelovige vertrekt, laat hem . . . . .
God heeft ons geroepen om de vrede te bewaren“.
1Cor.7: 15
Vertrek kan betekenen in eenzaamheid achter te blijven, of
zoals Johannes Chrysostomos het noemt
een poging om “deelname . . . . .  aan de goddeloosheid op de rekening van uw huwelijk“.
In zo’n geval laten we de ander gaan, in Christus in alle vrede met God en
anderen voor zover we daartoe in staat zijn en
bevelen wij aan Christus God onszelf,
elkaar en geheel ons leven aan
“.
uit: de vragende litanie

Maar ik wilde wel, dat je zonder zorgen zou zijn . . . . .
dat je jezelf met onverdeelde toewijding aan de Heer kunt toewijden“.
Paulus herinnert ons eraan
1.]. dat we werden “gekocht tegen een prijs” [1Cor.6: 20];
2.]. dat we onophoudelijk streven “God te verheerlijken” [1Cor.7: 23] en
3.]. Christus als Zijn waardige slaven onderdanig zijn [1Cor.7: 21-22].
En dit ongeacht de plaats waar we ons op deze aardbol bevinden,
onze gezinssituatie of ons al dan niet werkzaam zijn,
we dienen de Genade, Die wij tenslotte in Christus hebben ontvangen
te gebruiken om “de Heer te behagen” [1Cor.7: 32],
want Hij regeert als soeverein vorst over alles.
God dienen is de prioriteit van elke waarachtige christen.
Evenals de Kerk leven we in het verhoogde bewustzijn
van de komende wederkomst des Heren.
En Paulus herinnert ons eraan dat “de tijd kort is” [1Cor.7: 29].
Iedere dag wanneer we de geloofsbelijdenis van Nicea opzeggen,
verklaren wij:
Ik verwacht de Opstanding van de doden,
en het leven van de komende eeuwigheid“.
Misschien beschouwen we Zijn terugkeer niet als een dringende noodzaak,
ondanks het feit dat in het uur van onze dood – of wij bij de wederkomst van Christus –
in de vreze Gods met het laatste oordeel geconfronteerd zullen worden.
Het is beter voor ons om ons blijvend af te vragen hoe
we de Heer op dit specifieke moment zonder enige afleiding van dienst kunnen zijn [1Cor.7: 35].

De apostel Paulus biedt ons een uitgangspunt aan voor onze inzet.
1.]. We richten de aandacht op het dienen van de Heer in
de context van ons leven en de specifieke situatie.
2.]. We “blijven onophoudelijk met God in de situatie waarin we geroepen zijn
[1Cor.7: 24]. Als we een relatie hebben, “willen wij niet dat deze verbroken wordt . . . ”
als alleenstaande of gescheiden, “streven wij niet naar een partner“[1Cor.7: 27].
Integendeel, “het is goed voor een individu te blijven zoals hij is” [1Cor.7: 26].
Piekeren over een relatie aanknopen of hier alleen maar mee bezig zijn
vormen een afleiding van de primaire behoefte van dit leven en dat is
de Heer te behagen“[1Cor.7: 32].
Echter, de apostel begrijpt in alle wijsheid heel goed dat
niet iedereen in staat is om zich volledig te richten op het werk van de Kerk of
om voor de resterende tijd van het leven als maagd model te staan door Christus te volgen.
Paul voorziet hoe echter tevens dat de zorgen van het familiaire leven
ons “problemen in het vlees”  bezorgen;
– waarop hij openhartig meedeelt: “Ik zou dit u willen besparen“[1Cor.7: 28].
Natuurlijk benoemt hij het hebben van een intieme relatie niet zondig, want
zelfs als je getrouwd bent, heb je niet gezondigd” [1Cor.7:  28].
In plaats daarvan wil hij aan eenieder van ons benadrukken,
dat omwille van de Heer
het levenspad met de wereldse beslommeringen [bij de doop reeds] afgelegd is“.
1Cor.7: 31

De apostel toont ons het voor de hand liggende feit dat
er is een verschil tussen een individu en een maagd.
De ongehuwde geeft om de dingen van de Heer, opdat dit heiligheid brengt,
zowel naar lichaam als geest.
Maar zij die een relatie aangaan
worden belast met de zorgen over wereldse aangelegenheden
– bijvoorbeeld hoe “de partner te behagen“.
1Cor.7: 34

Of we nu een relatie hebben of alleenstaand zijn,
Paul spoort ons aan tot een leven waarbij de Blijde Boodschap voorop staat.
We zijn geroepen voor het werk van de Heer, waardoor onze primaire zorg hier naar uit dient te gaan.
Dus, in de ultieme zin “zelfs degenen die een relatie verlangen
dienen zich te gedragen alsof er geen intieme relaties bestaan
“.
cf. 1Cor.7: 29
Dit is de beste manier om ons leven op God gericht te houden
en ons bewust te zijn van de vergankelijkheid van dit aardse bestaan.
Zelfs indien we treuren, laten we niet vergeten dat alle dingen slechts stof zijn.
Zelfs degenen die vanwege een verlies rouwen zijn om dienen  te doen
“alsof ze niet treuren/huilen, degenen die zich verheugen, alsof ze niet blij zijn,
degenen die kopen alsof zij niets bezitten, en
degenen die in deze onstuimige wereld dienen te verblijven
dienen te doen alsof dit alles niet bestaat”
cf. 1Cor.7: 30,31
Voor onszelf die ons heden-ten-dage als volgelingen van de Heer beschouwen,
lijken deze adviezen van Paulus misschien radicaal.
Maar we zullen onafgebroken gezegend worden, wanneer
we de Heer indringend blijven dienen, want Hij is ons enige en ware leven.
Hij is namelijk als Enige in staat om ons uit de poel van het moeras te trekken
van deze materialistische wereld.
Christus zal ons niet aflaten leven-schenkend water te drinken geven
als leden van Zijn eeuwige familie zolang wij er naar streven om
de Heer zonder verstrooiing te dienen“.
1Cor.7: 35
Dit is hoe we “de Heer zonder verstrooiing onderdanig zijn“;
die waarheid en uitdaging vormt het fundament
van het verdere christelijk onderwijs.

kondakion van de reizende       tn2
Heiland, Gij Die Lucas en Cleophas naar Emmaüs hebt vergezeld,
reis nu ook mee met Uw dienaren/dienaressen,
die voornemens zijn op reis te gaan en
behoed hen voor alle rampspoed,
want Gij vermoogt alles wat Ge wilt,
want Gij hebt de mensen lief
“.

Het monastieke leven25 Jaar Kloosterleven in Asten
Nu stelt Paulus ons
voor de beoordeling van de keuze tussen twee uitersten in het leven:
het celibaat en relatie met een partner. De apostel nodigt ons uit om dieper te kijken naar onze roeping teneinde te erkennen hoe we in beide uitersten waardig kunnen zijn in de ogen van de Heer.
We zien dat de apostel niet probeert ons in onze keuzes te belemmeren, anders
dan in termen van datgene wat “juist” is [1Cor.7: 35].
De modus van de Blijde Boodschap weerhoudt elke christen van ongepast gedrag,
slechte gedachten en passies.
Paulus bevordert echter niet de éne staat boven de andere, behalve
als een praktische, nuttige en bruikbare reactie op datgene wat “spanning, angst of lijden veroorzaakt” [1Cor.7: 26], aangezien “als zouden zij niet ten einde toe van de wereld en
datgene wat zij biedt gebruik maken” [1Cor.7: 31].

De liefde van Christus dwingt ons terecht om in deze wereld te leven tot
de dood er op volgt of tot de Heer wederkomt.
Maar vanwege de gevallen staat, zal de wereld altijd de neiging oproepen
ons aan de gemeenschap met de Heer Jezus te onttrekken.

Hoe moeten we dan leven?
Is een relatie hebben een barrière, dienen we dit af te wijzen
wanneer we als christen willen leven?
Is het kloosterleven een of andere oplossing voor dit probleem?
Paulus overtuigt vaders ervan, dat zij niet in zonde vervallen wanneer
zij hun dochters ten huwelijk afstaan of hun zonen laten trouwen [1Cor.7: 36].
Ook de vader die zijn zoon of dochter blijft ondersteunen wanneer zij
de normale leeftijd van het huwelijk gepasseerd zijn “doet goed werk” [1Cor.7: 37].
Het probleem zit hem niet in de staat van leven welke we dienen te omarmen, maar
of we “standvastig zijn en blijven . . .” in ons hart “ten opzichte van de Heer” [1Cor.7: 37].

Waarom zou men er de voorkeur aangeven
een celibatair leven te leiden ten opzichte van een intieme relatie?
Het kan toch niet zijn dat de éne staat een grotere zuiverheid bezit dan de andere.
– Johannes Chrysostomos is sterk gekant tegen het maken van een verschil:
“Wanneer er mensen zijn, die gehinderd worden door het huwelijk staat,
laat hen dan weten dat het huwelijk niet de belemmering is,
maar het doel waartoe zij deze verbintenis aangaan,
door een slecht gebruik van het huwelijk te maken
“.
Preek no 7 over de brief aan de  Hebreeën.

– “De toekomst van de wereld is afhankelijk af van de menselijke maat“, zegt de theoloog Paul Evdokimov. “Het is nietde tegenzin van het huwelijkmaar de vervulling ervan dat
de echtgenoten leven overeenkomstig het bovennatuurlijke en de heiligheid van hun verbintenis . . . . De huwelijkse
kenosis‘ [het afstand doen van de eigen wil, het zelf] onthult haar geheim alleen in de ogen van God en aan niemand anders“.
De sleutel is, volgens Evdokimov, is de banaliteit van de huidige moderne samenleving die dit niet wenst te accepteren en zich alleen maar richt op de “losbandigheid van gelegaliseerde paring“.
Alleen daarom zouden we alleen al naar het kloosterleven dienen te vluchten
uit frustratie met onze corrupte en wellustige cultuur.
Aan de hand van de klassieke orthodoxe levenswijze, bevestigt hij dat
een evenwichtig ascese het leven van het lichaam en de ziel helpt te begrijpen,
van het celibaat ten opzichte van de gehuwde staat, hetgeen een levenskunst in de geest is; kuisheid staat aan het begin van deze twee uitingen
in een integraal christelijk humanisme, ten einde toe
– “het is Christus – de Hogepriester van het Mystieke en waarachtig huwelijk“.
Paul Evdokimov, ‘The Sacrament of Love’ , blz 163-67.

De apostellezing van vandaag bevestigt onze vrije beslissing om te trouwen of niet,
vanwege het “verblijven in de Heer“.
1Cor.7: 39
In Christus zijn en het huwelijk en het monnikendom één.
Wanneer dergelijke keuzes voor ons in het leven ​​open staan,
kunnen we ze alleen oplossen  door ons gebed tot Christus.

Dat ieder van ons welgevallig mag zijn voor u, als Zijn knecht
en  opstralen als een ster aan de hemel
in U, o Heer, onze God
“.
uit: gebed van de Dienst van het huwelijk

Orthodoxie & levenservaring opdoen

voetwassingIn het eerste hoofdstuk van Genesis lezen we dat
de mens is gemaakt naar Gods beeld en geroepen is te zijn als Hij.
Dit godsbeeld wordt, zoals de Kerkvaders het formuleren, vooral vorm gegeven door onze
intelligentie en vrije wil.
Want alzo heeft God de wereld lief gehad, dat
Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat
een ieder, die in Hem gelooft, niet verloren ga, maar
eeuwig leven zal hebben“.
John.3: 16
We zijn ons nooit helemaal bewust van hoe God Zich in ons leven manifesteert,                                                                                                              hoe actief Hij in ons bestaan een rol speelt.
We weten dat Hij er is:
Want in Hem leven wij, bewegen wij ons en
zijn wij, gelijk ook enige van uw dichters hebben gezegd:
Want wij zijn ook van Zijn geslacht“.
Hand.17: 28
Wij zijn in Hem en Hij is in ons, maar we zijn ons er alleen nooit helemaal bewust van
hoe hij er is, en wat Zijn drijfveren voor ons leven betekenen.

De Oudvaders deze waarheid van Zijn “onbegrijpelijkheid” herkend en
hebben dit op verschillende wijzen uitgedrukt, herinneren ons eraan dat we het kunnen aanschouwen, zoals Paulus het uitdrukte: “Want nu zien wij nog door een spiegel, in raadselen“.
1Cor.13: 12
Wij kunnen het niet helemaal bevatten, we vragen ons in feite af of we Hem er niet toe kunnen bewegen te doen wat wij zelf willen.
We proberen een “deal” te maken: als dit gebeurt, zal ik dit of dat te doen.
We maken ons geloof soms voorwaardelijk, Geloof dient echter te worden aanvaard ondanks datgene wat er om ons heen gebeurt en niet vanwege datgene wat er gebeurt.

H. Doop en H. MyronzalvingAls we, zoals bij de doop, op Christus vertrouwen en onszelf door bekering
blijven reinigen, worden we in staat gesteld om het Licht van Christus te reflecteren.
Ons onophoudelijk gebed dient te zijn:
Heer Jezus Christus, Zoon van God,
heb medelijden met mij de zondaar
“.
We zijn schepselen, we bezitten geen onafhankelijk bestaan.
We zijn allen afhankelijk van God en door Zijn Genade
kunnen we het Licht van Christus ons laten verheffen.
Dit is een geestelijke werkelijkheid, welke
door onze Heer Jezus Christus Zelf werd geopenbaard.
De waarde hiervan is ondoorgrondelijk; dit is een realiteit en waarheid.
De Kerk wordt wel een ziekenhuis genoemd die onze zwakheden kan genezen,
opdat onze ziel gezuiverd kan worden en
het leven in Christus in ons kan plaatsvinden.

uit het paradijs verdrevenNa de eerste menselijke val zijn we voorbeschikt om egocentrische keuzes te maken;
we worden als het ware geleid door onze hartstochten [eigen zinnige oordelen]
in plaats van keuzes te maken op basis van liefde tot de ander [naastenliefde, agape].
De heilige Isaäc de Syriër houdt ons voor:
Toegeven aan het vlees [de menselijke                                                                                             tekortkomingen],                                                                                                                                     veroorzaakt in ons schandelijke driften en                                                                                       onbetamelijke fantasieën . . . . .“.                                                                                                         Philokalia
Hartstochten komen voort uit het hart van de persoon.
Jezus vertelde ons:
Want van binnenuit, uit het hart der mensen, komen de kwade overleggingen,
ontucht, diefstal, moord, echtbreuk, hebzucht, boosheid,
list, onmatigheid, een boos oog, godslastering, overmoed, onverstand.
Al die slechte dingen komen van binnen uit naar buiten en maken de mens onrein“.
Marc.7: 21-23
Paulus schreef hierover:
Want toen wij in het vlees waren, werkten de zondige hartstochten, die
door de wet geprikkeld worden, in onze leden, om voor de dood vrucht te dragen“.
Rom.7: 5
De hartstochten kunnen hetzij vóór het huwelijk of na de echtelijke vereniging opgewekt worden. In beide gevallen leiden ze tot een keuze van de Ik-gerichtheid, het afgezonderd zijn of de zelfgenoegzaamheid over een rechtvaardig gepast vereniging.

Passies kunnen een individu ontvankelijk maken tot tweedracht tussen God en de mensheid.
Paulus waarschuwing betreft de onlosmakelijk verbonden aanval van de “demon” met
God en de naaste:
Het is duidelijk, wat de werken van het vlees zijn:
ontucht, onreinheid, losbandigheid, afgoderij, toverij, veten, twist, afgunst,
uitbarstingen van toorn, zelfzucht, tweedracht, partijschappen, nijd,
dronkenschap, brasserijen en dergelijke, waarvoor ik u waarschuw,
zoals ik u gewaarschuwd heb, dat wie dergelijke dingen bedrijven,
het Koninkrijk Gods niet zullen beërven

Gal.5: 19-21
the demons of the nightDe kerkvaders schrijven dit toe aan de demon van elke passie die nooit zal aflaten de vereniging met God en de mensheid onderuit te halen.
Een voorbeeld van hoe dit werkt kan ons begrip vermeerderen.
De demon van lust kan, zoals de kerkvaders ons voorhouden, ons leven toe-eigenen. De moderne samenleving faciliteert deze ziekte. Seks wordt overal op ons afgevuurd onder vrijwel alle mogelijke communicatiemiddelen: kunst, mode, muziek, nieuws, pornografie [met name internet] en bij de verkoop van vrijwel elk product van schoonmaak- en levensmiddelen, van auto’s tot computers. De aards gebonden wereld toont ons niet te ontkennen naakte lichaamsdelen, overwegend de genitale gebieden.
De kerkvaders waren duizend jaar geleden al bekend met zulke verlokkingen.
H. Izaak syros-1De Heilige Isaac van Syriër schreef:
Passies worden hetzij door beelden of sensaties opgewekt die beelden en het geheugen gebruiken, die in eerste instantie niet begeleid worden door gepassioneerde bewegingen of gedachten, maar
die op een later ogenblik een bepaalde uitwerking tot gevolg hebben“.
Een manier om met deze passies om te gaan, zo vervolgt de Heilige Isaac:
Je dient je gedachten aan niets anders
te hechten dan aan je eigen ziel . . . . .
“.

De mens heeft de vrijheid gekregen een onafhankelijke ​​keuze tussen Christus en
de demon te maken. Paulus stelt daarom:
Wie zal ons scheiden van de liefde van Christus?
Verdrukking of benauwdheid . . . of vervolging of honger . . . ,
of naaktheid . . . , of gevaar. . . , of het zwaard?
Gelijk geschreven staat:
Om Uwentwil worden wij de ganse dag gedood, wij zijn gerekend als slachtschapen.
Maar in dit alles zijn wij meer dan overwinnaars door Hem, die ons heeft liefgehad.
Want ik ben verzekerd, dat noch dood noch leven, noch engelen noch machten,
noch heden noch toekomst, noch krachten, noch hoogte noch diepte, noch enig ander schepsel
ons zal kunnen scheiden van de liefde Gods, welke is in Christus Jezus, onze Heer
“.
Rom.8: 35-39
Waakzaamheid en onderscheidingsvermogen zijn belangrijke deugden
die dienen te worden overgenomen door degenen die verlangen Christus inwoning in hen te doen plaatsvinden en om de macht van de passies overwinnen.
Ilias de Presbyter vertelt ons:
De demonen voeren in de eerste plaats
door middel van gedachten . . . . . oorlog tegen de ziel
“.
Philokalia
Idealiter plaatsen orthodoxe christenen een ‘spirituele woestijn’ voor zichzelf
teneinde zich af te zonderen van de “verlokkingen”, die
zo wijd verspreid worden in ons moderne leven.
De geestelijke dood treedt op
wanneer deze gedachten op het ‘Ik’ zijn gericht.

De Heilige Maximos de Belijder wist dit ook:
“Het liefde tot zichzelf en de slimheid van de mensen vervreemden zich van elkaar en
verdraaien de wet, Zij heeft onze enige menselijke natuur in vele stukken uiteengereten”.
De woorden van de Heilige Maximos zijn eens te meer van toepassing
wanneer we ons richten op de vereniging tussen God en onze hele mensheid.
Zonde veroorzaakt dat we ons buiten de gemeenschap plaatsen of
datgene wat de verdeeldheid met God en de naaste genoemd kan worden.
De Heilige Johannes Chrysostomus zegt:
“Heb je gezondigd begeef je naar de Kerk en belijdt je berouw voor je zonde, want hier is de arts, niet de rechter, hier wordt iedereen niet onderzocht, maar ontvangt vergeving van zonden van Hij, Die is, de Ene, waarachtige God”.

Wanneer de Kerk, als Lichaam van Christus,  de ‘arts’ is, dan dient daar de breuk met God en de naaste hersteld te worden, daar wordt de breuk hersteld en
wordt de mens weer gericht op God en Zijn Wil.
Zonde wordt aldus beschouwd een ziekte of gebrek zijn.
Door de genezing worden we weer naar een oude staat hersteld.

We weten dat deze genezing vindt plaats in de Heilige Doop, de Heilige Mysterie van Boete, De Heilige Ziekenzalving en het waardig ontvangen van de Heilige Eucharistie: het Heilige Lichaam en Bloed van Christus.
Johannes Chrysostomus herinnert ons in zijn Goddelijke Liturgie, van alles wat God voor ons deed: Hij neem ons vlees aan, het Kruis, het Graf en de Opstanding.
Het doel van dat alles is om ons met Hem te verzoenen:
Nadat wij gevallen waren hebt Gij onophoudelijk alles gedaan om ons in de hemel te leiden en hebt Gij ons weer doen opstaan
Άγιο ΠοτήριοWij worden er vervolgens aan  herinnerd dat Christus ons zei;
Neemt en eet, dit is Mijn Lichaam, Dat voor u gebroken wordt tot vergeving van zonden” en
Drinkt gij allen hieruit: Dit is Mijn Bloed van het Nieuw Verbond, Dat voor u en voor velen wordt vergoten, tot vergeving van zonden“.
Vergeving houdt in dat je je verzoent met Christus en de gehele mensheid.
De schrijver van de Blijde Boodschap Mattheus vertelt ons:
Maar Ik zeg u: Een ieder, die in toorn leeft tegen zijn broeder, zal vervallen aan het gerecht.
Wie tot zijn broeder zegt: Leeghoofd, zal vervallen aan de Hoge Raad, en
wie zegt: Dwaas, zal vervallen aan het hellevuur.
Wanneer gij dan uw gave brengt naar het altaar en u daar herinnert, dat
uw broeder iets tegen u heeft, laat uw gave daar, voor het altaar en
ga eerst heen, verzoen u met uw broeder en kom en offer daarna uw gave.
Wees vriendelijk jegens uw tegenpartij, tijdig, terwijl gij nog met hem onderweg zijt, opdat
uw tegenpartij u niet aan de rechter zal overleveren en de rechter aan zijn dienaar en
gij in de gevangenis wordt geworpen.
Voorwaar, Ik zeg u: Gij zult daar voorzeker niet uitkomen, voordat
gij de laatste penning hebt betaald
“.
Matth.5: 22-26

Het gaat om een ​​actieve gedragsinspanning in de richting van verzoening.
Trots is in deze een barrière tot bekering; Nederigheid daarentegen is de deur tot Berouw
– Heilige Johannes Climacos [van de Ladder] wijst erop:
“Trots zorgt er voor dat  we onze zonden vergeten . . . de herinnering aan hen leidt tot nederigheid”. – De Heilige Isaac de Syriër zegt dat: “de persoon die de kennis heeft bereikt van zijn eigen zwakheid de top van nederigheid heeft bereikt”.

Wanneer iemand die God of zijn naaste heeft beledigd dient hij zich te bekeren.
God en wij in navolging van Hem, dienen de berouwvolle zondaar met Gods eigen liefde te omarmen, teneinde hem te vergeven.
We dienen te bidden dat indien we of iemand ons of God heeft beledigd,
hij door Zijn Lichaam, de Kerk wordt verzoend met God en ons.
De basis van dit berouw is een gevoel van zijn ontrouw aan God en
de strafbaarstelling van ons, het berouw in het hart en de vastberadenheid dit te wijzigen,
het hebben van een metanoia, een fundamentele verandering van geest en hart
om niet weer in de fout te gaan en God daarmee te beledigen.
God onderkent het verschil tussen authentiek en onecht berouw.
Als deze kennis wordt misbruikt als rechtvaardiging voor de zonde, heeft er derhalve geen echte bekering plaatsgevonden, ongeacht hoeveel inzet er aan het gebed zou zijn besteed.
Wanneer de gevallen broeder echter als de dief aan het kruis tot Christus roept
zullen zij de vergeving van God verkrijgen.

belofte3Een wijs persoon heeft eens gezegd
dat  God niet kijkt waar we vandaan komen, maar waar we naartoe gaan.
Als het berouw voortkomt uit een verlangen naar een zuiver hart, zal de berouwvolle, ongeacht hoe vaak hij ook gefaald heeft,
God weten te vinden.
Zalig de reinen van hart,
want zij zullen God zien
“.
Matth.5: 8

Saint Silouan de Athoniet. fresco AthosDe Heilige Silouan heeft erop gewezen dat,
“degene die een hekel heeft aan z’n medemens en hem verwerpt is in verarmd.
Hij kent de ware God niet, Die immers
de allesomvattende Liefde is”.
De Heilige Apostel Petrus maakt ons duidelijk wat God ons heeft gegeven:
Zijn Goddelijke Kracht immers heeft ons met alles, wat tot leven en godsvrucht strekt,
begiftigd door de kennis van Hem, Die
ons geroepen heeft door zijn Heerlijkheid en Macht; hierdoor zijn wij met kostbare en
zeer grote beloften begiftigd, opdat
gij daardoor deel zoudt hebben aan de                                                                                               Goddelijke natuur en ontkomen zou aan                                                                                           het verderf, dat door de begeerte                                                                                                         in de wereld heerst
“.                                                                                                                           2Petr.1: 3-4
We proberen dit allemaal rationeel te begrijpen, met ons koppie maar zo werkt het niet.
We weten dat zulke dingen ons verstand te boven gaat;
wel weten we dat ze met ons hart – intuïtief – kunnen waarnemen, voelen, ervaren.
Dit is gevaarlijk, zoals we zullen zien en toch is dit echt de diepste soort van weten.
Maar zelfs met dit soort van weten, is het bestaan ​​van God in ons leven
nog slechts gedeeltelijk in ons bewustzijn te bevatten;
de rest vindt buiten ons bewustzijn plaats.
Natuurlijk, hoe meer we geestelijk volwassen worden, hoe
meer we Zijn energie in ons kunnen laten komen, in ons bewustzijn, alwaar
het vervolgens kan worden uitgedrukt in de daden in ons leven.
We zullen nooit helemaal deze mogelijkheid bereiken,
want er zal altijd meer zijn;
we zijn nooit helemaal ‘vervult’ met Gods energie.
De Heilige Gregorius van Nyssa wist dit toen hij zei dat:
onze zoektocht naar God een ‘eindeloos zoeken’ omvat“.
Hij bedoelde hiermee dat deze energie altijd naar ons zal komen,
onafgebroken actief in ons is, altijd toeneemt, maar
qua bevattingsvermogen zijn we ons er nauwelijks van bewust,
onderscheiden we het maar  gedeeltelijk.
Ons onderscheidingsvermogen van God in ons, hoewel bewust,
kan maar voor een heel klein gedeelte, maar kan zich slechts trachten
voortdurend leeg te maken voor Zijn Aangezicht.

bron van levenOmdat dit waar is, geloven we dat
God in de “diepte” van ons leven als bron functioneert en uit deze bron komen
heel wat zaken voort, die altijd Zijn aanwezigheid belichamen [incarneren].
Met dit in het vooruitzicht kunnen we niet rusten; dient ons reactievermogen niet te verslappen door de een of andere vermoeidheid.
De Heilige Gregorius van Nazianze wist dit:
Nu is het tijd, echt het is tijd, oh mijn ziel,                                                                                         ken jezelf en je lot . . .
                                                                                    Kijk naar jezelf, oh mijn ziel!                                                                                                                 Geef niet toe aan enige vermoeidheid“.
De Heilige Antonius de Grote zei verder: “Hij die zichzelf kent, weet alles” en
De Heilige Petrus van Damascus voegt hieraan toe,
Aan hem is gegeven die is zo ver gekomen is om zichzelf te kennen
is de kennis van alle dingen geschonken
“.

God schiep , , ,, druk op de knop.Dit gebeurt echter niet op oproep, met
één druk op de knop.
Wij, als levende en groeiende wezens, hebben een rol te spelen in het vervolmaken van onze persoon door beschikbaar te zijn en open staan ​​voor Gods aanwezigheid.
We dienen samen te werken – de vaders noemen dit “synergie” –
op een dusdanige wijze dat de energie van God en de energie van onze eigen Ikje samensmelten en ons continu op een nieuw niveau brengt.
In tegenstelling tot sommige van de meest voorkomende kwaliteiten welke
met het christendom verbonden zijn, bestaan er specifieke kwaliteiten op
onze zoektocht naar onze dieptes:
overgave, verkondiging, stilte, wachten, in de hoop op, gedenken, enz.
Het is door dergelijke kwaliteiten, die er voor zorgen [voor zover het ons wordt toevertrouwd] dat de volle omvang van Gods aanwezigheid [dat is Zijn aandeel) in
ons bewustzijn tot ontwikkeling komt.
Die beweging neemt verschillende vormen aan:
compassie, vergeving, liefde, zorg – heiligheid.
Op deze zoektocht in dergelijke ervaringen zullen we vooral bezig zijn met
onze deelname aan datgene wat we kunnen beschouwen als Gods aandeel in Zijn aanwas.
Uit deze “diepte” roept de psalmist in de ervaring van de onderdrukte neergang en een rommelig leven tot een bron van waaruit zulke een goddelijke rijkdom ontspruit.

Licht in de duisternisWe ervaren een zeker onbehagen, want
deze diepte is gevaarlijk, omdat we alles niet kunnen overzien wat er zich in bevindt.
We hebben inderdaad al eerder gewaarschuwd, in onze diepten bevindt zich de duivel zelf, de grote bedrieger.
We kunnen ons geen voorstelling maken van
de diepste uithoeken van onze ziel waar
hij weer niet op de loer ligt en steeds opnieuw met zijn kwade en donkere intenties
de stromen van de Goddelijke energieën blokkeert
De woestijnvaders wisten dat onze diepten door enorme krachten worden omgeven, zowel                                                                                          negatieve als positieve, die van de                                                                                                        duisternis en het Licht.
De donkere en negatieve dienen ook tot het bewustzijn worden gebracht en zij dienen als een ervaren ziekte worden beleden, worden bezworen en vervangen.
Maar dit dient de Kracht van het Licht van de menswording van Christus niet te weerhouden; de duivel dient ons er niet van weerhouden God te aanschouwen;
Het Licht is immers sterker dan de duisternis.
Zoek daarom de deur naar de binnenste kamer van je ziel, en
je zal de deur van het Koninkrijk der hemelen ontdekken
“.
H. Johannes Chrysostomus
De heilige Ephraïm de Syriër wist dat God bij de schepping al
het gehele Hemelse Koninkrijk” in de mens had geplaatst en dat deze
om dit te bereiken heel diep zou moeten graven.
Zulke mensen kennen deze eenvoudige waarheid:
de weg “naar boven” is de weg “naar binnen“.
En om de positieve eigenschappen hiervan te beklemtonen en te ervaren dienen we de noodzaak van het negatieve niet uit de weg te gaan.
Ons slagveld zal voor altijd gevormd worden door “te worstelen tegen zulke overheden“.
God wil dat we nu eenmaal méér uit ons leven halen en
dat we echt aan de slag gaan Hem uit te breiden.
Omdat Hij leeft niet alleen “in de hoogten“, maar ook in onze “diepten” leeft
dient onze inzet te zijn door te dringen in het contact met Hem en
ons in de diepte der diepten te begeven.
Deze diepten zijn niet een plaats in de ruimtelijke zin, maar de potentie die je op jouw weg hebt meegekregen het is er door een ander uitgezet, door de levende God Zelf,
de Schepper die “het ademende leven in het stof blaast” en
er Zijn eigen beeld er aan heeft meegegeven.
Hij is de Schepper, wij de schepselen . . . . .

Vreselijk is het, te vallen in de handen van de levende God!
Herinnert u de dagen van weleer, toen gij, na verlicht te zijn, zo
menigmaal lijden doorworsteld hebt,
– hetzij zelf een schouwspel van smaad en verdrukking,
– hetzij deelnemende aan het lot van hen, die in zulk een toestand verkeerden.
Want gij hebt met de gevangenen mede geleden en
de roof van uw bezit blijmoedig aanvaard, want
gij wist, dat gijzelf een beter en blijvend bezit hebt
“.
Hebr.10: 31-34

neiging om zelf de 'bouwmeester' te worden van ons spiritueel levenAls we ons eenmaal van dit juk hebben ontdaan, treedt een ander struikelblok op.
Want, vanaf het moment waarop men heeft geleerd onze kwellingen zonder ophouden aan God toe te vertrouwen, ontstaat er al vlug de neiging om zelf de ‘bouwmeester’
te worden van ons eigen spiritueel leven.
Wanneer je daarbij stil gaat staan, begint
alles weer op een heel ander niveau.
Het moeilijkste is hier niet tegen te strijden, maar iedere vorm van strijd op te schorten.
Of het nu gaat om het vasten of de regelmaat van je persoonlijk gebed, of bepaalde andere  voorschriften in acht nemen als een vorm van innerlijke hygiëne.
Dit alles is slechts stro vergeleken met het Goddelijk vuur.
De Goddelijke Liturgie en in haar schitterende hymnen vermaant ons om
alle aardse zorgen opzij te zetten; om de Koning van het heelal te ontvangen, onzichtbaar begeleid door Zijn lijfwacht van Engelscharen
CherubimDat betekent dat we vertrouwend op God al onze beslommeringen opzij dienen te zetten.
Of het nu gaat om relationele, familiaire professionele of zelfs spirituele problemen,
wij dienen alles aan God op te dragen,
om aldus een zekere beschikbaarheid te verwerven voor Zijn Heilige Geest.
Nog eerder dan een zintuiglijke gewicht  bestaat de traagheid van het vlees uit
een ongeordende knoop van onze gevoelens, van onze gedachten of nog meer van onze herinneringen.
Dit alles is op zich zeker niet slecht, maar het vertroebelt onze beschouwing.
Daarom is het noodzakelijk zich fundamenteel te leren ‘ont-doen’
[van nul af aan te (her-)beginnen] om alles te vergeten,
om klip en klaar te leren ‘geheel en al oog te zijn‘ [Abba Macarius] , want
door jezelf onder de loep te nemen, ontdekt de mens op mysterieuze wijze God.
De omvang van onze zorgen verhinderen onze geestelijke [weder-]geboorte;
zij houdt ons aan de oppervlakte van onszelf en ver verwijderd van
het goddelijk geheim in ons hart.
H. Mattheüs, EvangelistWeest niet bezorgd over uw leven,
wat gij zult eten of drinken, of over uw lichaam, waarmede gij het zult kleden.
Is het leven niet meer dan het voedsel en het lichaam meer dan de kleding?
Ziet naar de vogelen des hemels: zij zaaien niet en maaien niet en brengen niet bijeen in schuren en toch voedt uw hemelse Vader die; gaat gij ze niet verre te boven? Wie van u kan door bezorgd te zijn een el aan zijn lengte toevoegen?“.
Matth.6: 27
Oudvader Jacob heeft tot in de vroege uurtjes met God gestreden.
Ten slotte heeft hij gegriefd de goddelijkheid van                                                                             zijn tegenstrever erkend.
Hij ontving Gods zegen waaraan we het beeld van onszelf en ons leven in de geest
in zijn hoogste vorm kunnen herkennen.
Maar al te vaak strijden we in het geloof tegen God waardoor we onszelf verheerlijken.
Het is een vorm van mystiek activisme die zich verstart rondom ons ‘innerlijk schouwen’.
deze weg berooft ons van onszelf en we hebben het zelf niet eens in de gaten.
Jesus Christ Pantocrator BlessingWij kunnen God niet aanschouwen, zoals
de zon ons toelaat om de wereld te zien,
is God de glans die ons geweten toestaat om
Zich in waarheid te onthullen.
Er duikt nog een gevaar op door jezelf als bron
van het ‘spirituele leven’ te beschouwen.
Dit autisme maakt ons volledig ondoordringbaar.
Het sluit ons af, uit vrees voor het nieuwe en
belemmert het onbekende van de Wil van God.
De vrees om de teugels los te laten opdat God het reisgezelschap, de gemeenschap leidt,
stelt onze angst voor de woestijn op de proef.
Men neemt dan de tragische beslissing daar te gaan waar men het goed dunkt . . . .                                                                                                               mogelijke problemen uit de weg gaat . . . .                                                                                           vervolgens vecht men tegen de bedrieglijke schijn die                                                                     de woestijn ons in haar onmetelijkheid toont.
De aanvaarding is wellicht één van de minst aangename, want
dit zal ons in alle helderheid de roes doen aanvaarden die
het diepste bewustzijn van Gods Wil veroorzaakt.
Op het einde van de rit wil God slechts het goede, maar
wij weten nog steeds niet wat Hij voor ons nog
achter de hand hebben heeft en daar zit onze vrees.
Als remedie dienen wij door schade en schande wijs geworden
een ‘strategie van het onmogelijke’ aan te hangen;
door in vol vertrouwen dan alles maar bij God in handen te geven.
Het is geen onmogelijke weg,
maar het is het onmogelijke
welke de Koninklijke Weg vormt.

5e Zondag na Pinksteren – Werp uw zorg op de Heer en Hij zal voor u zorgen

Laat Uw levenschenkende Geest over ons neerdalenBroeders,
de begeerte van mijn hart en 
mijn gebed over hun behoud gaan tot God uit.
Want ik getuig van hen, dat zij ijver voor God bezitten, maar zonder verstand.
Want onbekend met Gods gerechtigheid en
trachtende hun eigen gerechtigheid te doen gelden, hebben zij zich aan de gerechtigheid van God niet onderworpen.
Want Christus is het einde der wet, tot                                                                                              gerechtigheid voor een ieder, die gelooft.
Want Mozes schrijft:
De mens, die de gerechtigheid naar de wet doet, zal daardoor leven.
Maar de gerechtigheid uit het geloof spreekt aldus:
Zeg niet in uw hart: Wie zal ten hemel opklimmen?
– namelijk om Christus te doen afdalen; of:
Wie zal in de afgrond nederdalen?
– namelijk om Christus uit de doden te doen opkomen.
Maar wat zegt zij?
Nabij u is het woord, in uw mond en in uw hart,
namelijk het woord van het Geloof, dat wij prediken.
Want indien gij met uw mond belijdt, dat Jezus Heer is en
met uw hart gelooft, dat God Hem uit de doden heeft opgewekt,
zult gij behouden worden; want
met het hart gelooft men tot gerechtigheid en
met de mond belijdt men tot behoudenis“.
Rom.10: 1-10

Laat ons de Heer biddenGod, in Uw Naam verlos mij,
doe mij recht in Uw kracht.
God, verhoor mijn gebed,
luister naar de woorden van mijn mond.
Want vreemden staan tegen mij op,
en sterken belagen mijn ziel;
zij hebben zich God niet voor ogen gesteld.
Zie toch, God is mijn Helper;
de Heer is de Beschermer van mijn ziel.
Hij keert het onheil af op mijn vijanden,
vernietig hen in Uw trouw.
Vrijwillig zal ik U een offer brengen,
Uw Naam wil ik belijden, Heer, want dat is goed.
Want aan iedere kwelling hebt Gij mij ontrukt;
mijn oog heeft neergezien op mijn vijanden
“.
Psalm 53 [54]

Broeders, de begeerte van mijn hart en
mijn gebed over hun behoud gaan tot God uit“.
Kunnen wij niet instemmen met het verlangen van de apostel Paulus, hetgeen
hij zo openhartig met ons deelt in de lezing van vandaag?

Velen van ons zijn als degenen die zoals Saint Paul ervaren dat,
vrienden, buren en kennissen goddelijke deugden vertonen en
een prijzenswaardige houding aannemen die door de Heer
werd voorgehouden en aangemoedigd.
Toch zijn ze nog steeds “onbekend met Gods gerechtigheid . . . . .
en richten zich alleen op eigen gerechtigheid, want zij onderwerpen zich
niet [meer] aan de gerechtigheid van God
“.
Rom.10: 3
In de afgelopen decennia, heeft het secularisme en nihilisme een grote aanhang gekregen,
het veroorzaakt elke denkbare vorm van onverschilligheid, weerstand en vijandigheid
jegens ons christelijk geloof.
Wij begrijpen de Apostel Paulus maar al te goed, want
we ervaren zelf zijn pijn en hulpeloosheid in onze tijd
wanneer zij die ons zo dierbaar zijn zich afkeren van het geloof
tot gerechtigheid” en de belijdenis van hun geloof verwerpen “. . . . . tot zaligheid“.
Rom.10: 10

LandscapeWat kunnen we doen?
Laten we goede nota nemen van
de houding die de Apostel hier aanneemt.
Hij wil zich niet afwenden van
zijn verloren broeders.
Integendeel, zij blijven zijn hart vervullen:
hij bidt “dat zij gered kunnen worden” [Rom.10: 1] en
het Woord van het Geloof blijven verkondigen.
Hij belijdt de Heer Jezus Christus met zijn mond en gelooft in zijn hart
dat God Hem heeft opgewekt uit de doden“.
Rom.10: 9

We kunnen in de verleiding komen om ons hart te sluiten voor
onze geliefden om de pijn van tegenover hun gebrek aan geloof te vermijden.
Vaak zijn degenen die buiten het geloof leven die ons aansporen
om op te huiden ons zorgen te maken over hen.
Zij smeken ons om hun onverschilligheid en weerstand
te accepteren als een kwestie van hun vrije keuze.
Zij beschouwen hun leven evenzo toegestaan als
het leven van degenen onder ons die aan de Kerk deelnemen.
We kunnen echter dergelijke suggesties niet accepteren
zonder dat het een schrikbeeld in ons hart achterlaat;
we kunnen maar moeilijk verwerken dat
een levensinstelling zonder God
als zo natuurlijk wordt aanvaard.
Hoe kunnen we hen die ons dierbaar zijn zo aan hun lot overlaten,
zij weigeren onze bezorgdheid over
het grote verlies van hun ziel voor lief te nemen.
“De Liefde van Christus stimuleert ons” [2Cor.5: 14], want
Vele wateren kunnen de liefde niet blussen en rivieren spoelen haar niet weg.
Al bood iemand alles wat hij bezit voor de liefde,
smadelijk zou men hem afwijzen
“.
Hooglied 8: 7

In dit geval van onze ongelovige kinderen,
zouden we in de verleiding kunnen komen om
hun acties als een verraad te zien aan wat wij hen hebben onderwezen en
van de idealen waarmee we hen hebben opgevoed te volgen.
Toch moeten we ons hart niet verharden en
genegenheid plaats te laten nemen door woede.
We dienen deze verleiding buiten te sluiten of niet vergeten te verwerpen;
eerder, is het noodzakelijk dat we ‘elkaar lief te hebben’, want de
Liefde is uit God; en een ieder, die liefheeft, is uit God geboren en kent God“.
1John.4: 7
blessed is the man who trusts in the Lord, whose confidence is in HimLaten we het verlangen in ons hart
blijven koesteren, zelfs wanneer we lijden.
We leren van de apostel Paulus
nooit op te houden voor onze geliefden te bidden en tevens voor al degenen die los staan ​​van het Geloof.
Bij het ophouden te bidden is er namelijk sprake van een gebrek aan geloof
van onze kant.
Weigeren te bidden staat gelijk aan  het opgeven van hoop dat God ons hoort,
voor ons zorgt en de harten van Zijn verloren kinderen zal vernieuwen.
We kunnen onmogelijk het wel en wee van onze gebeden overzien, want
Belijdt daarom elkander uw zonden en
bidt voor elkander, opdat gij allen genezing ontvangt.
Het gebed van een rechtvaardige vermag veel, doordat
er kracht aan verleend wordt“.
Jac.5: 16
Ieder van onze activiteiten dient te worden vooraf gegaan door gebed.
De apostel Paulus geeft aan deze aanpak vorm:
Nabij u is het woord, in je mond en in je hart,
namelijk het woord van het Geloof, dat wij prediken“.
Rom.10: 9

Archimandriet Sophrony zegt hierover:
Hoe meer we ons zelf in pijnlijke bekering vernederen,
hoe sneller reikt ons gebed tot God
[uit: over het gebed]
Trots, kritiek, zelfverheffing en vijandigheid jegens onze naaste
voeren ons alleen maar verder weg van de Heer.
Laat ons onze energie richten op de innerlijke staat van ons hart,
en de Heer in Hem waardige daad en woord belijden, opdat
de kracht van Zijn opstanding aan velen kan worden geopenbaard.

Almachtige God, hemelse Vader,
Wiens verlangen voor een ieder is dat zij de kennis van Uw waarheid bekomen,
wij bidden en smeken U aan al uw kinderen redding te verlenen,
ondanks onze eigen onverschilligheid, mislukkingen en
de hardheid van ons hart
“.