Orthodoxie & de verkondiging van de Verrezen Heer in onze tijd

Duisternis over het gehele landEn toen het zesde uur aangebroken was
kwam er duisternis over het gehele land
tot het negende uur
“.
Marc.15: 33

duisternis >
                                           &                                                                              licht ˅

SONY DSC

En zeer vroeg op de eerste dag der week
gingen zij naar het graf,
toen de zon opging
Marc.16: 2

De Evangelist Marcus is vrij nauwkeurig wanneer hij verhaalt dat de Heer werd gekruisigd op het derde uur [Marc. 15: 25];
die duisternis viel over het land op het zesde uur [Marc.15: 33]; en dat Christus                                                                                                       stierf op het negende uur [Marc.15: 34].
Volgens de Joodse tijdrekening, zou dit betekenen dat de Heer aan
het Kruis hing vanaf ongeveer 9:00 [het “derde uur“] tot 15:00 [het “negende uur“]
op die eerste “Vrijdag” van de Grote en Heilige Week;
want daarna viel er de laatste drie uur duisternis over het gehele land“.
Dit is beslist geen weerbericht van de Evangelist.
Prophet AmosIntegendeel, deze onverwachte duisternis was de
vervulling van de profetie van Amos
[lees het Oude Testament
over het zesde uur over de Grote en Heilige Vrijdag] hetgeen
een “teken” van grote betekenis was voor de vroege Kerk toen men het “schandaal” van het Kruis begon te overdenken:
Te dien dage zal het geschieden,
luidt het woord van de Heer, onze God,
dat Ik op de middag de zon zal doen schuilgaan en
bij klaarlichte dag het land in het donker zal zetten.
Dan zal Ik uw feesten in rouw verkeren, en al uw liederen in klaagzang.
Dan zal Ik rouwgewaad brengen                                                    op alle heupen en kaalheid op elk hoofd.                                                                                            En Ik zal het maken als de rouw over                                                                                                  een enig geborene en het einde ervan als een bittere dag
“.                                                           Amos 8: 9-10
Christ at the Cross, GolgothaDe vervulling van deze Profetie
bleek de kosmische dimensie en de betekenis van
de dood van de Heer aan het Groot en Heilig Kruis:
de hele schepping rouwde
vanwege de dood van de Zoon van God.
Dit is waarachtig een geweldig Mysterie!
Toch ten tijde van de kruisiging
wordt met deze zeer diepe duisternis
de solemniteit van de dood van de Heer geïntensiveerd, maar
tevens versterkt het de ontstentenis
van Christus Zelf Die aan het Kruis hing te sterven
schijnbaar door iedereen verlaten, met inbegrip van Zijn hemelse Vader:
En op het negende uur riep Jezus met luide stem: ‘E’lo-i, E’lo-i, la’ma sabach-tha’ni’,
wat betekent: ‘Mijn God, mijn God, waarom hebt Gij mij verlaten?’

Marc.15: 34

Saint Longinus the centurionNogmaals, de indruk bestaat dat er op het tijdstip van duisternis aan het Kruis  niemand bij Jezus aanwezig was.
Toch verhaalt het Marcusevangelie
dat op het moment van Zijn dood en de schijnbare verlatenheid,
een heidense hoofdman de eerste mens was
die tot het besef kwam dat dit niet het geval was:
De hoofdman, die tegenover Hem stond,
zag, dat Hij zo de geest gegeven had en
hij zei: ‘Waarlijk, deze Mens was Gods Zoon!’
“.
Marc.15: 39

Daarnaast was er eigenlijk een stille aanwezigheid van diep sympathieke figuren binnen enkele nabijheid van het Kruis, die de Apostel Marcus voor zijn rekening neemt:
Er waren ook vrouwen, die uit de verte toeschouwden, onder wie
Maria van Magdala en Maria, de moeder van Jacobus, de jongere, en
Maria van Joses en Salo’me, die toen Hij in Galilea was,
Hem volgden en dienden; en ook vele andere vrouwen die
met Hem naar Jeruzalem kwamen
“.
Marc.15: 40-41

Apostles Peter and John running to the tombHun rol was van groot belang, want door hun waakzaamheid konden ze weten waar
het graf van de Heer zich bevond:
Maria Magdalena en Maria,
de moeder van Joses zagen
waar Hij werd neergelegd
“.
Marc.15: 47
De aanwezigheid van deze trouwe vrouwelijke volgelingen van de Heer,
de vrouwen die we heden ten dage
kennen en vereren als de Myrrhon-dragende vrouwen bereiden ons voor op de geweldige Openbaring die zal plaats vinden;
Zeer vroeg in de morgen op de eerste dag van de week“.
Marc.16: 2
The Angel at the tombZij leggen rekenschap af van de ontdekking van het lege graf;
de verkondiging door de Engel van de Opstanding van Christus aan de vrouwen bij het lege graf en de verbazing van de vrouwen wordt in vrij beknopte woorden door Marcus, de Evangelist verhaald
en hij gebruikt hier slechts acht verzen voor
[Marc.16: 1-8].
Toen de myrrhon-dragende vrouwen bij het graf aankwamen droegen zij hun specerijen                                                                                in de hoop het dode lichaam van Jezus te zalven,
de duisternis die binnenkort met de vreugde hun hart zal oplichten
werd al verdreven door een ander teken uit de wereld van de natuur, want                               de vrouwen arriveerden “toen de zon was opgegaan“.                                                                   Marc. 16: 2
De kosmos had vanwege de dood van de Zoon van God gerouwd;
maar zal zich nu verblijden door “de aankondiging van
de Opstanding van de Zon der gerechtigheid.
De beweging van de duisternis naar het Licht
is een krachtig motief door de gehele Blijde Boodschap heen.
De duisternis is het symbool van de zonde of de laatste gruwel van de dood.
Jezus Christus is de aanwezigheid van Licht, en
dat Licht is zo sterk dat noch zonde noch dood Zijn Kracht kan weerstaan.
De Myrondragende vrouwen aan het grafDit is niet alleen literair een “symbool”, maar een levende werkelijkheid.
Marcus verhaalt vervolgens
dat de vrouwen
door ontsteltenis waren bevangen“,
toen “zij na het graf ingegaan waren,
een jongeling zagen zitten aan de rechterzijde,
bekleed met een wit gewaad
“.
Marc.16: 5
Deze “jongeling” was overduidelijk een Engel.
En het is dit engelachtig schepsel wat als                           eerste de Opstanding van Christus met                             een definitieve helderheid zal aankondigen die               met een nuchter verstand niet kan worden begrepen:
Weest niet ontsteld.
Jezus zoekt gij, de Nazarener, de gekruisigde.
Hij is opgewekt, Hij is hier niet;
zie de plaats, waar zij Hem gelegd hadden
“.
Marc.16: 6

??????????De Jezus Die gekruisigd was is het,
de Jezus Die nu uit de dood werd opgewekt.
De Verrezen Jezus is
noch een “spookbeeld”, noch een “geest”.
De Gekruisigde is nu de Verrezen Heer,
Jezus de Christus en de Koning van Israël.
De Vader heeft Zijn Zoon niet verlaten, maar
getuigde Degene wiens Opstanding nu aan de andere Volgelingen/Apostelen zal worden verkondigd en
via hen aan de gehele wereld.
Zoals al de bijbelgeleerden het beschreven:
De door Jezus de aan God aan het kruis gestelde vraag
‘Mijn God, mijn God, waarom hebt Gij mij verlaten?” [Marc.15: 34] is nu beantwoord.
Jezus is niet in de steek gelaten
“.
Onvoorwaardelijk gehoorzaam aan de Wil van God de Vader [zie Marc.14: 36],
heeft Jezus de beker van het lijden aanvaard.
Aan het Leven-schenkende Kruis is Hij de Messias,
de Koning van Israël en de Zoon van God (zie 15:32, 39).
Gods onfeilbare aanwezigheid in Zijn gehoorzame Zoon
leidt tot de definitieve actie van God:
Hij is opgestaan!“.
De schijnbare mislukking van Jezus is
door de Goddelijke ingreep [werking] omgedraaid [gecanceld, afgezegd],
Jezus is uit de dood opgewekt

De vier EvangelistenMarcus en de andere Evangelisten
hebben de gebeurtenissen van Die Eerste
en Glorieuze Paasmorgen vastgelegd;
zij leggen ieder voor zich getuigenis af van de Opstanding van Christus.
Wij accepteren hun getuigenis en verkondigen door de Kerk
dezelfde “Blijde Boodschap” aan
de wereld van vandaag.
En we nodigen anderen uit dit met ons te delen dat het leven met inbegrip van “zij, die  ontucht bedrijven en de tollenaars“.
Maar net als de myrrhon-dragende vrouwen,
dienen we deze Opstanding in onszelf te ervaren
op een diep en persoonlijk niveau.
In en door het geloof, kan de “steen“, die de ingang van ons eigen hart bedekt
worden “weggerold” door de Genade van God en
een nieuwe dage-raad kan de duisternis van de zonde en de dood verdrijven, die
ons levenden tijdens het leven doorboort en
ons een leven verstoken van het Licht doet ervaren.
Het zien van dit Licht is het werk van God, hetgeen we Genade noemen.
Wanneer de Opstanding van Christus in
het diepst van ons wezen waarachtig wordt ervaren,
kunnen we in eerste instantie niets anders dan stil zijn,
omdat we door “siddering en ontzetting” worden bevangen.
Marc.16: 8
Maar als we onze stem weer terugvinden
kunnen we door ons geloof en ons leven
dit met vreugde delen met anderen:
– “Christus is Opgestaan! [3x]

Paasstichen
:
Mp3: : Paschale Canon – in verschillende talen en melodieën

De Opgestane Christus met Maria Magdalena1e Paashymne:
Dat God verrijze,
en dat Zijn vijanden worden verstrooid.
Pascha is ons heden geopenbaard:
Pascha, nieuw en heilig.
Pascha, het mystieke Offer; Pascha, het verheven Offer;
Pascha, waar Christus ons verzoent; Pascha, Offer zonder smet;
Pascha, boven alles groot; Pascha der gelovigen;
Pascha, dat ons het Paradijs weer openstelt;
Pascha, dat ons allen weer heiligt.
Zoals rook verdwijnt, mogen zij verdwijnen.
Komt van het schouwspel, gij Vrouwen, die de goede boodschap brengt en
zegt aan Sion:
ontvangt van ons het vreugdevolle Evangelie van Christus’ Opstanding.
Verheug u, dans en juich, Jerusalem, nu gij Christus, de Koning,
als een Bruidegom zag treden uit het graf.
Aldus zullen de boosdoeners vergaan voor Gods aangezicht, maar
mogen zich verheugen de Gerechten.
Toen de myrrhon-dragende vrouwen
’s-Morgens vroeg bij het graf van de Levenschanker kwamen,
vonden zij een Engel, zittend op een steen,
die haar aansprak en zei:
Wat zoekt gij de Levende te-midden van de doden?
Wat treurt ge over de Onbederflijke, als ware Hij aan het bederf onderworpen?
Gaat heen en verkondigt het aan Zijn Apostelen.
Dit is de Dag, die de Heer gemaakt heeft;
laten wij juichen en ons verheugen“.
2e Paashymne:
Pascha, heerlijk schoon: Pascha van ons Heer;
Pascha vol majesteit is voor ons verschenen;
Pascha! Laat ons elkaar vol vreugde om armen.
O Pascha, Gij verlossing uit de smart:
Want zoals een Bruidegom uit Zijn tent,
is Christus heden uit het graf gegaan:
Hij vervulde de Vrouwen met vreugde:
“Boodschapt het aan de Apostelen!”
Eer aan de Vader en aan de Zoon en aan de Heilige Geest;
nu en altijd en in de eeuwen der eeuwen. A-men.
3e Paashymne:
Dag der Opstanding!
Laat ons lichtstralend worden door de plechtigheid en
laat ons elkander omarmen.
Laat ons zeggen:
Broeders‘, ook tot degenen die ons haten;
laten wij alles vergeven omwille van de Verrijzenis en zo roepen:                                                         ‘Christus, verrezen uit de doden,                                                                                                           door Zijn dood vertreedt Hij de dood en                                                                                             schenkt weer het Leven aan hen in het graf! ‘[3x]”

En Hij heeft ons het eeuwige Leven geschonken.
Wij aanbidden Zijn Verrijzenis op de derde dag
.

5e Zondag van de Grote en Heilige Vasten – H. Maria van Egypte; goede voornemens en dode werken

Christ & the Theotokos - Extreme HumilityChristus, opgetreden als hogepriester der goederen, die gekomen zijn, is door de grotere en meer volmaakte tabernakel, niet met handen gemaakt, dat is, niet van deze schepping en dat niet met het
bloed van bokken en kalveren, maar 
met
Zijn eigen bloed eens voor altijd binnengegaan in
het heiligdom,
waardoor Hij een eeuwige verlossing verwierf.
Want als [reeds] het bloed van bokken en stieren en
de besprenkeling met de as der vaars hen, die verontreinigd zijn, heiligt,
zodat zij naar het vlees gereinigd worden,
hoeveel te meer zal het bloed van Christus,
Die door de eeuwige Geest 
Zichzelf als                                                                                               een smetteloos Offer aan God gebracht heeft,
                                                                  ons bewustzijn reinigen van dode werken, om                                                                                de levende God te dienen?“.
                                                              Hebr.9: 11-14

De Grote en Heilige Vasten loopt ten einde.
En wanneer de Grote Vasten een strijd over een bepaalde tijdspanne omvat, dan
is dit tevens het geval met ons ​​leven.
De spanwijdte van het leven wordt ons gegeven als een strijd en zal niet voor eeuwig voortduren. De mens kan dit leven nu eenmaal niet onbeperkt voortzetten, want
zoals het de mensen beschikt is,
eenmaal te sterven en daarna het oordeel
“.
Hebr.9: 27
Aan het einde van ons leven, zullen we teleurgesteld zijn als we ons realiseren
dat we onvoldoende gestreden hebben.
Vorige week hebben we gehoord over de geestelijke Ladder.
Zullen we dan teleurgesteld zijn wanneer we tot de slotsom komen dat we bij
het beklimmen van de geestelijke Ladder, niet de hoogten bereikt hebben, die we dienden te bereiken?  Zullen wij de uiteindelijke vragen tijdens een gewetensonderzoek positief kunnen beantwoorden?
De Grote en Heilige weekWe zijn de afgelopen weken gericht geweest
om tijdens deze korte tijdspanne van
de Grote Vasten ons voor te bereiden op
de vervolmaking en de ziel zoveel mogelijk op
te maken om de gebeurtenissen van het Lijden, sterven en  de Opstanding van onze Heer Jezus Christus, die binnenkort plaatsvinden  te
kunnen gedenken.
Op dit punt aangekomen stellen we ons nog wat laatste vragen:
Heb ik vooruitgang geboekt?
Sta ik wat steviger
[of hoger?] op de geestelijk Ladder dan voorheen?“.
Of kunnen we misschien tot onze verbazing                                                                                       vaststellen dat we toch                                                                                                                             enige spirituele vooruitgang hebben geboekt.
Dan volgt de vraag: “Hoe weet ik vast te houden wat mij deze weken gegeven is?
Hoe richt ik m’n leven zo in dat ik niet opnieuw nalatig zal blijken en
verloren laat gaan wat ik zojuist heb verkregen?
En wanneer we de afgelopen weken geen vooruitgang hebben geboekt,
zullen we dan in staat blijken te behouden wat we voorheen al verkregen hadden?

Easter history, 5 part-icon, russianWe hebben onze hoop op God gevestigd, dat
Hij onze geestelijke vooruitgang zal blijven ondersteunen, zodat we onze strijd kunnen voortzetten en tegelijkertijd onderkennen we
de ernstige twijfels, omdat we onszelf maar al te goed kennen. We kunnen onszelf niet vertrouwen.
Steeds weer opnieuw dienen we ons te verontschuldigen als gevolg van
onze menselijke zwakheid.
Of misschien hebben we onszelf de limiet gesteld dat er geen echte beperkingen zijn.
We kunnen meer doen, maar we willen onszelf niet “overbelasten“.
We vergeten wat er op het spel staat.
We vergeten wat God in Zijn oneindige mededogen, voor ons heeft gedaan.
Onze Heer Jezus heeft Zichzelf voor ons zondaars overgeleverd.
Hij offerde Zijn bloed, opdat wij gezuiverd konden worden, genezen konden worden van onze passies die ons zo gemakkelijk op een zijspoor brengen en
we ons op zondige wegen begeven.

De lezing van vandaagDe lezing van vandaag stelt duidelijk dat
we ons geweten dienen te reinigen.
Het maakt ons  duidelijk dat
redding door het bloed van onze Heer tot ons komt;
Het bloed van Christus, Die
door de eeuwige Geest Zichzelf als een smetteloos Offer aan God gebracht heeft
“.
Hebr.9: 12
Paulus gaat verder met te zeggen dat het bloed van Christus ons geweten aanspreekt en
Heeft kunnen reinigen van dode werken, om de levende God te dienen“.
Hebr.9: 14

Dode werken t.o.v. de Levende God.
We kunnen de Levende God niet dienen met “dode werken”, hetgeen betekent met zonden. Onze zonden maken ons ziek, veroorzaken de ​​dood in ons, maken ons tot een onvolledig mens. Onze dode werken – onze zonden – scheiden ons van God, Hij Die
uit het niets – alles wat bestaat heeft geschapen en nog steeds schept.
Ze stuwen ons in de richting van het ‘niet-zijn’, in de richting van het niets, en
in tegenstelling tot wat de wereld regelmatig oppert, is niets ons meer “menselijk” of
het is “een grotere realiteit”.
Onze dode werken kunnen ons niet tot volledige mens maken.
Ze maken ons onaf, niets waard, ziek.
Ze maken ons ongeschikt om de ware Liefde Die enkel van God komt te ontvangen.
We hebben daarom een schreeuwende behoefte aan spirituele genezing.
Maar dan dienen we ons geweten te reinigen en
te verlangen dat we gezuiverd worden van de resultaten van het kwaad;
dan dienen we eveneens een gezond verlangen op te bouwen
naar dingen die God welgevallig zijn.

De Kerkvaders leren ons dat we ziek worden door de dode werken van de zonden, omdat
onze voorkeur uitgaat naar datgene wat ziekmakend is.
Je zou op z’n minst dienen te onderkennen dat de door ons gekozen weg niet goed werkt.
De Apostel Paulus beschrijft deze ziekte in zijn brief aan de Romeinen,
wanneer hij zichzelf, in nederigheid, de plaats van het treurende toekent en zegt,
Wat ik uitwerk, weet ik niet; want ik doe niet wat ik wens, maar
waar ik een afkeer van heb, dat doe ik
“.
Rom.7: 15
We willen doen wat juist is, maar we vallen iedere keer weer opnieuw omlaag.
Het lijkt er haast op dat onze natuur ons gewoon dwingt om dode werken te doen,
dat we datgene doen wat God onwaardig is.
Onze verlangens zijn ziek. We wensen de verkeerde dingen.
We kunnen deze eigenschap alleen maar overwinnen wanneer we dit bewust bijstellen en
alleen datgene verlangen wat God welgevallig is.

Twee voorbeelden van zo’n ongezonde voorkeur worden ons vandaag in beeld gebracht.
>> De eerste wordt in het Evangelie van vandaag gelezen.
Christus en zijn discipelen zijn op weg naar Jeruzalem.
Nu genieten de discipelen van de drukte om hen heen,
de leraar spreekt tot hen en zij geven Zijn woorden aan ons door.
Christus spreekt over de gebeurtenissen van Zijn Lijdensweg,
hoe in Jeruzalem de hogepriesters en schriftgeleerden Hem zullen veroordelen en
Hem aan de heidenen zullen overleveren, die Hem ter dood zullen brengen.
Maar daarna, zal Hij, op de derde dag, ​​uit de dood opstaan.
De H. Schrift vermeldt dat de discipelen “verbaasd waren“.
Wat is dat, nu, wat Hij zegt? Zou er niet een nieuw Koninkrijk komen?
Zou onze Leraar niet de nieuwe koning zijn, Die
ons zou redden van de tirannie van de Romeinen?
Dood en vervolgens de Opstanding? Wat is dit allemaal?
Niet alleen zegt de H. Schrift dat de discipelen “verbaasd” waren, maar
ook dat ze “bang” waren. Ze konden dit niet bepaald woorden van troost noemen.
Niettemin, en nogal verrassend, horen we van twee leerlingen
– de broers Johannes en Jacobos – die zelfs een ongezond verlangen kenbaar maken.
Ondanks de bovenmaatse woorden die ze hebben allemaal gehoord hebben over
het komende Lijden van onze Heer Jezus, komen ze uit voor een sterk verlangen om
de voorrang boven hun broeder-discipelen te hebben.
In het aards Koninkrijk denken ze dat Christus spoedig zal opstaan,
ze willen de eervolle posities innemen, de één links en de ander rechts van de Meester.
In het Evangelie van Mattheus wordt ons duidelijk gemaakt dat bij deze manier van inbreng het de moeder van de discipelen was die Jezus had gevraagd om een bijzondere ereplaats aan haar zonen te verlenen.          [“Dat nu echt een Joodse moeder” zo heeft een joodse bekeerling tot de Orthodoxie mij ooit verduidelijkt].
De andere tien leerlingen zijn verbolgen wanneer ze kennis nemen dat
de twee de macht over hen zouden willen verkrijgen.

Vóór de roemrijke Opstanding en nog vóór de Neerdaling van de Heilige Geest met Pinksteren, zien we hoe onvolmaakt de discipelen wel niet waren.
We zien wat voor behoefte zij hadden aan de genezing van de ziel.
De Zoon des mensen legt ze echter onverstoord uit wat
het betekent om een ​​dienstknecht van Christus te zijn.
In de wereld is de piramidestructuur bekend welke
met een driehoekvorm wordt aangeduid.
Boven in het midden van de driehoek staan de leidinggevenden.
De managers hebben gezag over de vele ondergeschikten.
Maar boven de managers staan de top-managers en deze senior managers
heersen weer over de managers en zo verder tot de top van de driehoek.
In de kerk wordt deze machtsstructuur echter omgekeerd.
Hier staan de vele ondergeschikten aan de top en
de weinige aan de top bevinden zich hier aan de onderkant, want
Christus zegt: “Wie onder u groot wil zijn, zal aller dienaar zijn“.
Want de Zoon des mensen is niet gekomen om gediend te worden,
maar om dienstbaar te zijn en zijn leven te geven als losgeld voor velen“.
Matth.20: 28; Marc.10: 44,45
Lucas maakt dat duidelijk in de ontmoeting van Martha en Maria met Christus, waarbij er
ook gekozen wordt voor het beste gedeelte.
Luc.10: 40,41
Gedurende de Grote en Heilige Vasten, hebben we het gebed van de H. Ephraïm de Syriër gebeden. “Heer en Meester van mijn leven” en hebben we gebeden, “geef mij niet een geest van heerszucht“. De geest van heerschappij houdt een verlangen in om macht over je broeders uit te oefenen.
Maar Christus leert ons dat christelijke leidinggevenden zichzelf dienen op te stellen als dienaren van hun collega-dienaren.

Daarom zullen wij wanneer onze veeleisende houding is genezen, gaan verlangen wat het beste is voor anderen en niet voor onszelf. “Want ook de Zoon des mensen is niet gekomen om gediend te worden, maar om te dienen …”.

>> Het tweede voorbeeld van een ongezond verlangen wordt ons voorgehouden met
de heilige Maria van Egypte, wiens synaxis wij vandaag vieren.
Heilige Zosimas ontmoet de H. Maria in de woestijn.
Het gebed van de H. Zosimas tot God was dat hem een monnik in het beoefenen van de extreme ascese zou worden getoond die naar de verlichting werd geleid.
Hij vroeg zich af of er geen monnik bestond, die hem
in zijn ascetische inspanning zou hebben overtroffen.
H. Maria van Egypte, vlucht na haar diepgetroffen bekering bij de Kerkdeur de woestijn in om daar een ascetisch leven te gaan leiden.En hier ontmoet hij deze heilige, die leeft alsof ze geen lichaam bezit, die terwijl zij bidt in de lucht zweeft, die door de H. Geest kent vele dingen kent en daardoor helderziend is.
Deze vrouw, die nog niet eens monnik is, wordt
het onverwachte antwoord op zijn gebed.
Hij smeekt haar om haar levensverhaal te vertellen, hoe ze in de woestijn verzeild is geraakt en hoe
het kwam dat God haar bezocht en haar tot een heilige [volwaardig mens, op God gericht] maakte. Was ze ook van een klooster afkomstig? Een maagd die in de woestijn had verbleven vanaf haar jeugd? Wat was haar levensverhaal?

De H. Maria van Egypte waarschuwt de H. Zosimas dat het verhaal betreffende haar verleden niet erg stichtelijk [Verheffend] is. De H. Zosimas is het hier beslist mee oneens.
Hij wil dat hem de waarheid duidelijk wordt gemaakt en hij smeekt haar er zelfs om.

Dan krijgt hij, bijna met tegenzin, het trieste verhaal te horen van het leven dat de H. Maria van Egypte geleid heeft.
We horen hoe ze de vleselijke verlangens van haar tienerjaren volgde, altijd deed wat haar vlees genoegens zou verschaffen, zonder dat ze maar een ogenblik rekening hield met Gods wet.
Hoe meer ze haar verlangens volgde, hoe meer ze probeerde om haar onverzadigbare hartstochten te bevredigen, hoe meer ze probeerde de lusten van haar ziel te vervullen, hoe zieker haar ziel werd.

Later bleven haar ongezonde verlangens haar in haar leven van berouw in de woestijn achtervolgen. Ze benoemt dit als dat ze “gek werd van haar verlangens:
” Geloof me, vader, in de zeventien jaar dat ik in deze woestijn verbleef heb ik als met wilde beesten gevochten – zo was ik van de verlangens en passies doordrongen.
Dus zelf in de troosteloze woestijn werd de H. Maria van Egypte verzocht door ongezonde verlangens die haar tot dode werken aangespoorden,
hoewel ze juist naar de eenzame woestijn was gekomen om de levende God te dienen.
Laat ons eens stil staan hoe ze met haar “gekke verlangens” omging.
Laat ons eens vernemen hoe haar ziel zich omkeerde [Gr. μετάνοια, haar oorspronkelijke levenshouding veranderde]  en zij zich kon verbeteren.

Maar wanneer zulke verlangens in mij opkwamen ik sloeg mezelf op de borst en
bracht mijzelf de gelofte in herinnering, die ik had afgelegd, toen ik de woestijn introk.
In mijn gedachten keerde ik terug naar de icoon van de Moeder Gods [de Theotokos], Die
mij had ontvangen en ik riep haar in gebed toe.
Ik smeekte haar om de gedachten weg te jagen waarop mijn ellendige ziel dreigde te bezwijken.
En na dit lange tijd huilend te hebben volbracht, mijzelf iedere keer weer opnieuw op de borst te slaan, kreeg ik eindelijk licht te zien wat op mij en overal om mij heen leek te schitteren.
En na die hevige storm is er een blijvende rust op mij neergedaald.

Vele jaren lang worstelde de H. Maria van Egypte in de woestijn en riep tot God en de Moeder Gods. Ze huilde en sloeg haar borst.
Ze volgde de heilige profeet Koning David die zegt:
Ik stort mijn gebed uit voor Uw aangezicht;
voor Uw aanschijn klaag ik mijn nood.
Mijn geest ging uit mij heen,
maar Gij, Heer, kent mijn wegen.
Op de weg die ik gaan moest
hadden zij een valstrik voor mij verborgen.
Tevergeefs wendde ik mij naar rechts om een verdediger,
maar er was niemand die mij wilde kennen.
Vluchten was mij onmogelijk;
er was niemand die zich om mijn leven bekommerde
“.
Psalm 141 [142]: 2 -6
En de vrede van God, die alle verstand te boven gaat,
heeft haar hart en gedachten in Christus Jezus behoed
“.
Phil.4: 7
Op deze, op de H. Schrift beschreven manier, werd haar verlangen genezen.
Door zichzelf met geweld aan de H. Geest te onderwerpen,
door haar hart en verlangens voor God en Zijn meest zuivere Moeder uit te storten,
verdween haar verlangen naar dode werken.
– Ze werd genezen, en zij verkreeg datgene wat “goed en verkwikkend is voor de ziel”.
– Ze wenste God met heel haar hart te dienen.
– Ze kreeg zo’n spirituele vooruitgang dat ze los kwam van de aarde en zweefde.
– Ze beklom gestaag de geestelijke ladder [van de H.  Climacos] en twijfelde niet, omdat
ze in haar streven en haar bedoelingen volhardend was gebleven.
– Zij heeft in eenzaamheid geworsteld en zij heeft gevast en gebeden.
– Ze bleef standvastig, want God gaf haar een nieuw verlangen welke haar “bizarre                   verlangens” overtroffen en haar ziekte werd overwonnen.
– Ze werd een nieuwe schepping en verlangde met geheel haar hart, datgene te doen wat       God van haar verlangde.
H Silouan, de AthonietZoals de heilige Silouan de Athonite hierover zegt:
De ziel die zo ver is gekomen om
God volledig te leren kennen,
verlangt niets anders meer en 
wil zich ook niet meer hechten aan alles wat zich op de aarde bevindt;
wanneer je hem een koninkrijk aan zijn voeten legt,
zou hij het niet wensen, want
de Liefde van God geeft zo’n zoetheid en vreugde aan
de ziel, dat 
zelfs het leven van een koning haar niet langer enige zoetheid kan schenken“.
H. Silouan, de Athoniet uitgeverij AXIOS
ISBN 90-72666-03-8

Dus waarom komt het dat we niet die dingen van God                                                                     kunnen aanvaarden zoals het hoort?
Waarom kunnen wij niet toegeven aan het ware en vurig verlangen om
God en onze naaste lief te hebben, om te bidden, te vasten,
te doen wat welgevallig is in de ogen van God ?
Heer. verander mijn hart . . .Waarom komen er niet steeds christelijke gedachten in ons op en doen we dingen waar we later spijt van krijgen?
Kortom, waarom zijn we dan niet in staat
de genezing van God te verkrijgen, waar
we zo naar verlangen?
Ons antwoord zal zeker dienen te zijn dat
we gewoon niet hard genoeg ons best doen.
We dienen een begin te maken.
Neem een voorbeeld aan
de heilige Maria van Egypte hoe zij tot
verandering kwam en hoe zij met haar leven een nieuw begin maakte.
Zij bevond zichzelf in Jeruzalem en zij wenste, in de overvolle menigte die er verzameld was, om alleen nog het Leven-schenkende Kruis van de Heer te aanbidden.
Maar toen ze probeerde de kerk binnen te komen, hield een onzichtbare kracht haar tegen.
Maar ze bemerkte dat ze niet opgaf.

>>> Voor een keer in haar leven maakte zij een goede keuze <<<

Ze wilde het Groot en Heilig Kruis met het Godsvolk aanbidden –
maar hoewel ze het keer op keer probeerde, werd haar de toegang tot de heilige tempel ontzegd. Daarop, bemerkte ze op een icoon de Moeder Gods en smeekte onder tranen:
O Vrouwe, Moeder van God, Die ontstond God het Woord in het vlees ontving,
weet dat ik, heel goed besef, dat er aan mij geen eer of lof valt te behalen.
Ik ervaar mijzelf als ontzettend onrein en verdorven wanneer ik naar uw icoon kijk ,
O aller-zuiverste maagd, die uw lichaam en geest in zuiverheid hadt bewaart om Hem te ontvangen. Terecht doe ik haat en walging opkomen voor het aangezicht van uw maagdelijke zuiverheid.
Maar ik heb gehoord dat God Die in U verwekt werd mens is geworden om
zondaars  tot bekering te roepen.
Kom mij redden, want ik heb geen andere hulp.
Verzorg dat de ingang tot de Kerk voor mij wordt geopend.
Sta mij toe om het eerbiedwaardige Hout, de levensboom, waarop Hij Die in het vlees heeft geleden en waarop Hij Zijn heilige Bloed vergoot voor de verlossing van zondaren en voor mij, onwaardig als ik ben.
Wordt mijn trouwe getuige voor uw zoon, dat ik nooit meer mijn lichaam zal bezoedelen door de onzuiverheid van de ontucht, maar dat ik zodra ik de Boom van het Kruis heb aanschouwd de wereld en haar verleidingen zal af zweren en zal gaan waar Gij mij zult heenleiden
“.
Daarna werd haar verzoek ingewilligd en kon zij de Kerk vrij, zonder tegenwerking betreden. De onzichtbare kracht die haar had tegengewerkt, werkte nu met haar mee.
Ze vereerde het kostbaar Hout van het Kruis met de andere christenen aldaar,
bezocht al de heilige plaatsen van Jeruzalem en vervolgde daarop, versterkt en verrijkt,
haar weg naar haar nieuwe berouwvolle leven aan de overkant van de rivier de Jordaan.

Via Maria van Egypte ontdekken we hoe we in de woestijn van ons leven
een nieuw begin kunnen maken.
We proberen het beter te doen en zullen ongetwijfeld falen.
We vallen en halen onszelf overeind.
call the Theotokos, Iviron icon on a stampMaar om aan de genezing, die afkomstig is van
werkelijke bekering, te beginnen, dienen we
tot God en tot de Allerheiligste Moeder Gods te roepen.
Het is zeer passend om in deze tijd aandacht te schenken aan de Al-heilige, Moeder Gods, de Theotokos, en altijd maagd Maria.
Toen de H. Maria van Egypte in Jeruzalem was, zagen
we hoe gemakkelijk de Moeder Gods het gebed van
Maria van Egypte onder de aandacht van de Jezus bracht.
We zien hoe vaak de H. Maria van Egypte in de woestijn, door de Al-heilige Maagd werd geholpen; hoe iemands gebeden tot Gods troon te laten doorklinken.
Door de voorspraak van de Moeder Gods, werd Maria van Egypte gered van een leven van zonde en verderf.
Zij zal ons ongetwijfeld net zo redden.
De Moeder van God ontfermt zich over ons zondaars.
Hebben de dode werken ons verziekt? Zijn we verdrietig? Zijn we moedeloos?
Hebben we het gevoel dat ons gebed niet wordt gehoord?
Ervaren we problemen met het om een goed verlangen om te bidden op te bouwen?
Zijn wij het die nog altijd in zonde vervallen?
Hebben we iemand nodig om een ​​nieuw begin te maken?
Bij deze genoemde punten, is het hoog tijd om de Moeder Gods aan te roepen!
Ze houdt van de mensen en zorgt voor de meest wanhopige zondaars en
Zij zal met tedere zorg voor u en mij zorg dragen.
En niet alleen de Allerheiligste Moeder Gods, maar ook al de heiligen, de engelen,
onze beschermengel, onze patroonheilige:
allen wachten ons op om ons bij vragen te hulp te snellen.
Dit is hoe we een begin kunnen maken:
<< door God om hulp te vragen via de Moeder Gods en de heiligen >>.
De Moeder van God hielp de heilige Maria van Egypte en Zij heeft mij kunnen helpen en
zal ook jou kunnen helpen. Laten we dat niet vergeten.

Nu de Grote Vasten ten einde loopt dienen we haar unieke mogelijkheid om
ons geestelijk leven opnieuw in te stellen niet uit het oog te verliezen,
want op een dag zal ook ons einde naderen net als voor een ieder van ons hier vandaag.
Het lijkt misschien niet gepast om te praten over een nieuw begin aan het einde van de Grote Vasten, maar vooral in het geval van je eigen geestelijk leven, is het beter laat dan nooit. Het laatste uur van ons leven komt iedere dag een stukje dichterbij.

Apolytikion         tn.8
In U, o Moeder, werd duidelijk gered Gods evenbeeld,
want nadat gij het Kruis aanvaard hebt om Christus na te volgen,
leerde gij door uw voorbeeld om het vergankelijk vlees te verachten,
maar te zorgen voor de ziel die onsterflijk is.
Daarom, o heilige Moeder Maria
verheugt zich uw geest met de Engelen“.

Orthodoxie & verwachtingen

Ik sta aan de deur en Ik klop,- Openb.3: 20Ik zeg u: ‘Bidt en u zal gegeven worden; zoekt en gij zult vinden;
klopt en u zal opengedaan worden.
Want een ieder, die bidt, ontvangt en wie zoekt, vindt en
wie klopt, hem zal opengedaan worden.
Is er soms een vader onder u, die, als
zijn zoon hem om een vis vraagt,
hem voor een vis een slang zal geven?
Of als hij om een ei vraagt, hem een                                                                                                   schorpioen zal geven?
Indien dan gij, hoewel gij slecht zijt, goede gaven weet te geven aan
uw kinderen, hoeveel te meer zal uw Vader uit de hemel
de Heilige Geest geven aan hen, die Hem daarom bidden?’“.
Luc.11: 9-13

Voortdurend worden wij met vragen omgeven:
kinderen vragen hun ouders; ouders stellen eisen aan hun kinderen;
binnenkort zullen studenten, die door  leraren werden bevraagd, zelf door
hun leraren worden overhoord en echtgenoten zullen dit, hetzij besproken of onuitgesproken, op hun manier doen.
Maar al heel vroeg in ons leven komen we tot de ontdekking dat anderen niet aldoor bereid zijn of om onze vele verzoeken heen draaien en ons niet altijd datgene te verstrekken wat we vragen! In feite, leren we in de loop van ons leven heel voorzichtig te zijn over de wijze hoe we iets vragen en wanneer we om dingen vragen,
waarop we vervolgens hopen iets te ontvangen.

van jongs-af-aanWe weten al heel vroeg dat
er zekere grenzen bestaan aan wat we kunnen vragen [en ons verwachtingspatroon aan te passen], want
we leven nu eenmaal in een wereld samen
met sommige zeer gierige en egoïstisch mensen
– welke volledig beïnvloed zijn door
het egocentrisme van de zonde!
Nadat we keer op keer weer afgewezen worden, kunnen we diep gefrustreerd raken en een houding ontwikkelen van; “Waarom zal ik er om vragen?
Ik zal het toch niet krijgen!”
En we meten ons een natuur aan dit soort denken
ook in onze relatie met God te betrekken.

Laat ons de Heer biddenHet gebeurde,
terwijl Jezus op een bepaalde plaats aan het bidden was, dat Hem nadat Hij klaar was,
van Zijn discipelen de vraag kreeg:
Heer, leer ons bidden net
zoals ook Johannes de Doper dit zijn discipelen
geleerd heeft?
“.
Luc. 11: 1
En zoals we weten werd ons toen
het Onze Vader geleerd, welk ons van
Vader op zoon en Moeder op dochter werd doorgegeven.

In deze tijd van boete, behoren wij tot degenen, die boete doen –
wij zijn toehoorders [προς ακρομενοι] een soort boetelingen – ook wel [προς κλαίωντεσ] wenenden/huilenden genoemd.
Zij staan buiten de deuren van de kerken en door oprechte boete [μετανοια] en
in zeer diep berouw [πενθος] trachten zij hun opname of weder-opname te verkrijgen.
deemoedig achterin de kerkAl voor het begin van de vastentijd werd
ons [via de Tollenaar en de Farizeeër] duidelijk gemaakt dat we ons niet godelievender dienden voor te doen dan
de rest van de aanwezige gelovigen; dus vanaf dat moment staan we
heel deemoedig achterin de kerk.
Verlangen naar menselijke roem leidt immers  tot de leugen en deze in nederigheid uitroeien vergroot de vreze Gods in ons hart.
Vlucht derhalve voor dit soort ijdelheden – vlucht niet alleen, maar ontbind ook vroom die slechte vergadering door de herinnering [hypomnêsis] aan de dood en het oordeel er te berde te brengen, want dit is beter dan
dat je wellicht daardoor met ijdele glorie [kenê doxa] besprenkeld wordt, maar dat er op deze wijze voor velen een werkelijke therapeut gevonden wordt.
Huichelarij is immers dikwijls de moeder van de leugen en haar veroorzaker.
Want sommigen definiëren de huichelarij niet anders dan een oefening en
een in de praktijk brengen van leugen met eed erin vermengd en verstrengeld.
Wie de vreze des Heren bezit, leeft gescheiden van leugen [xeniteuô], want
hij bezit zijn eigen geweten als een onomkoopbare rechter.
Een klein kind kent geen leugen, hetzelfde geldt voor een kind Gods, wiens ziel bevrijd is van slechtheid.   Wie door wijn verblijd is zal onvrijwillig in alles de waarheid zeggen en die dronken is van berouw [καντάνυξης] zal niet kunnen liegen.
Leugen is de verdelging van Liefde [αγαπε], meineed de verloochening van God.

Christus werd door de duivel benaderd om ook Hem te verleidenHet tegengestelde van de leugen is
de waarheid,
de mens prefereert te geloven in dat wat waar is en blijkt hij spontaan niet in staat te zijn
te weten wat waar is en wat niet.
Als er geen waarheid is, dan is alles onwaar.
Dan is er geen leven; dan is alles bedrog, hetgeen als de tegenstrever [ο διάβολος]
wordt aangeduid. God maakt ons duidelijk dat gevallen engelen als goden gezien willen worden;
zij die zich hebben gekeerd tegen de heerschappij van de ene ware God en
dat zij zichzelf tot goden en godinnen hebben uitgeroepen.
Deze zgn. goden en godinnen dolen rond in het rijk van de leugen en hebben als doel:
de mensheid te verleiden om hen te vereren en hen te volgen i.p.v. God
Als dan alles wat je als zinvol beschouwt, leugen is; dan is alles wat je vreugde geeft, misleidend. Dan heb je geen toekomst, maar enkel misleiding van jezelf en anderen.
De Trooster, de Geest der waarheid, kan de wereld niet ontvangen, want
zij ziet Hem niet en kent Hem niet
“.
John.14: 17
Wanneer de Geest der waarheid komt, zal Hij u de weg wijzen tot de volle waarheid
John.16: 13
Ik ben in de wereld gekomen, opdat Ik voor de waarheid zou getuigen;
een ieder, die uit de waarheid is, hoort naar Mijn stem
“.
John.18: 37

Jezus leert ons in bovenstaande lezing van Lucas, dat er al grenzen zijn aan wat we
van onze ouders, familie, vrienden en collega’s kunnen verlangen; echter
bij God behoeven wij er geen doekjes om te winden, en
kunnen we onomwonden vragen wat ons op het hart ligt.
Er zijn geen grenzen:
God is de menslievende God [μία από τις σπουδαίες του Θεού] en
zal er alles aan doen om  het gebed van Zijn kind te verhoren –
Ik, de Heer, zal hen verhoren;
Ik, de God van Israël, zal hen niet verlaten
“.
Is.41: 17

Neem een voorbeeld uit het Oude Verbond!
Sodom Gomorra, posterAbraham vroeg God om de ontzettend zondige mensen van Sodom en Gomorra te sparen – en hij vroeg dit niet gewoon een keer, maar zes keer!
Merk op dat Abraham zeer verontschuldigend was om God ‘zo vaak’ te vragen, maar God heeft nooit aangegeven dat Hij het zat was zijn verzoeken aan te horen.

Wanneer Jezus ‘discipelen Hem opnieuw
in het gebed gadeslaan, vragen zij hem
wanneer Hij daarmee klaar is:
Heer, leer ons bidden …” [en] Jezus zei tot hen:
Wanneer jullie bidden, zeg dan:
Vader, Uw Naam worde geheiligd; Uw Koninkrijk kome;
geef ons elke dag ons dagelijks brood; en vergeef ons onze zonden, want ook wijzelf
vergeven een ieder, die ons iets schuldig is en leid ons niet in verzoeking
“.
Luc 11: 2-4
Gods Zoon Zelf leert ons dit gebruik van twee zéér vèr-strekkende illustraties
waarop Hij aantoont,
1.]. dat Hij menslievend is en
2.]. Hij ons gebed zal verhoren.

Πάτερ ημώνJezus heeft dus op verzoek van de Apostelen
dit gebed als voorbeeld meegegeven, hetgeen
door ons meestal het “gebed des Heren” wordt genoemd,
ik geef er evenwel de voorkeur aan dit het “gebed voor de leerlingen” te noemen om een onderscheid te maken met het Hoog-Priesterlijk gebed als “gebed des Heren“, dat
staat vermeld in Johannes 17.
Het ‘Onze Vader’ is nimmer als voorbeeld gegeven om
– gedachteloos, vóór en ná tafel  te worden opgelepeld en Jezus geeft ons:
wanneer gij bidt, ga in uw binnenkamer,
sluit uw deur en bid tot uw Vader
in het verborgene; en uw Vader,
Die in het verborgene ziet, zal het u vergelden.
En gebruikt bij uw bidden geen omhaal van woorden, zoals de heidenen;
want zij menen door hun veelheid van woorden verhoord te zullen worden.
Wordt hun dan niet gelijk, want God uw Vader weet, wat gij van node hebt, eer gij Hem bidt

Matth.6: 6-8;
als een duidelijke gebruiksaanwijzing mee.
Vermits dit gebed in rust en aandacht wordt gebeden is
het een goed kader om de communicatie met de Vader aan te geven;
het is daarom door de Kerkvaders onlosmakelijk aan de inleidingsgebeden verbonden.

De formulering van het van het “Onze Vader” van Lucas is echter niet degene
welke we in onze diensten gebruiken.
De meer liturgische formulering en evenwichtiger gebedsvorm van Mattheüs 6
heeft de voorkeur gekregen:
Πάτερ ημών Κατά τους ΠατέρεςOnze Vader die in de Hemelen zijt,
Uw Naam worde geheiligd;
Uw Koninkrijk kome; Uw wil geschiede, gelijk
in de hemel alzo ook op de aarde
Geef ons heden ons dagelijks brood;
en vergeef ons onze schulden,
gelijk ook wij vergeven onze schuldenaren; en
leid ons niet in verzoeking, maar verlos ons van de boze
“.
[P. Want van U is het Koninkrijk en
de kracht en de heerlijkheid in der eeuwigheid. Amen. ]

Deze gebedsformulering wordt onmiddellijk gevolgd door de gelijkenis van de Vriend om middernacht.
Deze vorm geeft ons belangrijke aanwijzingen                                                                                  voor ons dagelijks gebed en                                                                                                                   de gelijkenis leert ons in dit gebed te volharden.
De gelijkenis van de Vriend te middernacht is een
van de twee grote gelijkenissen over het gebed
– de andere is de weduwe en de onrechtvaardige rechter uit Lucas 18: 1-8.
Deze laatste komt ook alleen maar in het Evangelie van Lucas voor.

deurklopperWie van u zal een vriend hebben,
die midden in de nacht bij hem komt en tot hem zegt:
Vriend, leen mij drie broden, want
een vriend van mij is op zijn reis bij mij aangekomen en ik heb niets om hem voor te zetten; en
dat dan hij, die binnen is, zou antwoorden en zeggen:
Val mij niet lastig, de deur is reeds gesloten en mijn kinderen en ik zijn naar bed;
ik kan niet opstaan om ze u te geven.
Ik zeg u, zelfs al zou hij niet opstaan en ze geven, omdat hij zijn vriend was, om zijn onbeschaamdheid zou hij opstaan en hem geven, zoveel hij nodig heeft.
En Ik zeg u:
Bidt en u zal gegeven worden; zoekt en gij zult vinden;
klopt en u zal opengedaan worden.
Want een ieder, die bidt, ontvangt en wie zoekt, vindt en wie klopt,
hem zal opengedaan worden
“.
Luc.11: 5-10

Betekenis van deze gelijkenis
volhardend op de deur blijven kloppen
Als een volhardend verzoek
om te middernacht drie broden te verkrijgen van een onwillige buurman, dan
zullen onze oprechte gebeden toch zeker Onze Vader ‘s volledige aandacht hebben en zullen we op
het juiste moment Zijn antwoord verkrijgen.
De gelijkenis openbaart God ‘s karakter van
een liefhebbende Vader Die onze vragen hoort en
onze volhardende situatie in het gebed kent.

Inzicht in deze gelijkenis
Sommige gelijkenissen zijn bedoeld om met elkaar te vergelijken om ons inzicht te geven.
Bijvoorbeeld de gelijkenis van de schat verborgen in                                                                       het veld, [met behulp van de vergelijking woord “als,                                                         gelijk aan “] wordt het koninkrijk vergeleken met een schat.
Het Koninkrijk der Hemelen is gelijk aan een schat, verborgen in een akker,
die een mens ontdekte en verborg, en in zijn blijdschap erover
gaat hij heen en verkoopt al wat hij heeft en koopt die akker
“.
Matth.13: 44
God is in Zijn goedheid niet zoals de onwillige buurman, maar
tot oneindig veel meer bereid.
Hij is niet zoals de onrechtvaardige rechter die door de aanhoudende weduwe, die
het hem moeilijk maakt [Luc.18: 1-8], maar
zal volledig liefdevol en oprecht op onze gebeden ingaan.
Daarom is God in deze gelijkenis in contrast met een onwillige buurman geplaatst.
De buurman is terughoudend om zijn vriend te beantwoorden en
geeft hem wat hem gevraagd wordt, maar alleen omdat
de buurman volhardend is zal hij capituleren en
geeft hem het brood dat hij vraagt.
God, daarentegen, is tot veel meer bereid.
We behoeven hem niet onder druk te zetten;
Hij is onmiddellijk bereid ons wanneer we bidden te antwoorden, al
is het alleen maar de rust die het òns schenkt dat
wij onze zorgen bij Hem hebben opgedragen.
Als zelfs de onwillige buurman het verzoek zal beantwoorden,
kunnen wij er heel zeker van zijn dat God ons vroeg of laat zal antwoorden.
Als we maar volharden in het gebed.

Ook al is de buurman terughoudend en
zou hij niet opgestaan zijn ​​en geven wat gevraagd wordt.
De buurman is een vriendelijk iemand en gaat nochtans in op het volhardend verzoek . . . .
Hoe krachtig is onze aanhoudende druk op elk gebied van
onze inspanningen en hoe belangrijk.
Vanwege de zo bekende jong-aangeleerde volharding wordt veel in deze wereld bereikt.
Goed beschermd, door waterwerkenDoorzettingsvermogen zoals we die op het gebied van weg- en waterbouw in Nederland kennen heeft ons in de gehele wereld bekend gemaakt. Volharding werkt hierbij als koolstof op ijzer,
het vormt een stevige stalen constructie.
Het doorzettingsvermogen wordt verlangd van
de man die om middernacht iets van zijn buurman gedaan wil krijgen.
In het Grieks wordt volharding gedefinieerd
met zelfgenoegzaamheid [άναίδεια].
Bij ons wordt gesproken van “opdringerigheid” of “vrijmoedigheid”.
Je zou ook het aspect van schaamteloosheid aan toe kunnen voegen bij het vertalen άναίδεια het
niet beschaamd zijn om te vragen
aandacht aan het probleem te vragen“.
Een “dwingende verzoek“; een aanvraag als een claim of gunst, die
nog wordt aangewakkerd met een lastige frequentie of hardnekkigheid.
Mannen zijn veelal gevoelig en worden soms overwonnen door
de opdringerigheid van hun vrouw of kinderen.
Het resultaat zal dan weinig discussie oproepen.

De kracht van vriendschap.
Vriendschap is inderdaad krachtig, maar niet krachtig genoeg om deze buurman te doen opstaan; alleen de mens z’n vasthoudendheid doet wonderen.
Dus de aanhoudende druk van de kant van degene die vraagt
​​is nog krachtiger dan vriendschap.
Ik zeg dan ook al zou hij niet opgestaan zijn ​​en hem niets hebben gegeven; echter omdat hij zijn vriend is zal hij vanwege het doorzettingsvermogen zijn opgestaan en zal hem zoveel gegeven hebben als hij nodig had. In tegenstelling tot zijn eigen onwil en zelfs tegen zijn beter weten in,  bezwijkt de buurman en geeft degene die zijn nachtrust onderbreekt zo veel als hij nodig heeft.

God is echter meer bereid dan die buurman
Polyeleos Cover
Het is echter zeker niet zo dat God
dient te worden aangesproken om
onze gebeden te verhoren.
Druk uitoefenen is echt niet vereist.
God is niet terughoudend, zelfs niet voor maar een beetje.
God is niet zoals ‘s-mensenvriend.

1.]. God heeft de mens lief en
de bereidheid om onze gebeden te horen en te beantwoorden is krachtiger dan
de vriendschap welke via deze buurman wordt aangetoond.

Immers degene “die vraagt, ontvangt; en wie zoekt, vindt; en
wie klopt, zal het worden opengedaan
“.
Luc.11: 10
2.]. God is altijd wakker en gaat nooit naar bed.
Hij is altijd bij ons aanwezig en is er altijd al geweest.
Hij heeft de mens veel beloofd en Hij houdt Zijn Woord.
Zie, Hij zal niet sluimeren noch slapen,
de Bewaker van Israël
“.
Psalm 121: 4
3.]. We behoeven niet hard op de deur te bonken om te worden gehoord.
Hij hoort zelfs een zwakke kreet; luister dus naar Zijn stem.
God, verhoor mijn smeking; geef acht op mijn gebed.
Van de uiterste grenzen van het land heb ik tot U geroepen, toen mijn ziel benauwd  was;
Gij hebt mij te Petra verheven.
Gij hebt mij geleid, want Gij zijt mijn hoop,
een sterke toren in het gezicht van de vijand
“.
Psalm 60: 1-3

God is bereid in plaats van terughoudend te zijn; ons met klem te roepen, te zoeken en te blijven kloppen. Hij geeft ons nooit voorafgaande excuses zoals:
Mijn deur is vergrendeld of ik lag al op bed.
Elke ogenblik van de dag kunnen we bij Hem terecht – zelfs in de donkerste momenten van ons leven kunnen wij bij Hem terecht – Hij zal er zijn.
Als we God benaderen, zelfs al is het in het middernachtelijk uur,
de donkerste tijd van ons leven – Hij zal er zijn.

Je zult bij jezelf te rade dienen te gaan:
Heb ik zelf het gebed niet te gauw opgegeven1.]. Heb ik het gebed niet te gauw opgegeven?
Nemen we elke dag wel de tijd om een “gesprek” met de Allerhoogste in te plannen,
om Hem op te zoeken, om tot Hem te benaderen?
Hij belooft immers:
Nadert tot God en Hij zal tot u naderen“.
Jac.4: 8
2.]. Hebben we niet vergeten waar we voor hebben gebeden – nog voor het antwoord tot ons is gekomen? Een goede manier om ons bij de les te houden in Zijn trouw aan ons in het gebed
kan zijn een ​​soort herinneringsboekje bij te houden.
Zo werden er tot voor kort, dyptiek-boekjes bijgehouden waarin de namen werden vermeld voor welke personen we allemaal wilde bidden, zowel de levenden als de overledenen.
Saint Marc, Ebbo Gospels3.]. Zijn we wel zo toegewijd aan het gebed?
Weest blijde in de hoop, geduldig in de verdrukking, volhardend in het gebed, bijdragend in de noden der heiligen, legt u toe op de gastvrijheid.
Zegent wie u vervolgen, zegent en vervloekt niet.
Weest blijde met de blijden, weent met zij die wenen. Weest onderling eensgezind, niet zinnende op hoge dingen, maar voegt u in het eenvoudige.
Weest niet eigenwijs.
Rom.12-16
Dit zal beslist enige tijd en moeite kosten.
De resultaten zijn echter de moeite waard.
De tijd nemen om dagelijks te bidden en vooral
in de vroege ochtend zal vruchten voortbrengen.
Maar het nemen van voldoende tijd is de sleutel.
Immers, het kost tijd om het hart van de mens op te richten, om de rommel van het leven af te leggen en een duidelijke verbinding met de Heer op te bouwen.
God hoort ons en we horen dan tevens wat Hij zegt.
Het Woord van God [het lezen van de H. Schrift] toont ons vaak Zijn antwoord in schriftelijke vorm en de Heilige Geest spreekt dan eveneens tot ons hart.
hindoeïstische gebedsmolens in het Labrangklooster in AmdoLet echter op het feit dat we
niet vervallen in een hersenloze herhaling.
We kunnen dit proces niet automatiseren als bij de onjuiste opvattingen van
de hindoeïstische gebedsmolens.
We sturen God immers ook geen e-mailtjes
– het gaat om de persoonlijke benadering,
de relatie die je in het gebed opbouwt.
Beter weinig woorden recht uit je hart dan een hele reeks opgedreunde gebeden uit het gebedenboek;
Gebruikt bij uw bidden geen omhaal van woorden, zoals de heidenen;
want zij menen door hun veelheid van woorden verhoord te zullen worden.
Wordt hun dan niet gelijk, want
God uw Vader weet, wat gij van node hebt,
eer gij Hem bidt
“.
Matth.6: 7-8
God is niet een machine of een wensput, waar je alles maar in kwijt kunt.
God verleent ons een geweldige mogelijkheid om Zijn aanwezigheid te ervaren en
is belangstellend naar onze behoeften en de behoeften van anderen.
We dienen dit niet te misbruiken en evenmin te verwaarlozen.
Laat ons in Zijn tegenwoordigheid verblijven en
Hem van aangezicht tot aangezicht trachten te ontmoeten.
Ons hart dient gericht te zijn op: “Heer, leer mij te bidden“.
Vraag de Heilige Geest je daarin te begeleiden.
Bespreek alles en laat de absoluut onbelangrijk dingen buitenwegen.
en toon Hem je dankbaarheid door Hem onophoudelijk te bedanken
voor alles wat wij tenslotte via Hem berkregen hebben.

Ter afsluiting van de gelijkenis van de Vriend te middernacht
zegt onze Heer, de Zoon van God en geeft een drievoudige vermaning
met een drievoudige belofte van vervulling:
the path to Sanctity - saint Isaac, the SyrianEn Ik zeg u:
Bidt en u zal gegeven worden;
zoekt en gij zult vinden;
klopt en u zal opengedaan worden.
Want een ieder, die bidt, ontvangt en wie zoekt, vindt en wie klopt,
hem zal opengedaan worden
“.
Laten wij daarom met vrijmoedigheid opgaan tot de Troon der Genade,
opdat wij barmhartigheid ontvangen en te gelegener tijd Genade vinden om hulp te verkrijgen
“.
Hebr.5: 16

Psalmen op basis van Waarheid samengesteld – Psalm 54 [55]

CrisesGod, luister naar mijn gebed en
veracht mijn smeken niet;
geef acht op mij en verhoor mij.
Ik ben bedroefd in mijn gedachten,
ik ben ontsteld door het schreeuwen van mijn vijand en de verdrukking door de zondaar.
Want zij hebben mij overladen met ongerechtigheid,
vol woede strijden zij tegen mij.
Mijn hart is in mij ontsteld,
doodsangst heeft mij overvallen.
Vrees en ontzetting zijn over mij gekomen,
duisternis heeft mij bedekt.
Daarom zeg ik: wie geeft mij vleugels als een duif,
om weg te vliegen en rust te vinden?
Zie, ik zou ver weg vluchten,
om te gaan wonen in de woestijn.
Daar zou ik God verwachten,
die mij redt van kleinmoedigheid en uit de storm.
werp hen in zee, o Heer, verdeel hun tongen,
want ik zie onrecht en tegenspraak in de stad.
Dag en nacht gaan zij rond op haar muren,
onrecht en slagen zijn in haar midden en onrechtvaardigheid;
geweld en bedrog wijken niet van haar straten.
Zo het de vijand was die mij verwenste,
dat zou ik verdragen.
En als hij die mij haat, hoogmoedig over mij had gesproken,
dan had ik mij voor hem verborgen.
Maar gij, mens, mijn tweede ik, die mij leidde, mijn vertrouweling!
Die door uw bijzijn de maaltijd verzoette,
die eensgezind met mij wandelde in het Huis van God!
Dat de dood over hen kome,
dat zij levend in de hades storten,
want misdadigheid woont midden in hun huizen.
Ik heb tot God geroepen
en de Heer heeft mij verhoord.
’s Avonds en ’s morgens en ’s middags zal ik het zeggen en verkondigen;
dan zal Hij mijn stem verhoren.
Hij zal mijn ziel in vrede bevrijden van hen die mij benauwen,
want met velen omringden zij mij.
God zal mij verhoren en hen vernederen,
Hij, Die is voor alle eeuwen.
Voor hen is er immers geen losgeld, daar zij God niet vrezen,
Hij strekt Zijn hand uit ter vergelding.
Zij hebben Zijn Verbond onteerd: nu zijn zij
verdeeld door de toorn van Zijn gelaat,
en hun harten zijn in benauwdheid
Hun woorden schenen zachter dan olie,
maar het waren schichten.
Werp uw zorgen op de Heer en Hij zal u er
doorheen dragen;
Hij zal in eeuwigheid niet toelaten dat de gerechte wankelt.
Hun echt, God, haalt Gij neer
in de kuil van het verderf.
De mannen van bloed en bedrog bereiken nog
niet de helft van hun dagen,
Maar ik, Heer, wil vertrouwen op U“.
Psalm 54 [55],
vertaling R.O.-klooster, Den Haag

Wanneer je door problemen overvallen wordt, verschrikkelijke dingen ervaart en
je jezelf van God en alleman verlaten voelt, wat doe je dan?
Weet jij wat je gaat doen?
PrayerLees bovenstaande Psalm van David.
Hij wist wat je ervaart en hoe je je voelt.

Je zult niet gauw een “Lang zul je leven in de Gloria” zingen op weg naar een begrafenis.
Zo maakte ook de Psalmist z’n keuze, hij wilde de juiste melodie en ze met z’n gedicht een bepaalde herkenning bereiken.
Paulus zei hierover dat je al naar gelang je stemming een verschillend geluid voortbrengt:
Zelfs dingen zonder leven, of het nu een fluit is of een citer, wanneer ze een geluid voortbrengen,  maken ze een onderscheid door de klank,
hoe zal anders bekend worden, hetgeen op de fluit gespeeld?
Want wanneer de bazuin een onzeker geluid voortbrengt,
wie zal ons dan voorbereiden voor de strijd?
“.
1Cor.14: 7,8

Holy Prophet David by Monk Theotokis SimonopetritisPsalm 54 gaat over het verraad
van persoonlijke vrienden en
David dacht dat snaarinstrumenten
het beste de stemming weergaven die
hij voelde en de stemming van
zijn woorden tot uiting brachten.

Er is natuurlijk een paradox,
want als je eenheid met God nastreeft,
ben je verbonden met alles wat God gemaakt heeft en waar Hij van houdt.
Daarom is het gebed dat deze vereniging nastreeft, een contemplatief gebed,
dat met niets anders kan worden betrokken dan met God.
Het is op zichzelf niet een gebed dat om een gunst vraagt, maar een uiting van verdriet
of een vragen om aandacht voor de lijdende ziel[en].
Het houdt niet de overwegingen in, die betrekking hebben op de Leer van de Kerk,
de Blijde Boodschap, de levens van de heiligen of zelfs de Mysteriën.
Het doet tegelijkertijd een beroep op alles wat de relatie met God aangaat en
gebruikt haar eigen woorden, gedurende een zeer belangrijke periode
van je leven en je positie daarin.
In deze contemplatieve dimensie ben je op zoek naar de vereniging met God,
het gaat dieper dan op alle andere momenten
want je zoekt niets. . ,niets. . ,niets anders. . dan God.
Op deze momenten tevreden zijn met iets anders zou inhouden dat
je jezelf tevreden stelt met iets wat minder is dan God.
“God, luister naar mijn gebed en veracht mijn smeken niet …”
God wil onze gebeden te horen, maar we kunnen dat niet voor lief nemen.
We kunnen niet anders dan dat we Hem, als Onze Vader, moeten laten weten
dat Hij ons aanhoort wat wij hem willen laten weten!
De profeet David had een groot probleem, welke hem totaal van slag bracht,
waardoor hij hardop kreunde, omdat iemand en iets wat hem onderdrukte,
hem totaal overmande.
De man Gods werd door ik weet niet wat zo groot overvallen [gehaat] en
dat goot zijn/haar toorn als hete pek over hem heen.
Ervaar je hoe David klinkt? Weet je hoe hij zich voelde?
Als dat zo is, dan ga je met je gebed hierover naar God, je Vader, Die
in de hemelen is, of niet soms?
Het pleit toch voor Hem dat Hij Zijn kind wil aanhoren,
die Hem de diepe problemen in het hart komt uitleggen?

Er bestaat in onze samenleving een impliciete druk om
onze echte gevoelens te onderdrukken,
we worden hiertoe aangespoord, door de vrome kooplieden van emotionele ontkenning,
dat we ‘geloof’ dienen te hebben in de toekomst
[alsof het kreunen van de Psalmist tot God dit niet genoeg laat zien].
wie geeft mij vleugels om als een duif weg te vliegenZo belanden we in de stress
[die overspannen aandoet] en we gaan ons te buiten aan andere dingen alsof de emoties, niet echt gevoeld worden.
We stoppen de echte emoties weg, die diep van binnen in ons omgaan en gaan
bijvoorbeeld heel hard werken.
We kunnen ons niet op God verlaten [die hebben we jaren geleden in een kastje weggestopt] laat staan dat we de Psalmen kennen en
we blijven de echte emoties te verbergen.

De Psalmen dwingen ons om bij het volledige scala van het menselijk gevoel te komen.
Overweeg Psalm 54 [55].
Let op de sterk emotionele taal, die David gebruikt.
Hij zegt dat hij “onrustig” is  en dat hij “kreunt”;
hij verwijst naar zijn hart als zijnde “door angst bevangen” en welke wordt overweldigd door ellende. Hij is zo door wanhoop overmand dat hij verlangt om vleugels te bezitten en ver weg te vliegen, weg van deze ellende en het verdriet.
De Blijde Boodschap roept ons op om:
Verblijdt u met de blijden; en weent met zij die wenen“.
Rom.12: 15
De Psalmen geven ons een schets hoe we dit dienen aan te pakken en
dit wordt ons door een groot Profeet aangereikt, die van oudsher weet wat er speelt.
Ze geven ons woorden om onze emoties handen en voeten te geven
op een manier die goedbedoelde woorden niet kunnen.
Ze dwingen ons ons masker af te werpen en echt met God te zijn.
De Psalmen roepen ons op om eerlijk te zijn met het leven in deze gevallen wereld.

Heer Jezus Christus, JezusgebedBen je echt betrokken met wat er gaande is in je leven?
Misschien heb je wel eens horen zeggen dat we “al onze lasten op het matje van de kerk dienen te droppen”, zodat we ongehinderd onze diensten aan God en
de mensen kunnen opdragen.
In tijden van crisis en verdrukking door de wereld gebeurd dat dan ook.
De Psalmen lijken ons aanmoedigen om een ​​andere route te nemen.
Misschien houdt Godsdienst [de dienst aan God] in werkelijkheid in om van zwaarmoedigheid tot het Licht [Christus] te komen en worden we
door deze Psalmen opgeroepen.
Psalmen moedigen ons aan om echt met God te zijn,
ongeacht waar we onszelf bevinden.
We kunnen niet “al onze angst op hem laten rusten“,
tenzij we allereerst Zijn aanwezigheid erkennen.

Psalmen dwingen ons om rust te vinden in God
Psalmen dwingen ons niet alleen om echt met God te zijn,
ze dwingen ons eveneens om onze rust in God te vinden.
Psalmen vinden hun bestaansrecht en overlevingskracht
door te worden gelezen in het licht van de Verlossing.

Psalmen vinden hun bestaansrecht, omdat ze niemand voor de gek houden,
zelfs niet onszelf en aldus de problemen naar een later tijdstip opschuiven;
maar zij bezitten een overlevingskracht, omdat ze ons op onszelf terugwerpen en
ons eraan herinneren dat datgeen wat we ervaren niet onze hoedanigheid bepaalt;
maar het is God, Die bepaalt wat gebeurd en dat is onontkoombaar en dat zal altijd zo zijn.
Daarom dient een treurdicht zo te worden ingesteld en daarom kom je dit overal in de psalmen tegen, dat het binnen de context past van Gods grotere Verlossende daden en doeleinden.
Prayer to GodDe Psalmen laten ons zelden in treurnis achter. Ja, ze confronteren ons met onze emoties. Maar moedigen ons ook aan:
Werp uw zorgen op de Heer en
Hij zal u er doorheen dragen
“.
Psalm 54: 22
Of het nu een schuldbelijdenispsalm is,
een klaagzang, of een lof aan
Degene Die je aanroept,
we worden altijd aangemoedigd om
onze hoop bij de Heer te brengen.
Psalm 54 bevat de resonantie vele andere psalmen die beginnen met de gebrokenheid van de mensheid, maar
eindigen met het standvastig vertrouwen in de Heer.
Uiteindelijk wordt de hoop welke in de Psalmen wordt aangehaald [geprofeteerd]
gerealiseerd in het volbrachte werk van Christus, onze Verlosser.
Zoals de Psalmen ons oproepen onze hoop op God te richten,
vermanen ze ons om te berusten in wat Christus heeft volbracht.
Er bestaat geen andere plek waar we de ultieme rust kunnen vinden.
Iedereen kan zingen. Iedereen kan klagen.
Echter alleen degenen die in Christus vertrouwen ervaren
de volle kracht van Gods schoonheid.
Dit komt omdat alleen de gelovigen in Christus Jezus kennen.
Psalmen roepen ongelovigen op de hoop in God te vinden.
Met name Psalm 109 [110] roept de ongelovigen op te vertrouwen in de God van David,
de Verlossende Heer.
Voor gelovigen geven de Psalmen handen en voeten aan onze belofte op de uiteindelijke verlossing. Ze bieden ons houvast in het dagelijks leven in ons hopen op de Heer.

In gebed, is het belangrijkste
niet te veel na te denken
maar veel liefde op te brengen
“.
Heilige [RK] Theresa van Avila

Leer, wees stil en weet dat Ik God ben“.
Psalm 45 [46]

Psalmen op basis van Waarheid samengesteld – Psalm 68 [69]

Vergeet nooit een ander te zegenenVeel psalmen bevatten een profetie.
Dit betekent dat ze van tevoren al verkondigen wat er gaat gebeuren.
Veel van deze profetieën gaan over Jezus.
Een goed voorbeeld hiervan
is Psalm 21 [22].

Psalm 68 is nu niet bepaald een psalm, die veel profetieën bevat.
Het vertelt ons, evenals de profeet Jeremia, over wat er velen van het Gods volk onderweg overkomt.
young man, not bad, badly frustrated by our systemOmdat de mens, die God haat,
Hem niet kan treffen kwetsen ze in plaats van God het volk van God.
Regelmatig doden ze hen, ook in onze tijd.
We noemen dit kwetsen en doden van mensen “vervolging“.

Mensen vervolgen vaak degenen die:
· uit een ander land afkomstig zijn;
· die iets anders geloven.
. die tot een minderheidsgroepering behoren

Zo werd Jezus eveneens vervolgd.
Om deze reden overkwam Jezus een aantal van de dingen die in Psalm 68 genoemd worden.
Toen de Apostelen, Jezus volgelingen de boeken van het Nieuwe Verbond schreven,
herinnerden ze zich de dingen die Christus overkomen waren en in Psalm 68 beschreven staan.
Hun ogen werden geopend – en zij beschreven Zijn leven aan de hand van wat in de boeken van het eerste Verbond [met het uitverkoren Volk, Israël] – Christus had hen immers duidelijk gemaakt dat
Zij alles wat de profeten over Hem gesproken hadden dienden te toetsten.
Hij zei: moest de Christus dit niet lijden om in zijn heerlijkheid in te gaan?
En Hij begon bij Mozes en bij al de profeten en legde hun uit, wat in al de Schriften
op Hem betrekking had.
Luc.24: 25-27
Maar datgene wat Jezus overkwam, zal tevens met al de andere dienaren Gods overkomen.
Jezus gebruikte een van de verzen uit Psalm 68 om aan zijn vrienden uiteen te zetten
dat zij eveneens door vervolgd zouden worden.
Hij noemde deze mensen ‘de wereld’ en daarmee bedoelde Hij de mensen die Hem
niet liefhadden, vertrouwden en gehoorzaamden.

Hier het gedeelte uit het Johannesevangelie van wat Jezus zei:
– “Indien de wereld u haat, weet dan,
dat zij Mij eerder dan u gehaat heeft
“.
John.15: 18
– “Gedenkt het woord, dat Ik tot u gesproken heb:
Een slaaf staat niet boven zijn heer.
Indien zij Mij vervolgd hebben, zij zullen ook u vervolgen;
indien zij mijn woord bewaard hebben,
zullen zij ook het uwe bewaren.
Indien zij Mij vervolgd hebben,
zullen zij ook u vervolgen
“.
John.15: 20
– “Hij die Mij haat, heeft ook haatgevoel voor Mijn Vader“.
John.15: 23
– “Maar dit gebeurde, opdat het woord zou uitkomen,
het woord in de Schrift: ‘zij haatten me zonder reden’
“.
John.15: 25
Niet het gehele hoofdstuk wordt hier afgedrukt;
maar neem eens een Bijbel bij de hand en lees dit gehele hoofdstuk,
je zult versteld staan wat Christus ons hier openbaart.

Waar De Schrift in Psalm 68: 4 over spreekt is over Christus, die
toen het geschreven werd nog niet mens geworden was.
Jezus vat twee delen van dit vers samen,
1.]. De mensen haten me …
2.]. Ze hebben hier geen reden toe.

Psalmen van vervloeking
Veel van de psalmen zijn tevens gebeden.
Gebeden zijn de woorden die we tot God richten.
Het merendeel van de psalmen vraag God om goede dingen,
maar een enkele niet.
Ze vragen om slechte dingen te laten gebeuren met de mensen;
met de wereld.
We noemen deze “Psalmen van vervloeking of verwensing“.
We kunnen ze ook “Psalmen met slechte gebeden” noemen;
christenen houden niet van deze onaangename gebeden.
Christenen hebben ons overgeleverd dat Jezus dit Zelf ook niet graag deed.
Hij kon geen gebed met akelige dingen over Zijn vijanden uitspreken.
Toen ze Hem gekruisigd hadden bad Hij:
Vader, vergeef het hun, want ze weten niet wat ze doen“.
Luc.23: 34
We dienen ons als Christen [als Christus] te gedragen, te doen als Hij deed en
om goede dingen te laten gebeuren, zelfs voor onze vijanden.
Maar degenen die de Bijbel bestuderen zijn nog steeds van mening
dat ze ook de slechte gebeden dienen uit te leggen.
Ze staan nu eenmaal in de Bijbel en Paulus heeft ons laten weten
dat de gehele Bijbel voor ons van nut is:
Elk van God ingegeven Schriftwoord is ook nuttig om
te onderrichten, te weerleggen, te verbeteren en
op te voeden in de gerechtigheid,
opdat de mens Gods volkomen zij,
tot alle goed werk volkomen toegerust
“.
2Tim.3: 16,17
Eén van de nuttige conclusies, die we eruit kunnen trekken is:
dat het ons duidelijk maakt hoe we niet voor onze vijanden dienen te bidden!

Veel van onze vijanden  zijn [hoewel ze echt Gods vijanden waren] christen geworden
door het gebed van hun slachtoffers.
Sommige befaamde Bijbel verklaarders leggen dit op een bijzondere manier uit.

Sint-Augustinus [1600 jaar geleden] en Bonhoeffer [60 jaar geleden] zeiden dat
dit niet de woorden van de Psalmist waren.

  • Het waren de woorden van Jezus Die door de psalmist sprak.
    Ze maakten duidelijk wat er met Gods vijanden zou gebeuren
    wanneer ze Hem niet voorafgaand aan om vergeving vroegen.
    Zij waren niet in staat:
    God te vragen om hen te vergeven
    · God te vragen om hen rechtvaardig te maken
    · God te vragen om hun namen in zijn boek van het Leven te vermelden.

Dit zou de verklaring zijn waarom een aantal van de Psalmwoorden
die Jezus gezegd heeft wel degelijk belangrijk zijn.
Hij zal over sommige mensen na hun dood verklaren,
Ik heb u nooit gekend; gaat weg van Mij,
gij werkers van de wetteloosheid
“.
Matth.7: 23

Het is niet aan ons christenen om te zeggen
wat er met mensen dient te gebeuren
wanneer ze sterven.
Het is alleen voor God om te oordelen.
Augustinus en Bonhoeffer houden ons dus voor
dat God dit al heeft geopenbaard heeft in de Psalmen van vervloeking of verwensing.
Het komt ons slechts toe God te vragen dat
Hij ook de slechte mensen, die wij ontmoeten
zal gedenken in Zijn Koninkrijk.

Orthodoxie & alles met mate, anders veranderd de mens in een dier . . .

De gastvrijheid van Abraham, NeophytosHij doet het gras ontspruiten
voor het vee,  
het groene kruid
ter bewerking door de mens,

brood uit de aarde voortbrengende;
en wijn, die het hart des mensen verheugt,
het aangezicht doende glanzen van olie;
ja, brood, dat het hart des mensen versterkt.
De bomen des Heren worden verzadigd,
de ceders van de Libanon,
die Hij heeft geplant“.
                                                                                Psalm 103 [104]: 14-16

In de vastenperiode komen we op enkele dagen op de kalender tegen
[met name de zondag, de dag van de Opstanding]
dat wijn en olie is toegestaan.
Het is uiteraard de bedoeling om dit gepast te doen,
dit blijkt uit het volgende:

Noah who planted the first vinyardEen Joods verhaal
[gerangschikt in het Russische christelijke erfgoed dankzij H. Demetrios van Rostov]
over Noach en het planten van een wijngaard.
Zo kwam, Samael, de gevallen engel,
die ochtend tot Noach en zei:
– Wat doe je?
Noach zei: – Ik plant de wijnstok.
– Wat is het?
– Haar zoete vruchten kunnen vers of gedroogd gegeten worden,
en je kunt er een wijn van maken die het hart van de mensen zal verrukken.
Samael riep:
– Laten we de wijngaard dan verdelen
maar ga niet op mijn helft, anders zal het slecht zijn!
Noach is dit aldus overeengekomen, en
God maakt de scheiding tussen het licht en de duisternis. Miniature. ByzantiumSamael slachtte een lam,
en begroef deze onder de wijnstok,
vervolgens deed hij hetzelfde met een leeuw, een varken en een aap,
zodat zijn wijnstok
het bloed van vier dieren dronk.
Daarom verwordt een persoon
doorgaans laf als een lam
wanneer hij wijn begint te drinken
als een leeuw;
en als hij steeds een beetje meer gaat drinken wordt hij als een varken en
morst vlekken op uw kleding;
uiteindelijk gedraagt ​​ hij zich als een aap,
verliest zijn geest en trotseert hij God.

Dit soort gedetailleerde beschrijvingen van het “mysterie der mysteriën“,
wordt al toegeschreven aan Aristoteles, maar is te herleiden
naar Arabische originelen.
Er is geen enkele van deze functies in een van de levende wezens, die
niet in anderen zou zijn te herkennen:
gul als een haanHij is dapper als een leeuw, angstig als een haas,
gul als een haan , gierig als een hond,
boos als een raaf, heeft een tred [loopt] als een mens,
is aan hem gebonden als een duif, strijdlustig als vos,
simpel als een schaap, snel als een hert,
langzaam als een beer, goed als een olifant,
vernederd als een ezel, een rover als een gier,
trots als een pauw, ontuchtig als een struisvogel,
koppig als een vogel, ziek als een varken,
verdrietig zoals de koekoek, dapper als een spin,
zacht als een mier, wraakzuchtig en boos als een kameel,
gehoorzaam als een muilezel, als een vis in het water,
kleding zit gegoten als een nachtegaal.

Tot slot een humanistisch rijmpje
van de [antroposofische] Vrije School:
EuritmieWortel uit de aardegrond
maak mij dapper en gezond;
blad en stengel, lucht en licht
geef mijn adem evenwicht;
bloem en vrucht gevuld met zon
dankbaar drink ik uit uw bron“.

???????????????????????

Orthodoxie & het onvolkomen geheiligd volk

Alle HeiligenAlle schepselen in de hemel en
op de aarde en onder de aarde en
op de zee en alles wat daarin is,
hoorde ik zeggen:
‘Hem, Die op de Troon gezeten is, en het Lam
zij de lof en de eer en
de heerlijkheid en de kracht
tot in alle eeuwigheid’“.
Openb.5: 13

 “Dit volk benadert
Mij slechts met woorden en
eert met zijn lippen, terwijl
het zijn hart verre van Mij houdt
en hun ontzag voor Mij is een aangeleerd gebod van mensen“.
Is.29: 13

???????????????Als kind van God dien je niet ontmoedigd te worden, omdat je in jezelf zonde en onvolmaaktheid
gewaar wordt.
Een Christen mag nooit worden ontmoedigd.
Hij dient nederig, waakzaam, ja, soms angstig, maar
nooit moedeloos, of wanhopig te zijn.
David, Paulus, en zelfs de voorgangers in de kerk kunnen ook onvolmaakt zijn, we zijn immers mensen.
Maar als nieuwe mens in Christus Jezus worden
we als volkomen heilig en gelukkig beschouwd.
De plicht van de Christen is om voor zichzelf in te staan voor zijn wedergeboorte en
zijn zaligheid met vreze en beven uit te werken, want
het is God die hem dit in zijn doen en laten doet toekomen.
Een nieuw wezen, welke gedoopt is, vormt een bewijs dat God hem bijstaat
in de strijd tegen het kwaad en wanneer God hem in z’n leven bijstaat,
is de overwinning aan het einde van de weg verzekerd.
zelf-gebakken speltbroodGelovigen worden er daarom aan gehouden
om “zichzelf onophoudelijk te onderzoeken“,
niet om te beoordelen of ze volkomen geheiligd zijn,
maar of ze zijn nog steeds standvastig zijn in het Geloof,
wat zij eens hebben beleden;
of het contract wat zij met God hebben gesloten
nog steeds nagekomen wordt.
Restanten van de oude gevallen natuur blijven ondanks
het ware Geloof in Christus en een gereinigd hart voortbestaan.
De Apostel Paulus beklaagt zich hier ook over:
Het goede dat ik wil, doe ik niet,
maar het kwade dat ik niet wil dat ik doe“.
Rom.7: 15,19
Maar Paulus was er zeker van dat hij op het vergoten bloed van Christus kon vertrouwen,
tot vergeving van de zonden.
Hij vertrouwde er op dat hij een nieuwe mens in Christus zou worden en
voerde onafgebroken “strijd tegen de wetten van de menselijke natuur“, waardoor
hij zich openstelde uit te groeien tot een perfecte wezen.
Daarom is het eerste en belangrijkste, wat een Christen in al zijn zelfonderzoek voor ogen zou dienen te houden, vast te stellen of hij/zij nog steeds voldoet aan de positie van een hernieuwd mens.
Voor Christenen blijft er altijd de spanning tussen wie we werkelijk zijn, zondaren in hart en nieren, maar ook vergeven worden en geheiligd en aangenomen weten als kinderen van God.
De jaarlijkse noodzaak getuigenis af te leggen van een wedergeboorte is hiermee overduidelijk verklaard.
Vergeet niet dat wanneer een mens door de zonde [de dood] wordt onderdrukt een dood mens is.
Daartegenover staat een menselijke ziel, die tot het leven is geroepen, als een levend mens,
ook al zijn de restanten van de ziekte nog steeds een bedreiging en blijven deze aanwezig.
De “nieuwe mens” zal in Christus de dood uiteindelijk doden en bij de Opstanding de “oude mens” bevrijd zien van de zonde.

Christus geneest de verlamdeDe Goddelijke Genade zal Zich in
deze mens tot in de perfectie proberen te ontwikkelen, hoewel het hij/zij nog
steeds onder invloed van de tegenstrever wordt misbruikt.
Dit is echter geen reden waarom het ware kind Gods voor zijn nobel streven niet zijn zelfonderzoek, belijdenis en vergeving van zonden [Het Mysterie van de biecht] als vooruitgang op de geestelijke weg  zou inzetten om zijn einddoel te bereiken.

De volharding van het streven naar het heilige in een gebonden zijn aan deze wereld,
geeft aan dat je op de weg bent naar de kwaliteit, die van de Christen verwacht wordt.
De psalmist zegt hierover: “Mijn zonde staat mij voortdurend voor ogen” [Psalm 50: 5],
hetgeen eveneens de pijnlijke imperfectie van het menselijk geslacht weergeeft.
Sta op en loop“, zegt Christus tot de verlamde, “opdat gij moogt weten dat de Mensenzoon de Macht heeft op aarde zonden te vergeven“.
Matth.9: 6
We dienen elke gelegenheid aan te grijpen om te oefenen, het is de plicht van de Christen de nieuwe natuur en de ontwikkeling van het beginsel van heiligheid te cultiveren.
Om Uwentwil worden wij de ganse dag gedood, wij zijn gerekend als slachtschapen.
Maar in dit alles zijn wij meer dan overwinnaars door Hem, die ons heeft liefgehad.
Want ik ben verzekerd, dat noch dood noch leven, noch engelen noch machten,
noch heden noch toekomst, noch krachten, noch hoogte noch diepte,
noch enig ander schepsel ons zal kunnen scheiden van de liefde Gods,
welke is in Christus Jezus, onze Heer
“,
Rom.8: 36-39
De nederdaling van de Heilige Geest, PinksterenDe leden van Christus Kerk dienen
te worden tot een woonplaats de Heilige Geest.
Gelovige mensen dienen zich door Christus
te laten gebruiken als levende stenen,
waarmee Zijn Kerk, Zijn Lichaam wordt opgebouwd.
Alle gaven en talenten in het leven komen van de Heilige Geest. Deze bewerkt de mens zo, dat hij/zij de gaven ontvangen om te doen wat God met hem/haar van plan is.
God geeft die Genade niet alleen aan gewone mensen zonder invloed, maar ook aan machtige mensen, die God totaal niet kennen. Is.45: 1-5
De Heilige Geest geeft leven en bekwaamheid, ook aan ongelovige mensen.
Hij geeft vooral gaven waardoor mensen iets met hun leven gaan doen, waardoor mensen hun talenten goed gaan gebruiken.
De Geest geeft wijsheid om het Woord van God te kennen, om [Num.1: 16,17] daarover op
de juiste manier te spreken en te profeteren [Num.11: 24-30].
Het leven van de mens die door Christus verlost is, dient dusdanig veranderd te worden,
dat het bij God past. Dit leven dient ‘geheiligd‘ te worden.
Niemand kan dat uit of door zichzelf . Dat zal de Heilige Geest doen.
Wanneer de Heilige Geest ingrijpt in je leven, wordt het als nieuw, of je wilt of niet;
Hij maakt dat je het wilt.
H. Mattheüs de Evangelist, Groott Lavra, H. berg Athos, GriekenlandDe Heilige Geest leert je, hoe je je leven en je talenten op een nieuwe manier dient te gebruiken. Niet langer tegen God in, in vijandschap, maar integendeel in dienst van Hem, in Liefde.
Dan werkt door de Geest, de verlossing van de zonde, waarvoor Jezus aan het Kruis stierf,
door in je leven.
Dan worden de resultaten van je leven anders, of beter.
Dan brengt dat leven vruchten voort:
‘goede werken’ zoals dat genoemd wordt.
Goede werken zijn de vruchten van de Heilige Geest.
Goede werken, niet om bij God iets goed te maken; maar
goede werken uit dankbaarheid, omdat
je verlost bent van je misstappen.

Goede werken; Paulus noemt ze heel concreet:
“de vrucht van de Geest is Liefde, Blijdschap,
Vrede, Lankmoedigheid, Vriendelijkheid, Goedheid,
Trouw, Zachtmoedigheid en zelfbeheersing”.
Gal.5 : 22
En Paulus noemt het in zijn gevangenisbrief aan de Kolossenzen in Phrygië [3: 5-17]
zelfs ‘de nieuwe levenswandel’.
Je gaat op een nieuwe, andere manier door het leven;
je wordt als het ware opnieuw geboren.
Het maakt dat dit leven een radicaal nieuw leven wordt met een nieuwe inhoud.
De Ladder van de H. Johannes ClimacosHet is dus één vrucht, die uit negen delen bestaat,
zoals een sinaasappel uit partjes bestaat zo is het
ook met de vrucht van de Heilige Geest,
gezamenlijk groeien deze eigenschappen
tot een volle rijpheid.
Dit zijn eigenschappen die innerlijk deel uitmaken van de “nieuwe mens” in Christus.
Dit zijn kwaliteiten die het “nieuwe hart” vormgeven en de “juiste geest” aantonen, die
de genezende kracht van God doet ontstaan.
Met het “sta op” wordt je dus opgewekt; om
van binnenuit overeind te komen en dit
in het dagelijks leven te laten blijken.
Ieder partje van de vrucht van de Heilige Geest bevat de kiem van de wedergeboren menselijke geest; en bezit de Goddelijke Genade die op de gelovige Christen als een leerproces wordt overgedragen.
Veel Christelijk karaktereigenschappen zijn sluimerend aanwezig en worden op grote schaal in de cultuur van de Kerk verwaarloosd. Het lijkt wel of we weinig tot geen vertrouwen hebben om ingeslapen mensen tot vroomheid te motiveren.
Het blijkt nodig te zijn dat we door een directe crisis weer tot de orde worden geroepen;
Gedurende directe noodsituaties  brengt elk lid van een geloofsgemeenschap of het nu Christen, mohammedaan of Hindoe betreft weer vele uren door en blijkt het religieuze karakter sterker, dieper en zuiverder te zijn dan het nu is.

Het is de moeite waard uw Christendom te cultiveren. Het is de moeite waard te beschermen tegen de koude en onbeschoft aanvallen van de wereld.
Het is de wijngaard van de Heer. Zet er een heg omheen. Dan kunnen de wilde-zwijnen de vruchten van het Kruis niet roven; dan kan de vruchtbare bodem niet vertrapt worden en  verharden en onvruchtbaar worden door de voeten van niet-geïnteresseerde voorbijgangers.

>> De veertigdagentijd richt zich niet alleen op het lijden en sterven van onze Heer en Verlosser, maar vooral op onze éénwording met Christus in Zijn Dood en Opstanding in de doop.
De vastenperiode is en blijft een pelgrimstocht voor nieuwe en ‘oude’ Christenen om
zich toe te leggen op de basiskenmerken van het Christelijk leven:
jezelf verloochenen, je naar Christus toe-keren, roddel, achterklap en bitterheid afleggen en je opnieuw met Christus bekleden door geduld en bewogenheid [d.w.z. Liefde] aan te trekken.
In de tijd van keizer Constantijn waren Christenen bezig óf om zich voor te bereiden op hun eigen doop óf actief om anderen te begeleiden die zich voorbereidde op zijn of haar doop.
Christus nederdaling ter helle, Fra Angelico [ca. 1437-1446]Wanneer dit in onze tijd beschouwd wordt als een automatisme, een door de Kerk opgelegde periode voorafgaand aan Pasen, dan wordt het eens tijd dat we onze Heer en hemelse Verlosser, Jezus Christus weer
in het middelpunt van onze tijdsrekening gaan zetten.
Hoe dragen we het mooie van in Hem gedoopt te worden over aan al die zoekers en
versterken we dit voor bestaande gelovigen?
Hoe kunnen we bewust bepaalde regels volgen om ons leven in Christus vorm geven, opdat Gods Heilige Geest ons weer de fijngevoeligheid kan geven om te onderscheiden waar het werkelijk op aankomt <<.
cf. opinie J. Witvliet Nederlands Dagblad 18-febr. 2015

Orthodoxie & Boetvaardigheid en terugkeer tot het Hart

Profeet JoëlMaar ook nu nog luidt het woord des Heren:
Bekeert u tot Mij met uw ganse hart, door
te vasten met tranen en rouwklacht.
Scheurt uw hart en niet uw klederen en
bekeert u tot de Heer, uw God.
Want genadig en barmhartig is Hij,
lankmoedig en groot van goedertierenheid,
berouw hebbende over het onheil.
Wie weet, of Hij Zich niet wendt en berouw heeft en een zegen achter Zich laat overblijven,
tot een spijsoffer en een plengoffer voor de Heer, uw God.
Blaast de bazuin op Sion, heiligt een vasten,
roept een plechtige samenkomst bijeen.
Vergadert het volk, heiligt de gemeente, roept de ouden bijeen, vergadert de kinderen en de zuigelingen; de bruidegom zal uit zijn kamer treden en de bruid uit haar bruidsvertrek.

Laat de priesters, de dienaren des Heren,
tussen de voorhal en het altaar wenen en zeggen:
Spaar, Heer, uw volk en geef uw erfdeel niet prijs aan de smaad, zodat
de heidenen met hen zouden spotten.
Waarom zou men onder de volken zeggen: Waar is hun God?
Toen nam de Heer het op voor zijn land en Hij kreeg medelijden met zijn volk.
De Heer antwoordde zijn volk:
Zie, Ik zal u koren, most en olie zenden, zodat gij daarmede verzadigd wordt en
Ik zal u niet meer prijsgeven tot een smaad onder de volken.
Ik zal van u wegdrijven die uit het Noorden en hem verjagen naar een dor en woest land,
zijn voorhoede naar de oostelijke zee en zijn achterhoede naar de westelijke zee en
zijn stank zal opstijgen en zijn vuile lucht zal opstijgen, want
hij heeft grote dingen gedaan.
Gods Volk verwacht heil van bovenVrees niet, o land, jubel en verheug u, want
de Heer heeft grote dingen gedaan.
Vreest niet, gij dieren van het veld, want
de weiden der woestijn groenen, want
het geboomte draagt zijn vrucht, vijgenboom en wijnstok geven hun rijkdom.
En gij, kinderen van Sion, juicht en verheugt u in de Heer, uw God, want
Hij geeft u de leraar ter gerechtigheid;
ja, regenstromen laat Hij voor u nederdalen, vroege regen en late regen, zoals voorheen.
De dorsvloeren zullen vol koren zijn en de perskuipen van most en olie overstromen.
Ik zal u vergoeden de jaren, toen de sprinkhaan [alles] opvrat,
de verslinder en de kaalvreter en de knager, mijn groot leger dat Ik op u afzond.
Gij zult volop en tot verzadiging eten en
gij zult loven de naam van de Heer, uw God, die wonderbaar met u gehandeld heeft;
mijn volk zal nimmermeer te schande worden
“.
Joël 2: 12-26 – lezing van het 6e uur

Keer op uw pad terug naar de Heer, uw God, want
Hij is genadig en barmhartig.
Hij is lankmoedig, groot van goedertierenheid en
is bedroefd over het onheil
dat Hij op u afzond “.
Joël 2: 13
Gedurende de vasten is er door de week geen goddelijke Liturgie. In de lezing van het zesde uur roept de profeet Joël het Gods volk op tot bekering.
Om ons deze diepe verandering van het hart te doen bereiken,
teneinde onze God welgevallig doel te aanvaarden,
beschrijft de profeet vier paden tot daadwerkelijke bekering.

We dienen in staat te zijn om onze slechte gedachten en passies te vast te stellen.
Dan kunnen wij de verantwoordelijkheid aanvaarden voor de rampen, die onze zonden hebben veroorzaakt.
Wij erkennen dat God “Zich ingezet heeft voor Zijn land”, maar dat “Hij Zijn volk heeft gespaard”
Joël 2: 18
Tot slot danken we God voor “de genezing [ons herstel] van de jaren toen de sprinkhaan [alles] opvrat, de verslinder en degene die ons kaalvreet en de knager“.
Joël 2: 25
We betalen een hoge prijs voor onze slechte gedachten en ongecontroleerde passies,
welke ons tot slaaf maken van de wereld, waarin we wegkwijnen onze menselijkheid.
Zoals de heilige Gregorius van Nyssa ons uitlegt:
De mens, die ooit leefde in de geneugten van het Paradijs,
is overgeplaatst naar dit ongezonde en vermoeiende oord,
waar zijn leven gewend raakte aan ongevoeligheid en
daarvoor in de plaats legde passie en corruptie beslag op de mens.
De zonde verovert de burcht van de ziel [de tempel] als een tiran . . . .
Want het hele scala van passies,
de woede en de angst, de lafheid en de brutaliteit,
de depressie evenals het plezier,
de haat, strijd en genadeloze wreedheid,
zowel de jaloersheid als de vleierij en
ook de onbeschaamdheid spannen samen op verwondingen,
het zijn allemaal totalitaire machthebbers, die ons trachten te beheersen
“.
— > “En leidt ons niet in verzoeking,
maar verlos ons van de boze”
Onze Vader

Inderdaad zijn onze hartstochten agressieve tegenstanders,
die ons tot smaad aanzetten
Joël 2: 17, 19
Ze bezoedelen onze goede naam die we in Christus hebben ontvangen.
Geen wonder dat God roept ons op om zich te bekeren:
Bekeert u tot Mij met uw gehele hart, door te vasten met tranen en rouwklacht.
Scheurt uw hart en niet uw klederen en bekeert u tot de Heer, uw God
“.
Joël 2: 12, 13

H. Johannes Climacos [van de Ladder]De profeet Joël plaatst Gods aanbod van genade
voor ons voor ogen; we krijgen opnieuw een kans om de gemeenschap met God te herstellen en in Hem te gaan leven.
Volgens Johannes Climacos [van de Ladder]:       >>>
Berouw is de vernieuwing van de doop.
Bekering is een contract aangaan met God voor een vernieuwd [tweede] leven.
Iemand die berouw toont verwerft zich de nederigheid
pdf : THE LADDER OF DIVINE ASCENT by John Climacos
“De Hemel-ladder van Johannes Climacos, step 5.1

Joëls profetie laat ons de Icoon van berouw zien,
aan ons als de gemeenschap van Gods volk,
zodat we deze visie kunnen aanvaarden en ons tot echte boetelingen bekeren.
Vasten is voor priesters een tijd om
met luide trompet . . . de mensen op te roepen
Joël 2: 15, 16
Deze oproep is aan iedereen gericht ondanks de leeftijd, zuigelingen en
zelfs de jonggehuwden die hun huwelijkse geneugten [vs. 16] opzij dienen te stellen.

Samen dienen we als Gods volk, we janken voor onze zonden.
We staan voor het altaar en roepen:
Heer, spaar uw volk, geef uw erfdeel niet prijs aan smaad, zodat
de ongelovigen ons bespotten en zeggen: Waar is nu hun God?
“.
Joël 2: 17

God op Zijn beurt verklaart dat Hij Koning Davids pleidooi zal beantwoorden en
Zijn aangezicht afkeert van al onze zonden en al onze ongerechtigheden uitdelgt“.
Psalm 50: 9
God verlangt niet de dood van de zondaars, maar dat zij zich bekeren en leven.
Profeet Joël herinnert ons er hier aan dat
” de Heer onze God genadig en barmhartig is . . . lankmoedig en rijk van goedertierenheid,
ja, zelfs berouw hebbende over het onheil dat hij over ons heeft laten komen”
Joël 2: 13

Laat ons “met goede moed de strijd aangaan;
blij en met een goed gemoed,
want de Heer heeft grote dingen met ons gedaan”.
Joël 2: 21

Profeet Joël 2: 25God “zal [ons] als voorheen besprenkelen met de vroege en de late regen
wanneer we ons inzetten om ons te bekeren.
Joël 2: 23
Hij “zal ons herstellen [terugvoeren] naar onze oorspronkelijke staat” die
weggevreten is door zonden zoals bij bacterievuur.
Joël 2: 25

“Bekering die plaatsvindt in diep berouw en verbonden is met belijdenis
doet de ogen van de ziel de grote dingen van God zien”
Orthodox Psychotherapy [2005]aldus Metropolitan Hierotheos Vlachos
boek: Orthodoxe Psychotherapie, blz. 142
Bekering is het grootse werk dat
we tijdens de Grote en Heilige Vasten verrichten,
waardoor we “de Naam van de Heer [onze] God loven voor alles wat Hij zo wonderlijk voor ons heeft gedaan“.
Joël 2: 26
Laten we ons hart openstellen en
ons tot de barmhartige Heer richten!

  1. D.Dat wij de tijd van ons leven die ons nog overblijft in vrede en boetvaardigheid mogen voleindigen, vragen wij de Heer“;
    A.Geef het Heer? “.
    >> uit de vragende Litanie
    Goddelijke Liturgie van
    de heilige Johannes Chrysostomos

Psalmen op basis van Waarheid samengesteld – Psalm 2

??????????????????????????????????????????????????????????????Het is wel even schrikken als midden in
ons bestaan de goddelijke spotlach uit de hemel losbarst en als een rollende donderslag nog een tijdje blijft na rommelen.
Daarop waren Witte Huis noch Kremlin,
het Elysée noch het Haagse torentje ook
maar één seconde voorbereid;
eh . . . , hierin was niet voorzien.
De goddelijke lach is er niet minder
gul en dus veelzeggend om.
Integendeel, want God richt zich tot en tegen de machtigen van de aarde.

Waarom woeden de heidenen?
Waarom zinnen de volken op ijdelheid?
In opstand zijn de koningen der aarde;
de vorsten zijn samengeschoold.
Zij zijn in opstand tegen de Heer,
en tegen Zijn gezalfde[n].
Zij zeggen: Laat ons hun boeien verbreken,
laat ons hun juk van ons afwerpen.
Maar die in de hemelen wonen lacht hen uit:
de Heer bespot hen.
Dan spreekt Hij tot hen in Zijn toorn,
in Zijn gramschap brengt Hij hen in verwarring.
Doch ik ben door Hem als koning gesteld,
over Sion, Zijn heilige berg.
Om de bevelen des Heren
bekend te maken en te verkondigen.
De Heer toch zei tot mij: Gij zijt Mijn zoon;
heden heb Ik u verwekt.
Vraag Mij, dan geef Ik u volkeren tot erfdeel;
de einden van de aarde tot uw bezit.
Gij zult hen weiden met ijzeren staf,
Hen stukslaan als aardewerk.
Nu dan, koningen, wees wijs: wordt onderricht, gij allen die de aarde oordeelt.
Dient de Heer in vreze,
juicht Hem toe met ontzag.
Aanvaardt onderricht, opdat de Heer niet vertoornd wordt en
jullie verloren gaat van de gerechte weg,
wanneer straks Zijn toorn ontbrandt.
gelukzalig zijn allen,
die op Hem hebben vertrouwd
“.
Psalm 2,
vert. klooster ROC Den Haag

de zoon [david] op de troonWe leven in een merkwaardige tijd,
de mens doet zich tegoed met hetgeen hij ontmoet.
Maar is het goed voor de wereld en de maatschappij wat zij ontmoeten?
Wij fungeren als luchtbellen, kunnen nauwelijks ademhalen, door de laag korsten van kunstmatige
geformeerde ismen [afgeleid van het Gr. –ισμός], welke ons jaar in jaar uit steeds verder belasten.
Deze tonen ons slechts een glimp van het goddelijke licht en zuiveren een fractie van de lucht om de gemodificeerde massa nog enigszins
tegemoet te komen.

Lach zo veel als je wilt ,
schepselen in jullie in beton-en-ijzer en in glas-en-lak gegoten paleizen van onze tijd.
” ‘Eet, drink, en laten we vrolijk zijn’, zoals van ouds” is de moderne uitdrukking,
‘Rook [wat dan ook], laat je glas vullen en wees grappig / De kroeg en de uitgaanscentra vormen de pasvorm en de juiste woning voor je goddeloos bestaan

Ja, we leven in merkwaardige tijden.
Kinderen krijgen voorgeschoteld dat er geen toekomst zit in de kunst en
wordt geen gelegenheid geboden hun eigen creativiteit te ontwikkelen,
zich al dan niet in spirituele zaken te verdiepen, dat
doen ze maar als ze zelf oud [en wijs?] genoeg zijn.
Wel krijgen ze te horen dat er geen toekomst zit in dat soort zaken en dat
zij zich dienen te spiegelen aan succes in politiek en bedrijfsleven.
Maar bijna de helft van de studenten die afstuderen vindt geen werk; want
er is gewoon geen werk voor de richtingen waarin zij afstuderen.
Creativiteit wordt buitengesloten en omgaan met je gevoelens al in een vroeg stadium gedood. Er is geen ruimte meer om buiten te spelen, dus vergapen ze zich maar op irreële virtuele voorstellingen [tv, lap-top, telefoon of tablet].
Er is geen tolerantie meer, iedereen heeft overal zijn commentaar klaar en ouderen zijn bij het minst of geringste kwaad op jonge mensen, degenen die ze zelf verpest hebben.
Het is onvoorstelbaar – een complete generatie staat altijd en overal in contact met elkaar – maar weet niet hoe ze werkelijk dient te communiceren; iedereen liegt on-line of het de gewoonste zaak van de wereld is.
Is het dan niet verwonderlijk dat ze met hun 25e nog niet weten – wat voor toekomst zij voor zichzelf op zouden kunnen bouwen?

Het mantra van de tegenstrever ‘ IK HEB’ viert hoogtij – daar komt al het negatieve vandaan; dat je met wijsheid en compassie kunt leven, wordt in dit bestaan ter zijde geschoven.
De veelkleurige wijsheid van onze God en het profetisch perspectief, welke als ontdekkend en vernieuwend voor de persoonlijkheid zelf kan worden beschouwd, krijgt totaal geen aandacht, om over de eschatologische verwachting en de Bijbelse jaarfeesten maar niet te spreken.

Ondanks dat behaagt het Christus om Zijn Volk vrij te kopen en te ondersteunen.
Hij doet dat op een zodanige wijze dat het een eenheid vormt met Zijn eigen Levenswerk en Hij maakt daarmee kenbaar dat de lof alleen aan Hem toebehoort.
Hiermee maakt Hij Zijn vijanden in verwarring wanneer ze Zijn Getuigenissen niet onderhouden.
Voor een buitenstaander lijkt de tegenstand tegen het Christelijk Geloof op te bloeien;
het Geloof wordt bedreigd en verwacht wordt dat het z’n tijd heeft gehad.
De tegenstand vertrouwt erop dat het verzet kan scoren, Maar hun
verzet brengt altijd verwarring en schande teweeg .
God verwart niet alleen hun plannen, maar maakt hen tevens tot speelbal om Zijn
intenties te bewerkstelligen.
Zo gebeurde het toen Hij Mozes naar Israël zond om hen uit Egypte te bevrijden.
Omdat de Farao niet voldeed aan Gods [via Mozes] bevel, werden de ongemakken voor Egypte ondraaglijk. En dit overkwam Egypte ondanks het feit dat de Farao Israël een zwaarder regime van slavernij oplegde.  De farao werd door een opeenvolging van ernstige oordelen berispt en verhardde  zelf des te meer en was vastbesloten om de Israëlieten zoveel hij kon in Egypte vast te houden.

Doortocht in de Rode ZeeMaar hij kon hen nog geen dag of uur
vast te houden, daar God dit reeds lang
vóór die tijd aan Abraham
bekend had gemaakt.
Gods beloften waren, naast een talrijk nageslacht, ook een eigen land, waarin
zij allerlei zegeningen zouden verkrijgen.
Daarna werden de Egyptenaren verslagen, waarbij de Farao en
zijn legers in de Rode Zee omkwamen.
Hierbij werd de Naam van de God van Israël steeds meer bekend en alom openbaar.
Dit zou niet mogelijk zijn geweest wanneer de farao het volk van Israël
zonder aarzeling en oponthoud had laten gaan.

Op dezelfde wijze verliet Christus met Hemelvaart de aarde,
Zijn volgelingen werden als schapen zonder herder beschouwd.
De wereld spande samen om Gods belangen te onderdrukken en
de herinnering aan Zijn volk weg te poetsen.
Maar de methoden waar zij gebruik van maakten werkten tegen hun eigen bedenksels in.
Zij, die door de vervolging, de dood van Martelaren navolgden, werden uiteen gejaagd, doch
predikten het Woord waar ze ook gingen.
De Blijde Boodschap verspreidde Zich daarop van plaats tot plaats en
het aantal volgelingen nam dagelijks toe.
Nu de Joodse leiders en de overpriesters deze woorden hoorden,
waren zij hierover in verlegenheid gebracht en
vreesden wat daarvan komen zou
“.
Hand.5: 24
Stuttgarter Psalter - Cod.bibl.fol.23, Fol.In bepaalde gebeurtenissen kwam
de Heer hoogstpersoonlijk tussenbeide en toonde Zijn Macht door te tonen dat
het hart en leven van Zijn tegenstanders volledig in Zijn handen waren.
De hooghartige Herodes werd plotseling geslagen door een onzichtbare hand en
stierf aan een walgelijke en dodelijke ziekte                                                                                       [Hand.12: 23]
Hij viel, verslonden door wormen; maar het succes van het Evangelie, die
hij had verondersteld te weerstaan, sterk toegenomen en te verspreiden.
De woedende ijver van Saulus van Tarsus [Hand. 9] tegen de waarheid, werd
een andere manier het zwijgen opgelegd.
Jezus, die hij onwetend vervolgd, verscheen hem in de weg naar Damascus,
toen hij dreiging en moord tegen de discipelen verspreidde.
Zijn woede werd ontwapend en maakte hem tot een pronkstuk van Zijn Genade
Paulus werd een oprecht en succesvolle prediker van het Geloof dat hij getracht had te vernietigen.

Het Verbond met de Joden werd overgedragen aan de heidenen, waar de oppositie niet minder vruchteloos bleek te zijn.
Hoewel de heidenen regelmatig beïnvloed werden en er prat op gingen de Christelijke leer te hebben onderdrukt, werd de Blijde Boodschap, in weerwil van hun pogingen om het te voorkomen, toch  uitgedragen.
De slechtste en de beste van de Romeinse keizers bleken zowel ambitieus als kansloos, in hun pogingen om het werk van God in de kiem te smoren.
Uiteindelijk verkreeg de Christelijke religie, in de regeerperiode van Constantijn, het fiat en de bescherming van het keizerlijke gezag.
Het bleek echter al snel dat de geloofsovertuiging welke vanuit het Nieuwe Testament werd verkondigd weinig voordeel van deze revolutie verkreeg.
Hoewel de verering van heidense afgoden geleidelijk afnam en in diskrediet werd gebracht,
waren de mensen voor het overgrote gedeelte slechts in naam veranderd.
De wereld lag nog steeds in het boze [1John.5: 19] en het ware Christendom was nog steeds onderhevig aan vervolging.
Wanneer de naam ‘Christian’ niet langer als hatelijke en verachtelijk werd beschouwd, werden er al snel nieuwe namen bedacht om de ware dienaren Gods te stigmatiseren.
De kerkelijk leiders werden geleidelijk aan in de adellijke stand verheven totdat de verborgenheid der ongerechtigheid alom regeerde in de Godshuizen.
De vervolgingen van het pontificaat zijn ongeëvenaard en overtroffen die van het heidendom.
Zaccheus, God heeft mij hier geplaatst met een doelEn zij, die de christenen metterdaad ondersteunden, werden beperkt in hun mogelijkheden, zoals
de vroegere elite gedwongen werden op de bergen en
in de woestijnen te dwalen en zich te verbergen in
de spelonken en grotten van de aarde [Hebr.11: 38].
Toch bleef er ondanks alle tegenstand nog een restant over ter de verkiezing van de Genade, die niet kon worden gedwongen het merkteken van het beest te dragen.
En dat terwijl onder vervolgers, die alleen het lichaam maar kunnen doden, de strijdende Kerk leek te verzwakken, nam het aantal deelnemers aan de triomferende Kerk toe.

Uiterlijk, werd de Kerk van Christus vaak vernederd, maar telkenmale werd het onverwacht nieuw leven ingeblazen. De zon brak weer van achter een donkere wolk door en het licht van het Evangelie werd wijd en zijd verspreid, zoals in het begin in dagen van de Apostelen.
In welke vorm dan ook zal het Christendom worden beleden en beschermd en
de kracht ervan worden ontkend en bestreden.
En tot op de dag van vandaag is dit na te gaan door
de ervaring dat allen, die in Christus Jezus godvruchtig willen leven op
de een of andere manier vervolgd zullen blijven worden [2Tim.3: 12].

Door Abraham heeft God ons de belangrijkheid van het Geloof geopenbaard,
alsmede de verstrekkende gevolgen van het Geloof.
Uw vader Abraham heeft zich erop verheugd
Christus’ 
dag te zien en hij heeft die gezien en zich verblijd“.
John.8: 56
Dit wordt ook door Paulus bevestigd:
En de Schrift, die tevoren zag, dat
God de heidenen uit geloof rechtvaardigt,
heeft tevoren aan Abraham het evangelie verkondigd:
In u zullen alle volken gezegend worden.
Zij, die uit het geloof zijn,
worden dus gezegend tezamen
met de gelovige Abraham“.
Gal.3: 8,9

Orthodoxie & ongeveinsd geloof

EuroparlementHoe afwijzender Europese politici
tegenover godsdienst staan,
hoe verder ze ervan overtuigd geraken dat
religie een grote rol speelt, immers:
Zou een woordenvloed onbeantwoord blijven en een woordenkramer gelijk hebben? Zou uw gezwets de lieden tot zwijgen brengen en zoudt gij spotten
zonder dat iemand u beschaamd maakt?
“.
Job 11: 2,3

Christus is Gods Woord in Eigen Persoon.
Het Woord is vlees geworden en heeft onder ons gewoond“.
John.1: 1,14
Dit Woord, in de Schriften voorafgaand aan Zijn aanwezigheid hier op aarde,
is regelmatig vooraf gebeeld geweest, en heeft door de Profeten weerklonken.
Christus erkende en respecteerde het Goddelijk Gezag van de Schriften en
heeft ook bevestigd dat die van Hem getuigden.
Lezers van deze site herkennen hier het feit dat hij de Emmaüsgangers
Zijn aanwezigheid aan de hand van de Schriften uiteenzette.
Maar er zijn meerdere voorbeelden die genoemd kunnen worden o.a.:
1.].Mozes heeft over Mij geschreven“;
John. 5: 46;
2.].Abraham verheugde zich erop dat hij Mijn dag zou zien en
hij heeft die gezien en zich verblijd“;
John 8: 56;
3.].David zelf noemde de Christus zijn ‘Heer’, hoe is Hij dan Zijn Zoon?
Matth.22: 45; Marc.12: 37 en Luc.20: 44.

Ontmoeting in de Tempel - Onbekend Ottonian, ca 1030. Getty MuseumDe rechtvaardige Simeon en Anna, verwachtten de vertroosting van Israël.
Simeon was door de Heilige Geest een Godsspraak gegeven, dat hij de dood niet zou ondergaan, eer hij Christus gezien zou hebben.
En toen de ouders het Kind de Tempel binnenbrachten, nam hij Het in zijn armen en hij loofde God met de woorden:
Prophet Symeon febr 2ndNu laat Gij Heer,
uw dienstknecht gaan in
vrede naar Uw Woord, want mijn ogen hebben
Uw Heil aanschouwd, dat
U bereid hebt voor het aangezicht van alle volkeren:
Licht tot verlichting van de heidenen en van Uw volk Israël
“.
Luc.2: 22-39

Om nog verder te gaan, bij de verzoeking in de woestijn gebruikte de Heer drie uitspraken
uit het boek Deuteronomium om de tegenstander te overwinnen.
Op deze manier heeft Christus de duivel bij deze confrontatie aan het begin van Zijn dienstwerk teniet gedaan, zodat deze voor een tijd van Hem week en zo heeft Hij later
de definitieve overwinning op hem behaald op het Kruis,
Opdat Hij door de dood de duivel voorgoed te niet zou doen die
de macht over de dood had
“.
Hebr.2: 14
Aan het begin van Zijn openbare dienstwerk haalde Christus in
de synagoge van Nazareth enkele verzen aan uit de profeet Jesaja.
Het is heel leerzaam om deze passages te bestuderen in het verband waarin ze voorkomen.
Isaiah 61: 1-2; Luc.4: 18-19,21
In de Bergrede zegt Christus dat Hij niet is gekomen om de Wet of de Profeten op te heffen, maar
om de Schriften in vervulling te doen gaan.
Matth.5: 17-18
Totdat de hemel en de aarde voorbijgaan,
zal niet één jota of één tittel van de Wet voorbijgaan totdat alles is gebeurd“.
Christus haalde met grote regelmaat teksten uit het geschreven Woord van God aan.
Hij verwees in totaal naar ongeveer twintig personen uit het Oude Testament en
noemde teksten uit negentien verschillende boeken.
Regelmatig zie je Hem zeggen:
Er staat geschreven . . . “, “De Schriften getuigen van Mij“,
“De Schriften moeten vervuld worden . . .” en “Hebt u niet gelezen . . .“, etc.

Over de praktische en geestelijke betekenis van de Genade, die
ons door de Blijde Boodschap geschonken wordt,  kan geen enkele twijfel bestaan.
Ook voor ons is Wijsheid van toepassing, zoals:
De zegen des Heren, die maakt rijk, zwoegen voegt er niets aan toe.
Zoals het een vermaak is voor de dwaas schanddaden te bedrijven,
zo is het met de Wijsheid voor de mens met verstand
“.
Spr.10: 22,23
Ontmoeting in de Tempel, Simeon en AnnaOnze rijkdom als christenen is
in de eerste plaats van geestelijke aard:
Gezegend zij de God en Vader van onze Heer Jezus Christus, Die ons met allerlei geestelijke zegen in de hemelse gewesten gezegend heeft in Christus“.
Eph.1: 3
Door zijn geloof ging Abraham, toen hij geroepen werd,
gehoorzaam op weg naar een plaats die hij in bezit zou krijgen en hij ging op weg zonder te weten waarheen.
Door zijn geloof trok hij naar het land dat hem beloofd was maar hem nog niet toebehoorde
“.
Hebr.11: 8,9

Nu, dan koningen, weest wijs:
wordt onderricht, gij allen die de aarde oordeelt.
Dient de Heer in vreze,
juicht Hem toe met ontzag.
Aanvaardt onderricht, opdat de Heer niet toorne, en
jullie verloren gaan van de gerechte weg, wanneer
straks Zijn toorn ontbrandt.
Gelukzalig zijn allen,
die op Hem hebben vertrouwd“.
Psalm 2 [eind, vert. Den Haag]
Christus Pantocrator, de AlleenheerserMaar ik weet:
mijn Verlosser leeft en
ten laatste zal Hij op het stof optreden.
Nadat mijn huid aldus geschonden is, zal ik
uit mijn vlees God aanschouwen, 
Die ik zelf mij ten goede aanschouwen zal, Die mijn eigen ogen zullen zien en niet een vreemde;
mijn nieren in mijn binnenste versmachten   van verlangen“.
                                                                               Job 19: 25-27
De Kerk leeft in de verwachting van
de “dag des Heren”, de Wederkomst des Heren.
Deze dag is de vervulling van de Gods plan met de wereld en de mensen:
We zullen voor eeuwig met Hem zijn!
God zal alle dingen nieuw maken: hemel en aarde, wij krijgen een nieuw onvergankelijk lichaam.
Er zal geen dood meer zijn, geen rouw,
geen geweeklaag, geen pijn of verdriet,
geen oorlog, geen geweld.
Ja, God Zelf, zal alle tranen van onze ogen wissen!