Woensdag in de 6e week van Pascha – afscheid van Pascha, voorfeest van Hemelvaart, Herstel van de Menselijke natuur.

 


Theophany, Transfiguration & Opstanding van Lazaros, Sinaï-icon
      ‘Gelooft in het Licht zolang gij het Licht hebt, opdat jullie kinderen van het Licht mogen zijn’. Dit sprak onze Heer en Verlosser en Hij ging heen en verborg Zich voor hen.
En hoewel Hij zovele tekenen voor hun ogen gedaan had,
geloofden zij niet in Hem, opdat het woord van de profeet Isaiah
vervuld werd, dat hij sprak:
         ‘Heer, wie heeft geloofd, wat hij van ons hoorde? En aan wie is de arm des Heren geopenbaard?’.
Hierom konden zij niet geloven, omdat Isaiah elders gezegd heeft:

Genezing van de Blindgeboren mens

         ‘Hij heeft hun ogen verblind en hun hart verhard, dat zij niet met hun ogen zien, met hun hart verstaan en zich bekeren, en Ik hen zal genezen’.
Dit zei de profeet Isaiah, omdat hij Zijn Heerlijkheid zag en van Hem sprak.
En toch geloofden zelfs uit de oversten velen in Hem, maar ter wille van de Farizeeën kwamen zij er niet voor uit, om niet uit de synagoge te worden gebannen; want zij waren gesteld op de eer der mensen, meer dan op de eer van God.
Jezus riep en zei:
        ‘ Wie in Mij gelooft, gelooft niet in Mij, maar in Hem, die Mij gezonden heeft; en wie Mij aanschouwt, aanschouwt Hem, die Mij gezonden heeft.
        ‘ Ik ben als een licht in de wereld gekomen, opdat een ieder, die in Mij gelooft, niet in de duisternis zal blijven.
        ‘ En indien iemand naar Mijn woorden hoort, maar ze niet bewaart,
Ik oordeel hem niet, want Ik ben niet gekomen om de wereld te oordelen, doch
om de wereld te behouden
John.12: 36-47.

      En hij [Paulus] kwam te Caesarea [naam als eerbetoon aan de Romeinse keizer], ging aan land en groette de gemeente en ging naar Antiochië. En toen hij daar een tijd lang geweest was, ging hij weer weg en doorreisde achtereenvolgens het land van Galatie en Frygie om al de discipelen te versterken.
        En een zekere Jood, genaamd Apollos, geboortig uit Alexandrië, een geleerd man, doorkneed in de Schriften, kwam te Epheze.
Deze was ingelicht omtrent de weg des Heren en, vurig van geest, sprak en leerde hij nauwkeurig hetgeen op Jezus betrekking had, ofschoon hij alleen wist van de doop van Johannes.
En deze begon vrijmoedig op te treden in de synagoge.
En toen Priscilla en Aquila hem hoorden, namen zij hem tot zich en legden hem de weg God’s nauwkeuriger uit.
En toen hij naar Achaje wilde oversteken, moedigden de broeders hem daartoe aan en schreven aan de discipelen, dat zij hem vriendelijk moesten ontvangen.
Deze, daar aangekomen, was door (Gods) genade van veel nut voor hen, die geloofden. Want onvermoeid bestreed hij de Joden in het openbaar“ Hand.18: 22-28a.

    En het zal geschieden in het laatste der dagen:
dan zal de berg van het huis des Heren vaststaan als
de hoogste der bergen, en Hij zal verheven zijn boven de heuvelen.
En alle volkeren zullen daar naar toe gaan en
vele natiën zullen optrekken en zeggen:
    Komt, laten wij opgaan naar de berg des Heren, naar het huis van de God van Jaäcob,
– opdat Hij ons zal leren aangaande Zijn wegen en
– opdat wij Zijn paden bewandelen.
➙ Want de wet des Heren zal gaan uit Sion en
het Woord des Heren zal uitgaan van Jeruzalem
”.
Isaiah 2: 2,3

Omhoog kijken

De diepste betekenis van het feest van Hemelvaart is dezelfde als die van het feest van de Opstanding/de Verrijzenis.
Christus’ Hemelvaart is namelijk absoluut géén afscheid nemen:
het is het feest van Zijn blijvende Aanwezigheid onder ons als de verheerlijkte Heer en Meester over alle dingen.
Na zijn lijden en dood heeft Christus Zijn navolgers herhaaldelijk bewezen dat Hij leefde; gedurende veertig dagen is Hij in hun midden verschenen en sprak Hij met hen over het Koninkrijk der Hemelen.
          In een eerder stadium sprak Christus met Nikodemus,
een overste der Joden; die ’s-nachts tot Hem kwam en zei:
  Gij zijt de leraar van Israël, en het opnieuw geboren worden verstaat gij niet? Voorwaar, voorwaar, Ik, de Zoon van God zeg u:
‘wij spreken van wat wij weten en wij getuigen van wat wij gezien hebben, en u neemt ons getuigenis niet aan. Indien Ik ulieden van het aardse gesproken heb, zonder dat gij gelooft, hoe zult gij geloven, wanneer Ik u van het Hemelse spreek? 
En niemand is opgevaren naar de Hemel, dan die uit de hemel nedergedaald is de Zoon des mensen. En gelijk Mozes de slang in de woestijn verhoogd heeft, zo moet ook de Zoon des mensen verhoogd worden, opdat een ieder, die gelooft, in Hem eeuwig leven zal hebben’
John.3: 10-13.
Er is dus maar één menselijk Persoon Die naar de Hemelen gaat.
De God-mens, Die een tijdje daarvoor voor het eerst als mens naar de aarde afdaalde. De God-mens wiens oorsprong niet in het aardse gegrondvest is, ook niet te beredeneren is, het is een Mysterier, zoals God een Mysterie is, maar
Zelf hoogst-Persoonlijk vanuit de Hemelen is afgedaald.
Dàt is onze Heer Jezus Christus, de eeuwige Zoon van God, Die
de enige onder de mensen is, Die tot God’s Almachtige Rijk behoort.

Hij is mens geworden – omwille van ons en – om onze verlossing 
In de volheid van de tijden werd Hij,
de Zoon des mensen in de schoot van Maria geboren. Ná Zijn zondeloze, getrouwe leven en Zijn verzoenende dood, stond Jezus als mens op en ging voor ons naar de Hades om
die voor ons leeg te halen – in hetzelfde menselijk Lichaam waarin Hij door de mens werd gekruisigd!
De Verlosser keerde als God, een van de Heilige Drieëenheid, terug naar Zijn Vader, maar toch bleef Hij een van ons, terwijl Hij onze menselijkheid met Zich meenam.
                Alleen de God-mens kon voor onze Verlossing afdalen en weer ten Hemel varen. Dus ons toekomstig, belichaamd leven, samen met alle heiligen, in de aanwezigheid van God,  hangt om het zo te zeggen af van Zijn pendeldienst, door Zijn Opstanding zullen wij Hem daarin volgen.
               Om het voor ons mogelijk te maken naar de Hemel te gaan,
moest Hij een weg banen.
Hij moest de hemel opnieuw met de aarde verbinden.
En wij dienen daarom als navolgers en als medereizigers
onderweg naar het Hemels Koninkrijk met Christus te zijn.
Wij dienen door de Heilige Geest een Verbond met
de Vader in de Zoon aan te gaan opdat allen één worden.

Als deelnemers aan Zijn Lichaam, de Kerk – in lijden, sterven en Opstanding

Wij dienen als mens met onze Heer en Meester als leden van
Zijn Lichaam [de Kerk] verenigd te worden.
Ik dien in Zijn Lichaam te worden opgenomen om nèt als Hij, Die één is met de Vader en de Geest:
Heilig te worden tot Heerlijkheid van God de Vader”. We zingen dit ieder Goddelijke Liturgie en het lijkt zo gewoon, maar het is de essentie, de geestelijke kern waar het om gaat. Hij heeft door Zijn dood, de dood overwonnen en zetelt aan de rechterhand van de Vader, terwijl Hij onlosmakelijk door de Geest in het Mysterie van God één is met de Vader; dit betreft een zo’n grote liefdesband dat wij in Zijn Koninkrijk mogen functioneren als Zijn dienaren en dienaressen, sterker nog als Zijn kinderen.
In die menselijke gedaante, in dàt Lichaam, in de Kerk, dien ik opgenomen te zijn, wil ik Zijn weg gaan tot Heerlijkheid van God, de Vader.
Christus is ‘de Bron des Levens’ in Wie wij de overtocht, de doorgang van de aarde naar de Hemel kunnen maken.
En dàt betekent ‘niet’ dat wij ná onze doop, waarmee wij de Verbintenis met
God zijn aangegaan, op onze lauweren kunnen gaan rusten, want
⁌ dàn begint het pas
⁌ dàn begint de werkelijke strijd om te overleven ten
opzichte van de aanvallen van de vijand.

Een levendige relatie met onze Heer en Meester.
Wij mensen leven alleen in Hem.
Wanneer wij ons slechts op de wereld richten en daarmee God terzijde stellen dan zijn wij dood, verloren.
We leven alleen door Hem en tot Hem en in Hem.
Onze Heer en Verlosser helpt ons niet alleen de weg te vinden;
Hijzelf ‘is’ de nieuwe en levende weg naar God:
    Waar dan voor onze ongerechtigheden vergeving bestaat, is
er geen zondoffer meer [nodig]. Daar wij dan, broeders en zusters,
volle vrijmoedigheid bezitten om in te gaan in het Heiligdom
door het bloed van onze Heer Jezus Christus, langs
de nieuwe en levende weg, die Hij ons ingewijd heeft, door
het voorhangsel, dat is, Zijn vlees, en wij een grote priester over
het huis van God hebben, laten wij toetreden met een waarachtig hart, in
de volle verzekerdheid van het Geloof, met een hart, dat door
besprenging gezuiverd is van besef van kwaad, en met
een lichaam, dat gewassen is met zuiver water
Hebr.10: 18-22.
Ik kan als navolger gaan waarheen Hij gegaan is
⁌  in innige gemeenschap door de Zoon met Zijn Vader
⁌  alleen als ik ‘in’ Hem ga door het verenigende werk van de Geest.
En daarom is Zijn Hemelvaart zo belangrijk voor ons.
          Het is het fundament van de gebeurtenis in de geschiedenis van het Heil,
van “Christus is onder ons, Hij is en zal zijn”,
Hij is onder ons vanwege onze voortdurende vereniging met Hem.
          De Hemelvaart van onze Heer en Verlosser, onze Heer Jezus Christus,
de Zoon van God is voor ons persoonlijk van levensbelang.
We hebben allemaal een plaats verkregen – een eeuwige reeds betaalde plaats
in wat er gebeurde toen Jezus terugkeerde naar Zijn Vader.
Hij heeft voor ons, die plaats bereid in de Hemelse gewesten:
    God, de Vader echter, Die rijk is aan erbarmen, heeft, om
Zijn grote Liefde, waarmee Hij ons [mensen] heeft liefgehad, ons, hoewel
wij dood waren door de overtredingen mede levend gemaakt met Christus,
– door Genade zijn wij behouden -, en heeft ons mede opgewekt en
ons mede een plaats gegeven in de hemelse gewesten, in Christus Jezus, om
in de komende eeuwen de overweldigende rijkdom van Zijn Genade te tonen
naar [Zijn] goedertierenheid over ons in Christus Jezus.
Want door Genadegaven zij wij behouden, door het Geloof, en
dat niet uit uzelf: het is een Gave van God; niet uit werken, opdat
niemand [onder ons] zal roemen.
Want Zijn maaksel zijn wij, in Christus Jezus geschapen om
goede werken te doen, die God tevoren bereid heeft, opdat
wij daarin zouden wandelen
Eph. 2: 4-10

Herstel van de menselijke natuur

 

Profeet Isaiah & de cherubijn – Προφήτης Ησαΐας & Χερουβείμ –              إشعياء النبي والملاك

Want de wet des Heren zal gaan uit Sion en
het Woord des Heren zal uitgaan van JeruzalemIsaiah 2: 3
           Toen de Heer met Zijn Opstanding en Hemelvaart naar de hemel opsteeg, heeft Hij Zichzelf niet van zijn menselijkheid ontdaan.
Wèl hief Hij “de gelijkenis aan Adam op:
  Gij hebt op aarde gezocht naar het Verloren Schaap, en dit terug gebracht bij hen die zich ‘niet’ hadden laten verleiden door het bedrog.
En nadat Gij zijt opgegaan naar de Hemel, Woord van God, zetelt Gij in Heerlijkheid aan de rechterhand van Hem, Die U heeft voortgebracht.
Ere zij Uw grote Barmhartigheid
uit 3e ode Canon 6e woensdag.
          De opvoeding welke wij hebben opgepakt uit de Pedagogie van Christus  over de menselijke natuur aan de rechterhand van de Vader verzekert ons dat de weg ‘nu’ open is voor iedereen die ijverig op zoek is naar het herstel van de menselijkheid.
De verheffing van onze natuur geeft iedereen in elke natie op aarde de motivatie
ga de berg op van de Heer, naar het huis van de God van Jaäcob, dat
Hij ons Zijn weg bekend mag maken zodat wij erin mogen wandelenIsaiah 2: 3.
We begrijpen dat wanneer de profeet spreekt van de “berg des Heren” òf
het “huis van de God van Jaäcob“, deze verwijst naar de Kerk, ” hèt ‘Lichaam van Christus’“.
De heilige toezichthouder/bisschop Nikolai Velimirovic zegt:
De berg of de hoogten van het huis van de Heer is inderdaad gevestigd . . .
in de hoogten van de Hemelen  – want de Kerk van Christus is in de eerste plaats niet aards, maar Hemels en een deel van de leden van de Kerk is [en dat nu grotendeels] in de Hemel, terwijl de anderen hier op aarde zijn
uitProloog van Ochrid’, deel 3, blz. 163.
Verder is de Kerk van Christus “verheven boven de heuvels “,
dat wil zeggen,
boven alle aardse of menselijke dimensies verheven.
De grote filosofieën en kunst en al de wereldse culturen, zijn allemaal slechts  aardse hoogten, alleen uitlopers [het gevolg van] onder de verre bergen van de Kerk van Christus, want,  zo gaat deze Heilige Nikolai verder:
de Kerk zou er geen moeite mee hebben om deze ‘aardse hoogten’ te creëren, terwijl er niet één bestaat. . . . die in staat zou zijn om de Kerk te creëren”.
Indien we eenmaal dóór hebben/begrijpen, dat Isaiah in deze passage profetisch
over de Kerk spreekt, wordt het duidelijk dat hij ons uitnodigt
naar de berg des Heren te gaan, naar het huis van de God van JaäcobIsaiah 2: 3..
Zoals de Heilige Athanasios opmerkt is dìt nu juist de stem/het geluid/ de erfenis  van de Heiligen, de heilige vaders en moeders van de Kerk.
De heiligen hebben de waarachtigheid ontdekt van de rijkdom van God’s Waarheid, want de Heer openbaarde hen “de weg waarin [zij] dienen te wandelen”, zoals de profeet David reeds sprak:
Mijn ziel dorst naar U, als een land zonder water:
verhoor mij spoedig, Heer, mijn geest versmacht.
Wend Uw aangezicht niet van mij af, anders word ik gelijk aan wie afdalen in het graf, doe mij in de ochtend Uw Barmhartigheid horen, want op U heb ik mijn vertrouwen gesteld.
Heer, doe mij de weg kennen die ik moet gaan,
want tot U heb ik mijn ziel verheven

Psalm 142[143]: 9-11 vert. ROK. ’s-Gravenhage.
De heilige Athanasios gaat echter verder met uitleggen dat
de weg die door deze heilige mannen en vrouwen wordt onthuld, niet is
Voor de onzuivere. . . noch is het opklimmen [op de maatschappelijke ladder]
naar zondaars toe; maar het is voor de deugdzame en toegewijde mensen, en
voor degenen die liefde volgens het doel van de heiligen nastreven

uitIsaiah through the ages’, blz. 29.
Deze goddelijke taak is alleen mogelijk omdat onze mensheid door de vleesgeworden Heer Zelf naar de Hemelse plaatsen is geleid.

het Mysterie van de Doop

Alleen door de verbintenis [het Verbond van het Mysterie van de Doop] met Christus Jezus, onze Heer, Die zowel God is als de mens, kan de goddelijkheid onze menselijkheid binnendringen.
Onze Weldoener zal de schepping reinigen en herstellen tot “de oorspronkelijke ongerepte schoonheid” welke er voor Adam & Eva was.
Het zuiverende Mysterie dat bij de doop begint, is nu in ons volbracht door de Heilige Geest.

Wat bedoelt de profeet als hij verkondigt dat
de wet van de Heer zal uitgaan van Sion, en het Woord des Heren uit JeruzalemIsaiah 2: 3 ? Volgens Theodoret van Cyrrhus “roept” Isaiah “niet God” het Woord aan, maar de leer van het het Goddelijke Woord. Voor God kwam het Woord niet ‘uit’ Sion, maar het wàs ‘in’ Sion; Hij onderwees de waarheid “ uit Isaiah door de tijdperken, blz. 30.
Het punt is dat de Heer onderwees in Zion, in de Tempel van Jeruzalem, toen hij riep:
En op de laatste, de grote dag van het feest, stond Jezus en riep, zeggende Indien iemand dorst heeft, hij dient tot Mij te komen en te drinken !
– ‘Wie in Mij gelooft, gelijk de Schrift zegt, stromen van levend water zullen uit zijn binnenste vloeien’ -.
Dit zei Hij van de Geest, welke zij, die tot Geloof in Hem kwamen, ontvangen zouden; want de Geest was er nog niet, omdat Jezus nog niet verheerlijkt wasJohn 7: 37-39, met de nadruk op vers 38.
Verder gaat “het Woord des Heren” uit “vanuit Sion“, d.w.z. vanuit de Kerk.
Veel vernam Onze Heer, Jezus Christus in de Tempel, maar Hij ontving Zijn woorden alleen in termen van de oude Wet, die in gebreke bleef om Hem als ‘het Leven Zelf’ te zien.
Tegenwoordig biedt Hij alle mensen ‘het eeuwige Leven’ door de Kerk.

O Christus, onze God,
Hoezeer gaan Uw Genadegaven elk begrip te boven!
Hoe ontzagwekkend is dit Mysterie!
De Meester van het heelal steeg op van de aarde naar de Hemelen en
Hij zond over Zijn Volgelingen de Heilige Geest, Die hun verstand verlichtte en
hen door Zijn Genade vlammend tot volmaaktheid bracht
”.
conf. Prijslied Hemelvaart