Woensdag na Kruisverheffing – voorafgaand aan Zondag Climacos.

    Want zie, de Heer verlaat Zijn plaats om de ongerechtigheid der bewoners van de aarde aan hen te bezoeken; dan zal de aarde het op haar vergoten bloed aan het licht brengen en haar verslagenen niet langer bedekken.
       Te dien dage zal de Heer met zijn fel, groot en sterk zwaard bezoeking brengen over de Leviatan
[Hebr.
לִוְיָתָן – “de kronkelende”], de snelle slang, over de Leviatan, de kronkelende slang, en Hij zal het monster in de zee doden.
       Te dien dage zal er een wijngaard zijn, die bruisende wijn voortbrengt; zingt van hem in beurtzang.
       ‘Ik, de Heer, zijn behoeder, zal hem aldoor drenken; opdat niets hem zal beschadigen, zal Ik hem nacht en dag behoeden.
Ik voed geen grimmigheid; vond Ik maar dorens en distels, strijdend zou Ik dan daarop lostrekken, ze tezamen in brand steken, tenzij men mijn bescherming aangrijpt, met Mij vrede maakt, vrede met Mij maakt.
       In de komende dagen zal Jacob [Hebr. Jaäcob = ‘hij zal beschermen’, ‘hij greep de hiel’, ‘hij verdrong’, ‘bedrieger’] wortel schieten, Israël bloeien en uitspruiten, zodat zij de wereld met vruchten vervullen.
Heeft Hij hen geslagen, zoals degene geslagen werd, die hen sloeg?
Zijn zij gedood, zoals hun gedoden gedood werden?
       Door te verjagen, te verdrijven hebt Gij ze bestreden; Hij heeft ze verwijderd door zijn harde wind ten dage van de oostenwind.
       Daarom zal hierdoor de ongerechtigheid van Jaäcob [‘de bedrieger’] verzoend worden, en hierin zal de volle vrucht van de verwijdering van zijn zonde bestaan, dat hij alle altaarstenen tot verbrijzelde kalkstenen maakt, en dat geen gewijde palen en wierookaltaren overeind blijven staan “ Isaiah 26: 21- 27:9.

Noach en zijn zonen – Nuremberg chronicles

    De zonen van Noach, die uit de ark gegaan waren, waren Sem [Hebr.= naam, goede naam, aanzien], Cham [Hebr, חָם = ‘verbrand’, ‘zwart’ of ‘heet’] en Jafet [Hebr, יֶפֶת = ‘uitbreiding’].
Cham was de vader van Kanaän [zinnebeeld van de hogere wereld].
Deze drie waren de zonen van Noach, en uit dezen is de gehele aarde bevolkt.
En Noach werd een landman en plantte een wijngaard. Toen hij van de wijn gedronken had, werd hij dronken en hij ontblootte zich in zijn tent.
Toen zag Cham, de vader van Kanaän, zijns vaders naaktheid en hij vertelde het aan zijn beide broeders buiten.
Daarop namen Sem en Jafet een mantel, legden die op hun beider schouders, liepen achterwaarts en bedekten huns vaders naaktheid, terwijl hun aangezicht afgewend was, zodat zij huns vaders naaktheid niet zagen.

Was hast du getan, um die vielen Kreaturen zu versorgen, während sie in der Arche waren?“; ” What did you do to feed the many creatures while they were in the ark?”

Toen Noach uit zijn roes ontwaakte en vernam, wat zijn jongste zoon hem aangedaan had, zei hij: Vervloekt zij Kanaan, een knecht der knechten zij hij voor zijn broeders.
Voorts zei hij: ‘ Geprezen zij de Here, de God van Sem, maar Kanaan zij hem tot knecht.
God breide Jafet uit, en hij wone in de tenten van Sem, en Kanaan zij hem tot knecht.
En Noach leefde na de vloed driehonderd vijftig jaar; zo waren al de dagen van Noach negenhonderd vijftig jaar; en hij stierf. Dit zijn de nakomelingen der zonen van Noach: Sem, Cham en Jafet; hun werden namelijk zonen geboren na de vloedGen.9:18-10: 1.

quote by a theological consumer

    Een vervulde begeerte is zoet voor de ziel, het is de dwazen een gruwel van het kwaad af te wijken. Wie met wijzen omgaat, wordt wijs; maar wie met dwazen verkeert, wordt slecht. Het kwaad vervolgt de zondaren, maar de rechtvaardigen vergeldt Hij het goede.
De goede doet zijn kindskinderen erven, maar het vermogen van de zondaar wordt weggelegd voor de rechtvaardigen.
Het pas ontgonnen land der armen kan overvloed van spijzen leveren, maar soms gaat deze door onrecht teloor.
Wie zijn roede spaart, haat zijn zoon; maar wie hem liefheeft, tuchtigt hem reeds vroeg. De rechtvaardige eet tot verzadiging toe, maar de buik der goddelozen zal gebrek lijden.
De wijsheid der vrouwen bouwt haar huis, maar de dwaasheid breekt het af met haar eigen handen. Wie in oprechtheid wandelt, vreest de Heer; maar hij wiens wegen verkeerd zijn, veracht Hem. 3 In de mond van de dwaas ligt een roede voor zijn hovaardij, maar de lippen der wijzen bewaren hen.
Als er geen runderen zijn, blijft de kribbe leeg, maar door de kracht van de ploegos is er een rijke opbrengst.
Een betrouwbaar getuige liegt niet, maar wie leugens uitblaast, is een vals getuige.
Een spotter zoekt naar wijsheid, doch tevergeefs, maar voor de verstandige is kennis gemakkelijk te verkrijgenSpreuken 13: 19- 14: 6.

Het Laatste oordeel komt God toe, als onze Formeerder

The Power of Truly Believing in the Maker of Heaven and Earth

            Daarom zal hierdoor de ongerechtigheid van Jacob verzoend worden, en hierin zal de volle vrucht van de verwijdering van zijn zonde bestaan, dat hij alle altaarstenen tot verbrijzelde kalkstenen maakt, en dat geen gewijde palen en wierookaltaren overeind blijven staan” Isaiah 27: 9.

Onze menselijke weerspiegelingen, onze luchtkastelen, -ballonnen zullen uiteenspatten en alles wat wij om ons heen hebben opgebouwd zal als een veraf-gelegen bos omver gehakt worden; er zal geen gewijd kerkgebouw met haar wierookvaten overeind blijven staan.
Zou je niet denken, niet waar, wij Christenen, die zich zó ontzettend druk maken om het behoud van datgene wat wij rond de Blijde Boodschap van Christus om ons heen hebben opgebouwd en
toch hoe gek het ook klinkt het is allemaal voorzegd.

Bodruzhal, kerk van de H. Nicholas – het laatste oordeel Kruis en de Goddelijke Liturgie

Isaiah houdt ons hier vandaag overduidelijk het Laatste Oordeel van God voor en daarom is het een plechtige waarschuwing dat het Koninkrijk van God op handen is, zoals Christus ons eveneens voorhoudt:
“Het koninkrijk van God is nabij isLuc.21: 31.
Wij mensen leven in een tijd waarin: “Er zullen tekenen zijn aan zon en maan en sterren en op de aarde radeloze angst onder de volkeren vanwege het bulderen van zee en branding, terwijl de mensen bezwijmen van vrees en angst voor de dingen, die over de wereld komen. Want de machten der hemelen zullen wankelenLuc.21: 25,26.
Isaiah beschrijft dat wij ons er voortdurend van bewust dienen te zijn dat
deze gebeurtenissen voorafgaan aan de eindtijd en de finale van de geschiedenis geeft ieder van ons aan dat God’s oordeel ieder moment van de dag kan worden uitgesproken en voorzeker zal aanbreken op het moment dat wij het tijdelijke zullen verlaten en de eeuwigheid tegemoet treden, wanneer wij sterven.

tijd tot een besluit

Bij God bestaat geen tijd, dus wanneer wij uit de  -door de mensen gedefinieerde tijd- stappen en onmiddellijk tegenover onze formeerder staan, Die alles wat bestaat gemaakt heeft.
    Het kwaad vervolgt de zondaren, maar de rechtvaardigen vergeldt Hij het goedeIsaiah 26: 21.
En als vanzelfsprekend zal daarop volgen dat God zegt: “ . . . . .  Wat hebt gij gedaan? Hoor, het bloed van uw broeder roept tot Mij van de aardbodem. En nu, vervloekt zijt gij, ver van de bodem, die zijn mond heeft opengesperd om het bloed van uw broeder van uw hand te ontvangenGen.4: 10,11
Z
o zal ook op de dag van het Laatste Oordeel
De aarde zijn bloed blootleggen en zijn verslagenen niet bedekkenIsaiah 26: 21.
Alles komt aan het licht; geen getuige van de hedendaagse geschiedenis, al wat er om ons heen plaats vindt, zal nog verrast zijn over God’s toorn welke Gericht [Rechtspraak] is op de wrede broedermoord van de mensheid en al het eigen-zinnig hooghartig geweld.

Perverse dragondragon – Cardiff, GB

De tweede daad van Gods oordeel zal gericht zijn tegen de satan, die hier de perverse drakendraak” genoemd of gewoon “dé draak”.
De Heilige Basilius de Grote voegt hier nog aan toe dat:  “het zwaard van God tegen de draak wordt opgeheven, de kromme slang, die vele wendingen maakt in z’n voortgang; waarschuwt daarvoor, niet één keer, maar onophoudelijk”;
diegene, die de slang volgt, laat zien dat zijn leven krom, ongehoord en vol tegendraadse dwaasheid is” uit Homilie 15 betreffende  Psalm 32.

    Rechtvaardigen juicht in de Heer; de gerechten past lofzang.
Belijdt den Heer op de harp, zingt een psalm voor Hem op de tiensnaar.
Zingt voor Hem een nieuw lied, zingt goed het overwinningslied.
Want recht is het Woord des Heren, al Zijn werken zijn trouw.
De Heer bemint goedertierenheid en recht; de barmhartigheid des Heren vervult de aarde. Door het woord des Heren staan de hemelen vast; door de adem van Zijn mond al hun krachten.
Als in een wijnzak verzamelt Hij het water der zee, in Zijn schatkamers bergt Hij de afgrond. Dat heel de aarde de Heer vreze, dat voor Hem beven alle bewoners der wereld.
Want Hij sprak, en alles ontstond; Hij gebood, en het heelal werd geschapen.
De Heer verijdelt de plannen der heidenen, Hij verwerpt de gedachten der volkeren en de  voornemens der vorsten [hoogmoedigen].
Maar het plan des Heren blijft in eeuwigheid; de gedachten van Zijn hart houden stand van  geslacht tot geslacht.
Zalig het volk, wiens God de Heer zelf is: het volk dat Hij zich tot erfdeel verkiest.
De Heer ziet neer uit de hemel, Hij aanschouwt alle zonen der mensen.
Uit Zijn eeuwige woonplaats ziet Hij neer over allen die de aarde bewonen.
Hij vormt ieders hart afzonderlijk; Hij begrijpt al hun werken.
Een koning wordt niet gered door veel troepen, een reus niet door zijn overvloedige kracht. Onbetrouwbaar ten behoud is een paard, zelfs al zijn kracht brengt geen zekere redding.
Zie de ogen des Heren lichten over hen die Hem vrezen, die vertrouwen op Zijn Genade. Om hun ziel aan de dood te ontrukken, om hen te voeden ten tijde van gebrek. Onze ziel verbeidt de Heer, want Hij is onze Helper en Beschermer.
Want in Hem verheugt zich ons hart, wij vertrouwen op Zijn heilige Naam.
Heer, Uw barmhartigheid kome over ons, zoals wij vertrouwen op U
Psalm 32[33], vert. ROK ’s-Gravenhage.

De beeldtaal van de profeet Isaiah is door de eeuwen heen in overeenstemming met die van Johannes de Theoloog wanneer hij spreekt over een oordeel tegen de satan:
En wanneer de duizend jaren voleindigd zijn, zal de satan uit zijn gevangenis worden losgelaten, 
en hij zal uitgaan om de volkeren aan de vier hoeken der aarde te verleiden Gog en Magog,
[een fabelachtige vorst en volk genoemd in Ezechiël 38. Gog is de heerser van het land, Magog die de uiteindelijke strijd zal voeren tegen het volk van God]
om hen tot de oorlog te verzamelen en hun getal is als het zand der zee. En zij kwamen op over de breedte der aarde en omsingelden de legerplaats der heiligen en de geliefde stad; en vuur daalde neder uit de hemel en verslond hen, en de duivel, die hen verleidde, werd geworpen in de poel van vuur en zwavel, waar ook het beest en de valse profeet zijn, en zij zullen dag en nacht gepijnigd worden in alle eeuwigheden.

Vanaf nu zult u de Hemelen geopend zien‘; ‘From now on you will see the heavens open John.1: 52.

En ik zag een grote witte troon en Hem, die daarop gezeten was, voor wiens aangezicht de aarde en de hemel vluchtten, en geen plaats werd voor hen gevonden.
En ik zag de doden, de groten en de kleinen, staande voor de troon, en er werden boeken geopend. En nog een ander boek werd geopend, het [boek] des levens; en de doden werden geoordeeld op grond van hetgeen in de boeken geschreven stond, naar hun werkenOpenb. 20: 7-12.

Na deze korte opmerkingen over het laatste oordeel gemaakt te hebben, richt Isaiah zich vervolgens op de bestemming van het uitverkoren Volk van God [Israël, de Kerk].

Church = Sermon of the Mount

Hij keert terug naar het vroegere beeld van de wijngaard van de Heer, Isaiah 5: 1-7 en vergelijkt de kerk met een ‘mooie’ wijngaard, Isaiah 27: 2.
Eeuwenlang heeft de Kerk gestaan ​​als “een sterke stad, een belegerde stad” tegen “Nu dan, inwoners van Jeruzalem en mannen van Juda, spreekt toch recht tussen Mij en Mijn wijngaard, tegenover de draakIsaiah 5: 3.
Het onvermogen van Satan om de overhand te hebben op het Volk van de Heer inspireert Isaiah om over de Kerk te zingen:
Ik wil van mijn geliefde zingen, het lied van mijn beminde over zijn wijngaard. Mijn geliefde had 
een wijngaard op een vruchtbare heuvel; Hij spitte hem om, zuiverde hem van stenen, beplantte hem met edele wijnstokken, bouwde daarin een toren en hieuw ook een perskuip daarin uit. En hij verwachtte, dat de wijngaard goede druiven zou voortbrengen, maar hij bracht wilde druiven voortIsaiah 5: 1,2.
Maar Isaiah’s profetische lied neemt een onverwachte wending.
Zelfs de Kerk zal ‘s nachts worden ingenomen, en haar de muur valt overdag:
. . . . . Nu dan, inwoners van Jeruzalem en mannen van Juda, spreekt toch recht tussen Mij en mijn wijngaard. Wat was er nog aan mijn wijngaard te doen, dat Ik er niet aan gedaan heb? Waarom verwachtte Ik, dat hij goede druiven zou voortbrengen, en bracht hij wilde druiven voort? Nu dan, Ik wil u doen weten, wat Ik met mijn wijngaard ga doen: zijn doornhaag wegnemen, opdat hij verwoest zal worden; zijn muur doorbreken, opdat hij vertrapt zal worden; Ik zal hem tot een wildernis maken, hij zal gesnoeid noch behakt worden, zodat er dorens en distels opschieten; en Ik zal de wolken gebieden, dat zij op hem geen regen doen vallenIsaiah.5: 3-6.
. . . . . Gods Volk zal niet alleen kwetsbaar zijn voor krijgers, maar zelfs voor vrouwen en gelijksoortigen; de Kerk zal worden gedecimeerd en achtergelaten als “stro in een veld” nadat het is gekortwiekt, gemaaid.
. . . . . Om die reden deed de Heer, onze God alle dingen over ons heen komen,
die Hij bevolen had, maar zoals Christus zegt,
“ . . . . . zullen de poorten van Hades niet zegevierenMatth.16: 18.

Gewoon in de analen/de boeken een [Orthodoxe] Geloofsgemeenschap
opgenomen zijn zal niet genoeg zijn op de Dag van het Oordeel.
Dan zullen we onze jaren ‘in vrede en bekering’ dienen te voltooien,
werkelijk navolgen en waarachtig deelnemen aan Christus ‘Heilige Mysteriën’,
worstelend in onze harten om de ascetische volheid van het Geloof te bewaren en samen met onze medemensen op een aan God behagende manier
voortgang te boeken op de geestelijke weg.
“ . . . . . Welnu, de wijngaard van de Heer der heerscharen is het huis van Israël [de Kerk], en de mannen van Juda [de navolgers van Christus] zijn de planten waarin Hij [God] vreugde heeft;
Hij [God] verwachtte goed bestuur, maar zie, het was bloedbestuur;
Hij [God] verwachtte rechtsbetrachting, maar zie, het was recht’s-verkrachtingIsaiah 5: 7.
“ . . . . . Wee hun die huis [kerkgebouw] aan huis [kerkgebouw] voegen, akker [parochie] aan akker [parochie] trekken [invloedssfeer uitbouwen], totdat er geen plaats meer is, en gij alleen de gezeten lieden zijt in het land [want ieder wel-denkend mens distantieert zich van dit soort machtsspelletjes]” Isaiah 5: 8.
Want  . . . . .
zoals Hij de mensen sloeg, zal Hij niet aldus worden geslagen?
Zoals Hij doodde, zal Hij niet aldus worden gedood?
Indien we in de kerkstructuur zó doorgaan met elkaar vliegen af te vangen, elkaar te bevechten en elkaar over en weer verwijten te maken,
zal Hij [God] ons voorzeker ‘wegsturen‘.
God kijkt in de geest waarmee we anderen behandelen – hoe wij vanuit de tempel van ons hart persoonlijke voortgang boeken, het instituut Kerk is in deze niet ter zake doend – is zwaar ondergeschikt, houdt slechts toezicht op God’s kinderen.
Als wij, hoewel navolgers van Christus, ‘hard‘ zijn van geest over het doden van hen in een geest van woede, zal Hij [als Heer en Meester van ons Leven] onze altaren in fijn stof vernietigen totdat onze afgoderij is afgesneden.
Niemand zal aan God’s toorn tegen de zonde ontsnappen, maar indien wij de weg des leven’s van de Heer zoeken in dit huidige leven zal de wetteloosheid van Jaäcob [Hebr.= ‘de bedrieger’] worden verwijderd.
Gods uiteindelijke Wil is voor ons meer dan goed.

Gezangen bij het ‘Gezegend zijt Gij’ [uit dienst der Overledenen]

Poor man’s Bible, Canterbury Cathedral, window upper half

De schare der Heiligen vond de Bron des Levens en de poort van het Paradijs.
Laat ook mij de weg vinden door inkeer: Ik ben het verloren schaap; roep mij terug, o Redder en red mij“.

Gezegend zijt Gij, o Heer, leer mij Uw voorschriften“. 

Gij Heiligen, die het Lam god’s hebt verkondigd, en als schapen zijt geslacht, en overgebracht zijt naar het onvergankelijk leven, Gij Martelaren, smeekt dringend tot Hem, dat ons kwijtschelding van schulden wordt verleend“.

Gezegend zijt Gij, o Heer, leer mij Uw voorschriften

Gij allen die de nauwe weg hebt bewandeld, een levensweg vol beproevingen; gij die het Kruis als juk hebt opgenomen, en die Mij in geloof gevolgd zijt: komt genieten van de beloningen die Ik voor u bereid heb, en ontvangt de hemelse kransen“.

Gezegend zijt Gij, o Heer, leer mij Uw voorschriften

Ik ben de icoon van Uw onuitsprekelijke heerlijkheid, al draag ik de wonden-tekenen van mijn zonden. Heb medelijden, Heer, met Uw schepsel, en reinig mij in Uw Barmhartigheid. Schenk mij het Vaderland, waarnaar ik zozeer verlang, en doe mij thuiskomen in het Paradijs“.

Gezegend zijt Gij, o Heer, leer mij Uw voorschriften“.

Gij hebt mij eens geschapen uit het niets, en mij waardig geacht Uw icoon te zijn. Maar nu moet ik om de overtreding van het gebod terugkomen tot de aarde waaruit ik genomen was. Breng die gelijkenis weer in mij terug en hervorm mij tot de oorspronkelijke schoonheid“.

Gezegend zijt Gij, o Heer, leer mij Uw voorschriften“.

Schenk rust, God, aan Uw dienaren en acht hen waardig voor het Paradijs, waar de koren der Heiligen en rechtvaardigen, Heer, als sterren stralen.
Schenk rust aan Uw ontslapen dienaren, en vergeef hun al hun zonden“.

Eer aan de Vader en aan de Zoon en aan de heilige Geest“.

Bezingen wij de drievoudige glans van de ene Godheid, en laat ons eerbiedig roepen; Heilig zijt Gij, beginloze Vader en Gij beginloze Zoon, en Gij goddelijke geest: verlicht ons die U gelovig aanbidden en ontruk ons aan het eeuwige vuur“.

Nu en altijd, en in de eeuwen der eeuwen. Amen“.

Verheug u, Verhevene, die God in het vlees hebt gebaard, voor de verlossing van allen en door Wie het geslacht der mensen redding vond. Mogen wij door u het Paradijs weer vinden, o reine, gezegende Moeder Gods“.

alles draait om de Geboorte van Christus in het vlees, bekijk derhalve alles vanuit de Goddelijke menswording

Alleluja, alleluja, alleluja, eer aan U, o God“.       3x