Dec.25e – Het Mysterie van de Geboorte van onze Heer en Verlosser in het vlees

Toen nu Jezus geboren was te Betlehem in Judea, in de dagen van koning Herodes, zie, wijzen uit het Oosten kwamen te Jeruzalem, en vroegen: Waar is de Koning der Joden, die geboren is?
Want wij hebben zijn ster in het Oosten gezien en wij zijn gekomen om Hem hulde te bewijzen.
          Toen koning Herodes hiervan hoorde, ontstelde hij en geheel Jeruzalem met hem. En hij liet al de overpriesters en schriftgeleerden van het volk vergaderen en trachtte van hen te vernemen, waar de Christus geboren zou worden. Zij zeiden tot hen: Te Betlehem in Judea, want aldus staat geschreven door de profeet:
          ‘En gij, Betlehem, land van Juda, zijt geenszins de minste onder de leiders van Juda, want uit u zal een leidsman voortkomen, die mijn volk Israel weiden zal’.
          Toen riep Herodes de wijzen in het geheim en deed bij hen nauwkeurig navraag naar de tijd, dat de ster geschenen had.
En hij liet hen naar Betlehem gaan, en zei: Gaat en doet nauwkeurig onderzoek naar dat kind; en zodra gij het vindt, bericht het mij, opdat ook ik hem hulde ga bewijzen.
          Zij hoorden de koning aan en reisden weg; en zie, de ster, die zij hadden gezien in het Oosten, ging hun voor, totdat zij kwam en stond boven de plaats, waar het kind was.
Toen zij de ster zagen, verheugden zij zich met zeer grote vreugde. En zij gingen het huis binnen en zagen het kind met Maria, zijn moeder, en zij vielen neder en bewezen hem hulde.
En zij ontsloten hun kostbaarheden en boden hem geschenken aan: goud en wierook en myron.
En van Godswege in de droom gewaarschuwd om niet tot Herodes terug te keren trokken zij langs een andere weg naar hun land terug” Matth.2: 1-12.

        Maar toen de volheid des tijds gekomen was, heeft God Zijn Zoon uitgezonden geboren uit een vrouw, geboren onder de Wet, om hen, die onder de wet waren, vrij te kopen, opdat wij het recht van zonen zouden verkrijgen.
En, dat gij zonen zijt – God heeft de Geest zijns Zoons uitgezonden in onze harten, die roept: Abba, Vader.
Gij zijt dus niet meer slaaf, doch zoon; indien gij zoon zijt, dan zijt gij ook erfgenaam door GodGal.4: 4-7.

        God heeft Zijn Zoon uitgezonden geboren uit een vrouw, geboren onder de Wet, om hen, die onder de wet waren, vrij te kopen, opdat wij het recht van zonen zouden verkrijgenGal.4: 4,5.

        En gij, Betlehem Efrata, al zijt gij klein onder de geslachten van Juda, uit u zal Mij voortkomen die een Heerser zal zijn over Israël en Wiens oorsprong is van ouds, van de dagen der eeuwigheid.
Daarom zal Hij hen prijsgeven tot de tijd, dat zij die baren zal, gebaard heeft.
Dan zal het overblijfsel van Zijn broeders terugkeren met de Israëlieten.
Dan zal Hij staan en hen weiden in de kracht des Heren, in de Majesteit van de Naam des Heren, van Zijn God;
en zij zullen rustig wonen, want nu zal Hij groot zijn tot aan de einden der aarde, en Hij zal vrede zijn
Micha 5: 2-5.

Als navolger van Christus dien je ervan doordrongen te zijn dat het hele leven van Christus een voortdurende voorstelling van lijden, een passie is geweest; gewone heiligen sterven als martelaren, maar Christus werd van het begin af aan als Martelaar geboren:
– Hij vond op aarde een Golgotha [een plaats van ondergang / een martelplaats, waar Hij zou worden gekruisigd].
– Ja, zelfs in Bethlehem, waar Hij, zoals wij vandaag vieren, werd geboren;
want tot Zijn tederheid waren de rietjes bijna net zo scherp als de doornen erachter en de kribbe was vanaf het begin [als een doodskist] net zo ongemakkelijk als Zijn Kruis.
– Zijn geboorte en Zijn dood waren slechts één onafgebroken gebeuren, één als maar voortdurende daad, en zowel Zijn Kerstdag en Zijn Goede Vrijdag zijn slechts de vooravond en de ochtendstond van één en dezelfde door God gegeven dag.
– En omdat zelfs Zijn Geboorte in het vlees, Zijn dood is, is elke actie en passage waarop Christus Zich vandaag aan ons laat zien, Zich aan ons manifesteert, zowel Zijn Geboorte, als Drie-koningen een en dezelfde manifestatie van Zijn lijden hier op aarde.

Hoewel de tegenwoordige [westerse] Kerk de twaalfde dag nu ‘Driekoningen‘ noemt, omdat
Christus op die dag aan de heidenen werd geopenbaard als Epifanie [= de plotselinge, verwarrende openbaring] vanwege de manier waarop de wijzen [van die tijd, ‘zij’, die het zouden dienen te weten] op die 12e dag kwamen om Hem te aanbidden.
Elf staat voor het tekort, het Bijbelse ideaal is twaalf.
Nochtans de oude Kerk noemde de 12e dag Theophanie omdat Christus, die dag door Johannes de Voorloper werd gedoopt in de Jordaan en
Christus als ‘Zoon van God‘ verscheen, waarbij God Zelf Hem als zodanig van Hem getuigde en Hem ‘Zijn geliefde Zoon‘ noemde.

Mozes & de Wet

Wij kennen allemaal de God’s-verschijning op de Sinaï,
waarbij God aan Mozes de Geboden gaf temidden van ontzagwekkende natuurverschijnselen: aardbeving en vuur en angst.
Elke manifestatie van Christus aan de wereld, aan de Kerk, aan een bepaalde ziel, is een God’s-verschijning, een Driekoningen, een Kerstdag, een Theophanie.

De ontmoeting met de Heer

Nu is er nergens een duidelijkere manifestatie van Christus dan
op het moment dat de dagen van Kerst na 40 dagen worden afgesloten in
datgene wat wij de ‘Opdracht in de Tempel‘ noemen en in westerse kringen ‘Maria Lichtmis‘, waarbij
de Zoon van God de oude vertegenwoordiger van Zijn Volk ontmoet, die zegt:
    Nu laat Gij, Heer, uw dienstknecht gaan in Vrede, naar uw Woord,
want mijn ogen hebben uw Heil aanschouwd [gezien], dat
Gij bereid hebt voor het aangezicht van alle volkeren:
‘Licht tot openbaring voor de heidenen en
Heerlijkheid voor uw volk IsraëlLuc.2: 29-32.
Het werd geopenbaard aan Simeon [wiens woorden dit zijn] dat
hij Christus zou dienen te zien voordat hij stierf;
en feitelijk, werkelijk, substantieel, in wezen, lichamelijk, uiterlijk, persoonlijk ‘ziet hij Hem‘; wel zó is het Simeon’s Driekoningen, Simeons Kerstdag; dus ook op deze dag, waarin we de algemene Driekoningen herdenken en vieren, de manifestatie van Christus aan de hele wereld in Zijn geboorte in het vlees,
alles wat wij naast onze interesse in de universele Driekoningen en manifestatie impliciet in deze dag ontvangen.

Laatste Avondmaal – ‘open je hart om de verrezen Christus te ontvangen, de geest van gebed te horen Zijn roep op onze weg naar Hem toe’ –

En deze dag, waarop wij dit Hoogfeest vieren, hebben wij eveneens een ontmoeting met
onze Heer en Verlosser, als gevolg van het Lichaam en het Bloed van Christus dat wij ontvangen in zijn Heilig en Gezegend Mysterie van de Goddelijke Liturgie.
Dit Mysterie van de ontmoeting houdt eveneens een Driekoningen in, alsnog een Kerstdag, een andere manifestatie van het Mysterie van de ontmoeting met Christus welke wij-‘zelf’ ondergaan. 

Zoals de Kerk voorafgaand aan Kerst via de vastenperiode onze toewijding heeft voorbereidt, die Christus als maar dichter en dichterbij tot ons heeft gebracht,
en ons steeds maar weer herhaald dat Hij komt en
vervolgens doorgaat met de gedachtenis van de Martelaren, de Moeder God’s, die Hem gebaard heeft [26e dec.],
Stephanos, aartsdiaken en proto-martelaar [27e dec.] de 2000 Martelaren van Nikodemië [28e dec.], de 14.000 onschuldige kinderen, die in de omstreken van Bethlehem zijn vermoord [29e dec.], Anysia de maagd van Thessaloniki en Filotheros z’n medemartelaren van Nikodemië [30e dec.] en
de tien maagd-martelaressen van Nikodemië en de Martelaar Zotik, de hoeder van de wezen [31e dec.].
Op deze wijze toont de Kerk ons dat wij slechts vrede en rust zullen vinden, wanneer wij ons leven  in navolging van Christus, onze toekomstige verwachtingen in handen leggen van God.

    Kom tot Mij, allen, die vermoeid en belast zijn, en Ik zal u rust geven;
neem Mijn juk op je en leer van Mij, want Ik ben zachtmoedig en nederig van hart,
en je zult rust vinden voor je ziel; want
Mijn juk is zacht en Mijn last is licht
Matth.11: 28-30.
Christus heeft ons geroepen navolgers te worden in Zijn lijden,
Hem te volgen in het Mysterie van het leven, zoals God dit heeft bereid.
De waardigheid van die mysterieuze daad, welke ons tot de waardige zaligheid leidt, heeft het gevaar in zich van onwaardige ontvangers, om
dat bewijs in Zijn Naam te benadrukken, onophoudelijk bewust te zijn.
Het stelt ons daarom voorafgaand in staat een verder onderzoek in te stellen òf
we wel waardig zijn onze gang naar Zijn kelk te vervolgen;
deze geboorte van Christus in onze kenmerkende ziel te ontvangen.

H. Climacos, abt van de Sinaï

Dit Hoogfeest op deze eerste Kerstdag, met aansluitend de 40 dagen tot aan de opdracht in de tempel, met
iedere dag wel weer een nieuwe Heilige of Martelaar bezorgt ons de Geboorte van Christus in onze eigen ziel;
Daarom wordt dit feest zó groots gevierd om dit als bewijs van onze overgave te laten gelden, dat wij ons open stellen onophoudelijk voor-te-bereiden op de weg naar het Hemels Koninkrijk, waar wij nu eenmaal allemaal naar op weg zijn.
Wordt je geboren, dan ga je onherroepelijk dood en
je kunt niet anders dan je hierop voorbereiden
– op de uiteindelijke ontmoeting met Christus boven aan de ladder van Climacos;
De voorbereiding tot deze ontmoeting vindt stapje voor stapje, trede voor trede plaats,
zodat je uiteindelijk waardig geacht kunt worden opgenomen worden in de Hemelse sferen.

Heer, laat uw dienaar nu in vrede naar Uw Woord vertrekken:
want mijn ogen hebben Uw zaligheid gezien

Luc.22: 29,30.

Hierin is de Liefde van God jegens ons geopenbaard, dat
God Zijn eniggeboren Zoon gezonden heeft in de wereld, opdat
wij zouden leven door Hem.
Hierin is de Liefde, niet dat wij God liefgehad hebben, maar
dat Hij ons heeft liefgehad en Zijn Zoon gezonden heeft
als een verzoening voor onze zonden

1John.4: 9.

Troparion      tn.2 bij het “Heer ik roep. . . . . “, 
Grote Vespers, avond voorafgaand 25 dec
      Uw Koninkrijk, Christus God
is een rijk van alle eeuwen
en Uw Heerschappij van geslacht op geslacht.
Vleesgeworden door de Heilige Geest
en Mens geworden uit de altijd-Maagd Maria
zijt Gij bij de komst, voor ons allen een Licht opgestraald, Christus God
Licht uit Licht en Afglans van de Vader.
Gij hebt de gehele schepping verlicht
alles wat adem heeft looft u:
het Zegelbeeld van de Heerlijkheid van de Vader.
Gij Die zijt en tevoren waart:
God, Die uit de Maagd zijt opgestraald,
ontferm U over ons
“.

Apolytikion      tn. 4,     van de 25e december
Uw Geboorte, o Christus onze God
deed opgaan voor de wereld het Licht van Uw kennis.
Want het zijn de aanbidders der sterren
in die kennis onderwezen
om U te aanbidden:
de Zon der Gerechtigheid,
en U te kennen, De Opgang uit den Hoge,
Eer aan U, o Heer
“.
vert. klooster ‘Geboorte van de Moeder Gods’, Asten