November 30e – Heilige Apostel Andreas, de eerstgeroepene [† 62]

De Heer zei tot mij: ‘Mensenkind, eet wat gij hier voor u ziet; eet deze rol en ga heen, spreek tot het Huis van Israël [de Kerk]” Ezech.3: 1.

Teksten uit God’s Boodschap leggen vaak juist de vinger bij de plaatsen waar het merendeel van de Kerk liever aan voorbij loopt, net zoals het priestergeslacht bij de parabel van de Barmhartige Samaritaan.
Het zichzelf beter vinden dan anderen gaat vooraf aan het verderf en hoogmoed komt voor de val.
Het is beter nederig van geest te zijn met de armen, dan buit te delen met degenen, die zichzelf boven anderen verheffen
Spr.16: 18,19.

Deze Apostel welke als eerste geroepen werd blijkt een uitstekend voorbeeld van een mens, die ‘als eenvoudig navolger‘ deel uitmaakte van groep Apostelen rond Christus.
Christus is als Zoon van God, zonder zonde gebleven en als zodanig de enig navolgbare en daarom noemen wij Hem ook Heer en Meester van ons leven.
Als onderdeel van het werk van Christus bleef Andreas nederig en wijdde zich vol overgave aan zijn leven teneinde na een gruwelijke dood het Koninkrijk der Hemelen te verkrijgen.
Door de Genadegave van de Heilige Geest is Andreas na Pinksteren als apostel uitgegroeid tot een  voorbeeld van nederigheid en is zijn toewijding in deze relatief “gewoon” voor navolgers van Christus, die gevolg geven aan de roep van Christus: “ neem uw kruis op en volg Mij”.

Dat “gewoon” betekent: “ Want indien wij samengegroeid zijn met hetgeen gelijk is aan Zijn dood, zullen wij het ook zijn (met hetgeen gelijk is) aan Zijn Opstanding; dit weten wij immers, dat onze oude mens mede-gekruisigd is, opdat aan het lichaam der zonde z’n kracht zou ontnomen worden en wij niet langer slaven der zonde zouden zijnRom.6: 5,6. en
Maar wij navolgers mogen ervoor bewaard blijven te roemen anders dan in het Kruis van onze Heer Jezus Christus, door Wie de wereld mij gekruisigd is en ik der wereldGal.6: 14.
Zo ‘gewoon’ is het navolger-schap dus niet, degenen die geroepen worden gaan nogal een Verbond aan teneinde in de wereld te kunnen overleven.

‘Doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg!’;
‘Do but normal, then do you ceazy enough!’

Het karakter van Andreas [Hebr.= ‘mannelijk’] geeft ons aanwijzingen over hoe wij de Blijde Boodschap op sporen van Christus’ Pedagogie kunnen ontrafelen.
Andreas is noch een grondlegger van een kerk, noch een schrijver van een apostolische brief, noch een leidende figuur, maar heel gewoon een oprechte zoeker naar de Waarheid.
Hij was een intieme metgezel van onze Heer en Verlosser, die altijd angstig is opdat anderen de vreugde van de Geestelijke Bron wordt onthouden en zet zich in deze Genadegave met anderen delen, Die hij als apostel, als eerstgeroepene nog wel, zó hoog gewaardeerd heeft.
– Een man met een grote bescheidenheid begiftigt, die nauwelijks zijn vroege belofte, eenvoudig van geest en sympathiek, zonder dramatische macht of heldhaftige geest, vervulde alsof het de gewoonste zaak van de wereld was . . .
– Een man met een diep religieus gevoel met weinig uitdrukkingskracht, meer magnetisch dan elektrisch, beter geschikt voor de stille loop van het leven dan de bewegende hoofdwegen.
– Een man, die het Woord uit het Oude Testament waarmee dit artikel begint ter harte neemt. Beter om nederig van geest te zijn met de nederigen dan om ‘de buit te verdelen met de hoogmoedigen‘. Het voordeel van deze eigenschap is voor de gehele mensheid onmetelijk.
       Als navolger, als deelnemer aan het werk van Christus bleef hij nederig en wijdde hij zich helemaal aan het navolger-schap tot de dood erop volgde en hij in het hemels koninkrijk de martelaars-kroon waardig kreeg uitgereikt.

Doordat Andreas het eenvoudige voorbeeld van onze Heiland volgde, was hij in staat om veel bij te dragen aan de eenheid van Christus’ werk door middel van de apostelen.
Nederigheid is namelijk absolute noodzaak voor de eenheid in Christus.
Paulus schrijft daarover:
      Als gevangene in de Heer, vermaan ik u dan te wandelen waardig aan de roeping, waarmee u  [allen] geroepen zijt, met alle nederigheid en zachtmoedigheid, met lankmoedigheid, en elkander in liefde te verdragen, en u te beijveren de eenheid van de Geest te bewaren door de band van de Vrede. Één Lichaam en een Geest, gelijk gij ook geroepen zijt in de éne Hoop van uw roeping, één  Heer, één geloof, één doop, één God en Vader van allen, Die is boven allen en door allen en in allenEph.4: 1-6.
Paulus verbindt vervolgens nederigheid met de Liefde:
    Indien er dan enig beroep [op u gedaan mag worden] in Christus, indien er enige bemoediging is van de Liefde, indien er enige gemeenschap is van geest, indien er enige ontferming en barmhartigheid is maakt [dan] mijn blijdschap volkomen door eensgezind te zijn, één in liefde-betoon, één van ziel, één in streven, zonder zelfzucht of ijdel eerbejag; doch in ootmoedigheid 
achte de een de ander uitnemender dan zichzelf; en ieder lette niet slechts op zijn eigen belang, maar ieder [dient] ook op dat van anderen [te letten]“ Phil.2: 1-4.
Een voor de hand liggende Waarheid die meestal door de wereld [en ook door hedendaagse kerkleiders] wordt genegeerd, is dat we ‘trots’ dienen te overwinnen indien we ‘succesvol’ willen zijn
in het ontwikkelen van waarachtige nederigheid.
Andreas las de Schriften en bestudeerde deze.
Hij wist als geen ander dat “eer bevordering van nederigheid inhoudt”, hij wist dit net als onze Heer en Verlosser uit de Joodse traditie: “     De vreze des Heren voedt op tot wijsheid, en ootmoed gaat vooraf aan de eerSpr.15: 33 en “     Voor de val is het hart van de mens hoogmoedig, maar ootmoed gaat vooraf aan de eerSpr.18: 12.
Hij begreep dat hij elke trots die hij had slechts kon overwinnen door de lagere stoel te nemen en God toe te staan hem te zijner tijd te verheffen:
    Christus sprak tot de genodigden een gelijkenis, omdat Hij bemerkte, hoe zij de eerste plaatsen uitkozen, en zei tot hen:
          Wanneer gij door iemand op een bruiloft genodigd zijt, ga dan niet op de eerste plaats aanliggen. Misschien is er iemand, voornamer dan gij, door hem genodigd; en dan zou hij, die u en hem genodigd heeft, komen en tot u zeggen:
           Maak plaats voor deze, en dan zoudt gij tot uw schande de laatste plaats moeten gaan innemen. 
Maar wanneer gij genodigd zijt, ga dan, als gij erheen gaat, op de laatste plaats aanliggen. Dan zal misschien hij, die u genodigd heeft, wanneer hij binnenkomt, tot u zeggen:
         Vriend, kom meer naar voren. Dan zal dat u tot eer zijn tegenover allen, die met u aanliggen.  Want een ieder, die zichzelf verhoogt, zal vernederd worden en wie zichzelf vernedert, zal verhoogd worden“  Luc.14: 7-11.
            Hoeveel mensen zie je in onze tijd niet aandringen om maar in het gevlei van toezichthouders en spelleiders te komen – zich als het ware op te dringen, teneinde er ook in de kerk een beter aanzien of positie mee te verwerven.
Dit is niet alleen een verschijnsel van onze tijd ook in het gevolg van Christus zette een moeder haar zoons aan een goede positie in het Hemels Koninkrijk te verkrijgen.

Baantjesjagen, de zoektocht naar een burgemeester voor Amsterdam ‘een kapitale blunder’.

Hoeveel vaders creëren niet een positie voor hun kinderen, teneinde hen toch maar een betere positie te laten verkrijgen – het is niet voor niets dat je op bepaalde posities steeds maar weer dezelfde familienamen tegenkomt; en dat is echt niet omdat deze kinderen zo uitblonken met hun studieresultaten.
In navolging van Christus liep de Apostel in het spoor van onze Heer en trok z’n lessen uit het voorbeeld en de leringen van onze Heer Jezus Christus.
Hem viel de geweldige Goddelijke Genadegave ten deel om rechtstreeks contact te hebben met de meest nederige persoon om op deze aarde mee te leven.
Over deze Goddelijke lering zegt Paulus: 
        maar Christus heeft Zichzelf ontledigd en Hij heeft de gestalte van een dienstknecht aan-genomen en is [als God] aan de mensen gelijk geworden. En in Zijn uiterlijk als een mens bevonden, heeft Hij Zich vernederd en is gehoorzaam geworden tot de dood, ja, tot de dood van het KruisPhil.2: 7,8.
Onze Heer en Verlosser reduceerde Zijn Goddelijke status tot die van de hulpeloze mens en deed bewust afstand van Zijn voorrechten als een lid van de God-familie en stierf op gewillige wijze een vreselijke dood zodat onze zonden konden worden vergeven en de boete van de mensheid kon worden betaald.


Hoewel de Andreas aanwezigheid onder de apostelen nogal vaag is, vervulde hij op een nederige, pretentieloze manier belangrijke ondersteunende rollen in het dienstwerk van onze Heer en Verlosser.
Op Pesach vroegen de Grieken die Jezus wilden “zien” naar Philippus, maar hij wist niet wat te doen. Kennelijk met respect voor het besluitvormingsproces van Andreas, wendde hij zich tot Andreas voor advies. Zonder twijfel wat hij moest doen, leidde hij hen naar Jezus:
    Er waren enige Grieken onder hen, die opgingen om op het feest te aanbidden dezen dan gingen tot Philippus, die van Betsaïda in Galilea was, en vroegen hem en zeiden: ‘Heer, wij 
zouden Jezus wel willen zien’. Philippus ging en zei het aan Andreas; Andreas en Philippus gingen en zeiden het aan Jezus.
Maar Jezus antwoordde hun en zei: ‘ De ure is gekomen, dat de Zoon des mensen verheerlijkt moet worden. Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u, indien de graankorrel niet in de aarde valt en sterft, blijft zij op zichzelf; maar indien zij sterft, brengt zij veel vrucht voort.
Wie zijn leven liefheeft, maakt dat het verloren gaat, maar wie zijn leven haat in deze wereld, zal het bewaren ten eeuwigen leven.
Indien iemand Mij wil dienen, hij volge Mij, en waar Ik ben, daar zal ook mijn dienaar zijn. Indien iemand Mij dienen wil, de Vader zal hem eren.
Nu is mijn ziel ontroerd, en wat zal Ik zeggen?
Vader, verlos Mij uit deze ure! Maar hiertoe ben Ik in deze ure gekomen.
Vader, verheerlijk Uw Naam! Toen kwam een stem uit de hemel: Ik heb Hem verheerlijkt, en Ik zal Hem nogmaals verheerlijken!
       De schare dan, die daar stond en toehoorde, zei, dat er een donderslag geweest was; anderen zeiden: ‘Een engel heeft tot Hem gesproken’.
Jezus antwoordde en zei:
‘ Niet om Mij is die stem er geweest, maar om u. Nu gaat er een oordeel over deze wereld; nu zal 
de overste dezer wereld buiten geworpen worden; en als Ik van de aarde verhoogd ben, zal Ik allen tot Mij trekken.
       En dit zei Hij om aan te duiden, welke dood Hij sterven zou.
De schare dan antwoordde Hem: Wij hebben uit de wet gehoord, dat de Christus tot in eeuwigheid blijft; hoe kunt Gij dan zeggen, dat de Zoon des mensen moet verhoogd worden? Wie is deze Zoon des mensen?
       Jezus dan zei tot hen:
Nog een korte tijd is het Licht onder u. Wandelt, terwijl gij het Licht hebt, opdat de duisternis u niet zal overvallen; en wie in de duisternis wandelt, weet niet, waar hij heengaat.
       Gelooft in het Licht zolang gij het Licht hebt, opdat gij kinderen van het Licht zal mogen  zijn.
Dit sprak Jezus en Hij ging heen en verborg Zich voor hen
John.12: 20-36.

Andreas had ontdekt dat niemand ooit een overlast voor onze Heer kòn zijn indien deze de  Waarheid zocht. De Blijde Boodschap beschrijft Andreas voornamelijk als de broer van Petrus.
Hoewel Andreas ‘ naam altijd voorkomt in de eerste groep apostelen – met Petrus, Jakobus en Johannes – lijkt hij geen deel uit te maken van de meest intieme groep. Hij was getuige van enkele van de geweldige ervaringen van Christus zoals zij deden.
Andreas was ‘niet’ aanwezig toen Petrus, Jakobus en Johannes Jezus zagen opstaan om de dochter van Jaïrus te verheffen vanuit de dood, bij het verdriet van onze Heer in de tuin van olijven, òf bij de Transfiguratie van Christus.
Zelfs later, wanneer Lucas de apostelen Petrus, Jakobus en Johannes als zuilen van de Kerk beschrijft, blijft Andreas gewoon onvermeld.
Andreas lijkt meer bezig te zijn geweest met het dienstbaar zijn in navolging van Christus, dan met het opbouwen van zijn eigen reputatie.
Zijn houding was tegenovergesteld aan die van Jacobus en Johannes, toen ze vroegen om de eerste te zijn in het Koninkrijk der Hemelen.
Er waren tijden dat sommige van de discipelen zouden afdingen op wie de grootste zou zijn, maar Andreas was bij dit soort twistgesprekken niet betrokken. Hij drong niet aan op een opvallende plaats van eer.
       Andreas’ nadruk lag op het dienstbaar zijn in het dienstwerk van Jezus Christus. Hij is een voorbeeld van stille, nederige arbeid, “niet met de zichtbare bediening om slechts de mensen genoegdoening geven, maar dienstbaarheid als vanzelfsprekend vanuit het hart“.
Hoewel hij de eerste discipel was, heeft hij nooit een plaats van ‘bekendheid’ bereikt.
      Slaven, weest uw heren naar het vlees gehoorzaam met vreze en beven, in eenvoud uws harten, als aan Christus, niet met ogendienst, als mensenbehagers, maar door als slaven van Christus de wil Gods van harte te doen en bereidwillig dienstbaar te zijn als aan de Heer en 
niet aan mensenEph.6: 5-7; en
      Slaven, gehoorzaamt uw heren naar het vlees in alles, niet als mensenbehagers om hen naar de ogen te zien, maar met eenvoud des harten in de vreze des Heren. Wat gij ook doet, verricht uw werk van harte, als voor de Heer en niet voor mensen;  gij weet toch, dat gij van de Here tot vergelding de erfenis zult ontvangen Gij dient Christus als Heer [en Meester]“ Col.3: 22-24.
God inspireerde Zijn Woord om Andreas op te nemen op het toneel van belangrijke gebeurtenissen, maar deze werkte stilletjes op de achtergrond.
Het is de verdienste dat hij tevreden was om in relatieve onbekendheid te werken, meer dan sommige van zijn mede-leerlingen. Een persoon kan niet in de voorhoede van elke activiteit zijn, hoewel velen het proberen.
Iemand zei eens: “Nederigheid is als ondergoed, essentieel, maar onfatsoenlijk wanneer het aan de wereld wordt blootgesteld”.
De Nederige Andreas was tevreden met zijn mindere rol en toonde geen afgunst op degenen die de hoofdrol speelden.

Niet voor niets wordt deze hoogstaande christelijke eigenschap op de dag volgend op zijn feestdag van 30 november door Paulus nog eens nadrukkelijk onder de aandacht gebracht:
      Maar de Vrucht van de [Heilige] Geest is Liefde, Blijdschap, Vrede, Lankmoedigheid, Vriendelijkheid, Goedheid, Trouw, Zachtmoedigheid, Zelfbeheersing. Tegen zodanige mensen is de Wet niet.
Want wie Christus Jezus toebehoren, hebben het vlees met zijn hartstochten en begeerten gekruisigd. Indien wij door de Geest leven, laten wij ook door de [Heilige] Geest het spoor houden.
Wij moeten niet praalziek zijn, elkander tartend, elkander benijdend.
Broeders, zelfs indien iemand op een overtreding betrapt wordt, helpt gij, die geestelijk zijt, hem 
terecht in een geest van zachtmoedigheid, ziende op uzelf; gij mocht ook eens in verzoeking komen. Verdraagt elkanders moeilijkheden; zó zult gij [in stilte] de [Liefdes-]wet van Christus vervullenGal.5: 22-6: 2.

De Πρωτόκλητος [“Protoklitos” Gr., de eerstgeroepene] Apostel Andreas volgde Christus na en Hem al doende navolgend onderging hij de martelaarsdood te Patras.
Dat is in één zin de pelgrimstocht welke deze apostel in zijn leven heeft afgelegd.
De apostel Andreas, wiens naam mannelijke dapperheid/standvastigheid betekent, vervulde net als de andere apostelen na Pinksteren zijn opdracht.
Hij predikte in het verstrooide Huis van Israël.
De mondelinge overlevering geeft via de traditie aan dat Andreas predikte in Klein-Azië en Scythia, die zich langs de Zwarte Zee bevonden en zich uitstrekte naar het noorden als de Wolga. De geschiedenis omtrent migratiestromingen toont aan dat de voorouders van de Schotten en Angelsaksen uit dit gebied migreerden.
De moderne Schotse traditie gelooft dat Andrew tot hun voorouders predikte.
Het verhaal van zijn martelaarschap zegt dat hij voor het eerst werd gestenigd en vervolgens werd gekruisigd te Patras in Achaea op een kruis in de vorm van een kruis, algemeen bekend als een ‘kruis van heilige Andreas’ in een X-vorm.
Volgens de legende heeft hij daar twee dagen gehangen en bleef hij het evangelie
verkondigen tot hij stierf.
Tegenwoordig is het “Andreaskruis” nog steeds een uniek embleem van het Schotse volk.

Apolytikion     tn.4.
”   Gij zijt de eerstgeroepene van de Apostelen,
en de broeder van Petros.
Bid daarom, heilige Andreas,
tot de Meester van het heelal,
om aan de wereld Vrede te schenken,
en aan onze zielen de grote Genade”

Kondakion     tn.2.
”  Bezingen wij hem, die de Manhaftige heet,
de uit God sprekende, de Eerstgeroepene door de Verlosser,
de broeder van Petros.
Want zoals tot hem roept Andreas Andreas nog steeds tot ons:
‘ Wij hebben gevonden naar Wie wij zozeer verlangden“.