November 14e – Heilige Apostel Philippus, van onder de vijgenboom.

Geloof draagt je door het leven; الإيمان يحمل لك الحياة; Faith carries you through life.

      Hij leidde Simon tot Jezus.
Jezus zag hem aan en zei:
Gij zijt Simon [Hebr.=’ 
rotsblok of steen‘], de zoon van Johannes, gij zult heten Kephas [Hebr.= ‘rotsblok’], wat vertaald wordt met Petrus [Hebr.= ‘een rotsblok‘].
De volgende dag wilde Hij naar Galilea [Hebr.= ‘kring‘] vertrekken en Hij vond Philippus [Hebr.= ‘ liefhebber van paarden’]
En Jezus zei tot hem: ‘Volg Mij’.
Philippus nu was uit Betsaïda
[Hebr.= ‘huis van vis‘], de stad van Andreas [Hebr.= ‘mannelijk’] en Petrus. 
Philippus vond Nathanael [Hebr.= ‘gave van God‘] en zei tot hem:
‘Wij hebben Hem gevonden, van Wie Mozes in de Wet 
geschreven heeft en de Profeten, Jezus, de zoon van Jozeph, uit Nazareth’ [Hebr.= ‘de bewaakte, afgezonderde‘ – (‘kluizenaar’ red.?)].
       En Nathanael zei tot hem:
Kan uit Nazareth iets goeds komen?
Philippus zei tot hem:
‘Kom en zie’.
Jezus zag Nathanael tot Zich komen en zei van hem:
‘Zie, waarlijk een Israëliet, in wie geen 
bedrog is!’.
Nathanael zei tot Hem:
‘Vanwaar kent Gij mij?’.
Jezus antwoordde en zei tot hem:
‘Eer Philippus u riep, zag Ik u onder de vijgenboom’.
Nathanael antwoordde Hem:
‘Rabbi, Gij zijt de Zoon van God, Gij zijt de Koning van Israel!’.
Jezus antwoordde en zei tot hem:
‘Omdat Ik tot u gezegd heb: Ik zag u onder de vijgenboom’
John.1: 43-51.

      Want het schijnt mij toe, dat God ons, apostelen,
de laatste plaats heeft aangewezen als ten dode gedoemden, want wij zijn een schouwspel geworden voor de wereld, voor engelen en mensen.
       Wij zijn dwaas om Christus’ wil, maar gij zijt verstandig in Christus; wij zijn zwak, maar gij zijt sterk; gij zijt in aanzien, maar wij zijn niet in ere.
       Tot op dit ogenblik verduren wij honger, dorst, naaktheid, vuistslagen en een zwervend leven; wij verrichten zware handenarbeid; worden wij gescholden, wij zegenen; worden wij vervolgd, wij verdragen; worden wij gelasterd, wij blijven vriendelijk; wij zijn als het uitvaagsel der wereld geworden, als aller voetveeg, tot op dit ogenblik toe.
       Dit schrijf ik niet om u beschaamd te maken, maar om u als mijn geliefde kinderen terecht te wijzen. Want al hadt gij duizenden opvoeders in Christus, gij hebt niet vele vaders.
Immers, ik heb u in Christus Jezus door het Evangelie verwekt.
Ik vermaan u dus: volgt mijn voorbeeld“.
1Cor.4: 9-16.

In de tijd slaat onze Heer en Verlosser Zijn ogen ten Hemel en bidt.

In sommige geestelijk bewogen kringen wordt iedere zondagmorgen de perikoop van het Hoog-Priesterlijk gebed uit Johannes gelezen in de wetenschap dat dit gebed tot de vader met onze Heer het enige is wat ons overblijft.
Wij leven in een tijd waarbij de gelovige z’n christelijk Geloof ervaart als datgene wat lijkt op een vloeistof of gas hetgeen zich fluïderend gedraagt en de gemeenschap in z’n omgeving kiest, waar hij/zij zich het meest toe aangetrokken voelt.
Was het tot nog toe zo – ik bezoek de Christelijke gemeenschap van mijn ouders – zo hoort het misschien, maar dit wettisch kader is bij de meeste gelovigen omgeslagen tot een zelfstandig gerichte keuze tot die gemeenschap waar men zich het meest tot z’n/haar recht voelt komen.
Fluïdisatie ontstaat door van onderaf in een gas of vloeistof [door de Heilige Geest] tegen de korreltjes aangeblazen wordt of dat er een stroming ontstaat tussen koud en warm. De individuele deelnemers gaan dan zweven, stuiteren en bewegen. Bij voldoende hoge gassnelheid ontstaan er zelfs bellen, die ongelimiteerd gaan vliegen; de vaste korreltjes lijken dan op een ‘kokende’ vloeistof, als door vuur aangedreven.
Wat ik hiermee wil aantonen is dat al de reuring [= drukte levendigheid, bedrijvigheid] van de machtigen der aarde de Heilige Geest toch niet van baan kunnen doen veranderen.
De mens wikt, maar God beschikt‘, dus laten we dus als Petrus terugkeren naar het gebed van onze Heer en Verlosser:
        Dien elkaar, als goede beheerders van Gods veelsoortige genade, met de gaven ‘zoals ieder die heeft ontvangen’. Indien iemand spreekt, dienen het God’s woorden te zijn; als iemand een ander een dienst bewijst, ‘dient het te zijn uit de Kracht, Die God hem geeft. Zó wordt God in alles verheerlijkt door Jezus Christus, aan Wie de Heerlijkheid en de Macht is tot in alle eeuwigheid, Amen 1Petr.4: 10,11.

Maar terug naar onze Heer en Verlosser, want Johannes laat de Gelovige van vandaag zien hoe bijzonder hij/zij gezegend is. Hoe uniek die zegen is, die de individuele gelovige heeft ontvangen. Onze Heer Jezus Christus bidt.
Ik weet niet of u ooit een ander die aan het bidden was heel enthousiast hebt benaderd.
Je komt binnen en staat ineens in een ruimte waar gebeden wordt, zó privé, zó intiem, dat je eigenlijk het idee hebt: dient dit wel in de Blijde Boodschap openbaar te worden gemaakt, dienen wij dit wel te weten? En dat maakt het dubbel moeilijk, want natuurlijk schitteren de machtigen der kerk in hun zondagse kleren, maar is dàt nu de kern van de zaak?
Waar het om draait is de directe relatie van de mens met God de Vader en dàt is wat onze Heer en Verlosser ons hier laat zien:
Hij openbaart als de God-mens, de Goddelijke Naam en het bijbehorende Hemels Koninkrijk aan de mensen, die de Vader Hem uit de wereld gegeven heeftconf. John.17: 6.

      En Christus bidt niet alleen voor dezen, maar ook voor hen, die door hun woord in Hem geloven, opdat zij allen een zijn, gelijk Gij, Vader, in Mij en Ik in U, dat ook zij in Ons zijn; opdat de wereld zal geloven, dat Gij Mij gezonden hebt. En de Heerlijkheid, die God Hem als Zijn Zoon gegeven heeft, heeft Hij ons gegeven, opdat zij één zijn, gelijk Zij [als Drieën] één zijn:
Ik in hen en Gij in Mij, dat zij volmaakt zijn tot één, opdat de wereld zal erkennen, dat Gij [Vader] Mij gezonden hebt en dat Gij hen liefgehad hebt, gelijk Gij Mij liefgehad hebtconf. John.20-23

            Het is dus een goede gewoonte om de dag des Heren met dit Hoog-priesterlijk gebed te beginnen, want het zet ons met beide benen op de grond en geeft aan dat al de drijvende krachten achter verdeeldheid en nationalisme in de Kerk ‘fake news’, nep nieuws is wat de Blijde Boodschap, de Pedagogie van onze Heer en Verlosser gewoon kapot maakt, bederft.
De vervloeking van de onvruchtbare vijgenboom door onze Heer en Verlosser als overgang naar het nieuwe Verbond geeft een veroordeling aan van datgene wat geweest is, datgene wat achterhaald is en daarom wordt aan het begin van de periode van vasten tot het Kerstfeest
het leven en de roeping van Philippus naar voren gehaald.
            Wij Christenen gaan ons voorbereiden op de komst des Heren in het vlees, het feest van Zijn Geboorte en dàt betekent dat we alles wat verdeeldheid zaait overwonnen dient te worden.
            En indien we ‘schoon schip’ willen maken, de bezem door de Kerk willen halen, het aloude kwaad willen verdrijven dan dienen we overeenkomstig Zijn Gebod voor te bereiden.
Gebed ondersteund door vasten is dé sleutel voor bevrijding – vasten is niet een opgelegd wed- strijdje -‘niet-eten’-, maar sommige [duivelse] geesten verdwijnen alleen maar door bidden en vasten.
Is het ‘bidden en vasten’ wel precies wat velen van ons denken? En komt men niet van problemen af door gehoorzaamheid aan het ‘goede’ alleen en weerstand tegen het ‘kwaad’, zodat de duivel van ons wegvlucht?
Onze Heer en Verlosser bidt om onze redding en hulp in de toestand van de wereld en de mens, maar hij bidt niet dat de mensen van Hem weggenomen worden. Integendeel, Hij bidt voor allen, die vermoeid en belast zijn; Hij richt zich tot mensen die moe zijn van het leven onder het juk van hun eigen zonde. Die verdriet hebben, niet in de eerste plaats over de zonden van anderen, maar over zichzelf. De machtigen zijn óók maar mensen, die heel goed weten dat het heel anders dient te gaan in het leven van de Kerk, het Lichaam verzwakt door al die bloed’s-broeder-strijd, kijk maar naar Job [Hebr.= ‘het roepen van ‘wee’ of ik zal roepen‘], die Godvrezend is.
God staat ‘het kwaad, de satan toe ook hem te gronde te richten. Job verliest in al z’n menselijk onvermogen, zijn hele hebben en houden, tot hij naakt is over al z’n [kerkelijke] ledematen; ‘De mens wikt, maar God beschikt‘.

Hoe andere geledingen de situatie beoordelen, of de strijd van jouw/onze  gemeenschap zien? 
Wanneer het gaat over onderlinge strijd in een christenleven, dan verwijst dit bijna altijd naar een innerlijke strijd, die ontstaat wanneer zondige gedachten de individuele gemeenschap verzoeken tot het kwaad; Gods Geest en het vlees staan tegenover elkaar.
Iedereen beseft heel goed dat het ‘niet goed‘ met de Kerk gaat.
We weten dat er krachten in het menselijk leven zijn die sterker zijn dan wijzelf en die ons in  gedachten bij God vandaan trekken naar dingen die niet goed voor ons zijn en waardoor we met z’n allen in een spiraal van ellende terecht kunnen komen.
Zouden we dàt negeren dan zouden we  niet meer eerlijk zijn.
Maar we willen als navolgers van Christus toch eerlijk zijn tot op het bot!?!,
lees dan meer:
pdf:  Christus is onder ons, Hij is en zal zijn’

De vijgenboom welke in de landen van het midden-Oosten twee maal per jaar vrucht draagt en is daarom zeer geliefd. Vijgen kunnen zowel vers als gedroogd en in vijgenkoeken gegeten worden. De lobbige bladeren zijn zo groot dat Adam en Eva ze gebruikten als kleding.
De uitdrukking ‘zitten onder de vijgenboom betekent dat er Vrede en veiligheid in het land heerst:
‘      Te dien dage, luidt het woord van de Heer der heerscharen, zult gij elkander nodigen onder de wijnstok en onder de vijgenboomZach.3: 10.
                  Onze Heer vervloekte een vijgenboom, omdat deze symbool stond, voor de diensten en werken in de Tempel zonder op God gericht te zijn. Maar er wordt in de Blijde Boodschap nog meer op mistoestanden gewezen in vergelijking tot de vijgenboom:
– ‘God waarschuwt het prachtige Samaria, dat het ooit haar schoonheid zal verliezen, zoals een uitgebloeide boom’, Isaiah 28: 4 .
– ‘God maakt Zijn Volk duidelijk dat ze lang geleden ’net zo bijzonder’ voor Hem waren als de eerste vijg aan de vijgenboom’, Hosea 9: 10.
– ‘De Assyriërs worden vergeleken met een vijgenboom. Vijanden kunnen de steden zó gemakkelijk veroveren, alsof ze vijgen willen eten. Je behoeft alleen maar aan de boom te schudden en de rijpe vruchten vallen eruit’, Nahum 3: 12 .
– ‘Onze Heer weet dat het einde zal komen als je alle dingen waarover Hij sprak ziet gebeuren, Net zoals je weet dat de zomer er aan komt, wanneer je de balderen aan de takken van de vijgenboom ziet komen’, Matth.24: 32.
– ‘Johannes de Theoloog ziet in zijn droom een zware aardbeving als het lam, het zesde zegel verbreekt. De sterren vallen op de aarde, zoals vijgen die door de storm uit de boom worden geschud’
– er dus sprake is van grote verwerping van het verkregen Christelijk Geloof, Openb.6: 13.
De waarheid  van het – “Christus is onder ons, Hij is en zal zijn” – is niet naakt in de wereld gekomen, maar gekleed in symbolen en beelden. Anders zouden wij haar niet kunnen bevatten.
De wijsheid en de schoonheid van Christus is niet geboren uit de wil van de mens, maar uit de wil van God tot meerdere eer en glorie van Zijn macht en
wat de mens er na het edict van Milaan [313] van gemaakt heeft
neigt alleen op die gronden al naar misleiding.
                        De Heiligen houden ons een zuiver oog in combinatie met een zuiver hart voor. Indien het hart niet zuiver is, kan het oog ook niet zuiver zijn.
Hoe gaan wij met elkaar om?  Waarom doen wij de dingen, die we doen?
Is het om onszelf te verheffen of bij anderen in een goed blaadje te komen? Om geprezen te worden? Nee toch? Het dient plaats te vinden om er God mee te dienen en daarmee Zijn Naam de verheerlijken. Alles dient voort te komen uit het zuivere geweten, het oprechte hart.
                        Pas dus op”, zegt de Heer, “dat u uw gerechtigheid niet doet voor het oog van de mensen om door hen te worden gezien!” Matth.6: 1.
Dat wil dus zeggen: pas op, dat je niet zo leeft, dat je wilt dat de mensen je zien.
Dat je geluk als ’t ware dáárvàn afhangt!
Toch rijst hier ook een probleem.
Want heeft Jezus niet eerder gezegd:
Laat zo uw licht schijnen, opdat zij uw goede werken zien”?
Toch is dit niet met elkaar in tegenspraak.
Want Jezus zegt niet, dat het “goed doen voor het oog van de mensen” fout is, maar
dat wij het doen om door hen te worden gezien”.
Goede werken dienen gedaan te worden om er “uw Vader in de hemel mee te verheerlijken” en absoluut niet uit hoogmoed, de eigen roem na te jagen, carrière te maken in het geestelijke.
Heeft Paulus niet gezegd:
Tracht ik thans mensen te winnen, of God?
Of zoek ik mensen te behagen?
[m.a.w. door voetjevrijen in de gunst van de mensen trachten te komen].
Indien ik nog mensen trachtte te behagen, zou ik geen dienstknecht van 
Christus zijn?Gal 1: 10.
Maar ergens anders heeft hij gezegd:
Zorg dat u bij allen met alles in de gunst staat.
Ook ik tracht bij allen met alles in de gunst te staan”, teneinde de wereld te laten zien dat slechts God de eer toekomt.
Hij kan zo spreken, omdat hij zo graag de gunst van mensen wil winnen
om de harten van die mensen te bekeren tot Liefde voor God.
Hij weet, dat, als de mensen een hekel aan je hebben, zij jou ook niet in het Geloof zullen volgen.
Maar indien ze jou sympathiek vinden, zullen ze ook graag naar je luisteren en
kun ‘jij’ ze tot God brengen.
Zó kan de apostel ergens anders, wanneer hij een geldinzameling gehouden heeft
voor de armen in Jeruzalem, zeggen:
Niet dat het mij om uw giften te doen is, het is mij er om te doen dat
het tegoed op uw [eigen] rekening wordt bijgeschreven”.
Ook onze Heer en Verlosser spreekt over schijnheiligheid en wit-gepleisterde graven.
Wanneer u dan een aalmoes geeft, loop er dan niet mee te koop zoals
de schijnheiligen dat doen in de synagogen en op straat, om
door de mensen geprezen te worden
Matth.6: 2.
Het komt bij de schijnheiligen niet uit het hart, maar zij doen het voor zichzelf,
om gezien en geprezen te worden.
Zulke mensen zijn eigenlijk toneelspelers; zij willen schijnen te zijn, wat zij eigenlijk niet [willen] zijn.
Zij bespelen en bedriegen de mensen, om door hen geprezen te worden en
daarmee succes te oogsten!
Maar zulke mensen ontvangen geen loon van God, Die de harten van mensen doorgrondt, maar zij krijgen straf voor hun bedrog.
Zij hebben hun loon al van de mensen ontvangen”, zegt Onze Heer.

Zo is het ook met het bidden. Het dient in het verborgene te gebeuren!
Wanneer u bidt”, zegt Christus, onze Heer:
wees dan niet als de schijnheiligen; zij staan graag in de synagogen en op de hoeken van de straten te bidden, om op te vallen bij de mensenMatth.6: 5.
Ook hier is het niet verkeerd op te vallen bij de mensen, maar het is verkeerd uw gebeden te verrichten met de bedoeling om op te vallen bij de mensen.
En het is overbodig steeds maar weer hetzelfde te zeggen, omdat
men voortaan maar één regel hoeft te onthouden;
Maar als u bidt, ga dan in uw binnenkamer” Matth.6: 6.
Wat is die binnenkamer anders dan het hart?
Doe dan de deur dicht en bid tot uw Vader in het verborgene”.
De binnenkamer dient gesloten te worden, anders dringt de buitenwereld naar binnen en wordt het opnieuw een jamboel, een chaos.
En uw Vader, Die in het verborgene ziet, zal het u lonen”.

Hoe moeten we dan bidden?
Gebruik bij het bidden geen omhaal van woorden zoals
de heidenen, want die menen dat ze vanwege hun talrijke woorden
verhoord zullen worden
” Matth.6: 7.
Bidden is geen schouwspel! Dat is ook helemaal niet nodig, want
uw Vader weet wat u nodig hebt, voordat u het Hem vraagt”.
Geen overvloed van woorden, maar daden!
Een toegewijd hart, een aandachtige geest,
een zuivere Liefde en oprechte genegenheid, dat
wil God van ons hebben.
Waarom is dan nog een gebed nodig?
Omdat het ons hart zuivert, verheldert en verruimt.
Het gebed is nodig, omdat
wij God zo gauw vergeten in ons leven.
Bij het gebed keert het hart zich tot de Heer, Die
altijd voor ons klaar staat en bereid is om te geven.
Maar wij dienen wèl open te staan voor wat Hij
ons genadig doet toekomen!
En daarom dienen wij te bidden.

The Baptism of the Eunuch, Rembrandt
1626, museum Catharijneconvent, Utrecht

In de Handelingen der Apostelen is bijna geheel hoofdstuk 8 aan de Apostel Philippus gewijd. Eerst zijn succesvolle prediking in Samaria [ja de onder de Samaritanen, die met de nek werden aangekeken] nadat de Apostelen uit Jerusalem werden verdreven [Petrus werd de 1e hoofd-toezichthouder van Antiochië].
De overwinning op de occulte tovenaar Simon, die later de wijding’s-gave voor geld dacht te kunnen kopen [daarmee aanzien trachtte op te bouwen] en vervolgens het gesprek met de kamerling uit Ethiopië, die zich ter plaatse liet dopen, terwijl Philippus naar Azote [מצליף סיעה, Hebr. = een ‘politieke‘ groep ranselen] werd gevoerd.
Uit alles blijkt de wonderlijke overtuiging’s-kracht waarover hij door de Heilige Geest mocht beschikken.
Hij trok persoonlijk als een gloedvolle stormwind door de toen bekende wereld, samen met zijn zuster Mariamne [van Lycaonië] en de Apostel Bartholomeus [=  Natanaël]. Er zijn getuigenissen over Philippus in Galilea, Griekenland, Arabië en zelfs Ethiopië. Tijdens de vervolging van Dometiaan werd hij te Hiërapolis gekruisigd, op zijn verzoek met het hoofd omlaag, omdat hij zich niet waardig achtte om rechtop, zoals Christus, aan het kruis te sterven.
Is er geen grotere heilige aan het begin van de Kerst-vasten, die vandaag begint, ook wel de Philippus-vasten genoemd, daarom:
Allen, incl. andersdenkenden, die met ons mee vasten,
een goede voorbereiding op Kerst toegewenst“,
de redactie www.lucascleophas.nl

H. Philippus

Apolytikion     tn.3.
”    Heel de wereld verheugt zich heden met Ethiöpië,
door uw zegepraal verlicht, God-sprekende Philippos.
Want gij hebt aan allen het Geloof in Christus geleerd, zoals gij zelf de weg van het Evangelie tot volmaaktheid bracht.
Daarom heffen wij onze handen met Vertrouwen tot God. Bid tot Hem om ons te schenken, de Grote Genadegave“.

Kondakion        tn.8.
”    Uw Leerling en vriend die U tot in de kruisdood is gevolgd, heeft U als God aan de wereld verkondigd.
Behoed daarom Uw Kerk tegen de listen van de vijand
door de gebeden van de door God ‘in vuur en vlam gezette’ Apostel Philippos“.