Orthodoxie & als een vis in het water van het Koninkrijk der Hemelen

Laten we naar de ander kant van het meer gaan

Nogmaals, het Koninkrijk der Hemelen is
als een net dat in de zee werd gegooid en vis van elke soort verzamelde.
Toen het vol was, trokken mannen het aan de wal, gingen zitten en sorteerden het goede in grote bakken, maar gooiden het slechte weg
”.
Matth.13: 47-48.

Zie toch wat u hier eventjes duidelijk wordt gemaakt:
De hier beschreven scheiding is niet tussen de vissen die ‘niet‘ gevangen werden in het net van het Koninkrijk der Hemelen en degenen die dat ‘wel‘ deden. Dat is niet het punt van deze gelijkenis.
De scheiding is hier tussen twee soorten mensen die ‘in’ het net van het Koninkrijk worden opgenomen. Daartoe verleidt wordt ‘één soort‘ bewaard terwijl ‘de ander‘ werden afgedankt.
Deze werden weer in zee geworpen als voedsel voor de monsters, die daar spelen.

koepel van de H. Marcus Basiliek Venetië, It

Dus ‘het Mysterie van het Koninkrijk‘ is niet alleen dat het Koninkrijk aanvankelijk beperkt is in zijn omvang en zijn effect in de wereld [het is een mosterdzaadje], maar ook het Mysterie van het Koninkrijk is dat de mensen die onder ‘de Macht van God’ komen Zijn Koninkrijk zijn, zoals we zeggen, een gemengde zaak. Sommigen zijn ware discipelen en volgen nauwgezet het Woord, de Pedagogie van Christus. Anderen zijn daarop hypocrieten, zij ergeren zich aan het Woord en doen vroom alsof en spelen tegen ‘eigen wil en dank‘ slechts het grote spel mee.
De Orthodoxie heeft geleden – met name in de westerse georiënteerde wereld- onder culturele onzichtbaarheid.
Het wordt eenvoudigweg niet geregistreerd op de meeste van onze culturele radarschermen. Sommigen verwarren het met het [Rooms-] Katholicisme.
Maar de Orthodoxie onderscheidt zich van het Katholicisme en  geniet een unieke Geschiedenis en Theologie.  De Russisch-Orthodoxe theoloog Vladimir Lossky [overleden in 1958] verwees ooit naar de ‘dogmatische ongelijkheid’ tussen het christelijke Oosten en het christelijk Westen.

Wij van ‘de Traditie’, die zich in tegenstelling tot de in westen ontwikkelde mensen, ‘niet’ gewend [verwend] zijn geraakt slechts gebruik te maken van de methode die ons door onze toezicht-houders worden voorgehouden. Deze methoden hebben zij ‘zelf’ aan de hand van westerse maatstaven vastgesteld.
De methoden kunnen weliswaar per regio, per hoofdtoezichthouder verschillen, maar het doel dient overeenkomstig hetzelfde te blijven:
– inzicht in de relatie met God verkrijgen en
– die naar ‘eigen’ bevinden begrenzen/inkapselen/limiteren.
De mens is en blijft ‘zelf’ verantwoordelijk en aanspreekbaar voor zijn/haar doen en laten. Het Nieuwe Verbond, het bekleed zijn met Christus, is een beperking die de Vrijheid, die Christus, voor de kinderen God’s heeft bedongen.
Methoden en opgelegde verplichtingen verminderen de reikwijdte van de Blijde Boodschap, de Pedagogie, Die onze Verlosser ons heeft voorgehouden.
De deelname hieraan is beperkt tot gelovigen, die de ‘één of andere  doop hebben ondergaan en leggen de mens derhalve nogal wat beperkingen op.
In feite is het een belediging van de roep van Christus:
    Komt tot Mij, allen, die vermoeid en belast zijt, en Ik zal u rust geven; neemt mijn juk op u en leert van Mij, want Ik ben zachtmoedig en nederig van hart, en gij zult rust vinden voor uw zielenMatth.11: 28,29.
Wanneer teleurstellingen om je heen en in het leven zich opstapelen, lijkt het soms alsof niemand zich nog aan z’n eigen beloften, z’n Verbintenis met God,  houdt. Maar dat is niet waar.
Anderen breken hun beloften misschien, maar onze Heer en Verlosser, de Zoon van God doet dat nooit. Wij dienen ons derhalve te heroriënteren en te richten op hoe Hij als Zoon van God en onze Verlosser ons heeft beloofd dat Hij:

Christus, de Goede Herder, detail mozaïek in San Lorenzo fuori le mura, Rome

– ‘mèt je zal zijn’,
– ‘je zal leiden’,
– ‘je zal helpen’ en
– ‘je zal dragen’.
God regeert over mensen zoals Hij het wil en dat is beslist niet zoals de wereld het zou willen òf de toezichthouders binnen Zijn organisatie.
    Men zal u verstoten uit de gemeenschap van de mensen en uw verblijf zal wezen bij het gedierte van het veld; men zal u gras te eten geven als de runderen en u door de dauw van de Hemelen laten bevochtigen; en zeven tijden zullen over u voorbijgaan, totdat u erkent, dat de Allerhoogste macht heeft over het Koningschap van de mensen  en dat geeft aan wie Hij wilDaniël.4: 25.

In het verre verleden – in het Vroeg-Christelijke – werd ‘kwaliteit’ gezien als synoniem voor het halen van een certificering. Deze certificering werd meestal vereist door de volgelingen van Christus, die zich pertinent afzijdig van van de wereld opstelden.
De letterlijke betekenis van Antiochië is ‘pertinent tegen [=anti-] de wereld’, dus vóór Christus en als zodanig werden degenen, die Christus volgden in Antiochië ‘voor het eerst‘ Christenen genoemd.
De deelnemers aan het Lichaam van Christus, een Christelijke organisatie hebben zich verenigd om aan te tonen dat de geleverde producten of diensten voldoen aan datgene wat vooraf door Christus is vastgesteld – is gespecificeerd.
Processen, procedures en werkinstructies worden gezien als waarborg voor het verkrijgen van producten of diensten die aan de door Hem, als Zoon van God, gestelde eisen voldoen.
Hoewel dit klip en klaar in de Blijde Boodschap is vastgelegd worden de beschrijvingen en instructies bijgehouden, een organisatie, ook die van het Lichaam van Christus, is immers continu aan verandering onderhevig.
Kwaliteit is het voldoen aan en het liefst overtreffen van de verwachtingen die van Christus afkomstig zijn en niet van mensen, dat is voorzeker een belangrijk aspect aan kwaliteit.
Kwaliteit wordt echter niet langer onderkent als iets wat alleen belangrijk is/was voor intern gebruik in de organisatie, maar de blik ten aanzien van kwaliteit wordt tegenwoordig door de individuele mens naar binnen gericht.
Het gaat immers om de waarachtige volgeling van Christus te zijn en indien we dit goed doen gaat het resultaat, het optimaal streven naar het Koninkrijk der Hemelen ook omhoog.
Is er geen sprake van kwaliteit – dan zal er slechts een wortelstomp van de boom overblijven – tot: wordt erkent dat het Hemelse uitgangspunt de Heerschappij bezit en vanaf dat moment zal God’s Koningschap weer bestendig zijn [conf. Daniël 4: 26]. 

Gebed voor het slapengaan
    Wanneer ik roep, verhoor mij, God van mijn gerechtigheid: schenk mij ruimte in de benauwing.
Ontferm U over mij, luister naar mijn gebed.
Kinderen van de mensen, hoelang nog zijt jullie zwaarmoedig ?
Waarom beminnen jullie ijdelheid en zoeken jullie leugen ?
Weet dan, dat de Heer Zijn gewijde wonderbaar heeft verheven: de Heer heeft mij [David] verhoord toen ik tot Hem riep.
Wordt toornig, maar zondig niet, wat ge zegt in uw hart, betreur dat op uw rustbed.
Draag een rechtvaardig offer op en vertrouw op de Heer, velen zeggen:
‘Wie zal ons het goede doen zien ?’.
Heer, het licht van Uw aanschijn is een teken over ons.
Gij schenkt vreugde in mijn hart. om de overvloedige vrucht van tarwe, wijn en olie.
Heer, in vrede leg ik mij te ruste om te gaan slapen.
Want al ben ik eenzaam, Gij doet mij wonen in vertrouwenPsalm 4, vert. ROK ’s-Gravenhage

 “Een persoon is waar zijn gedachten zijn”, we zijn allemaal wel eens even in gedachten verzonken, maar gedachten zijn geen absolute waarheden, zeker niet waar we aan denken als we gaan slapen – en daarom dienen op zo’n moment van de dag de gedachten bewust op God gericht te worden.
Wanneer u door een Kerkgemeenschap onderwezen wordt, maar met uw gedachten ergens anders vertoeft, dan bent in werkelijkheid ergens anders; u neemt niet langer deel aan het Koninkrijk. Het zijn geen vreemde gedachten, maar het zijn uw eigen gedachten in uw hoofd.
In Psalm 4 houdt de oud-testamentische Koning David [Hebr.=‘geliefde’] zich bezig met deze problematiek.
David wordt nagezeten door zijn zoon Absalom [Hebr.= ‘mijn vader is vrede’].
De opstand van Absalom krijgt steun van de bevolking; het lijkt alsof de bevolking onder-gedompeld is in een fantasie dat als David [de geliefde van God] uit het beeld verdwijnt,
de Joodse bevolking om hem heen, die van het eerste Verbond met God,
zijn zich gaan vereenzelvigen met de heidense wereld om hen heen en
een luxueus, beter leventje  gaan leiden.

David richt zich tot de leiders, de toezichthouders:
Gij mannen, hoe lang is mijn eer tot versmading, hoe lang hebt gij ijdelheid lief, jaagt gij de leugen na?”. David richt zich niet tot de gewone man, maar tot de leiders, toezichthouders.
Zij dienen toch beter te weten. Met hun lege fantasieën en het gericht zijn op werelds genot: geld, macht en aanzien – denken ze dat de heidense wereld beter aan hun behoeften tegemoet komt.
Maar ze zullen bedrogen uitkomen, God, de Vader, Die in de Hemelen huist, zal uiteindelijk naar de geliefde luisteren. Niet naar de mens, die God terzijde stelt en daarmee op het punt staat te gaan  zondigen.

Athos, de Berg van het zwijgen

De geliefde van God zegt tegen de mannen die hem als dienaar God’s vervolgen dat ze zich dienen te onderhouden vanuit hun ziel – wanneer ze gaan slapen en niet met voornemens, die de heidense wereld nastreeft.
Dit is wat de rechtvaardigen verkondigen, sluit je af van het materialistische leven – neem een ascetische houding aan, bekleed je met Christus.
Creëer daarmee een oase van rust, al is het alleen maar in je bed.
Luister naar de stilte en bid dan.
Heer, het licht van Uw aanschijn is een teken over onsPs.4: 7, want Gij alleen, o Heer, doet mij veilig wonen

De geliefde eindigt de Psalm met de woorden: “want Gij alleen, o Heer, doet mij veilig wonen”  Slechts wanneer we alleen wonen is er veiligheid, dat wil niet zeggen fysiek apart wonen.
We hebben een hogere roeping, we zijn de zonen van Abraham, Isaäc en Jaäcob en we dienen als zodanig zo te handelen. Alleen door onze harten en gedachten af te stemmen op het Woord van Zijn Zoon, onze Heer Jezus Christus kunnen we fatale percepties vermijden.
Door Zijn Liefdesgebod met geheel ons hart te volgen kunnen we zeggen,
zoals Koning David deed, dat onze Heer en Verlosser de druk van materialisme – hetgeen ons omringt- zal verminderen.
Indien wij ons met hart en ziel tot God verheffen, is dat hart Zijn altaar. Sleutel tot bidden is verheffing van het hart in verlangen naar God, Die immers liefde is en de harten in vuur verwondt en met pijlen doorpriemt.

Geef ons, Meester, nu wij slapen gaan, rust naar lichaam en ziel.
Behoed ons voor een duistere [zondige] slaap en voor iedere [donkere en] nachtelijke begeerte.
Breng tot rust de aandrang van onzuivere neigingen:
– doof de vurige pijlen van de boze, die in het geheim op ons afkomen.
– doe bedaren de opstandigheid van ons vlees  en kalmeer iedere bezorgdheid voor aardse en voorbijgaande dingen.
En geef ons, o God, een waakzame geest, zuivere gedachten een nuchter hart,
geef ons een lichte slaap, vrij van iedere fantasie.
Doe ons opstaan op de tijd van het gebed, gesterkt door Uw geboden, Uw oordelen steeds gedenkend.
Maak dat wij U de gehele nacht in de geest mogen verheerlijken door
het bezingen, zegenen en loven van Uw heilige en al-heerlijke Naam: van de Vader en van de Zoon en van de Heilige Geest, nu en altijd en in de eeuwen der eeuwen, Amen.
Hooggeprezen altijd-maagd en gezegende Moeder van Christus God,
breng ons gebed tot Uw Zoon, onze God, opdat
Hij door U onze zielen moge redden.
Mijn vertrouwen  is de Vader, mijn toevlucht is de Zoon,
mijn bescherming de Heilige Geest,
AlHeilige Drieëenheid, eer aan U.
Eer aan U, Christus, onze hoop, eer aan U
”.

en vlak voor het slapen gaan:

In Uw Handen, o Heer Jezus Christus, beveel ik mijn lichaam en geest;
zegen me, behoedt me, en verleen me het eeuwige leven. Amen”.