Orthodoxie & wanneer je standvastig bidt . . . . .

H. Neilos, bisschop van Tamasou

  Een groot aantal keren dat iemand verzocht wordt,
komt dit voort uit de zuiging en verlokking van z’n eigen begeerte
Jac.1: 14.

Indien je standvastig bidt, dan zul je dusdanige dingen tegenkomen dat
je het idee krijgt dat je je over allerlei wetmatigheden
verontwaardigd dient te zijn.
Echter ten opzichte van onze naasten is een gerechtvaardigde woede gans onmogelijk.
Immers wanneer inzicht in jezelf verkrijgt zul je de mogelijkheid vinden het probleem dusdanig te gaan bezien dat het probleem wordt afgezwakt.
Leg derhalve de kwestie opzij en laat je boosheid niet tot je doordringen.
Misschien heb je het idee dat iemand ander je hiervan verlost.
Het is echter bewezen dat je in het nastreven van hetzelfde heilige
een berg aan obstakels opbouwt in jouw gebedsleven.
Probeer halsstarrig elke vorm van boosheid/woede te vermijden en als gevolg daarvan zal de Heilige Geest je genadig zijn en je inzicht geven, zodat je jezelf opnieuw kunt aansluiten bij de degenen, die oprecht bidden.

Boosheid laait immers het vuurtje in je op en doordat het gebeurde telkenmale in je gedachten terugkeert wordt je geestelijke staat dusdanig beschadigd dat dit het gebed onmogelijk maakt; afstand veroorzaakt van de met God verbonden intentie.
Bid daarom niet alleen met een uiterlijke houding, maar laat je gedachten met grote vrees tot God tot geestelijk gebed komen.
Op bepaalde momenten -en dat is beslist niet altijd- helpt het wanneer je God vraagt om hulp bij je gebed. Ik zeg het nog maar een keer, wanneer je nog steeds moe bent van het gebeuren, zul je deze staat nimmer bereiken.
Daarom blijf standvastig in het gebed, vraag om hulp bij je gebed en wees niet bang wanneer je het idee krijgt dat je iets ‘ergs’ zal overkomen bij het verkrijgen van inzicht in de situatie. 
Wanneer we ongestoord volharden zal een engel ons begeleiden en je zonder meer een grote mate van troost aanbieden.

Op bepaalde momenten worden wij geconfronteerd door een strijd binnen de gemeenschap van heiligen en is het op zo’n moment niet toegestaan jezelf te verheffen, want allerlei hartstochten steken bij dat soort gelegenheden de kop op.
Eerst dàn blijkt de kwaliteit van je gebed wanneer je vraagt om inzicht terwijl je vraagt om jouw voorstellingen in de geest niet de overhand te laten nemen; indien je op die manier om inzicht vraagt zul je het ook verkrijgen.

gebed

Misschien herinner je het gebed des Heren waar gevraagd wordt: “ Uw Wil geschiede, op aarde zoals in de Hemel”.
Lucas, de geneesheer laat onmiddellijk na dit gebed de geschiedenis van de lastig vriend volgen, die ‘s-nachts om brood vraagt [Luc.11: 2-7].
Mattheüs, keert zich voorafgaand aan het gebed des Heren tegen het schijnheilig bidden en tegen de verscheidenheid aan woorden en schijnt meer bekommerd om het juiste bidden.
Hij schrijft immers voor onze Joods-Christelijke cultuur, van degenen, die wèl van kindsbeen af hebben leren bidden, maar wier gebedsleven bedreigd werd door formalisme en schijnheiligheid. Het Onze Vader is -‘hèt’- voorbeeld van een kort en goed gebed, waarin alles wat gebeden dient te worden in de juiste volgorde staat [Matth.6: 6-13].

En waarom wij allen op dezelfde manier vragen om God’s Wil te mogen doen,
is omdat God ‘de Algoede’ is en het goede wil, hetgeen zich in onze ziel dient te openbaren.

Vele malen vroeg ik in mijn gebed om dit te bewerkstelligen, waarvan ‘ik’ dacht dat het goed was.
Het drong echter tot mij door dat dit hoogmoedige roekeloosheid betreft:
➻ Hem als het ware voor mijn karretje te spannen;
➻ Hem als het ware de moeite -van wat Hij weet over mijn interesses- te besparen.
Maar toen ik ontving wat ik vroeg, geraakte ik ontzettend overstuur, omdat
ik niet vroeg om ‘de Wil van God’ te verwezenlijken.
Datgene, wat ik Hem vroeg, beantwoordde namelijk totaal niet aan mijn verwachtingen.

conf. Heilige Neilos, de Asceet

uit: Canon Voorfeest van de Verheerlijking
1e Irmos     tn.4.
”     Laten wij ons inspannen om de berg te bestijgen
door ons hart te reinigen van alle driften;
dan zullen wij de Verheerlijkte Christus zien,
Die ook onze geest verlicht“.