Hemelvaart – onderzoek over religieus besef

      En terwijl zij hierover spraken, stond Hij zelf in hun midden; en zij werden ontzet en verschrikt en meenden een geest te aanschouwen.
Doch Hij zei tot hen: Waarom zijt gij ontsteld en waarom komen er overwegingen op in uw hart? Ziet mijn handen en mijn voeten, dat Ik het zelf ben; betast Mij en ziet, dat een geest geen vlees en beenderen heeft, zoals gij ziet, dat Ik heb.
En bij dit woord toonde Hij hun zijn handen en voeten. En toen zij het van blijdschap nog niet geloofden en zich verwonderden, zei Hij tot hen: Hebt gij hier iets te eten?
Zij reikten Hem een stuk van een gebakken vis toe. En Hij nam het en at het voor hun ogen.
Hij zei tot hen:
    Dit zijn Mijn woorden, die Ik tot u sprak, toen Ik nog bij u was, dat alles wat over Mij geschreven staat in de Wet van Mozes en de Profeten en de Psalmen moet vervuld worden.
Toen opende Hij hun verstand, zodat zij de Schriften begrepen.
En Hij zei tot hen:
‘       Aldus staat er geschreven, dat de Christus moest lijden en ten derden dage opstaan uit de doden, en dat in zijn naam moest gepredikt worden bekering tot vergeving der zonden aan alle volken, te beginnen bij Jeruzalem. Gij zijt getuigen van deze dingen. En zie, Ik doe de Belofte van Mijn Vaders op u komen. Maar gij moet in de stad blijven, totdat gij bekleed wordt met kracht uit den hoge’.
En Hij leidde hen naar buiten tot bij Bethanië en Hij hief de handen omhoog en zegende hen.
En het geschiedde, terwijl Hij hen zegende, dat Hij van hen scheidde.
En zij keerden terug naar Jeruzalem met grote blijdschap en zij waren voortdurend in de tempel, lovende God
Luc.24: 36-53.

      Mijn eerste boek heb ik gemaakt, Teophilos, over al wat Jezus begonnen is te doen en te leren, tot de dag dat Hij werd opgenomen, nadat Hij aan de apostelen, die Hij had uitgekozen, door de heilige Geest zijn bevelen had gegeven; aan wie Hij Zich ook na zijn lijden met vele kentekenen levend heeft vertoond, veertig dagen lang hun verschijnende en tot hen sprekende over al wat het Koninkrijk Gods betreft.
En terwijl Hij met hen aanzat, gebood Hij hun Jeruzalem niet te verlaten, maar te blijven wachten op de belofte van de Vader, die gij [zei Hij] van Mij gehoord hebt.
Want Johannes doopte met water, maar gij zult met de heilige Geest gedoopt worden, niet vele dagen na deze.
Zij dan, die daar bijeengekomen waren, vroegen Hem en zeiden:
‘Heer, herstelt Gij in deze tijd het koningschap voor Israel?
Hij zei tot hen: ‘Het is niet uw zaak de tijden of gelegenheden te weten, waarover de Vader de beschikking aan Zich gehouden heeft, maar gij zult kracht ontvangen, wanneer de Heilige Geest over u komt, en gij zult mijn getuigen zijn te Jeruzalem en in geheel Judea en
Samaria en tot het uiterste der aarde.
En nadat Hij dit gesproken had, werd Hij opgenomen, terwijl zij het zagen, en een wolk onttrok Hem aan hun ogen.
En toen zij naar de hemel staarden, terwijl Hij heenvoer, zie, twee mannen in witte klederen stonden bij hen, die ook zeiden: Galileese mannen, wat staat gij daar en ziet op naar de hemel? Deze Jezus, die van u opgenomen is naar de hemel, zal op dezelfde wijze weer-komen, als gij Hem ten hemel hebt zien varen.
Toen keerden zij terug naar Jeruzalem van de berg, genaamd de Olijfberg, die dicht bij Jeruzalem is, een sabbatsreis daarvandaan
Hand.1: 1-12.

Christus icoon,
vormt in ons:
de Engel der stilte . . .!‘.

 

Er is een groep volgelingen van Christus die nu definitief buiten de boot lijkt te vallen; je ziet het verval in de Christelijk leer dag aan dag voor je ogen groter worden.
Uit een zeer recent onderzoek komt wat religie aangaat naar voren dat Geloof en eredienst, met een woord Godsdienst veel aandacht krijgt, vooral omdat het zich laat aanzien dat minder mensen zich heden ten dage identificeren als Christenen en zichzelf meer beschouwen als dat zij weliswaar iets met de een of andere religie hebben, doch dat zij de banden niet al te strak aanhalen.
Misschien is op z’n minst een deel van de reden voor deze geringe belangstelling dat mensen in het bestaande aanbod van kerkgenootschappen niet erg veel aangetroffen hebben wat het leven tot aan de dood in de Kerk, met alledaagse dingen waarmee ze vertrouwd zijn de moeite waard zou zijn geweest.
Hun ervaring weerspiegelt het falen van het overgrote deel van het huidig Christendom, waarin de Blijde Boodschap in onze cultuur belichaamd wordt met integriteit welke we deze dagen vieren met Hemelvaart.
Wij worden als mens immers uitgenodigd persoonlijk deel te nemen aan de vervulling van onze menselijkheid in de Opgestane en ten Hemel-gevaren Verlosser.
Veertig dagen na het Pascha is onze Heer en Meester ten Hemel opgevaren.
In Hem zijn menselijkheid en Goddelijkheid verenigd in één persoon; Hij is vanaf dit ogenblik in de Hemelen aanwezig als de God-Mens.
Bij Zijn Hemelvaart blijkt dat de Zoon al van vóór schepping deelt in de eenheid en Heerlijkheid die Hij had met de Vader en de Heilige Geest, dus al van vóór de schepping van de wereld.
En Hij verenigt ons, Zijn Volgelingen, in die Heerlijkheid met Hem; Hemelvaart is derhalve een briljante icoon van onze redding, want het maakt duidelijk dat onze Heer ons in al onze dimensies van ons bestaan heeft verhoogd, niet alleen uit het graf, niet alleen uit de Hades, maar in het eeuwige leven van de Heilige Drie-eenheid.
In de ten Hemel opgevaren Christus, zijn wij waarachtig uitgegroeid tot de deelnemers aan God, nemen wij door de Genadegaven deel aan de goddelijke natuur, zelfs al leven we en ademen we in een wereld die zo vaak Degene terzijde schuift, Die de mens in het bestaan gesproken heeft: “God ‘sprak’ en het ‘was’ en Hij ‘zag’ dat het goed wasGen.1:1; 2: 4a.

Hemelvaart herinnert ons eraan dat de Orthodoxe religie zich verheft tot Geloof Welke Heiligheid en Versmelting tracht te bereiken met de Heer in het leven zoals wij dit hier op aarde kennen.

Het punt is dat ons lichaam of elke dimensie van de aardse werkelijkheid niet aan de wereld kàn ontsnappen, maar om èlk aspect van ons leven aan Christus áán te bieden teneinde dat wij dankzij Die Goddelijke Zegen al het Hemelse leven op aarde mogen ervaren, zelfs in een wereld die God meer en meer als irrelevant [niet van belang voor het leven] ervaart.
Christus steeg met Zijn Verheerlijkt Lichaam op naar de Hemelen, en wij “verwachten de Opstanding van de doden en het Leven van de wereld die nog komen gaat” als de ultieme vervulling van Zijn waarachtig goede schepping.
Hemelvaart herinnert ons er tevens aan dat Jezus Christus, onze Heer niet alleen een groot leraar of voorbeeld is, òf zelfs maar als een engel of mindere god kan worden beschouwd.

‘De geschiedenis, dat zijn wij zelf’;          ‘History, that’s us’.

Toen de Kerkvaders van het eerste Oecumenische Concilie [op initiatief van keizer Constantijn I in Nicea in 325 na.Chr.] hebben verkondigd dat ‘Jezus Christus Licht van het Licht, waarachtig God uit waarachtig God, en één in wezen met de Vader, de eniggeboren Zoon van God is; de Enige Die als waarachtig Goddelijk en eeuwig is kunnen opstijgen naar de Hemelen en ons tot het Goddelijke brengt, het eeuwige Leven van de Heilige Drie-eenheid.
Dááròm heeft het Concilie van Nicaea de dwaalleer van Arius afgewezen, die het idee propageerde dat de Zoon van God niet volledig Goddelijk was afgewezen.
Dat is de reden waarom de Orthodoxe Kerk altijd heeft verklaard het niet eens te zijn met degenen die volledige Goddelijkheid van onze Heer en Zijn volledige menselijkheid trachten te ontkennen.
De Enige en Waarachtige, Die God en mens in het leven hier op aarde werkelijk kan samenbrengen tot het bovennatuurlijke Leven van God is Christus, onze  Verlosser.
Misschien dat sommige mensen vandaag de dag vinden dat het Christendom irrelevant is voor hun leven, komt omdat ze nog nooit ‘serieus’ in aanraking zijn gekomen met de Orthodoxe ervaring van Jezus Christus.
Velen in onze westerse cultuur lijken te denken dat onze Heer en Verlosser – weinig meer van doen heeft, dan een goede leraar en voorbeeld [zoals sommige grote voorbeelden van onze tijd] en verkondigen dat Christus niet veel verschilt van die van de seculiere en andere religieuze figuren.
Zij beweren dat wij heus geen uitzonderlijk bijzonder talent behoeven te hebben om erachter te komen dat het mogelijk is om een aardig persoon en een goede burger te zijn, zonder dat je christelijke of religieus betrokken bent.
Net als Arius, hebben velen door de eeuwen heen Christus met hun eigen voorstelling vergeleken als ‘een voorbeeldige mens‘ volgens welke standaard ze Hem in hun tijd en plaats zouden kunnen ervaren.
Terwijl dit soort idolen voor een aantal culturele of politieke agenda’s van nut zouden kunnen zijn, zullen dit soort interpretaties snel verdwijnen wanneer de  mensen er achter komen dat ook zij hun wereldse eind hebben dienen te bereiken en schijnen zij heel goed ‘zonder‘ een nogal religieuze kers op de taart begrijpen wat werkelijk in het eeuwig leven voor hen van belang is. In het beste geval levert deze houding een fastfoodrestaurant Geloof op dat niet lang zal duren en de meeste mensen zullen het niet serieus nemen.

In tegenstelling daarmee handhaaft het Orthodoxie het al-oude Geloof van de vroeg-Christelijk Kerk waarbij Jezus Christus, de God-mens, na z’n Kruisdood in Zijn Opstanding de dood heeft overwonnen, opgevaren is naar de Hemel, die voor ons beërft heeft en ons daarmee deelgenoot heeft gemaakt via de Goddelijke Genadegaven van de Heilige Geest aan het Leven van de Heilige Drie-eenheid.
We dienen nimmer te proberen om ons Geloof in onze Heiland te verheffen tot een werelds idool in een poging om Hem populair te maken, gemakkelijk te volgen, òf Hem volledig te laten opgaan in de harmonie van onze [westerse] cultuur.  Het zou ons dienen te verrassen dat wij ons leven door Hem mogen verheffen teneinde in onze verdorven wereld ‘door discipline‘ een leven van heiligheid op te bouwen, ‘door opofferingsgezindheid‘ en het uit de pas te lopen met de vele trends, die ons omringen.
Zou het niet vreemd zijn als wij net zo eenvoudig en uiteindelijk onbelangrijk en gewoon als aardig of goed-passend zouden aansluiten bij de sociale normen met de zegen van de gekruisigde, opgestane en opgevaren Heer?
Soms dienen we gewoon eens te kijken naar andere culturen, hetgeen ons helpt onze eigen situatie duidelijker te beoordelen.
Tot op de dag van vandaag geven veel christenen in het Midden-Oosten [zowel Orthodoxe als andere religies] hun leven als Martelaren voor hun Geloof in Jezus Christus; zij zitten als gewone burgers, zich van geen kwaad bewust, tussen de strijdende partijen en worden het slachtoffer van hun grillen. In die regio en in andere delen van de wereld, lijden onze broeders en zusters aan vervolging, misbruik en intimidatie van onderdrukkende regeringen en van vijandige extremistische groepen die hen en hun Geloof trachten te elimineren. Communisme en fascisme hebben in onze eigen geschiedenis van de 20e eeuw talloze Martelaren gemaakt. Hetzelfde tevens geldt voor de Armeense, Griekse en Assyrische genocide in de handen van de Turken die honderd jaar geleden begon.
Er zijn er maar heel weinig overgebleven, die in onze cultuur van de afgelopen eeuw niet erkennen dat vele miljoenen christenen zijn gestorven vanwege hun Geloof. Duizenden maken dit elk jaar nog steeds mee, ondanks alle herdenkingen van bevrijdingsfeesten, die her-en- der gevierd worden.
Net als de Martelaren van de vroeg-christelijke Kerk, gingen ze echt hun dood niet tegemoet uit loyaliteit aan een ‘louter menselijke‘ leraar of een voorbeeld van hoe je een morele of aangenaam persoon maar kunt tegenkomen.
Zij zijn dit voorzeker niet met open ogen tegemoet getreden omdat het-christen- zijn hen enige vorm van cultureel of wereldse voordeel zou hebben opgeleverd.
Nee, ze weigeren gewoon om een Heer af te vallen, Die zij [her-]kennen als God, Die de dood heeft overwonnen, opgevaren is naar de hemelen, en Die hen gesterkt heeft om te delen in Zijn eeuwige leven, zelfs als ze Hem letterlijk volgen door hun Kruis op zich te nemen. Ten alle tijde weigeren deze Martelaren Christus te verloochenen. 

Vergeet niet dat, in een kwestie van enkel dagen, de volgelingen in de bovenzaal vanwege hun broederschap tot Christus overgingen van de totale wanhoop en nederlaag bij Zijn kruisiging tot de verbazingwekkende Vreugde van het lege graf en de prachtige aanblik van Zijn Hemelvaart.
Dit waren grootse ervaringen, die hun leven totaal veranderd hebben, die hen de Kracht gaf alles op te geven en hun eigen leven op te offeren voor de Heer. Generaties van Martelaren hebben hun leven niet opgegeven voor zelfs ‘de beste docenten‘ en/of zij, die hen het goede voorbeeld hebben gegeven, maar de Kracht van de Opgestane en Opgevaren Zoon van God is in de Christelijke Kerk in het bijzonder in het getuigenis van de Martelaren aan deze dag verbonden gebleven, met hen die delen in een Overwinning die niet van deze wereld is.
De vroeg-christelijke leraar Tertullianus schreef dat “Het bloed van de martelaren  het zaad is van de Kerk”.
Het mag op de een of ander manier verrassend lijken, maar de volgelingen in de vroege geschiedenis van het Geloof werden getekend door het Getuigenis van degenen die hun leven gaven voor Christus.
Misschien voelden zij -meer dan heden ten dage – dat er ‘iets‘-anders was, iets bovennatuurlijks, iets nieuws, iets wàt echt de moeite van het leven en sterven waard was, want voor hen leidde dìt de Martelaren tot hun onmenselijk groot offer, dàt is wat zij blijkbaar wilden met hun eigen leven. En het mag je verwonderen, maar veel mensen doen dit vandaag de dag nog steeds. 

Hemelvaart, de Belofte van de H. Geest, SimeonArtschischez, miniatuur [1305]

Wanneer wij  het feest van Hemelvaart vieren, dienen wij te onderkennen dat wat we de wereld te bieden hebben – onze Getuigenis is, onze Doxologie [Credo] dat de gekruisigde, Opgestane en Opgevaren Heer ons het eeuwige Leven heeft geschonken, dat Hij deelt met Zijn Vader en de Heilige Geest.
Zijn Goddelijke Glorie schittert in het getuigenis van de Martelaren tot op de laatste dag en dient door ons te schijnen op een wijze, die zelfs de beste leraar, idool, of politieke activist te boven gaat en ons onmogelijk zou kunnen inspireren. We dienen met een enorme oprechtheid aan te tonen dat Christus de moeite waard is om voor te sterven in een cultuur en een wereld waar veel zaken tot god verheven worden.
We zullen dit doen door met Hem op te groeien tot een leven van briljante  Volheid, Heiligheid, zelfs wanneer wij in alle problemen met beide voeten op de grond blijven staan en ons door niets en niemand laten beïnvloeden. 

Hij roept ons op om te leven als levende iconen, gelijkend op onze Heer, op een wijze dat die anderen aangetrokken worden in de Vreugde, de Zaligheid, en de vervulling van komende Hemels Koninkrijk.
Christus stelt ons in staat om in deze wereld voort te leven als degenen die reeds geproefd hebben van Zijn Heil, er iets van te hebben meegekregen, door het zelf mee te maken.
Hij gebiedt ons om de Goddelijke Heerlijkheid waarin Hij ons tot deelnemers heeft gemaakt uit te stralen. Indien we dat doen, zullen wij getuigen van de Waarheid van de Hemelvaart, en zullen velen in onze cultuur voor de eerste keer in hun aandacht worden gevestigd op onze Heer, God en Heiland, Jezus Christus. En door Zijn genade, zullen zij zien dat Hij de Weg is, de Waarheid en het Leven.

Psalm 48[49], de rijke dwaas

    Hoort dit, alle volkeren;
luistert allen die de wereld bewoont.
Aardgeborenen en kinderen der mensen, iedereen, rijk en arm.
Mijn mond spreekt wijsheid,
de overweging van mijn hart verstand.
Ik zal mijn oor lenen aan een gelijkenis, mijn leerstuk uiteenzetten in een Psalm.
Waarom zou ik bevreesd zijn op de dag van onheil?

De ongerechtigheid die mijn hiel belaagt, omringt mij.
Zij vertrouwen op hun macht en beroemen zich op hun geweldige rijkdom.
Maar hun broeder kunnen zij niet vrijkopen: kan ooit een mens vrijgekocht worden?
Hij kan aan God immers geen genoegdoening geven; geen losprijs voor zijn ziel.
Al zou hij ook zwoegen in eeuwigheid en leven tot aan het einde.

Want zou hij het bederf niet aanschouwen, wanneer hij zelfs wijzen ziet sterven?Evenzo gaan dwaas en verstandloze ten gronde, en hun rijkdom wordt nagelaten aan vreemden.
Hun graven zijn hun tehuis voor eeuwig, daar wonen zij van geslacht tot geslacht; hun namen schrijft men op hun grafheuvels.

De mens die geëerd wordt, maar dit niet begrijpt, is te vergelijken met redeloos vee, en daaraan gelijk.
Hun eigen weg wordt hun tot struikelblok, terwijl hun mond die nog prijst.
Als schapen komen zij in de hades, de dood zal hun herder zijn.
De oprechten zullen over hen heersen in de morgenstond, hun hulp uit de tijd van heerlijkheid vergaat in de hades.
Wordt niet bevreesd wanneer een mens zich verrijkt en zijn huis in heerlijkheid toeneemt.

Want als hij sterft zal hij niets kunnen meenemen; evenmin zal zijn heerlijkheid met hem  afdalen.
Want zijn ziel wordt gezegend tijdens zijn leven en hij prijst u als gij haar goed doet.
Maar hij zal ingaan tot het geslacht van zijn  vaderen; tot in eeuwigheid zal hij het licht niet meer zien.
De mens die geëerd wordt, maar dit niet begrijpt, is te vergelijken met redeloos vee en daaraan gelijkPsalm 48[49] vert. ROK ’s-Gravenhage.

3e ant.
1.].Hoort dit alle volkeren, luistert allen die de wereld bewoont”.

Apolytikion     tn.4.  [refrein]
In Heerlijkheid zijt Gij opgestegen, o Christus onze God,
en hebt Uw Leerlingen verblijd door de Belofte van de Heilige Geest.
Want door Uw zegen leerden zij dat Gij de Zoon van God bent
en de Verlosser van de wereld
”.

2.].Mijn mond spreekt wijsheid en de overweging van mijn hart verstand”.

3.].God verlost Mijn ziel uit de macht van de hades wanneer Hij Mij opneemt”.

4.].Eer aan de Vader . . .

Kondakion     tn.8.
Nadat Gij de heilsorde had volbracht,
en het hemelse met het aardse verenigd had,
zijt Gij opgestegen in heerlijkheid, o Christus onze God,
zonder van ons heen te gaan zoadat er geen scheiding kwam.
En hun die Gij liefhebt, roept gij toe:
‘Ik ben met u en niemand tegen u
”.