Orthodoxie – Pascha samenkomen en wat dan?

”     [Doch Petrus stond op en liep snel naar het graf. En toen hij zich bukte, zag hij alleen de windsels. En hij ging weg, bij zichzelf].
Hij [Wij] was [zijn nog steeds] verbaasd over wat er mocht gebeurd zijn.
En zie, twee van hen waren juist op die dag op weg naar een dorp, zestig stadiën van Jeruzalem verwijderd, genaamd Emmaüs [warme baden], en zij spraken met elkander over al wat voorgevallen was.
En het geschiedde, terwijl zij daarover spraken en van gedachten wisselden, dat Jezus zelf bij hen kwam en met hen meeging [met ons optrekt].
Maar hun ogen waren bevangen, zodat zij Hem niet herkenden. Hij zei tot hen:
‘Wat zijn dit voor gesprekken, die gij al wandelende met elkander voert?’.
En zij bleven met somber gelaat staan. Een dan van hen, genaamd Cleopas, antwoordde en zei tot Hem:

‘Zijt Gij de enige vreemdeling in Jeruzalem, dat Gij niet weet wat daar dezer dagen geschied is?’.  
En Hij zei tot hen: ‘Wat dan?’ 
Zij zeiden tot Hem: ‘Hetgeen geschied is met Jezus de Nazarener, een man, die een profeet was, machtig in werk en woord voor God en het ganse volk
en hoe Hem onze overpriesters en oversten overgegeven hebben om Hem ter dood te veroordelen en Hem gekruisigd hebben. Wij [allen] echter leefden [leven] in de hoop, dat Hij het was, die Israël [de Kerk zal] verlossen zou.
Maar met dit al is het thans reeds de derde dag, sinds dit geschied is.
Maar ook hebben enige vrouwen uit ons midden ons doen ontstellen: zij waren in de vroegte bij het graf geweest en hadden zijn lichaam niet gevonden en zijn toen komen zeggen, dat zij ook een verschijning van engelen gezien hadden, die zeiden, dat Hij leeft. En enigen van de onzen zijn naar het graf gegaan en hebben het zo bevonden, als de vrouwen ook gezegd hadden, maar Hem hebben zij niet gezien’.
En Hij zei tot hen:
                                ‘O onverstandigen en tragen van hart, dat gij niet gelooft alles wat de profeten gesproken hebben! Moest de Christus dit niet lijden om in zijn heerlijkheid in te gaan? En Hij begon bij Mozes en bij al de profeten en legde hun uit, wat in al de Schriften op Hem betrekking had’.
En zij naderden het dorp, waar zij heengingen, en Hij deed, alsof Hij verder zou gaan. En zij drongen sterk bij Hem aan en zeiden: Blijf bij ons, want het is tegen de avond en de dag is reeds gedaald. En Hij ging binnen om bij hen te blijven. 
En het geschiedde, toen Hij met hen aanlag, dat Hij het brood nam, de zegen uitsprak, het brak en hun toereikte. En hun ogen werden geopend en zij herkenden Hem; en Hij verdween uit hun midden.
En zij zeiden tot elkander: ‘Was ons hart niet brandende in ons, terwijl Hij onderweg tot ons sprak en ons de Schriften opende?’.
En zij stonden op en keerden terzelfder tijd terug naar Jeruzalem en zij vonden de elven en die bij hen waren, vergaderd en dezen zeiden:
De Heer is waarlijk opgewekt en is aan Simon verschenen.
En zij verhaalden wat onderweg gebeurd was en hoe Hij door hen herkend was bij het breken van het brood” Luc.24: 12-35.

”     Maar Petrus stond met de elven op, en hij verhief zijn stem en sprak hen toe: ‘ ‘     Gij Joden en allen, die te Jeruzalem woonachtig zijt, dit zij u bekend en neemt mijn woorden ter ore. Want deze mensen zijn niet dronken, zoals gij veronder-stelt, want het is het derde uur van de dag; maar dit is het, waarvan gesproken is door de profeet Joel:
‘     En het zal zijn in de laatste dagen, zegt God, dat Ik zal uitstorten van mijn Geest op alle vlees; en uw zonen en uw dochters zullen profeteren, en uw jongelingen zullen gezichten zien, en uw ouderen zullen dromen dromen:
ja, zelfs op Mijn dienstknechten en Mijn dienstmaagden zal Ik in die dagen van mijn Geest uitstorten en zij zullen profeteren. En Ik zal wonderen geven in de hemel boven en tekenen op de aarde beneden: bloed en vuur en rookwalm.
De zon zal veranderen in duisternis en de maan in bloed, voordat de grote en doorluchtige dag des Heren komt.
En het zal zijn, dat al wie de naam des Heren aanroept, behouden zal worden
Hand..2: 14-21

Huldah, de Profetes – 10 April

Is een eenzame profetes in staat verandering teweeg te brengen?; Is a lonely prophetess able to bring about change?; Είναι μια μοναχική προφήτης ικανή να επιφέρει αλλαγές; هل نبية وحيدة قادرة على إحداث التغيير؟.

”     de profetes Huldah [wezel, het kleinste roofzoogdier], de vrouw van de klederbewaarder Sallum [vergelding], de zoon van Tikwa [hoop], de zoon van Charchas [streng]. Zij nu woonde te Jeruzalem [maak dubbel vrede] in het nieuwe gedeelte. En zij spraken met haar.
Zij zei tot hen:
‘     Zo zegt de Heer, de God van Israël [de Kerk]: zegt tot de man die u tot Mij gezonden heeft:  “Zo zegt de Heer [tot ons de Kerk]:
Zie, Ik breng onheil over deze plaats en over haar inwoners: de gehele inhoud van het boek dat de koning van Juda gelezen heeft;
Omdat zij Mij verlaten hebben en offers ontstoken voor andere goden, teneinde Mij te krenken met al het maaksel van hun handen. Daarom zal mijn gramschap over deze plaats ontbranden, zonder geblust te worden.
Maar tot de koning van Juda, die u zond om de Heer te raadplegen, tot hem zult gij aldus zeggen: Zo zegt de Heer [tot ons de Kerk]:
de God van Israël [de Kerk]: wat de woorden betreft, die gij gehoord hebt,
Omdat uw hart week geworden is en gij u verootmoedigd hebt voor het aangezicht des Heren, toen gij hoordet wat Ik gesproken heb tegen deze plaats en haar inwoners, dat zij een voorwerp van ontzetting en van vervloeking zullen worden, en omdat gij uw klederen gescheurd hebt en geweend voor mijn aangezicht, zo heb ook Ik gehoord, luidt het woord des Heren2Kon.22: 14.

Ja, wat gaan we doen nadat wij dit alles de afgelopen dagen hebben meegemaakt?

de burgermaatschappij regeert; κανόνες της κοινωνίας των πολιτών; civil society rules; قواعد المجتمع المدني.

Vergeten we het waarachtige Lam Gods, welke ons in verbintenis heeft gebracht met Zijn dood en Opstanding, Die ons bevrijd heeft van zonde en dood; pakken we het aloude leventje weer gewoon op.
Spreken we slechts met onze omstanders over wat voor mooi Pascha wij Orthodoxen hebben gevierd en blijft alles gewoon weer bij het oude?
Dient Christus dan ook tot ons te zeggen:
”     ‘O onverstandigen en tragen van hart, dat gij niet gelooft alles wat de profeten gesproken hebben! Moest de Christus dit niet lijden om in zijn heerlijkheid in te gaan? En Hij begon bij Mozes en bij al de profeten en legde hun uit, wat in al de Schriften op Hem betrekking had”.
Vervallen wij gewoon weer in het oude patroon van oorlogen en bedrog en leugens, tot in de Verenigde Naties aan toe? Is het dan zó dat er helemaal niets geleerd wordt?
Hebben wij opnieuw voor de zóveelste keer God verlaten en gaan we òpnieuw offers ontsteken voor ándere goden, teneinde God gewoon wéér te krenken met al het maaksel van onze handen. Het geld wat ons allen beheerst, de Moloch, die zelfs regeringen monddood maakt, hoogmoed die alom de kop weer opsteekt?
Daarom zal God’s gramschap over deze plaats [deze aarde] ontbranden, zonder geblust te worden en brengen wij onszelf te gronde; wij vernietigen onszelf.

Maar laten we het als individu positief benaderen: Van nu af aan nemen we iedere morgen in ons gezin een eierdopje half gevuld met wijn [kinderen en zwakken doen het met druivensap] en nemen een stuk brood en breken het en verdelen het onder elkaar. En zeggen tot onze Heer en Verlosser: “Blijf bij ons, want het is tegen de avond en de dag is reeds gedaald“. En Christus zal bij ons binnen komen om bij ons te blijven: “Christus is onder ons, Hij is en zal zijn!“.
En neem van mij aan het zal geschiedden, dat wanneer Christus zó mèt ons de maaltijd viert, het brood genomen wordt, Hij de zegen uitspreekt, èn dit brood samen met ons deelt èn over ons  de zegen uitspreekt wanneer Hij dit brood breekt en ons geluk en vrede doet toekomen.
En zo zullen ons de ogen worden geopend en zullen wij Hem herkennen en
hoewel Hij niet waarneembaar is blijft Hij de gehele dag in onze herinnering. in  temidden van Zijn Volgelingen.  En kunnen wij, Christenen, tot elkander zeggen:
‘Was ons hart niet brandende in ons, terwijl Hij onderweg tot ons sprak en ons de Schriften opende?’.