De paas-groet: Christus is opgestaan – Hij is waarlijk opgestaan

Ja, Christus is opgestaan! – Hij stond ècht op!


Hoe geweldig heeft deze paas-groet gisteren geklonken
in alle talen was deze in de dienst te horen!
De harde stemmen van de [land-] arbeider, de visser [naar meer],
òf het nu een geestelijke geschoold iemand was òf een eenvoudig gelovige
het klonk gisteren over berg en dal, langs heide en strand teneinde
de Verrijzenis van Christus te verkondigen.
Niemand van ons kòn die oproep weerstaan en jubelde mee
– het was een ware opkomst een tumult in onze parochiekerk!
Veertig dagen werden lang tot aan Hemelvaart zal deze feestkreet door de gelovigen weer herhaald worden in hun begroeting.
En vandaag, slechts één dag ná de dag des Heren, ná de Opstandingsdag,
klinkt deze roep als van ouds – en groet eenieder, heel  gewoon zeggend: Christus is opgestaan!.  en je antwoord het genadige antwoord, als was het een felicitatie: “Hij is waarlijk, Hij is ‘waarachtig’ opgestaan!”.
Zal dit de wereld doen veranderen?;
zullen de tijden van ‘Vreugde en onderlinge Liefde weerkomen?
Het ontzag van alle mensen in de aanbidding van de Blijde Boodschap,
bij het verkondigen van het Evangelie op de Paasdag is/was iets heel bijzonders en doet/deed een warmte ontspringen onder de mensen:
“In het begin was het Woord . . .
en het Woord was bij God . . .
en het laatste Woord is bij God,
zònder Hém is er ‘niets’ geworden van hetgeen geworden is . . . ” etc.
Lees het opnieuw en laat deze woorden opnieuw indalen,
zeker waneer je de dodelijke vrieskou weer om je heen ervaart,
de neerwaardse druk, die het beest van de wereld ons oplegt.
Maar laat je niet verontrusten, veer opnieuw òp en júbel:
“Christus is Opgestaan!” en antwoord:
“Hij is waarlijk opgestaan!”

…… en Hij heeft ons het eeuwige Leven geschonken,
wij aanbidden Zijn Opstanding op de derde dag”.