3e Zondag van de Grote Vasten- Verering van het Groot en Heilig Kruis

En Hij riep de menigte [ons], met zijn discipelen tot Zich en zei tot hen:
       Indien iemand achter Mij wil komen, die dient zichzelf te verloochenen en zijn kruis op te nemen en Mij te volgen. Want ieder, die zijn leven zal willen behouden, die zal het verliezen; maar ieder, die zijn leven verliezen zal om Mijnentwil en om de Wil van het Evangelie, die zal het behouden.
⁌ Want wat baat het een mens de gehele wereld te winnen en aan zijn ziel schade te lijden?
Want wat zou een mens kunnen geven in ruil voor zijn leven?
⁌ 
Want wie zich voor Mij en voor Mijn woorden schaamt in dit overspelig en zondig geslacht, de Zoon des mensen zal Zich ook voor hem schamen, wanneer Hij komt in de Heerlijkheid van Zijn Vader, met de heilige engelen.
       En Hij zei tot hen [ons]: Voorwaar, Ik zeg u: Er zijn sommigen onder degenen, die hier staan, die de dood voorzeker niet zullen smaken, voordat zij zien, dat het Koninkrijk Gods gekomen is met krachtMarc.8: 34-9: 1.

      Daar wij nu een grote hogepriester hebben, die de Hemelen is doorgegaan, Jezus, de Zoon van God, laten wij aan die belijdenis vasthouden.
       Want wij hebben geen hogepriester, die niet kan meevoelen met onze zwakheden, maar een, die in alle dingen op gelijke wijze [als wij] is verzocht geweest, doch zonder te zondigen.
       Laten wij daarom met vrijmoedigheid toegaan tot de Troon van de Genade, opdat wij Barmhartigheid ontvangen en Genade vinden om hulp te verkrijgen te gelegener tijd.
       Want elke hogepriester, die uit de mensen genomen wordt, treedt voor de mensen op bij God, om gaven en offers te brengen voor de zonden. Hij kan tegemoetkomend zijn jegens de onwetenden en zij, die dwalen, daar hij ook zelf met zwakheid omvangen is, die hem verplicht evenzeer als voor het volk, voor zichzelf offers voor de zonden te brengen.
       En niemand matigt zichzelf die waardigheid aan, doch men wordt ertoe geroepen door God, zoals immers ook Aäron.
       Zo heeft ook Christus Zichzelf niet de eer toegekend hogepriester te worden maar Hij, die tot Hem sprak: Mijn Zoon zijt Gij; Ik heb U heden verwektHebr.4: 14-5: 6.

>> Liefde, bomen vertellen <<

Er is maar één mens zoals jij; net zoals jij en jij bent van God! Want God heeft ons geschapen naar Zijn Beeld en Gelijkenis maar ook de tijd waarin wij leven. Wees toch niet bang voor de tijd waarin wij leven, zet desnoods de klokken een tijdje stil.
En wanneer je het tijdloze geproefd hebt, een spatje hebt ervaren van het bovenmenselijke, wanneer je weer in de realiteit bent teruggekeerd en je een ogenblik hebt mogen laven aan de bron van het leven, zul je Hem verder kunnen volgen en dien je jezelf te verloochenen en je kruis weer op te nemen. Zo leeft de mens van genade op genade.
        Vraag: ‘Waartoe zijn we hier [op aarde]?’.
Antwoord: ‘We zijn hier allemaal om Gods weg te volgen …’
in de oude Katholieke catechismus stond: ‘Waartoe zijn we hier op aarde?’
En het antwoord was: ‘Om God [en je naasten] te dienen en hier èn in het hiernamaals gelukkig te worden’.
        Vraag: ‘Maar Wie heeft je dan geroepen en die opdracht gegeven?’.

Christus in alle eenvoud

“Antwoord: ‘Christus, Gods Zoon heeft gevraagd Hem te volgen, jezelf door overgave aan Hem te verliezen en om om Zijnentwil controle over je leven te krijgen en het daardoor te behouden’.
        Vraag: ‘Maar wanneer het Gezag van Zijn onzichtbare drijfveer zo absoluut is, waarom dien je dan grip te verkrijgen op jezelf?’.
Antwoord: ‘uit Liefde voor Hem nemen wij ons [als uitgangspunt] vóór, Hem de ruimte te geven tot de tijd dat hij komt’.
        Vraag: ‘Maar wordt onze praktische uitvoering gecontroleerd door onze behoefte te controleren?’.
Antwoord: ‘Ja’.
⁌  Waarom heeft het Gezag over je leven door Zijn onzichtbare drijfveer dan mensen nodig, zoals jij het benoemt?-.
⁌  ‘Wacht … wacht!  Tijd om de menselijke weg te gaan: de dood, die ons wacht en de opgang naar het leven hierna heeft tijd nodig, zoals een iemand, die verslaafd is ‘spul’ van slechte kwaliteit nodig heeft om in te zien, dat
wij Gods weg dienen te gaan volgen’.
– ‘En waar heeft de dood dan tijd voor nodig?’

  • ‘Het antwoord is zo eenvoudig: de dood heeft gewoon de tijd nodig voor datgene wat het doodt teneinde in je te groeien, tot wasdom te komen.
    ⁌  ‘Ah, nu snap ik het – de dood heeft tijd nodig -voor wat het doodt- om in de toestand tot volmaaktheid te komen.
    ⁌  Voor ’s-mensen zoete hemeldrank, jij dove en blinde, hebzuchtige, tot zonde verleide mens,
    die niet ziet dat je het leven verliest, wanneer je God niet volgt !’. 
    Uit Zijn volheid hebben wij allen ontvangen, en wel genade op genade John.1: 16.
    Deze weergave van Johannes de theoloog is zo groot;
    dit heeft zo’n grote impact op hoe wij als Christenen in het leven behoren te staan.
    Wat Johannes hier verkondigt dient ons leven op z’n kop te zetten.
    God geeft immers Genade op Genade, opdat wij door Zijn toedoen gered worden.
    Wanneer de mens al ergens een bewijs van is, dan
    is het wel van zijn eigen onmacht om iets ‘wezenlijks‘ te bereiken
    in het Licht van de naderende dood…..
    Men zegt wel, het leven is een labyrint, in die zin dat het leven zou bestaan uit een zeer moeilijke som, waar je uiteindelijk bij de oplossing moet geraken. Maar in het centrum van dat labyrint, daar is naar mijn mening niks ….. niks ….. de juwelen van zo’n labyrint vindt men onderweg, soms aan de periferie, niet in de kern. Dat is wezenlijk voor het menselijk levenconf. W.F. Hermans.
    Provocerend, uitdagend is degene die
    zich denkt te kunnen onttrekken aan
    de gangbare loop van de dingen en
    de orde van de tijd.

God is Geest en wie Hem aanbidden, moeten aanbidden in geest en in waarheid
Dit laatste zou ook als volgt gezegd kunnen worden: ‘in ware of waarachtige geest’.
“…want de Wet is door Mozes gegeven, de
‘ware Genade’ is door Jezus Christus gekomenJohn.1: 17.
Wij kunnen daar in ieder geval uit opmaken, dat
ten tijde van de Wet ‘niet‘ de ware Genade werd geopenbaard.
Let op, er was weliswaar Genade onder de Wet, maar
dat was niet de ‘ware’ Genade.
Indien we de Goddelijke Genade toepassen op de zonde en de daarop
volgende vergeving, dan
wordt het ons vanzelf duidelijk.
De Wet bestond in feite uit twee delen:
1.]. de morele Wet, d.i. het geheel van inzettingen, geboden en verboden
2.]. de ceremoniële Wet, d.i. het geheel van rituele plichten, offeranden, etc.
De offers die onze God voorgeschreven had, waren nodig om de zonden van de mens(en) te bedekken voor Zijn heilig aangezicht. Voor elke overtreding was er een offer, zodat gemeenschap met God altijd mogelijk was op grond van het vergoten bloed van bokken en stieren.
Hoewel noodzakelijk, was deze gang van zaken niet wat God eigenlijk wilde! God had nog iets beters in gedachten.

Gij verlangt geen slachtoffer;                   أنت لا تريد ضحية;
Δεν θέλεις θύμα;                                        You do not want a victim.

”     Gij verlangt geen slachtoffer noch offergave, maar u hebt mij een lichaam bereidPsalm 39[40] : 7, net als “
Wilt Gij een offer, dan zou ik het brengen, maar in brandoffers schept Gij geen behagenPsalm50[51]: 17
– maar God heeft mij geopende oren en een horend oor gegeven, al ben ik dan ook zo doof als een kwartel. De oren, die God bedoelt, ‘die plant God Zelf wel‘.
Toen zei ik: Zie, ik kom. Zoals in het begin van het Boek geschreven staat over mij, opdat ik Uw Wil zou volbrengen Mijn God, dit is mijn wil: Uw Wet is in het midden van mijn hartPsalm 39[40] : 8,9.
Koning David heeft profetisch gesproken van de Messias.
Zijn woorden worden namelijk toegepast op de Heer Jezus Christus en – door de Geest – van commentaar voorzien.

Oren om te horen;
آذان للاستماع;
Τα αυτιά να ακούσουν;
Ears to hear.

In de Grondtekst staat er eigenlijk:
Gij hebt mij de oren gegraven,
de Heer is het Die het oor heeft geplant,
Die oren geeft om te horen
”.
Ik mag dan wel zo doof zijn, toch heeft God mij laten horen en hoe? – vanuit m’n binnenste.
Gewaardig U Heer, om mij te bevrijden; Heer treed nader om mij te helpen. Laat hen beschaamd worden en te schande, die er op uit zijn mijn ziel te doden.
Dat zij terugdoende en te schande worden, die mij kwaad willen.
– Laat hen eersten hun schande dragen, die tot mij zeggen goed zo, goed zo.
Maar laat luid juichen en zich verheugen in U, allen, die U zoeken, Heer.
⁌  Laat hen altijd zeggen: ‘Hoogverheven is de Heer’, zij die Uw Verlossing liefhebben. Ik ben wel arm en behoeftig, maar de Heer draagt zorg voor mij.
Gij zijt mijn Helper en Beschermer; mijn God, wacht niet langer

Psalm 39[40]: 20-27.
Wij hebben geen hogepriester, die niet kan meevoelen met onze zwakheden, maar een, die in alle dingen op gelijke wijze [als wij] is verzocht geweest, doch zonder te zondigen.
⁌         Laten wij daarom met vrijmoedigheid toegaan tot de Troon van de Genade, opdat wij Barmhartigheid ontvangen en Genade vinden om hulp te verkrijgen te gelegener tijd.
       Want elke hogepriester, die uit de mensen genomen wordt, treedt voor de mensen op bij God, om gaven en offers te brengen voor de zonden . . . . .        En niemand matigt zichzelf die waardigheid aan, doch men wordt ertoe geroepen door God, zoals immers ook Aäron.
       Zo heeft ook Christus Zichzelf niet de eer toegekend hogepriester te worden maar Hij [God de vader], Die tot Hem sprak: Mijn Zoon zijt Gij; Ik heb U heden verwekt”.

Heer, gedenk Uw Gemeenschap, die Gij van de beginne af hebt vrijgekocht. God is van eeuwigheid onze Koning: Hij bewerkt Verlossing in het midden der aardeAlleluia vers.
Alle koningen der aarde zullen Hem aanbidden;
alle volkeren zullen Hem dienen.
Want Hij heeft armen ontrukt aan een machtige,
de behoeftige, die geen helper had.
Hij zal armen en behoeftigen sparen,
Hij zal de zielen der armen redden.
Van woeker en onrecht zal Hij hun zielen bevrijden;
hun naam zal kostbaar zijn voor Zijn aangezicht.
Hij zal leven; men zal Hem goud van Arabië geven.
Er zal steeds voor hem worden gebeden;
heel de dag zal men hem zegenen.
er zullen nederzettingen zijn in goede aarde,
op de toppen der bergen;
hun tracht komt hoger dan de Libanon.
zij zullen opbloeien uit de stad,
zoals  het gewas uit de aarde.
Zijn naam zij gezegend in eeuwigheid:
langer dan de zon zal zijn naam bestaan.
in hem worden alle stammen der aarde gezeten,
zijn volkeren prijzen hem zalig.
Gezegend zij de Heer, de God van Israël;
hij alleen werkt wonderen.
Gezegend zij de naam van Zijn Heerlijkheid,
in eeuwigheid en in de eeuwen der eeuwen.
Moge heel de aarde vervuld worden
van Zijn Heerlijkheid.
Zo zij het.   Amen
  Psalm 71[72]: 11-22.

Uw heilig Kruis vereren wij o Meester;
en Uw heilige Verrijzenis loven wij !
”.
[komt in de plaats van het Trisagion]

Heden ten dage bemerken wij steeds meer dat de waarden van onze gemeenschappen ondermijnd worden door ons met meerdere waarheden te omringen.
We hebben veel meer kennis dan ooit van culturen en waarden die we niet kennen en krijgen het idee dat wij, – het zelf wel – kunnen vinden en daarmee wijzen wij onze eigen verworvenheden af en jagen vreemde dingen dan, die ons het zicht belemmeren.
Als reactie daarop.
Nogmaals – als reactie daarop – blijven er nog maar heel weinig christelijke denkers over die nuchter als zij zijn het postmodernisme verwelkomen en proberen de postmoderne kritiek op te nemen in traditionele waarden.
Het postmodernisme breekt niet noodzakelijk elk element van religie af, dat nog  intact wordt gelaten; het heeft daarentegen ‘iets’ positiefs te bieden.
Het vertegenwoordigt bredere pogingen in de westerse beschaving teneinde òm te gaan met de postmoderne kritiek, die over het hele kleurenbeeld van het ontlede Christelijk Licht bestaat:
het beïnvloedt de studie, die tot de waarachtige vroeg-christelijke menselijkheid getracht werd geacht te leiden, de klassieke christelijke religie, de sociale wetenschappen, de rechten, kunst, architectuur en daarbuiten.
De postmoderne positie kan als volgt worden samengevat: ‘Logische’ of ‘rationele’ manieren van dialoog hebben geen superieure eigenschappen voor andere interpretatieve motieven, maar eerder pretentieuze ‘meta-vertellingen’ die alleen van toepassing zijn op sommige mensen en in bepaalde contexten.
De vermeende objectiviteit van een van deze systemen vertegenwoordigt slechts een druppel in de oceaan van een veelvoud van manieren waarop binnen een bepaalde gemeenschap meningen en verslagen van feiten gevormd worden door menselijke consensus.
De meta-vertellingen presenteren overheersende ideologieën gevormd en gesteund om de waarheidsclaims van anderen in handen te houden, en juist daarom kan geen enkelvoudige theorie als absoluut en objectief ‘waar‘ worden opgevangen.
Op deze gronden worden ideeën die verband houden met bovenzinnelijke zekerheid en hetgeen men niet kan waarnemen [het empirische] teniet gedaan ten gunste van de bijzondere, ontelbare ‘stemmen’ die onze werkelijkheid vormen.
De mens raakt – stapje voor stapje – verstrikt en weet niet meer welke waarheid hij of zij dient te volgen.  Dat komt omdat hen niet wordt verteld waarom het christelijk Geloof op ‘Waarheid’ berust; en dat terwijl onze jeugd schreeuwt te willen weten waarom Christendom dan ‘dè Waarheid’ is.
Een van de belangrijkste redenen waarom jongeren afhaken is omdat ze niet weten op welke waarheden het Christendom gefundeerd is, daarom stromen de kerken leeg en vindt er een algehele afbraak plaats.

Drie op de vier jongeren, die zijn opgegroeid in de Kerk verlaten na de middelbare school hun eigen geloofsgemeenschap.
Waarom?
Niet omdat zij ‘niet in God geloven‘, maar omdat zij teleurgesteld zijn en onvoldoende antwoord vinden op hun vragen – zij zijn niet gek, ‘zij’ laten zich niet aan het lijntje houden.
Maar de hoge uitval geldt niet alleen voor degenen die na hun middelbare school een diploma ontvangen. Het probleem speelt ook onder degenen die ‘niet’ naar school gaan.
➥♥︎➥ Het probleem en de oplossing ligt in de Kerk Zelf.
De kerkgemeenschappen dienen de mensen méér ‘dè Waarheid’ te leren,
niet op een wijze dat zij de waarheid in pacht hebben, maar
hen uitdagen te blijven zoeken en op die manier met de waarheid bezig te blijven.
Maar ze blijven niet betrokken, omdat we hen voeden met zoete lekkernij.
De kerkgemeenschappen dienen het gemakkelijk geloof, bestaande uit hapklare brokken en het entertainment te verwerpen en jongeren te confronteren met de bloedserieuze Waarheid.

Groot & Heilig Kruis, iconostase dienst AOKN, in de Ansfriduskerk, Amersfoort

En de Waarheid begint bij het je Kruis opnemen en Christus te volgen en anders zullen ze het allemaal ‘elders’ gaan zoeken – worden een gemakkelijke prooi voor anti-christelijke hoogleraren, aangevoerd door de anti-Christ.
We zijn teveel bezig met en te krachtig ingesteld om “veel zieltjes te winnen”, de mensen wordt voorgeschoteld dat God je overvloedig wil zegenen met geld, goed en gezondheid wanneer je maar gelooft.
Jezus redt, Jezus redt, alle mensen opgelet!
Dit kom je tegen in televisiegamma’s, die met veel omhaal Gods lof uitzingen, maar we worden juist aangevallen vanwege het feit dat we een welvaart’s Blijde Boodschap brengen. Een nieuwe Hemel een een nieuwe aarde en wel ‘hier en nu’, en wel onmiddellijk.

Hoe meer je jezelf in de Blijde Boodschap verdiept, hoe meer je balans vindt in je meningen en gedachten. Wanneer je ouder wordt bemerk je:
‘Hé, wacht eens even, weet je, dit strookt helemaal niet met Gods Boodschap en met de realiteit om ons heen. Dus wat is welvaart, nou helemaal?’:
‘dat niemand op deze aardbol gebrek heeft of in kommer en kwel ronddoolt’.

Profeet Eliseus, twee mirakelen, uit Venetiaans Blijde Boodschap [1498];
النبي إليسيوس، معجزتين، من أخبار البندقية الجيدة [1498]; Prophet Eliseus, two miracles, from Venetian Good News [1498].
Neen, Eliseus had nog niet eens een fiets, maar hij had in het geheel geen gebrek.
Beschikte Christus, onze Heer over een vervoermiddel of leefde Hij in een grote villa? Neen, maar ook Hij had als Koning van de koningen geen gebrek, Hij sliep voornamelijk als dakloze onder de blote Hemel . . . . . En wanneer je naar de Apostelen kijkt, Zijn eerste volgelingen? Niemand had gebrek.
In dàt geval behoren onze spelleiders, hun superieuren en zeker hier in de Lage Landen, waar het openbaar vervoer toch aan iedereen een goed vervoermiddel verstrekt, net als de Servische Patriarch Pavle [1914-2009] dit tot op hoge leeftijd deed, van dit soort voorzieningen gebruik dienen te maken.
Vandaag denken wij mensen slechts aan overvloed en luxe, aan Macht, aan vorstelijke onderkomens als paleizen, vakantiehuizen, auto’s en bankrekeningen.
Dàt in één brandpunt samenbrengen, je dááròp concentreren, dàt najagen is niet-christelijk, het is in vele ogen ronduit en faliekant verkeerd.
Wat heeft Christus ons voorgehouden?
En Jezus, de rijke jongeling aanziende, beminde hem, en zei tot hem:
Indien iemand achter Mij wil komen, die dient zichzelf te verloochenen en dagelijks zijn kruis op te nemen en Mij te volgen. Want eenieder, die zijn leven zal willen behouden, die zal het verliezen; maar ieder, die zijn leven verloren heeft om Mijnentwil, die zal het behoudenLuc.9: 23,24.
En juist dìt dienen de kerkgemeenschappen, die Christus zeggen te volgen, goed in hun westerse getinte oren te knopen.
Alleen zó kunnen wij tonen dat wij er van ònze kant alles voor over hebben om Hem te volgen. Ook Marcus en Mattheüs vermelden dat, maar pas aan het eind van de alinea over Jezus’ kruisweg naar Golgotha. Bij hen komt het pas ter sprake, wanneer Jezus zelf inderdaad niet meer verder kan.
Maar bij Lucas staat het in deze voorop:
voor hem is ‘dìt’
naar wat Christus òns doet voorkomen
het belangrijkste feit van de kruisgang.

Maar de Evangelist en icoonschilder Lucas vermeldt nog iets met een kruis dat we nergens anders vinden: de belijdenis van die mens aan het kruis naast Hem.
Die mens:
• Belijdt zijn eigen schuld;
• Spreekt duidelijke taal uit, dat hijzelf inderdaad alleen maar de dood verdient;
• Belijdt dat Jezus zonder schuld is, en daar ten onrechte sterft;
• Belijdt zijn Geloof dat Christus nog steeds de komende Koning is;
• Belijdt zijn rotsvaste Geloof dat Jezus deze kruisdood zal overleven, maar
ook dat hijzelf ooit aan de poort van dat Koninkrijk zal staan;
Met andere woorden:
zijn Geloof in de Opstanding, zowel van Christus als van hemzelf !
• Erkent dat Christus beslist over het al dan niet toelaten in dat Hemels Koninkrijk !
Met andere woorden: dat God het ‘gehele oordeel’ aan Zijn Zoon heeft gegeven.
      Want ook de Vader oordeelt niemand, maar heeft het gehele oordeel aan de Zoon gegeven, opdat allen de Zoon eren gelijk zij de Vader eren. Wie de Zoon niet eert, eert ook de Vader niet, die Hem gezonden heeftJohn.5: 22,23.
Daarmee is deze mens bij uitstek het voorbeeld van de ware volgeling, schuldbewust en ‘medegekruisigd’ met zijn Heer:
      dit weten wij immers, dat onze oude mens mee gekruisigd is, opdat aan het lichaam der zonde zijn kracht zou ontnomen worden en wij niet langer slaven van de zonde zouden zijn  Rom. 6: 6.
De waarachtige volgeling dient bereid te zijn om zijn leven te geven.
Maar dat betekent niet noodzakelijk: sterven.
‘Je leven geven’ kan ook betekenen: elke dag van je leven in Zijn dienst stellen.
Wie voor het Geloof sterft, behoeft maar één keer de moed op te brengen dat te doen. Wie zijn hele leven in dienst wil stellen, dient elke dag opnieuw die beslissing nemen en deze beslissing ook nog getrouw uit te voeren.

kaarsjes van vergeving

Soms vindt dit heel onbewust plaats. Maar ook wel is men bewust bezig elkaar ‘het Licht in de ogen‘ te misgunnen, alle Licht af te nemen.
”            Weest allen mijn navolgers, broeders, en ziet op hen, die evenzo wandelen, gelijk gij ons tot voorbeeld hebt.
Want velen wandelen – ik heb het u dikwijls van hen gezegd, maar nu zeg ik het ook wenende – als vijanden van het kruis van Christus. Hun einde is het verderf, hun God is de buik, hun eer stellen zij in hun schande, zij zijn aardsgezind
Phil.3: 17-19.
Ook velen onder u zullen ervaringen hebben opgedaan in het leven, ook in het leven van de Kerk; neem van mij aan, het is overal wàt.
Ervaringen, die nooit vergeten worden; ervaringen, die de ziel hebben verduisterd.
Ook voor hen komt Jezus Christus, het Licht van de wereld. Wat geen mens kan, wat zelfs door jou niet gedaan kan worden, vermag Christus te doen.
Christus vermag niet alleen vóór jou het ‘Licht van de Vergeving’ doen opgaan en wie kan daar zonder?
Hij kan ook in jóu het Licht van de ware ‘goedheid’ ontsteken.
Jij en ik, zelfs u en ik, kunnen kaarsen, ‘sterretjes’ van Christus worden in de wereld om ons heen.
Ondanks welke ‘crisis’, die wij – ‘ter lering op onze levensweg’ – meemaken, blijft voor ons gelden: “Jij bent een sterretje in de wereld om je heen“.
Laat het kaarsje van de Vergeving, van de goedheid, van de Liefde, schijnen voor allen, die er niets van willen weten en er niets van begrijpen.
Zelfs wanneer alle lichten uitgaan omdat ‘vreemde handen’ ze doven,
“het Licht van Christus” ‘over‘ ons en ‘in’ ons dooft niemand.
daarom kunnen wij vandaag op deze zondag een nieuw lied zingen, nu wij de vernietiging vieren van de hades, want “Christus is opgestaan uit het Graf“; Hij heeft de dood overwonnen en het heelal gered.

Synaxarion:
Laat heel de aarde het Kruis vereren,
dat ons geleerd heeft te vereren, o Woord.
Door de Kracht ervan, Christus God, behoed ook ons voor de hinderlagen van de boze en maak ons waardig Uw goddelijke Lijden en Uw levenschenkende Opstanding te aanbidden.
En wanneer U toch bezig bent bescherm Uw Gemeenschap door Uw Kruis“.

Troparion     tn.1
”   Heer red Uw volk en zegen Uw erfdeel en bescherm Uw Gemeenschap door Uw Kruis” [3x].
[100 x]: ‘ Heer, ontferm U ‘.
”   Uw heilig Kruis vereren wij, o Meester;
en Uw heilige Verrijzenis loven wij[2x].

Kruisverering
Komt gelovigen, laat ons bezingen  het levenschenkende hout,
waarop Christus, de Koning van de Heerlijkheid,
vrijwillig de handen heeft uitgestrekt,
om ons weer op te heffen tot de vroege zaligheid, waarvan de vijand ons had beroofd, door ons tot ballingen te maken, die ver van God waren afgedwaald

Komt gelovigen, laat ons vereren het Genade-volle hout,
waartegen wij de kop van de onzichtbare vijand mogen verpletteren.
Komt alle geslachte der volkeren, laat ons met onze gezangen eer geven aan het Kruis van onze Heer.
Gegroet, o Kruis, volmaakte Verlossing van de gevallen Adam.
In u zijn verheerlijkt onze gelovige vorsten, want door uw kracht hebben zij het volk van Ismaël overwonnen. Wij kussen u met vreze om eer te geven aan God, Die op u genageld was en wij zeggen:
Heer, Die daarop gekruisigd was, heb medelijden met ons in Uw Goedheid en Liefde voor de mensen“.

Komt volkeren, laat ons aanschouwen dit wonderbaar Mysterie en
de kracht van het kruis vereren.
In het Paradijs heeft het hout de dood doen ontkiemen, maar
de boom die de Verlosser gedragen heeft, Die schuldloos daarop was vastgenageld, heeft het Leven doen opbloeien.
Wij, allen volkeren, eten daarvan de on-bederflijkheid en wij roepen:
U, Die door het Kruis de dood vernietigd hebt en
ons de vrijheid hebt terug geschonken,
eer aan U“.