Woensdag in de 6e week van Pascha – afscheid van Pascha, voorfeest van Hemelvaart, Herstel van de Menselijke natuur.

 


Theophany, Transfiguration & Opstanding van Lazaros, Sinaï-icon
      ‘Gelooft in het Licht zolang gij het Licht hebt, opdat jullie kinderen van het Licht mogen zijn’. Dit sprak onze Heer en Verlosser en Hij ging heen en verborg Zich voor hen.
En hoewel Hij zovele tekenen voor hun ogen gedaan had,
geloofden zij niet in Hem, opdat het woord van de profeet Isaiah
vervuld werd, dat hij sprak:
         ‘Heer, wie heeft geloofd, wat hij van ons hoorde? En aan wie is de arm des Heren geopenbaard?’.
Hierom konden zij niet geloven, omdat Isaiah elders gezegd heeft:

Genezing van de Blindgeboren mens

         ‘Hij heeft hun ogen verblind en hun hart verhard, dat zij niet met hun ogen zien, met hun hart verstaan en zich bekeren, en Ik hen zal genezen’.
Dit zei de profeet Isaiah, omdat hij Zijn Heerlijkheid zag en van Hem sprak.
En toch geloofden zelfs uit de oversten velen in Hem, maar ter wille van de Farizeeën kwamen zij er niet voor uit, om niet uit de synagoge te worden gebannen; want zij waren gesteld op de eer der mensen, meer dan op de eer van God.
Jezus riep en zei:
        ‘ Wie in Mij gelooft, gelooft niet in Mij, maar in Hem, die Mij gezonden heeft; en wie Mij aanschouwt, aanschouwt Hem, die Mij gezonden heeft.
        ‘ Ik ben als een licht in de wereld gekomen, opdat een ieder, die in Mij gelooft, niet in de duisternis zal blijven.
        ‘ En indien iemand naar Mijn woorden hoort, maar ze niet bewaart,
Ik oordeel hem niet, want Ik ben niet gekomen om de wereld te oordelen, doch
om de wereld te behouden
John.12: 36-47.

      En hij [Paulus] kwam te Caesarea [naam als eerbetoon aan de Romeinse keizer], ging aan land en groette de gemeente en ging naar Antiochië. En toen hij daar een tijd lang geweest was, ging hij weer weg en doorreisde achtereenvolgens het land van Galatie en Frygie om al de discipelen te versterken.
        En een zekere Jood, genaamd Apollos, geboortig uit Alexandrië, een geleerd man, doorkneed in de Schriften, kwam te Epheze.
Deze was ingelicht omtrent de weg des Heren en, vurig van geest, sprak en leerde hij nauwkeurig hetgeen op Jezus betrekking had, ofschoon hij alleen wist van de doop van Johannes.
En deze begon vrijmoedig op te treden in de synagoge.
En toen Priscilla en Aquila hem hoorden, namen zij hem tot zich en legden hem de weg God’s nauwkeuriger uit.
En toen hij naar Achaje wilde oversteken, moedigden de broeders hem daartoe aan en schreven aan de discipelen, dat zij hem vriendelijk moesten ontvangen.
Deze, daar aangekomen, was door (Gods) genade van veel nut voor hen, die geloofden. Want onvermoeid bestreed hij de Joden in het openbaar“ Hand.18: 22-28a.

    En het zal geschieden in het laatste der dagen:
dan zal de berg van het huis des Heren vaststaan als
de hoogste der bergen, en Hij zal verheven zijn boven de heuvelen.
En alle volkeren zullen daar naar toe gaan en
vele natiën zullen optrekken en zeggen:
    Komt, laten wij opgaan naar de berg des Heren, naar het huis van de God van Jaäcob,
– opdat Hij ons zal leren aangaande Zijn wegen en
– opdat wij Zijn paden bewandelen.
➙ Want de wet des Heren zal gaan uit Sion en
het Woord des Heren zal uitgaan van Jeruzalem
”.
Isaiah 2: 2,3

Omhoog kijken

De diepste betekenis van het feest van Hemelvaart is dezelfde als die van het feest van de Opstanding/de Verrijzenis.
Christus’ Hemelvaart is namelijk absoluut géén afscheid nemen:
het is het feest van Zijn blijvende Aanwezigheid onder ons als de verheerlijkte Heer en Meester over alle dingen.
Na zijn lijden en dood heeft Christus Zijn navolgers herhaaldelijk bewezen dat Hij leefde; gedurende veertig dagen is Hij in hun midden verschenen en sprak Hij met hen over het Koninkrijk der Hemelen.
          In een eerder stadium sprak Christus met Nikodemus,
een overste der Joden; die ’s-nachts tot Hem kwam en zei:
  Gij zijt de leraar van Israël, en het opnieuw geboren worden verstaat gij niet? Voorwaar, voorwaar, Ik, de Zoon van God zeg u:
‘wij spreken van wat wij weten en wij getuigen van wat wij gezien hebben, en u neemt ons getuigenis niet aan. Indien Ik ulieden van het aardse gesproken heb, zonder dat gij gelooft, hoe zult gij geloven, wanneer Ik u van het Hemelse spreek? 
En niemand is opgevaren naar de Hemel, dan die uit de hemel nedergedaald is de Zoon des mensen. En gelijk Mozes de slang in de woestijn verhoogd heeft, zo moet ook de Zoon des mensen verhoogd worden, opdat een ieder, die gelooft, in Hem eeuwig leven zal hebben’
John.3: 10-13.
Er is dus maar één menselijk Persoon Die naar de Hemelen gaat.
De God-mens, Die een tijdje daarvoor voor het eerst als mens naar de aarde afdaalde. De God-mens wiens oorsprong niet in het aardse gegrondvest is, ook niet te beredeneren is, het is een Mysterier, zoals God een Mysterie is, maar
Zelf hoogst-Persoonlijk vanuit de Hemelen is afgedaald.
Dàt is onze Heer Jezus Christus, de eeuwige Zoon van God, Die
de enige onder de mensen is, Die tot God’s Almachtige Rijk behoort.

Hij is mens geworden – omwille van ons en – om onze verlossing 
In de volheid van de tijden werd Hij,
de Zoon des mensen in de schoot van Maria geboren. Ná Zijn zondeloze, getrouwe leven en Zijn verzoenende dood, stond Jezus als mens op en ging voor ons naar de Hades om
die voor ons leeg te halen – in hetzelfde menselijk Lichaam waarin Hij door de mens werd gekruisigd!
De Verlosser keerde als God, een van de Heilige Drieëenheid, terug naar Zijn Vader, maar toch bleef Hij een van ons, terwijl Hij onze menselijkheid met Zich meenam.
                Alleen de God-mens kon voor onze Verlossing afdalen en weer ten Hemel varen. Dus ons toekomstig, belichaamd leven, samen met alle heiligen, in de aanwezigheid van God,  hangt om het zo te zeggen af van Zijn pendeldienst, door Zijn Opstanding zullen wij Hem daarin volgen.
               Om het voor ons mogelijk te maken naar de Hemel te gaan,
moest Hij een weg banen.
Hij moest de hemel opnieuw met de aarde verbinden.
En wij dienen daarom als navolgers en als medereizigers
onderweg naar het Hemels Koninkrijk met Christus te zijn.
Wij dienen door de Heilige Geest een Verbond met
de Vader in de Zoon aan te gaan opdat allen één worden.

Als deelnemers aan Zijn Lichaam, de Kerk – in lijden, sterven en Opstanding

Wij dienen als mens met onze Heer en Meester als leden van
Zijn Lichaam [de Kerk] verenigd te worden.
Ik dien in Zijn Lichaam te worden opgenomen om nèt als Hij, Die één is met de Vader en de Geest:
Heilig te worden tot Heerlijkheid van God de Vader”. We zingen dit ieder Goddelijke Liturgie en het lijkt zo gewoon, maar het is de essentie, de geestelijke kern waar het om gaat. Hij heeft door Zijn dood, de dood overwonnen en zetelt aan de rechterhand van de Vader, terwijl Hij onlosmakelijk door de Geest in het Mysterie van God één is met de Vader; dit betreft een zo’n grote liefdesband dat wij in Zijn Koninkrijk mogen functioneren als Zijn dienaren en dienaressen, sterker nog als Zijn kinderen.
In die menselijke gedaante, in dàt Lichaam, in de Kerk, dien ik opgenomen te zijn, wil ik Zijn weg gaan tot Heerlijkheid van God, de Vader.
Christus is ‘de Bron des Levens’ in Wie wij de overtocht, de doorgang van de aarde naar de Hemel kunnen maken.
En dàt betekent ‘niet’ dat wij ná onze doop, waarmee wij de Verbintenis met
God zijn aangegaan, op onze lauweren kunnen gaan rusten, want
⁌ dàn begint het pas
⁌ dàn begint de werkelijke strijd om te overleven ten
opzichte van de aanvallen van de vijand.

Een levendige relatie met onze Heer en Meester.
Wij mensen leven alleen in Hem.
Wanneer wij ons slechts op de wereld richten en daarmee God terzijde stellen dan zijn wij dood, verloren.
We leven alleen door Hem en tot Hem en in Hem.
Onze Heer en Verlosser helpt ons niet alleen de weg te vinden;
Hijzelf ‘is’ de nieuwe en levende weg naar God:
    Waar dan voor onze ongerechtigheden vergeving bestaat, is
er geen zondoffer meer [nodig]. Daar wij dan, broeders en zusters,
volle vrijmoedigheid bezitten om in te gaan in het Heiligdom
door het bloed van onze Heer Jezus Christus, langs
de nieuwe en levende weg, die Hij ons ingewijd heeft, door
het voorhangsel, dat is, Zijn vlees, en wij een grote priester over
het huis van God hebben, laten wij toetreden met een waarachtig hart, in
de volle verzekerdheid van het Geloof, met een hart, dat door
besprenging gezuiverd is van besef van kwaad, en met
een lichaam, dat gewassen is met zuiver water
Hebr.10: 18-22.
Ik kan als navolger gaan waarheen Hij gegaan is
⁌  in innige gemeenschap door de Zoon met Zijn Vader
⁌  alleen als ik ‘in’ Hem ga door het verenigende werk van de Geest.
En daarom is Zijn Hemelvaart zo belangrijk voor ons.
          Het is het fundament van de gebeurtenis in de geschiedenis van het Heil,
van “Christus is onder ons, Hij is en zal zijn”,
Hij is onder ons vanwege onze voortdurende vereniging met Hem.
          De Hemelvaart van onze Heer en Verlosser, onze Heer Jezus Christus,
de Zoon van God is voor ons persoonlijk van levensbelang.
We hebben allemaal een plaats verkregen – een eeuwige reeds betaalde plaats
in wat er gebeurde toen Jezus terugkeerde naar Zijn Vader.
Hij heeft voor ons, die plaats bereid in de Hemelse gewesten:
    God, de Vader echter, Die rijk is aan erbarmen, heeft, om
Zijn grote Liefde, waarmee Hij ons [mensen] heeft liefgehad, ons, hoewel
wij dood waren door de overtredingen mede levend gemaakt met Christus,
– door Genade zijn wij behouden -, en heeft ons mede opgewekt en
ons mede een plaats gegeven in de hemelse gewesten, in Christus Jezus, om
in de komende eeuwen de overweldigende rijkdom van Zijn Genade te tonen
naar [Zijn] goedertierenheid over ons in Christus Jezus.
Want door Genadegaven zij wij behouden, door het Geloof, en
dat niet uit uzelf: het is een Gave van God; niet uit werken, opdat
niemand [onder ons] zal roemen.
Want Zijn maaksel zijn wij, in Christus Jezus geschapen om
goede werken te doen, die God tevoren bereid heeft, opdat
wij daarin zouden wandelen
Eph. 2: 4-10

Herstel van de menselijke natuur

 

Profeet Isaiah & de cherubijn – Προφήτης Ησαΐας & Χερουβείμ –              إشعياء النبي والملاك

Want de wet des Heren zal gaan uit Sion en
het Woord des Heren zal uitgaan van JeruzalemIsaiah 2: 3
           Toen de Heer met Zijn Opstanding en Hemelvaart naar de hemel opsteeg, heeft Hij Zichzelf niet van zijn menselijkheid ontdaan.
Wèl hief Hij “de gelijkenis aan Adam op:
  Gij hebt op aarde gezocht naar het Verloren Schaap, en dit terug gebracht bij hen die zich ‘niet’ hadden laten verleiden door het bedrog.
En nadat Gij zijt opgegaan naar de Hemel, Woord van God, zetelt Gij in Heerlijkheid aan de rechterhand van Hem, Die U heeft voortgebracht.
Ere zij Uw grote Barmhartigheid
uit 3e ode Canon 6e woensdag.
          De opvoeding welke wij hebben opgepakt uit de Pedagogie van Christus  over de menselijke natuur aan de rechterhand van de Vader verzekert ons dat de weg ‘nu’ open is voor iedereen die ijverig op zoek is naar het herstel van de menselijkheid.
De verheffing van onze natuur geeft iedereen in elke natie op aarde de motivatie
ga de berg op van de Heer, naar het huis van de God van Jaäcob, dat
Hij ons Zijn weg bekend mag maken zodat wij erin mogen wandelenIsaiah 2: 3.
We begrijpen dat wanneer de profeet spreekt van de “berg des Heren” òf
het “huis van de God van Jaäcob“, deze verwijst naar de Kerk, ” hèt ‘Lichaam van Christus’“.
De heilige toezichthouder/bisschop Nikolai Velimirovic zegt:
De berg of de hoogten van het huis van de Heer is inderdaad gevestigd . . .
in de hoogten van de Hemelen  – want de Kerk van Christus is in de eerste plaats niet aards, maar Hemels en een deel van de leden van de Kerk is [en dat nu grotendeels] in de Hemel, terwijl de anderen hier op aarde zijn
uitProloog van Ochrid’, deel 3, blz. 163.
Verder is de Kerk van Christus “verheven boven de heuvels “,
dat wil zeggen,
boven alle aardse of menselijke dimensies verheven.
De grote filosofieën en kunst en al de wereldse culturen, zijn allemaal slechts  aardse hoogten, alleen uitlopers [het gevolg van] onder de verre bergen van de Kerk van Christus, want,  zo gaat deze Heilige Nikolai verder:
de Kerk zou er geen moeite mee hebben om deze ‘aardse hoogten’ te creëren, terwijl er niet één bestaat. . . . die in staat zou zijn om de Kerk te creëren”.
Indien we eenmaal dóór hebben/begrijpen, dat Isaiah in deze passage profetisch
over de Kerk spreekt, wordt het duidelijk dat hij ons uitnodigt
naar de berg des Heren te gaan, naar het huis van de God van JaäcobIsaiah 2: 3..
Zoals de Heilige Athanasios opmerkt is dìt nu juist de stem/het geluid/ de erfenis  van de Heiligen, de heilige vaders en moeders van de Kerk.
De heiligen hebben de waarachtigheid ontdekt van de rijkdom van God’s Waarheid, want de Heer openbaarde hen “de weg waarin [zij] dienen te wandelen”, zoals de profeet David reeds sprak:
Mijn ziel dorst naar U, als een land zonder water:
verhoor mij spoedig, Heer, mijn geest versmacht.
Wend Uw aangezicht niet van mij af, anders word ik gelijk aan wie afdalen in het graf, doe mij in de ochtend Uw Barmhartigheid horen, want op U heb ik mijn vertrouwen gesteld.
Heer, doe mij de weg kennen die ik moet gaan,
want tot U heb ik mijn ziel verheven

Psalm 142[143]: 9-11 vert. ROK. ’s-Gravenhage.
De heilige Athanasios gaat echter verder met uitleggen dat
de weg die door deze heilige mannen en vrouwen wordt onthuld, niet is
Voor de onzuivere. . . noch is het opklimmen [op de maatschappelijke ladder]
naar zondaars toe; maar het is voor de deugdzame en toegewijde mensen, en
voor degenen die liefde volgens het doel van de heiligen nastreven

uitIsaiah through the ages’, blz. 29.
Deze goddelijke taak is alleen mogelijk omdat onze mensheid door de vleesgeworden Heer Zelf naar de Hemelse plaatsen is geleid.

het Mysterie van de Doop

Alleen door de verbintenis [het Verbond van het Mysterie van de Doop] met Christus Jezus, onze Heer, Die zowel God is als de mens, kan de goddelijkheid onze menselijkheid binnendringen.
Onze Weldoener zal de schepping reinigen en herstellen tot “de oorspronkelijke ongerepte schoonheid” welke er voor Adam & Eva was.
Het zuiverende Mysterie dat bij de doop begint, is nu in ons volbracht door de Heilige Geest.

Wat bedoelt de profeet als hij verkondigt dat
de wet van de Heer zal uitgaan van Sion, en het Woord des Heren uit JeruzalemIsaiah 2: 3 ? Volgens Theodoret van Cyrrhus “roept” Isaiah “niet God” het Woord aan, maar de leer van het het Goddelijke Woord. Voor God kwam het Woord niet ‘uit’ Sion, maar het wàs ‘in’ Sion; Hij onderwees de waarheid “ uit Isaiah door de tijdperken, blz. 30.
Het punt is dat de Heer onderwees in Zion, in de Tempel van Jeruzalem, toen hij riep:
En op de laatste, de grote dag van het feest, stond Jezus en riep, zeggende Indien iemand dorst heeft, hij dient tot Mij te komen en te drinken !
– ‘Wie in Mij gelooft, gelijk de Schrift zegt, stromen van levend water zullen uit zijn binnenste vloeien’ -.
Dit zei Hij van de Geest, welke zij, die tot Geloof in Hem kwamen, ontvangen zouden; want de Geest was er nog niet, omdat Jezus nog niet verheerlijkt wasJohn 7: 37-39, met de nadruk op vers 38.
Verder gaat “het Woord des Heren” uit “vanuit Sion“, d.w.z. vanuit de Kerk.
Veel vernam Onze Heer, Jezus Christus in de Tempel, maar Hij ontving Zijn woorden alleen in termen van de oude Wet, die in gebreke bleef om Hem als ‘het Leven Zelf’ te zien.
Tegenwoordig biedt Hij alle mensen ‘het eeuwige Leven’ door de Kerk.

O Christus, onze God,
Hoezeer gaan Uw Genadegaven elk begrip te boven!
Hoe ontzagwekkend is dit Mysterie!
De Meester van het heelal steeg op van de aarde naar de Hemelen en
Hij zond over Zijn Volgelingen de Heilige Geest, Die hun verstand verlichtte en
hen door Zijn Genade vlammend tot volmaaktheid bracht
”.
conf. Prijslied Hemelvaart

6e dinsdag van Pascha – verkondiging als een donderslag bij heldere Hemel, die stem is er voor ons geweest.

vragen om een teken, ‘wij zouden ‘de Heer’ wel willen zien’.

    De Farizeeën dan zeiden tot elkaar:
‘ Jullie zien toch duidelijk voor uw ogen, dat jullie niets bereiken; zie, de gehele wereld loopt Hem na.
Er waren enige Griekse Jodengenoten onder hen, die opgingen om op het feest te aanbidden, dezen dan gingen tot Philippus, die van Betsaida in Galilea was, en vroegen hem en zeiden:
    Heer, wij zouden Jezus wel willen zien’.
Philippus ging en zei het aan Andreas; Andreas en Philippus gingen en zeiden het aan Jezus.
Maar Jezus antwoordde hun en zei:

Graankorrel in de Aarde, glas-in-lood raam parochiekerk H. Willibrord Deurne, Ndlnd.

Het uur is gekomen, dat de Zoon des mensen moet verheerlijkt worden.
Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u, indien de graankorrel niet in de aarde valt en sterft, blijft zij op zichzelf; maar indien zij sterft, brengt zij veel vrucht voort.
Wie zijn leven liefheeft, maakt dat het verloren gaat, maar wie zijn leven haat in deze wereld, zal het bewaren ten eeuwigen leven.
– Indien iemand Mij wil dienen, hij volge Mij, en waar Ik ben, daar zal ook mijn dienaar zijn.
– Indien 
iemand Mij dienen wil, de Vader zal hem eren.
            Nu is mijn ziel ontroerd, en wat zal Ik zeggen?
Vader, verlos Mij uit dit uur! Maar hiertoe ben Ik in dit uur gekomen.
Vader, verheerlijk uw Naam!
Toen kwam een stem uit de hemel:
          Ik heb hem verheerlijkt, en Ik zal Hem nogmaals verheerlijken!

De menigte dan, die daar stond en toehoorde, zei, dat er een donderslag geweest was;  anderen zeiden: Een engel heeft tot Hem gesproken.
Jezus antwoordde en zei:
          Niet om Mij is die stem er geweest, maar om u.
Nu gaat er een oordeel over deze wereld; nu zal de overste dezer wereld buitengeworpen worden; en als Ik van de aarde verhoogd ben, zal Ik allen tot Mij trekken.
En dit zeide Hij om aan te duiden, welke dood Hij sterven zou.
De schare dan antwoordde Hem: Wij hebben uit de wet gehoord, dat de Christus tot in eeuwigheid blijft; hoe kunt Gij dan zeggen, dat de Zoon des mensen moet verhoogd worden? Wie is deze Zoon des mensen?
Jezus dan zei tot hen:
          Nog een korte tijd is het licht onder u. Wandelt, terwijl gij het licht hebt, opdat de duisternis u niet zal overvallen; en wie in de duisternis wandelt, weet niet, waar hij heengaat.
           Gelooft in het licht zolang je het licht hebt, opdat jullie kinderen van het Licht mogen zijn.Dit sprak Jezus en Hij ging heen en verborg Zich voor henJohn.12: 19-36.

      En zij [enige van de Epikureische en Stoicijnse wijsgeren] namen Paulus mee en brachten hem naar de Areopagus en zeiden:
    Zouden wij ook mogen vernemen, wat dit voor een nieuwe leer is, waarvan gij spreekt? Want gij brengt ons enige vreemde dingen ten gehore; wij wensten dan wel te weten, wat dit zeggen wil.
Alle Atheners nu en de vreemdelingen, die zich daar ophielden, hadden voor niets anders tijd over dan om iets nieuws te zeggen of te horen.
En Paulus, voor de Areopagus staande, zei:
            Mannen van Athene, ik zie voor mijn ogen, dat gij in elk opzicht buitengewoon ontzag voor godheden hebt; want toen ik door uw stad liep en de voorwerpen van uw verering aan-schouwde, heb ik ook een altaar gevonden met het opschrift: ‘ Aan een onbekende god’.
Wat gij dan, zonder het te kennen, vereert, dat verkondig ik u.
             De God, die de wereld gemaakt heeft en al wat daarin is, die een Heer is van hemel en aarde, woont niet in tempels met handen gemaakt, en laat Zich ook niet door mensenhanden dienen, alsof Hij nog iets nodig had, daar Hij zelf aan allen leven en adem en alles geeft.
            Hij heeft uit een enkele het gehele menselijke geslacht gemaakt om op de ganse oppervlakte van de aarde te wonen en Hij heeft de hun toegemeten tijden en de grenzen van hun woonplaatsen bepaald,  opdat zij God zouden zoeken, of zij Hem al tastende vinden mochten, hoewel Hij niet ver is van een ieder van ons. Want in Hem leven wij, bewegen wij ons  Hand.17: 19-28a.

 

Koning Salomon, afb. koninklijk paleis op de dam, Amsterdam

    Hoewel een rechtvaardig mens vóór zijn tijd zal kunnen sterven zal hij rusten.
Want ouderdom wordt niet geëerd door de lengte van zijn bestaansduur, noch gemeten naar het aantal jaren; maar onderscheidingsvermogen valt de grijze mensheid ten deel, en
een leven zonder spot geeft blijk van de groei van de ouderdom.
Er was eens een mens
[de rechtvaardige Henoch] die zich aan God had overgeleverd en van Hem hield, en terwijl hij tussen tal van zondaars woonde, werd hij [uit het leven] opgenomen.
Hij werd [door God] voortijdig opgehaald opdat het kwaad zijn begrip niet zou veranderen of zijn ziel zou misleiden.
Want afgunst welke voortkomend uit gebrek aan  oordeel verduistert datgene wat juist goed is.
En een werveling van verlangen ondermijnt een onschuldig hart.
Hij was volmaakt geschapen, want in korte tijd vervulde hij vele jaren, want
hij gaf zijn ziel over aan de Heer; daarom onttrok God hem vroeg vanuit het midden van het kwaad.
Maar ondanks dat de volkeren dit hebben aanschouwd, hebben zij het niet begrepen, noch een dergelijks handreiking ter harte genomen, dat
de Genadegave en de Barmhartigheid van de Heer toekomt aan Zijn uitverkorenen en  dat God toeziet op Zijn heilige navolgers

Wijsheid van Salomo 4: 7-15.

Bovenstaande gedeelten uit de Blijde Boodschap, zowel van Christus,
de Zoon van de Levende God en Paulus, Zijn dienaar apostel
geeft ons een beetje inzicht in
de onvergelijkbare Grootheid van onze God en Zijn onmetelijke Heiligheid.
Er bestaat een enorm verschil tussen God Zelf en
alles wat Hij heeft geschapen, inclusief de mensheid.
Hij alleen is de enige Bron van leven, van Heerlijkheid en van Schoonheid.
Alle andere vormen van leven, heerlijkheid en
schoonheid bestaan door Hem en bij Zijn gratie.
Alles dat is, bestaat daarom ook tot Zijn eer:
alles is geschapen om Zijn Heerlijkheid te openbaren.
Daarom is het zo tragisch en dwaas wanneer de mens
opgaat in het geschapene en zichzelf maakt tot het hoogste wezen.

Wat is dat een armoede vergeleken bij  het kennen en aanbidden van Hem, Die:
Heilig, Heilig, Heilig is de Heer Sabaoth;
Hemel en aarde zijn vol van Zijn Heerlijkheid.
Hosanna in de Hoge.
Gezegend hij, Die komt in de Naam des Heren,
Hosanna in de Hoge
”.
God de Vader en Zijn eengeboren Zoon en
Zijn Heilige Geest zijn Al-Heilig;
en hoogverheven is God’s Heerlijkheid

uit: Goddelijke Liturgie van Johannes Chrysostomos.

De grootste vreugde van de christen is de Heer, God Zelf.
Wij zijn geschapen om:
➙ in Hem gelukkig te zijn,
➙ in Hem onze vreugde te vinden,
➙ in Hem op te gaan en
🌈 om met hart en ziel volkomen tevreden te zijn
om Wie Hij is.

Degene, die zijn vreugde en lust probeert te vinden in
de dingen van dit leven zal grote kans lopen om
teleurgesteld te raken, want in de gebrokenheid van dit bestaan zijn
teleurstellingen en tegenslagen, zonde, onrecht en ziekte vroeg of laat ons deel.
Dan is het logische gevolg dat die mensen hoe langer hoe meer verbitterd raken,
boos worden op het leven of op God en vervallen in zelfmedelijden en neerslachtigheid.
Hoe kan het dan dat sommige andere mensen, die minstens zoveel ellende hebben meegemaakt, toch vitaal, hoopvol, liefdevol en enthousiast in het leven blijven staan?
Zij hebben ontdekt dat niet het leven zelf, maar Degene Die Leven geeft, niet de schepping zelf, maar de Eeuwige Schepper de reden van hun geluk is.

✥ ✥ ✥                      Wij kunnen dit niet vaak genoeg zeggen tegen tieners en jong-volwassenen:
    De grootste Vreugde van het Christelijk Leven de Heer onze God Zelf”;
‘    Er is veel moois te ontdekken in dit leven’.
‘Zoveel dingen zijn leuk en mooi en spannend’.

Dat beleeft een Christen ook op die wijze, de navolgers van Christus kunnen erg
enthousiast worden over veel dingen, ja zelfs  de gewoonste dingen als een zingende merel in onze tuin ons doet opleven.
Wij houden van het leven en zitten vol met plannen en ambities.
Maar niets van dat alles kan het winnen van de kennis van de Heer onze God Zelf.  Wanneer een Christen eenmaal is aangeraakt, be-‘vuurd’ door God’s Geest en de navolger eenmaal iets heeft geproefd van de Goedheid en de Heerlijkheid van God, dan  zegt het hart:
”   Hem wil ik kennen!, wat ik er ook voor opzij moet zetten’.
Omdat Zijn Heerlijkheid duizendmaal groter is dan alle heerlijkheid die
we vinden in deze prachtige schepping
”.

 

Christus Pantocrator, Alexander Nevsky kerk, Belgrado.

Griekse Jodengenoten willen Christus zien en Epikureische en Stoicijnse wijsgeren] namen Paulus apart en brachten hem naar de Areopagus, want zij wilden wel eens weten, Wie, Die voor hen bekende God wel niet was.
God is zo getuigt onze Heer en Verlosser voorafgaand aan Zijn Lijden en sterven,
wordt het meest verHeerlijkt in ons, wanneer wij het meest gelukkig zijn in Hem
”.
                    Dit dient het gebed voor onze naasten te zijn, onze mede-gemeenteleden en eenieder, die we goedschiks of kwaadschiks kennen, dat óók zij volledig gelukkig zullen mogen zijn in Hem. 
Dat de pijn vanwege verlies, onrecht of verval ook in jouw hart zal verbleken in
het Licht van Zijn Glorie en Genade.
                    Richt je ogen op de icoon, de Pantocrator, kijk recht in Zijn lieflijke Aangezicht en zie hoe lief de Heer jou heeft gehad en maak Hem tot jouw grootste Schat voor tijd en eeuwigheid. Hij zal je niet teleurstellen.

Wijsheid, staat recht

Wanneer er sprake is van een deugdzaam leven
Hij was perfect gemaakt en in een korte tijd vervulde hij lange jaren . . . . . “.
Wijsheid van Salomo 4: 13.
In de verzen die aan bovenstaande passage voorafgaan, geeft de wijze Salomo het contrast weer tussen de mensen, die tot God gericht zijn en degenen die zich slechts op de wereld richten en derhalve een goddeloos bestaan leiden.
Wijsheid verklaart dat de goddelozen de straf zullen ervaren, die zij in zichzelf met zich mee dragen.
Met andere woorden, zij die het rechtvaardige terzijde hebben gesteld en
tegen al wat de Heer ons in Zijn Pedagogie heeft geleerd samenspannen
komen zich op een zeker moment zelf tegen Wijsheid van Salomo 3: 10.
Salomon geeft de opvallende tegenstelling weer dat goddelozen, in zichzelf de vruchten [kinderen] dragen zoals voortkomt uit het zaad wat een “een wetteloos bed”:
kinderen van echtbrekers kunnen onmogelijk volwassen worden Wijsheid van Salomo 3: 16 en wordt vergeleken met een kamerling een dienaar van de Koning, die zichzelf ‘niet’ door een wetteloze daad beschadigd heeft Wijsheid van Salomo 3: 16.
Zulke god- toegewijde individuen zullen in de tempel des Heren hun rechtschapen deel op hun bordje krijgen, “ want de vrucht van goed werk is een goed verslag en de wortel van onderscheidingsvermogen is onfeilbaarWijsheid van Salomo 4: 14; 3: 15.

De omringende samenleving dient medelijden te hebben met de vruchteloze omdat ze teven naar wereldse maatstaven geen erfenis zullen verwerven, maar “de Genade en Barmhartigheid des heren komt is recht evenredig met Zijn uitverkorenenWijsheid van Salomo 4: 15.


Juni 4e, feestdag van de H. Metrophanos, 1e Patriarch van Constantinopel [325-326]
In deze kun je aan de familie van Dometios, de broeder van de Romeinse keizer Probus, een voorbeeld nemen, zoals de Heilige Nikolai van Zicha ons voorhoudt.
Deze familie ontvluchtte “Rome, die de christenen tijdens een vervolging het vuur aan de schenen stelde”.
“De goddelijke bekeerling ging naar Byzantium, waar
hij na verloop van tijd tot toezichthouder, bisschop werd aangesteld na Titus.
Twee van zijn zonen, die in zijn vroegere heidense dagen geboren waren bezetten
na zijn dood daar-op-een-volgend de bisschoppentroon.
De tweede zoon, Metrophanes, werd later benoemd door
het concilie van Nicea benoemd om als patriarch van Nieuw Rome te gaan dienen,
deze werd de eerste van vele grote hiërarchen van Constantinopel.
Saint Nikolai zegt dat
“toen keizer Constantijn voor het eerst z’n oog op Metrophanes liet vallen,
hij van hem hield als als een vader” uit. Proloog uit Ochrid, deel 2, blz. 269.

Laten we daarom eens kijken hoe de woorden van Salomon op
deze patriarch die “God behaagde en lief heeft gehad” van toepassing zijn.
  Er was eens een mens [een rechtvaardige] die
zich aan God had overgeleverd en van Hem hield, en
terwijl hij tussen tal van zondaars woonde” Wijsheid van Salomo 4: 10,
zowel als toezichthouder als kamerdienaar naar eigen keuze, conform:
    Er zijn immers gesnedenen, die zó uit de moederschoot geboren zijn, en
er zijn gesnedenen, die door de mensen gesneden zijn, en
er zijn gesnedenen, die zichzelf gesneden hebben, ter wille van het Koninkrijk der Hemelen.
-‘   Die het vatten kan, die vatte het’ 
Matth.19: 12.
1.]. Allereerst zullen wij dan lering trekken uit het feit dat,
    Hoewel een rechtvaardig mens vóór zijn tijd zal kunnen sterven zal hij rusten” Wijsheid van Salomo 4: 7.
2.].  Want ouderdom wordt niet geëerd door de lengte van zijn bestaansduur,
noch gemeten naar het aantal jaren
Wijsheid van Salomo 4: 8,
want “   maar onderscheidingsvermogen valt de grijze mensheid ten deel, en

een leven zonder spot geeft blijk van de groei van de ouderdomWijsheid van Salomo 4: 9.
3.]. Tenslotte “   Hij was volmaakt geschapen, want in korte tijd vervulde hij vele jaren, want
hij gaf zijn ziel over aan de Heer; daarom onttrok God hem vroeg
vanuit het midden van het kwaad.
Wijsheid van Salomo 4: 13,14.
Waaruit blijkt dat de kiem tot het ‘goddelijke’ tot een godvruchtig leven al heel vroeg in het leven wordt gelegd en vaak recht evenredig opgroeit tot de volwassenheid van de ouderdom. Het waarachtig toegewijde leven voor de Heer, wordt door Salomon gezien als een Genadegave en Barmhartigheid des Heren ten opzichte van Zijn uitverkorenen , God waakt over Zijn Heiligen en
kan hoe dit in onze tijd ook regelmatig wordt ontkend “ een heilig leven schenken aan iemand, die totaal verloren lijkt te zijn”.
– Ja, zelfs in een stad als Amsterdam [toonbeeld van een overtrokken wereldgeest], worden er nog dagelijks vele gevallenen geroepen.
    ondanks [het feit] dat de volkeren dit hebben aanschouwd,  hebben zij het niet begrepen, noch een dergelijks handreiking ter harte genomen“ Wijsheid van Salomo 4: 13.

Nadat hij tien jaar als bisschop van Byzantium had gediend, koos Metrophanes
er zorgvuldig voor om niet tegen de grote christelijke keizer in opstand te komen,met
wie hij toch een sterke vriendenband had opgebouwd.
Ergens blijkt hi toch door Constantijn beïnvloed te zijn, want
“om Byzantium tot de belangrijkste stad van het Byzantijnse Rijk te maken,
begeleidde deze toezichthouder de koning [weliswaar op een ezeltje] door de gehele stad
na dat de keizer [rijdend op een groot wit paard]
besloten had om Constantinopel tot de grootste stad ter wereld te maken,
welke de stad van het westerse Rome niet buitensluit

uit Poulos, Orthodox Heiligen, vol. 3, p. 170.

De Heilige Nicolai Velimirovic wijst erop dat Constantijn het concilie van Nicea bijeen riep om het Arische geschil te beslechten,

Metrophanes was al “een heel oude man en. . . bleek niet in staat te zijn om
volledig deel te nemen aan de beraadslagingen van dit concilie”.

In plaats daarvan liet Constantijn deze toezichthouder/bisschop
door het concilie tot de rang van aartsvader verheffen.
Zo zie je maar weer dat ‘de grote boze buitenwereld’ net als in onze dagen een
weerzinwekkende invloed heeft op onze prelaten – door hun ‘molochiaanse’ bezittingen
oefent zij een misselijk makende invloed uit.
Nadat de Heilige Vaders van het concilie “De zieke en bejaarde hiërarch” hadden bezocht

werd zijn nieuwe eer een zegel voor zijn rust en rustte hij in de Heer Wijsheid van Salomo 4: 7.

Het was duidelijk dat Metrophanes ‘onderscheidingsvermogen en smetteloze leven Wijsheid van Salomo 4: 9. dat de keizer, het concilie en de Kerk in haar onschuld en heiligheid heeft gerespecteerd.
Metrophanes ontving de eer, die zijn leven toekwam, en spoedig daarna schonk God hem de rust

welke God voor “Zijn uitverkorenen” heeft gereserveerd Wijsheid van Salomo 4: 15.

Lofpsalmen canon metten 6e dinsdag van Pascha

tn.5.   “ Heer, Gij hebt de ijzeren grendels verbrijzeld, en
de eeuwige boeien verbroken>
Gij zijt opgestaan uit het graf:
slechts de doeken zijn achtergelaten als getuigen van Uw rust in het graf,
waar Gij drie dagen in de grote bewaard werd.
Gij zijt toen voorgegaan naar Galilea:
Groot is Uw Erbarmen, onvatbare Verlosser;
ontferm U over ons en red ons”.