Oktober 30e – Heilige David, de ouderling [ο Γερων]

Osios David, de ouderling;
Saint David, the elder

De heilige David werd is in de eerste helft van de 16e eeuw
in het plaatsje Gardenitsa in Viotia geboren, de naam David betekent in het Hebreeuws ‘Geliefde’.
Toen “kleine David” 3 jaar oud was, werd hij op zeker moment vermist en zijn ouders waren uiteraard in paniek. Toen hij 6 dagen later nog vermist was, dachten ze dat hij verongelukt was en nooit meer zou terugkeren,
maar hij werd teruggevonden in een klein kerkje nabij zijn eigen huis.
Toen ze hem gevonden hadden vertelde hij dat hij met Johannes de Doper was meegegaan, omdat hij het hem had gevraagd.

Osiou David, van het heilige klooster te Evia;
Saint David from the Holy Monastery at Eva
I.M.Evia

Dit was een voorteken dat David niet zomaar een kind was en dat bleek ook zo te zijn, want toen hij 15 geworden was ging hij naar een klooster in het departement Magnisia, en gaf daar officieel te kennen dat hij monnik wilde worden.
Omdat hij altijd als volgeling van Christus heel serieus met het Geloof bezig was, dwong hij het respect af van  alle mensen in zijn omgeving en daarom
kreeg hij de naam David de ouderling [ο Γερων] wat letterlijke David de Oudere betekent, refererend aan zijn serieuze gedrag.

Monastery ο ύπνος της Θεοτόκου located in northern Evia [Gr.]
De eerste tijd was hij monnik maar later was hij van 1520-1532 Hegoumen van het klooster Παναγίας Βαρνάκοβας in Nafpaktos, toegewijd aan de Ontslaping van de Moeder God’s.
Vergeet niet dat de H. David in het I.M. Varnakovas leiding gaf tijdens de Ottomaanse overheersing en er van buitenaf behoorlijke tegenwerking werd uitgeoefend.
Nafpaktos” betekent letterlijk: bouw van schepen.
        Dit komt weer omdat reeds in de oudheid hier schepen werden gebouwd.
Tijdens de Romeinse bezetting was Nafpaktos erg welvarend, dat kwam mede door de ligging, recht tegenover Peloponnesos.

Theotokos Varnakova -[ ‘Vernikova’= ‘in de lak’]
        Zijn vaardigheid als Hegoumen blijkt wel uit de duidelijke begrenzing, die
hij aangeeft in de ontwikkeling van een hoogstaande bibliotheek.
        Tevens werd hij daarbij ondersteund vanwege het verblijf van Nicodemos van Kavasila, een monnik/leraar [1595-1652].
Er wordt een enorme ontwikkeling geboekt, waarna het klooster in 1578 ongeveer uit 200 monniken bestaat.
In latere perioden [tegen 1900] was in dit klooster tevens een alom bekende kloosterschool gevestigd.

onderweg, zoals wij allen

God wordt gekend en de eer toegebracht in zijn Heiligen, en dat blijkt ook wanneer wij in ons leven gewag maken van die ene dag, de Zondag, welke een ‘Opstanding’s-dag’ is – een dag, die we zonder ellende van de wereld trachten door te brengen.
We leven net als David de geliefde, de ouderling, als ballingen in de woestijn aan de oever van een doorwaadbare plaats [Amer’s voorde/ U- ‘trecht, ‘tricht] en wij behoren tot een groep zoekende christenen. We staan niet alleen en werpen ‘door ons boven het volk te verheffen’, geen dam op, waardoor het water aan de lippen stijgt, teneinde handel te drijven en aldus het Hemels Koninkrijk af te dwingen in een ‘zogenaamde‘ hoofdstad.
We staan daarmee niet alleen, veel mensen, – [ook ‘christenen’ blijven] – zoeken zin en spiritualiteit en het overgrote gedeelte blijkt uit onderzoek [CBS] zich niet langer te binden aan zoiets als kerk en geloof.
En tòch blijft er hoop, want er speelt zich een intense spirituele zoektocht af en soms een krachtige ‘geloofsstrijd met God‘ – hetgeen vooral ook een gevecht met onszelf inhoudt, het roepen houdt niet op, voor niemand.

Ook de profeten van het ‘eerste Verbond’ maakten dit mee:

Prophet Ezekiel; النبي حزقيال; Προφήτη Ιεζεκιήλ.

”     In het dertigste jaar, in de vierde maand, op de vijfde der maand, toen ik [Ezechiël (Hebr.= ‘God maakt sterk‘)] te midden der ballingen aan de rivier de Kebar [Hebr.= ‘ver-weg‘] was, werd de hemel geopend en zag ik gezichten van Godswege.  Op de vijfde der maand [het was het vijfde jaar der ballingschap van koning Jojakin (Hebr.= ‘De Heer vestigt‘)] kwam het woord des Heren tot de priester Ezechiël, de zoon van Buzi [Hebr.= ‘mijn verachting‘], in het land der Chaldeeen [Hebr.= ‘als kluitenbrekers‘], aan de rivier de Kebar [Hebr.= ‘ver-weg‘]; de hand des Heren was daar op hemEzech.1: 1-3.
De ‘Hemel’ opende zich – een klein ‘ascetisch levend’ mens mag naar binnen kijken bij de Al-Machtige . . . . .Wat een eer!‘.
En let wèl, . . . . . dit is dan ook nog een mensje dat door God ‘Zelf’ weggeslingerd is uit zijn eigen land, . . . . . van God en al de mensen verlaten.
Totaal alleen gelaten dient hij nu te wonen aan zo’n griezelig breed stroompje, een zijrivier van de Eufraat [Hebr.= ‘de goede en overvloedige rivier‘] – in een vlak en verlaten land, zoals de ‘Lage landen‘ met riet en boten.
En . . . . . in zijn dertigste jaar na z’n wijding,
– net als ieder dopeling heeft hij reeds de kruinschering ondergaan, teken van het priestergeslacht, waarbij blijkt dat iedere gedoopte navolger van Christus tot het priestergeslacht behoort –
krijgt hij, onze Ezechiël [Hebr.= ‘God maakt sterk‘] een visioen.

De poort des Hemels, omringd door Engelen, het Phiale van het I.M.Groot Lavra, Athos [Gr.]
Hij komt uit een priestergeslacht, dan word je pas op je dertigste jaar tot de priester-dienst gewijd, eerst dien je ‘gepokt en gemazzeld‘ te worden in de ascese, het leven aan den lijve te hebben ondervonden. Eerst dàn bestaat de mogelijkheid, dat je wèrkelijk tot priester gewijd wordt – dat is nog steeds de gewoonte op de Berg Athos [Gr.] en daar wordt onmogelijk van afgeweken.
Je wordt niet op slag [‘onmiddellijk’] met uitverkiezing priester, daar gaat een lange voorbereidingsperiode aan vooraf – al is het alleen maar om grote ongelukken en verwondingen te voorkomen.
Voor velen wordt het dan ook tot een kwelling, want je dient vooraf een ellenlange voorbereiding te ondergaan – dertig jaar diende Ezechiël te wachten, alvorens God hem ‘sterk’ maakte.
Het was voor hem een dubbele kwelling om ver van de tempel [het gebedshuis, de tempel] te moeten wonen. Wat moest hij nog met z’n leven, hij had enkel het gebed van het hart, z’n binnenkamer, z’n stille hoekje?
En dan, . . . . . na dertig jaar kommernis,
. . . . . gaat de Hemel open!
met dank aan ‘Stilgezet’  – ND, 29-10-2018.

 

Oktober 30e – Heilige Cleophas, Apostel van de 70

De Heilige Apostel Cleophas [Hebr.=‘van een beroemde vader’] was een  jongere broer van Joseph [Hebr.=‘De Heer heeft toegevoegd’], de Verloofde van de Moeder Gods, Maria [Hebr=‘hun opstand’].
In zijn weergave van de Blijde Boodschap schrijft de heilige Lucas dat Cleophas een van de twee discipelen was met wie de Heer op weg was naar Emmaüs [[Hebr.=‘warme baden’ – Thermen genoemd in onze tijd] en dat vond plaats ná Zijn Opstanding.
Lucas [Hebr.=‘lichtgevend’] was de andere apostel van de 70, hoewel hij zijn eigen naam niet noemt. Cleophas werd vervolgens door de Joden gedood vanwege het prediken van Christus, de moord die plaatsvond in het huis waar de verrezen Heer door hem bekend was geworden bij het breken van het brood.

Onze samenleving wordt steeds individualistischer.
Steeds meer mensen komen elkaar tegen op straat en kijken liever naar het mobieltje in de hand dan naar elkaar.
De berichtjes die we elkaar versturen zijn vluchtig en de enige emotie die we eraan toe kunnen voegen is een smiley. In feite ontkennen we de ander op die manier en zijn niet in het huis waar – ‘de Opgestane Heer Zich bekend maakte’ – door het breken van het Brood.
Bij onze Heer werkt dat allemaal anders, Hij kijkt over onze schouder mee, ziet ons komen en gaan, ons doen en laten, kortom is betrokken, opdat het ons welgaat.
Waarom ziet onze samenleving er zo uit? Vinden we het fijner zo?
Redden we onszelf wel? Wat vind je dan van het gezegde: “ . . . alleen ga je sneller, maar samen kom je verder”?
Oog hebben voor een ander betekent dat je het ziet wanneer iemand moeilijk ter been is en voor hem of haar jouw plaats afstaat in de bus.
Vaak is het alleen niet zo letterlijk. Iemand kan ontzettend de behoefte hebben om zijn hart te luchten, maar merk je dat ook? En ga je ervoor zitten en blijf je rustig luisteren?
Hoe belangrijk is het om aandacht te krijgen? En hoe belangrijk is het dan om aandacht te geven?
Bijna dagelijks worden we geconfronteerd met klein en groot leed in de wereld.
Vaak doen we wat niet christenen doen onderweg – we zien het wel, maar handelen niet. Soms sluiten we zelfs de ogen.
Voor christenen is dat natuurlijk geen optie.
Geheel naar het voorbeeld van Christus zoeken wij de zwakken en kwetsbaren in de samenleving op en doen wat ze kunnen om hen sterker en weerbaarder te maken. Zo lukte het ze om bergen te verzetten.

Of dat nou het eventjes opvangen betreft of in de huishouding bij het schoonmaken of afwassen in de kerk.
De slechts korte en vrij gekozen minuten worden gevuld met een handje toesteken.
Het gaat niet altijd even gemakkelijk – je dient jezelf – voor kortere of langere tijd opzij te zetten. Het navolger van Christus zijn is niet altijd gebed, lof aan God, maar ook aandacht voor de mensen om je heen.
Daarom worden eenzamen, zieken en gevangenen en minder bedeelden bezocht en wordt zonder ophouden getracht dienstbaar te zijn aan de medemens.
Alleen op die manier bouwen we aan een nieuwe Hemelen en een nieuwe aarde en zo bezorgen we iedereen een warme douche, ‘een warm bad‘ – Emmaüs dus,
zo wordt de zorg voor elkaar in deze wereld, vrij en toegankelijk.

Orthodoxie & als een vis in het water van het Koninkrijk der Hemelen

Laten we naar de ander kant van het meer gaan

Nogmaals, het Koninkrijk der Hemelen is
als een net dat in de zee werd gegooid en vis van elke soort verzamelde.
Toen het vol was, trokken mannen het aan de wal, gingen zitten en sorteerden het goede in grote bakken, maar gooiden het slechte weg
”.
Matth.13: 47-48.

Zie toch wat u hier eventjes duidelijk wordt gemaakt:
De hier beschreven scheiding is niet tussen de vissen die ‘niet‘ gevangen werden in het net van het Koninkrijk der Hemelen en degenen die dat ‘wel‘ deden. Dat is niet het punt van deze gelijkenis.
De scheiding is hier tussen twee soorten mensen die ‘in’ het net van het Koninkrijk worden opgenomen. Daartoe verleidt wordt ‘één soort‘ bewaard terwijl ‘de ander‘ werden afgedankt.
Deze werden weer in zee geworpen als voedsel voor de monsters, die daar spelen.

koepel van de H. Marcus Basiliek Venetië, It

Dus ‘het Mysterie van het Koninkrijk‘ is niet alleen dat het Koninkrijk aanvankelijk beperkt is in zijn omvang en zijn effect in de wereld [het is een mosterdzaadje], maar ook het Mysterie van het Koninkrijk is dat de mensen die onder ‘de Macht van God’ komen Zijn Koninkrijk zijn, zoals we zeggen, een gemengde zaak. Sommigen zijn ware discipelen en volgen nauwgezet het Woord, de Pedagogie van Christus. Anderen zijn daarop hypocrieten, zij ergeren zich aan het Woord en doen vroom alsof en spelen tegen ‘eigen wil en dank‘ slechts het grote spel mee.
De Orthodoxie heeft geleden – met name in de westerse georiënteerde wereld- onder culturele onzichtbaarheid.
Het wordt eenvoudigweg niet geregistreerd op de meeste van onze culturele radarschermen. Sommigen verwarren het met het [Rooms-] Katholicisme.
Maar de Orthodoxie onderscheidt zich van het Katholicisme en  geniet een unieke Geschiedenis en Theologie.  De Russisch-Orthodoxe theoloog Vladimir Lossky [overleden in 1958] verwees ooit naar de ‘dogmatische ongelijkheid’ tussen het christelijke Oosten en het christelijk Westen.

Wij van ‘de Traditie’, die zich in tegenstelling tot de in westen ontwikkelde mensen, ‘niet’ gewend [verwend] zijn geraakt slechts gebruik te maken van de methode die ons door onze toezicht-houders worden voorgehouden. Deze methoden hebben zij ‘zelf’ aan de hand van westerse maatstaven vastgesteld.
De methoden kunnen weliswaar per regio, per hoofdtoezichthouder verschillen, maar het doel dient overeenkomstig hetzelfde te blijven:
– inzicht in de relatie met God verkrijgen en
– die naar ‘eigen’ bevinden begrenzen/inkapselen/limiteren.
De mens is en blijft ‘zelf’ verantwoordelijk en aanspreekbaar voor zijn/haar doen en laten. Het Nieuwe Verbond, het bekleed zijn met Christus, is een beperking die de Vrijheid, die Christus, voor de kinderen God’s heeft bedongen.
Methoden en opgelegde verplichtingen verminderen de reikwijdte van de Blijde Boodschap, de Pedagogie, Die onze Verlosser ons heeft voorgehouden.
De deelname hieraan is beperkt tot gelovigen, die de ‘één of andere  doop hebben ondergaan en leggen de mens derhalve nogal wat beperkingen op.
In feite is het een belediging van de roep van Christus:
    Komt tot Mij, allen, die vermoeid en belast zijt, en Ik zal u rust geven; neemt mijn juk op u en leert van Mij, want Ik ben zachtmoedig en nederig van hart, en gij zult rust vinden voor uw zielenMatth.11: 28,29.
Wanneer teleurstellingen om je heen en in het leven zich opstapelen, lijkt het soms alsof niemand zich nog aan z’n eigen beloften, z’n Verbintenis met God,  houdt. Maar dat is niet waar.
Anderen breken hun beloften misschien, maar onze Heer en Verlosser, de Zoon van God doet dat nooit. Wij dienen ons derhalve te heroriënteren en te richten op hoe Hij als Zoon van God en onze Verlosser ons heeft beloofd dat Hij:

Christus, de Goede Herder, detail mozaïek in San Lorenzo fuori le mura, Rome

– ‘mèt je zal zijn’,
– ‘je zal leiden’,
– ‘je zal helpen’ en
– ‘je zal dragen’.
God regeert over mensen zoals Hij het wil en dat is beslist niet zoals de wereld het zou willen òf de toezichthouders binnen Zijn organisatie.
    Men zal u verstoten uit de gemeenschap van de mensen en uw verblijf zal wezen bij het gedierte van het veld; men zal u gras te eten geven als de runderen en u door de dauw van de Hemelen laten bevochtigen; en zeven tijden zullen over u voorbijgaan, totdat u erkent, dat de Allerhoogste macht heeft over het Koningschap van de mensen  en dat geeft aan wie Hij wilDaniël.4: 25.

In het verre verleden – in het Vroeg-Christelijke – werd ‘kwaliteit’ gezien als synoniem voor het halen van een certificering. Deze certificering werd meestal vereist door de volgelingen van Christus, die zich pertinent afzijdig van van de wereld opstelden.
De letterlijke betekenis van Antiochië is ‘pertinent tegen [=anti-] de wereld’, dus vóór Christus en als zodanig werden degenen, die Christus volgden in Antiochië ‘voor het eerst‘ Christenen genoemd.
De deelnemers aan het Lichaam van Christus, een Christelijke organisatie hebben zich verenigd om aan te tonen dat de geleverde producten of diensten voldoen aan datgene wat vooraf door Christus is vastgesteld – is gespecificeerd.
Processen, procedures en werkinstructies worden gezien als waarborg voor het verkrijgen van producten of diensten die aan de door Hem, als Zoon van God, gestelde eisen voldoen.
Hoewel dit klip en klaar in de Blijde Boodschap is vastgelegd worden de beschrijvingen en instructies bijgehouden, een organisatie, ook die van het Lichaam van Christus, is immers continu aan verandering onderhevig.
Kwaliteit is het voldoen aan en het liefst overtreffen van de verwachtingen die van Christus afkomstig zijn en niet van mensen, dat is voorzeker een belangrijk aspect aan kwaliteit.
Kwaliteit wordt echter niet langer onderkent als iets wat alleen belangrijk is/was voor intern gebruik in de organisatie, maar de blik ten aanzien van kwaliteit wordt tegenwoordig door de individuele mens naar binnen gericht.
Het gaat immers om de waarachtige volgeling van Christus te zijn en indien we dit goed doen gaat het resultaat, het optimaal streven naar het Koninkrijk der Hemelen ook omhoog.
Is er geen sprake van kwaliteit – dan zal er slechts een wortelstomp van de boom overblijven – tot: wordt erkent dat het Hemelse uitgangspunt de Heerschappij bezit en vanaf dat moment zal God’s Koningschap weer bestendig zijn [conf. Daniël 4: 26]. 

Gebed voor het slapengaan
    Wanneer ik roep, verhoor mij, God van mijn gerechtigheid: schenk mij ruimte in de benauwing.
Ontferm U over mij, luister naar mijn gebed.
Kinderen van de mensen, hoelang nog zijt jullie zwaarmoedig ?
Waarom beminnen jullie ijdelheid en zoeken jullie leugen ?
Weet dan, dat de Heer Zijn gewijde wonderbaar heeft verheven: de Heer heeft mij [David] verhoord toen ik tot Hem riep.
Wordt toornig, maar zondig niet, wat ge zegt in uw hart, betreur dat op uw rustbed.
Draag een rechtvaardig offer op en vertrouw op de Heer, velen zeggen:
‘Wie zal ons het goede doen zien ?’.
Heer, het licht van Uw aanschijn is een teken over ons.
Gij schenkt vreugde in mijn hart. om de overvloedige vrucht van tarwe, wijn en olie.
Heer, in vrede leg ik mij te ruste om te gaan slapen.
Want al ben ik eenzaam, Gij doet mij wonen in vertrouwenPsalm 4, vert. ROK ’s-Gravenhage

 “Een persoon is waar zijn gedachten zijn”, we zijn allemaal wel eens even in gedachten verzonken, maar gedachten zijn geen absolute waarheden, zeker niet waar we aan denken als we gaan slapen – en daarom dienen op zo’n moment van de dag de gedachten bewust op God gericht te worden.
Wanneer u door een Kerkgemeenschap onderwezen wordt, maar met uw gedachten ergens anders vertoeft, dan bent in werkelijkheid ergens anders; u neemt niet langer deel aan het Koninkrijk. Het zijn geen vreemde gedachten, maar het zijn uw eigen gedachten in uw hoofd.
In Psalm 4 houdt de oud-testamentische Koning David [Hebr.=‘geliefde’] zich bezig met deze problematiek.
David wordt nagezeten door zijn zoon Absalom [Hebr.= ‘mijn vader is vrede’].
De opstand van Absalom krijgt steun van de bevolking; het lijkt alsof de bevolking onder-gedompeld is in een fantasie dat als David [de geliefde van God] uit het beeld verdwijnt,
de Joodse bevolking om hem heen, die van het eerste Verbond met God,
zijn zich gaan vereenzelvigen met de heidense wereld om hen heen en
een luxueus, beter leventje  gaan leiden.

David richt zich tot de leiders, de toezichthouders:
Gij mannen, hoe lang is mijn eer tot versmading, hoe lang hebt gij ijdelheid lief, jaagt gij de leugen na?”. David richt zich niet tot de gewone man, maar tot de leiders, toezichthouders.
Zij dienen toch beter te weten. Met hun lege fantasieën en het gericht zijn op werelds genot: geld, macht en aanzien – denken ze dat de heidense wereld beter aan hun behoeften tegemoet komt.
Maar ze zullen bedrogen uitkomen, God, de Vader, Die in de Hemelen huist, zal uiteindelijk naar de geliefde luisteren. Niet naar de mens, die God terzijde stelt en daarmee op het punt staat te gaan  zondigen.

Athos, de Berg van het zwijgen

De geliefde van God zegt tegen de mannen die hem als dienaar God’s vervolgen dat ze zich dienen te onderhouden vanuit hun ziel – wanneer ze gaan slapen en niet met voornemens, die de heidense wereld nastreeft.
Dit is wat de rechtvaardigen verkondigen, sluit je af van het materialistische leven – neem een ascetische houding aan, bekleed je met Christus.
Creëer daarmee een oase van rust, al is het alleen maar in je bed.
Luister naar de stilte en bid dan.
Heer, het licht van Uw aanschijn is een teken over onsPs.4: 7, want Gij alleen, o Heer, doet mij veilig wonen

De geliefde eindigt de Psalm met de woorden: “want Gij alleen, o Heer, doet mij veilig wonen”  Slechts wanneer we alleen wonen is er veiligheid, dat wil niet zeggen fysiek apart wonen.
We hebben een hogere roeping, we zijn de zonen van Abraham, Isaäc en Jaäcob en we dienen als zodanig zo te handelen. Alleen door onze harten en gedachten af te stemmen op het Woord van Zijn Zoon, onze Heer Jezus Christus kunnen we fatale percepties vermijden.
Door Zijn Liefdesgebod met geheel ons hart te volgen kunnen we zeggen,
zoals Koning David deed, dat onze Heer en Verlosser de druk van materialisme – hetgeen ons omringt- zal verminderen.
Indien wij ons met hart en ziel tot God verheffen, is dat hart Zijn altaar. Sleutel tot bidden is verheffing van het hart in verlangen naar God, Die immers liefde is en de harten in vuur verwondt en met pijlen doorpriemt.

Geef ons, Meester, nu wij slapen gaan, rust naar lichaam en ziel.
Behoed ons voor een duistere [zondige] slaap en voor iedere [donkere en] nachtelijke begeerte.
Breng tot rust de aandrang van onzuivere neigingen:
– doof de vurige pijlen van de boze, die in het geheim op ons afkomen.
– doe bedaren de opstandigheid van ons vlees  en kalmeer iedere bezorgdheid voor aardse en voorbijgaande dingen.
En geef ons, o God, een waakzame geest, zuivere gedachten een nuchter hart,
geef ons een lichte slaap, vrij van iedere fantasie.
Doe ons opstaan op de tijd van het gebed, gesterkt door Uw geboden, Uw oordelen steeds gedenkend.
Maak dat wij U de gehele nacht in de geest mogen verheerlijken door
het bezingen, zegenen en loven van Uw heilige en al-heerlijke Naam: van de Vader en van de Zoon en van de Heilige Geest, nu en altijd en in de eeuwen der eeuwen, Amen.
Hooggeprezen altijd-maagd en gezegende Moeder van Christus God,
breng ons gebed tot Uw Zoon, onze God, opdat
Hij door U onze zielen moge redden.
Mijn vertrouwen  is de Vader, mijn toevlucht is de Zoon,
mijn bescherming de Heilige Geest,
AlHeilige Drieëenheid, eer aan U.
Eer aan U, Christus, onze hoop, eer aan U
”.

en vlak voor het slapen gaan:

In Uw Handen, o Heer Jezus Christus, beveel ik mijn lichaam en geest;
zegen me, behoedt me, en verleen me het eeuwige leven. Amen”.

22e Zondag na Pinksteren – Het Woord van God is voor alle tijden geschreven, uw Geloof heeft u behouden, ga heen in Vrede.

tot de Dochter van Jaïrus, overste van de synagoge, zei Christus: ‘Meisje, Ik beveel je, sta op!’

      En zie, er kwam een man, genaamd Jaïrus, en deze was een overste der synagoge. En hij viel neer aan de voeten van Jezus en smeekte Hem naar zijn huis te komen, omdat zijn enige dochter, die ongeveer twaalf jaar oud was, op sterven lag.
Terwijl Hij erheen ging, drongen de scharen op Hem aan.
       En een vrouw, die sinds twaalf jaren aan bloedvloeiing leed en door niemand kon genezen worden, kwam van achteren tot Hem en raakte de kwast van zijn kleed aan, en terstond hield haar vloeiing op. En Jezus zei: ‘Wie is het, die Mij heeft aangeraakt?’.
En terwijl allen het ontkenden, zei Petrus: Meester, de scharen drukken en verdringen U.
Maar Jezus zei:
‘Iemand heeft Mij aangeraakt, want Ik heb kracht van Mij voelen uitgaan’.
Toen de vrouw zag, dat zij niet onopgemerkt bleef, kwam zij bevende nader, viel voor Hem neer en verhaalde Hem, voor al het volk, om welke reden zij Hem aangeraakt had en dat zij terstond beter was geworden.
En Hij zei tot haar:
‘Dochter, uw Geloof heeft u behouden, ga heen in Vrede’.
Terwijl Hij nog sprak, kwam er iemand van de overste der synagoge met de boodschap: ‘Uw dochter is gestorven, val de Meester niet meer lastig!’.
Maar Jezus hoorde het en antwoordde hem:
‘ Wees niet bevreesd, geloof alleen, en zij zal behouden worden’.
Toen Hij aan het huis gekomen was, stond Hij niemand toe met Hem naar binnen te gaan dan Petrus, Johannes en Jakobus en de vader van het kind en de moeder.
Allen nu weenden en weeklaagden over haar. Doch Christus sprak:
‘Weent niet; zij is niet gestorven, maar zij slaapt’.
En zij lachten Hem uit, omdat zij wisten, dat zij gestorven was. Maar Hij vatte haar hand en riep, zeggende:
‘Kind, sta op!’.
En haar geest keerde terug en zij stond dadelijk op en Hij beval, dat men haar te eten zou geven.
En haar ouders stonden versteld, maar Hij verbood hun tot iemand te spreken over hetgeen geschied was“ Luc.8: 41-56.

oren, die niet horen en ogen, die niet zien;     αυτιά που δεν ακούν και μάτια που δεν βλέπουν; الآذان التي لا تسمع والعينين التي لا ترى; ears that do not hear and eyes that do not see.

      Ziet, met hoe grote letters ik u eigenhandig schrijf!
Allen, die zich uiterlijk goed willen voordoen, trachten u te dwingen tot de besnijdenis, alleen om niet vervolgd te worden ter wille van het kruis van Christus Jezus.
Want zij, die zich laten besnijden, houden zelf niet eens de wet, doch zij willen, dat gij u laat besnijden, opdat zij op uw vlees roem kunnen dragen.
Maar ik moge ervoor bewaard blijven te roemen anders dan in het Kruis van onze Heer Jezus Christus, door wie de wereld mij gekruisigd is en ik aan de wereld. 

De ‘heiligen’ onthullen de echt vrije persoon; The ‘saints’ reveal the truly tree person; Οι «Άγιοι» αποκαλύπτουν τον πραγματικά ελεύθερο άνθρωπο; يكشف “القديسين” الشخص الحر الحقيقي.

Want besneden zijn of niet besneden zijn betekent niets, maar of men een nieuwe schepping is.
En allen, die zich naar die regel zullen richten – vrede en barmhartigheid zal over hen komen en ook over het Israël van God.
Overigens dient niemand mij lastig te vallen, want ik draag de littekenen van Jezus in mijn lichaam. De Genade van onze Here Jezus Christus zij met uw geest, broeders! Amen“ Gal.6: 11-18.

Heer, Gij hebt Uw land gezegend, Gij hebt de gevangenen van Jaäcob teruggevoerd.
Gij hebt de ongerechtigheden van Uw volk vergeven, en al hun zonden bedekt.
Gij hebt heel Uw gramschap volkomen gestild; U afgewend van Uw wrekende toorn.
Bekeer ons, God van ons heil: keer Uw toorn van ons af.
Blijf niet eeuwig op ons vertoornd; wilt Gij Uw gramschap doen duren van geslacht tot geslacht?
God, keer U tot ons, om ons te doen leven; dan zal Uw volk zich verblijden in U.
Toon ons, Heer, Uw barmhartigheid, en schenk ons Uw Heil.
Ik wil horen wat de Heer God in mij spreekt, want Hij spreekt vrede tot Zijn volk.
Evenals tot Zijn gewijden, die hun hart tot Hem hebben bekeerd.
Ja, nabij is Zijn Heil voor wie Hem vrezen: Zijn heerlijkheid woont op onze aarde.
Barmhartigheid en Waarheid hebben elkander ontmoet: gerechtigheid en vrede kussen elkaar.
Waarheid ontspringt aan de aarde, en gerechtigheid ziet neer uit de hemel.
Want de Heer schenkt welwillendheid, opdat de aarde haar vruchten zal geven.
Gerechtigheid zal voor Zijn aangezicht uitgaan, om op de weg Zijn schreden te richtenPsalm 84 [85] vert. ROK ’s-Gravenhage.

Sociale transactie
Twee keer begint de lezing van vandaag met “ en zie . . . . .”.
Wat is er te zien – een illusionist, die de mens vermaakt met z’n Mysterieuze trucjes, handige trucjes door – het laten lijden van z’n dienaren – en hen vervolgens weer tot leven wekken?
Iemand liet mij weten dat zij naar de kerk kwam omdat zij er zo’n heerlijk gevoel aan overhield – een spiritueel hoogstandje, welke lijkt op een hemelse gewaarwording.
Maar Christus geeft ons ‘geen‘ tijdelijke gewaarwording – een gerichtheid, die boven het dagelijks leven uitgaat – Christus probeert ons een nieuwe werkelijkheid bij te brengen en dat vindt alleen plaats wanneer je met beide benen op de grond staat.
Christus geeft ons geen spirituele confrontatie, noch doet Hij ons een manier toekomen, die ons leven plotsklaps beter/en zonder gebreken zal maken. De persoon in kwestie vertelde me dat  spiritualiteit “lijkt op een hemelvaart, om die reden ging ze naar de kerk”.

 

ΙΣ ΧΣ ζωοδοτισ – Christus, de levende

Christus is weliswaar gelieerd aan spiritualiteit – maar huldigt een ‘nieuwe’ werkelijkheid en die is voor ieder mens verschillend – het zou anders erg eentonig worden.

Indien iedereen deze realiteit oppakt en het als voorhoede gebruikt van zijn ‘eigen’ zaken, is datgene wat hij/zij gelooft een verheffen boven de ander, het is als het opdoen van viezigheid welke in eigen ogen de werkelijkheid omzeilt, die aan allen eenzelfde leven belooft – dat wil zeggen ‘globalisering’ [de activiteit wordt eenduidig over de wereld verspreid, ieder mens gelooft hetzelfde].

uit -fim ‘Scream’ OUES Craven 2011

Het is als de vraag, die de mens aan God  wordt gesteld: “Heb ik u gevraagd, Maker, van mijn leem om mij te vormen tot mens? Heb ik u gevraagd mij vanuit de duisternis te promoten?” [Paradise Lost . 1667. Boek X, 743-45].
Het zijn vragen, die Adam [Eva] aan God stelt na het verlies van het Paradijs in Milton’s Paradise Lost. Opmerkelijk genoeg roepen deze regels ook verschillen op tussen de twee verhalen van Adam over de schepping van Adam:
– in Genesis 2 wordt Adam gevormd uit het stof van de aarde (klei) en verteld om de tuin te dienen;
– in Genesis 1 wordt hem verteld de aarde te domineren. 

In de ‘nieuwe’ werkelijkheid kunnen niet zeggen dat we van Christus zijn en aan de andere kant in ons eigen ‘kennen en kunnen’ geloven.  Christus wordt geopenbaard wanneer Hij ons voorlegt “hé, kinderen van God, Wie zeg jij dat Ik ben”.

Dit is precies zoals Christus/God is, “niet zoals de mens wil, dat Hij dient te zijn”.
Als we Christus willen zien, zoals ‘wij’ willen, dan willen we hetzelfde als de Joden, die een aardse koning in hem zagen. God komt bij ons tot uiting in de Glorie van het Martelaarschap.
Het Kruisbeeld achter het altaar in onze kerk draagt de inscriptie in top, welke duidelijk maakt dat Christus de “Koning der Glorie” is en dat onderstaand openbaart . . .
Maar wat is Glorie, aan Wie komt de lof toe? “Deze is genageld aan het Hout!”.
Zo paradoxaal is God in werkelijkheid, òf niet soms?

De vernedering is Zijn Heerlijkheid en dit is een schandaal voor de wereld en de wereld beschouwt het gewoon als domheid en laat het langs de kant van de weg liggen.
Zonder de Door Christus verkondigde ‘heilige nederigheid’ zullen wij nimmer in niet deze ‘nieuwe realiteit van het Hemels Koninkrijk’ leven. En in die ‘heilige nederigheid’ past onmogelijk “mijn eigen, mijn eigen spiritualiteit”; in eigengereidheid past niets wat ons fris en gezond maakt, een goede christelijke conditie doet toekomen.
Niets van ons mensen is als navolger van Christus in goede christelijk conditie.
Hier past alleen de Waarheid: ‘Onze dwaasheid om Christus wil maakt ons bescheiden en arren-moedig. Hoe kunnen we ons leven dusdanig vereenvoudigen teneinde Hem te ontmoeten? Laten we beginnen luxe te vermijden en vervolgens ons ego aan God aan te bieden.
Zoals in het ‘Axion Estin; wordt aangegeven, dat geeft precies aan zoals het is en niet zoals wij het zouden willen zien òf “onszelf oppept . . .”:
    “Waarlijk, u zalig te prijzen dienen wij, o Moeder van onze God, altijd gebenedijd [= gezegend]; u ongeschonden Moeder van onze Heer en God, u eerbiedwaardiger dan de cherubijnen en onvergelijkelijk glorierijker dan de Serafijnen. Ongerept hebt U het Woord gebaard: u bent waarachtig de Moeder Gods. U vereren wij”.

Vervolg het dochtertje van Jaïrus in pdf: het Dochtertje van Jaïrus, overste van de synagoge

➥  Maar nu gaan we een stap verder in het hier en het nu – in onze tijd, in het jaar des Heren ‘oktober’ 2018:
We hebben allemaal vernomen van de spanningen, die zijn ontstaan tussen het Patriarchaat van Moskou en het Oecumenisch Patriarchaat van Constantinopel en ook dat doet pijn, ontzettend veel pijn; temeer omdat er wordt opgeroepen dat ook hier de inter-communie van de gelovigen, – ‘de persoonlijke ontmoeting met de Heer‘ – te misbruiken als macht’s-wapen.

Christus‘, de enige Hogepriester

Hoe is het mogelijk dat de prelaten van de Kerk zich ‘opnieuw’ hebben laten misleiden diep gelovige navolgers van Christus, te misbruiken in hun Liefdeloos macht’s-spel?
Waarom Heer, onze God, waarom grijpt U niet in‘,  – zo wordt er alom gebeden;
bidden dat deze verdrietige situatie niet te lang mag duren.
Maar gebed blijkt velen ‘niet genoeg‘ – de Kerk dient zich als gevolg van deze verzoeking te gaan bezinnen – te gaan bezinnen waarom het in deze ‘opnieuw’ zo faliekant de verkeerde kant op heeft kunnen gaan en de mens van zich afstoot.

Ga en doet gij evenzo‘, icoon van de barmhartige samaritaan

De wereld, zo weten wij beschouwt dit als een incident, een management’s-probleem; in de wereld wordt het gewoon als domheid beschouwd en laat men het, als de beroofde mens, gewoon langs de kant van de weg liggen, waar zelfs de geestelijke wereld aan voorbij gaat. De geestelijke wereld kijkt naar de hiërarchische structuur en verwacht àldáár een definitieve oplossing.
Maar zo werkt dit bij de Hogepriester niet, Die is een Barmhartige Samaritaan, Die naar het slachtoffer kijkt – niet alleen, die van vandaag, maar die vanaf het groteske begin, waarin de Kerk macht’s-bewustzijn ontwikkelde, oftewel, ‘ik ben beter dan jij‘, want ‘ik heb het voor het zeggen‘, want daar heb ‘ik’ in mijn ego voor gestudeerd en is het “Axios, Axios, Axios” over mij uitgeroepen.
Maar Christus heeft niet gestudeerd, Die is de Wijsheid en Liefde van God toegedaan en begaat andere wegen, de ‘Ascetische‘ zonder comfort en genoegens. Ook de Apostelen waren niet van dàt houtje gesneden, slechts de Apostel Paulus was als voormalig farizeeër, ingevoerd in de leer van de dienst aan God.

Theotokos, zwanger – Onvoorwaardelijke overgave; Theotokos, pregnant – Uncondational surrender; Θεοτόκος, έγκυος – Άδεια άνευ όρων; Богородицы, беременные – Безусловная капитуляция.

Tot de Dochter van Jaïrus [Hebr.= ‘God verlicht hem‘], overste van de synagoge, zei Christus: ‘Meisje, Ik beveel je, sta op!
Maar wie is dat meisje, die dochter van de overste van het Eerste Verbond; wie zouden wij als navolgers van Christus als dat meisje kunnen waarnemen?
Wie anders is de grote dochter van het Eerste Verbond, Die zo’n grote rol heeft  gespeeld en de hoedster is van de Kerk?
Precies, ik ken er maar één Vrouwe, Die daarvoor in aanmerking komt, de Theotokos, de Moeder God’s.
Spreekt Christus en de Evangelisten verhalen ons hetzelfde in Zijn doen en laten niet in parabels; nu een parabel [Gr. παραβολή] betekent “vergelijking” en dit Woord wordt gewoonlijk gesitueerd in het dagelijks leven, dat dient om een religieus, moreel of filosofisch idee te illustreren.
De Kerk zit op dit punt gewoon te slapen, en Christus wekt haar door haar te verzoeken gewoon op – doe maar gewoon, dan doe je gek genoeg, stel je niet aan met je hooghartig gedoe.

⁌     En tot de hogere geestelijkheid dit:
”     Van uw ontelbare slechte werken wilt u dit niet openbaar gemaakt hebben“; kortom dat ook maar ‘iemand‘  daarvan op de hoogte wordt gesteld.
⁌     En een beetje liefdevolle raad aan ieder volgeling van Christus overeenkomstig het advies van Christus Zelf:
”     “Wie zonder zonde is dient de eerste steen te werpen”, een gezonde mate van ijdelheid daarentegen kan een simpel mens zeker helpen beter te presteren. Iemand die wat harder zijn best doet om goed voor de dag te komen, onder-scheidt zich nu eenmaal van de massa
Is het niet genoeg dat dit goede werk bekend is en door God wordt verwelkomd? Anderen maken een veelheid aan goede doelen: zij geven hun bezittingen aan de armen, verlichtten de wereld, redden vele zielen. En toch schepten ze niet op over dit alles. En u, die iets niet geweldigs gedaan hebt, schaamt u zich je voor niets? Waarom verlang je van anderen om je te prijzen voor een goede werk? Goed blijft nog steeds goed, zelfs als niemand het prijst.
Het kwaad blijft slecht, zelfs als geen hond iemand de schuld geeft. Indien alle mensen u prijzen, krijgt u niets. Indien niemand u prijst, zult u nergens van worden beroofd.
U doet het goede immers niet voor de mensen, maar voor God. Dus u wordt voldoende geacht om de beloning van God te ontvangen.
Indien u omringd wordt en uzelf verheugt en vereerd voelt door de mensen, wees dan niet enthousiast. En wanhoop niet indien u ongelukkig en veracht wordt. In zowel de eerste als de tweede Pedagogie van de Heer, in Zijn Blijde Boodschap, toonde Christus ons de gematigdheid en voorzichtigheid, omdat in het huidige leven ‘alles‘ variabel is. Vóór alles prijs je God en aanvaard je alles als afkomstig van Hem en Zijn Heilige Wil.
conf. H. Dimitrios Rostov.

Ben ik m’n broeders hoeder?: Είμαι ο φύλακας του αδερφού μου?; Я хранитель моего брата?; هل أنا حارس أخي؟; Am I my brother’s keeper?.

Wilt u desondanks een advies – wacht niet af tot Christus het gehele tempel-, kerk-plein komt schoonvegen; zoek een definitieve oplossing voor de gehele christelijke kerkfamilie.
Zet de politieke agenda met het gebod van de intercommunie in z’n geheel overboord; wij herkennen elkaar immers allen ‘in het breken van het Brood en drinken uit dezelfde beker‘. De eigen Orthodoxe bloedgroep is tot nog toe op uw aanwijzen ‘onveranderd‘ gebleven – door dit incident zijn de ogen echter opengegaan, zij worden als politiek middel gebruikt.
Hoofdtoezichthouders [Patriarchen] toezichthouders [bisschoppen] dienen zich bij hun oorspronkelijke Apostolische opdracht terug te trekken en slechts toezicht te houden op de uitvoering. Zij dienen hiertoe slechts toezicht te houden op hun spelleiders in de verschillende christelijke gemeenschappen, waar

In Jezus Christus proberen we alles te weerstaan – de verleidingen, de stormen en orkanen, het lijden, de zonde, de dood en de tegenstrever; In Jesus Christ we try to resist everything – the temptations, the storms and hurricanes, the suffering, the sin, the death and the adversary.
volgelingen van Christus wekelijks bij elkaar komen en hun spelleiders niet als herdershond behandeld wensen te worden.
De verschillende christelijke gemeenschappen worden door elkaar respecterende bestuursleden bestuurd, onder voorzitterschap van een eerste onder gelijken en de gemeenschap geeft in vergadering bijeen het uiteindelijke akkoord. Op die wijze bestaan er geen specifieke beperkingen en kiest ieder lidmaat de gemeenschap, die het meest bij z’n eigen doelstellingen past.
De doelstelling van de navolger van Christus is niet om anderen te behagen, maar om God te dienen en hier en in het hiernamaals geluk te ondervinden.
De gevolgen van uw conflicten kunt u waarnemen, er zijn diverse lidmaten, die zich ‘niet meer‘ gebonden weten door één specifieke gemeenschap, die zij met de regelmaat van de klok bezoeken. De volgende stap is dat zij elders gaan ‘shoppen’ en het eind van het liedje is dat zij zich ‘in het geheel niet meer‘ met de Kerk gebonden weten.
Ga bedachtzaam te werk maar verspil geen energie aan nog meer regeltjes, breek ze eerder af, de mens is uiteindelijk ‘zelf’ verantwoordelijk en door Christus aanspreekbaar voor doen en laten.
Verspil geen materiaal, tijd en kosten, gebruik elkanders gebedsruimten, dat deed Christus en de Apostelen ook.  Zodra het uiterlijk te gekunsteld wordt of te veel tijd in beslag neemt, zit u op het verkeerde pad en wordt u er uiteindelijk op afgerekend.

Prokimen in de 5e toon.
Lezer: ”   Gij Heer, bewaar ons tegen dit geslacht tot in alle eeuwigheid
Volk herhaalt.
Lezer: “Red mij, Heer, er is geen Heilige meer”, de Waarheid wordt zeldzaam  onder de Volkeren
Volk: ”   Gij Heer, bewaar ons tegen dit geslacht tot in alle eeuwigheid
Lezer: ” Gij Heer, bewaar ons tegen dit geslacht“;
Volk: ”   tot in alle eeuwigheid !!!“.

Apolytikion      tn.5.
Komt laat ons bezingen en aanbidden
het met de Vader en de Geest mede-eeuwige Woord,
Dat om ons te verlossen uit de Maagd geboren is.
Want Hij heeft het op Zich genomen
Zijn Lichaam aan het Kruis te laten slaan en de dood te verduren,
Om door Zijn Roemrijke Opstanding
de doden op te wekken”.

Kondakion      tn. 5.
Ter helle zijt Gij neergedaald, mijn Heiland,
en in Uw Almacht hebt Gij de ijzeren poorten gebroken.
Als Schepper hebt Gij de gestorvenen opgewekt;
de prikkel des doods vernietigd,
en
Adam van de vloek bevrijd, o Menslievende.
Daarom roepen wij U allen toe: Heer, red ons”.

Theotokion      tn.5.
Gij zijt in waarheid de Cherubijnentroon,
want in U heeft het Woord woning genomen Alreine
en is in het vlees uit U voortgekomen.
Om ons heeft Hij het kruis ondergaan en
heeft Hij als God de Opstanding geschonken
Om onze natuur te verheerlijken.
Vraag voor ons om vergeving van zonden”.

22e Zondag na Pinksteren – Orthodoxie en de verering van de Moeder Gods

De Moeder god’s,                                de leven-schenkende bron;         Θεοτόκος, πηγή ζωής;                       Theotokos, the life-giving source 

  Terwijl Christus met Zijn Apostelen op reis waren, kwam Hij in een zeker dorp.
En een vrouw, Martha geheten, ontving Hem in haar huis.
En deze had een zuster, genaamd Maria, die, aan de voeten des Heren gezeten naar zijn woord luisterde.
Martha echter werd in beslag genomen door het vele bedienen. En zij ging bij Hem staan en zei:
“ Heer, trekt Gij het U niet aan, dat mijn zuster mij alleen laat dienen? Zeg haar dan, dat zij mij komt helpen.
Maar de Heer antwoordde en zei tot haar:
Martha, Martha, gij maakt u bezorgd en druk over vele dingen, maar weinige zijn nodig of slechts een; want Maria heeft het goede deel uitgekozen, dat van haar niet zal worden weggenomen.
En het geschiedde, toen Hij deze dingen sprak, dat een vrouw uit de schare haar stem verhief en tot Hem zei:
Zalig de schoot, die U heeft gedragen, en de borsten, die Gij hebt gezogen.
Maar Christus zei:
‘Zeker, zalig, die het woord Gods horen en het bewaren’
”.
Luc.10: 38-42; 11: 27-28.

    Nu had ook wel het eerste [Verbond] bepalingen voor de eredienst en een heiligdom voor deze wereld. Want er was een tent ingericht, de voorste, waarin de kandelaar en de tafel met de toonbroden stonden; deze werd het heilige genoemd; en achter het tweede voorhangsel was een tent, genaamd het heilige der heiligen, met een gouden reukofferaltaar en de ‘ark des verbond’s’, rondom met goud overtrokken, waarin zich bevonden een gouden kruik met het manna, de staf van Aäron, die gebloeid had, en de tafelen des verbond’s; daarboven waren de cherubs van de heerlijkheid, die het verzoendeksel overschaduwen; hierover kunnen wij nu niet in bijzonderheden treden.
Dit was dan aldus ingericht, en de priesters kwamen bij het vervullen van hun diensten voortdurend in de voorste tent, maar in de tweede alleen de hogepriester, eenmaal in het jaar, niet zonder bloed, dat hij offerde voor zichzelf en voor de zonden door het volk in onwetendheid bedreven
Hebr.9: 1-7.

    Laat die gezindheid bij u zijn, welke ook in Christus Jezus was, die, in de gestalte God’s zijnde, het aan God gelijk zijn niet als een roof heeft geacht, maar Zichzelf ontledigd heeft, en de gestalte van een dienstknecht heeft aangenomen en aan de mensen gelijk geworden is. En in zijn uiterlijk als een mens bevonden, heeft Hij Zich vernederd en is gehoorzaam geworden tot de dood, ja, tot de dood aan het Kruis.
Daarom heeft God Hem ook uitermate verhoogd en Hem de Naam boven alle naam geschonken, opdat in de naam van Jezus zich alle knie zou buigen van hen, die in de hemel en die op de aarde en die onder de aarde zijn en alle tong zou belijden:
‘ Jezus Christus is Heer, tot eer van God, de Vader! Phil.2: 5-11.

 

H. Porphyrios [Bairaktaris] of Kafsokalivia

Tegenwoordig proberen mensen geliefd te worden en  dàt is hetgeen waarom ze tekort schieten. Christelijke rechtvaardigheid is namelijk niet in je geïnteresseerd
indien de mensen van je houden, maar alleen wanneer jij onze Heer Jezus Christus lief hebt en in het verlengde van je naasten houdt.
Slechts op die wijze zal de ziel met het goddelijke vervuld worden
“.
H. Porphyrius Kafsokalyvitis

De term ‘Jom Kippoerim’ staat in het Hebreeuws altijd in het meervoud en betekent letterlijk ‘Dag van verzoeningen’. Het is een van de belangrijkste dagen in het Joods religieuze leven en staat centraal in de Tempeldienst van het oude Israël.
Dit was dan aldus ingericht, en de priesters kwamen bij het vervullen van hun diensten voortdurend in de voorste tent, maar in de tweede alleen de hogepriester, eenmaal in het jaar, niet zonder bloed, dat hij offerde voor zichzelf en voor de zonden door het volk in onwetendheid bedrevenHebr.9: 6-7.
  Aäron zal met het bloed van het zondoffer der verzoening eenmaal per jaar op zijn hoornen verzoening doen; eenmaal per jaar zal hij er verzoening op doen voor uw geslachten; allerheiligst is het voor de HeerEx.30: 10.
Aansluitend lezen we hoe God Mozes opdraagt de Israëlieten van ‘twintig jaar‘ en ouder te tellen en voor ieder van hen een offer van een halve sjekel als losprijs voor hun zielen te laten betalen.
    Wanneer gij het getal der Israëlieten bij de telling opneemt, dan zullen zij, ieder voor zijn leven, aan de Heer een zoengeld geven, wanneer men hen telt, opdat er onder hen geen plaag zij bij de telling. Dit zal ieder die tot de getelden gaat behoren, geven: een halve sikkel, gerekend naar de heilige sikkel [deze sikkel is twintig gera]; een halve sikkel is de heffing voor de Heer. Ieder die tot de getelden gaat behoren van twintig jaar oud en daarboven, zal de heffing voor de Heer geven.
De rijke zal niet meer noch de arme minder dan een halve sikkel opbrengen, om die te geven als heffing voor de Heer ter verzoening voor uw leven.
En gij zult het geld der verzoening van de Israëlieten nemen en het bestemmen voor de dienst in de tent der samenkomst; het zal voor de Israëlieten tot een gedachtenis zijn voor het aangezicht van de Heer ter verzoening voor hun levenEx. 30: 11-16.
Het is duidelijk dat er een verband is tussen Jom Kippoer en de in de tekst genoemde verzoening voor levens [letterlijk: de zielen]. In deze omstandigheden was losgeld het enige middel om aan een plaag [straf] te ontkomen, het was een hefoffer voor verzoening.
Het Hebreeuwse woord voor losprijs כופר [Hebr. kopher= ‘losprijs’] is afgeleid van het Hebreeuwse werkwoord קפחר [Hebr. kaphar], wat letterlijk ‘bedekken’ betekent.
We vinden dit woord voor het eerst tegen in: “Maak voor uzelf een ark van goferhout. In vakken ingedeeld moet u deze ark maken en hem van binnen en van buiten met pek bestrijkenGen.6: 14.

Voor een dienst in de synagoge is een minjan, oftewel tenminste tien mannen nodig.  Om er zeker van te zijn dat het aantal mannen voldoende is, wordt er een telling gedaan.  Het betreft dan geen telling van personen of namen, maar van benen. De som wordt dan door tweeën gedeeld waarmee het aantal aanwezigen is vastgesteld.
Aanleiding voor deze, voor ons vreemde manier van doen, is het verschrikkelijke oordeel dat David over het volk bracht, toen hij Israël en Juda telde zonder de instelling van de losprijs in acht te nemen. “ Maar deze zaak was kwaad in Gods ogen, en Hij sloeg Israël.
Toen zei David tot God: ‘Ik heb zwaar gezondigd, doordat ik dit gedaan heb; nu dan, doe toch 
de ongerechtigheid van uw knecht weg, want ik heb zeer dwaas gehandeld1Kron.21: 7,8.
David had berouw over zijn ongerechtigheid, beleed zijn zonde en sprong net als Mozes op de bres voor zijn volk.
Maar toch diende er nog steeds losgeld te worden betaald om de plaag die over het volk was gekomen tot stilstand te brengen: “Toen zei de engel van de Heer tegen Gad dat hij tegen David moest zeggen dat David de heuvel op moest gaan om voor de Heer op de dorsvloer van Ornan, de Jebusiet, een altaar op te richten1Kron.21: 18.
De prijs voor de dorsvloer was 600 sikkel goud [1Kron.21: 25].
“Vervolgens bouwde David daar voor de Heer een altaar, en bracht brandoffers en dankoffers. Toen hij de Heer aanriep, antwoordde Hij hem door vuur uit de hemel, op het brandofferaltaar. Daarna zei de Heer tegen de engel dat hij zijn zwaard weer in zijn schede moest steken” 1Kron.21: 26, 27.
Hoewel het volk niet rechtstreeks schuldig was aan Davids overtreding, kwam het wel onder de vloek. En dàt illustreert hoe de verzoening van de zonde van onwetendheid werkt en hoe het losgeld weer ten dienste staat van de herstelde relatie en ontmoeting tussen de Heer en Zijn volk: “U moet het geld ter verzoening van de Israëlieten nemen en het bestemmen voor de dienst van de tent van ontmoetingExod.30: 16.
Wie het idee mocht krijgen dat het offer tot verzoening van alle zonden kon leiden, vergist zich. Offers mochten alleen gebracht worden voor zonden die onopzettelijk en dus in onwetendheid bedreven waren [Lev.4: 2; 5: 15,18; 22: 14; Num.15: 24-29; 35: 11,15].
Voor zonden ‘met opgeheven hand’, die het karakter van een bewuste, openlijke opstand tegen de Heer droegen, was geen verzoening mogelijk [Num.15: 30].
Op tal van vergrijpen, zoals het bedrijven van afgoderij, het vervloeken van z’n ouders en echtbreuk stond de doodstraf. De offerdienst ging niet over dergelijke zware vergrijpen, maar was gericht op verzoening van zonden, die in dwaling begaan en daarom minder zwaar aan te rekenen waren. We mogen aannemen dat zoenoffers vaak gebracht werden zodra men zich van dergelijke ongerechtigheden bewust werd [Lev.4: 13]. Maar voor wie dit niet gold, was er eens in het jaar Grote Verzoendag, waarop voor ieder een zondeoffer gebracht diende te worden.

Voorop ging de hogepriester met zijn familie [Lev.16 ; 6]; zelfs een ‘heilig’ mens als hij kon niet blijven leven zonder zondoffer. Er werd dus een zondoffer gebracht door achtereenvolgends de hogepriester, de gehele gemeenschap van Israël, de leider van het volk en vervolgens de ‘gewone’ man uit het volk [Lev.4: 3vv, 13vv, 22vv en 27vv].

de eerste Liefde

Het inwijdingsritueel -de priesterwijding van de [hoge-]priesters in Leviticus 8 geeft wèl aan hoe gewichtig de heiliging en heiligheid voor de priesters was.
Zij moesten verzoend worden voorafgaand aan het moment dat zij ‘hun arbeid‘ konden aanvangen [Lev.8: 34]. Daarom bidden priesters voorafgaand aan de Goddelijke Liturgie een vrijwaring’s-gebed.

Geboorte van onze Heer & Verlosser, Jezus Christus

Christus Jezus, is de mensgeworden Zoon van God. Wie onze Heer Jezus Christus aanneemt wint daardoor tegelijk de geneugten van het kind van God, waarbij God, de Vader van de mensheid wordt beschouwd.
De Heilige Geest reageert op onze overgave en doet ons opnieuw geboren worden. Wanneer men de deur van z’n hart ontsluit, de Tempel ‘in’ onszelf, dan
komt de Heer ook werkelijk binnen.
Christus klopt niet voor niets aan de deur van ons hart. Hij wil niets liever dan bij ons binnenkomen dan dat wij persoonlijk bereid zijn Hem binnen te laten.
Soms lijkt het opnieuw geboren worden op een zware bevalling, als de overgave maar zó-zó [= vaag] is of als er bepaalde ongerechtigheden niet opgeruimd worden.
Maar wordt men ‘radicaal‘, dan breekt het ‘Licht’ in volle kracht door.
Christus zal ons tot duizelingwekkende hoogte voeren en ons in Hem mede een plaats geven in het Koninkrijk der Hemelen.
En wat dienen wij hier tegenover te stellen?
Niets, helemaal niets.
“       God echter, Die rijk is aan erbarmen, heeft, om Zijn grote Liefde, waarmee Hij ons heeft liefgehad, ons, hoewel wij dood waren door de overtredingen mede levend gemaakt met Christus, – door Genade zijt gij behouden – en heeft ons mede opgewekt en ons mede een plaats gegeven in de hemelse gewesten, in Christus Jezus, om in de komende eeuwen de overweldigende Rijkdom van Zijn Genadegaven te tonen naar [Zijn] Goedertierenheid over ons in Christus Jezus. Want door Genade zijt gij behouden, door het Geloof en dat niet uit uzelf: het is een Gave van God; niet uit werken, opdat niemand zal roemen. Want Zijn maaksel zijn wij, in Christus Jezus geschapen om goede werken te doen, die God tevoren bereid heeft, opdat wij daarin zouden wandelen” Eph.2: 4-10.


Dit wordt echter niet door iedereen gewaardeerd, het afgesneden zijn van God en het slechts voor de wereld [het gaan voor ‘onbeperkt genot‘ en slechts ‘leven, gericht op de wereld‘] betekent de dood en dàt kàn ons nog wel heel eens erg gaan opbreken en in de weg gaan zitten.
Ook Koning David onderkende dit en sprak: “     Heer, hoe talrijk zijn mijn verdrukkers; hoevelen staan tegen mij op ! Velen zeggen over mijn ziel: Er is geen verlossing voor hem bij zijn God. Maar Gij, Heer, zijt mijn beschermer: mijn Glorie, die mij het hoofd doet verheffen. Met mijn stem roep ik tot de Heer en Hij verhoort mij vanaf Zijn heilige berg. Ik had mij neergelegd om te slapen: ik kon weer opstaan, omdat de Heer mij beschermt. Ik heb geen vrees voor de duizenden uit het volk, die mij van alle kanten omringen” Psalm 3: 1-6.

Logo AOKN

De Geboorte van Christus is een Trinitaire verzoening:
Met God; Met Onszelf en Met de Anderen” [citaat ‘Antiocheense’ Orthodoxe Kerk in Nederland].
De Ark van het Verbond is bij uitstek de typering van “Christus Geboorte“.
De komst van de Messias heeft immers tot doel gehad God Zijn zetel te laten innemen in het Hemels Jeruzalem.
De weg daar naar toe wordt echter door ongehoorzaamheid, al struikelend en
door vergrijp onderbroken, daarom is het goed jezelf in samenhang met de anderen in je omgeving te verzoenen.
het Boek der Wijsheid van Salomo laat zien dat heiliging, heiligdom en de heiligen bekend zijn, manifest en vervuld worden in het Koninkrijk van God.
De boodschap herinnert ons eraan dat “de Allerhoogste voor hen zorgt” door Zijn Goddelijke Voorzienigheid stort Hij Genadegaven en gunsten uit over Zijn Kerk.
Dit geschenk wordt aangeboden aan alle mensen, met inbegrip degenen, die zich als wij, [orthodoxe] christenen noemen – in Genadegaven maakt God echt geen onderscheid.
In de Goddelijke Liturgie, neemt de priester, aan het einde van anaphora, het Lam in beide handen en maakt daarmee het teken van het kruis over de diskos, zeggende: “Het Heilige voor de heiligen”, hetgeen een uitnodiging is tot zelfonderzoek: “ Wie dus op onwaardige wijze het brood eet of de beker des Heren drinkt, zal zich bezondigen aan het Lichaam en Bloed des Heren.
Maar ieder dient zichzelf te beproeven en dient eerst dan van het brood te eten en uit de beker te drinken. Want wie eet en drinkt, eet en drinkt tot zijn eigen oordeel, als hij het lichaam niet onderscheidt. Daarom zijn er onder u velen zwak en ziekelijk en er ontslapen niet weinigen.
Indien wij echter onszelf beoordeelden, zouden wij niet onder het oordeel komen.
Maar onder het oordeel des Heren worden wij getuchtigd, opdat wij niet met de wereld zouden veroordeeld worden
” 1Cor.11: 27-32.
De mensen, het God’s-Volk reageren:
” Eén is heilig, één is Heer: Jezus Christus, tot heerlijkheid van God de Vader. Amen”.

— Theotokos van het teken —

Wanneer de Ark van het verbond al niet aan bederf onderhevig was/is,
hoeveel te meer dient ‘de Theotokos’ de Moeder Gods onvergankelijk te zijn;
degene die in zich de Schepper van het Leven heeft gedragen kon het bederf van het graf niet ervaren.
De intocht van de ark naar Jeruzalem, de heilige stad was voor haar inwoners al een reden voor een feestje, derhalve diende het feest van de ontslaping en de daaropvolgende opname in de Koninkrijk der Hemelen een herhaald Hoogfeest worden waarbij grote vreugde geuit werd.
In het Evangelie van het hoogfeest van de Ontslaping van de Moeder Gods wordt in de beschrijving van Lucas aan de hand van verschillende verwijzingen duidelijk gemaakt dat de Theotokos – de ‘ware’ Ark van het Verbond is.
“     Maria dan maakte zich op in die dagen en reisde met spoed naar het bergland naar een stad van Juda. En zij ging het huis van Zacharias binnen en groette Elisabeth. En toen Elisabeth de groet van Maria hoorde, geschiedde het, dat het kind opsprong in haar schoot, en Elisabeth werd vervuld met de Heilige Geest.
En zij riep uit met luider stem en sprak: ‘Gezegend zijt gij onder de vrouwen en gezegend is de Vrucht van uw schoot. En waaraan heb ik dit te danken, dat de moeder van mijn Heer tot mij komt? Want zie, toen het geluid van uw groet in mijn oren klonk, sprong het kind van vreugde op in mijn schoot. En zalig is zij, die geloofd heeft, want wat vanwege de Heer tot haar gezegd is, zal volbracht worden’.
En Maria zei: ‘Mijn ziel maakt groot de Heer en mijn geest heeft zich verblijd over God, mijn Heiland, omdat Hij heeft omgezien naar de lage staat van zijn dienstmaagd. Want zie, van nu aan zullen mij zalig prijzen alle geslachten, omdat grote dingen aan mij gedaan heeft de Machtige. En Heilig is Zijn Naam en Zijn Barmhartigheid van geslacht tot geslacht voor wie Hem vrezen. Hij heeft een krachtig werk gedaan door zijn arm en Hij heeft hoogmoedigen in de overlegging van hun harten verstrooid; Hij heeft machtigen van de troon gestort en eenvoudigen verhoogd, hongerigen heeft Hij met goederen vervuld en rijken heeft Hij ledig weggezonden. Hij heeft Zich Israël, Zijn knecht, aangetrokken, om te gedenken aan barmhartigheid, – gelijk Hij gesproken heeft tot onze vaderen – voor Abraham en Zijn nageslacht in eeuwigheid’.
En Maria bleef ongeveer drie maanden bij haar en keerde terug naar haar huis
“ Luc.1: 39-56.

Het Mysterie van de Tempel – het wonen van God hier op aarde, de ontmoeting van God met de mens – heeft Zich ‘in‘ Maria, hoedster van het Lichaam van Christus vervult. God woont werkelijk in de mens en is in/met ons tegenwoordig op de aarde. De Theotokos is ons voorbeeld en wordt derhalve de ark, “Tent van God”… genoemd.
De heilige Augustinus zegt: “Nog voordat zij de Heer in haar lichaam ontving, had zij Hem reeds in haar ziel ontvangen”. Zij had voor Hem reeds haar ziel geopend en werd aldus de waarachtige Tempel, waarin God als Mens op deze aarde tegenwoordig kwam.

Kerk van mensen

   Op deze wijze is in de Moeder Gods, Gods woning onder de mensen, reeds zijn eeuwige woonplaats voor altijd voorbereid.
De Theotokos is “eeuwig gelukkig [gisteren, hier en nu en in het hiernamaals]”, omdat zij – op volmaakte wijze met ziel en lichaam – de woning van de Heer is geworden…
De Moeder Gods geleidt ons, wijst ons de weg door het leven, toont ons hoe wij zalig kunnen worden en de weg naar de Hemelse Grootheid en de Kracht en de ‘Heer’-lijkheid kunnen vinden.
⁌  Dit is de ‘enige’ reden waarom wij [Orthodoxe] Christenen het feest van de ontslaping van de Theotokos vieren; los van het feit dat de Griekse geestelijkheid dit feest heeft doen omslaan naar een nationaal ‘bevrijding’s’-feest, vanwege de overwinning op de Moren.

‘υψώστε-την-ελληνική-σημαία-παντού’- ‘hef overal de Griekse vlag op’, óké, echter doe dat in je ‘eigen land’ en niet in de Kerk – het bevorderd alleen maar het nationalistisch gevoel binnen de Kerk !!! – en dat is nu juist ‘niet‘ de bedoeling.

Niet-Grieken beschouwen dit als een oneigenlijk ‘mis’-bruik van dit Hoogfeest vanuit politieke overwegingen en ergeren zich mateloos wanneer na afloop van de Liturgie politici worden ontvangen en onder hevig vlag-vertoon het Griekse Volkslied wordt gezongen. Nationalisme en al haar machtsvertoon heeft de Kerk, het Lichaam van Christus verziekt/verontreinigd.
Christus heeft ons in deze geboden: “Zeker, zalig, die het Woord God’s horen [bestuderen] en het bewaren! Luc.11: 28.
Wanneer we dit realiseren, zullen ook wij delen in dezelfde glorieuze Hemelse zaken als die de Theotokos ten deel zijn geworden.
Dus “  zoekt eerst Zijn [Hemels] Koninkrijk en Zijn gerechtigheid en dit alles zal u bovendien geschonken worden” Matth.6: 33.
De Kerk en haar diensten zijn er om het volk te onderwijzen en laat je a.u.b. niet in de war brengen door nationale voorkeuren.
⁌  De Apostelen werden uitgezonden tot degenen, die zij als priester hadden aangesteld en hebben daarbij slechts een gedeeltelijke bevoegdheid ontvangen.
Ze kregen daarbij ‘niet’ de macht om de bijzondere genadegaven eenzijdig naar zich toe te trekken, die God, door de Heilige Geest, slechts aan diep gelovigen onder hen verleent en datgene verstrekt wat hen ten dienste staat om de zending van Christus te bewerkstelligen en het opbouwen van het Rijk Gods apostolaat te sturen – en niet om dit te doorkruisen en in verwarring te brengen.
De gekoesterde nalatenschap van de Apostelen, die normaliter de ‘Apostolische Successie’ wordt genoemd, is slechts de overdracht van de Genadegaven van het priesterschap, die de Heilige Geest op Pinksteren heeft doen neerdalen.
Het vermogen wat hen via de ‘Apostolische Successie’ is toebedeeld is slechts het toezicht deze staat van het werk van de apostelen en de Heiland Genadig [door de Heilige Geest ondersteund] voort te zetten, d.w.z. toezicht op de heiliging en de daarbijbehorende prediking van de Kerk en daartoe voor de wereld de pastorale autoriteit te vormen.
De geestelijkheid heeft via haar [Mystieke] wijding de taak/macht van de Waarheid van het Geloof onveranderd te houden en is te toetsen aan de Waarheid, dewelke door de menswording van Christus en Zijn Blijde Boodschap is geopenbaard.
Het is derhalve beslist niet de bedoeling dat degenen, die als toezichthouder zijn aangesteld, zich met bestuurlijke aangelegenheden van de individuele christelijke  gemeenschap gaan bezighouden, dat is de bevoegdheid van de priester in samenspraak met het gemeenschapsbestuur.
Dat er in de tegenwoordige tijd Patriarchaten en bisschoppen zijn, die zich al dan niet laten financieren door de staat of hier zelfs eigenmachtig financiële leningen voor afsluiten is derhalve geheel in strijd met de hun toegewezen bevoegdheden!!! Dat is hun wereldse toegeëigende natuur en niet van ‘God’ afkomstig.

kerk van mensen

– De Kerk wordt via verzamelde gelovigen, de potentiële dragers van het Allerheiligste, in door hen opgezette gemeenschappen opgebouwd en vervolgens voorzien van een geestelijk bewindvoerder [priester, met een, door het volk gekozen, bestuur] en niet van bovenaf geïnitieerd. De door wereldse machthebbers [ Constantijn (Oost) en Charlemagne (West)] ingevoerde institutionalisering is slechts een hulpmiddel geweest welke van bovenaf werd aangereikt om te komen waar we ‘hier en nu‘ anno 2018 zijn aangekomen – hetgeen echter in de ‘harten van de gelovige mensen‘ als achterhaald wordt beschouwd! Het Kerkvolk heeft genoeg van politieke agenda’s en machtsvertoon, wordt dit niet de rug toegekeerd, dan volgt een nog grotere massale leegloop en trekt de mens zich terug in ‘huiskamerbijeenkomsten’.
⁌ De Kerk speelt een Heil’s-bemiddelende rol tussen God enerzijds en de mensen anderzijds, gelovigen en ongelovigen; dit is de oorspronkelijke ecclesiologie en communion, welke aansluit bij de heilige Traditie en de canonieke praktijk van de Orthodoxe Kerk !!!
      Maak er ernst mee u wel beproefd ten dienste van God te stellen, als een arbeider, die zich niet behoeft te schamen, doch rechte voren trekt bij het brengen van het Woord der Waarheid“ 2Tim.2: 15.
En het geschiedde, toen Hij deze dingen sprak, dat een vrouw uit de schare haar stem verhief en tot Hem zei:  Zalig de schoot, die U heeft gedragen, en de borsten, die Gij hebt gezogen. 
Maar Christus zei:  ‘Zeker, zalig, die het woord Gods horen en het bewaren’Luc.11: 27-28.

Apolytikion     tn.4.
“     Heden viert het Orthodoxe Volk heet stralend feest van uw komst.
En staande voor uw reine Icoon roepen wij smekend tot u:
Verlos ons uit alle nood en
bid tot Uw Zoon, Christus God,
om onze zielen te redden”.

Kondakion     tn.3.
“    Heden staat de Maagd voor het altaar,
om onzichtbaar met alle heiligen voor ons te bidden tot God.
De Engelen buigen samen met de Hogepriesters
en de Apostelen juichen met de Profeten.
Want zij, uit wie God geboren is,
smeekt tot God, Die is voor alle eeuwen”.

Oktober de 26e Heilige Dimitrios de Myronvloeiende van Thessalonika

De Heilige Dimitrios is weliswaar een heilige jongeling, die in zijn stad op handen wordt gedragen, maar er is nog meer.
Echter eerst een korte levensbeschrijving – wie meer wil weten dient de vorige jaargangen er maar op na te slaan:
De H. Dimitri werd zo rond 280/284 na Christus geboren en ging  ± 303/305 na Christus hemelen. 
Dimitri was een afstammeling van voorname afkomst en werd al vroeg opgenomen in het machtige leger van de keizer, zodat hij op 22 jarig leeftijd reeds de rang verkreeg van kapitein in het Romeinse leger.
Hij begon zijn aanzienlijke carrière onder keizer Galerius Maximianus en nam in die periode kennis van de Blijde Boodschap van onze Heer Jezus, onze Verlosser. Hij had dus al vroeg inzicht dat er geen heil en zegen te behalen valt in uiterlijk machtsvertoon, mooie kleding en aanzien.
Hij legde zich erop toe zich de Goddelijke Leer eigen te maken en dit toe te passen in zijn manier van omgang met z’n ondergeschikten; hij had het dus niet ‘hoog in de bol’, zoals men dat tegenwoordig noemt.
Hij ging hier zover mee dat hij weigerde zich als officier ondergeschikt op te stellen aan z’n despota*, de keizer, die werd opgevolgd door Diocletianus, bekend om zijn Christenvervolging.
* Despotisme is een regeringsvorm waarbij één persoon of een kleine groep personen de absolute macht heeft, die naar willekeur kan worden toegepast. Het gaat hierbij dus om een autocratie, oligarchie, tirannie of dictatuur.
                   U ziet het al aankomen, ook hij onderging het martelaarschap en werd gevangen gezet teneinde zijn inzichten de kop in te drukken.
Uit de geschiedschrijving en de mondelinge overlevering [traditie] is bekend geworden dat hij in de gevangenis zijn leerling Nestor zegende en dat die daarop de heidense worstelaar Lyeos versloeg de oogappel van de Keizer.
Je ziet het aloude thema ook dezer dagen terugkeren opper-toezicht-houders, zoals de keizer omringen zich van lievelingetjes, die hen alle lof toezwaaien en voor hem als despoot, de hete kolen uit het vuur halen.
De gramschap was derhalve alom – Nestor werd onthoofd en Dimitri legde het loodje als gevolg van een doodsstek in het hart.

In Thessaloniki werd de heiligenverering, die in latere eeuwen hierop volgde aangevoerd door de H. grootmartelaar Eustathios [Άγιος Ευστάθιος, 20 sept], de H. theoloog van het Hesychasme Gregory Palamas [Άγιος Γρηγόριος Παλαμάς, 14 Nov] en de geestelijke Byzantijns politicus en  Theoloog en astronoom Dimitrios Chrysoloras [Δημήτριος Χρυσολόρας]. Al deze niet te versmaden wetenschappers luisterden naar de ons bekende door Christus verkondigde nieuwe en boeiende openbaring:
        Je zult lijden aan datgene wat Job in de oude dagen geleden heeft, maar uiteindelijk zul je de tegenstrever en zijn trawanten verslaan … je zult het gevecht aangaan op de weg van deugd.
Laat daarom slechts de Wil van de Heer, uw God boven alles geschieden
”.
In de strijd om de Waarheid lieten zij zich alles gebeuren, zij droegen stilzwijgend de last van het lijden [het Kruis] – bestreden aldus vreselijke misvormingen [ziekten] en brachten de mens terug naar het oorspronkelijk beeld van hun Schepper. Hoewel zij tijdens hun leven gewond en beproefd  overleefden, bleven zij het kleed van Christus, verkregen bij hun doop moedig dragen en staken daarbij af ten opzichte van hun rijke, onervaren overheersers, die arm en zielig op afstand bleven van het grote geluk, hetgeen Christus ons biedt wanneer wij standvastig zijn in de leer.

christelijke heilsgeschiedenis [zakformaat]

Doorheen de geschiedenis met de mensheid bouwt God aan een steeds sterkere tegenwoordigheid van Hemzelf op aarde, onder de mensen. Hij begon met Zich aan een enkel individu bekend te maken: Abraham. Daarna sprak God tot enkele profeten, waaronder Mozes en Elia. Daar bleef het bij. Slechts een zeer kleine groep ingewijden kenden God persoonlijk. Zelfs het volk Israel kende God niet. Hij bleef altijd op een afstand van hen; zij zagen Zijn wonderen, maar hadden geen hart’s-relatie met Hem. Dit was het begin van Gods werk op aarde: Hij openbaarde Zich aan enkele Profeten. Maar doorheen die Profeten voorspelde Hij dat er een tijd zou komen dat Hij Zijn Geest zou uitstorten over alle mensen en dat iedereen Hem heel persoonlijk zou kunnen leren kennen. Zo kondigde Christus aan dat Hij niet langer in stenen gebouwen zou wonen, maar in elke mens die Hem liefheeft. Zo daalde Jezus Christus op aarde neer en maakte ons mensen duidelijk dat God van alle mensen houdt en de Vader van alle volkeren wil worden. Hij zei tegen de Joden dat afstamming van Abraham iemand niet tot een kind van God maakt, maar gehoorzaamheid aan God.
Hij zei: “Mijn moeder en mijn broeders [zusters] zijn zij die naar het Woord van God luisteren en ernaar levenLuc.8: 19. Tegen de Joodse leiders die er prat op gingen dat ze Abraham als aartsvader hadden, zei Jezus zelfs:
De duivel is uw vader en wat uw vader wil, wilt u ook graag doenLuc.8: 44.
Onze Heer en Verlosser maakte duidelijk dat alleen gehoorzaamheid aan God iemand tot kind van God maakt en niet onze natuurlijke afstamming. Zo opende Christus, de Zoon van God de hart’s-relatie met God voor alle mensen ter wereld. Onze Heer Jezus Christus stierf vervolgens als Verlosser voor alle mensen en baande zó de weg voor iedereen om verlossing en vergeving te ontvangen en een kind van God te worden. Dat is het begin geworden van Gods grote plan met de gehele mensheid.

Terug naar de verering van de Heilige Dimitrios de Myronvloeiende van Thessalonika. Zijn later levende naamgenoot Dimitrios Chrysoloras, maakte

Crypte van Sint Demetrius, in de kerk gewijd aan de martelaar

bekend dat het lichaam van de heilige Dimitrios werd begraven op de plaats waar de H. Dimitrios het martelaarschap onderging en dat zijn graf daarop werd opgehemeld vanuit  een diepe put [een bron, zoals die van de vrouw aan de bron, Photini/Svetlana] die Myron voortbracht, vandaar dat de naam Dimitrios verbonden wordt met het vloeien van Myron, daarom is het ‘Myron-vloeiende’ aan de naam van deze Heilige toegevoegd.
Op Byzantijnse iconen en hedendaagse iconografie wordt Agios Dimitrios daarop meerdere malen als een ruiter op een rood paard uitgebeeld, die de ongelovige Lyeos, een vechtmachine verslaat.
De gelijknamige kerk is in zijn woon- en verblijfplaats gelegen boven het graf, in de kelder kun je de bron, de myronvloeiende put bewonderen..

Saint Dimitrios, de Myronvloeiende met zijn medebroeders de heiligen Lupus & Nestor

De 26e Oktober is de belangrijkste dag voor Thessaloniki, want het feest van de beschermheilige van deze stad is in de vorige eeuw tevens verbonden met de bevrijding van de stad in 1912.  De twee Balkanoorlogen in de vroege 20e eeuw hebben Griekenland in staat gesteld hun vrijheid te heroveren en op sommige plaatsen hun vroegere grondgebied sterk uit te breiden.
Een daarbij ontstaan fenomeen is de belangrijkste verwezenlijking en behorend tot het “natuurlijk kapitaal” van Thessaloniki, het gebied van Macedonië.
De stad neemt hierin een opmerkelijke strategische positie in, die tot op de dag van vandaag een belangrijke rol speelt in het eergevoel en de geschiedenis van de Grieken. alleen al de naam Macedonië roept bij vaderlandslievende grieken hevige emoties op.

Toch is het niet alleen in Thessaloniki van het huidige Griekenland waar Mystieke [wonderbaarlijke, bovennatuurlijke] dingen plaats vinden.
Dit mag blijken uit het hetgeen wordt vermeld in het tijdschrift “Moldavië ortodoxă” [“Orthodox Moldavië”. Dit toch ver van Thessaloniki verwijderd en min of meer onder Roemenië beschouwd wordend, maar afgescheiden land richting de Oekraïne bevindende land, maakt nieuws met het volgende:
Een fresco van de Heilige Dimitrios verandert onafgebroken op Mystieke [wonderbaarlijk, bovennatuurlijke] wijze“.
De fresco, die de H. Dimitrios voorstelt werd meerdere eeuwen geleden geschreven [geschilderd] als hagiografisch eerbetoon in het KURK-klooster van Moldavië, gelegen in het orgeëvskom-gebied, 40 km ten noorden van de hoofdstad Chisinau.
Herhaaldelijk is geprobeerd de beeltenis aan het oog te onttrekken, daartoe werd het in de Sovjettijd geheel zwart gemaakt door het met pek te besmeuren.
De Heilige Dimitrios  staat aan de buitenkant van de monastieke ommuring afgebeeld en staat daarom bloot alle wind, regen, sneeuw en de zon. En desondanks heeft de natuur weinig invloed op het uiterlijk van de muurschildering.
Net als andere fresco-creaties is de beeltenis van de H. Demetrios gewoon geschreven [geschilderd] vanuit een ruwe pleisterlaag, die in water is aangemaakt. Natuurlijk zijn de sporen van de tijd zichtbaar, maar er zijn slechts kleine scheurtjes en en een licht verkleuring van de gebruikte pigmentverf.
De H. Demetrios zou de gelovigen vanuit de bedekkende duisternis blijven danken voor hun gebed in de periode dat het Sovjetbewind de boventoon voerde.
Aan het eind van de jaren vijftig vond in Moldavië een enorme vervolging plaats, waarbij kloosters en gebedshuizen met de grond gelijk werden gemaakt. Aan dit trieste lot kon ook dit klooster van Kurk niet ontkomen. De monniken en iconen, evenals de rest van al wat het klooster aan bezit had, verdween naar onbekende streken. En het klooster werd ingericht tot een ziekenhuis voor geesteszieken en voor alcohol-verslaafden.
Maar muurschildering was op natuurlijke wijze onmogelijk te verwijderen en daarom werd het met pek aan het oog onttrokken.
En dit had tot gevolg dat het overheersende regiem er niet in geslaagd is de H. Dimitrios, ‘de Myronvloeiende’ – ‘vanuit de duisternis’ zal deze grote heilige zonder twijfel degenen, die belast en beladen in het ziekenhuis verbleven, hebben bijgestaan.
– in de jaren zestig werd de pek eerst nog met een zwarte verf van onbekende oorsprong overdekt, zo verklaart de momenteel in het klooster verblijvende monnik Abraham.
En op de plaats van de beeltenis werden allerlei affiches betreffende plaatselijke evenementen op- geplakt, het werd een commerciële reclamezuil.
Maar na een lange tijd niet gebruikt te zijn begonnen deze affiches te verbleken en bleef slechts de zwarte verf als herinnering over – om te voorkomen dat het geen gezicht meer was namen de 
atheïsten/niet-in-God gelovigen borstels om het nog enigszins aantrekkelijk en schoon te houden.
Maar na verloop van een paar jaar, begon het silhouet van de martelaar periodiek zichtbaar te worden – wanneer er ’s-avonds auto’s met hun koplampen de zwarte plek beschenen en werd deze heilige keer op keer waargenomen.
Men probeerde het opnieuw te bedekken, doch de beeltenis kwam telkens weer terug, weliswaar verdekt opgesteld een beetje wazig, maar toch kon je zijn gekleurde rode kleding waarnemen.
Er zijn nog twee fresco’s van heiligen in het gebied van het gebedshuis van het klooster, die ze eveneens hebben overschilderd. Volgens de waarnemingen an de omwonende bevolking waren ook deze met pek bewerkt om ze te “verstoppen”, maar die waren in de loop der tijd opgelost, totaal verdwenen, waarschijnlijk door de inwerking van de pek.
Maar deze afbeelding had daar geen enkele moeite mee en kwam net zo gemakkelijk door de zwarte smurrie heen alsof hij net geschreven [geschilderd] was. Het is zelfs zo dat eenieder die momenteel langskomt de beeltenis van de H. Dimitrios, de Myronvloeiende in alle Glorie van de almachtige God kan waarnemen.
De sterk gelovige monnik Abraham verklaart:
De werking van deze fresco is een Mysterie, een bovennatuurlijk God’s-wonder; het is God, Die dit soort dingen mogelijk maakt.
Het feit dat de beeltenis – keer op keer- aan de oppervlakte kwam, ondanks de kwalijke bedoelingen van het volk, betekent maar één ding:
de plaats van deze beeltenis heeft dankzij God rust gevonden bij de ingang van dit klooster.
De beeltenis en de kracht van het getuigenis van de H. Dimitrios kunnen zijn grote voorbeeld aan de wereld onmogelijk vernietigen. Zelfs toen de icoon van deze heilige bijna volledig van de buitenwereld afgesloten was is hij niet opgehouden de belaste en beladen zieken te genezen,
de eer komt onze Heer en Verlosser, Jezus Christus toe.
Deze fresco is een bloedeloze getuigenis, zij voegt iets aan de getuigenis van de Heilige Dimitrios toe. De stilte van deze getuigenis aan de wereld, laat daarom ook heden-ten-dage onmiskenbaar de kracht van God zien“.

Apolytikion     tn.3.
    In u heeft de wereld gevonden
een machtige verdediger uit elk gevaar.
En zoals gij Lyeos hoogmoed in de arena hebt neergehaald
door Nestor te bezielen met uw moed,
Grootmartelaar Dimitrios, smeek voor ons om grote Genadegaven
”.

Kondakion     tn.2.
    Door de stroom van uw bloed
hebt u de Kerk met kostbaar purper getooid
heilige Martelaar Dimitrios.
De Heer heeft u onoverwinnelijke macht geschonken,
bewaar daarom uw woongemeenschap ongedeerd,
want U bent onze toevlucht
”.

Orthodoxie & vrijheid van keuze om in ieder geval iets te ondernemen

          – Iιησούς Xρήστος, κυρίως να μην διώχνουμε τον Xριστό;                                                  – Jezus Christus, Heer en Meester, Die niet te verloochenen is.

    En het geschiedde, terwijl Hij ergens in gebed was, dat een van zijn volgelingen, toen Hij ophield, tot Hem zei:
       Heer, leer ons bidden, zoals ook Johannes zijn discipelen geleerd heeft.
Hij zei tot hen: Wanneer gij bidt, zegt:
‘Vader, Uw Naam dient geheiligd te -worden; uw Koninkrijk zal komen;
geef ons elke dag ons dagelijks brood; en  vergeef ons onze zonden, want
ook wijzelf vergeven een ieder, die ons iets schuldig is;  en leid ons niet in verzoeking’.

En Hij zei tot hen: ‘Wie van u zal een vriend hebben, die midden in de nacht bij hem komt en tot 
hem zegt: Vriend, leen mij drie broden, want een vriend van mij is op zijn reis bij mij aangekomen en ik heb niets om hem voor te zetten; en dat dan hij, die binnen is, zou antwoorden en zeggen: Val mij niet lastig, de deur is reeds gesloten en mijn kinderen en ik zijn naar bed; ik kan niet opstaan om ze u te geven.
Ik zeg u, zelfs al zou hij niet opstaan en ze geven, omdat hij zijn vriend was, om zijn onbeschaamdheid zou hij opstaan en hem geven, zoveel hij nodig heeft.
En Ik zeg u: Bidt en u zal gegeven worden; zoekt en gij zult vinden; klopt en u zal opengedaan worden.
Want een ieder, die bidt, ontvangt en wie zoekt, vindt en wie klopt, hem zal opengedaan worden’Luc.11: 1-10.

      Indien gij met Christus afgestorven zijt aan de wereldgeesten, waartoe laat gij u, alsof gij in de wereld leefde, geboden opleggen: raak niet, smaak niet, roer niet aan; dat alles zijn dingen, die door het gebruik teloorgaan, zoals het [nu eenmaal] gaat met voorschriften en leringen van mensen.
     Dit toch is, al staat het in een roep van wijsheid met zijn eigendunkelijke godsdienst, zijn nederigheid en zijn kastijding van het lichaam, zonder enige waarde [en dient slechts] tot bevrediging van het vlees.
        Indien gij dan met Christus [door de doop met de Heilige Geest] opgewekt zijt, zoekt de dingen, die boven zijn, waar Christus is, gezeten aan de rechterhand van God.
        Bedenkt de dingen, die boven zijn, niet die op de aarde zijn. Want gij zijt gestorven en uw leven is verborgen met Christus in GodCol.2: 20-3: 3.

Mocht u allen nog steeds de indruk bezitten dat er geen Goddelijke Voorzienigheid bestaat – lees dan bovenstaande lezingen uit de kalender van vandaag.

Als vanouds bezitten wij nog steeds de rustdag, de dag van de Opstanding van Christus, welke gevierd wordt met de Goddelijke Liturgie voorafgegaan door de Vespers en de Metten. Daar hebben wij wekelijks de mogelijkheid door te communiceren een Heilige ontmoeting met onze Heer en Verlosser te genieten.
        Het geheel wordt ingezet door de oproep “ Gezegend is het Koninkrijk, van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest, nu en altijd en in de eeuwen der eeuwen  en is er sprake van een heilige samenkomst.

        Al vanaf onze voorvaderen Abraham [Hebr.= ‘vader/aanvoerder van een menigte’],  Isaäc [Hebr.= ‘hij lacht’] en Jaäcob [Hebr.= ‘hij die de hiel vastgrijpt, onderkruiper’] vindt er een offer plaats. Wij herinneren ons immers allen de indrukwekkende geschiedenis van Abraham, die opdracht kreeg zijn zoon Isaäc te offeren.
Ons wordt een voorvader voorgehouden, die al heel snel klaarstaat om terug te keren naar een kind-offer,  Abraham was immers bekend met de manier waarop zijn naaste volkeren de Moloch Baal [‘de God van het vuur aan wie kinderen werden opgeofferd‘], die de wereldse god aanbaden.
     We slaan een zucht van verlichting wanneer door de ingreep van de Engel dit kind-offer voorkomen werd.
        Later vecht Isaäc met dezelfde engel en dit wordt eveneens opgevat als een gevecht met God.  Na de invoering van het onbloedige offer van de Goddelijke Liturgie bleef onder het volk onbewust een herinnering aan de bloedige offers van hun voorvaderen bestaan, al dan niet met de gedachte aan verzoening met de één of andere godheid die voorheen werd gediend.
        In dit soort en bovenstaande lezingen vereenzelvigen wij ons met de hoofdpersonen en beseffen maar al te goed dat we een zondig en idolaat volk zijn, die de voorkeur geven aan het overleven in de wereld om ons heen – in plaats van God, de plaats te geven die Hem toekomt als Heer en Meester van ons leven.

        Enerzijds geeft het ons een gevoel van tevredenheid en blijheid wanneer wij belast en beladen zijn en we desondanks rust kunnen vinden – anderzijds hebben we geen behoefte aan troost en blijven met vragen rond het Mysterie achter.
       En slechts heel langzaam dringt de waarachtige stem van God tot ons door, Die zegt: “Ik wil niet dat je jouw kind [dat simpel gelovige kind in je] voor Mij doodt”.
En je mag  je vervolgens afvragen: is het mes daar nog steeds?
Hangt dat mes van Damocles niet onophoudelijk boven ons hoofd? Zijn we nog steeds in de ban van de stem van dubieuze goden die ons verleiden tot het plegen van vreselijke acties tegen het kind in ons.

       Laten we kijken wat zich in onze handen bevindt, hebben wij nog steeds het mes vast? Zadelen wij onze kinderen niet op met de gruwelen van onze tijd als de verschrikkingen van volwassenen die kinderen verzoeken?
Er loopt een rode draad door de Blijde Boodschap, je ondervindt tijdelijke troost en blijft met vragen zitten. Wat weet ik van de gruwelen van onze tijd – is het mij dan niet bekend hoeveel kinderen er sterven, van wie er velen het voorschoolse tijdperk nog niet hebben bereikt?
       Wie roepen er hier om genezing, kiezen ervoor slechts naar de stem van de Ware God te luisteren en laten het onrecht over aan de Goddelijke voorzienigheid?
Abraham slaagt er in ondanks al de schijnbare absurditeit in ‘niet’ aan de verzoeking toe te geven en uiteindelijk te luisteren naar hetgeen hem door de Boodschapper God’s werd ingegeven.
God’s nadruk op de Liefde van Abraham voor Isäac [ -‘hij lacht’- ] onderstreept de emotionele verwoesting die de voorvader onvermijdelijk zal ondergaan.
Op het hoogtepunt van het verhaal verklaart de engel: ” Strek uw hand niet uit naar de jongen en doe hem niets, want nu weet Ik, dat gij godvrezend zijt, en uw zoon, uw enige, Mij niet hebt onthoudenGen.22: 12.

Onze God is een egoïstische God, Die van de mens verwacht dat deze door zijn/haar manier van handelen  laat zien dat hij/zij zijn/haar God serieus neemt.
In situaties waar ik belast en beladen wordt en rust zoek, bid ik en wacht af òf Hij mij laat zien wat ik in mijn situatie dien te doen. Je maakt er ernst mee en stelt je ten tijde van beproeving ondergeschikt als arbeider op ten dienste van je Heer en Meester [van je leven] zodat je jezelf voor niemand ter wereld behoeft te schamen, doch rechte voren trekt bij het brengen van het Woord der Waarheid.
       Met dit als fundament staan we immers vast en zeker, niet aan het wankelen te brengen, want:
    De Heer kent de zijnen en een ieder, die de naam des Heren aanroept, dient te breken met de ongerechtigheid2Tim.2: 19.
       Het heeft echter geen zin om te gaan zitten treuren over m’n zwakheid en tekortkomingen en dan maar te hopen dat er ‘zonder meer’ iets zal gaan gebeuren.

De Verzoeking en de Genadegave

Onze Heer en Verlosser onderging dezelfde zwakheid  toen Hij hier op aarde leefde; Hij kende de ernst van elke situatie. Hij wist dat Hij de dingen niet maar oppervlakkig kon benaderen indien Hij in staat wilde zijn om te overwinnen.  Zo heeft ook Christus Zichzelf niet de eer toegekend hogepriester te worden maar Hij, Die tot Hem sprak:
    Mijn Zoon zijt Gij; Ik heb U heden verwekt” en
    Ook Hij heeft gebeden -tijdens zijn dagen in het vlees- en heeft smekingen onder sterk geroep [‘met Kracht’ = ‘Dynamis‘] geuit en onder tranen aan de Vader geofferd, Die Hem uit de dood kon redden en Hij is verhoord uit Zijn angst” conf. Hebr.5: 5 en 7. Hij werd net als wij verzocht door de neiging om te zondigen door zijn menselijke natuur, maar daaraan gehoorzaamde Hij niet – Hij zondigde Nooit!
En hoe handelde Hij vervolgens, wèl geheel in de stijl van de Traditie van Zijn voorvaderen: God heeft ons van oudsher al dit Gebod opgelegd, hetgeen niet te moeilijk voor ons is en niet ver weg.
Hij heeft ons het Woord doen horen opdat wij het volbrengen:
      Dit Woord is zeer dicht bij u, in uw mond en in uw hart, om het [daadwerkelijk, door handelen] te volbrengenDeut.30: 14, want God houd ons het Leven voor en het Goede, maar ook de dood en het kwade.
God gebiedt ons Hem – als God – lief te hebben door in Zijn wegen te wandelen en Zijn Geboden, inzettingen en verordeningen te onderhouden, opdat wij [als volgelingen van Christus] leven en talrijk worden en de 
Heer, onze God, ons kan zegenen in het land, dat wij in bezit gaan nemen.
Broeders, onze Heer en Verlosser neemt al onze verzoeken met de meeste hoogachting in ontvangst. Hij maakt onderscheid en zal de tegenstrever verzoeken te vertrekken, want Hij zal Zijn plicht nakomen – Zich nimmer afkeren van Zijn Eigen Blijde Boodschap.

Bij verzoekingen luiden veelal de klokken,  zij zijn de Voorbode van een nieuw tijdperk, dus laten de partijen, die elkaar in de haren zitten zich met elkaar verzoenen – in plaats van elkaar te bedreigen.
Christus zal -en dat is voorzeker- vroeg of laat de barrières die ons scheiden wegnemen, teneinde ons in Hem te verenigen God te prijzen in alle eeuwigheid.
Laat ons daarom elkaar de familiaire vrijheid gunnen en de specifieke belemmeringen die men ons tracht op te leggen negeren, laten wij daar tevens ‘open’ over zijn, opdat de wereld zal erkennen dat er maar een Heilig is, een Heer, Jezus Christus tot Heerlijkheid van God, de Vader.
        Kom, Heilige Geest, vervul de harten van uw gelovigen, en ontsteek in hen het vuur van uw liefde.
Met andere woorden zend Uw Geest uit en alles zal herschapen worden.
Aldus daalde de Heilige Geest ‘met Kracht’ – ‘Dynamis‘ – neer op Zijn navolgelingen, zo begon de zending van de Kerk in de wereld en zal haar Verlossing over haar worden gerealiseerd.

Apolytikion     tn.4.
Over de gehele wereld is Uw Kerk
getooid met het bloed van Martelaren
als met byssos en purper
en door hen roept zij tot U, Christus God:
Zend over Uw Volk Uw Barmhartigheid neer;
schenk Vrede aan Uw wereld en aan onze zielen de grote Genade“.

byssos, het goud uit de zee

NB. byssos / byssus betreft een Grieks / Latijnse term voor fijn wit doek van plantaardige oorsprong, vandaag de dag verwijst het meestal naar zeezijde, een vezel afgeleid van het lange, zijdeachtige gloeidraad afgescheiden door het mediterrane tweekleppige schelpenschelp weekdier Pinna nobilis , waarmee het zichzelf hecht aan [ver-]harde oppervlakken.
– purper is een purperrode verfstof die in de Griekse Oudheid door Kretenzers, Feniciërs, Hebreeërs, Romeinen en Grieken werd gewonnen uit twee in zee levende slakkensoorten, de brandhoren [Bolinus brandaris].

Orthodoxie & de Heer kijkt ons nu recht in het gezicht aan.

      Alle dingen zijn Mij overgegeven door Mijn Vader en niemand weet, Wie de Zoon is, dan de Vader, en Wie de Vader is, dan de Zoon, en aan wie de Zoon het wil openbaren. En Zich afzonderlijk tot de discipelen wendende, zei Hij:
‘Zalig de ogen, die zien, wat gij ziet. 
Want Ik zeg u: Vele profeten en koningen hebben willen zien, wat gij ziet, en zij hebben het niet gezien,
en horen, wat gij hoort, en zij hebben het niet gehoord’
” Luc.10: 22-24.

 

Komt allen tot Mij

      Ook u heeft Hij, hoewel gij dood waart door uw overtredingen en on-besneden-zijn naar het vlees, levend gemaakt met Hem, toen Hij ons al onze overtredingen kwijtschold, door het bewijsstuk uit te wissen, dat door zijn inzettingen tegen ons getuigde en ons bedreigde.
En dat heeft Hij weggedaan door het aan het Kruis te nagelen:
  Hij heeft de overheden en machten ontwapend en openlijk tentoongesteld en zo over hen gezegevierd.
Laat dan niemand u blijven oordelen inzake eten en drinken of op het stuk van een feestdag, nieuwe maan of sabbat, dingen, die slechts een schaduw zijn van hetgeen komen moest, terwijl de werkelijkheid van ‘Christus’ is.
Laat niemand u de prijs doen missen door gewilde nederigheid engelenverering, als ingewijde in wat hij heeft aanschouwd, zonder reden opgeblazen door zijn vleselijk denken, terwijl hij zich niet houdt aan het hoofd, waaruit het gehele lichaam, door pezen en banden ondersteund en samengehouden, z’n goddelijke wasdom ontvangt.
Indien gij met Christus afgestorven zijt aan de wereldgeesten, waartoe laat gij u, alsof gij in de wereld leefde, geboden opleggen“ Col.2: 13-20.

Wij maken in de Kerk nogal wat mee en ondertussen komt naast de lezingen van de ‘revised Julan calendar’ van vandaag het keiharde bericht binnen:
    Meer dan de helft van alle Nederlanders is niet bij een religieuze groep aangesloten. Dat is voor het eerst, blijkt maandag uit onderzoek van het Centraal Bureau voor de Statistiek [CBS].
In 2016 noemde de helft van de Nederlanders zich religieus. Vier jaar daarvoor rekende 54 procent zich tot een religieuze groepering en een minderheid dus niet”.
We mogen in alle onrust met z’n allen de Heer aanroepen, maar Christus heeft ons één opdracht gegeven en die opdracht houdt Liefde in. De grootste verleiding van de Liefde is ons eigen ego.

Verzoeking van Christus [San Marco, Venetië (It.)]

Christus Zelf werd aan het begin van Zijn Openbaring verzocht en wat denk je?Inderdaad de tegenstrever trachtte Hem te strelen in Zijn Ego, liet Hem Macht zien en dat Hij als mens in staat was alles wat Hij maar wensen zou kon overheersen. En Christus gaf ons daarbij een groot voorbeeld namelijk om
elke verminderde vorm van vermogen zich in een ander of diens standpunten of gevoel te verplaatsen [empathie], ons ego af te wijzen.
Wat dat aangaat kunnen wij ook in de Kerk nog veel van Zijn Pedagogie leren.

Vanaf Constantijn de Grote en Charlemagne Le Grand is de machtspolitiek in de Kerk binnen-gestreken; en is het Lichaam van Christus, waar ieder lid vanuit z’n dienende functie in staat wordt – gesteld Gezag – vanuit de ascese te beheersen  totaal verleerd.
De oorspronkelijke keuze om prelaten uit de ‘in Christus doorleefde’ plaatselijke, ervaren monnikenstand te benoemen is losgelaten; [hoofd-]toezichthouders, bisschoppen werden vanuit de welgestelde, hoogontwikkelde[??] elite [hertogen, graven en prinsen] gekozen, verbintenissen werden aangegaan met plaatselijke [nationale] machthebbers, waarmee de basis werd gelegd voor de ondergang.
De Geschiedenis met al haar Kerksplitsingen maakt hier tot op de dag van vandaag gewag van.

bestevaer?

Maar het Lichaam van Christus bestaat uit méér leden, die allen door de Genadegaven van de Heilige Geest, ondergeschikt zijn aan elkaar, die elkaar in hun onderlinge positie respecteren en ondersteunen – in plaats van te bevechten.
De leek heeft nèt zoveel in te brengen als de prelaat en niemand behoeft op en voetstuk, lees Ambon te worden verheven, zich meer aanzien toe te eigenen, dan goed voor z’n ziel en zaligheid gegeven is.

Bij het gedrag ‘alom’ in de hiërarchie – de Orthodoxe, de hiërarchie van Rome en al die afsplitsingen, kun je om je heen zien dat de beminde gelovigen het niet meer pruimen; zij haken massaal af en verlangen terug naar de aloude grondbeginselen, die inhouden dat zij ‘zelf’ óók nog iets in te brengen hebben in hun relatie met God, zij vallen op hun knieën en smeken Zijn ontferming af over al het huidige gedoe. Hoeveel Orthodoxen hebben wij de afgelopen jaren niet zien afhaken en hebben bij de door dik en dun volhoudende delen van het Lichaam hun beklag gedaan.
Horen wie het horen wil, maar de hiërarchie is hier doof voor geweest;  enkel persoonlijkheden als Patriarch Pavle, eeuwig dure zijn gedachtenis, heeft ons hierin een voorbeeld gegeven. Er zijn uiteraard nog veel meer voorbeelden, die ik nu niet allemaal ga opnoemen. Wie daar wèl bij hoort en absoluut ‘niet’ bij hoort mag u zelf invullen.
Waar het in dit stadium om gaat is dat de bezem door de Kerk moet,  Christus nam daartoe een ransel en ranselde het gehele Kerkplein ‘leeg‘ en ging vervolgens Zijn lijdensweg op, waar Hij Zich voor onze Verlossing heeft opgeofferd.

Opoffering betekent dat er naast het gebed – ‘Vader, vergeef het hen, want zij weten niet wat zij doen‘ – leden van het Lichaam zijn, die zich durven op te offeren, hun nek durven uit te steken en heel duidelijk exorcisme gaan bedrijven.
Dat betekent dat ook de leden – in plaats van weg te rennen en weg-te-kijken hun handen uit de mouwen dienen te steken en duidelijk dienen te maken dat ook ‘zij’ gerespecteerd dienen te worden; d.w.z. dat er in het OKiN niet langer sprake dient te zijn van Machtsuitoefening, maar machts’beoefening’.
Wat bedoel ik daarmee.
Ik bedoel daarmee dat wij bij de inrichting van onze instituten beginnen met een wisselende voorzitter, ieder jaar een toezichthoudend prelaat van een andere bloedgroep; deelname van spelleiders/ dekens, priesters, diakenen uit àlle bloedgroepen, niet alleen Russen en Grieken, die het voortouw nemen en zich op de borst kloppen. Het geheel dient administratief begeleid te worden door gerespecteerde gelovigen, die de handen uit de mouwen steken en de basis vormen van het geheel.
De toezichthouders, de bisschoppen dienen ‘slechts‘ toezicht te houden en op basis van ‘ascetisch verkregen levenservaring’ en kennis van ‘de Blijde Boodschap’ aan het geheel richting aan te geven en daarmee alles in goede banen te leiden. De spelleiders, priesters begeleiden hun kudde in vrijheid van Geloof, niet op basis van privileges of andere tegemoetkomingen, waarmee momenteel gewoon Kerkpolitiek wordt bedreven.
Het is niet juist dat één of enkele van de prelaten, hoofdprelaten en opperhoofd-prelaten de boventoon voeren; de beminde Gelovige dient – vanwege de niet-aflatende eigen verantwoordelijkheid – zonder opgeheven vingertje zijn/haar eigen weg in/naar het Hemels Koninkrijk te kunnen zoeken. Wij weten als zondaars dat dit met vallen en opstaan gebeurt.
U, ik en de hele Kerk hebben slechts een opdracht, de Liefde-opdracht te realiseren en  elkaar na een opbloeiend leven de eeuwige rust te gunnen en daar hebben wij naast dat wij God’s hulp nodig hebben, realiteitszin bij nodig.

sed libera nos a malo‘.

Horen, wie het horen wil.
Wij mogen ons gelukkig prijzen met zo’n Heer, met Jezus Christus, onze Verlosser, Die ons in alles een voorbeeld is geweest; je dient dit te zien en zo niet, dan ben je gewoon blind.
Dus handen uit de mouwen steken en gewoon je hollandse mond open doen, de Waarheid van de kerkdaken af – de Kerk toeroepen.

Oktober 21e – Heilige Hilarion de Grote, o.a. uit de Gazastrook [291-371]

Hilarion van Gaza werd geboren in Tematha vlakbij de Gazastrook en werd op latere leeftijd navolger van Christus, die als inwoner van Palestina het grootste deel van zijn leven doorbracht als kluizenaar .
Volgens de hagiografie voltooide hij zijn studie in Alexandrië , waar hij zich tot het christendom bekeerde en zich liet dopen.
Vervolgens kon hij niet wachten z’n leven te gaan wijden aan de ascetische beproevingen.
Daarbij kwam hij in contact met de H. Antonius de Grote en keerde daarna als kluizenaar terug naar Palestina. Na het bekend worden van het overlijden van zijn ouders, gaf hij al zijn bezittingen aan de armen.
Na de ascetische levenswijze te hebben geïntroduceerd in het gebied rondom de Gazastrook , geraakte hij door geheel het romeinse rijk bekend vanwege z’n monastieke leven.
Hilarion kwam ooit in kontakt met dieven met wie hij een onderwijzende dialoog had: “Als dieven je ontmoetten, vroegen ze hem wat je zou doen?” Hij antwoordde: “Wat is de naakte om te vrezen?
Daarop zeiden ze: “Maar als ze je doden?
Hilarion antwoordde: “Dat is het beste. de fysieke dood sluit de nacht van dit leven en treedt het oosten van het toekomstige leven binnen“.
Deze antwoorden hebben vele overvallers, zij die zich zonder overleg en zonder pardon de eigendommen van anderen toe eigenen tot diep berouw gebracht.
In 330 zette hij koers naar Sicilië, waar hij als kluizenaar in een grot bekend als ‘Cava di Ispica’ zijn leven voortzette. 
Volgens dezelfde bron leidde tegen het einde van zijn leven zijn vele wonderdaden ertoe dat zijn faam als genezer alom bekend werd.
Vanwege het beroep van al die zieke mensen, die belast en beladen, rust zochten bij de Heer reisde hij onafgebroken door Italië, het huidige Kroatië en Cyprus.
Hij stierf in 371 in Paphos.

Logo ‘leerhuis van de kerkvaders‘, Gent [Be.].

Zijn bekendheid is momenteel beperkt tot slechts enkele lokale gebieden.
Hij genoot echter in de Middeleeuwen een grote populariteit vanwege het feit dat verschillende kloosters hun stichting aan de heilige toeschreven.
Zijn nagedachtenis wordt gevierd op 21 oktober als verstokte heremiet.
Hij is de beschermheer van Caulonia en Sant’Ilario dello Ionio, een lokale gemeente in de provincie/regio Calabria in Italië en is vooral bekend geworden vanwege zijn vaderspreuken. Bekend is zijn uitspraak:
Kom, laten wij elkaar nog eens ontmoeten,
alvorens wij uit dit leven heengaan
’.

Door de gebeden van al Uw Heiligen, Heer Jezus Christus, Zoon van God,
heb medelijden met ons, zondaars. Amen“.

“Alles, tot eer aan God”.

NB.  Sommige teksten uit de Blijde Boodschap schijnen te impliceren, dat het onmogelijk is, het christen-zijn te combineren met materiële welvaart of rijkdom. De woorden van Jacobus zijn toch duidelijk genoeg?
En nu iets voor u, rijken! Weeklaag en jammer om de rampspoed die over u komt. Uw rijkdom is verrot en uw kleding is door de mot aangevretenJac.5: 1.
Weerhield zijn vele bezit de rijke jongeling er niet van de Here Jezus te volgen? “Jezus antwoordde hem: ‘Als je volmaakt wilt zijn, ga dan naar huis, verkoop alles wat je bezit en geef de opbrengst aan de armen; dan zul je een schat in de hemel bezitten. Kom daarna terug en volg mijNa dit antwoord ging de jongeman terneergeslagen weg; hij had namelijk veel bezittingenMatth.19: 21,22.
Rijkdom die op onrechtvaardige wijze is verkregen is verwerpelijk Het is echter onzorgvuldig om uit deze gedeelten de conclusie te trekken, dat iemand die rijk is geen christen kan zijn of dat christenen dat niet mogen zijn.
Wie Jacobus er op na leest, ontdekt dat het niet zomaar gaat over rijkdom. Het gaat over onrecht, over machtsmisbruik. Rijkdom die op onrechtvaardige wijze is verkregen, waardoor anderen hebben moeten lijden, is verwerpelijk.
Niet de rijkdom is verkeerd, maar wel de manier waarop velen ermee omgaan. Denk je dat door je bezit méér te zijn dan anderen?
Welke plaats nemen geld, materiële zaken en het aanzien dat je onder mensen geniet, in je hart in? ” Niet het geld, maar de geldzucht, het verlangen naar steeds meer, is de wortel van alle kwaad” 1Tim.6: 10.
Van rijkdom en aanzien mag je genieten, maar ze maken je diep van binnen niet gelukkig. Wat je wel gelukkig kan maken, is als je wat je hebt, deelt met anderen. Zoals Onze Heer en Verlosser ons als voorbeeld mee gaf.
Petrus zegt het als volgt: “Het is mijn grote wens dat u God en onze Here Jezus Christus steeds beter leert kennen. Dan zult u gelukkig worden en Zijn genade en vrede ervaren. Want als u Hem beter leert kennen, zal Hij u door Zijn grote kracht alles geven wat u nodig hebt om werkelijk goed te leven; Hij zal zelfs Zijn heerlijkheid en goedheid met ons delen! Hij heeft ons geweldig grote en waardevolle beloften gedaan: Hij redt ons van de begeerten en het verderf om ons heen en geeft ons deel aan Zijn eigen wezen2Petr.1: 2-4.
In het Evangelie staat een verhaal van een rijke jongeman die Jezus niet volgde. Niet door zijn rijkdom op zich, maar omdat zijn zekerheid zat in zijn bezit, dat hij minstens zo belangrijk vond als het volgen van Jezus.
Indien je veel hebt, is het vaak moeilijker om te vertrouwen op God.
Je zit als het ware “vast” aan je bezittingen. Die bepalen jouw zelfbeeld en zekerheid. Iets wat de eerste christenen ook al begrepen hadden. Veel deden afstand van hun bezittingen, ze zochten hun zekerheid in God en niet (langer) in materiële zaken. Het is wel belangrijk te weten dat dit een vrijwillige keuze was, afstand doen van bezittingen was geen voorwaarde of verplichting om christen te worden of te blijven.

Oktober de 20e – Grootmartelaar Artemios te Antiochië [ca 362 AD]

        Nadat Hij al Zijn woorden ten aanhoren van het Volk voleindigd had, ging Hij Kapernaüm [Hebr.= dorp van rust] binnen.
         Een slaaf nu van een hoofdman, die deze op hoge prijs stelde, was ernstig ongesteld en lag op sterven.
Toen hij van Jezus hoorde, zond hij enige oudsten van de Joden tot Hem met het verzoek te komen en zijn slaaf in het leven te behouden. 
Zij kwamen dan tot Jezus en drongen zeer bij Hem aan, want, zeiden zij, hij is waard, dat Gij dit voor hem doet; want hij heeft ons Volk lief en onze synagoge [gebedshuis] heeft hij gebouwd.
         En Jezus ging met hen mee. Toen Hij niet ver meer van het huis was, zond de hoofdman vrienden om tot Hem te zeggen:
    Heer, doe geen moeite, want ik ben niet waard, dat Gij onder mijn dak komt; daarom heb ik ook mijzelf niet waardig geacht tot U te komen, maar spreek [slechts] een woord en 
mijn knecht moet herstellen.  Want ik neem zelf een ondergeschikte plaats in met soldaten onder mij, en ik zeg tot de een:
    Ga heen, en hij gaat heen, en tot een ander: Kom, en hij komt, en tot mijn slaaf: Doe dit, en hij doet het.
        Toen Jezus dit hoorde, verwonderde Hij Zich over hem, en Zich kerende tot de schare, die Hem volgde, sprak Hij:
      Ik zeg u, zelfs in Israël [de Kerk] heb Ik een zo groot Geloof niet gevonden!’.
En toen zij, die gezonden waren, terugkwamen in het huis, vonden zij de slaaf gezond”. Luc.7: 1-10.

Voorafgaand aan het slapen gaan lezen wij in de kleine Completen uit het Horologion voorafgaand aan de Doxologie:

klooster ‘Geboorte van de Moeder Gods’, Asten.

    Heer, verhoor mijn gebed, luister naar mijn smeking in Uw waarachtigheid. Verhoor mij in Uw rechtvaardigheid, en treed niet in het gericht met Uw dienaar. Immers, niemand der levenden kan zich rechtvaardigen voor Uw aangezicht, want de vijand heeft mijn ziel vervolgd, mijn leven vernederd tot op de grond. Hij doet mij neerzitten in het duister, evenals de doden van eeuwigheid. En mijn geest is ontmoedigd, mijn hart is ontsteld in mijn binnenste. Maar ik herinner mij vroegere dagen, ik overweeg al Uw werken, ik overweeg de daden van Uw handen. Ik strek mijn handen naar U uit, mijn ziel dorst naar U, als waterloos land. Verhoor mij spoedig, Heer, mijn geest versmacht, wend Uw aangezicht niet van mij af, anders word ik gelijk aan wie afdalen in het graf. Laat mij in de ochtend Uw barmhartigheid horen, want op U heb ik mijn hoop gesteld. Laat mij, Heer, de weg kennen die ik moet gaan, want tot U heb ik mijn ziel verheven. Bevrijd mij van mijn vijanden, Heer, want tot U heb ik mijn toevlucht genomen. Leer mij Uw wil te doen, want Gij zijt mijn God. Uw goede Geest geleide mij naar een effen land. Omwille van Uw Naam, Heer, zult Gij mij doen leven, in Uw rechtvaardigheid zult Gij mijn ziel uit de verdrukking voeren, in Uw ontferming zult Gij mijn vijanden verdelgen, en Gij zult allen vernietigen die mijn ziel verdrukken, ik ben immers Uw dienaar
Psalm 142[143] vert. Orthodox klooster Asten.

Volgens de orthodoxe kalender is het vandaag de feestdag van de heilige “ Αγίου Αρτεμίου του Μεγαλομάρτυρα”.
De grootmartelaar Artemios was een vooraanstaande Byzantijnse politicus en een oprechte christen. Constantijn de Grote, waardeerde zijn morele en politieke gaven, gaf hem de patricische status en benoemde hem tot Hertog en Augustus van Alexandrië. Ja, zo gaat dat in de wereld en dit gebruik is in de Kerk overgenomen – [hoofd-]toezichthouders zijn vanaf het moment dat de Kerk staatskerk werd bevorderd tot prinsen, hertogen en namen wereldse allures aan.

In het jaar 357 na Christus worden in Patras, in opdracht van keizer Constantius, zoon van Constantijn, de eerbiedwaardige relieken van de Heilige Andreas en zijn nagedachtenis  in de nieuw gebouwde kerk van de Heilige Apostelen in Constantinopel [3 mrt 357 AD] overgebracht – in ontvangst genomen.
Relieken zijn voor de Christenen heel belangrijk, want op de overblijfselen van Martelaren en Heiligen wordt de Goddelijke Liturgie gevierd – zonder deze verbintenis met de Christelijke geschiedenis, de Traditie is een liturgie [een ‘openbaar werk’ uitgevoerd door het Volk dat daarvoor God als Liturg (= sponsor) heeft] niet mogelijk. Een Liturgie speelt zich af in het tijdloze, als eer aan God in de hoge. Een eredienst aan God begint in de Orthodoxe Kerk dan ook altijd met:
  Gezegend is het Koninkrijk van de Vader en van de Zoon en van de Heilige Geest, nu en altijd en in de eeuwen der eeuwen. Amen.” en je maakt dan ook regelmatig mee dat de gelovigen bij deze uitroep een zeer diepe buiging maken.
Het is namelijk nogal niet iets, je betreedt hier heilige grond[-beginselen].

Onder supervisie [hij had zelf twee linker handen] bouwde Keizer Constantius, zoon van Constantijn tijdens zijn verblijf in Patras eveneens een aquaduct, welke de bevolking [zoals de bron van de Samaritaanse] van water voorzag – een levensvoorwaarde.
Op dat moment was hij met zijn leger gehuisvest in

‘Komt allen tot Mij’.

de omgeving van een klooster, een opvangplaats voor allen die vermoeid, belast en beladen zijn en rust voor hun zielen zoeken – dat waren indertijd veelal gehandicapten en ouderen, die werden immers aan hun lot overgelaten.

Toen onze heilige van vandaag, Artemios, in 363 na Christus, vernam dat Julianos de Afvallige in Antiochië christenen martelde, begon hij met wat ieder Christen in zo’n geval doet – hij nam z’n toevlucht tot gebed en wel psalm 50 [51], met name:
      God, schep in mij een zuiver hart; vernieuw in mijn binnenste de rechte geest. Verwerp mij niet van voor Uw aangezicht; neem Uw Heilige Geest niet van mij weg. Geef mij de vreugde terug van Uw heil, sterk mij met uw besturende Geest. Dan zal ik de onterecht uw wegen leren; de goddelozen zullen zich tot U bekeren”.
         Inderdaad, Artemius volgde deze woorden op en ging met alles wat God in Zijn Macht aan hem ter beschikking stelde [Genadegaven] regelrecht naar Antiochië en bestreed zeer moedig de Christenvervolger Julianos [de afvallige], die vanwege zijn ‘onwettig‘ gedrag tegen degenen, die Christus navolgden vervolgde, doodde.
Wat er daarop volgde, kennen wij maar al te goed in onze wereld. Julianos, in al z’n wereldse macht en majesteit had die houding van een ondergeschikte niet verwacht [zie de honderdman, die dit met al z’n onderdanen ‘wèl‘ kon doen] en door de duivel ingegeven bedacht hoe hij deze tegenstander een kopje kleiner kon maken. Zo’n Geloof had Christus, ‘ zelfs in Israël [de Kerk] niet ontmoet!’
In onze tijd begin je als toezichthouder dan te dreigen met een gang naar de rechter, maar in die tijd brak je zo’n persoon gewoon de benen, zodat hij niet meer kon lopen en maakte hem op die wijze monddood.
Grootmartelaar Artemius werd gestenigd en onderging de marteldood omwille van Christus. En de relieken, de overblijfselen van zijn lichaam werden door een van de getuigen, Aristi, overgebracht naar Constantinopel naar het gebedshuis toegewijd aan Johannes de Voorloper en Doper van Christus. Op die overblijfselen vieren wij vandaag de dag nog de Goddelijke Liturgie en brengen eer aan de Heilige, de ‘één-wezen-lijke’, in liefde verenigde, de Drieëenheid.

Volgend op de Heiligen van de afgelopen dagen Johannes van Kronstadt en de heilige Gerasimos, patroonheilige van Trikala in Corinthe past deze Grootmartelaar Artemios te Antiochië precies in de volgorde van de huidige tijd.
Het ‘slachtoffer‘ van Julianos [Julia, Hebr.= met zacht haar, de afvallige, de gevallen engel] neemt het grootmartelaarschap op zich en neemt in Naam van de Waarheid van Christus z’n kruis op en sterft.
Waarom is onderlinge liefde zo moeilijk en bevat het zo vaak het risico van mislukken? De tegenwerkende krachten die het ‘vermogen in zich dragen om lief te hebben‘ te verstikken zijn:
‘geestelijke verwondingen’, ‘angst voor de eigen kwetsbaarheid’ en boven al het andere, ‘de machtsclaims van instellingen’ en ‘obstructieve [= tegenwerkende krachten om de besluitvorming te frustreren] structuren’.
  Om opnieuw gevoelig te worden voor het grote geheim van anderen naast de eigen verlangens,
  Om open te staan voor de rijkdommen van het leven,
  Om verbinding te zoeken met de fundamentele oorzaak van de werkelijkheid, hebben wij momenteel behoefte aan ‘nieuwe manieren‘ om de principiële taal der onderlinge liefde te leren.
Een van de meest principiële uitgangspunten daarbij is:
” . . . één Heer is, dat
er één Heilig is,
Jezus Christus,
tot Heerlijkheid van God,
de Vader” !!!
Hoe concretiseren wij dat?
Overleg op basis van gelijkheid tussen alle geledingen binnen de Orthodoxie, in de wereld en in onze geliefde Lage Landen.

Laten wij allen vertrouwen op de positieve kracht van verandering, die in onderlinge liefde voor alle gebieden van ons leven verworven kan worden,
door een ondergeschikte plaats in te nemen en met name ‘daardoor‘ productief te kunnen worden.
Het wordt hoog tijd voor de door God gegeven Genadegave van de Liefde, ook in onze Kerk!
Om als [hoofd-]toezichthouders de spelleiders en de gelovigen met hen te stimuleren dienen zij ‘het beste‘ uit hun ‘ascetische grondhouding‘ te halen.
Dit is een van de belangrijkste bijdragen die je als [hoofd-]toezichthouder, bisschop kunt leveren, zowel aan de organisatie als aan de beminde gelovigen, jouw broeders zelf. Dat is een Christelijke, Liefdevolle benadering en dan ontloop je als vanzelf de valkuilen van de tegenstrever, die je links en rechts onderweg naar het Hemels Koninkrijk zonder meer tegenkomt.

”     Eer aan God in den hoge en vrede op aarde, in de mensen een welbehagen. Wij bezingen U, wij zegenen U, wij aanbidden U, wij verheerlijken U, wij danken U om Uw grote heerlijkheid.
Heer, hemelse Koning, God, Vader, Albeheerser; Heer, eniggeboren Zoon, Jezus Christus, en Heilige Geest; Heer God, Lam Gods, Zoon van de Vader, Die wegneemt de zonde van de wereld, ontferm U over ons.
Die wegneemt de zonden van de wereld, aanvaard onze bede;
Die zetelt aan de rechterhand van de Vader, ontferm U over ons.
Want Gij alleen zijt heilig, Gij alleen zijt Heer, Jezus Christus, tot heerlijkheid van God de Vader. Amen.
            Elke avond zal ik U zegenen en Uw Naam loven tot in eeuwigheid en in de eeuwen der eeuwen. Heer, Gij zijt ons een toevlucht geworden van geslacht tot geslacht. Ik zei: Heer, ontferm U over mij, genees mijn ziel, want tegen U heb ik gezondigd.
Heer, tot U ben ik gevlucht: leer mij Uw wil te doen, want Gij zijt mijn God. Want bij U is de bron van het leven en in Uw licht zullen wij het Licht zien.
Strek Uw barmhartigheid uit over wie U kennen.
Acht ons waardig, Heer, dat wij deze nacht zonder zonden doorbrengen. Gezegend zijt Gij, Heer God van onze vaderen, en geloofd en verheerlijkt is Uw Naam tot in de eeuwen. Amen.
Moge, Heer, Uw barmhartigheid over ons komen, zoals wij op U gehoopt hebben.
Gezegend zijt Gij, Heer, leer mij Uw voorschriften.
Gezegend zijt Gij, Meester, geef mij inzicht in Uw voorschriften.
Gezegend zijt Gij, Heilige, verlicht mij door Uw voorschriften.
Heer, Uw ontferming is in eeuwigheid, veronachtzaam de werken van Uw handen niet.
U komt toe lof, U komt toe de hymne, U komt toe de heerlijkheid:
Vader, Zoon en Heilige Geest, nu en altijd, en in de eeuwen der eeuwen. Amen“.
Doxologie: vert. klooster ‘Geboorte van de Moeder Gods‘, Asten [NL.]