34e Zondag na Pinksteren – Zondag van de tien melaatsen

God heeft Hem door de Heilige Geest met Kracht gezalfd. Hij is rondgegaan, weldoende en genezende allen, die door het kwaad waren overweldigd, want God was met Hem [Hand.10: 38]

    En toen Hij een zeker dorp binnenging,
kwamen Hem tien melaatse mensen tegemoet, die op een afstand bleven staan.
En zij verhieven hun stem en zeiden: ‘Jezus, Meester, heb medelijden met ons’
En Hij zag hen aan en zei tot hen:
‘Gaat heen, toont u aan de priesters’.
     En het geschiedde, terwijl zij heengingen, dat zij gereinigd werden.
     En een van hen keerde terug, toen hij zag, dat hij genezen was, met luider stem God verheerlijkende, en hij wierp zich op zijn aangezicht voor zijn voeten om Hem te danken. En dit was een Samaritaan.
En Jezus antwoordde en zei:
‘Zijn niet alle tien rein geworden? Waar zijn de negen anderen?
Waren er dan geen anderen om terug te keren en God eer te geven,
dan deze vreemdeling?
En Hij zei tot hem:
Sta op, ga heen, uw Geloof heeft u behouden
Luc.17: 12-19.

    Wanneer Christus verschijnt, die ons leven is, zult ook gij met Hem verschijnen in Heerlijkheid.
Doodt dan de leden, die op de aarde zijn: ontucht, onreinheid, hartstocht, boze begeerte en de hebzucht, die niet anders is dan afgoderij, om welke dingen de toorn Gods komt.
Daarin hebt ook gij eertijds gewandeld, toen gij erin leefde.
     Maar thans moet ook gij dit alles wegdoen: toorn, heftigheid, kwaadaardigheid, laster en vuile taal uit uw mond. Liegt niet meer tegen elkander, daar gij de oude mens met zijn praktijken afgelegd, en de nieuwe aangedaan hebt, die vernieuwd wordt tot volle kennis naar het beeld van zijn Schepper, waarbij geen onderscheid is tussen Griek en Jood, besneden of onbesneden, barbaar en Skyth, slaaf en vrije, maar alles en in allen is ChristusCol.3: 4-11.

De Ware schat

“Een Gelovige zien is het herkennen van Jezus Christus”; ” Seeing a believer is recognizing Jesus Christ”; ” Βλέποντας έναν πιστό αναγνωρίζει τον Ιησού Χριστό”

    Het Koninkrijk der hemelen is gelijk aan een schat, verborgen in een akker, die een mens ontdekte en verborg, en in zijn blijdschap erover gaat hij heen en verkoopt al wat hij heeft en koopt die akkerMatth.13: 44.
De waarachtige schat, die de mens bij de schepping heeft meegekregen , die de mens zich voor eeuwig heeft verworven is het Leven. 

Zoals we het enige dagen geleden hebben uiteengezet is waarachtig leven, het Leven in God. God heeft ons geschapen teneinde dat wij mensen Zijn Beeld en gelijkenis trachten te evenaren, aldus schept God, als de menslievende onophoudelijk. God is inderdaad niet opgehouden Zich met Zijn Schepping te verenigen. God zoekt de mens, onophoudelijk klopt Zijn Zoon, onze Heer en Zaligmaker, op de deur van ons hart en roept:
    Komt tot Mij, allen, die vermoeid en belast zijt, en Ik zal jullie rust geven; neemt mijn juk op je en leert van Mij, want Ik ben zachtmoedig en nederig van hart, en jullie mensen zullen rust vinden voor uw zielen; want mijn juk is zacht en mijn last is lichtMath.11: 28-30.
Door dit te besprenkelen door een toenemend proces van economische, culturele en politieke integratie op mondiaal niveau worden alle schatten van de aarde, die ons van God’s weg zijn toevertrouwd, totaal waardeloos.
Maar hoeveel inzicht heeft een mens eigenlijk in zijn eigen en de mondiale geschiedenis en wat nog in het verschiet ligt?
Indien ik Prediker goed begrijp, gaf God ons bij de Schepping de aandrang over het verleden na te denken, maar slagen wij daar maar heel beperkt in God na te volgen, na te rekenen.
    Ik heb in ogenschouw genomen de bezigheid, die God aan de mensenkinderen gegeven heeft om Zich daarmee te kwellen. 
Hij heeft al voortdurende Schepper Alles alles op tijd voortreffelijk gemaakt; ook heeft Hij de eeuw in hun hart gelegd, zonder dat de mens van het werk dat God doet, van het begin tot het einde, iets kan ontdekkenPrediker 3: 11.
Neen, wanneer je er maar op los leeft, alles maar neemt zoals het door de wereld aangeboden wordt en je slechts in al je blindheid en doofheid laat leiden door de tegenstrever, ben je slechts bezig met het tijdelijke. En leef je in het tijdelijke dan kijk je niet verder dan je neus lang is.
Wanneer je God ná-rekent, Hem in de loop van de geschiedenis tracht te achterhalen – op een andere manier is het onmogelijk Hem te ontdekken – dan wordt het wel erg moeilijk om te achterhalen: “Hoe je ontstaan bent” en Waar je naar toe gaat”, wat je bestemming is. Wij mensen kunnen alleen maar denken in termen van tijd. Wij herinneren ons dingen en verwachten iets voor de toekomst, anders zijn we gevoelloos, melaats, gedoemd om ten onder te gaan, te sterven.

Wie kan zich voorstellen niet aan tijd gebonden te zijn, een oneindig verleden en een oneindige toekomst te hebben? Maar God? Voor Hem ligt zowel mijn geschiedenis als wat komen gaat in het heden, in het hier en nu – het maakt voor Hem geen enkel verschil.
Door de schat van het Leven, wat wij gekregen hebben te bevruchten met onzin, met er niets-toe-doende praktijken, worden alle ons toegekende mogelijkheden, schatten, Genadegaven hier op de aarde waardeloos, besmet.
    Welaan dan, jullie, die er op los leven [-zij die zich rijk wanen-], weent en maakt misbaar 
over de rampen, die u zullen overkomen. Uw rijkdom is verrot, uw kleren zijn door de mot aangevreten, uw goud en zilver is vervlogen [in lucht opgegaan], en het roest ervan zal tegen u getuigen en uw vlees verteren als vuur. Gij zijt schatten gaan opleggen, terwijl het de laatste dagen zijnconf. Jac.5: 1-3.

De waarachtige schat

de schat van het Leven in God; the treasure of Life in God; ο θησαυρός της ζωής στον Θεό.

De ware schat, die we dienen te zoeken en verkrijgen, is de schat van het Leven in God, de schat die we hebben voor het eeuwige leven. Maar het voordeel ligt in de manier waarop wij leven verborgen, is niet duidelijk.
Waarom?
De mens, die zich als gevolg van de val van de mens verheven heeft, zich als god [in Frankrijk] waant, is de gevallen mens, de melaatse mens. Na z’n vervallen zijn – aan de wereldse geneugten –  is deze mens niet langer geschikt een fenomeen, een natuurlijk verschijnsel te zijn – om de schatten van God te ervaren. Deze mens doet niet anders dan zich van God te verwijderen.
    Geeft het Heilige niet aan de honden en werpt uw paarlen niet voor de zwijnen, opdat zij die niet vertrappen met hun poten en, zich omkerende, u zullen verscheurenMatth.7: 6.
In een valse staat kan de mens, de ware schatten, de hem van God gegeven Genadegaven niet waarderen.

Daarom is de Heer, onze God, onze Verlosser voor hen verborgen, niet in de zin dat God Zich van hen distantieert, maar in de zin dat de mens Hem de kans ontneemt, de mens tegemoet te treden.
Nadat de mens geroepen is, dient deze op een of andere manier te reageren,
dient actie te ondernemen, zijn werkveld bewerken en zich inspannen.
De mens gaat 1 millimeter richting God en God komt hem een meter tegemoet.
En dit gebeurt dagelijks  voor onze ogen en het vreemde is
dat er van de tien die regio werden, er slechts een terugkeert om
z’n dankbaarheid te toten
En een van hen keerde terug, toen hij zag, dat hij genezen was,
en met luide stem God verheerlijkt deze God en werpt zich op de grond
op z’n aangezicht voor Zijn voeten om Hem te danken:
Heer, Jezus Christus, Zoon van God, ontferm U over mij, zondaar”.
En deze mens was iemand, die van de gemeenschap uitgesloten was,
een Samaritaan.

Zó ziet God het complete leven van de mens, God, als de Eeuwige, maakt de mens terughoudend in het duiden de betekenis van historische feiten.
Job wist nooit waartoe z’n kinderen omkwamen.
Ten opzicht van God schiet de mens schromelijk tekort –
God gaat ons verstand vèr te boven.
Maar door de Blijde Boodschap van onze Heer en Verlosser, Jezus Christus, tasten we niet langer  volstrekt in het duister over onze relatie de Eeuwige en
mogen we Hem blijven zoeken en danken
en dit is op zich een zegen.
Dus: ‘Sta op, ga heen, uw Geloof heeft u behouden!’.

Apolytikion     tn.1.
“   Terwijl de steen door de Joden verzegeld was
en de soldaten Uw alleruiterst Lichaam bewaakten,
zijt Gij na drie dagen opgestaan, o Verlosser,
om aan de wereld Leven te schenken.
Daarom riepen de Hemelse Machten U Toe, o Levenschenker:
Ere zij Uw Opstanding, o Christus.
Ere zij Uw Koninkrijk:
Ere zij Uw Voorzienigheid o enige Menslievende
”.

Kondakion     tn.1.
“   Als God zijt Gij opgestaan uit het graf in Heerlijkheid
en de wereld hebt Gij mede opgewekt.
De mensennatuur bezingt U als God
en de dood is teniet gedaan.
adam jubelt o Meester
en Eva, uit haar noemen bevrijd, verheugt  zich en roept uit:
Gij zijt het, o Christus,
Die aan allen de Opstanding schenkt
”.

Theotokion     tn.1.
“   Toen Gabriël tot U o Maagd het ‘verheug u’ sprak,
nam de Schepper van het heelal in U het vlees aan.
Toen werd gij ‘de Heilige Ark’, waarover David sprak,
meer omvattend dan de Hemelen.
Eer zij Hem, Die in U woning nam,
Eer aan Hem, die uit u tevoorschijn trad.
Eer aan Hem, Die ons door uw baren heeft bevrijd
”.

Orthodoxie & De koren der heiligen volgen in Waarheid het Woord van God

. . . . .’ Het is gelijk aan een mosterdzaadje, dat iemand nam en in zijn tuin zaaide, en het groeide en werd een boom, en de vogelen van de Hemelen nestelden in Zijn takken’.
En nogmaals sprak Hij [Christus]: ‘Waarmee zal Ik het Koninkrijk van God vergelijken?
‘ Het is gelijk aan een zuurdesem, welke een vrouw nam en in drie maten meel deed, totdat het geheel doorzuurd was’.
En Hij trok verder langs steden en dorpen, predikende en reizende naar Jeruzalem.
En iemand zeide tot Hem:
Heer, zijn het weinigen, die behouden worden?
Hij zei tot hen:
    Strijdt om in te gaan door de enge poort, want velen, zeg Ik u, zullen trachten in te gaan, doch het niet kunnen. Van het ogenblik af, dat de heer des huizes is opgestaan en de deur gesloten heeft, zult gij beginnen buiten te staan en aan de deur te kloppen zeggend:
Heer, doe ons [toch] open, en Hij zal antwoorden en tot u zeggen:
    Ik weet niet, vanwaar gij zijt’.
Dan zult gij beginnen te zeggen: Wij hebben voor uw ogen gegeten en gedronken en in onze straten hebt Gij geleerd.
En Hij zal tot u spreken, zeggende:
    Ik weet niet, vanwaar gij zijt; gaat weg van Mij, alle gij werkers van de  ongerechtigheid.
Daar zal het geween zijn en het tandengeknars, wanneer gij Abraham en Isaäc en Jaäcob zult zien en al de Profeten in het Koninkrijk Gods, maar uzelf buiten-geworpen. En zij zullen komen van oost en west en van noord en zuid en zullen aanliggen in het Koninkrijk van GodLuc.13: 19-29.

    Paulus, door de Wil van God een Apostel van Christus Jezus, en Timoteüs onze broeder, aan de heilige en gelovige broeders in Christus te Colosse:
‘ Genade en Vrede zij u van God, onze Vader.
Wij danken God, de Vader van onze Here Jezus Christus, te allen tijde bij ons bidden voor u, daar wij gehoord hebben van uw Geloof in Christus Jezus en van de Liefde, Die gij al de heiligen toedraagt, om de Hoop, die voor u is weggelegd in de Hemelen.
Daarvan hebt gij tevoren gehoord in de prediking van de Waarheid, het Evangelie, dat tot u gekomen is. Immers, in de gehele wereld draagt het vrucht en wast het op, zoals ook bij u, sedert de dag, dat gij het gehoord hebt en de Genade van God in Waarheid hebt leren kennenCol.1: 1-6 [lezingen van zaterdag 17 januari 2019].

Gezegend is het Koninkrijk van de Vader, en van de Zoon en van de Heilige Geest;
nu en altijd en in de eeuwen der eeuwen, Amen.
  Naar zijn raadsbesluit heeft God ons [als een mosterdzaadje] voortgebracht door het Woord der Waarheid, om in zekere zin eerstelingen [het voorbeeld, naar God’s beeld en gelijkenis] te zijn onder zijn schepselenconf. Jac.1: 18.

In navolging van het Woord, volgenden de Apostelen
De Apostel Paulus is met Petrus uitgegroeid tot één van de kopstukken van de Kerk, beiden worden dan ook op dezelfde dag gevierd: 29 juni.
Paulus heeft zoveel gereisd in dienst van de verkondiging van de Blijde Boodschap, dat hij de eretitel van ‘De Apostel‘ heeft meegekregen.
Toch heeft hij onze Heer en Verlosser niet persoonlijk gekend, eerst na diens Hemelvaart heeft hij zich bij Zijn leerlingen gevoegd en dat was echt niet vanzelfsprekend.
Paulus kwam uit Tarsis en moet als jongeling reeds naar Jeruzalem zijn verhuisd.
Hij heeft nog als leerling aan de voeten gezeten van de beroemde leermeester Gamaliël.
Zo was hij uitgegroeid tot een vurige Rabbi, een wet’s-getrouwe jood, die niets moest hebben van de vrijzinnige sekte van Jezus van Nazareth.
We horen voor het eerst van hem, als Stephanos, de diaken, op last van de Joodse overheden wordt gestenigd. Dan leggen de beulen hun mantels neer aan de voeten van Saulus.
Het was hem er dan ook voor zijn roeping alles aan gelegen om het Christendom uit te roeien,  daartoe had hij zelfs volmachten gekregen van de Hoge Raad te Jeruzalem. Ze gaven hem het recht om huizen van verdachten binnen te dringen en te controleren of er geen volgelingen van Jezus woonden…
Op latere leeftijd betreurt Saulus zijn jonge jaren ten zeerste:
“ . . . . . Mijn geweten betuigt mij dit mede door de Heilige Geest: Ik heb een grote smart en een voortdurend hartzeer. Want zelf zou ik wel wensen van Christus verbannen te zijn ten behoeve van mijn broeders, mijn verwanten naar het vleesRom.9: 1b-3.
Maar niet veel hedendaagse Joodse afstammelingen en zij die Christenen uit de heidenen worden genoemd beseffen hoezeer Paulus Joods bleef nadat hij door God was geroepen om het goede nieuws naar de heidenen te brengen.  
Zelfs toen het Joodse volk probeerde hem in de val te lokken en hem te doden, bleef hij trouw aan zijn broeders en de leringen van God’s instructies [de Wet], de Profeten en zijn Joodse achtergrond. 

De levensweg van Paulus
Paulus werd geboren als Sha’ul [Hebr.=‘gevraagd of af-gebeden]. Zoals we uit zijn eigen woorden zullen zien, reisde Sha’ul  als apostel Paulus door het Romeinse Rijk, waarbij hij zowel Joden als heidenen onderwees over de redding van Messias Yeshua [Jezus] door uit de diepten van zijn hart, ziel en geest te spreken als een Joodse Rabbijn.
Maar Paulus zei: ‘ Ik ben een Jood uit Tarsus, burger van een welbekende stad in Cilicië; ik vraag u verlof tot het volk te mogen sprekenHand.21: 39.
En er is dus veel in zijn levensgeschiedenis waar wij van kunnen leren.
Door ons te verdiepen in zijn standvastige verkondiging van Christus’ Blijde Boodschap mogen wij hopen dat zowel de Joden als de heidenen, ja de gehele mensheid wordt gered.
Bedenk wel dat: “     Niet een ieder, die tot Mij zegt: Heer, Heer, zal het Koninkrijk der Hemelen binnengaan, maar wie doet de Wil van Mijn Vader, Die in de Hemelen is. Velen zullen te dien dage tot Mij zeggen: Heer, Heer, hebben wij niet in Uw Naam geprofeteerd en in Uw Naam boze geesten uitgedreven en in Uw Naam vele Krachten gedaan?
En dan zal Ik [Christus, de uiteindelijke Opperrechter] hun openlijk zeggen: ‘ Ik heb u nooit gekend; gaat weg van Mij, gij werkers der wetteloosheid’Matth.7: 21-23.

Echter iedere waarachtige Christen zal werkelijk met onze Heer en Verlosser over het water willen lopen en uitroepen: ‘Heer, redt mij’. Wat hiermee bedoeld wordt is niets meer dan dat wij navolgers van Christus dagelijks een verlangen ervaren in een relatie met onze Heer en Verlosser door het leven te gaan. Wij willen Hem trouw dienen, Hem onvoorwaardelijk vertrouwen en Hem onophoudelijk behagen. Je dient daarbij te begrijpen dat de toepassing van God’s Wil voor elke gelovige anders is en wij laten het uiteindelijk oordeel dan ook aan Hem over.

Johannes, Mattheüs, Marcus en Petrus, Lucas en de andere volgelingen waren drie jaar bij Christus, maar Sha’ul, alleen “hoorde” Hem ooit tot zich spreken – onzichtbaar, bovennatuurlijk op weg naar Damascus!
… Op weg naar Damascus werd hij als een donderslag bij heldere hemel getroffen en op de grond geworpen. Verblind door het felle licht tastte hij hulpeloos in het duister.  Een stem vroeg hem:
Sha’ul [Hebr.= ‘gevraagd of af-gebeden] waarom vervolg je mij?”
Een leerling van Jezus, Ananias [Griekse vorm Hebr. Hananiah= ‘de Heer is genadig’], overwon zijn weerzin en nam hem bij zich in huis.
Paulus was als een blad aan een boom omgedraaid [μετάνοια, omkeren, van gedachten veranderen].
Van nu af zou hij de meeste fanatieke verdediger van de Pedagogie van Onze Heer en Verlosser worden: De Blijde Boodschap is er immers voor eenieder die hulpeloos in het duister rond tast, ongeacht of men tot het uitverkoren Joodse Volk behoorde of niet.
Drie jaar lang bereidde Paulus zich in het verborgene voor op zijn zending. Toen trad hij uit de schaduw en ondernam minstens vier grote reizen.
Intussen schreef hij een onbekend aantal brieven, waarvan er veertien in het Nieuwe Testament van de Bijbel zijn opgenomen.

Paulus had tevens het geluk om geboren te worden in de hoofdstad van de Romeinse provincie Cilicia – Tarsus, hetgeen een “vrije stad” was; als zodanig gaaf dit hem het Romeins staatsburgerschap bij zijn geboorte: “ En de overste ging erheen en zei tot hem: ‘Zeg mij, zijt gij een Romein?’. En hij zei: ‘Ja’.  En de overste antwoordde: ‘Ik heb dit burgerrecht voor een grote som verkregen’. Maar Paulus zei: ‘Doch ik bezit het door geboorte’Hand.22: 27,28. Het staatsburgerschap hielp Paul om een vreselijke geseling en geseling te voorkomen, hetgeen illegaal was om een Romeinse burger zonder een eerlijk proces te treffen.
Maar Paulus rept ook na zijn bekering over zijn achtergrond:
    Ik ben een Jood, te Tarsus in Cilicië geboren, doch in deze stad opgevoed, aan de voeten van Gamaliel opgeleid met nauwgezette inachtneming van de Wet van onze vaderen, een ijveraar voor God evenals gij allen heden zijt. En ik heb deze weg ten dode toe vervolgd door mannen en vrouwen in boeien te slaan en gevangen te zetten, gelijk ook de hogepriester van mij getuigen kan en de gehele Raad der oudstenHand.22: 3-5a. en vervolgens verhaalt hij de wonderlijke gebeurtenis van zijn bekering tot het Christendom.

Zowel Paulus als Christus [zie, de verkondiging aan de Emmaüsgangers] verkondigen de Blijde Boodschap op basis van de Joodse voorgeschiedenis.
Paulus vertrok na zijn voorbereiding in het verborgene naar Jeruzalem, waar de discipelen en apostelen aanvankelijk hem niet accepteerden vanwege zijn recente verleden als een vijand van het Geloof. Hij verliet Israël en begon de Blijde Boodschap aan de volken [de heidenen] te verspreiden.

De meeste spelleiders in onze gemeenschappen zullen u zeggen dat Paulus zich bekeerde tot een ‘nieuwe‘ religie, het christendom genaamd, op de dag dat hij verblind werd door God’s Licht.
Maar waar Sha’ul [Hebr.=‘gevraagd of de af-gebedene] zich werkelijk in bekeerde was een hart en een geest vervuld met de Geest van God, tot het oude wat overvloeide, evolueerde in het nieuwe.
Hij schreef vaak over God’s Liefde die hem ingeven door de Heilige Geest vanaf die wonderlijke gebeurtenis vervulde:
➥➥➥ ”     Weest in broederliefde elkander genegen, in eerbetoon elkander ten voorbeeld, in ijver onverdroten, vurig van geest, dient de Heer.
Weest blijde in de Hoop, geduldig in de verdrukking, volhardend in het gebed, bijdragend in de noden der heiligen, legt u toe op de gastvrijheid. Zegent wie u vervolgen, zegent en vervloekt niet.
Weest blijde met de blijden, weent met de wenenden. Weest onderling eensgezind, niet zinnende op hoge dingen, maar voegt u in het eenvoudige.
Weest niet eigenwijs. Vergeldt niemand kwaad met kwaad; hebt het goede voor met alle mensen.
Houdt zo mogelijk, voor zover het van u afhangt, Vrede met alle mensen. Wreekt uzelf niet, geliefden, maar laat plaats voor de toorn, want er staat geschreven: Mij komt de wraak toe, Ik zal het vergelden, spreekt de Heer” Rom.12: 10-19.

Paulus toonde deze liefde zelfs aan degenen die hem vervolgden. Toen God bijvoorbeeld de deuren van de gevangenis opende om te ontsnappen, maakte hij zich meer zorgen over de redding van de bewaker dan over zijn eigen vrijheid. In deze maken Petrus [verering Petrus’ banden] en Paulus hetzelfde mee, op wonderbare wijze worden zij [door een engel] bevrijd uit een gevangenschap, die hen vanwege de verkondiging van de Blijde Boodschap overkomt.
Beiden verkondigen de Blijde Boodschap, die zegt:
    Maar, indien uw vijand honger heeft, geef hem te eten; indien hij dorst heeft, geef hem te drinken, want zo zult gij vurige kolen op zijn hoofd hopen. Laat u niet overwinnen door het kwaad, maar overwin het kwade door het goedeRom.12: 20,21.
Aldus verkondigen alle apostelen dezelfde Blijde Boodschap, Die zich over de gehele wereld verspreidt:
    Naar Zijn raadsbesluit heeft Hij [Onze Heer Jezus Christus, de Zoon van de levende God] ons voortgebracht door het Woord der Waarheid, om in zekere zin eerstelingen te zijn onder zijn schepselenJac. 1: 18.

Mp3 – Δόξα αίνων Ζ Ιανρίου-(Προδρόμου)-ΠΕΤΡΟΥ-[Μετόχι Ι.Μ Σινά:

Troparion de koren der Heiligen [zaterdag]
tn.2.     “ Apostelen, Martelaren en Profeten,
Hiërarchen, Heiligen en Gerechten,
Die de goede strijd voleindigd en het Geloof bewaard heb,
gij hebt toegang tot de Verlosser.
Smeekt tot Hem, als de Goede, voor ons,
opat onze zielen mogen worden gered.

Kondakion [zaterdag]
tn.8.    Als eerstelingenoffer der natuur
offert de wereld U, de Heer en Schepper van het heelal,
de Goddragende Martelaren.
bewaar om hun gebeden Uw Kerk in diepe Vrede,
door de Moeder God’s, Barmhartige“.

Theotokion [zaterdag]
tn.2.
    Heilige Moeder van het ontoegankelijk Licht,
wij vereren U met de hymnen der engelen
om U vroom te verheffen”.

Troparion de gestorvenen [zaterdag]
tn.2.  Gedenk, Heer, in Uw Goedheid de dienaren en dienaressen,
en vergeef hun wat zij in dit leven hebben gezondigd.
Want niemand is zonder zonde, buiten U,
Die de Macht bezit om ook aan hen,
die overgegaan zijn, de rust te verlenen.

Kondakion de gestorvenen [zaterdag]
tn.8.  Met Uw Heiligen laat rusten o Christus,
de zielen van Uw dienaren en dienaressen,
waar geen smart, droefheid noch tranen zijn
doch waar Leven is, zonder einde”.

Orthodoxie & jezelf in je doen en laten werkelijk, waarachtig en vrij richten op God.

    Richt u op en heft uw hoofden omhoog, want uw Verlossing genaakt [komt dichterbij].
En Hij sprak een gelijkenis tot hen: Let op de vijgenboom en op al de bomen. Zodra zij uitlopen, weet gij uit uzelf, omdat gij het ziet, dat de zomer reeds nabij is.
      Zo moet ook gij, wanneer gij dit ziet geschieden, weten, dat het Koninkrijk Gods nabij is.
Voorwaar, Ik zeg u, dit geslacht zal geenszins voorbijgaan, voordat alles geschiedt.
De hemel en de aarde zullen voorbijgaan, maar Mijn woorden zullen geenszins voorbijgaanLuc.21: 28b-33.

You only know what you want to change, when you know where your resistance is.

    Weet wel [dit], mijn geliefde broeders: ieder mens moet snel zijn om te horen, langzaam om te spreken, langzaam tot toorn; want de toorn van een man brengt geen gerechtigheid voor God voort.
      Legt dus af alle vuilheid en alle uitwas van boosheid en neemt met zachtmoedigheid het in u geplante Woord aan, dat uw zielen kan behouden.
      En weest daders van het Woord en niet alleen hoorders: dan zoudt gij uzelf misleiden.
Want wie hoorder is van het Woord en niet dader, die gelijkt op een mens, die het gelaat, waarmee hij/zij  geboren is, in een spiegel beschouwt; want hij/zij heeft zich beschouwd, is heengegaan en heeft terstond vergeten, hoe hij er uitzag.
     Maar wie zich verdiept in de volmaakte wet, die van de Vrijheid, en daarbij blijft, niet als een vergeetachtige hoorder, doch als een werkelijk dader, die zal zalig zijn in zijn doen.
     Indien iemand meent godsdienstig te zijn en daarbij zijn tong niet in toom houdt, maar zijn hart misleidt, diens dienst aan God is waardeloos.
Zuivere en onbevlekte godsdienst voor God, de Vader, is: omzien naar wezen en weduwen in hun 
druk en zichzelf onbesmet van de wereld bewarenJac.1: 19-27.

Mozes aanvaardt de wet – Parijs psalter

Er zijn slechts twee beweegredenen waarom de mens doet en laat, zoals hij/zij doet:
uit angst òf uit vrij gekozen Liefde.
Telkens wanneer je iets overkomt in het leven voel je hier iets bij. Er kruipt een emotie bij je omhoog als reactie op die gebeurtenis.
Dit kan een emotie zijn die je als positief ervaart, zoals dankbaarheid, blijdschap, troost of geluk. Je kunt ook een emotie ervaren die negatief voelt, zoals jaloezie, haat, verdriet, teleurstelling of afgunst.
Hoewel we in de meeste gevallen denken geen invloed te hebben op de gevoelens die we ervaren, is juist het tegendeel waar.
We kunnen onze emoties sturen, en zelf bepalen welke gevoelens we ervaren naar aanleiding van iedere gebeurtenis.
Zoals al vaker is uiteengezet heeft een gebeurtenis geen betekenis totdat jij die eraan toekent. Jij kiest hoe je wilt reageren op iets dat je overkomt. En hoewel we meestal functioneren op de automatische piloot, heb je wel degelijk zelf een keus in de reactie die een gebeurtenis in jouw lichaam teweeg brengt.

Waarom is dit zo interessant te kiezen je eigen emotie?
Voornamelijk omdat we deze vrije keuze kunnen gebruiken om ons leven mooier te maken. Wanneer ons iets ‘vervelends’ overkomt kun je zelf bepalen hoe je hier op reageert.
Goed en slecht‘ bestaan niet en zo het bestaat, zal God daar wel over oordelen, dus niets ligt van tevoren vast. Wie zegt ons dat deze of gene gebeurtenis per definitie slecht is?
Je kunt ‘zelf‘ kiezen welk gevoel je eraan wilt koppelen, en deze vrijheid geeft je de kans om je leven mooier te maken en daarom kun je kiezen tussen angst en liefde.

Wanneer je kijkt naar de gevoelens die je ervaart, komt het spectrum van emoties voort uit slechts twee basis emoties: angst en liefde. Dit zijn de twee basisgevoelens van waaruit we allemaal handelen.
    Angst is de emotie van afkeer, afzondering, haat, vluchten, afstoten, jaloezie, afgunst en alle andere negatieve gevoelens.
    Liefde is de emotie van vasthouden, samen zijn, samenwerken, blijdschap en alle andere positieve gevoelens.
In iedere situatie in je leven reageer je in essentie vanuit één van deze twee emoties. Je reageert vanuit liefde of vanuit angst. Veel mensen reageren automatisch vanuit angst.
Ze zijn bang om iets kwijt te raken, of iets te ervaren dat ze niet willen.
Je hebt echter zelf de keus vanuit welke emotie je wilt reageren.
    Angst houdt je gevangen en maakt je leven minder fijn.
Zoals je begrijpt is leven vanuit gevoelens van angst op de lange termijn niet prettig. Wie zijn leven inricht rondom angst baseert zijn leven op negatieve emoties, en de angst om deze emoties te ervaren.
Hoe meer angst je in je leven brengt, des te meer reden je zult krijgen om angstig te zijn. Je gevoelswereld zal worden gedomineerd door negatieve gevoelens, met alle gevolgen van dien.
    Liefde maakt je vrij en je leven een stuk aantrekkelijker, mooier.
Wanneer je je leven baseert op gevoelens van Liefde zul je je leven op de lánge èn kòrte termijn mooier maken. Hoe meer Liefde je voelt, des te meer Liefde je zult kunnen ervaren. Je kunt ervoor kiezen om Liefde te voelen bij alles wat je overkomt, zelfs wanneer iemand je aanvalt.
Je kunt kiezen voor een positieve energie in je leven die doorwerkt in alle gebieden van je leven.

Zo kies je in alle openheid voor het gevoel van Liefde
Wanneer je voor een keuze staat, beoordeel je eigen emotie:
òf je reageert vanuit vrij gekozen Liefde òf vanuit de ineengekrompen gevangenschap van de angst.
      Wanneer je wilt gaan reageren vanuit een gevoel van angst [jaloezie, afwijzing, teleurstelling of bijvoorbeeld haat), sta dan even stil, en vraag jezelf af hoe je kunt reageren als je vanuit liefde zou handelen.
      Uiteraard is dit in veel gevallen makkelijker gezegd dan gedaan. Je dient dan ook niet te verwachten dat je vanaf -‘hier en nu’- de keuze kunt maken om alleen nog maar vanuit Liefde te reageren.
      Wel kun je je steeds bewuster worden van je reacties en je gedachten.
Je kunt jezelf langzamerhand trainen om steeds vaker te leven vanuit Liefde, en het leven vanuit angst achter je te laten. Dit doe je stap voor stap, niet van de een op de andere dag.
  Je bent moedig wanneer je je angsten ervaart en het tóch uit Liefde doet, gewoon om ‘zelf‘ frank en vrij over de brug te komen en je te uiten. Moed gaat niet over door uit Liefde geen angst voelen, want indien je geen angst voelt om Lief te hebben, dan heb je ook geen moed nodig.
– Vrij zijn van angsten komt vanzelf, maar pas nadat je de moed hebt opgepakt en los komt uit het verleden.
– Moedig zijn draait om het volgen van je hart, je doet wat je wilt en kunt doen zonder je te laten belemmeren door je angsten.
Maar je ervaart je Liefde voor de ander ondanks de angst wel degelijk. En je besluit er toch voor te gaan, je zegt gewoon waar het op staat.
–  Indien je dit niet doet – en dus je angsten niet overwint – dan gaan je angsten je leven dicteren en blijf je gevangen zitten in afkeer, afzondering, haat, vluchten, afstoten, jaloezie, afgunst en alle andere negatieve gevoelens en stijg je onmogelijk boven de situatie uit.

De Kracht van waarachtige Liefde schuilt niet in het vasthouden maar in het loslaten van het oude [van de Wet], van de  gevangenschap. Je wereld gaat er heel anders uitzien wanneer je in een relatie elkaar met respect behandelt, elkaar durft laten zijn, die je bent, zonder de ander te overheersen.
Dat houdt in dat je elkaar de vrijheid geeft om ‘helemaal‘ jezelf te zijn. Wanneer deze onzekerheid zich uit in een relationele wurggreep, kan dit een relatie ernstig beschadigen; er is dan geen sprake meer van vertrouwen.
Negatieve energie binnen de relatie, zoals egoïsme, jaloezie, afgunst, wantrouwen etc., staat in de weg van waarachtige Liefde.

Wanneer je een relatie met God wilt ontwikkelen kan de vraag ontstaan hoe je jouw gebed vorm kunt geven.
De discipelen hadden deze vraag ook. Zij vroegen aan Jezus: “leer ons bidden”.
Toen leerde onze Heer en Verlosser hen het Onze Vader.  Christus gaf ons hiermee aan dat de relatie met God intiem kan zijn, als met jouw Vader, een familie-relatie – een grote rijkdom aan principes en mag dus ook een soort ‘basis zijn‘ van onze gesprekken met God.
Er zijn er veel psalmen , klaagliederen en proclamaties in de Blijde Boodschap voorhanden, die je een krachtige impuls aanbieden voor je gebedsleven.
Wil je een gedienstig leven met God opbouwen, dan vraagt dat om een relatie, om intimiteit en daar zul je ook aandacht en tijd in steken.
Wij geloven in de navolging van Christus, Die heel vrijmoedig sprak over Zijn relatie met God, de Vader. We maken van daaruit [bewuste en onbewuste] keuzes, we leven vanuit een soort agenda, proberen aan de eisen van Zijn wereld te voldoen en ook af en toe nog een beetje te ontspannen.
Maar op een gegeven moment willen we ook in ons hart ervaren dat ‘God’ werkelijk aanwezig is, Hem ervaren en een relatie met Hem opbouwen.
Een relatie waarin wij Hem alles kunnen vertellen en waarin ook Hij de ruimte krijgt om te spreken en vervolgens zaken aan Hem kunnen overlaten.
Liefde kan niet van een kant komen en al helemaal niet wanneer ons een dreigende God voor ogen staat. Ideaal gesproken is dit de basis van ons hele bestaan, de Liefde tot God en onze naasten. De band met onze ouders en familieleden is er – als het goed is – een, die gebaseerd is op Liefde.
Er kan enorm veel in de weg zitten om de liefde van God te herkennen. Verkeerde denkbeelden, angst, woede en andere onverwerkte emoties kunnen als obstakels in de weg zitten.
Toch staat er in de Blijde Boodschap dat de Liefde sterker is dan de dood.
Vele wateren kunnen haar niet blussen, zij is een verterend [begeesterend] vuur, en met deze Heilige Sterkte en overweldigende Kracht houdt God van ons mensen.

Christus klopt aan jouw deur

Indien wij de deur voor Hem open zetten, zal Hij niet rusten tot we snappen ‘Wie’ Hij voor ons wil zijn.
Daar mogen we op wachten en daar mogen we steeds op hopen.
Deze liefde van God bouwt op, bemoedigt, verandert omdat het ons doet groeien.
Dit is wat onze Heer ons heeft geleerd en hetgeen ons in Zijn Geest
door zijn opvolgers is overgedragen al 20 eeuwen lang.
Mensheid richt u daarom op en heft uw hoofden omhoog,
want uw Verlossing komt dichterbij.

Troparion H. Apostelen [donderdag]
tn.3. “   Heilige Apostelen,
bidt tot de Barmhartige God,
dat Hij de vergeving van zonden
moge schenken aan onze zielen”.

Kondakion H. Apostelen [donderdag]
tn.2.
  De trouwe Verkondigers van God, Uw uitgelezen Leerlingen,
hebt gij, o Heer, deelachtig gemaakt aan Uw goederen,
en doen binnentreden in de eeuwige rust.
Want hun zwoegen en sterven
was kostbaar voor U boven offers,
omdat Gij alleen de harten kent
”.

Theotokoion [donderdag]
tn.3.
  Uit U bezitten wij het Woord van de Vader,
Christus onze God, in het vlees,
Moeder God’s en maagd,
alleen zuivere en enig gezegende.
Daarom willen wij u zonder ophouden bezingen en verheffen
”.

Kondakion H. Nicolaas [donderdag]
tn.4. “   Als richtsnoer van het Geloof,
voorbeeld van zachtmoedigheid,
en leraar der onthouding
zo heeft de waarheid van uw daden
U aan Uw kudde getoond.
Door nederigheid hebt gij het verhevene gewonnen;
door armoede de rijkdom.
Vader en aartsbisschop Nicolaas bidt tot Christus God
onze zielen te redden”.

Orthodoxie & gelukzaligheid in de wereld

    En toen sommigen van de tempel zeiden, dat hij met schone stenen en wijgeschenken versierd was, sprak Hij:
      Wat gij daar aanschouwt – er zullen dagen komen, waarin geen steen op de andere zal gelaten worden, die niet zal worden weggebroken.
      En zij vroegen Hem en zeiden: ‘ Meester, wanneer zal dit dan geschieden? En wat is het teken, dat deze dingen zullen gebeuren?
Hij zei:
      Ziet toe, dat gij u niet laat verleiden.
  Toen zei Hij tot hen:

Petrus’ banden [boeien] verbroken

Volk zal opstaan tegen volk en koninkrijk tegen koninkrijk, en er zullen grote aardbevingen, en nu hier, dan daar pestziekten en hongersnoden zijn, en ook vreselijke dingen en grote tekenen van de hemel.
  Zodra gij nu Jeruzalem door legerkampen omsingeld ziet, weet dan, dat zijn verwoesting nabij is. Laten dan die in Judea zijn, vluchten naar de bergen, en die binnen de stad zijn, de wijk nemen, en die op het land zijn, er niet binnengaan, want dit zijn de dagen van vergelding, waarin alles wat geschreven is, in vervulling gaat. Wee de zwangeren en de zogenden in die dagen!
Want er zal grote nood zijn over het land en toorn over dit volk, en zij zullen vallen door de scherpte van het zwaard en als gevangenen weggevoerd worden onder alle heidenen, en Jeruzalem zal door heidenen vertrapt worden, totdat de tijden der heidenen zullen vervuld zijnLuc.21: 5-8a- 10-11, 20-24.

H. Jacobus, 1e toezichthouder te Jeruzalem

    Jacobus, een dienstknecht van God en van de Heer Jezus Christus, groet de twaalf stammen in de verstrooiing.
     Houdt het voor enkel vreugde, mijn broeders, wanneer gij in velerlei verzoekingen valt, want gij weet, dat het beproefd worden van uw Geloof volharding uitwerkt.
⁌       Maar die volharding moet volkomen doorwerken, zodat gij volkomen en onberispelijk zijt en in niets te kort schiet.
⁌      Indien echter iemand van u in wijsheid te kort schiet, dan dient hij God daarom te bidden, die aan allen geeft, eenvoudigweg en zonder verwijt; en zij zal hem gegeven worden. Maar hij moet bidden in geloof, in geen enkel opzicht twijfelende, want wie twijfelt, gelijkt op een golf der zee, die door de wind aangedreven en opgejaagd wordt.
      Want zulk een mens moet niet menen, dat hij iets van de Heer zal ontvangen, innerlijk verdeeld als hij is, ongestadig op al zijn wegen.
      Laat de geringe broeder roemen in zijn hoogheid, maar de rijke in zijn geringheid, want als een bloem in het gras zal hij vergaan. Want de zon komt op met haar hitte en doet het gras verdorren, en zijn bloem valt af en de schoonheid van haar uiterlijk verdwijnt; zo zal ook de rijke met zijn ondernemingen verwelken.
      Welzalig is de mens, die in verzoeking volhardt, want, wanneer hij de proef heeft doorstaan, zal hij de kroon des levens ontvangen, die Hij beloofd heeft aan wie Hem liefhebben.
      Laat niemand, als hij verzocht wordt, zeggen: Ik word van Godswege verzocht.
Want God kan door het kwade niet verzocht worden en Hijzelf brengt ook niemand in verzoeking. 
Maar zo vaak iemand verzocht wordt, komt dit voort uit de zuiging en verlokking van zijn eigen begeerte. Daarna, als die begeerte bevrucht is, baart zij zonde; en als de zonde volgroeid is, brengt zij de dood voort.
      Dwaalt niet, mijn geliefde broeders. Iedere gave, die goed, en elk geschenk, dat volmaakt is, daalt van boven neder, van de Vader der lichten, bij Wie geen verandering is of zweem van ommekeer.
Naar Zijn raadsbesluit heeft Hij ons voortgebracht door het Woord der Waarheid, om in zekere zin eerstelingen te zijn onder zijn schepselen
Jac.1: 1-18.

Naar Zijn raadsbesluit heeft God ons voortgebracht door het Woord der Waarheid, om in zekere zin eerstelingen te zijn onder Zijn schepselen.
Paulus verschafte de mensen een nieuwe openbaring over zaken waar Jezus niet uitdrukkelijk over gesproken heeft. Hoe uitgebreid de bediening van Jezus ook was, Hij heeft niet al het denkbare ten aanzien van het Christelijke leven uitgelicht. Daarom zond Hij Zijn volgelingen uit om Zijn bediening voort te zetten na Zijn Hemelvaart, en daarom hebben wij allen een door God geïnspireerde Blijde Boodschap gekregen, “zodat een dienaar van God voor zijn taak berekend is en voor elk goed doel volledig is toegerust2Tim.3: 17.
Die onthullingen zijn uiteindelijk afkomstig van de Heilige Geest en worden Mysteriën genoemd. Het woord “Mysterie” is een theologisch-technische term, Die doelt op een vooraf onbekende Waarheid, Die -‘hier en nu‘- onthuld wordt, zoals dat de Kerk bestaat uit Joden en heidenen [conf. Rom.11: 25]
òf het moment waarop de bazuin het einde inluidt, wanneer de doden onvergankelijk opgewekt zullen worden en wij zullen onherroepelijk ten goede veranderd worden [conf. 1Cor.15: 51-52].
Vandaag wordt ons hetzelfde voorgeschoteld door de broeder des Heren, James/Jacobus., die eveneens een volgeling van Christus werd.

Het Evangelie van vandaag begint met de tempel en dan gaat het niet over dat gebouw – gebouwen zijn slechts ontstaan uit uiterlijke beweegredenen van mensen, meestal als project van deze of gene, die zichzelf ontzettend belangrijk heeft gevonden.  Je ziet dat overal om je heen – mensen, die zich zo nodig dienen te manifesteren als zijnde, zie mij eens.
Er wordt daarbij vergeten dat wij slechts stof zijn en tot stof zullen weerkeren.

Neen, het gaat hier vandaag om ‘die andere tempel‘, waar de Paulus over gesproken heeft.

Weet u het nog?
De tempel is de plaats van de ontmoeting met God: ‘het huis van … God‘ is Hem ontmoeten in de tempel van ons innerlijk, in ‘de tempel van ons hart’ en
waneer we dáár naar binnen kijken is het meestal zo dat we het erg met onszelf getroffen hebben – met schone stenen en wijgeschenken versierd.
Wat ons rest is dat we met de hulp van God uit ‘onze gevangenschap‘ komen – het verbreken van de ‘oh-zo-kostelijke’ kettingen waarmee wij door herodes weggehouden worden van het enige wat ons als volgelingen van Christus kan redden.
Welzalig is de mens, die in verzoeking volhardt, want, wanneer hij de proef zal doorstaan, op die wijze zal de mens de kroon van het Leven ontvangen, Die onze Heer en Meester beloofd heeft aan wie Hem liefhebben.
Navolging van Christus houdt niet anders in dan in zekere zin het
met onze Heer te streven om als mensen
eerstelingen te zijn onder God’s schepselen.

MP3: ‘Welzalig is de mens, die niet wandelt naar de raad der goddelozen‘ – Ormylia Monastery

Kruis – houtsnijwerk van een aankomend monnik, I.M.Karakallou, Athos

Tropaar van het Heilig Kruis [woensdag en Vrijdag]
tn.1. “   Red, Heer, Uw volk, en zegen Uw erfdeel;
schenk aan de rechtgelovigen de overwinning over de vijanden,
en bescherm Uw Gemeenschap door Uw Kruis”.

Kondakion [woensdag en Vrijdag]
tn.1.  Gij, Die U vrijwillig op het Kruis hebt verheven,
o Christus God,
schenk Uw ervaringen aan Uw nieuwe Gemeente,
die naar U genoemd is.
En verblijd ons met Uw Kracht
in de strijd tegen de vijand.
Want gij zijt onze helper door het onoverwinnelijke Vredeswapen van Uw Kruis
”.

Theotokion [woensdag en Vrijdag]
tn.1.  Wij allen die uw bescherming ondervinden, Al-reine,
en die door uw speling van onze tegenstanders zijn bevrijd:
wij worden bewaakt door het Kruis van Uw Zoon;
daarom willen wij u vroom verheffen
”.

Kondakion [Petrus’ banden (boeien)] 16 januari
tn.2. “   Christus, de Rots, verheerlijkt
de stralende rots van het Geloof,
de Eerst-tronende van de Volgelingen,
want Hij roept allen samen
voor het feest van Petrus’ ketenen
en Hij verleent ons vergeving van onze zonden
”.

Orthodoxie & de dood van een machtssysteem en de wederopstanding

‘de dood’, ascetische afbeelding van het open graf van de Keizer ‘Alexander de Grote’

      Maar vóór dit alles zullen zij de handen aan u slaan en u vervolgen, door u over te leveren in de synagogen en gevangenissen, en u voor koningen en stadhouders te leiden omwille van Mijn Naam. Het zal voor u hierop uitlopen, dat gij zult getuigen.
       Neemt u daarom in uw hart voor, niet vooraf te bedenken, hoe gij u zult verdedigen. Want Ik zal u mond en wijsheid geven, welke al uw tegenstanders niet zullen kunnen weerstaan of weerleggen.
       En gij zult overgeleverd worden zelfs door ouders en broeders en verwanten en vrienden, en zij zullen sommigen van u doden en gij zult door allen gehaat worden omwille van Mijn Naam.
Doch geen haar van uw hoofd zal teloor gaan; door uw volharding zult gij uw leven verkrijgenLuc.21: 12-19 

      Ziet dan toe, dat gij Hem, die spreekt, niet afwijst.
Want als genen niet ontkomen zijn, toen zij Hem afwezen, die zijn godsspraak op aarde deed horen, hoeveel te minder wij, als wij ons afwenden van Hem, Die uit de Hemelen [spreekt].
Toen heeft Zijn stem de aarde doen wankelen, doch thans heeft Hij een belofte gegeven, zeggend: Nog eenmaal zal Ik niet slechts de aarde, maar ook de Hemel doen beven.
       Dit: nog eenmaal, doelt op een verandering van de wankele dingen als van iets, dat slechts geschapen is, opdat zal blijven, wat niet wankel is.
      Ik vermaan u, broeders, houdt mij dit woord van vermaning ten goede, want ik schrijf u maar kort. Weet, dat onze broeder Timotheus
[Hebr.= ‘God vererend’] in vrijheid gesteld is; als hij spoedig komt, zal ik met hem u bezoeken.
Groet al uw voorgangers en al de heiligen. De broeders uit Italië laten u groeten. De Genade zij met u allenHebr.12: 25-27:13: 22-25 [lezingen van dinsdag 15 januari].

Broeders, zusters, de Genadegaven van onze Heer en Verlosser zij met u allen, maar weet dat degenen, die God vereren, die Zijn godsspraak op aarde deed horen, zijn ‘vrijgesteld’.

De huidige globaliserende wereld

Globalisering leidt tot verbrokkeling

Omdat ons lot onzeker en onze natuur onbetrouwbaar is, hoeveel
eerbiedwaardiger en beter is het dan om de leer van onze voorouders als meesteres in de Waarheid te aanvaarden,
de overgeleverde godsdienstige gebruiken in ere te houden, de goden, die je door je ouders als kind intiem hebt leren aanbidden, te vrezen in plaats van hen nader te leren kennen; hoeveel eerbiedwaardiger en beter is het dan om de ouden te geloven dan zich over de goddelijke wezens een ‘eigen’ mening te willen vormen

uit: de Apology ‘Spectaculis’ van Tertullianus [ca. 150–222 na Chr.]

Wilt u werkelijk historische inzicht verkrijgen lees dan het volgende:
Pdf:  De wereld waarin de eerste Christenen leefden

⁌⁌⁌          Weet dan dat er tegen het einde van de 21e eeuw in onze globaliserende wereld misschien nog geen tienduizend christenen zullen overblijven, een uitermate kleine minderheid dus.
Wij, Christenen zullen door allen gehaat worden omwille van de Naam Van onze Heer Jezus Christus: “ De wereld zal de handen aan u slaan en u vervolgen,
door u over te leveren in jullie gebedshuizen en hun gevangenissen, en
u voor koningen en stadhouders
[toezichthouders] te leiden omwille van Mijn Naam. Het zal er voor u op uitlopen, dat jullie persoonlijk zult dienen te getuigen”.

de dood van een aards imperium

De Macht en de Opstanding komt slechts onze Heer en Verlosser toe
Of de Apostel Petrus ooit echt in Rome is geweest en daar de leiding heeft genomen over de vroege Christelijke gemeenschap is onduidelijk, wel is bekend dat deze Apostel, deze rots, toezichthouder, bisschop was in Antiochië.
Wat tevens bekend is dat de vroegste Christelijke gemeenschappen helemaal geen niet bekend centrale leider kende in de vorm van een paus of patriarch.
Zij waren losjes georganiseerd omdat de eerste Christenen in de veronderstelling leefden dat Christus spoedig zou terugkeren op aarde.
Pas toen rond het begin van de tweede eeuw bleek dat die terugkeer nog wel even op zich liet wachten ontstond er de menselijke behoefte aan meer hiërarchie en organisatie.

Zo ontstonden lokale leiders in de vorm van bisschoppen [Latijn = ‘Episcopus, toezichthouder’].                Terwijl de gemeenschappen groeiden en de Christelijke heilsleer zich door het steeds instabieler wordende Romeinse Rijk verspreidde, kregen de bisschoppen steeds meer macht en invloed.
Op de eerste grote kerkvergadering, welke in het jaar 325 door keizer Constantijn de Grote bijeengeroepen werd, was er geen paus of patriarch aanwezig – er waren slechts toezichthouders, die in onderlinge liefde, overleg pleegden.
Na de val van het Oost- en West-Romeinse rijk ontstond er een machtsvacuüm en begon de strijd om een door ‘werelds denken‘ beïnvloede bevoorrechte positie, welk tot op de dag van vandaag leidde tot een hang naar Macht.
De Macht in de Kerk, het Lichaam van Christus komt slechts God toe.
Alvorens een inter-collegiaal besluit te nemen, die door ‘alle’ toezichthouders aanvaard en vervolgens door het Christenvolk in het hart gedragen zou worden, werd daarom de Heilige Geest aangeroepen [‘het Hemelse Koning‘], Christus is immers het hoofd van de Kerk.
Wie zich derhalve blijft opwerpen als eerste onder gelijken dient zich bewust te zijn dat dit slechts een menselijke weeffout is en dient zich overtuigen dat de waarheid niet door ‘drammen’ of ‘onwaarheden te verkondigen’ opgedrongen kan worden, de Geest waait immers waarheen God dat wil. De tijd speelt hierin een grote rol en daarom wordt ieder gebed tot onze Heer en zaligmaker ook afgesloten met “in de eeuwen der eeuwen, Amen [bij God, zo zij het]”.


De woestijn van ons leven
       “Jij bent die mens in de woestijn!”

De woestijn en de plaats waar de weg ingezet wordt tot verdoemenis is een van de belangrijkste factoren in de ontwikkeling van zelfconcentratie en gebed tot God.  Wij zijn dit al eerder tegengekomen in het leven van de profeten en
de laatste onder hen Johannes de Doper.
Daar is het niet bij gebleven, dit is eveneen duidelijk waar te nemen in het leven van de Heiligen Paulus van Thebe, Antonius de Grote en de drie H Hierarchen, die deze maand in de [Orthodoxe] Kerkkalender met heiligen zijn opgenomen

Heilige Anthonius de Grote met Paulus van Thebe in de woestijn van Egypte

            De Heilige Paulus van Thebe kwam voort uit een rijke familie van Neder-Thiva in Egypte. Toen de Romeinse keizer Decius [249-251] zijn vreselijke vervolging tegen christenen inzette, verloor deze Paulus [Hebr.= ‘klein’], slechts 15 jaar oud, zijn ouders.
Met een door de Heilige Geest ingegeven hoogwaardige motivatie gaat hij de weg uit de wereld vandaan, hij trekt zich terug in zijn binnenkamer om maar niet overgeleverd te worden aan de [over-]heersende aanvallen van de tijd, welke de christenen vervolgt, teneinde zich te kleden voor de komende Bruidegom, Die hem de Opstanding, de Overwinning op de dood heeft voorzegd.
Hij trekt zich terug in een onherbergzame streek, ver van de bewoonde wereld, in de woestijn en roept Zijn Heer en Meester aan [Psalm 90[91] als zijn enig overgebleven toevlucht.
Daar, in de stilte van de natuur, vond hij tijd voor systematische studie en gebed.
Toen de vervolging van Decia voorbijging en de vrede terugkeerde, leeft Paulus nog steeds in de woestijn en besluit hij er in feite permanent te blijven.
Niet voor het eerst in de geschiedenis had de woestijn z’n intellectuele superioriteit bewezen en de mens ten opzichte van onze Heer nederigheid bijgebracht.
Deze hoogstaande bewustwording spreekt vele mensen aan, die vermoeid en belast zijn en rust zieken voor hun ziel. Massa’s mensen kwamen om van zijn inzichten te leren, naar hem te luisteren en hem in hun moeilijkheden te raadplegen.
Zijn reputatie bereikte Anthonius de Grote, die zich om weg begaat om hem uiteindelijk in een atmosfeer van onuitsprekelijke vreugde te ontmoeten; zij herkenden elkaar in hun streven naar de ontmoeting met onze Heer en Verlosser. Toen de heilige Antonius een paar maanden daarna opnieuw Paulus van Thebe wilde vereren met een bezoek vond hij hem dood en twee leeuwen bewaakten het graf, welke zij met hun nagels in de woestijn uitgegraven hadden.
De grote kluizenaar was toen 113 jaar oud.
Vele monniken en monialen hebben deze levenswijze, welke ver vóór Christus de mens reeds tot de hoogste hoogte voerde, nagevolgd. De Goddelijke Wijsheid wordt aldaar gekoesterd.
Aldus wordt in de Kerk ‘God’ vereerd en wordt de wijsheid van de Godsspraak, ‘de Blijde Boodschap’ over de gehele aarde gehoord en zijn zij in de holen en spelonken der aarde ‘vrijgesteld’.

Troparion H. Johannes de Doper [dinsdag]
tn.2. “   De gedachtenis van een rechtvaardige
wordt gevierd met hymnen,
maar u volstaat het getuigenis des Heren, o Voorloper,
want gij toonde u waarlijk eerbiedwaardiger dan de Profeten,
omdat gij Hem, Die gij predikte mocht dopen in de wateren.
En nadat gij geleden had voor de Waarheid,
hebt gij vol vreugde de Blijde Boodschap gebracht in de Hades,
dat God in het vlees is verschenen.
Die de zonde van de wereld wegneemt
en ons de grote Genade verleent“.

Orthodoxie & het verwerven van heerlijkheden

Toen kwam Jezus uit Galilea naar de Jordaan tot Johannes, om Zich door hem te laten dopen.
Maar deze trachtte Hem daarvan terug te houden en zei: 
‘ Ik heb nodig door U gedoopt te worden en komt Gij tot mij?
Jezus echter antwoordde en zei tot hem: ‘Laat Mij thans geworden, want aldus betaamt het ons
alle gerechtigheid te vervullen. Toen liet hij Hem geworden.
Terstond nadat Jezus gedoopt was, steeg Hij op uit het water. En zie, de hemelen openden zich, en Hij zag de Geest Gods nederdalen als een duif en op
Hem komen. En zie, een stem uit de hemelen zei: 
‘ Deze is Mijn Zoon, de Geliefde, in Wie Ik Mijn welbehagen hebMatth.3: 13-17.

Want de Genade van God is verschenen, heilbrengend voor alle mensen, om ons op te voeden, zodat wij, de goddeloosheid en wereldse begeerten verzakende, bezadigd, rechtvaardig en godvruchtig in deze wereld leven, verwachtende de zalige hoop en de verschijning van de
Heerlijkheid van onze grote God en Heiland, Christus Jezus, Die Zich voor ons heeft gegeven om ons vrij te maken van alle ongerechtigheid, en voor Zich te reinigen een eigen volk, volijverig in goede werken.
 Want vroeger waren ook wij verdwaasd, ongehoorzaam, dwalende, verslaafd aan velerlei begeerten en zingenot, levende in boosheid en nijd, hatelijk en elkander hatende.
Maar toen de Goedertierenheid en Mensenliefde van onze Heiland (en) God verscheen, heeft Hij, niet om werken van de gerechtigheid, die wij zouden gedaan hebben, doch naar Zijn Ontferming
ons gered door het bad van de wedergeboorte en van de vernieuwing door de Heilige Geest, Die Hij rijkelijk over ons heeft uitgestort door Jezus Christus, onze Heiland, opdat wij, gerechtvaardigd door zijn genade, erfgenamen zouden worden overeenkomstig de Hoop op het eeuwige levenTitus 2: 11-14; 3: 4-7 [lezingen van maandag 14 januari].

Door het werk van Jezus Christus wordt de kerk gebouwd, en ‘kan’ de heerlijkheid van God ‘weer’ worden ervaren in Zijn huis.

Het verwerven en het bezit van heerlijkheden is een belangrijk aspect op het gebied van maatschappelijke stand geworden.
Daarmee verbonden volgt de geschied’s-opbouw en verwordt het tot aanzien in onderlinge verhoudingen, tot elite-vorming en wordt lokaal bestuur vaak opgebouwd met als motief om met die verworven heerlijkheden slecht ‘aanzien’ te verwerven.

Belangstelling voor dit soort trekjes beperkte zich vrijwel uitsluitend tot personen, die om verschillende redenen ervaren dat zij bestuurlijk worden buitengesloten van een bepaalde sociale klasse. Zij begeven zich daarom in die kringen waar zij de aandacht op zich gevestigd krijgen, want dan zijn zij immers in beeld.
De adel kreeg dit als het ware op een bordje gepresenteerd òf een revolutie diende een kink in de vloedlijn te hebben getrokken, waarna men van ‘gevallen’ adel spreekt.
Degenen, die zich hiertoe door huwelijk niet hebben kunnen ‘verkeren’ kunnen vervolgens het idee krijgen dan tòch nog ‘iets’ te betekenen, door zich maatschappelijk te verheffen en vervolgens door een aantrekkelijke uiterlijke reputatie, een ‘glans’ op te bouwen.

Het landgoed Vollenhoven in De Bilt [Utr.] was een van de eerste buitenplaatsen van de Stichtse Lustwarande.

Bij hovelingen zie je dan dat zij zich kastelen en buitenplaatsen verwerven, waar zij veelvuldig hun aanwezigheid onder de beter gesitueerden kunnen vertonen, een bepaalde vorm van timmeren aan de weg. Zij ontplooien daarbij veel activiteiten en treden daarmee naar buiten om zogenaamde verandering en vernieuwing te bewerkstelligen.
Regelmatig komt het voor dat zij daarbij hun eigenlijke verantwoordelijkheden tekort doen, m.a.w. de functie waar zij eigenlijk voor aangesteld zijn wordt verwaarloosd, waarbij sprake is van degeneratie.

Ook in kerkelijke aangelegenheden kom je dit soort bestuurders tegen, die slechts naar buiten treden om verandering en vernieuwing te bewerkstelligen – het kan tevens zo zijn dat zij hier om kerk-politieke redenen toe zijn opgeleid.
Hooggeplaatste toezichthouders en hun handlangers zijn echter door de vroeg-christelijke kerk in het leven geroepen om zich in alle nederigheid als aanvoerders der gerechten te tonen, een ascetische voorrangspositie, die hen door levenservaring de mogelijkheid zou bieden zich ‘werkelijk’ als beeld van God aan de wereld te tonen en toezicht te houden op de spelleiders in de verschillende gemeenschappen in de navolging van Christus. Hiertoe is het Lichaam van Christus immers in het leven geroepen om op eenvoudig monastieke wijze het Beeld van God in de wereld te doen stralen.

Leidraad bij het toezicht is de Blijde Boodschap, welke in de eerste plaats uitgaat van Liefde tot God en liefde tot de naaste, hetgeen het fundament vormt van de Christelijke Gemeenschap, die zich als zodanig dan ‘het Lichaam van Christus’ mag weten. Uitgangspunt is tevens dat men zowel persoonlijk als gemeen-schappelijk het lijden als vanzelfsprekend aanvaard en door dit te doen de wereld tracht te verbeteren. Derhalve is het Kruis een teken voor de Kerk geworden, waarmee men de doelstelling van de christelijke gemeenschap aangeeft.
Waar veel christenen vooral gericht zijn op het leven ná de dood, is dat in het jodendom juist net andersom. Volgens het jodendom is het niet aan de mens om zich bezig te houden met wat er na dit leven komt, dat wordt immers toevertrouwd aan God. De taak van de mens is dan ook om in zijn aardse bestaan een bijdrage te leveren aan het herstel van déze wereld.

In het ware Christendom wordt de redding van de ziel voor de eeuwigheid beschouwd als het hoogst haalbare.
Soms zijn we daarbij zó gericht op het toekomstige, dat we ons ‘nauwelijks’ nog interesseren voor het tegenwoordige. Anderen leggen zich bij voorbaat neer bij het feit dat deze wereld ‘toch al verrot is’ en dat dit voorlopig ook nog wel even zal blijven.
En Christus, Die op de troon gezeten is, zei: ‘Zie, Ik maak alle dingen nieuw’. En Hij zei: ‘Schrijf, want deze woorden zijn getrouw en waarachtig’Openb.21: 5,
waarop gesteld wordt dat bij de wederkomst op het einde der tijden
alle dingen nieuw zullen worden.
Maar in wàt voor wereld ontvangen we Christus dan?
Is het niet onze plicht om ons tot Zijn komst in te zetten voor Zijn doel met de schepping?
Dit gaat veel verder dan naastenliefde.
Het gaat ook om het streven naar sociale rechtvaardigheid,
zorg voor zowel de mens als het dier, voor een natuurlijke omgeving.
Dat is wel het minste wat we kunnen doen om God te danken voor Zijn schepping.
Niet als naïeve wereldverbeteraars. Zonder God erbij te betrekken is al het streven naar een rechtvaardiger wereld gedoemd te mislukken. Verbeter de wereld en, begin daarbij dus vanuit God.

De aard van het beest achter een crisis
Het vertrouwen in materialisme is zich echter gaan vermengen met het Christelijk Geloof.
Of het nu gaat om geld, seks en macht en het misbruik van middelen – door het aanbidden van deze bekoorlijke afgoden streeft de Kerk naar aardse heerlijkheden en verkeert zij in een crisis.
Er is sprake van meerdere crisissen: een kredietcrisis die uitgegroeid is tot een economische crisis, maakt bij herhaling duidelijk dat er het nodige aan de hand is. Je mag je – ook in de Kerk – afvragen waar al die verdeeldheid en versplintering uiteindelijk toe zullen leiden.
     Daarnaast is er ook sprake van een wat je morele crisis zou kunnen noemen.
De moraal is vaak zoek hetgeen blijkt uit zinloos geweld of vernielingen.
Wat zijn de waarden en normen van onze samenleving? Het lijkt erop dat mensen vaak geen rem meer hebben.
Politiek is er ook het nodige aan de hand: van stabiliteit is zeker geen sprake. Je kunt je afvragen  waar al die verdeeldheid en versplintering uiteindelijk toe zullen leiden.

Wat er in dit soort situaties veelal gebeurt is dat er een alleen-heerser, een onbeperkt gezag-hebber voor bepaalde tijd opstaat – wanneer dit door de gehele samenleving geaccepteerd wordt zou dit een poosje kunnen werken.

Paus Franciscus & Patriarch Bartholomeus in de grafkerk, Jeruzalem.

Echter het komt nogal eens voor dat iemand of een groepering zichzelf tot alleenheerser met onbeperkte macht uitroept en zeker in de Kerk, waarbij de Macht slechts aan Christus – als Heer en Meester, als onze God en Vader toekomt wordt dit absoluut niet geaccepteerd.
De oorzaak van zo’n crisis is vaak terug te voeren tot menselijk wangedrag, men is de binding met de oorspronkelijke God-mens- verbinding kwijt.
Het behoort tegenwoordig immers tot onze aard om voor onszelf op te komen, maar ook om te streven naar steeds maar meer, of dat nu eigenbelang is of niet.
‘Ieder mens heeft last van zijn streven naar het gefocust zijn op Geld, Sex en Macht. Meer dan ooit heeft de mens de macht in handen en wil hij zelf bepalen wat te doen, zo lijkt het. Voor de meesten bestaat er niet meer ‘Iemand [een Christen, leest God] die meekijkt’ over zijn of haar schouders.
Absolute waarheden buiten onszelf worden niet langer aanvaard.
Nee, we bepalen ‘zelf‘ wel wat goed is. De mens lijkt overmoedig geworden te zijn.  We zeggen/zingen: ‘We’ve got the whole world in our hands’ in plaats van
‘He’s got the whole world in His hands’. God wordt domweg buitengesloten.
Onze samenleving heeft een Joods-Christelijke achtergrond en dat is tot op de dag van vandaag in veel opzichten te merken; maar er is wèl iets aan de hand.
We zijn steeds meer gaan vertrouwen op ons eigen kunnen. We zijn gaan vertrouwen op technologische ontwikkelingen en financiële mogelijkheden. We kunnen steeds meer en zijn misschien zelfs wel wat overmoedig geraakt.
Het punt is dat christenen daar ook helemaal in meegegaan zijn, zelfs zó vèr dat ook een aantal van onze toezichthouders hiermee besmet zijn.
Het vertrouwen in het materialisme is zich gaan vermengen met het Christelijk Geloof.
Christenen behoren onderscheidend te zijn door hun doen en laten, maar dat is nog maar nauwelijks het geval. Misschien wordt gedacht dat multi-tasken ook op dit punt kan worden toegepast; zondag’s geestelijk actief zijn in de kerk en door de week je gedienstig maken voor je bankrekening, waarvan het laatste de boventoon voert. In het weekend vroom en er door de week Geld, Sex en Macht op los leven. 

Geloof is Hoop op een bepaald perspectief

Geloof dient je echter een nieuw perspectief, een nieuw wereldbeeld te geven. Uitzicht op een Christelijk leven, gericht op de dienst aan God en dat begint met het besef dat wij slechts mensen zijn. Nietige wezens die in geen verhouding staan tot de Grootsheid en Macht van God.
Er is een levende God, Die over onze schouders meekijkt, ons moreel besef aanleert, ons waarden en normen bijbrengt, maar Die ons vooral Hoop geeft. Hoop, welke ‘alles‘ te maken heeft met de Liefde Die Hij heeft en onbeperkt uitdeelt aan alle mensen.
Onze Heer en Verlosser is als Zoon van God naar deze aarde gekomen om de grote afstand tussen God en de mens te overbruggen, door
de mens voor te houden dat er een goddelijk Beeld bestaat.
Daardoor heeft ieder mens toegang tot God, tot een nieuw perspectief, een nieuwe start en een plaats waar geen ruimte is voor ‘eigen’ belang, pijn, misbruik, verdriet, oorlog of honger.
Dat maakt je pas rijk en daarmee
verwerf je het mooiste van alle heerlijkheden,
voor nu en in de eeuwen der eeuwen.

Troparion Engelen [maandag]     

tn.4.
Gij Aanvoerders der Hemelse Heerscharen,

wij onwaardigen bidden tot u,

dat gij ons beschermt door uw gebeden,

en ons beschut met de dekking van uw vleugelen.

Behoedt ons door uw bovenzinnelijke heerlijkheid,

nu wij neervallen en tot u roepen:

redt ons uit de gevaren,

Aanvoerders der Krachten uit den Hoge “.

33e Zondag na Pinksteren – het land der heidenen heeft een groot Licht gezien

Hoofd van de H. Johannes de Doper

  Toen de Heer vernam, dat Johannes overgeleverd was, trok Hij Zich terug naar Galilea.   En Hij verliet Nazareth en ging wonen te Kapernaüm [Hebr.=’dorp van rust’], aan de zee, in het gebied van Zebulon [Hebr.= [‘bewoning’] en Naftali [Hebr.= ‘worsteling’], opdat vervuld zou worden het woord, door de profeet Isaiah gesproken, toen hij zei:
    Het land Zebulon en het land Naftali, aan de zeeweg, over de Jordaan, Galilea der heidenen:
het volk, dat in duisternis gezeten is, heeft een groot licht gezien, en voor hen, die gezeten zijn in het land en de schaduw des doods, is een licht opgegaan.
Van toen aan begon Jezus te prediken en te zeggen:
    Bekeert u, want het Koninkrijk der hemelen is nabijgekomenMatth.4: 12-17.

 

Verslag van ooggetuigen; Report of eyewitnesses; Αναφορά των αυτόματων μαρτύρων; تقرير شهود العيان.

    Maar aan een ieder van ons afzonderlijk is de Genade gegeven, naar de mate, waarin Christus haar schenkt. Daarom heet het: opgevaren naar den hoge voerde Hij krijgsgevangenen mede, Gaven gaf Hij aan de mensen.
Wat betekent dit:
Hij is opgevaren, anders dan dat Hij ook nedergedaald is naar de lagere, aardse gewesten? Hij, Die neergedaald is, Hij is het ook, Die is opgevaren ver boven alle hemelen, om alles tot volheid te brengen.
En Hij heeft zowel apostelen als profeten gegeven, zowel evangelisten als herders en leraars, om de heiligen toe te rusten tot dienstbetoon, tot opbouw van het lichaam van Christus, totdat wij allen de eenheid van het Geloof en van de volle kennis van de Zoon van God bereikt hebben, de mannelijke rijpheid, de maat van de wasdom van de volheid van Christus“ Eph.4: 7-13.

Weinig symbolen zijn beter bekend dan licht en duisternis.

‘Licht’-schakelaar

Hoewel ons modern vermogen om de duisternis te laten verdwijnen met een klik van een schakelaar de intensiteit van ons bestaand begrip van duisternis veranderd heeft, bestaat het nog steeds.
De meeste misdaden vinden plaats in het verborgene, omsluierd, tijdens duisternis.
We voelen ons vaak niet op ons gemak wanneer zaken zich in het verborgene, onttrokken aan onze opmerkingsvermogen plaatsvinden, in donkere straten.  

Toen Jezus naar de aarde kwam, was de wereld gevangen in geestelijke duisternis. De hoop van Zijn Volk, de mensen, die Hij vanaf den beginne liefhad, lag verbrijzeld in de duisternis van hun eigen falen en het onvermogen om het juk van honderden jaren van ‘dominante‘ verenigde organisaties af te gooien.
Op het gebied van religie was God’s volk verzonken in diepe duisternis.
God’s volk werd geleid door corrupte toezichthouders, voor-gangers:
– de Sadduceeën, die met de tegenstrever samenwerkten; en
– strenge Farizeeën, die te veeleisend waren, vaak hypocriet en
een levensstijl hadden buiten het bereik voor de meeste gewone mensen.  

De Nederlanden, de Lage Landen, België… In het begin van de nieuwe tijd bedoelt men hier drie keer hetzelfde mee. Het is het mondingsgebied van Rijn, Maas en Schelde, vruchtbare landbouw-grond waarvan een niet onbelangrijk deel gewonnen werd op de zee.

Levendig persoonlijk Geloof onder de gewone mensen heeft ook in onze tijd een verre herinnering gekregen, het is overstemd door de wereld en een verscheiden-heid aan richtingen, waar geen normaal mens vat op kan krijgen. Geen stem van ‘een ware profeet’ kan gehoord worden.
Toen Johannes gearresteerd werd, ging onze Heer en Verlosser naar een land in duisternis om daar Licht te brengen.
Hij ging naar het meest uiteenlopende raciaal gebied van Israëlitisch invloed, Galilea, om het zaad te zaaien van een Koninkrijk der Hemelen, voor ‘alle‘ naties. Meer dan alleen maar het begin van Jezus’ Hemels Koninkrijk, horen we de hoop van de profeet Isaiah
gerealiseerd in de hedendaagse Blijde Boodschap: 

Het volk [der mensheid] dat in donkerheid wandelt, ziet een groot licht;
over hen die wonen in een land van diepe duisternis, straalt een licht.
Gij hebt het volk [der mensheid] vermenigvuldigd, zijn vreugde groot gemaakt;
het verheugt zich voor Uw Aangezicht als met de vreugde bij de oogst,
zoals men juicht bij het verdelen van de buit.
Want het juk dat het drukte, en de stang op zijn schouder,
de roede van zijn drijver, hebt Gij verbroken als op Midjansdag.
Want elke schoen die dreunend stampt, en elke mantel,
in bloed gewenteld, zal verbrand worden, een prooi van het vuur
Isaiah 9: 1-4.
In korte woorden weergegeven:

Zie, God is mijn heil, ik vertrouw en vrees niet, want mijn sterkte en mijn psalm is de Heer der Heerscharen en Hij is mij tot heil geworden Isaiah 12: 2.

  Het Woord is vlees geworden en
Het heeft onder ons gewoond en
wij hebben Zijn Heerlijkheid aanschouwd

John.1: 14.

Ik zie achter de horizon van ons hedendaags lijden
het begin van elke nieuwe dag een herinnering van God’s glorieuze Genadegave in de persoon van
onze Heer en Verlosser Jezus Christus.
Alleen het Woord, dat wij resterende Christenen nog volgen kan ons door vervolging heen overtuigen.
Door vervolging verwijderd onze Heer en Zaligmaker de duisternis uit ons hart,
in ons land en in onze wereld.
Het enige wat ons overblijft is de ijver om deze Hoop te delen met diegenen die wij ontmoeten; Zij die behoefte hebben aan het schijnen van God’ Licht in hun duisternis.
En in de Naam van van onze heer Jezus Christus,
het Licht van de wereld bid ik:
Heer, Jezus Christus, Zoon van de Levende God,
ontferm u over mij, zondaar
”.

Apolytikion     tn.8.
  Uit den Hoge zijt Gij neergedaald, o Barmhartige,
en zijt drie dagen in het graf gebleven,
om ons van het lijden te bevrijden.
Gij zijt ons Leven en onze Verrijzenis;
Heer, eer aan U
”.

Kondakion     tn.8.
  Nadat Gij zijt opgestaan uit het graf,
hebt Gij de doden opgewekt,
en Adam weer doen opstaan.
De einden der wereld jubelen
over Uw ontwaken uit de doden,
O Albarmhartige

Theotokion     tn.8.
  Om ons zijt Gij uit de Maagd geboren,
en hebt Gij het Kruis ondergaan, o Goede.
Door Uw dood hebt Gij de dood overwonnen
en ons als God de Opstanding getoond.
Veracht het werk van Uw handen niet;
toon ons Uw mensenliefde, o Barmhartige.
Verhoor haar die U gebaard heeft:
de Moeder Gods, die voor ons bidt
en verlos Verlosser het wanhopige Volk
”.

Orthodoxie & de wasdom van de volheid van Christus

Verzoeking van Christus [San Marco, Venetië (It.)]

    Toen werd Jezus door de Geest naar de woestijn geleid om verzocht te worden door de duivel.
       En nadat Hij veertig dagen en veertig nachten gevast had, kreeg Hij ten laatste honger.
En de verzoeker kwam en zei tot Hem:
‘Indien Gij Gods Zoon zijt, zeg dan, dat deze stenen broden worden’.
Maar Hij antwoordde en zei:
‘Er staat geschreven: Niet alleen van brood zal de mens leven, maar van alle Woord, dat uit de mond van God uitgaat’.
Toen nam de duivel Hem mede naar de heilige stad en hij stelde Hem op de rand van het dak van de Tempel en zei tot Hem:
‘Indien Gij Gods Zoon zijt, werp Uzelf dan naar beneden; er staat immers geschreven: Aan zijn engelen zal Hij opdracht geven aangaande u, en op de handen zullen zij u dragen, opdat gij uw voet niet aan een steen stoot’.
Jezus zei tot hem:
‘Er staat ook geschreven: Gij zult de Heer, uw God, niet verzoeken’.
Wederom nam de duivel Hem mede naar een zeer hoge berg en hij toonde Hem al de koninkrijken der wereld en hun heerlijkheid, en zei tot Hem:
‘ Dit alles zal ik U geven, indien Gij U neerwerpt en mij aanbidt.
Toen zei Jezus tot hem: Ga weg, satan! Er staat immers geschreven:
‘De Heer, uw God, zult gij aanbidden en Hem alleen dienen’.
Toen liet de duivel Hem met rust en zie, engelen kwamen en dienden Hem“.
Matth.4: 1-11 [lezingen 12 januari 2019 nieuwe stijl kalender].

“  Voorts, weest krachtig in de Heer en in de Sterkte van Zijn Macht.
Doet de wapenrusting Gods aan, om te kunnen standhouden tegen de verleidingen des duivels; want wij hebben niet te worstelen tegen bloed en vlees, maar tegen de overheden, tegen de machten, tegen de wereldbeheersers van deze duisternis, tegen de boze geesten in de hemelse gewesten. 
Neemt daarom de wapenrusting Gods, om weerstand te kunnen bieden in de boze dag en om, uw taak geheel vervuld hebbende, stand te houden.
Stelt u dan op, uw lendenen omgord met de Waarheid, bekleed met het pantser der gerechtigheid, de voeten geschoeid met de bereidvaardigheid van het Evangelie van de Vrede; neemt bij dit alles het schild van het Geloof ter hand, waarmee gij al de brandende pijlen van de boze zult kunnen doven; en neemt de helm van het heil aan en het zwaard van de Geest, dat is het Woord van God“ Eph.4: 7-13.

Er staat geschreven:
uit de mond van de Heer:
– ‘Niet alleen van brood zal de mens leven, maar van alle Woord, dat uit de mond van God uitgaat’;
– ‘Gij zult de Heer, uw God, niet verzoeken’.
– ‘De Heer, uw God, zult gij aanbidden en Hem alleen dienen’.
en bij Paulus:
– ‘Hij heeft zowel apostelen als profeten gegeven, zowel evangelisten als herders en leraars, 
om de heiligen toe te rusten tot dienstbetoon, tot opbouw van het lichaam van Christus, totdat wij allen de eenheid van het Geloof en van de volle kennis van de Zoon van God bereikt hebben, de mannelijke rijpheid, de maat van de wasdom van de volheid van Christus’.
– De Gemeenschap in Christus met God bepaalt bij de ‘roeping waarmee de leden van het Lichaam geroepen zijn’.
    De Gemeenschap in Christus met God wordt ingeleid in de ‘eerste beginselen’ [de principes], met name waar het betrof de Doop in de heilige Geest en wel vooral bij:
En toen Paulus hun de handen oplegde, kwam de heilige Geest over hen en zij spraken in tongen en profeteerden
*.
De volgelingen van Christus hadden/ hebben hun Geloof derhalve gericht op de Persoon, de Gedachten en het Werk van onze Heer Jezus Christus, hun Verlosser en waren/zijn gedoopt in water en vervolgens gedoopt in de heilige Geest.
Dit is het begin van Gods grote Plan met ieder mens, met iedere gelovige.
* Tongen: Hiermee worden bedoeld: de door de heilige Geest geïnspireerde manier waarop gelovigen, die in God’s Geest gedoopt zijn, hun gedachten en gevoelens tot uitdrukking brengen.  Er is een ‘verscheidenheid aan tongen’, dat wil zeggen: er zijn meerdere [- inmiddels ontzettend veel -] geestelijke talen mogelijk. We staan hierbij dus voor een keus: 

⁌ ‘ Aanvaard ik deze uitspraken van God als richtinggevend voor mijn leven en mijn Geloof of … reken ik liever met de ‘menselijke’ logica, die ons aangeboden wordt?’.
⁌ ‘ En/òf houd ik mij voor alle zekerheid (..) maar aan de ideeën en leerstellingen die mij door de ‘Vaderen overgeleverd zijn’,
⁌  òf wijk ik daarvan af door één instituut met toezicht-houders [bisschoppen], die ook maar mensen zijn en ons blijken te manipuleren, te blijven volgen?’.
Velen houden geen of nauwelijks rekening met God’s manier van denken, met de Gedachten van Onze Heer en Zaligmaker.  Helaas, ontzettend jammer!
God wil ons juist overtuigen het ‘met Hem te wagen’, ‘vanuit Hem te leven’ en via Genadegaven gebruik te maken van Zijn mogelijkheden.
Eerst dàn zijn en worden alle dingen mogelijk voor wie gelooft!  Alle dingen die nodig zijn om volop te kunnen participeren in het Plan van God.

Metropoliet Job van  Telmessos [Oecumenisch Patriarchaat]

➥➥➥  Nu doet zich het opmerkelijk verschijnsel voor dat er personen en instituten zijn, die de boventoon proberen te voeren – sterker nog in de jaren 90 van de vorige eeuw toezichthouders heeft gerekruteerd om binnen de Kerk politiek te gaan bedrijven en zich – gebruik makend van de eenvoud van beminde gelovigen – een plaats trachten te verwerven tegen de conciliaire eenheid, waar Christus Zelf ons oproept.
Maar wat ‘wàs en is‘ nu het uiteindelijk het doel van het Christelijk Geloof ?
De goddelijke maat van de levensweg, die wij ons hebben voorgenomen en
die we enkele dagen geleden gevoerd hebben als de “Godsverschijning” de Theophanie van Christus.
Dáár wáár God Zich overduidelijk als Heilige Drieëenheid heeft geopenbaard:
”        Dit is Mijn geliefde Zoon, in Wie Ik Mijn welbehagen heb” als de enige “Zoon” Die is zoals God het behaagt en waarvan God Zelf, door Zijn stem uit de Hemelen oproept: “Luistert naar Hem”!!!
Woorden van gelijke strekking klinken uit de mond van de Zoon,
wanneer Hij zegt:
“     Komt tot Mij, allen, die vermoeid en belast zijt, en Ik zal u rust geven; neemt mijn juk op u en leert van Mij, want Ik ben zachtmoedig en nederig van hart, en gij zult rust vinden voor uw zielen; want mijn juk is zacht en mijn last is licht  Matth.1: 28-30.

‘Verzoeking van Christus’, door Rembrandt Harmen’s-zoon van Rijn

Het zal ieder duidelijk zijn dat er een ‘diepe werking’ van God voor nodig is om ons om te vormen naar het Beeld van Zijn Zoon, onze Heer Jezus Christus.
Zonder de steeds verder gaande vervulling met de Heilige Geest gaat dit niet!
Als gevolg van de doop [- het ondergedompeld worden en daardoor gevuurd worden -] in de heilige Geest krijgen we kracht en worden we juist toegerust voor onze taak.
Let hierbij op de woorden van de Heer Jezus Zelf:
Zoals U Mij gezonden hebt, heb Ik hen gezonden;
opdat zij één zijn, zoals U, Vader in Mij en Ik in U, dat ook zij in Ons zijn;
en de Heerlijkheid, Die U Mij gegeven hebt, heb Ik hun gegeven,
opdat zij één zijn, zoals Wij één zijn; 
Ik in hen en U in Mij, dat zij volmaakt zijn tot éénJohn.17: 18-23.

  • schaduw op je levensweg

    Hiervoor ging onze Heer en Verlosser Zijn levensweg, via Golgotha, om
    het fundament van de overwinning te leggen en
    de mogelijkheid van een leven zonder schuld en zonden te bewerken voor de gelovigen, ná Zijn Verheerlijking, zodat
    de heilige Geest Zich kon gaan verbinden met de gelovigen, opdat
    wij zouden zijn zoals Hij is: ”één met de Vader!”.

  • Het is heel duidelijk dat deze volmaaktheid ‘niet’ uit óns is,
    niet een prestatie van ònze kant.
    Het is een daad van Gód, door Jezus Christus.
    Het gaat er bij Geloof dus om òf jij God wil toestaan deze daad aan jou te voltrekken?
    M.a.w. Laat jij je leiden door God en Zijn Blijde Boodschap òf
    laat jij je als een mak schaap leiden door personen, die door een of ander systeem opgeleid zijn om jou voor hun karretje te spannen, die politiek bedrijven met het Geloof, teneinde er hun machtsbelangen mee te dienen?
    Nu zijn er mensen die op de hoogte zijn van de woorden van Jezus; sommigen kennen de begrippen al een hele tijd, vaak al vanaf dat ze kind zijn.
    De schrijver van de brief aan de Hebreeën noemt ze:
    – Ze kennen de woorden.
    – Ze kennen de weg.
    – Ze doen er alleen niet zoveel mee!
    Ze laten God, als het ware, maar praten:
    ze laten zijn Woord voor wat het is . . .
    . . . . . en gaan hun eigen weg.
    Hoe lang is de levensduur van een mens?
    In het spraakgebruik van de Blijde Boodschap spreken we graag van honderd-en-twintig jaar.  Het getal 12 geeft aan de volmaaktheid in het goddelijk bestuur en
    x 10, spreekt de verantwoordelijkheid aan van de mens uit tegenover God:
    de tien woorden van de Wet’, hetgeen door Christus uitgedrukt wordt in de simpele Liefde tot God en de mensen om ons heen.
    Maar hoe zit het met de levensduur van de invloed van één mens, één instituut ?
    Terwijl honderdtwintig jaar véél langer is dan de directe invloed van de meeste mensen, zijn we gewoon, dat er maar ‘weinigen‘ in staat zijn om een werkelijk  gigantische schaduw te werpen op de geschiedenis van het Geloof.
    Het Woord der Waarheid’, ‘het Licht der kennis’, ‘de volheid van de Heerlijkheid van God’ heerst over de eeuwen en zweeft over de wateren – óók in Nederland:
    Uitnodiging Ontmoetingsdag 16.02.2019
    Het bevreemd mij, dat één van de handlangers van het Patriarchaat, dat de lakens binnen de Orthodoxie probeert uit te delen – na een ‘mislukt‘ Pan-Orthodox concilie, tijdens een vriendschappelijke Ontmoetingsdag opnieuw tracht de boventoon te voeren onder het motto: “ Oecumenisch & Orthodox in deze tijd”. Het enige wat ik hierover kan zeggen: ‘Beminde gelovigen weet uit welke hoek deze wind waait’.
  • Het zal u duidelijk zijn dat ik niet van plan ben door mijn aanwezigheid mijn deelname te betuigen aan dergelijke praktijken:
    Hiervoor ging onze Heer en Verlosser Zijn levensweg, via Golgotha, om
    het fundament van de Overwinning te leggen en
    de mogelijkheid van een leven  zonder schuld en zonden te bewerken
    voor de gelovigen, ná Zijn Verheerlijking, zodat
    de Heilige Geest Zich kon gaan verbinden met de gelovigen, opdat
    wij allen zouden zijn zoals Hij is: ”één met de Vader!”.
    Toen wij nog kinderen waren, zagen wij alles letterlijk voor ons:
    Daar zat de maagd en moeder in de erker voor het raam en zij werkte daar aan het bruid’s-kleed en zo nu en dan wierp zij een blik naar buiten om te kijken, wie daar in Nazareth over straat liep – wie weet zou Jozef straks na het werk nog wel op bezoek komen.

    – Jaarkring van opmerkelijke vriendelijkheid –

    En toen was er plotseling iemand, die tegen haar sprak:
    Wees gegroet, Maria, vol van Genade, de Heer is met U,
    gij zijt de gezegende onder de vrouwen,
    en gezegend is Jezus, de Vrucht van uw schoot.
    Heilige Maria, Moeder van God, bid voor ons, zondaars,
    nu en in het uur van onze dood. Amen”.

Orthodoxie, Vasten en onthouden – Basilios de Grote

Zijn zij die het leven van een dichter verrijken met woorden, of
zij die poëtisch onbewust leven – omgeven door K
racht van kennis of de zwakte van onschuld?
Betreft dit de theoretische vlam voor een betere wereld of is het slechts de praktische genegenheid voor een persoonlijk goed leven? Of draait het slechts om de eenvoud van leven ten opzichte van de aangeboden elegantie van het ongebreidelde?

Wat telt er meer wanneer je waarachtig wil leven? 
door ‘George Angelakis*
“Jij vraagt naar de Waarheid.
Jij, die door waarheid te kennen om kennis vraagt.
Jij die door kennis denkt je bestemming te kunnen achterhalen.
Jij die slechts de ongelovige Thomas uitkraamt?
       Leer allereerst de allergrootste Waarheid:
zoals het jezelf op gebaande verharde wegen te begeven, de historische oorzaak van al de dingen, ‘hetzij de feitelijke zichtbare als de onzichtbare’.
      Vrij van water is het landschap dat zich voor je uitstrekt.
Er zijn slechts enkele kleine oases, die je op je het juiste ogenblik zult  tegenkomen.
Veel reflecties, die je niet zullen bedriegen.
Ik volg de koers welke mij heeft laten zien.
Leren ‘horen en zien’;
Leren ‘analyseren en op een rij zetten’;
Leren ‘vragen te stellen naar het allergrootste’.
Leren  ‘genieten van de grootsheid van het kleine’.
Leren ‘geven en te nemen’.
Leren ‘te verduren en aan te dringen’.
Leren ‘dat de val van het oude, het nieuwe voortbrengt.
Leren ‘dat het oude ook zijn eigen bestwil had en ze te selecteren.
Leren ‘over je eigen sterke punten, overwin ze wanneer ze zwak blijken.
Leren ‘accepteren, hoe een nieuwe dag zich vandaag ontvouwt.
Een dat er nieuwe zon op komt; deze maakte van de gelegenheid gebruik.
Leren ‘dat morgen de ergste vijand van vandaag is, dat je net doet alsof er geen morgen is, of er geen tijd bestaat.
Haal toch geen kattenkwaad uit om je er vandaag vanaf te maken.
Maak je vandaag klaar voor de uitdagingen van morgen.
Nú kun je zien:
vandaag is dat gisteren onmogelijk leek.
Vandaag wil ik jou en ik denk nu dat je klaar bent voor de weg.
Haal wat echter wat meer water en neem dit onderweg mee vanuit de Bron,
want de voorspeller heeft voor de toekomst droogte en ontbering voorspeld”.
  * een wiskundige

Vasten en onthouden
Met wat we tot nu toe over vasten en onthouden hebben gehoord, zo houdt de Heilige Basilius de Grote ons voor:
  Wie heeft er ooit geleden aan vasten en zich ergens van onthouden?”
Bereken de financiële situatie van je huishouden op een vastendag en zet dat af tegen het resultaat op een gewone alledaagse dag.
Je zult gemakkelijk ontdekken hoe-veel je wint met vasten.
Bedenk daarbij dat zelfs belastingontvangers de belastingbetalers dan een beetje rustiger en ongestoorder laten leven.
Neem het vlees dus met een beetje respijt in de mond; laat je mond een kleine wapenstilstand maken, wanneer hij onafgebroken tevreden gesteld wordt.
Filosofeer daarbij over matigheid, terwijl hij, wanneer hij honger heeft, vergeet wat hij eerder heeft aanvaard. Iedereen die vast, heeft geen leningen nodig of zal daardoor rente dienen te betalen.
Vasten vormt voor de mens slechts een kans om tevreden te worden.
Omdat slechts dorst het eten en de honger zoet maakt, dit de tafel aangenaam maakt,
zo maakt vasten het eten tot een Heerlijke ervaring.
Dus indien je er op uit bent je tafel tot iets prettigs te maken, stel dan voor de verandering eens een periode van vasten in het vooruitzicht.
Maar indien je altijd omringd bent door rijk voedsel, ben je oneerlijk tegenover jezelf, omdat je het genot elimineert met de ultieme sensualiteit.
Niets bestaat, om niet veracht te worden dan het onaf-gebroken plezier.
Hoewel we daarentegen vaak naar voedingsmiddelen verlangen, die we zelden proeven. Daarom heeft onze Schepper de variëteit in ons leven uitgevonden, zodat we het genot van al Zijn goederen kunnen ervaren.

Observeer eens wat er in de natuur om je heen plaats vindt:
Is de zon niet helderder na de nacht?
Is slaap niet zoeter ná de wake?
Is gezondheid niet meer wenselijk na een periode van beproeving door ziekte?
De tafel wordt derhalve aangenamer ná een periode van het vasten, 
dat geldt voor iedereen, niemand uitgezonderd. Zowel voor de rijken die overvloedig te eten hebben, als voor de armen met minder voedsel.
Het is waar dat het ononderbroken gebed en het vasten verheven wordt tot de derde Hemel en de apostel Paulus, die onder de trots voor het lijden hoog gewaardeerd wordt:
    in moeite en inspanning, tal van nachten zonder slaap, in honger en dorst, tal van dagen zonder eten, in koude en naaktheid; [en dan], afgezien van de dingen, die er verder nog zijn, mijn dagelijkse beslommering, de zorg voor al de mensen2Cor: 11: 27,28;
Onze Heer en Verlosser begon Zijn openbare leven dan ook ná een periode van veertig dagen vasten, zie Matth.4: 2.
Allereerst diende Hij in het vlees op krachten te komen terwille van ons en aanvaardde vervolgens dat hij door de tegenstrever [de duivel] verzocht werd.
Laten wij ons daarom nèt als Hij ons voorbereiden op de strijd tegen de spirituele tegenstanders die ons staan op te wachten.
Zelfs . . . . . “     in het gebedshuis was iemand met een boze, onreine geest en hij schreeuwde met luide stem:
‘ Ha, wat hebt U met ons te maken, Jezus van Nazareth ?  Bent U gekomen om ons te verdelgen? Ik weet wel, Wie U bent: de Heilige van God’.

En Jezus bestrafte hem en zei: ‘Zwijg stil en vaar uit van deze mens’.
En de boze geest wierp hem in het midden neer en
voer van hem uit zonder hem enig kwaad te doenLuc.4: 33-35.

‘Waar de sterre stille bleef staan’, Marcel Beeckman 1975

In een dubieuze oorlogsvoering veroorzaakt  de aanwezigheid van een bondgenoot aan de zijde van een krijger de nederlaag van de ander.
Welnu, de geest en het vlees zijn met in elkaar in staat van oorlog.
Met wie en met welke persoon ga je verbintenissen aan? Aan wie maak je je ondergeschikt door Zijn wegbereider te zijn? 
Indien dat bondgenoten in het vlees zijn, zul je je geest slechts verzwakken.
Let er dus op wie je als metgezel kiest, zelfs spelleiders en toezichthouders van de Kerk kunnen de weg naar het Koninkrijk der Hemelen, – ‘de weg naar God‘ – behoorlijk bijster zijn, terwijl zij allianties met de geest in het vlees tot slaaf zullen maken. Omdat je je geest wilt versterken, dien je het vlees tot rust te brengen door te vasten.
⁌  De apostel Paulus houdt ons voor ogen:
Daarom verliezen wij de moed niet, maar al vervalt ook onze uiterlijke mens nochtans wordt de innerlijke van dag tot dag vernieuwd. 
Want de lichte last der verdrukking van een ogenblik bewerkt voor ons een alles verre te boven gaand eeuwig gewicht van heerlijkheid, daar wij niet zien op het zichtbare, maar op het onzichtbare; want het zichtbare is tijdelijk, maar het onzichtbare is eeuwig
2Cor 4: 16-18.

Mozes verbrijzelt de tafelen der wet – Rembrandt 1659, Berlin.

⁌  Mozes, diende om de Thora voor de tweede keer in ontvangst te nemen ook een tweede vasten in acht te nemen:
    De Heer zei tot Mozes: ‘ Schrijf u deze woorden op, want op grond van deze woorden heb Ik met u en met Israël een Verbond gesloten. En hij was daar bij de Heer veertig dagen en veertig 
nachten, brood at hij niet en water dronk hij niet, en Hij schreef op de tafelen de woorden van het verbond, de Tien WoordenEx. 34: 27,28.
⁌  Zelfs de Ninevïeten [zij met een voorliefde voor Ninus] zouden indien zij zelf en hun dieren niet zouden vastten, niet aan de ramp ontsnapt zijn:  “    Ieder, die de zonde doet, doet ook de wetteloosheid, en de zonde is wetteloosheid. En gij weet, dat Hij geopenbaard is, opdat Hij de zonden zou wegnemen, en in Hem is geen zonde. Een ieder, die in Hem blijft, zondigt niet; een ieder, die zondigt, heeft Hem niet gezien en heeft Hem niet gekend.
     Kinderkens, laat niemand u misleiden. Wie de rechtvaardigheid doet, is rechtvaardig, gelijk Hij rechtvaardig is; wie de zonde doet is uit de duivel, want de duivel zondigt van den beginne. Hiertoe is de Zoon van God geopenbaard, opdat Hij de werken des duivels verbreken zou.
Een ieder, die uit God geboren is, doet geen zonde; want het zaad (Gods) blijft in hem en hij kan niet zondigen, want hij is uit God geboren.
     Hieraan zijn de kinderen van God en de kinderen van de duivel kenbaar: een ieder die de rechtvaardigheid niet doet, is niet uit God, evenmin als wie zijn broeder niet liefheeft“ 1John.3: 4-10. 

een gerecht van linzen

⁌  Maar ook Esau, was degene die zich hierbij neerlegde en zich tot zijn broers ondergeschikte maakte? Was het geen eten? Dat is waarom hij zijn primaten heeft verkocht.
Wie heeft zijn lichamen in de wildernis achtergelaten?
Zij hebben degenen die Egypte’s vlees en goed voedsel zochten, niet verlaten. Zolang de Israëlieten alleen met Manna tevreden waren, versloegen ze hun geestelijke vijanden en niemand werd ziek.
Zoals we kunnen zien, helpt vasten niet alleen de geestelijke gezondheid, maar
het helpt ook bij de lichamelijke gezondheid. De Israëlieten die vastten en baden, werden niet ziek.  Maar toen ze zich de momenten herinnerden met het vlees en de ontheiligde slavernij in Egypte, werden ze afgestraft.
Ze woonden in de wildernis en werden niet gedwongen om het Beloofde Land te zien. Laat je alsjeblieft niet afschrikken door dit voorbeeld?
Denk niet dat je door de verscheidenheid aan opvattingen in de wereld wordt buitengesloten in het Hemelse beloofde land?
Het genieten van overvloedig en vettig voedsel creëert gasvorming in de ziel,
die, als een dichte wolk van rook, zal voorkomen dat de geest de gelukzaligheid van de Heilige Geest ziet.
Vasten is een krachtig wapen tegen de demonen.
Dit demonische geslacht kan niet op een andere manier worden vervolgd dan door gebed en vastenMarc.9: 29, zei onze Heer en Verlosser toen de demonen dor de volgelingen niet verdreven konden worden.
Met overvloedig eten, dronkenschap en verschillende smaakmakers wordt tevens ieder vorm van stompzinnig gedrag binnengehaald.

De jacht naar plezier verandert rationele mensen tot wellustige dieren, zij rennen ieder idool na dat op hun weg komt. Godslastering veroorzaakt tevens ontzettend perverse handelingen. Dat is de voornaamste reden dat vrouwen op mannen jagen en mannen op vrouwen; over verdere perversies dienen we in onze tijd maar beter het zwijgen toe te doen, de nationale pers ligt immers op de loer en verslindt, die het kan vinden.
Vasten reguleert ook het huwelijksleven, het voorkomt besluiteloosheid en legt consistentie op om de echtgenoten tot lifdevol gebed aan te zetten.
Maar beperk de deugd van het vasten niet tot het dieet alleen.
Waarachtig vasten is niet alleen onthouding van bepaald voedsel en drank,
maar tevens het verschijnsel van de geestelijke verwijdering die ontstaat als gevolg van hartstochten en  de gemeenschap van ongebreidelde zonde waarin men blijft hangen. 
H. Basilios de Grote

Orthodoxie & het navolgen van Christus

Theophany, Transfiguration & Opstanding van Lazaros, Sinaï-icon

Wat is uiteindelijk het doel van het Christelijk Geloof ?
De goddelijke maat van de levensweg, die wij ons hebben voorgenomen en die we enkele dagen geleden gevoerd hebben als de “Godsverschijning’ de Theophanie van Christus.
Dáár wáár God Zich overduidelijk als Heilige Drieëenheid heeft geopenbaard:
”        Dit is Mijn geliefde Zoon, in Wie Ik Mijn welbehagen heb” als de enige “Zoon” Die is zoals God het behaagt en waarvan God Zelf, door Zijn stem uit de Hemelen oproept: “Luistert naar Hem!!!
Woorden van gelijke strekking klinken uit de mond van de Zoon, wanneer Hij zegt:
    Komt tot Mij, allen, die vermoeid en belast zijt, en Ik zal u rust geven; neemt mijn juk op u en leert van Mij, want Ik ben zachtmoedig en nederig van hart, en gij zult rust vinden voor uw zielen; 
want mijn juk is zacht en mijn last is licht  Matth.1: 28-30.

Monnik in Beeld

            Het is het belangrijkste vers uit het Evangelie voor de gedachtenis van heilig verklaarde monniken, het wordt immers door allen erkent die in navolging van Christus hun kruis opnemen. We hebben voor kort nog bij de Apostel Paulus gelezen dat ‘zonder‘ werken omwille van God de doop geen enkele zin heeft.
God ter wille zijn, behulpzaam zijn waar je je ook bevindt houdt in dat je een handje toesteekt – al naar gelang je kunt onder het motto: ‘beter iets, dan helemaal niets‘, waarmee je in staat wordt gesteld in welke mate het leed dat ons omringt tot gerechtigheid God’s kan leiden.
Het komt hierop neer dat we gevolg geven aan het Woord dat wij horen en vervolgens voor lief nemen dat het lijden daar onlosmakelijk aan verbonden is.
Dat blijkt uit het leven van de grootste der profeten, Johannes de Doper, die oproept: “ bekeert u want het Koninkrijk der Hemelen is nabij” en wat voor leven heeft deze doper niet doorlopen, voordat zijn hoofd eraf ging op verzoek van een wulps meisje.
De auteurs van de commentaren op de Blijde Boodschap steken het niet onder stoelen of [kerk-]banken: ‘het lijden is het gevolg van het leven in een gevallen wereld’ – echter dit lijden wordt ook in de westerse kerken niet al te zeer benadrukt, omdat ‘er misschien dàn’ helemaal geen hond meer naar de diensten zou komen.

Ladder van Armando, Amersfoort

De meeste christenen in het Westen hebben ook weinig of geen ervaring met vervolging en zó het plaats vindt wordt het gesprek daarover slim gemeden. Bij vervolging op basis van godsdienst wordt naar het verleden of andere streken gekeken – het liefst vèr van ons vandaan en in het uiterste geval wordt je aangesproken door de schrijnende beelden welke ons via het nieuws worden voorgehouden en dan wordt ‘vol emotie‘ de portemonnee getrokken waarmee de afschuw wordt weggedrukt en de pijn wordt afgekocht.
Situaties van algemeen fysiek, psychologisch en geestelijk lijden worden – zo wie zo – weggedrukt en predikers dienen daar niet al te vaak over beginnen want dan worden ze voor melancholisch versleten of als depressief beschouwd.
Maar toch spreken de teksten van de Blijde Boodschap voor Zich, die richten zich specifiek op lijden en gerechtigheid in een omgeving waar er weinig of geen vervolging is.

 

Maar is dat wel zo? Klopt die bewering wel?
De wijze waarop er in onze samenleving met lijden en gerechtigheid wordt omgegaan heeft ook invloed op hoe mogelijke christenen in het Geloof staan.
Hoeveel jongeren sluiten hun middelbare school periode niet af en zijn er dàn nog van overtuigd dat zij in een gevallen wereld leven en God werkelijk nodig hebben.
Ja dat er inzet en doorzettingsvermogen nodig is om de hoogste hoogten voor artiesten, sportlieden en carrièrejagers en dat dàt juist offers vraagt dat gaat er nog wel in, maar dat ‘ieder’ mens – vroeg of laat – een beroep op die uiterste inzet zal dienen te doen komt pas aan de orde wanneer het lichamelijk of geestelijk ‘niet‘ zo goed gaat en bij velen van ons is dit eerst op het einde van ons leven.
Je kunt ook niet anders verwachten, denk ik, aangezien de meeste christenen in het Westen weinig of geen ervaring hebben met pijn en vervolging op zich.
Dit wordt wel algemeen erkend door degenen die onder de vervolgde christenen werken en zij die onder christenen bevinden, die zich in de Kerk aan de rand van de samenleving ophouden. Er zijn weliswaar pogingen ondernomen om een ​​Christelijke Theologie van vervolging te ontwikkelen. Maar meestal bestaan deze pogingen ​​uit geselecteerde teksten die thematisch zijn gerangschikt en die, hoewel behulpzaam en beter zijn dan helemaal niets, maar het laat niet zien in welke mate leed vóórafgaand aan gerechtigheid in de tekst aan de orde komt.

In die omstandigheden zetten wij onze reis in de zoektocht voort om via de Blijde Boodschap een toepassing hierop te vinden voor ons dagelijks leven.

Het Koninkrijk der Hemelen is nabij

Rabboeni‘ [= ‘Meester‘] by Rembrandt Hermenszn van Rijn [1606-1669]

De omgang met Christus, het samen met Hem optrekken in je leven is je bevinden in het Koninkrijk der Hemelen.
Christus is de Zoon van God en degenen die met Hem optrekken, in Zijn Geest leven, worden ingewijd in de wereld van de komst van de Heilige Geest, welke
uitmondt in het Koninkrijk der Hemelen.
Daar wáár Christus is en hetgeen men doet of laat in Zijn Geest verricht, dáár  wordt de kiem gelegd van het Koninkrijk der Hemelen. Als mens kunnen wij echter onmogelijk onafgebroken Christus en het leven in Zijn Geest in ons leven opnemen, daar zijn de verleidingen van de wereld te groot voor. Daartoe is inzicht nodig, die oproept tot bekering, Mετάνοια , eenvoudig uitgedrukt – ‘keer het leven van de wereld de rug toe‘.
Bekering is de basisvoorwaarde; zolang de mens niet-bekeerd op aarde rondgaat,
z’n ego niet heeft gehard door z’n kruis op te nemen en Christus te volgen,
Christus als God-mens niet aanvaard, de Genadegaven van de Heilige Geest afwijst, leeft hij als heiden – als niet-tot-God-bekeerde, goddeloos, dus zondaar.
Immers al datgene wat wij zonder god-geïnspireerde-intentie doen is zonde.
Vandaar dat de Heilige grote Profeet van de woestijn ons oproept:
    Bekeert U, want het Koninkrijk der Hemelen is nabij gekomen”.

Indien wij maar met het idee blijven rondlopen dat wij perfect zijn naar geest, lijf en leden – geen berouw, geen bekering nodig hebben, zijn wij in hoogmoed vervallen. Dit heeft tot gevolg dat het de Genade van God, Die op ons blijft inwerken, wordt onderdrukt – we hebben ons als het ware voor God en alles wat daarmee samenhangt, gewoonweg afgezonderd, afgeschermd.
Bewust of onbewust wordt ieder mens door God geroepen.    Oprechte bekering is niet alleen de pijn die we daardoor ervaren, omdat wij de Wil van God in ons leven niet vervullen, maar ook de beslissing om te vechten voor onze bevrijding van die roep, hetgeen God betreurt.
We zien het om ons heen – hoeveel opinieonderzoeken gaan niet over het hoogmoedig verzet tegen het goddelijke, het Geloof in ‘het goede‘ wat God met de mens voor heeft.
De mens kan niet tegen de dubbelzinnigheid, – ‘ben ik dit, of ben ik dat’ –, die hij/zij in het leven ervaart; er dienen keuze gemaakt te worden over wat goed en kwaad is en de mens probeert nu eenmaal de diamant van het leven tot in detail te begrijpen en er vat op te krijgen.
Zo goed en kwaad als de mens kan worden er keuzes gemaakt en o, wee, wanneer blijkt dat de omgeving hem/haar afwijst als niet behoorlijk.
De mens is en blijft echter ‘zelf’ verantwoordelijk voor hetgeen hij doet of laat en zal er – zo wordt dit door het overgrote deel van de mensheid aanvaard – te zijner tijd op worden beoordeeld.
Het leven draait dus om het goed doen en ontbreken van angst om daarin een vrije keuze te maken.

Christus zegt: “Niemand is goed dan God alleen”  Luc.18: 19; Marc.10: 18.
Daarbij dient te worden opgemerkt dat Hij ‘niet‘ zegt: “Ik ben God niet” !!!
Christus is de Zoon van God en maakt deel uit van God, als één van de Heilige Drieëenheid en geeft bovenstaand opmerking als antwoord op de vraag van de Rijke Jongeling:
“     Goede Meester, wat moet ik doen om het eeuwig leven te beërven? En Hij antwoordde daarop: Waarom noem je Mij goed? Niemand is goed dan God alleen”.
In plaats van de jongeling te corrigeren, wat voor Hem als God een makkie is, komt Hij met een waarom-vraag, waarmee de ander wordt uitgedaagd ‘zelf’ een afweging te maken, ná te gaan denken over de woorden die Hij uitspreekt; over Zijn Pedagogie.
Het gaat er hierbij niet zo zeer om het waarheid’s-gehalte, doch het doel van de waarom-vraag is de rijke jongeling te toetsen òf deze wel wist Wie hij voor zich had.
M.a.w. de jongeling bewust te maken van de volle betekenis van het Woord, het Licht, God, Die mens geworden is, teneinde de wereld iets wijzer te maken.
Het is in deze dus heel geloofwaardig dat God, als de Zoon van de Heilige Drieëenheid de mens ook eens wat ‘bescheidenheid‘ bijbrengt.
Het blijkt namelijk in de publieke opinie om ons heen dat de mens zichzelf namelijk als ‘goed’ [‘god’] beschouwt, aangezien zij zich in de situatie meent te bevinden dat zij zich aan de “Goddelijke geboden”, het alom-goede aanhouden.
Onze Heer en Verlosser laat hier de mens zien wàt waarachtige goedheid is, namelijk die goedheid van God. Daarmee toont hij aan dat je als mens ‘zonder’ God te volgen, zoveel geboden kunt houden als je wilt, maar dat het je dàn niet zal baten.
DE mens is namelijk, genomen naar de standaard van God, ‘niet’ goed en heeft het nodig om God te volgen, kan ‘onmogelijk’ zònder God, wàt de publieke opinie er in de wereld om ons heen ook van blijkt te maken.
En Wie kan het beter weten dan de Zoon van God, Die deel uitmaakt van de Heilige Drieëenheid en Die ons als opperste Rechter straks op te wachten staat aan het einde der tijden.

De wijze waarop Christus, de Verlosser hier optreedt, is Die, welke wij kennen als ‘de Goede Herder’, Die in alle rust Zijn onderdanen, de goede richting wijst aan de hand van de Blijde Boodschap.
Dat de Zoon van God goed is en derhalve God, valt dus niet te ontkennen; de  kwalificatie van de Goede Herder heeft betrekking op God.
Want het Oude Testament identificeert zowel God als de Messias herhaaldelijk als herder.
Dat zien we bijvoorbeeld in Psalm 22[23]: 1-2, 76[77]: 20, 77[78]: 52, 79[80]: 1, Isaiah 40: 11, 49: 9-10 en Ezechiël 37:4.  
Er kan dus een sterke zaak worden gemaakt voor het idee dat Jezus Christus, onze Verlosser Zich God noemt wanneer Hij aan Zichzelf refereert als de Goede Herder.

Wie moeten we volgen in al die debatten?
Natuurlijk weten we dat de rijke jongeling [de mens van vandaag] onze Heer en Verlosser op dat moment en ‘hier en nu’ niet helemaal begrijpt,  aangezien hij en de debatters uiteindelijk onbevredigd vertrekken, maar dat betekent niet dat onze Christelijke visie ‘verworpen‘ dient te worden.
Het gaat erom wat onze Heer en Verlosser iemand leert, niet wat zij daarvan begrepen hebben of opvolgen. Dit geldt met name voor gesprekken met andere mensen [het journaille] dan Zijn eigen volgelingen, die Hij dikwijls van een toelichting voorziet wanneer zij daar maar om blijven vragen, want ergens wringt er toch een schoen.   

In de Blijde Boodschap is er een duidelijk verband aanwezig tussen vervolging en de navolging van Christus. Inderdaad, er kan geen volgeling zijn zonder vervolging; Christus volgen is een levensweg, die dwars staat op datgene wat de wereld ons voorhoudt, het draait namelijk om de inzet en het doorzetting’s-vermogen de wereld om ons heen te verzoenen met de God, de Vader, in de Heilige Geest van Zijn Zoon.
Dat deze reis [zelfs in de Kerk] in de context van conflicten terecht komt is als vanzelf-sprekend, hetgeen al voortkomt uit de zinspeling in den beginne, waarbij zelfopoffering en lijden als onlos-makelijk aan het goddelijk leven aangegeven wordt:
    En Ik zal vijandschap zetten tussen u en de vrouw, en tussen uw zaad en haar zaad; dit zal u de kop vermorzelen en gij zult het de hiel vermorzelenGen.3: 15.
Onze Heer en Verlosser gaf ons toen al aan dat het oordeel van Satan is volbracht 
door menselijke verwachting dat een goede prestatie zal leiden tot
de gewenste uitkomsten en bevrijding teweeg zal brengen aan de nakomelingen van de 
vrouw, maar het zal plaatsvinden in een proces van blauwe plekken en pijn.  Bevrijding zal slechts ontstaan door de kop van de slang [de tegenstrever] te verbrijzelen, maar in deze strijd zal de hiel, de Achillespees van de mens gewond raken.
Deze waarheid wordt vanaf het begin al geopenbaard in de wijze van aanbidding van Kaïn [Hebr. = ‘maker, letterlijk smid‘] ten opzichte van Abel [Hebr. = ‘adem, ijdelheid’] en het offer dat door God verworpen wordt ten opzichte van dat wat wèl aanvaard wordt. Het tekent de familiestrijd van deze dagen onder gelijkgezindten.
Onze Heer en Verlosser zag de dood van Abel als een daad van martelaarschap:
    opdat over u zal komen al het rechtvaardige bloed, dat vergoten werd op de aarde van het bloed van Abel, de rechtvaardige, tot het bloed van Zacharias, de zoon van Berekja [Hebr. = ‘de Heer zegent’], die gij vermoord hebt tussen het tempelhuis en het altaar. Voorwaar, Ik zeg u:Al deze dingen zullen komen over dit geslacht [der mensen]“ Matth. 23: 35,36.

Kaïn dood Abel, Lambert Lombard [1505-1566] Musée des Beaux -Arts de Liège, Luik

De moord op Abel wordt gelijk getrokken met het resultaat van een rivaliteit tussen broeders en zusters, een familieruzie, die uit de hand is gelopen.
Johannes legt uit dat de dood van Abel is ontstaan door de daden van Kaïn in een context van Martelaarschap, een resultaat van het conflict tussen de wereld en degenen die God toebehoren:

    Verwondert u niet, broeders, wanneer de wereld u haat. Wij weten, dat wij overgegaan zijn uit de dood in het leven, omdat wij de broeders liefhebben.
Wie niet liefheeft, blijft in de dood. Een ieder, die zijn broeder haat, is een mensenmoordenaar 
en gij weet, dat geen mensenmoordenaar eeuwig leven blijvend in zich heeft1John.3: 13-15.
            Willen wij als Christenen de perfectie van de goddelijke verschijning aanbidden en de menselijke perfectie [”de Opstanding van Christus vervullen”] willen bereiken ‘laat ons dan aandachtig zijn‘ en dit Woord van onze Heer en Verlosser ter harte nemen, nu en altijd en in de eeuwen der eeuwen.